22bst01343 Bijlage 1 - Was wordt tabel tiende wijziging APV met toelichting
Tekst van het document
Was-wordt-tabel Tiende wijziging Algemene plaatselijke verordening Eindhoven
Leeswijzer bepalingen In de ‘nieuwe tekst’ zijn de nieuwe woorden en leestekens vetgedrukt. In de oude, te vervangen of te wijzigen tekst zijn de gedeelten die zullen worden geschrapt of vervangen, gecursiveerd.
Artikel 2:15, tweede lid, wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 2:15 Hinderlijke beplanting of gevaarlijk voorwerp
Artikel 2:15 Hinderlijke beplanting of gevaarlijk voorwerp
2. Het is verboden een beplanting zodanig aan te brengen of te hebben dat deze een gemeentelijke lantaarnpaal overgroeit en lichtreductie veroorzaakt.
2. Het is verboden een beplanting zodanig aan te brengen of te hebben dat deze een gemeentelijke lantaarnpaal overgroeit of lichtreductie veroorzaakt.
Artikel 2:18, lid 1, onder a, wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2:18 Rookverbod in bossen en natuurterreinen
1. Het is verboden in bossen, op heide- of veengronden of binnen een afstand van dertig meter daarvan:
Nieuwe tekst Artikel 2:18 Rookverbod in bossen en natuurterreinen 1. Het is verboden in bossen, op heide- of
veengronden of binnen een afstand van dertig meter daarvan:
a. te roken gedurende de periode 1 maart tot en met 31 oktober;
a. te roken gedurende de periode 1 januari tot en met 31 december;
Artikel 2:27 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2:27 Begripsbepalingen In deze afdeling wordt verstaan onder:
•
terras: een buiten de besloten ruimte van een openbare inrichting liggend deel daarvan waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor
Nieuwe tekst Artikel 2:27 Begripsbepalingen In deze afdeling wordt verstaan onder: • terras: een buiten de besloten ruimte van een openbare inrichting liggend deel daarvan waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken en spijzen
1
directe consumptie kunnen worden bereid of verstrekt.
voor directe consumptie kunnen worden verstrekt.
In de artikelen 2:34a en 2:48a, wordt “Drank- en Horecawet” vervangen door “Alcoholwet”. Bestaande tekst Drank- en Horecawet
Nieuwe tekst Alcoholwet.
Artikel 2:40a, eerste lid, onder d wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst 1. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, veiligheid, zedelijkheid of gezondheid, of in geval van bijzondere omstandigheden, te zijner beoordeling, voor een of meer: a. openbare inrichtingen als bedoeld in artikel 2:27, b. inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf als bedoeld in artikel 2:35, c. speelgelegenheden als bedoeld in artikel 2:39, d. seksinrichtingen als bedoeld in artikel 3.3.1 en e. andere, voor het publiek openstaande ruimten of gebouwen of daarbij behorende erven, tijdelijke sluiting bevelen of bevelen dat daar tijdelijk bepaalde sluitingsuren gelden of dat daar te zijner beoordeling ter bescherming van die belangen of in verband met die bijzondere omstandigheden genoegzame maatregelen worden getroffen.
Nieuwe tekst 1. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, veiligheid, zedelijkheid of gezondheid, of in geval van bijzondere omstandigheden, te zijner beoordeling, voor een of meer: a. openbare inrichtingen als bedoeld in artikel 2:27, b. inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf als bedoeld in artikel 2:35, c. speelgelegenheden als bedoeld in artikel 2:39, d. seksinrichtingen als bedoeld in artikel 3.1.1 en e. andere, voor het publiek openstaande ruimten of gebouwen of daarbij behorende erven, tijdelijke sluiting bevelen of bevelen dat daar tijdelijk bepaalde sluitingsuren gelden of dat daar te zijner beoordeling ter bescherming van die belangen of in verband met die bijzondere omstandigheden genoegzame maatregelen worden getroffen.
Artikel 2:42, tweede lid, onder b wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2:42 Plakken en kladden 1. Het is verboden een openbare plaats of dat gedeelte van een onroerende zaak dat vanaf die plaats zichtbaar is te bekrassen of te bekladden. 2. Het is verboden zonder schriftelijke toestemming van de rechthebbende op een openbare plaats of dat gedeelte van een onroerende zaak dat vanaf die plaats zichtbaar is:
Nieuwe tekst Artikel 2:42 Plakken en kladden 1. Het is verboden een openbare plaats of dat gedeelte van een onroerende zaak dat vanaf die plaats zichtbaar is te bekrassen of te bekladden. 2. Het is verboden zonder schriftelijke toestemming van de rechthebbende op een openbare plaats of dat gedeelte van een onroerende zaak dat vanaf die plaats zichtbaar is: 2
b. met kalk, krijt, teer of een kleur of verfstof een afbeelding, letter, cijfer of teken aan te brengen of te doen aanbrengen.
b. met kalk, teer of een kleur of verfstof een afbeelding, letter, cijfer of teken aan te brengen of te doen aanbrengen.
Artikel 2:45 komt als volgt te luiden: Bestaande tekst
Nieuwe tekst Artikel 2:45 Betreden van plantsoenen en dergelijke 1. Het is verboden zonder ontheffing van het college zich te bevinden in of op bij de gemeente in onderhoud zijnde parken, wandelplaatsen, plantsoenen, groenstroken, grasperken of buiten de daarin gelegen wegen of paden. 2. Het verbod is niet van toepassing voor zover in opdracht van een bestuursorgaan of openbaar lichaam werkzaamheden worden verricht.
Artikel 2:52 komt als volgt te luiden: Bestaande tekst Artikel 2:52 Overlast van fiets of bromfiets op markt en kermisterrein e.d. Het is verboden op door burgemeester en wethouders of de burgemeester zijn aangewezen uren en plaatsen zich met een fiets of bromfiets te bevinden op een terrein waar een markt, kermis, uitvoering, bijeenkomst of plechtigheid wordt gehouden die publiek trekt, mits dit verbod kenbaar is aan de bezoekers van het terrein.
Nieuwe tekst Artikel 2:52 Overlast van fiets of bromfiets op markt en kermisterrein e.d. Het is verboden op door burgemeester en wethouders of de burgemeester aangewezen uren en plaatsen zich met een fiets of bromfiets te bevinden op een terrein waar een markt, kermis, uitvoering, bijeenkomst of plechtigheid wordt gehouden die publiek trekt, mits dit verbod kenbaar is aan de bezoekers van het terrein.
Artikel 2:57, eerste lid, onder b, wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2:57 Loslopende honden 1.Het is de eigenaar of houder van een hond of degene aan wie de zorg een hond kennelijk is toevertrouwd, verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen:
Nieuwe tekst Artikel 2:57 Loslopende honden 1.Het is de eigenaar of houder van een hond of degene aan wie de zorg een hond kennelijk is toevertrouwd, verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen:
b. binnen de bebouwde kom op de weg indien de hond fysiek niet is aangelijnd;
b. binnen de bebouwde kom op een openbare plaats indien de hond fysiek niet is aangelijnd;
Artikel 2:60, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd:
3
Bestaande tekst Artikel 2:60 Houden of voeren van hinderlijke of schadelijke dieren 1.Het is verboden op door burgemeester en wethouders ter voorkoming of opheffing van overlast of schade aan de openbare gezondheid aangewezen plaatsen, buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, bij dat aanwijzingsbesluit aangeduide dieren:
Nieuwe tekst Artikel 2:60 Houden of voeren van hinderlijke of schadelijke dieren 1.Het is verboden op door burgemeester en wethouders ter voorkoming of beëindiging van overlast of schade aan de openbare gezondheid aangewezen plaatsen, buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, bij dat aanwijzingsbesluit aangeduide dieren:
a. aanwezig te hebben; b. aanwezig te hebben anders dan met inachtneming van de door burgemeester en wethouders in het aanwijzingsbesluit gestelde regels; c. aanwezig te hebben in een groter aantal dan in dat aanwijzingsbesluit is aangegeven, of; d. te voeren.
a. aanwezig te hebben; b. aanwezig te hebben anders dan met inachtneming van de door burgemeester en wethouders in het aanwijzingsbesluit gestelde regels; c. aanwezig te hebben in een groter aantal dan in dat aanwijzingsbesluit is aangegeven, of; d. te voeren.
Artikel 2:69a, tweede lid, wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2:69a Openbare fietsverkoop 1.Het is verboden op of aan de weg fietsen of onderdelen van fietsen te koop aan te bieden, te verkopen of te kopen. 2.Het in het tweede lid genoemde verbod geldt niet voor bedrijfsmatige handel in fietsen. 3.De burgemeester kan plaatsen en tijden aanwijzen waarop het verbod niet geldt.
Nieuwe tekst Artikel 2:69a Openbare fietsverkoop 1.Het is verboden op of aan de weg fietsen of onderdelen van fietsen te koop aan te bieden, te verkopen of te kopen. 2.Het in het eerste lid genoemde verbod geldt niet voor bedrijfsmatige handel in fietsen. 3.De burgemeester kan plaatsen en tijden aanwijzen waarop het verbod niet geldt.
Artikel 3:5.1 wordt als volgt opgenomen: Bestaande tekst
Nieuwe tekst Artikel 3.5.1. Bijzondere intrekkingsgrond De burgemeester kan een vergunning voor een prostitutiebedrijf intrekken als: in het bedrijf prostituees werkzaam zijn die de leeftijd van 21 jaar nog niet hebben bereikt.
Artikel 4:2, eerste lid, wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 4:2 Aanwijzing collectieve festiviteiten 1. De geluidsnormen bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Besluit gelden niet voor horeca-inrichtingen voor:
Nieuwe tekst Artikel 4:2 Aanwijzing collectieve festiviteiten 1. De geluidsnormen bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19a en 2.20 van het Besluit gelden niet voor horeca-inrichtingen voor: 4
a. carnavalsvrijdag tot en met carnavalsdinsdag; b. koningsnacht vanaf 17.00 uur tot en met Koningsdag 24.00 uur; c. 24 december vanaf 17.00 tot sluitingstijd (25 december); d. 26 december vanaf 17.00 uur tot sluitingstijd (27 december); e. de jaarwisseling vanaf 17.00 uur tot 12.00 uur op 1 januari.
a. carnavalsvrijdag tot en met carnavalsdinsdag; b. koningsnacht vanaf 17.00 uur tot en met Koningsdag 24.00 uur; c. 24 december vanaf 17.00 tot sluitingstijd (25 december); d. 26 december vanaf 17.00 uur tot sluitingstijd (27 december); e. de jaarwisseling vanaf 17.00 uur tot 12.00 uur op 1 januari.
Artikel 5:12 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 5:12 Overlast van fiets of bromfiets Het is verboden op door burgemeester en wethouders in het belang van het uiterlijk aanzien van de gemeente, ter voorkoming of opheffing van overlast of ter voorkoming van schade aan de openbare gezondheid aangewezen plaatsen fietsen of bromfietsen:
Nieuwe tekst Artikel 5:12 Overlast van fiets of bromfiets Het is verboden op door burgemeester en wethouders in het belang van het uiterlijk aanzien van de gemeente, ter voorkoming of beëindiging van overlast of ter voorkoming van schade aan de openbare gezondheid aangewezen plaatsen fietsen of bromfietsen:
a. onbeheerd buiten de daarvoor bestemde ruimten of plaatsen te laten staan; of,
a.onbeheerd buiten de daarvoor bestemde ruimten of plaatsen te laten staan; of,
b. langer dan een door burgemeester en wethouders te bepalen periode onbeheerd te laten staan.
b.langer dan een door burgemeester en wethouders te bepalen periode onbeheerd te laten staan.
Artikel 5:12a wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 5:12a Fiets- en bromfietswrakken
Artikel 5:12a Fiets- en bromfietswrakken
Het is verboden fietsen of bromfietsen, die rijtechnisch in onvoldoende staat van onderhoud en in een verwaarloosde toestand verkeren, op de weg te laten staan.
Het is verboden fietsen of bromfietsen, die rijtechnisch in onvoldoende staat van onderhoud of in een verwaarloosde toestand verkeren, op de weg te laten staan.
•
Artikel 5:13 wordt als volgt gewijzigd: Artikel 5:13 Collecteren
Artikel 5:13 Collecteren
5
3. De vergunninghouder dient op eerste vordering van een toezichthouder een afschrift van de vergunning te tonen. 3.Het verbod geldt niet voor:
4. Het verbod geldt niet voor:
a. een inzameling die in een besloten kring wordt gehouden; b. een schriftelijk bij burgemeester en wethouders gemelde inzameling door een organisatie of instelling die beschikt over een CBF-verklaring van geen bezwaar, of over een CBF-certificaat voor kleine goede doelen, die wordt gehouden in een door het CBF vastgestelde roostervrije week; c.een van te voren gemelde inzameling door een organisatie of instelling die beschikt over het CBF-keurmerk, die wordt gehouden in overeenstemming met het door het CBF vastgestelde collecterooster.
a.een inzameling die in een besloten kring wordt gehouden; b. een schriftelijk bij burgemeester en wethouders gemelde inzameling door een organisatie of instelling die beschikt over een CBF-verklaring van geen bezwaar, of over een CBF-certificaat voor kleine goede doelen, die wordt gehouden in een door het CBF vastgestelde roostervrije week; c.een van te voren gemelde inzameling door een organisatie of instelling die beschikt over het CBF-keurmerk, die wordt gehouden in overeenstemming met het door het CBF vastgestelde collecterooster.
4. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.
5. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.
Artikel 5:21a, wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 5:21a Loketverkoop 1.Het is verboden zonder vergunning van burgemeester en wethouders een afleveringsloket of andere dergelijke verstrekkingsmogelijkheid voor eet- en drinkwaren te hebben, als deze vanaf de weg voor het publiek onmiddellijk bereikbaar is.
Nieuwe tekst Artikel 5:21a Loketverkoop 1.Het is verboden zonder vergunning van burgemeester en wethouders een afleveringsloket of andere dergelijke verstrekkingsmogelijkheid, waaronder mede begrepen aan de deur verkoop, voor eet- en drinkwaren te hebben, als deze vanaf de weg voor het publiek onmiddellijk bereikbaar is.
Artikel 5:36 lid 1, wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 5:36 Verboden plaatsen 1.Incidentele verstrooiing is verboden op verharde delen van de weg.
Nieuwe tekst Artikel 5:36 Verboden plaatsen 1.Incidentele asverstrooiing is verboden op verharde delen van de weg.
Toelichting 6
Redactionele wijzigingen (2:34a, 2:40a, 2:48a, 2:52, 2:60, 2:69a, 4:2, 5:12 en 5:36) In verschillende artikelen is een redactionele verbetering doorgevoerd. Hinderlijke beplanting of gevaarlijk voorwerp (2:15 APV) Ingevolge dit artikel is het verboden een beplanting zodanig aan te brengen of te hebben dat deze een gemeentelijke lantaarnpaal overgroeit en lichtreductie veroorzaakt. Op verzoek van de afdeling Handhaving wordt het woord ‘en’ vervangen door ‘of’. De reden hiervoor is dat met de aanpassing de handhaafbaarheid wordt verbeterd.
Rookverbod in bossen en natuurterreinen (2:18 APV) Ingevolge dit artikel is het verboden in bossen, op heide- of veengronden of binnen een afstand van dertig meter daarvan te roken gedurende de periode 1 maart tot en met 31 oktober; Vanuit de afdeling Handhaving komt het verzoek om het rookverbod het hele jaar door te verbieden en niet alleen van maart t/m oktober. De argumentatie hiervoor is dat het veranderende klimaat gedurende de laatste jaren er voor zorgt dat het vaker in de bossen en natuurterreinen gedurende het gehele jaar droog is waardoor het risico op branden toeneemt. Hiermee wordt het rookverbod in bossen en natuurterreinen gedurende het gehele jaar van toepassing. Begrip ‘Terras’ (artikel 2:27 APV) In afdeling 5 van de APV betreffende de exploitatie van openbare inrichtingen is voorts in artikel 2:27 een definitie van terras opgenomen, en wel als volgt: • terras: een buiten de besloten ruimte van een openbare inrichting liggend deel daarvan waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie kunnen worden bereid of verstrekt.
Op verzoek van de afdelingen Vergunningen, Handhaving en Juridische Zaken wordt voorgesteld de definitie van terras aan te passen, en wel als volgt: • terras: een buiten de besloten ruimte van een openbare inrichting liggend deel daarvan waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken en spijzen voor directe consumptie kunnen worden verstrekt. De argumentatie is gelegen in het feit dat in de nadere terrasregels het bereiden van spijzen op het terras niet is toegestaan. Wijziging Drank- en Horecawet in Alcoholwet (artikelen 2:34a en 2:48a APV) De Drank- en Horecawet is gewijzigd. De gewijzigde wet is per 1 juli 2021 in werking getreden. De wet wordt voortaan aangeduid als Alcoholwet door wijziging van de citeertitel in artikel 49 van de wet. Bij de zevende wijziging van de APV Eindhoven zijn een groot aantal verwijzingen naar de Drank- en Horecawet daarom vervangen door verwijzingen naar de Alcoholwet. Op een tweetal plaatsen was een dergelijke wijziging echter nog niet doorgevoerd. Dit is nu alsnog meegenomen. Plakken en kladden (2:42 APV) Ingevolge artikel 2.42, lid b: Het is verboden om (…) met kalk, krijt, teer of een kleur of verfstof een afbeelding, letter, cijfer of teken aan te brengen of te doen aanbrengen.
De sector Ruimtelijke Expertise heeft verzocht om het woord ‘krijt’ hier weg te halen, omdat het maken van een krijttekening op het trottoir niet verboden dient te worden. De afdelingen Handhaving en Juridische zaken steunen het voorstel. Betreden van plantsoenen en dergelijke (artikel 2:45 APV) Betreffend artikel is destijds (2009) uit de APV gehaald omdat er weinig op gehandhaafd werd. In de model verordening van de VNG is de bepaling echter altijd blijven staan. Vanuit de afdeling Stadsbeheer/Ruimtelijke Ordening waaronder de beheerder natuurlijke gebieden komt het dringende verzoek om betreffende bepaling wederom in de APV op te nemen. Het gaat hier om een ontheffing voor personen die om wat voor reden dan ook noodzakelijkerwijs in bij de gemeente in onderhoud zijnde parken, wandelplaatsen, plantsoenen, groenstroken, grasperken of buiten de daarin
7
gelegen wegen of paden moeten zijn en voor wie dat normaliter verboden is. Voor het in opdracht van de overheid verrichten van werkzaamheden in plantsoenen geldt het verbod niet (tweede lid). Door opname van dit artikel wordt enerzijds tegemoet gekomen aan de problemen die er de laatste jaren ontstaan in natuurlijke gebieden, waaronder parken, wandelplaatsen, plantsoenen, groenstroken, grasperken of buiten de daarin gelegen wegen of paden. Anderzijds wordt hiermee de APV Eindhoven weer in lijn gebracht met de model verordening van de VNG. Door “vrije” toegang in veel natuurgebieden (waaronder parken et cetera) ontstaan steeds meer ‘olifantenpaadjes’ , omdat iedereen een eigen voorkeur heeft voor waar men het liefste wandelt. Hiermee worden natuurwaarden in deze gebieden steeds verder aangetast vanwege vertrapping en verstoring van deze gebieden. Veel dieren leren snel waar wandelaars komen en verdwijnen uit steeds meer gebieden door toename van het aantal paden. Tegen deze verstoring van dieren kan door de gemeente nu nauwelijks worden opgetreden, omdat de APV een artikel 2:45 mist, terwijl de VNG deze bepaling adviseert. Tenslotte geeft voormelde afdeling aan dat er ook een toenemend probleem ontstaat met de gemeentelijke zorgplicht.
Immers, daar waar mensen lopen in natuurgebieden (waar dit bekend is/gedoogd wordt) dient de gemeente de veiligheid van deze wandelaars te beschermen. Hiervoor dienen dan maatregelen te worden genomen zoals het snoeien van dood hout en of rooien van mogelijk gevaarlijke bomen. Dit brengt hoge kosten met zich mee vanwege de vaak moeilijk bereikbare locaties en zorgt voor verdere aantasting van natuurwaarden. (die juist zeer gebaat zijn bij dood hout/dode bomen in het bos/natuurterrein). Dit leidt tot hoge kosten. Beter is het om deze paden af te sluiten door ze te blokkeren met stammen en of takken. Dat levert echter discussie op als niet duidelijk is of men hier nu wel of niet mag lopen. De afdelingen Handhaving en Juridische Zaken staan achter het voorstel om de bepaling wederom in de APV Eindhoven op te nemen. Loslopende honden (Artikel 2:57 APV) Aan dit artikel ligt in zijn algemeenheid het motief van de voorkoming en bestrijding van overlast ten grondslag.
In het bijzonder heeft dit artikel de volgende bedoelingen: - de bescherming van de verkeersveiligheid, die door loslopende honden in gevaar kan worden gebracht; - het voorkomen van beschadiging aan eigendommen van derden; - het voorkomen van hinder voor voetgangers; - het bestrijden van verontreiniging (bijvoorbeeld van speelweiden, zandbakken, e.d.); - het voorkomen van schade en dierenleed, die worden veroorzaakt doordat loslopende honden andere dieren en wel met name schapen en kippen naar het leven staan. Op grond van artikel 2:57, eerste lid, onder b, is het de eigenaar of houder van een hond of degene aan wie de zorg een hond kennelijk is toevertrouwd, verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen: “b binnen de bebouwde kom op de weg indien de hond niet fysiek is aangelijnd.” Op verzoek van de afdelingen Stadsbeheer/Ruimtelijke Ordening, Handhaving en Juridische zaken is voorgesteld om dit aan te passen aan de model verordening van de VNG, en wel als volgt: “b. binnen de bebouwde kom op een openbare plaats als de hond niet is aangelijnd;. “ De motivering hiervoor is gelegen in het feit dat “openbare plaats” ruimer is dan “weg”. Onder “openbare plaats” wordt begrepen: hetgeen in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties (hierna: Wom) daaronder wordt verstaan; (1 APV EHV plus model verordening VNG). Hiervoor is aangehaakt bij de Wom.
Artikel 1, eerste lid, van de Wom bepaalt wat een openbare plaats is, namelijk een plaats die krachtens bestemming of vast gebruik open staat voor het publiek. Deze definitie kent dus twee criteria. Ten eerste moet de plaats open staan voor het publiek. Dat wil volgens de Memorie van Toelichting (MvT) zeggen “dat in beginsel eenieder vrij is om er te komen, te vertoeven en te gaan; dit houdt in dat het verblijf op die plaats niet door de gerechtigde aan een bepaald doel gebonden mag zijn (...). Dat de plaats "open staat" betekent verder dat geen sprake is van een meldingsplicht, de eis van voorafgaand verlof, of de heffing van een toegangsprijs voor het betreden van de plaats”. Op grond hiervan zijn bijvoorbeeld stadions, postkantoren, warenhuizen, restaurants, musea, ziekenhuizen en kerken geen ‘openbare plaatsen’. Ook de hal van het gemeentehuis valt buiten het begrip ‘openbare plaats’. Het tweede criterium is dat het open staan van de plaats moet zijn gebaseerd op bestemming of vast gebruik. “De bestemming ziet op het karakter dat door de gerechtigde aan de plaats is gegeven blijkens een besluit of blijkens de uit de inrichting van de plaats sprekende bedoeling. Een openbare plaats krachtens vast gebruik ontstaat
8
wanneer de plaats gedurende zekere tijd wordt gebruikt als had deze die bestemming, en de rechthebbende deze feitelijke toestand gedoogt”, aldus de MvT (Kamerstukken II 1985/86, 19 427, nr. 3, p. 16). Voorbeelden van openbare plaatsen in de zin van artikel 1, eerste lid, van de Wom zijn: openbare wegen, plantsoenen, speelweiden en parken en vrij toegankelijke gedeelten van overdekte passages, van winkelgalerijen, van stationshallen en van vliegvelden, openbare waterwegen en recreatieplassen .
Bijzondere intrekkingsgrond (artikel 3.5.1 APV) Er bestaat behoefte bij de afdeling Handhaving om de APV zo te wijzigen dat sekswerkers de minimale leeftijd van 21 jaar moeten hebben als zij werken in een gelegenheid die daartoe een vergunning heeft. Op dit moment staat deze leeftijdseis ‘slechts’ in de APV als weigeringsgrond voor de vergunning (art. 3.3.2 aanhef en onder e). Er bestaat echter ook behoefte bij voornoemde afdeling om ná vergunningverlening in te kunnen grijpen. De gemeente Amsterdam heeft in haar APV deze bijzondere intrekkingsgrond eveneens opgenomen. Landelijk wordt er gewerkt aan nieuwe wetgeving voor sekswerkers, de ‘Wet regulering sekswerk’. Dit proces loopt intussen al geruime tijd. Het wetsvoorstel bevindt zich nu in de ‘voorbereidingsfase’ voor behandeling in de Tweede Kamer. In het wetsvoorstel wordt een landelijk uniforme vergunningsplicht voor prostituees geïntroduceerd. De minimumleeftijd voor een vergunning is daarin 21 jaar. Met een aanpassing van de APV lopen we hier -net als dit in Amsterdam het geval is- alvast op vooruit. Redactionele aanpassing Aanwijzing collectieve festiviteiten (4.2 lid 1 APV) In artikel 4.2 lid 1 van de APV is opgenomen dat de geluidsnormen bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Besluit gelden niet voor horeca-inrichtingen voor: a. carnavalsvrijdag tot en met carnavalsdinsdag; b.
koningsnacht vanaf 17.00 uur tot en met Koningsdag 24.00 uur; c. 24 december vanaf 17.00 tot sluitingstijd (25 december); d. 26 december vanaf 17.00 uur tot sluitingstijd (27 december); e. de jaarwisseling vanaf 17.00 uur tot 12.00 uur op 1 januari. Tijdens de zevende wijziging van de APV is artikel 4:3 (betreffende kennisgeving incidentele festiviteiten) van de APV aangepast. Onderdeel van deze recente aanpassing (december 2021) was onder meer de abusievelijke verwijzing in het 2e lid naar artikel 2:19. Dit is gewijzigd in 2:19a. Ingevolge het tweede lid is het sindsdien een horeca-, recreatie- en sportinrichting toegestaan maximaal vijf incidentele festiviteiten per kalenderjaar te houden waarbij de artikelen 2.17, 2.19a en 2.20 van het Besluit niet van toepassing zijn. In artikel 4:2 lid 1 APV behoren, net zoals het geval is in artikel 4:3, de artikelen 2.17, 2.19a en 2.20 te staan. Voorgesteld wordt op verzoek van de afdelingen Handhaving en MBWT dit dienovereenkomstig aan te passen. Fiets en bromfietswrakken (artikel 5:12a APV) Het is verboden fietsen of bromfietsen, die rij-technisch in onvoldoende staat van onderhoud en in een verwaarloosde toestand verkeren, op de weg te laten staan.
Op verzoek van de afdeling Handhaving dient ‘’en’’ te worden vervangen door ‘’of’’, en wel als volgt: ‘’(…)die rij technisch in onvoldoende staat van onderhoud of in een verwaarloosde toestand verkeren, op de weg te laten staan’’. Dit sluit beter aan bij het bestaande artikel 5:5 van de APV. Ingevolge artikel 5:5 lid 1 van de APV is het namelijk verboden een voertuig dat rij technisch in onvoldoende staat van onderhoud of in een kennelijk verwaarloosde toestand verkeert op de weg te parkeren. De afdelingen Handhaving, Juridische Zaken en Veiligheid adviseren om de bepaling overeenkomstig artikel 5:5 van de APV aan te passen. Inzameling van geld of goederen of leden- of donateurswerving (artikel 5:13 APV) Op verzoek van de afdelingen Handhaving en Vergunningen dient dit artikel uitgebreid te worden met een nieuw lid 3 waarin wordt aangegeven dat de vergunninghouder tijdens het collecteren/werven op verzoek van een toezichthouder een afschrift van de vergunning dient te kunnen tonen. Een zogenaamde toonplicht komt de handhaafbaarheid ten goede. De bestaande leden 3 en 4 van artikel 5:13 worden hierdoor vernummerd tot respectievelijk 4 en 5.
loketverkoop (artikel 5:21a APV) Ingevolge artikel 5:21a van de APV is het verboden zonder vergunning van burgemeester en wethouders een afleverings-loket of andere dergelijke verstrekkingsmogelijkheid voor eet- en drinkwaren te hebben, als deze vanaf
9
de weg voor het publiek onmiddellijk bereikbaar is. Tot op heden was niet duidelijk of aan de deur verkoop onder een andere dergelijke verstrekkingsmogelijkheid was begrepen. Door dit op te nemen wordt de onduidelijkheid die bestond op dit punt weggenomen. Verboden plaatsen (artikel 5:36 lid 1) In het eerste lid van dit artikel staat dat incidentele verstrooiing verboden is op verharde delen van de weg. Daar het hier asverstrooiing betreft wordt het woord ‘’verstrooiing’’ gewijzigd in ‘’asverstrooiing’’, zodat een en ander in lijn is met het 2e lid van dit artikel dat bepaalt dat Burgemeester en wethouders voor een bepaalde termijn kunnen verbieden dat ook op andere plaatsen incidenteel asverstrooiing plaatsvindt.
============================================================================= Versie 21-10-22 (Was wordt tabel tiende wijziging APV met toelichting)
10