Behandeladvies Kadernota 2026
Tekst van het document
Behandeladvies Raadsvoorstel Kadernota 2026 Ten behoeve van de agendacommissie Deadline besluit
nvt
Motivatie deadline Behandeladvies griffie
Agenderen als integraal bespreekstuk
Toelichting behandeladvies
Achtergrond Met de Kadernota 2026 doet het college aan de raad een inhoudelijk voorstel voor de intensivering van structurele en incidentele middelen richting Begroting 2026. Dit is het moment voor de raad om via moties en amendementen te sturen richting de begroting voor volgend jaar.
Voorstel Het college stelt samengevat voor de kadernota 2026 vast te stellen als richtinggevend document voor het uitwerken van de Begroting 2026: 1. wat betreft de bestuurlijke en financiële hoofdlijn en 2. de inzet van incidentele en structurele middelen richting 2029.
Aandachtspunten en beleidskeuzes Algemeen Kadernota gaat verder dan bestuursakkoord Het college geeft aan dat de kadernota grotendeels gaat over de periode na het bestuursakkoord. •
Hoe beïnvloedt dit de keuzevrijheid van de volgende raad?
Extra rijksmiddelen (Voorjaarsnota Rijk) Als het Rijk bij de Voorjaarsnota extra middelen voor gemeenten vrijmaakt, wil het college deze prioriteren voor mobiliteit, onderhoudsniveau groen en de brede opgave in het sociaal domein. •
Welke prioriteiten stelt de raad?
Rekeningresultaat 2024 Vooruitlopend op het definitieve jaarrekeningresultaat 2024, wordt het verwachte resultaat meegenomen in Kadernota 2026. In de concept programmaverantwoording 2024 wordt het rekeningresultaat geschat op € 19,8 mln. In de Kadernota 2026 wordt gerekend met een bedrag van € 16,8 mln. beschikbare incidentele middelen. Het verschil wordt niet toegelicht. Uit ambtelijke navraag is gebleken dat het verschil grotendeels als buffer wordt aangehouden voor de eindafrekening met de zorgaanbieders in het sociaal domein. •
De bestemming van het jaarrekeningresultaat valt onder het budgetrecht van de raad.
Besteding vrije incidentele middelen Van de beschikbare incidentele middelen van € 16,8 mln. wil het college € 11 mln. storten in de reserve strategische investeringen (RSI), omdat de voorbereidingskosten voor de geplande
investeringen oplopen. Daarnaast vallen de niet bestede middelen in de stelpost kapitaallasten strategische investeringen vrij in de RSI. In bijlage 3b vindt u een overzicht van de stortingen in de RSI en de bestedingen voor de periode 2025/2029. De afgelopen jaren is gebleken dat het de gemeente niet lukt om de geplande investeringen te realiseren. De accountant adviseerde eerder de uitvoeringskracht mee te nemen bij de kadernota, begroting én andere besluiten zoals meerjarige beleidsnota’s. In deze kadernota wordt niet ingegaan op de uitvoeringskracht. •
Hoe waardeert de raad de besteding van de extra incidentele middelen?
Intensiveringen Bijlage 4 bevat een overzicht van de onderwerpen waarvoor intensiveringen worden voorgesteld op basis van de extra incidentele en structurele middelen. In de tekstuele toelichting op de intensiveringen valt op dat bij sommige onderwerpen de vermelding van incidentele en structurele investeringen niet compleet is. Bij beheer en onderhoud groen ontbreekt bv. de incidentele investering van € 1,2 mln. en bij bereikbaarheid wordt de structurele intensivering van € 6 mln. voor het masterplan mobiliteit niet benoemd. • • •
Kan de raad beoordelen of de intensiveringen nodig en/of voldoende zijn in relatie tot maatschappelijke doelen/ambities? Hoe verhoudt de uitvoeringskracht zich tot de voorgestelde intensiveringen? De raad kan met een amendement intensiveringen wijzigen, schrappen of toevoegen. Met moties kan de raad het college oproepen wensen mee te nemen in Begroting 2026.
Reserve Samen Morgen Mooier Maken (RSMMM) Uit bijlage 2 blijkt dat van de oorspronkelijke omvang van deze reserve van € 43 mln. eind 2024 een bedrag van € 20 mln. nog niet is besteed. Het college wil van dit restant een bedrag van bijna € 13,5 mln. besteden in 2025. Uit ambtelijke navraag is gebleken dat deze middelen grotendeels nog niet zijn opgenomen in Begroting 2025. Indien nodig wordt de raad gevraagd begrotingswijzigingen vast te stellen. De besteding van de middelen in 2026 t/m 2028 wordt meegenomen in Begroting 2026. • • •
Is inzichtelijk waaraan de resterende middelen in de RSMMM worden besteed? Kan de raad beoordelen of de bestedingen nodig en/of voldoende zijn in relatie tot maatschappelijke doelen en ambities? Hoe verhouden de geplande bestedingen zich tot de uitvoeringskracht?
Risico’s Een risicoparagraaf ontbreekt. •
Welke wensen heeft de raad ten aanzien van het inzicht in de hoeveelheid en grootte van de risico’s?
Leesbaarheid De opzet van de kadernota is de afgelopen drie jaren telkens gewijzigd. • • •
Is de kadernota voor de raad toegankelijk en begrijpelijk? Hoe waardeert de raad de wisselende opzet voor de kadernota? Hoe waardeert de raad de financiële overzichten en tabellen?
Programma’s Programma 2a Ondernemende stad Toekomstfonds Bedrijventerreinen. Er wordt voorgesteld hiervoor € 2,3 incidentele middelen (voor een groot deel vanuit de RSMMM) in te zetten. Formele besluitvorming volgt later.
2/3
•
Waarover wordt door wie (raad of college) wanneer besloten?
Programma 2c Sociale stad In de bestuurlijke hoofdlijn wordt de financiële druk op het sociaal domein benoemd en dat gewerkt wordt aan een meerjarenstrategie. Met de intensiveringen wordt het uitstel van de afschaffing van het abonnementstarief in de Wmo gecompenseerd. Eventuele extra rijksmiddelen als gevolg van de opvolging van de aanbevelingen van het rapport Van Ark worden ingezet voor jeugd. Verder wordt niet ingegaan op de financiële risico’s in het sociaal domein. In de Managementletter 2024 geeft de accountant aan dat het college een bestuursopdracht voor de ambtelijke organisatie heeft geformuleerd om meer zicht te krijgen op de mogelijkheden om de beoogde besparingen (in Begroting 2025) te realiseren en vóór de Kadernota 2026 de mogelijke ‘draaiknoppen’ uit te werken, de impact hiervan inzichtelijk te maken en scenario’s te ontwikkelen. Op basis hiervan kan het gemeentebestuur weloverwogen politiek-bestuurlijke keuzes maken die moeten zorgen voor een financieel houdbaar en toekomstbestendig sociaal domein. • • • • -
Wat is de stand van zaken van de bestuursopdracht? Hoe is de meerjarenstrategie verwerkt in de Kadernota 2026? Hoe staat het sociaal domein (Jeugd, Wmo en Werk en Inkomen) er in Eindhoven financieel voor? Wat is de stand van zaken van het Transformatiefonds: hoeveel middelen zijn waaraan besteed en hoeveel middelen resteren nog?
Programma 3b Bereikbaarheid Onder de kop intensiveringen is reeds opgemerkt dat de structurele financiering van € 6 mln. voor het masterplan mobiliteit niet wordt toegelicht. Uit bijlage 4 blijkt dat hiervoor een stelpost kapitaallasten wordt opgenomen. Bij het onderwerp parkeertarieven wordt opgemerkt dat in de tweede helft van 2025 een uitvoeringsagenda voor de investeringen wordt opgesteld, met participatie van bewoners en organisaties. •
Over welke uitvoeringsagenda gaat dit?
Programma 6 Organisatie Van de € 8,4 mln. incidenteel gefinancierde fte’s wordt € 2 mln. structureel gemaakt. Daarmee blijft € 6,4 mln. incidenteel gefinancierde fte een risico. •
Is het incidenteel financieren van nieuw personeel gestopt?
De stijging van de energiekosten lijkt structureel. Richting Begroting 2026 worden hiervoor € 4,3 mln. incidentele middelen meegenomen. Mocht uit een nadere analyse blijken dat deze kosten (deels) structureel zijn, dan wordt hiervoor structurele dekking gezocht in de begroting. •
Hoe realistisch is dat?
Bijlage 2 Termijnkalender •
3/3
Hoe waardeert u de termijnkalender?