Beantwoording technische vragen (GL) over Raadsvoorstel Bestemmingsplan Dorgelolaan 20
Tekst van het document
Datum: 6 september 2024 Beantwoording technische vragen van de fractie(s): GroenLinks Raadsvoorstel Bestemmingsplan Dorgelolaan 20 1. Is eerst onderzocht of het beoogd programma binnen het huidig verhard gebied gerealiseerd kon worden? Dus met behoud van groen? Zo ja, waarom was dit niet mogelijk? Kunnen we deze studie inzien? Antwoord: Bij de voorbereiding van deze ontwikkeling is zorgvuldig gekeken naar de inpassing van het beoogd programma binnen het huidig verhard oppervlak. Het beveiligd stallen van dienstvoertuigen (en de daarvoor benodigde compartimentering en zonering) neemt veruit de meeste ruimte in beslag in de parkeergarage. Om de parkeergarage binnen het huidig verhard oppervlak in te passen is er gekeken naar meerdere alternatieven. Ten eerste het verplaatsen van dienstvoertuigen naar de Fellenoord 15. De dienstvoertuigen kunnen niet verplaatst worden, omdat: 1) er moet snel kunnen worden uitgerukt, 2) de veiligheid van personen en/of goederen dat niet toe laat en 3) het tevoren niet duidelijk is welke goederen bepaalde werknemers mee moeten nemen. Ten tweede is ook een tweelaagse kelderbak overwogen om binnen het huidig verhard oppervlak te blijven. Door de hoge grondwaterstanden en -stroming in het gebied is dit niet goed gebleken voor het ecosysteem (van negatieve invloed op de kwelstroming richting het broekbos).
Het verschuiven van het parkeerprogramma naar de begane grond is ook onderzocht en niet haalbaar gebleken. Gebouwd (beveiligd) parkeren op de begane grond legt onevenredig veel druk op de beschikbare ruimte. Dit gaat ten koste van de door de Raad vastgestelde opdracht om in de gebiedsontwikkeling Fellenoord een plintprogramma en beoogde TDKfunctiemix (zie ook KPI 2.b.1 en 2.b.2) te realiseren en heeft daarmee een negatieve impact op de leefbaarheid, uitstraling en aansluiting op de omgeving. Omwille van het karakter van de te vestigen overheidsdiensten en de beveiligingseisen die daaraan gesteld worden is het vanuit veiligheidsoverwegingen niet mogelijk om de ruimtelijke en programmatische studies naar de inpassing van het gebouw en de kelderlaag te delen. De studies kunnen dus niet worden ingezien.
2. Kan worden aangewezen waar in de ontwikkelvisie Fellenoord de raad bouwvlakken vastgesteld zou hebben? Ik zie op bladzijde 28-29 namelijk enkel een mogelijk beeld en geen plan of ontwerp. Antwoord: Kaarten en afbeeldingen in de Ontwikkelvisie Fellenoord maken integraal onderdeel hiervan uit, evenals het kaartmateriaal in het clusterpaspoort voor Cluster 9B. In de ontwikkelvisie is op p. 28-29 een proefverkaveling voor de bouwblokken (witte aanduidingen) van de clusters opgenomen. De ontwikkelvisie gaat uit van twee kleinere bouwblokken voor Cluster 9B met een relatief grotere claim op het westelijk gelegen broekbos (zie ook p.2 in de belangenafweging). Bij de verdere uitwerking van het stedenbouwkundig plan en het clusterpaspoort zijn de twee bouwblokken samengevoegd tot één bouwblok (zie ook de clusterkaart op p. 18 in het clusterpaspoort). Hoofdmotief om de twee bouwblokken te clusteren op één plek is maximaal behoud van groen.
3. Aan de westzijde is besloten om de ondergrondse parkeergarage niet te realiseren en dit is aangepast in de verbeelding. Dit deel krijgt de bestemming ‘groen’. Moet vanwege de veiligheidszone en onderhoud aan de gevel deze zijde wel toegankelijk blijven? En wordt hiervoor dus hoe dan ook alsnog bos gekapt? En zal de ondergrond dan wel ongeroerd blijven? Antwoord: Uit de onderzoeken blijkt dat de kwaliteit van het broekbos met name wordt bepaald door de ondergrond en de hydrologie. De ecohydrologische omstandigheden van het broekbos aan de westzijde heeft de meeste waarde ten opzichte van de rest van het groen langs de Dorgelolaan. Om deze kwaliteit in stand te houden heeft het RVB ervoor gekozen om onder de westelijke veiligheidszone geen kelderlaag in te passen. De ondergrond zal hiervoor – met uitzondering van de tijdelijke bouwkuip – ongeroerd blijven omdat de kelderlaag aan de westzijde gelijk met de gevel komt te liggen. Voor de bouw, o.a. het plaatsen van de tijdelijke damwanden, en de inrichting van de veiligheidszone moet er groen verwijderd worden. Dit is echter aanzienlijk minder dan wanneer de kelderlaag wel volledig onder deze zone zou liggen. Daarnaast kunnen de hydrologische omstandigheden van het westelijk gelegen broekbos door het inkorten van de parkeergarage intact blijven.
Volgens het ecohydrologisch onderzoek heeft het intact laten van de hydrologische condities tot positief gevolg dat de ondergrond nadien weer geschikt zal zijn voor de ontwikkeling van een broekbos. Het broekbos zal zich over de jaren heen weer spontaan ontwikkelen. Na oplevering van het vastgoed wordt de strook deels groen ingericht en blijft het tot enkele meters vanuit de rooilijn toegankelijk voor onderhoud.