CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording Technische vragen Kop van Blaarthem (D66)

Raadsvergadering 7 juli 2026, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadvoorstel Concept Gebiedskader Kop van Blaarthem en Genderdal764 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording Technische vragen – Raadsvoorstel Gebiedskader Kop van Blaarthem en Genderdal 1. Wat is het huidige verdeling van betaalbaarheid in (de kop van) Blaarthem en Genderdal? Dus sociale huur/koop, middenhuur/koop, dure segment? Antwoord: Voor bestaande buurten hebben we enkel inzicht in de eigendomssituatie. Een exacte verdeling naar sociaal, midden en duur kan niet eenduidig worden bepaald, omdat deze segmentering is gebaseerd op de systematiek voor nieuwbouwprogrammering Van de 1331 woningen in Blaarthem is 34% een koopwoning. Daarnaast is 52% van de woningen in bezit van een corporatie. De overige 14% zijn huurwoningen die niet in het bezit zijn van een corporatie. Van de 1566 woningen in Genderdal is 26% een koopwoning. Daarnaast is 69% van de woningen in bezit van een corporatie. De overige 5% zijn huurwoningen die niet in het bezit zijn van een corporatie. 2. Over mobiliteit wordt het volgende gezegd: "Daarnaast wordt in het plangebied gekozen voor centraal gebouwde parkeervoorziening in combinatie met parkeren op maaiveld." Geldt het parkeren op het maaiveld exclusief voor huidige parkeerplaatsen, of ook als onderdeel van de parkeervoorzieningen voor nieuwbouw? Antwoord: Parkeren op maaiveld is onderdeel van de opgave. Dit is dus onderdeel van de parkeervoorzieningen ten behoeve van de nieuwbouw. 3.

"De (financiële) haalbaarheid van een parkeerhuis aan de Offenbachlaan wordt nader onderzocht." --> gaat dit om een parkeerhuis in gemeentelijke exploitatie? Antwoord: De haalbaarheid van een parkeerhuis aan de Offenbachlaan wordt in bredere zin onderzocht. Er ligt op deze locatie een ruimteclaim en een beoogde invulling om de parkeeropgave op een efficiënte manier op te lossen. Tegelijkertijd wordt bekeken of de locatie ook kan bijdragen aan andere mobiliteits- en maatschappelijke opgaven. Daarbij kan worden gedacht aan functies zoals deelmobiliteit, een mobiliteitshub of een combinatie met maatschappelijke voorzieningen. In het gebiedskader zijn reeds voorzieningen opgenomen in de plint van het parkeerhuis. Welke invulling het meest passend en haalbaar is, wordt nader onderzocht.

Het onderzoek naar een mogelijk gemeentelijke rol in mobiliteitsvoorzieningen wordt naar verwachting volgend jaar afgerond. Tot die tijd wordt per locatie en per initiatief beoordeeld welke rol van de gemeente wenselijk en haalbaar is. Voor de locatie Offenbachlaan moet deze afweging nog worden gemaakt. 4. Wordt bij de verdichting rekening gehouden met het plaatsen van broed en verblijfplaatsen in het kader van het SMP, zodat bij nieuwbouw de taakstelling voor de bestaande bouw gerealiseerd kan worden? Antwoord: Voor Gestel komen de eerste resultaten van het SMP-onderzoek begin 2027. Dit geeft inzicht in wat er in Gestel zit qua soorten en wat er gedaan moet worden om deze te beschermen. Daarna kunnen de resultaten worden meegenomen bij de verdere uitwerking van de deelgebieden in de gebiedskaders. Broed en verblijfsplaatsen horen daar zeker bij, zowel tijdens de sloop en nieuwbouw als in de definitieve eindsituatie. 5. Waarom wordt er gekozen voor het expliciet opnemen van het niet toestaan van gelijke bouwhoogtes aan weerzijde van de Karel de Grotelaan, terwijl dat nu op veel plekken wel het geval is? Antwoord: De Karel de Grotelaan is de eerste echte parkway van Eindhoven, aangelegd in de wederopbouwperiode waarin de vraag naar goedkope woningen groot was.

In de parkway gedachte gaat men uit van een asymmetrisch profiel waarbij open en gesloten karakter en variatie in hoogtes herhaaldelijk elkaar afwisselen. Dit is het streefbeeld, zoals ook in het kader benoemd. De huidige situatie laat iets anders zien omdat in de wederopbouw alle bouwwerken (goedkoop) uitgevoerd werden zonder lift. Daardoor hadden deze te maken met een beperkte bouwhoogte. Die zie je nu in het huidige beeld als gelijkwaardig terug. Een parkway hoeft in principe geen gelijke bouwhoogten aan weerzijden te hebben. 6. In het kader wordt er verwezen naar de zuidzijde van de Karel de Grotelaan; de Karel de Grotelaan loopt van het noordoosten richting het zuidwesten; wat wordt in het gebiedskader verstaan onder de zuidzijde? Antwoord: Het betreft de bebouwing aan de Karel de Grotelaan die in Blaarthem is gelegen. 7. Is onderzocht wat de impact op wind dan wel schaduwwerking van de toegestane hoogteaccenten van 75m langs de zuidzijde van de Karel de Grotelaan op de bestaande bebouwing zal zijn?

Antwoord: Een hoogteaccent van 75m is enkel toegestaan aan de kruising met de ring. Op de andere plekken aan de Karel de Grotelaan wordt uitgegaan van middelhoogbouw tot 45 meter. Hierbij geldt het principe dat de accenten aan de hoofdwegen staan en de bebouwing richting de bestaande bebouwing lager wordt. Een nadere studie naar windhinder en bezonning zal onderdeel zijn van de exacte invulling van het kader en de daartoe behorende omgevingsplanprocedure. Hierbij is het uitgangspunt dat de nieuwbouw past binnen ons bezonningsbeleid en de criteria voor wind.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17160855/1