CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen (PvdA) over Betaalbaarheidsnorm irt (landelijke) subsidies

Raadsvergadering 20 mei 2025, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Startnotitie Herziening Woonprogramma: Zoveel mogelijk mensen onder dak970 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording technische vragen - Raadsvoorstel Startnotitie Herziening Woonprogramma: Zoveel mogelijk mensen onder dak

Vraag: Er zouden signalen zijn ontvangen door de ambtelijke organisaties dat onze betaalbaarheidsnorm van 85% dusdanig schuurt met het landelijke woonprogramma dat het mogelijk subsidies en zelfs Beethovengelden in de weg zou kunnen staan. De PvdA heeft zelf nagevraagd in Den Haag bij de Tweede Kamerfractie. Ook hebben we Kamervragen bekeken op dit onderwerp waar nergens wordt gezegd dat dit daadwerkelijk een risico is, de minister ontkent het zelfs. Uit alle informatie blijkt nergens dat er een risico is. We vinden dit moeilijk te rijmen met wat de ambtelijke organisatie communiceert en zijn benieuwd waar de signalen vandaan komen. 1.

Kunnen we meer toelichting krijgen op deze signalen?

Ja, zie de antwoorden op onderstaande vragen. 2.

Hoe en waar zijn die opgedaan en wie heeft het uitgesproken?

De minister heeft op 19 mei 2025 in haar ‘kamerbrief financieel instrumentarium woningbouw’ het volgende opgenomen: “Bij de uitwerking van dit instrumentarium kijk ik naar de mogelijkheid om via financiële regelingen het stellen van bovenmatige betaalbaarheidseisen te ontmoedigen. Ik denk daarbij aan situaties waarbij een gemeente meer betaalbare woningen programmeert dan wat nodig is om regionaal de betaalbaarheidsdoelen te realiseren.” De Kamerbrief schetst verder de stand van zaken van onder andere de ‘realisatiestimulans’, de ‘woningbouwimpuls’, het ‘gebiedsbudget’ en ‘Beethoven’. Het lijkt er dus op dat de minister gemeenten die bovenmatige betaalbaarheidseisen stellen wil korten op subsidies. Omdat de voorwaarden van de regelingen nog niet duidelijk zijn, kan echter nog steeds niet worden ingeschat hoe groot dit gevaar is en wat de gevolgen er van zijn.

Op verschillende momenten is er ook ambtelijk gesproken over de betaalbaarheidseisen en het effect daarvan op de businesscase. Bij het onderbouwen van het tekort voor verschillende regelingen (Woningbouwimpuls, Startbouwimpuls) moet ook nu al worden aangetoond dat het (publieke) tekort onvermijdelijk is. Bij de laatste WBIaanvragen zijn er door het Rijk vragen gesteld over de betaalbaarheidseisen en de negatieve effecten daarvan op de businesscase en derhalve op de hoogte van de benodigde subsidie. Verder heeft de minister heeft in antwoord op Kamervragen ook aangegeven dat zij wil vasthouden aan de betaalbaarheidsdoelen uit de Woondeals (1/3e sociaal, 2/3e betaalbaar) en dat zij het woonprogramma rekent tot de factoren van de onrendabele top waar gemeenten zelf invloed op hebben. i ii iii 3. Welke officiële informatie ligt eronder? Buiten de Kamerbrief, ligt hier nog geen officiële informatie onder. De verschillende regelingen zijn nog niet gepubliceerd en derhalve is er nog geen definitieve informatie beschikbaar. Daarom wordt er in de startnotie gesproken over een risico. 4. Zijn notulen beschikbaar waar dit daadwerkelijk in is gezegd? Nee. 5. Is het woonprogramma besproken bij de Beethovendeal en wat is er toentertijd over gezegd? Voor zover bekend niet. 6.

Elke andere informatie die hier meer licht op kan bieden zouden we graag ontvangen? Zie de antwoorden op vraag 1 t/m 5.

Bron: Kamervragen (Aanhangsel) 2024-2025, nr. 1332 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen Vraag 10 Wat betekent het voor de subsidieverstrekking wanneer u zegt dat het toekennen van subsidies voortaan zal afhangen van het percentage sociale en betaalbare huur-, en koopwoningen die van Rijkswege gewenst zijn; en dus vanwege regionale differentiatie een gedifferentieerde vraag zal stellen aan gemeenten? i

Antwoord 10 Ik ben op dit moment nog volop bezig met de uitwerking van het instrument. Ik zal u uiteraard nader informeren als er meer duidelijkheid is over de precieze werking van het instrument. Bij de uitwerking van het instrument is mijn uitgangspunt dat de rijksbijdragen gemeenten moeten stimuleren om aan hun woningbouwopgave te (gaan) voldoen, zoals vastgelegd in de Woondeal. De beschikbare middelen zijn berekend om de te verwachten financiële tekorten te dekken die komen kijken bij het invullen van de regionale woningbouwopgave zoals vastgelegd in de woondeal. Daarbij is rekening gehouden met de betaalbaarheidsdoelstelling als vastgelegd in het Regeerprogramma. Het is niet wenselijk dat gemeenten een groter deel van de beschikbare middelen ontvangen dan noodzakelijk zijn gezien de woondealopgave, dan gaat dat ten kosten van andere regio’s. Daarom ben ik genoodzaakt om rekening te houden met de regionale woningbouwopgave. Bron: Antwoord op vragen van de leden De Hoop en Beckerman over het ontbreken van huurdersbelangen bij de Woontop | Tweede Kamer der Staten-Generaal ii

Vraag 9 Kunt u uiteenzetten hoeveel geld er waarvoor nodig is en wat de gevolgen zijn als dat geld er niet komt vanuit gemeenten? Antwoord 9 Ik zie het als een gedeelde verantwoordelijkheid om woningbouw financieel haalbaar te maken. Daarom draag ik via regelingen zoals de realisatiestimulans, de Woningbouwimpuls en het Gebiedsbudget bij aan de woningbouw. Op deze manier verlaag ik het publiek tekort als gevolg van woningbouw voor medeoverheden. Gemeenten hebben invloed op de omvang van het tekort. Lokale beleidskeuzes hebben impact op de financiële haalbaarheid. Het gaat dan bijvoorbeeld over locatiekeuze en ambities voor groen, voorzieningen, parkeeroplossingen én het woonprogramma. Het is daarom belangrijk dat zij zelf ook financieel verantwoordelijk zijn voor het dekken van het publieke tekort. Bron: Antwoord op vragen van de leden De Hoop en Beckerman over het ontbreken van huurdersbelangen bij de Woontop | Tweede Kamer der Staten-Generaal iii

Vraag 9 Kunt u uiteenzetten hoeveel geld er waarvoor nodig is en wat de gevolgen zijn als dat geld er niet komt vanuit gemeenten?

Antwoord 9 Ik zie het als een gedeelde verantwoordelijkheid om woningbouw financieel haalbaar te maken. Daarom draag ik via regelingen zoals de realisatiestimulans, de Woningbouwimpuls en het Gebiedsbudget bij aan de woningbouw. Op deze manier verlaag ik het publiek tekort als gevolg van woningbouw voor medeoverheden. Gemeenten hebben invloed op de omvang van het tekort. Lokale beleidskeuzes hebben impact op de financiële haalbaarheid. Het gaat dan bijvoorbeeld over locatiekeuze en ambities voor groen, voorzieningen, parkeeroplossingen én het woonprogramma. Het is daarom belangrijk dat zij zelf ook financieel verantwoordelijk zijn voor het dekken van het publieke tekort.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15578292/1