Beantwoording technische vragen PvdD
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen PvdD: Biomassa op Eikenburg + rondleiding met vleermuisspecialist TGE noemde in hun beoordeling de blokverwarming op basis van houtkorrels. Kortom, een kleine biomassacentrale. Het antwoord hierop was: “De installatie wordt geëxploiteerd zo lang als deze goed presteert en volgens wetgeving is toegestaan”. Wij waren in de veronderstelling dat Eindhoven af wil van biomassa. Hoe rijmt dat met dit antwoord? En is het in theorie mogelijk om lokale wetgeving hiervoor te maken? Antwoord Trudo: Naar aanleiding van vragen van Trefpunt Groen over de pellet-installatie in het hoofdgebouw heeft Trudo vorig jaar toegelicht waarom die keuze gemaakt is en hoe ze er mee omgaan. Het citaat is een deel van het antwoord aan TGE. Er is toegelicht waarom op dat moment deze installatie aan Trudo als de meest duurzame optie is geadviseerd als alternatief voor gasgestookte installatie die op dat moment nog gewoon gangbaar was. Dat was nog voor alle ophef over de pellets. Het Landgoed brengt veel snoeiafval voort en dat wordt op deze manier gerecycled op het Landgoed zelf. Aanvulling vanuit afdeling duurzaamheid: In de Transitievisie Warmte (en haar beleidsvoorloper de Warmtevisie 2020) heeft Eindhoven gekozen voor het uitfaseren van biomassa in grote biomassacentrales als bron voor warmtenetten.
Daarnaast stapt de gemeente ook geleidelijk af van kleinere biomassa-installaties in het gemeentelijke vastgoed. De gemeente heeft geen beleid over het gebruik van kleinere biomassa-installaties zoals palletkachels bij particulieren. Voor deze groep voorzien we vooralsnog geen lokaal beleid; we zetten onze schaarse mensen en middelen in op andere kwesties waar we meer impact maken. Het reguleren van biomassa is bovendien effectiever vanuit landelijke wetgeving. Het op kleine schaal toestaan van biomassa-gebruik past in de Eindhovense gedachte van “biomassa als transitiebrandstof”. Zoals Trudo beschrijft was dit op het moment van aanschaf het beste alternatief. En in sommige situaties is het nog steeds een redelijk alternatief. Kortom, de stelling van Trudo “De installatie wordt geëxploiteerd zo lang als deze goed presteert en volgens wetgeving is toegestaan” is ook voor de gemeente acceptabel. Daarnaast, bedankt voor het voorstel om een rondje te doen. Het zou voor evenwichtige informatievoorziening onze voorkeur hebben om ook een expert op het gebied van vleermuizen te betrekken. Bijvoorbeeld Frans Hijnen van stichting stadsnatuur. Er is en wordt veel onderzoek gedaan naar de specifieke vleermuizenpopulatie op Eikenburg en hoe we daar mee om moeten gaan. In bijlage 9 en 10 bij het bestemmingsplan wordt daar uitgebreid verslag van gedaan.
In deze bijlagen staan ook nadere voorwaarden waaraan voldaan moet worden bij de ingrepen
die in dit plan worden voorgesteld. Tot nu toe wordt daar in goed overleg met de experts inhoud en vorm aan gegeven. Als de vraag algemeen is, dan verwijzen we naar de bijlagen van Fauna Consult. Als daar specifieke vragen over zijn dan kan Trudo die uiteraard beantwoorden. Morgen zijn zowel de landschapsarchitect als de boswachter van Eikenburg aanwezig, zij zullen ook meer (kunnen) vertellen.