Beantwoording technische vragen GL over Raadsvoorstel Nieuwe, tijdelijke, fietsenstalling Neckerspoel
Tekst van het document
Vraag: In de kanttekeningen bij het raadsvoorstel staat dat met NS en ProRail in de planontwikkeling gezocht is naar manieren om meer bewaakte stallingsplekken te realiseren. Dat bleek niet mogelijk. Welke mogelijkheden zijn onderzocht en waarom bleken deze mogelijkheden niet mogelijk? Antwoord: Om invulling te geven aan de behoefte van voldoende fietsparkeerplekken voor station Eindhoven Centraal is voorgesteld een tijdelijke fietsenstalling voor 3700 plekken te realiseren direct naast gebouw Neckerspoel. Gebleken is dat er in deze opzet gedurende de bouwtijd van de nieuwe stalling aan de zuidzijde minder fietsparkeerplekken beschikbaar zijn voor NS klanten met een fietsparkeerabonnement. Er is samen met NS breed gekeken naar mogelijkheden om toch het huidige aantal fietsparkeerplekken voor NS klanten met een fietsparkeerabonnement beschikbaar te houden. Een eventuele locatie hiervoor diende in de directe nabijheid van station Eindhoven Centraal te liggen, beschut, overdekt en bouwkundig geschikt te zijn, waarbij een fragmentatie van aangeboden locaties voorkomen moest worden. Gebleken is dat er geen geschikte locaties in de nabijheid van Ehv CS beschikbaar waren die hier op een goede manier invulling aan gaven, anders dan het optimaliseren van de stalling onder gebouw Noordzicht.
Voorbeelden van onderzochte locaties die niet geschikt zijn gebleken, zijn de parkeergarage Kennedyplein (Q-park) en de parkeergarage van de Veste. De stalling onder gebouw Noordzicht wordt aangepast zodat hier optimaal gebruik van kan worden gemaakt. Hier kan tevens een volledig afgiftepunt van de OV-fiets worden gerealiseerd. Er is gezocht naar een optimale balans tussen de inzet van de ruimte voor de OV-fiets en aanbod voor NS kanten met een fietsparkeerabonnement. In de nieuwe situatie passen er nog 500 abonnementhouders hun fiets in de stalling. De capaciteit van de huidige twee bewaakte stallingen (minus plekken voor OV fietsen) is 1500, maar de bezetting is ongeveer 1000.
Aanvullende vraag 1: “Voorbeelden van locaties die niet geschikt zijn gebleken, zijn de parkeergarage Kennedyplein (Q-park) en de parkeergarage van de Veste.” • Ik mis de onderbouwing waarom al deze locaties ongeschikt bleken. Antwoord: De parkeergarage van de Veste is verkend. Deze parkeergarage is echter niet geheel geschikt (lage verdiepingshoogte, dus geen dubbellaagse rekken mogelijk en dus beperkt capaciteit). Bovendien heeft een fietsenstalling spitstijden en ligt de inrit van deze garage direct langs de inrit van de Albert Heijn en komen hier op spitstijden diverse verkeersstromen samen, waarbij de (verkeers)veiligheid onder druk komt te staan. Alle andere reeds bestaande panden die mogelijk geschikt zouden zijn, zijn te ver weg van het station en er is tevens geen openbare ruimte beschikbaar waar een tijdelijke stalling gerealiseerd kan worden. Dat geldt ook voor de 18 septemberplein stalling. Dit is een stalling voor stadbezoekers (geen stationsbezoekers) en we kampen nu al met een capaciteitstekort voor de bezoekers van het centrum. Een substantieel deel van deze stalling afzonderen en voor NS reizigers beschikbaar stellen is zodoende onwenselijk, los van het feit dat de stalling daar niet voor bedoeld is. Dit is dus ook niet verder verkend.
Aan de noordzijde van het station is het KBC bekeken, maar deze stalling is beperkt in omvang en er zijn bovendien afspraken met ASML over het gebruik van deze stalling, om werknemers zoveel mogelijk te faciliteren om met de fiets van en naar ASML te reizen (vanwege druk op de bussen). Ook met de parkeergarage Kennedyplein (Q-park) zijn in eerdere instantie gesprekken gevoerd. De eigenaar is bereid om tegen markcomfort prijzen een deel te verhuren, maar dat betekent een zeer hoog kostenplaatje. Daarnaast is het vloer van de garage aflopend, wat voor plaatsen van rekken en het parkeren van fietsen niet comfortabel. Met het risico dus op een dure, oncomfortabele stalling die niet goed gebruikt gaat worden. Ook naar parkeerplaatsen rondom het voormalig KPN gebouw is gekeken. Dit is een gebouw van NS, maar zij zagen gezien de relatief lange loopafstanden deze stalling niet als een optie uitgewerkt.
Aanvullende vraag 2: “Er is gezocht naar een optimale balans tussen de inzet van de ruimte voor de OV-fiets en aanbod voor NS kanten met een fietsparkeerabonnement” • Vanwaar is er gekozen om de OV-fietsen te stallen in de bewaakte fietsenstalling? Is bijvoorbeeld een externe OVfiets pop-up store ook overwogen zodat er ruimte in de bewaakte fietsenstalling over zou blijven voor reguliere fietsen? Antwoord: Ook dit is verkend, zo is ook de tunnelbuis van de Vestdijktunnel (als District E bouwt zal deze aan de kant van het station dicht zijn voor fietsers en voetganger) bekeken. Deze is voor NS echter niet geschikt geacht, gezien de onlogische looproute van het station voor de gebruikers. Het is wenselijk om de OV fiets gebruiker via het station deze service aan te bieden. Andere opties zijn in lijn met de beantwoording van vraag 1, er is simpelweg geen ruimte in reeds bestaande gebouwen dicht bij het station. Een pop up voor 400 fietsen is nogal een investering voor 2 jaar, dat past niet bij de doelstelling sober en doelmatig. Daarnaast is er ook geen plek voor, want dan zouden er weer fietsen op het maaiveld voor moeten wijken. En nogmaals om te benadrukken; NS levert deze service, dus we zijn vooral op hun voorwaarden ingegaan en zij geven aan dat ze de huidige oplossing goed vinden, zowel voor OV als voor de klanten van de bewaakte stalling.
Zij hebben een goed inzicht in de wensen en behoefte van hun klanten (zowel fietsers als treinreizigers).