CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording Technische vragen (VVD) over Raadsvoorstel Variantenstudie (voormalige) golfbaan Welschap

Raadsvergadering 15 april 2025, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Variantenstudie (voormalige) golfbaan Welschap1.328 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording Technische vragen over Raadsvoorstel Variantenstudie (voormalige) golfbaan Welschap 1. Wat wordt er exact bedoeld met ‘op gespannen voet staan’

tussen woningbouw en het waterwingebied? Kunt u dit onderbouwen? Brabant Water geeft het volgende aan: In algemene zin – en op basis van ervaring – geldt: hoe meer bewoning in de directe nabijheid van een waterwingebied, des te groter de kans op verstoring van het gebied door (ongewenste) menselijke activiteiten. Hierbij valt te denken aan: • Vandalisme • Dumpen van (huis)vuil of snoeiafval • Drugsafval en Drugsdumpingen • Beschadiging van begroeiing • Gebruik van crossmotoren of ander gemotoriseerd verkeer • Loslopende honden • Illegaal verblijf (bijvoorbeeld door daklozen) Deze vormen van overlast kunnen de kwaliteit, veiligheid en beheersbaarheid van het waterwingebied aantasten. Belangrijk: Het waarborgen van de veiligheid, toegankelijkheid en kwaliteit van waterwingebieden is geen taak van Brabant Water alleen, maar is in de eerste plaats een wettelijke verantwoordelijkheid van bestuursorganen, waaronder de gemeente, provincie en het Rijk. Dit volgt uit artikel 2 van de Drinkwaterwet, waarin is bepaald dat bestuursorganen zorg dragen voor de duurzame veiligstelling van de openbare drinkwatervoorziening. 2. Is er een juridische en/of milieutechnische grens waarboven

woningbouw niet meer toegestaan is vanwege waterwingebiedbeperkingen? Brabant Water geeft het volgende aan:

Ja. Binnen waterwingebieden is woningbouw niet toegestaan. Dit volgt uit het juridische én milieutechnische kader dat van toepassing is. Het gaat hier om zwaarwegende belangen, vastgelegd in wetgeving en provinciale verordeningen. Juridisch kader – Artikel 2 Drinkwaterwet 1. Bestuursorganen dragen zorg voor de duurzame veiligstelling van de openbare drinkwatervoorziening. 2. Deze veiligstelling geldt bij alle besluiten en procedures als een dwingende reden van groot openbaar belang. Het belang van de drinkwatervoorziening heeft dus een beschermde status. Milieutechnisch kader – Omgevingsverordening Noord-Brabant (Ov) • Waterwingebieden en beschermingszones zijn door Provinciale Staten aangewezen als milieuzones. • Binnen deze zones zijn – behoudens overgangsrecht – uitsluitend activiteiten toegestaan die de drinkwatervoorziening ten dienste staan. • De voorkeur gaat uit naar een bestemming als bos of natuur, vanwege de optimale bescherming die deze bieden. • Binnen boringsvrije zones zijn géén activiteiten toegestaan die de weerstandbiedende bodemlagen kunnen aantasten. Let op: bovengenoemde kaders vormen de context. Het is aan de gemeente Eindhoven om dit in haar omgevingsvisies en besluitvorming te respecteren en toepassen. Woningbouw binnen het waterwingebied is daarmee feitelijk uitgesloten. 3. Gelden er juridische en/of beleidsmatige beperkingen vanuit

Brabant Water voor het plan waarbij er enkel woningen gerealiseerd worden op het terrein van VDL/Jeurrissen, buiten het waterwingebied? Brabant Water geeft het volgende aan: Juridisch • Voor waterwinputten en leidingen die zich buiten percelen in eigendom van Brabant Water bevinden, zijn zakelijke rechten van opstal gevestigd.

•

•

Voor transportleidingen geldt een belemmeringenstrook van 3 meter uit het hart van de leiding, waarin bouw en zware werkzaamheden niet zijn toegestaan. Deze belemmeringen dienen te allen tijde in acht te worden genomen bij ruimtelijke plannen, ook als deze zich buiten het waterwingebied bevinden.

Beleidsmatig • Waterwingebieden zijn in principe opengesteld voor passieve recreatie (wandelen, fietsen), maar niet voor intensieve of verstorende vormen van gebruik. • Indien er direct of indirect een zodanige gebruiksdruk ontstaat dat de continuïteit van de drinkwatervoorziening of de veiligheid van medewerkers in gevaar komt dan behoudt Brabant Water zich het recht voor om, in overleg met grondeigenaren en overheden, de toegang tot het gebied te beperken of af te sluiten. Ook buiten het formele wingebied is het daarom van belang dat ontwikkelingen geen nadelige effecten hebben op de bescherming van het grondwater en de waterwinlocatie. 4. Indien woningbouw als voorkeursvariant gekozen zou worden

door de raad; hoeveel tijd is er dan, inclusief ruimtelijke ordeningsprocedures, nodig om tot realisatie over te gaan? Dit is op dit moment heel lastig aan te geven omdat het van vele factoren afhankelijk is, zoals waar in het gebied woningbouw zou komen, in welke vorm/omvang, welke onderzoeken nodig zijn, hoe snel het woningbouwidee door de initiatiefnemer uitgewerkt kan worden tot een plan, welke stakeholders erbij betrokken zijn e.d. Uit ervaring weten we dat planvorming, inclusief alle onderzoeken, (veel) tijd kost. In ieder geval is duidelijk dat de huidige bestemming niet voldoet en er dus een planologische procedure doorlopen zal moeten worden. Daarin zijn verschillende vormen mogelijk onder de Omgevingswet en de best passende vorm kan pas bepaald worden aan de hand van een concreet uitgewerkt plan. Is dat bijvoorbeeld een BOPA procedure, dan kost dat – na uitwerking van het plan – nog 6 tot 9 maanden doorlooptijd (zonder bezwaar/beroep). Als er een wijziging Omgevingsplan nodig dan is de doorlooptijd (op dit moment) ca. 1 tot 1,5 jaar (zonder bezwaar/beroep). Kortom, e.e.a. is in deze fase van ‘richting bepalen’ voor de ontwikkeling van het gebied nog lastig te zeggen.

5. Brabant Water wil geen recreatie en evenementen in het gebied,

toch kiest het College voor deze variant, kan het College dit onderbouwen? Het College stelt voor om combinatievariant natuur & recreatie/sport met evenementen verder uit te werken in een ruimtelijk plan, onder de voorwaarden dat deze variant eerst verder verkend moet worden met Brabant Water (en andere eigenaren in het gebied). Daarbij moet in beeld worden gebracht welke randvoorwaarden er zijn om recreatie en evenementen mogelijk te maken. Eén en ander is ook afhankelijk van de omvang en de locatie van de betreffende functies binnen het gebied. Duidelijk is dat – als deze variant als uit te werken richting gekozen wordt – dit verder verkend en besproken moet worden met Brabant Water. U kunt dit eventueel in de meningsvorming verder aan de orde stellen. 6. Hoe ziet het College de financiële haalbaarheid indien gekozen

zou worden voor de variant natuur & recreatie/sport met evenementen? Het College stelt voor om de financiële haalbaarheid van de voorkeursvariant verder uit te werken. In de financiële paragraaf van het raadsvoorstel is hierover onder andere het volgende opgenomen: In algemene zin is over de financiële consequenties het volgende te zeggen. Een deel van het gebied exploiteren als evenementen- en/of recreatielocatie kan wellicht een (beperkte) financiële bijdrage leveren voor kwaliteitsverbetering van het gebied maar de verwachting is dat dit niet de frequentie en omvang heeft om daarmee het gebied als totaal (langjarig) te dragen. Het exploiteren van sportvoorzieningen is doorgaans al een financiële uitdaging op zichzelf, laat staan dat deze voldoende inkomsten genereren om ook bij te dragen aan het totale gebied. Voor (enkel) natuurontwikkeling is op dit moment geen financiële drager. Wellicht kan hier in de toekomst wel natuurcompensatie plaatsvinden vanuit andere projecten. De Rekentool Klimaatopgave biedt bijvoorbeeld de mogelijkheid om het gedeelte van de groenopgave dat niet binnen het project opgelost kan worden te compenseren via een financiële afdracht in het groencompensatiefonds. De middelen uit dit fonds kunnen aangewend worden om de robuuste groenstructuren in de stad te versterken.

Uiteraard is het in alle varianten mogelijk dat uw raad besluit om (te zijner tijd) middelen beschikbaar te stellen voor invulling/verbetering van dit gebied. Bij het vaststellen van de Ontwikkelingsvisie is inzichtelijk gemaakt welke investeringen voor het totale Lichtbos nodig zijn en aangegeven dat dit fasegewijs wordt opgepakt, door ook te kijken naar subsidies en fondsenwerving. Daar maakt Buitenplaats Welschap ook onderdeel van uit. 7. Uit een onderzoek van Sweco (2024) blijkt dat Welschap een

lage biodiversiteitwaarde heeft, vergelijkbaar met woongebieden. Is het een uitgangspunt van het College om de biodiversiteit op het Welschap maximaal te verbeteren? Verbeteren van de natuurwaarden en biodoversiteit in het gebied is inderdaad een uitgangspunt, zoals ook is opgenomen in de Ontwikkelingsvisie Stadsbos en Wielewaal. Daarin staat onder andere: “De opgave is het ontwikkelen van buitenplaats Welschap tot één samenhangend gebied met een publiek toegankelijk landschap. Water en natuur staan centraal.” 8. Erkent het College dat de variant met woningbouw een grotere

bijdrage levert aan biodiversiteitsversterking dan de variant recreatie en evenementen op het Welschap? Die conclusie kan in deze fase niet getrokken worden. Beide functies zorgen voor een intensiever gebruik van het gebied, alleen is woningbouw structureel en recreatie en/of evenementen niet. Eén en ander is ook afhankelijk van de omvang en de locatie van de betreffende functies binnen het gebied. U kunt dit eventueel in de meningsvorming verder aan de orde stellen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15346303/1