CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen D66 nav initiatiefvoorstel verbod op fossiele reclame van de PvdD

Raadsvergadering 10 maart 2026, gemeente EindhovenBij agendapunt: Initiatiefvoorstel Verbod fossiele reclame en vijftiende wijziging APV Eindhoven1.135 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beantwoording technische vragen D66 nav initiatiefvoorstel verbod op fossiele reclame van PvdD In het voorstel staat: In de APV het volgende lid toe te voegen: “Fossiele reclame is handelsreclame waarmee kennelijk wordt beoogd de volgende producten en/of diensten aan te prijzen: fossiele brandstoffen, vliegvakanties, vliegtickets, gascontracten, grijze stroomcontracten, cruisereizen en/of voertuigen met een brandstofmotor.” Definitie vaststellen 1. Hoe wordt bepaald of een reclame “kennelijk beoogt” fossiele producten aan te prijzen, vooral bij indirecte reclames (zoals voor een vakantie naar Bali)? Dat is de vraag. Juridisch zal dan uitgezocht moeten gaan worden wat er wel en niet onder valt. De verwachting is dat een vakantie naar Bali dan niet zou kunnen, want daar kan je niet komen zonder te vliegen of met de boot te gaan. Maar als er staat ‘beleef Bali’ dan is dat lastig en zal juridisch uitgezocht moeten worden of dit dan wel kan of niet want in principe wordt hier geen vakantie aangeboden. Dit maakt dat er dus nog steeds reclame is voor de fossiele industrie, alleen in een ander jasje gestoken en juridisch mogelijk. Juist deze indirect reclames zal lastig zijn om te bepalen of die nu wel of niet kunnen. We kunnen wel stellen dat hier juridische procedures door ontstaan en jurisprudentie zal dan uitwijzen wat er onder wordt verstaan. 2.

Vallen hybride voertuigen structureel onder de definitie van fossiele reclame, ondanks hun deels elektrische aandrijving? Waarschijnlijk wel, want deze hebben ook een brandstofmotor en dat valt conform het voorstel voor aanpassing APV onder het verbod.

3.

Hoe wordt omgegaan met reclames voor bedrijven die zowel fossiele als duurzame producten aanbieden (zoals Shell Recharge of KLM met trein/vliegtuigcombi’s)? Dat is niet duidelijk en valt in het grijze gebied.

4.

Is er een eenduidige landelijke definitie van fossiele reclame in ontwikkeling waarmee de gemeentelijke definitie kan worden afgestemd? Het is ons niet bekend of er een eenduidige landelijke definitie in ontwikkeling is. Alleen bij een landelijk verbod zal er ook een landelijke definitie zijn. Dat landelijke verbod is er niet.

Juridische vragen 5. In hoeverre kan een wijziging van de APV invloed uitoefenen op bestaande privaatrechtelijke contracten met reclame-exploitanten? De raad heeft een op zichzelf staande bevoegdheid om de APV aan te passen, deze dient door de exploitanten gerespecteerd te worden. Maar dit betekent niet dat een wijziging geen impact heeft op privaatrechtelijk afgesloten contracten. Deze wijziging zorgt namelijk voor een beperking in het uitvoeren van deze contracten.

6.

Wat is de juridische ruimte voor een gemeente om reclames op gevels van bedrijven (zoals een Shell-pompstation of een BMW-dealer) te beperken? In dit initiatiefvoorstel voor aanpassing van de APV is die reclame nog mogelijk.

7.

Klopt het dat nu met de uitspraak in Den Haag, artikel 7, lid 4 van de grondwet nu niet meer aan de orde is? Het vierde lid zondert het maken van handelsreclame uit van de bijzondere grondwettelijke bescherming van de vrijheid van meningsuiting, gegarandeerd in de eerste drie leden van artikel 7. Dit is dus in lijn met de uitspraak.

8.

Op de vraag: ‘Biedt de huidige APV voldoende juridische grondslag om nadere regels te stellen ten aanzien van reclameborden?’, was het antwoord vorig jaar: ‘Nee’. Wat is het antwoord daar nu op? De huidige APV geeft onvoldoende juridische grondslag. Deze zal dan gewijzigd moeten worden.

9.

Kan er een juridisch advies worden geschreven aan de raad wat er nu precies is gewijzigd sinds vorig jaar, wat de risico’s waren en zijn én wat er in Eindhoven mogelijk is? De wijziging ten opzichte van vorig jaar is dat de gemeente Den Haag de APV heeft aangepast zodat een verbod mogelijk is en dit verbod is in een kort geding aangevochten maar overeind gebleven. De toetsing door de rechter is echter marginaal. Want een rechter mag in een kort geding als het gaat om aanpassingen rondom een APV geen volledige inhoudelijke toetsing doen. Alleen een procesmatige toetsing. Juridisch zegt deze uitspraak dan ook nog te weinig. Er kan namelijk een bodemprocedure worden gestart en dan wordt het verbod volledig getoetst, ook inhoudelijk.

Uit eerdere informatie van Eindhoven365 blijkt dat zij inschatten dat nu ongeveer 10% tot 15% van de opbrengsten reclame-uitingen op de een of andere manier raakt aan fossiel. 10% omzetderving is ongeveer € 400.000 die Eindhoven365 dan zou mislopen. 10. Kan het verwachte omzetverlies van €400.000 per jaar (ca. 10-15%) worden gecompenseerd met alternatieve reclamecategorieën? Wij merken op dat de gemeente/ SUOG hier geen invloed op heeft, omdat de reclameruimte verkocht wordt door nationaal opererende exploitanten. Op dit moment hebben de exploitanten gedurende het jaar een bezettingsgraad (betaalde campagnes) van circa 70%. Dit is vergelijkbaar met andere steden. Er is dus al sprake van onverkochte reclameruimte. Het aanbod is dus groter dan de vraag. Exploitanten zoeken naar een zo hoog mogelijke omzet, waarbij zij ook zoeken naar adverteerders en reclamecategorieën die nu nog geen buitenreclame gebruiken. In de casus Den Haag heeft een exploitant aangegeven schade te hebben en deze partij is hierover in overleg met Den Haag/Metropoolregio. 11. Hoe schat Eindhoven365 zelf deze kansen in? Zie antwoord 10.

APV/Handhaving 12. Hoe wordt de handhaving georganiseerd en wie bepaalt of een specifieke reclame onder het verbod valt? Er zal geen specifieke handhaving op gezet worden want die capaciteit is er niet. Mochten er meldingen komen dan wordt juridisch bekeken of het onder het verbod valt of niet en hiervoor is geen capaciteit. Vooral de grensgevallen zullen lastig te beoordelen zijn. 13. Is er hier überhaupt dekking voor? Nee, daar is geen dekking voor. 14. Is er een richtlijn of adviesorgaan binnen de gemeente dat kan adviseren bij twijfelgevallen? Nee, die is er niet. 15. Hoe wordt de communicatie met exploitanten en bedrijven ingericht, vooral richting 2029 en bij nieuwe contractonderhandelingen? Voor de nieuwe contractonderhandelingen is van belang dat we weten wat er politiek gewenst is als het gaat om het weren van reclame, dat daar duidelijkheid in gaat komen en vervolgens dat we ook weten welke financiële gevolgen eraan zitten. Het gaat nu om fossiele industrie, vorige keer ging het ook om het weren van vleesreclame. Algemeen bekend is dat de kledingindustrie ook zeer vervuilend is, hoe moet daarmee omgegaan worden? Voor alsnog gaan we bij nieuwe contracten uit van een verbod op het voeren van reclame voor de fossiele industrie. Door dit aan de voorkant op te nemen in de aanbesteding, kan er privaatrechtelijk geen juridische zaak worden aangespannen. 16.

Wordt er regionaal afgestemd met andere gemeenten om te komen tot een uniforme toepassing, vooral rondom bijvoorbeeld OV-knooppunten? Kan dit voorstel worden meegenomen naar een SGE/MRE? Er wordt nu niet regionaal afgestemd met andere gemeenten. Het voorstel kan meegenomen worden naar een SGE/MRE, maar op voorhand kan niet worden aangegeven of het SGE/MRE dit voorstel ook ondersteunt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15868201/1