CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

23bst01192 Raadsvoorstel Regionale Detailhandelsvisie SGE

Raadsvergadering 10 oktober 2023, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel Regionale Detailhandelsvisie Stedelijk Gebied Eindhoven2.500 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

gemeente Eindhoven Inboeknummer 23bst01192 Dossiernummer 23.35.351 B&W beslisdatum 29 augustus 2023

Raadsvoorstel Regionale Detailhandelsvisie Stedelijk Gebied Eindhoven

Inleiding Sinds de vorige regionale detailhandelsvisie van het Stedelijk Gebied Eindhoven in 2015 is opgeleverd (inboeknummer 15bst01238), is er veel veranderd in de detailhandelssector. Verschillende branches in de detailhandel hebben het moeilijk als gevolg van meer online bestedingen, de nasleep van corona en stijgende kostenposten (energie, personeel, grondstoffen). Toch is er, zeker in het Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE), sprake van veel positieve dynamiek in de vorm van innovatie en vernieuwing. Denk aan supermarkten die uitbreiden en moderniseren in buurt-, wijk- en dorpscentra, de uitbreiding van Meubelboulevard Ekkersrijt als één van de grootste en beste woonboulevards van Nederland en de transitie die de binnensteden van Eindhoven en Helmond doormaken van pure koopsteden naar aantrekkelijke verblijfsgebieden. In het kader van deze ontwikkelingen was een actualisatie van het regionale detailhandelsbeleid noodzakelijk. Deze geactualiseerde versie is nu gereed en wordt ter vaststelling aan u aangeboden. Deze is als bijlage 1 toegevoegd. Relatie met bestaande regionale detailhandelsvisie Het niveau waar de Provincie Noord-Brabant op toetst, is dat van de Metropoolregio Eindhoven (21 gemeenten) Ook deze visie stamt uit 2015 (inboeknummer 15bst01238). De provincie heeft aangegeven aan deze visie te blijven toetsen.

Op MRE-niveau wordt bekeken wanneer en op welke wijze deze regionale MRE-visie aangepast moet worden. Om op het niveau van SGE (9 gemeenten) wel al gezamenlijk sturing te kunnen geven aan huidige en toekomstige ontwikkelen is ervoor gekozen om vooruitlopend op een herziening van de MRE-visie de visie voor het Stedelijk Gebied Eindhoven alvast te actualiseren en van technische aanpassingen te voorzien. De hoofdlijn vormt een continuering van het bestaande beleid.

Inboeknummer

23bst01192

Actualisatie om te kunnen blijven sturen op kwaliteit én kwantiteit Waar het accent in 2015 nog veel lag op het kwantitatief sturen op winkelruimte binnen de bestaande structuur, ligt de opgave voor de komende jaren meer op het realiseren van een kwaliteitssprong. Verschillende transities in economie, demografie, digitalisering en duurzaamheid in combinatie met de forse verstedelijking en toename van aantal inwoners betekent meer druk op de fysieke ruimte. Dit vraagt soms om andere, nieuwe, meer progressieve keuzes. Keuzes die anticiperen op de toekomst.  Wettelijke taak  Kerntaak gekoppeld aan het werkprogramma van het college, aanpak ‘stedelijke en maatschappelijke voorzieningen’   Onvermijdelijk

Doelstelling Actualisatie Regionale detailhandelsvisie “Stedelijk Gebied Eindhoven- Van kwantiteit naar kwaliteit”. Voorstel 1. De Regionale detailhandelsvisie “Stedelijk Gebied Eindhoven- Van kwantiteit naar kwaliteit” vast te stellen, waarbij sprake is van een actualisatie van de visie uit 2015 met daarbij een aantal aanscherpingen, waarbij de belangrijkste aanscherpingen zijn: a. Er is een ambitie opgenomen om harde plancapaciteit buiten centra juridisch te gaan saneren. Dit om ongewenste ontwikkelingen buiten de bestaande winkelstructuur tegen te gaan (te veel verspreide winkels of een supermarkt op een voormalige bedrijfslocatie). b. Er is beleid ontwikkeld voor de bezorgeconomie. Dit fenomeen is met name sinds 2020 een duidelijk nieuwe trend, zoals flitsbezorgers. In de visie is nu opgenomen dat de regio nader gaat onderzoeken welke juridische maatregelen het best passend zijn, om onaanvaardbare negatieve effecten op verkeer, kwaliteit en veiligheid te voorkomen. Dit past ook binnen de lijn die we eerder op 8 februari 2022 naar aanleiding van vragen van uw raad hebben toegelicht. c. Er wordt naast de trend van schaalvergroting ook gekeken naar schaalverkleining (zoals kleinere city store concepten). d. Er worden concrete (nieuwe) uitspraken over enkele bestaande perifere concentraties en de branchering gedaan.

Uitgangspunt voor alle perifere concentraties is dat overal (op termijn) de branchering wordt teruggebracht naar detailhandel in volumineuze artikelen (zoals woonwinkels, tuincentra en doe-het-zelf zaken). e. De rol van de RACD wordt uitgebouwd. In de nieuwe visie speelt de RACD een proactieve rol in met name de uitvoering van het regionale detailhandelsbeleid. De RACD kan gemeenten helpen met de uitvoering, kennis delen en initiëren. De RACD is specifiek opgericht in het SGE en opereert los van de provinciale adviescommissie.

2

Inboeknummer

23bst01192

Argumenten 1.1 Tijd voor een actualisatie: inspelen op groei van de regio en bieden van evenwichtige winkelstructuur De visie uit 2015 is verouderd en moet geactualiseerd worden. De aanleiding van de visie is anno 2023 niet langer te veel leegstand en krimp. De aanleiding is een bovengemiddelde woningbouwopgave met forse bevolkingsgroei. Het SGE is in transitie en dit betekent ook iets voor de detailhandelsstructuur en behoefte. De nieuwe visie is progressief en biedt op onderdelen meer (lokale) beleidsruimte om de behoefte op een kwalitatief verantwoorde manier in te vullen. Hiermee wordt ook ruimte geboden om lokaal in kwantitatieve zin in te spelen op de groei van de regio. Ondanks de groei is het nodig om te blijven sturen op zaken als herpositionering van centrumgebieden, het compacter maken en kwalitatief versterken van centrumgebieden en terugdringen van leegstand en overtollig aanbod. De focus van de voorliggende regionale visie richt zich op de volgende aspecten: duidelijkheid over afstemming ontwikkelingen met bovenlokale impact; duiding van trends en ontwikkelingen die handvatten/richting geven om lokale keuzes te maken (maatwerk); hoofdlijnen beleidsuitgangspunten (wat willen we wel en wat niet); toetsingskader voor de Regionale Adviescommissie Detailhandel (RACD) voor nieuwe initiatieven.

1.2 Regionaal beleid is nodig, maar met lokale beleidsruimte Marktpartijen en consumenten houden zich niet strikt aan gemeente of regiogrenzen, maar kijken veel verder. Ook hebben (grootschalige) detailhandelsontwikkelingen vaak bovenlokale effecten. Dit maakt het noodzakelijk om zaken regionaal af te stemmen. Ook geeft regionaal beleid richting voor lokaal beleid. Dit regionale detailhandelsbeleid vormt het overkoepelende kader voor detailhandelsontwikkelingen in de gemeenten. De visie schetst de wensen en ambities voor de toekomst (2030). Gemeenten zijn zelf verantwoordelijk voor de uitvoering en doorvertaling van deze visie in lokaal beleid. Aangezien deze visie vooral gericht is op de regionale hoofdstructuur, zal in lokaal beleid altijd verdieping en nuance nodig zijn. Kortom, er blijft binnen de kaders van deze regionale visie altijd lokale beleidsruimte. Het regionale detailhandelsbeleid gaat in op de principes die binnen de regio zijn afgesproken. Gemeenten zijn zelf verantwoordelijk voor lokale aangelegenheden en de verdere invulling van het beleid, maar wel binnen de kaders zoals afgesproken op regionaal niveau. Voor Eindhoven geldt dat dit regionale beleid aansluit bij het vigerende gemeentelijk detailhandelsbeleid. Echter, ook hiervoor wordt een actualisatie opgesteld, waarbij ook rekening wordt gehouden met de grote druk op de ruimte i.r.t.

de groei van stad en regio. Dat leidt tot de behoefte aan aantrekkelijke, onderscheidende mengmilieus in het stedelijk gebied (o.a. plinten, van nieuw toe te voegen gebieden en herontwikkelingsgebieden). In de uitwerking van het lokale beleid worden de regionale kaders als leidraad gebruikt.

3

Inboeknummer

23bst01192

1.3 Kiezen voor complementaire centra Het SGE kiest blijvend voor een regionale hiërarchische detailhandelsstructuur. Dit betekent dat elk centrum een eigen profiel en verzorgingsgebied kent binnen de structuur. Dit zorgt voor een goede consumentenverzorging, veel keuzemogelijkheden en een optimale complementariteit. In essentie is de hoofdstructuur vergelijkbaar met de visie uit 2015. Voor recreatief winkelen staat de binnenstad van Eindhoven bovenaan de regionale hiërarchie, gevolgd door het centrum van Helmond. Deze centra hebben een breed en compleet aanbod met een profiel gericht op het dagje uit, gezellig winkelen, ontmoeten en verblijven. Voor doelgericht winkelen staat Meubelboulevard Ekkersrijt bovenaan de regionale hiërarchie. Het profiel ‘in/om het huis’ blijft gehandhaafd. Om de regionale behoefte te kunnen faciliteren ligt er een opgave om Meubelboulevard Ekkersrijt zowel in kwantitatieve als kwalitatieve zin te versterken. Voor de boodschappen blijven lokale buurt- en wijkcentra belangrijke aankoopplaatsen. De dorpscentra vervullen echter ook steeds meer een boodschappenfunctie. Daarmee ligt de opgave voor de dorpscentra vooral in het blijven aantrekken van lokale inwoners door het aanbod in kwalitatieve zin goed af te stemmen op de lokale behoefte. 1.4 De visies van de Metropoolregio Eindhoven en het Stedelijk Gebied Eindhoven bijten elkaar niet.

De detailhandelsvisie van de Metropoolregio Eindhoven (MRE, 2015) is een visiestuk en bevat keuzes op hoofdlijnen. Om die reden is destijds (in 2015) gekozen voor een nadere beleidsverdieping voor het SGE. De essentie/hoofdlijnen van het detailhandelsbeleid van de MRE en het SGE uit 2015 blijft overeind. Voorbeelden zijn het blijven inzetten op vitale centra, concentratie van winkels in centra en het streven naar een complementaire regionale hiërarchie tussen centrumgebieden. Ook blijft de Regionale Adviescommissie Detailhandel (RACD) de onafhankelijke toetsingscommissie van het SGE bij bovenlokale detailhandelsinitiatieven. De nieuwe detailhandelsvisie van het SGE is ten opzichte van de MRE en vorige SGE visie wel meer genuanceerd en concreet op sommige specifieke thema’s. Dit betekent soms meer duidelijkheid en daarmee beleidsbeperkingen en soms juist meer duidelijkheid over waar wel/geen lokale beleidsruimte zit. Bovendien wordt in de nieuwe SGE visie de rol van de RACD geïntensiveerd, om gemeenten te helpen bij de uitvoering van de nieuwe SGE visie. De belangrijkste aanpassingen zijn verder toegelicht in bijlage 2. 1.5 Koers slechts op een paar punten aangepast en aangescherpt Hoewel deze visie een actualisatie betreft van de visie uit 2015, zijn er op onderdelen toch een paar aanscherpingen gemaakt. De belangrijkste zijn: a.

Er is een ambitie opgenomen om harde plancapaciteit buiten centra juridisch te gaan saneren. Dit om ongewenste ontwikkelingen buiten de bestaande winkelstructuur tegen te gaan (te veel verspreide winkels of een supermarkt op een voormalige bedrijfslocatie). b. Er is beleid ontwikkeld voor de bezorgeconomie. Dit fenomeen is met name sinds 2020 een duidelijk nieuwe trend, zoals flitsbezorgers. In de visie is nu opgenomen dat de regio nader gaat onderzoeken welke juridische maatregelen het best passend zijn,

4

Inboeknummer

23bst01192

om onaanvaardbare negatieve effecten op verkeer, kwaliteit en veiligheid te voorkomen. Dit past ook binnen de lijn die we eerder op 8 februari 2022 naar aanleiding van vragen van uw raad hebben toegelicht. c. Er wordt naast de trend van schaalvergroting ook gekeken naar schaalverkleining (zoals kleinere city store concepten). d. Er worden concrete (nieuwe) uitspraken over enkele bestaande perifere concentraties en de branchering gedaan. Uitgangspunt voor alle perifere concentraties is dat overal (op termijn) de branchering wordt teruggebracht naar detailhandel in volumineuze artikelen (zoals woonwinkels, tuincentra en doe-het-zelf zaken). e. De rol van de RACD wordt uitgebouwd. In de nieuwe visie speelt de RACD een proactieve rol in met name de uitvoering van het regionale detailhandelsbeleid. De RACD kan gemeenten helpen met de uitvoering, kennis delen en initiëren. De RACD is specifiek opgericht in het SGE en opereert los van de provinciale adviescommissie. 1.6 Regionale detailhandelsvisie Stedelijk Gebied Eindhoven- Van kwantiteit naar kwaliteit in (sub)regio positief ontvangen Doordat het SGE geen officiële gemeenschappelijke regeling is en dus geen publiekrechtelijk orgaan, maar een samenwerkingsverband, is het nodig dat de SGE-visie door alle gemeenteraden apart vastgesteld wordt. De visie moet immers voor alle negen SGE-gemeenten gelden.

Om input op te halen is de visie op 31 mei 2023 gepresenteerd aan leden van de 9 gemeenteraden van SGE tijdens een raadsbijeenkomst. Daar werd het verzoek gedaan om een oplegger toe te voegen waarin de (significante) verschillen met de vorige visies is weergegeven. Deze memo is bijgevoegd als bijlage 3. Vervolgens is de regionale detailhandelsvisie SGE ter toetsing voorgelegd aan het poho economie SGE en het poho economie MRE. De beide poho's hebben geen verdere opmerkingen v.w.b. de visie. Tijdens de Regionale Omgevingsdag hebben de regionale partners ingestemd (op deze Omgevingsdagen maken provincie, waterschappen en gemeenten afspraken over ruimtelijke ontwikkelingen en mobiliteit in de regio). Op de Omgevingsdag is de Regionale detailhandelsvisie Stedelijk Gebied Eindhoven- Van kwantiteit naar kwaliteit positief ontvangen. Kanttekeningen 1.1. MRE visie blijft voor Provincie het toetsingskader De provincie heeft aangegeven niet aan subregionale visies (zoals deze SGE visie) maar aan regionale visies te toetsen. Voor Zuidoost-Brabant betekent dat de visie op MREniveau. De hoofdlijn van deze visie wordt gecontinueerd. Deze provinciale toetsing gaat dus niet veranderen door de nieuwe SGE-visie. Wel is het zo dat de data uit de SGE-visie ook gebruikt kunnen worden door MRE en/of de andere subregio's om te kijken naar een

5

Inboeknummer

23bst01192

actualisatie. De voorliggende visie zorgt er wel voordat er beleidsmatige afstemming is tussen de SGE-gemeenten en het hiermee voor de markt ook duidelijker is wat er wel en niet kan, afgestemd op de huidige trends en ontwikkelingen. Personele consequenties Wanneer er inzet gepleegd moet worden op het saneren van plancapaciteit vergt dit een zorgvuldige voorbereiding en extra ambtelijke inzet. In een lokale uitwerking zullen deze consequenties nader (waar mogelijk specifiek toegespitst op een aan te pakken gebied) worden uitgewerkt inclusief dekkingsvoorstel. Daarnaast vind hierover ook op regionaal niveau uitwisseling plaats van kennis en ervaringen (o.a. via RACD) om dit proces zo efficiënt mogelijk te doorlopen. Financiële consequenties Dit voorstel heeft geen financiële consequenties. Communicatie De detailhandelsvisie zal via de gebruikelijke gemeentelijke kanalen gepubliceerd worden. Planning en uitvoering Effectuering van het nieuwe regionale detailhandelsbeleid. Evaluatie In samenspraak met de RACD zal het beleid één keer per jaar gemonitord worden en bij behoefte geëvalueerd worden. Daarnaast is opgenomen dat er in 2026 een gehele evaluatie plaatsvindt. Wanneer dat leidt tot aanpassingen van deze visie wordt dat aan de gemeenteraad voorgelegd.

Bijlage(n) Als bijlage(n) bij dit voorstel behoren: 1. Regionale detailhandelsvisie Stedelijk Gebied Eindhoven- Van kwantiteit naar kwaliteit. 2. Relatie SGE visie en MRE visie 3. Memo verschil regionale detailhandelsvisie van 2023 en de oude visie uit 2015 Een ontwerpraadsbesluit bieden wij u hierbij ter vaststelling aan. Burgemeester en wethouders van Eindhoven,

, secretaris.

6

Inboeknummer

23bst01192

Ontwerp Raadsbesluit De raad van de gemeente Eindhoven; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van ;

besluit: 1. De Regionale detailhandelsvisie Stedelijk Gebied Eindhoven- Van kwantiteit naar kwaliteit vast te stellen, waarbij sprake is van een actualisatie van de visie uit 2015 met daarbij een aantal aanscherpingen, waarbij de belangrijkste aanscherpingen zijn: a. Er is een ambitie opgenomen om harde plancapaciteit buiten centra juridisch te gaan saneren. Dit om ongewenste ontwikkelingen buiten de bestaande winkelstructuur tegen te gaan (te veel verspreide winkels of een supermarkt op een voormalige bedrijfslocatie). b. Er is beleid ontwikkeld voor de bezorgeconomie. Dit fenomeen is met name sinds 2020 een duidelijk nieuwe trend, zoals flitsbezorgers. In de visie is nu opgenomen dat de regio nader gaat onderzoeken welke juridische maatregelen het best passend zijn, om onaanvaardbare negatieve effecten op verkeer, kwaliteit en veiligheid te voorkomen. Dit past ook binnen de lijn die we eerder op 8 februari 2022 naar aanleiding van vragen van uw raad hebben toegelicht. c. Er wordt naast de trend van schaalvergroting ook gekeken naar schaalverkleining (zoals kleinere city store concepten). d. Er worden concrete (nieuwe) uitspraken over enkele bestaande perifere concentraties en de branchering gedaan.

Uitgangspunt voor alle perifere concentraties is dat overal (op termijn) de branchering wordt teruggebracht naar detailhandel in volumineuze artikelen (zoals woonwinkels, tuincentra en doe-het-zelf zaken). e. De rol van de RACD wordt uitgebouwd. In de nieuwe visie speelt de RACD een proactieve rol in met name de uitvoering van het regionale detailhandelsbeleid. De RACD kan gemeenten helpen met de uitvoering, kennis delen en initiëren. De RACD is specifiek opgericht in het SGE en opereert los van de provinciale adviescommissie.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van

, griffier.

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13078772/3