Behandeladvies Raadsvoorstel Vaststellen conceptbegroting 2025 definitief
Tekst van het document
Behandeladvies Raadsvoorstel Vaststelling concept Begroting 2025 Behandeladvies Betreft Behandelvoorstel college Argumentvorm Deadline besluit Motivatie deadline Behandeladvies griffie
Raadsvoorstel Vaststellen concept Begroting 2025 Meningsvorming op 29-10 en Besluitvorming op 5-11 Wettelijke taak 5-11- 2024 De begroting moet uiterlijk 15-11-2024 bij Gedeputeerde Staten worden gedeponeerd. Agenderen als Bespreekstuk
Toelichting, argumenten behandeladvies griffie Het college legt de raad een concept begroting voor. De raad stelt de verdeling van de middelen op programmaniveau vast. In de begroting wordt per programma op taakveldniveau aangegeven wat het doel is, welke prestaties de gemeente gaat leveren om het doel te bereiken en wat de verwachte baten en lasten zijn. De raad wordt voor de meningsvorming van 29 oktober a.s. met een raadsinformatiebrief geïnformeerd over de financiële impact van de septembercirculaire en het voorlopige BUIG-budget. Het raadsvoorstel Tot het vaststellen van de Verordeningen gemeentelijke belastingen, heffingen en rechten 2025 is tegelijkertijd aangeboden aan de raad en wordt in samenhang met het raadsvoorstel Begroting 2025 geagendeerd, omdat de begroting deels gefinancierd wordt door lokale belastingen en heffingen. Een overzicht van de planning van de behandeling vindt u hier. Het college stelt o.a. voor: 1. De Begroting 2025 met een totale omvang van 1,257 miljard vast te stellen met een verdeling over de programma’s. 2. De structurele gevolgen van nieuwe begrotingswijzigingen te verwerken in de meerjarenbegroting. 3. De reserve Masterplan mobiliteit in te stellen ter dekking van de actiepakketten van het Masterplan mobiliteit.
De reserve wordt gevuld met: - onbenutte kapitaallasten mobiliteit, - erfpacht parkeergarages en - meeropbrengsten uitbreiding betaald parkeren en hogere parkeertarieven. De maximum hoogte van de reserve is € 25 mln. en heeft een looptijd tot 31-12-2034. Het college vraagt om mandaat voor deze reserve. 4a. De kredieten voor investeringen vast te stellen (2025: volume 236 miljoen netto). 4b. In te stemmen met de onttrekking van € 26,5 miljoen uit de reserve Strategische investeringen en het college te mandateren om de bijbehorende begrotingswijzigingen vast te stellen. 5. De norm voor het weerstandsvermogen te maximeren op € 110 miljoen. Aandachtspunten en beleidskeuzes Ad 1 In de Kadernota 2025 is een verdeling van de extra beschikbare middelen (€ 67 mln. incidenteel en € 11,8 mln. structureel) opgenomen over de programma’s. In par 4.3 wordt toegelicht dat er € 24,7 aan extra middelen is bijgekomen en hoe het totaal aan extra middelen verdeeld wordt over de programma’s (zie tabel p.144). De accountant vraagt zich
af of voor de raad de relatie tussen de middelen in de kadernota (inclusief de beschrijving van de intensiveringen per programma) en de uitwerking in de begroting helder is. Voor de financiering van personeel zijn in de kadernota 2025 incidentele middelen opgenomen. Bij de Begroting 2025 worden deze deels structureel gemaakt (zie par. 4.3 en de tabel op p.144). Als gevolg hiervan valt € 18,4 mln. (span of attention) vrij in de algemene reserve (zie tabel p.110). Het meerdere in de algemene reserve boven het weerstandsvermogen wordt op basis van eerdere vastgestelde begrotingen grotendeels ingezet in latere jaarschijven voor voornamelijk het (serieel) incidenteel financieren van personeel. Afhankelijk van de keuzes bij de Kadernota 2026 is voor 2029 € 6 tot € 8 mln. nodig voor het voortzetten van (serieel) incidenteel financieren van personeel. Ad 3 Bij het bestuursakkoord en het raadsvoorstel Masterplan mobiliteit is afgesproken dat de meeropbrengsten van parkeren ingezet worden voor de mobiliteitsopgave/actiepakket II Masterplan mobiliteit. Het college vraagt om mandaat voor de reserve Masterplan mobiliteit. Is voor de raad helder welke bevoegdheden het college hiermee krijgt? Ad 4a In par. 3i worden de investeringen toegelicht.
De accountant merkt op dat het volume van de investeringen in de periode 2025-2028 (€ 445 mln.) ten opzichte van het volume 2024-2027 (€ 372 mln.) fors gestegen is: € 73 mln. (=16%). Hij heeft daarbij de volgende opmerking en vraag: - afgelopen jaren heeft Eindhoven de begroting echter niet kunnen realiseren, is zo’n forse toename dan wel realistisch? - welke acties/verbeteringen in de uitvoeringskracht rechtvaardigen deze toename in investeringsvolume? Verder merkt de accountant op dat de verdeling van de raming van de investeringen over de jaarschijven bij de Begrotingen 2024 en 2025 een piek in het eerste jaar laat zien en in de jaren daarna sterk afneemt. Hierdoor wordt feitelijk de boeggolf van de raming voor 2024 doorgeschoven naar 2025. Dit is voor de accountant een herkenbaar beeld, ook vanuit andere gemeenten. In de praktijk blijkt dat de gemeente de ambitie, die voor een groot deel in het eerste jaar zit, niet weggezet krijgt. De accountant stelt de vraag of dit niet een meer realistische verdeling van de raming over de jaarschijven en daarmee ook de raming van de kapitaallasten, vraagt. Ad 4b In par 3i worden de strategische investeringen en de onttrekkingen aan de Reserve Strategische Investeringen in 2025 toegelicht. Het college vraagt om mandaat voor het vaststellen van de bijbehorende begrotingswijzigingen van in totaal € 26,5 miljoen.
De accountant vraagt zich af of voor de raad helder is welke bevoegdheden het college krijgt. Ad 5 Over de norm voor het weerstandsvermogen ontvangt de raad een brief van de auditcommissie. Programma 2c Sociale stad Het valt de accountant op dat minder uitgegeven wordt aan (o.a. door de landelijke hervormingsagenda jeugd): - Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Integraal (zie tabel p.45); - Jeugdhulp ambulant lokaal (zie tabel p.56); 2
- Jeugdhulp ambulant regionaal (zie tabel p.58, in 2028 wordt 24% minder geraamd dan in 2025); - Jeugdhulp met verblijf lokaal (zie tabel p.58). De accountant stelt daarbij de volgende vragen: - is dit realistisch gezien de toenemende zorgvraag en de financiële positie van de zorgaanbieders? In de “Hoofdlijn” geeft het college zelf aan een groeiende druk te zien op de sociale voorzieningen en dat de kosten voor jeugdzorg blijven stijgen. - hoe gaat de gemeente invulling geven aan de verlaging van de uitgaven? Met de Koers Sociaal (2)040 zijn ambities en leidende principes neergezet voor het maken van scherpe financiële keuzes om de zorg en ondersteuning beschikbaar te houden voor inwoners die deze het hardst nodig hebben. Is hiermee rekening gehouden bij de verlaging van de uitgaven? Programma 4 Veilige wijken Welke uitwerking gaat straatintimidatie krijgen anders dan de stop app? De Veiligheidsregio heeft per brief aangekondigd voor uitdagingen te staan waarvoor mogelijk aanvullende begrotingsvoorstellen voor 2025 worden gedaan. Hoe wordt hierop geanticipeerd? De index voor de veiligheidsbeleving is lager dan die voor de objectieve veiligheid. Programma 6 Organisatie De formatie (fte per 1000 inwoners) gaat naar 9,2 tov 9,0 in Begroting 2024.
De externe inhuur (kosten als % van totale loonlasten + totale kosten inhuur externen) is gedaald van 15,2 in Begroting 2024 naar 14,9 nu. De overhead (% van totale lasten) neemt af van 9,7% in 2024 naar 8,9% in 2025. De cijfers komen overeen met de koers om aan te sluiten bij de groei en ontwikkeling van de stad en de intentie om externe inhuur om te zetten in vaste medewerkers. Leesbaarheid De accountant heeft de volgende opmerkingen/suggesties ten aanzien van de leesbaarheid: - Met betrekking tot de “Hoofdlijn” merkt de accountant op dat dit alleen een tekstuele toelichting is, met uitzondering van het overzicht baten en lasten. Het zou volgens de accountant van toegevoegde waarde voor de raad kunnen zijn om, net als bij de jaarstukken, een financiële analyse op hoofdlijnen op te nemen. - In de kadernota 2025 is een bedrag aan incidentele en structurele middelen van € 67 mln. resp. € 11,8 mln. opgenomen. Daarbij is ook de verdeling over de programma’s opgenomen. In de ‘Hoofdlijn’ van de begroting 2025 komt hiervan niets terug met uitzondering van een verwijzing naar par. 4.3 van de begroting waarin dit nader is uitgewerkt. - Wat betreft de overige onderwerpen in de kadernota zoals klimaatdoel 2030, risico’s en indexering doet de accountant de suggestie voor een leeswijzer waarmee de raad direct kan zien wat waar in de begroting is verwerkt.
Welke tips verhogen volgens uw fractie de leesbaarheid van de begroting?
3
4