CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

22bst01169 Bijlage 2 - Klimaatbegroting 2023

Raadsvergadering 8 november 2022, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel vaststellen Begroting 20239.172 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Klimaat begroting 2023 Gemeente Eindhoven

Samenvatting Klimaatverandering wordt een steeds urgenter probleem wereldwijd. De aarde warmt sneller op, waardoor diersoorten uitsterven, de zeespiegel stijgt en extreme weers­ omstandigheden steeds vaker voorkomen. Dit heeft grote gevolgen voor hoe wij leven, wonen en werken. Ook in Nederland. Ook in Eindhoven. Niet voor niets heeft de aanpak van de klimaatcrisis in het bestuursakkoord ‘Samen Morgen Mooier Maken’ een prominente plek.

iedere inwoner, bedrijf en partner in de stad. We hebben het afgelopen jaar weer een paar stappen gezet in het proces naar een aardgasvrije gebouwde omgeving en gaan hier voortvarend mee verder. We verminderen de uitstoot door mobiliteit door het invoeren van een nul-emissie zone en het stimuleren van deelmobiliteit en elektrificatie van vervoer. Ook zijn we aanjagers op het gebied van duurzame opwek en innovatieve duurzame oplossingen.

Eindhoven neemt zijn verantwoordelijkheid en werkt aan het reduceren van de CO₂-uitstoot. In de Klimaatverordening 2016 zijn de doelstellingen voor de gemeente Eindhoven vastgelegd om CO₂-uitstoot te reduceren met 55% in 2030 en 95% in 2050 ten opzichte van 1990. Hiernaast heeft Eindhoven de ambitie om in 2030 klimaat­ neutraal te zijn. Eindhoven heeft zich samen met Helmond kandidaat gesteld voor Missie Europa, een initiatief van de Europese Unie om 100 steden versneld te verduurzamen.

Voor de huidige bestuursperiode zijn fors extra middelen beschikbaar gesteld om onze aanpak te versnellen. Hiermee intensiveren we onze activiteiten naar aanleiding van het bestuursakkoord. Tegelijkertijd doen we een dringende oproep aan het Rijk, Europa en de Provincie om deze opgave samen verder mogelijk te maken. Want de huidige middelen zijn niet genoeg om de noodzakelijke versnelling en opschaling mogelijk te maken waarmee we in 2030 onze doelen en ambities kunnen realiseren.

In de jaarlijkse klimaatbegroting kijken we naar de voortgang ten opzichte van onze CO2-reductie doelen. Hierbij kijken we naar de totaalcijfers (peiljaar 2020), maar zoomen we ook in op de sectoren wonen, mobiliteit, industrie en bedrijfsleven en publieke dienstverlening. Daarnaast omschrijven we op hoofdlijnen per sector waar het komende jaar, in 2023, onze focus ligt. Hierbij kijken we ook naar de sectoren energiesysteem en circulariteit. Als we alle sectoren gezamenlijk bekijken, zien we dat de directe CO₂-uitstoot van Eindhoven de afgelopen twee jaar flink is gedaald, net als de directe CO₂-uitstoot per inwoner. Toch is er nog een versnelling van 1,2x nodig om de doelstelling van 2030 te halen. Met name het deelthema mobiliteit zal moeten versnellen. Ook vertellen de cijfers niet het hele verhaal. Het verduurzamen van de energiemix en de corona­ pandemie zorgen voor een sterkere daling dan we komende jaren waarschijnlijk vol kunnen houden. Tegelijk zullen de stijgende energieprijzen, mede als gevolg van de oorlog in Oekraïne, naar verwachting een extra impuls geven aan besparingsmaatregelen. Om deze versnelling te realiseren zetten we vol in op energiebesparing en het tegengaan van energiearmoede, waarbij we passende ondersteuning willen bieden aan

2 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

Tussendoel klimaatplan 2020: 117% t.o.v. 1990

Tussendoel klimaatplan 2025: 79% t.o.v. 1990

Klimaatdoel 2030: 45% t.o.v. 1990

Totale CO2-uitstoot Directe CO2-uitstoot Indirecte CO2-uitstoot

Ambitie Missie Europa 2030: 0% 7x sneller

Gehaald (100%)

Op schema

1,2x sneller

2,3x sneller Stijgende trend, moet omgebogen worden naar een sterk dalende trend

Tabel: Status van de totale, directe en indirecte CO2-uitstoot rondom onze doelen en ambitie. Tussendoel klimaatplan 2020: 115.350 ton CO₂ reductie in de periode 2016 t/m 2020. Komt neer op 117% t.o.v. 1990. Tussendoel klimaatplan 2025: 250.00 ton CO₂ reductie in de periode 2016 t/m 2020. Komt neer op 79% t.o.v. 1990.

Inhoudsopgave 1 Inleiding 2 Klimaatdoelen 3 De CO2-uitstoot van Eindhoven 4 Doelstellingen en voortgang per sector 4.1 Wonen 4.2 Sector Mobiliteit 4.3 Sector Industrie en bedrijfsleven 4.4 Sector publieke dienstverlening 4.5 Sector energiesysteem

5 Hoe staan we ervoor

3 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

4 6 7 11 12 15 18 20 22

26

1

Inleiding

Klimaatverandering steeds urgenter

Het doel van deze klimaatbegroting

Het klimaat verandert snel doordat wij mensen veel extra CO2 uitstoten. Dit heeft grote gevolgen voor hoe wij leven, wonen en werken. Ook in Nederland. Denk aan de droge zomers van de laatste jaren en het toenemende overstromingsgevaar langs de rivieren. Waar we een aantal jaren geleden nog spraken over klimaatverandering, hebben we het inmiddels over een klimaatcrisis. De klimaatopgave staat hoog op de agenda en wordt in het bestuursakkoord ‘Samen Morgen Mooier Maken’ geduid als één van de grootste uitdagingen van deze tijd. Volgens het CBS maakt 75% van de Nederlanders zich zorgen over de gevolgen van klimaatverandering. De stappen die we de komende 8 jaar gaan zetten om klimaatverandering tegen te gaan, zijn cruciaal.

In 2016 is de klimaatverordening vastgesteld, waarin de Eindhovense klimaatdoelen zijn benoemd en staat omschreven hoe de gemeente de voortgang in het behalen van deze doelen bewaakt. Deze doelen betreffen alleen de directe uitstoot van CO2 in de stad. Elke vijf jaar stelt de Gemeente Eindhoven een klimaatplan2 op, waarin wordt uitgelegd wat de strategie en visie zijn om de klimaatdoelen te halen. Hierin worden ook tussendoelen en mijlpalen gesteld. Elke twee jaar wordt er een uitvoeringsagenda3 gemaakt, waarin gefocust wordt op de projecten en activiteiten die bijdragen aan het behalen van de klimaatdoelen uit de klimaatverordening en tussentijdse mijlpalen uit het klimaatplan. Ten slotte maakt de Gemeente Eindhoven een jaarlijkse klimaatbegroting, waarbij de klimaatbegroting van 20224 het meest recent is. In de reguliere begroting wordt gerapporteerd op de afname van CO2-uitstoot, totaal en gemiddeld per inwoner. De CO2-uitstoot per inwoner is relevant, omdat wij de CO2-uitstoot tijdig willen verminderen, terwijl de stad tegelijkertijd enorm groeit. Dat maakt de opgave moeilijker. Ook geeft de duurzaamheidsparagraaf 3i een korte dwarsdoorsnede van onze inzet op activiteiten en projecten ten behoeve van de energietransitie voor het komende jaar.

De uitdaging voor Eindhoven De lidstaten van de Europese Unie, waaronder ook Nederland, hebben afgesproken om 55% minder broeikasgassen uit te stoten in 2030 ten opzichte van 1990. De doel­ stelling is dat we in 2050 nagenoeg geen broeikasgassen meer uitstoten. De grote uitdaging voor de gemeente Eindhoven is om de CO2-uitstoot tijdig te verminderen, terwijl de stad enorm groeit. Dit betekent dat we een grote opgave hebben, maar deze gaan we niet uit de weg. De gemeente Eindhoven zet zich in om dit doel te bereiken en heeft dit ook verankerd in haar beleid. De Europese klimaatdoelstellingen heeft de gemeente ook voor eigen stad vastgesteld in de Klimaatverordening van de gemeente Eindhoven in 20161.

Een grote opgave voor een groeiende stad De regio Eindhoven staat bekend als Brainport Regio en focust zich op kennis en innovatie. Door de extra banen wordt een bevolkingsgroei van bijna 20% verwacht in 2050 t.o.v. 2020. Hiernaast is de Eindhovense economie met 2% gegroeid in de periode 2015 t/m 2020 en zagen we pre-corona (2014 t/m 2019) een groei van 8% van het aantal vliegbewegingen bij Eindhoven Airport.

In de klimaatbegroting (bijlage van de reguliere begroting) gaan we hier verder op in. De klimaatbegroting laat zien of we op schema liggen om onze gemeentelijke klimaatdoelen te halen. Daardoor kunnen we zien of we moeten bijsturen en versnellen. Dit doen we door thematisch in te zoomen op de CO2-reductie, onze inzet en de focus voor het komende jaar. De klimaatbegroting geeft géén inzicht in de financiële, ambtelijke en uitvoerende middelen die nodig zijn om de klimaatdoelen te halen. In de jaarlijkse begroting en kadernota wordt hier verder op in gegaan.

Klimaatverordening gemeente Eindhoven 2016 (overheid.nl) https://www.eindhovenduurzaam.nl/sites/default/files/2021-01/WEBTX_Klimaatplan_0.pdf 3  https://www.eindhovenduurzaam.nl/sites/default/files/2021-12/WEBTX_Publieksvriendelijke%20 samenvatting%20Uitvoeringsagenda%20Klimaatplan.pdf 4 https://www.eindhovenduurzaam.nl/sites/default/files/2021-11/WEBTX_Klimaatbegroting_2022_0.pdf 1

2

4 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

1

Inleiding

De harde cijfers voor de monitoring in deze klimaatbegroting vinden we via de nationale klimaatmonitor (specifieke cijfers voor Eindhoven), het Centraal Bureau voor de Statistiek en in onze eigen database. De gegevens in deze klimaatbegroting lopen tot en met 2020, dit zijn de meest actuele gegevens die beschikbaar zijn. De data zijn met name gegenereerd met behulp van rekenmodellen en zijn geen exacte meetgegevens. We gebruiken deze data om trendanalyses te maken. Met een trend wordt een gemiddelde daling of stijging bedoeld in een periode van vijf jaar. Interpretatie van de trendanalyses geven dus een indicatie van de ontwikkelingen die we verwachten. We zoeken continu naar manieren om onze dataverzameling en monitoring te verbeteren.

Klimaatbegroting 2023

Uitvoeringsagenda 2021 - 2025

Wat komt er in de klimaatbegroting aan bod? In deze begroting gaan we eerst in op onze hoofd- en subdoelen met betrekking tot het verminderen van CO2-uitstoot. Hierna kijken we of we de klimaatdoelen van de directe CO2-uitstoot gehaald hebben. We gaan we dieper in op de sectoren 1) wonen, 2) mobiliteit, 3) industrie en bedrijfsleven en 4) publieke dienstverlening. Vervolgens komen de thema overstijgende onderwerpen aan het bod: 5) Energiesysteem en 6) Circulariteit. Ten slotte sommen we de risico’s ten aanzien van het behalen van onze klimaatdoelen. en zetten we de belangrijkste bevindingen op een rij in de conclusie.

Elk jaar: Halen we onze klimaatdoelen?

Elk 2,5 jaar: Wat doet de gemeente Eindhoven om onze klimaatdoelen te halen?

Klimaatplan 2021 - 2025

Elk 5 jaar: Wat is onze strategie en visie om onze klimaatdoelen te halen?

Klimaatverordening 2016

Klimaatdoelen vastgelegd. Afbeelding: Samenhang tussen de Eindhovense periodieke klimaatstukken.

5 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

2

Klimaatdoelen

Verminderen van directe en indirecte CO2-uitstoot Het verminderen van de CO2-uitstoot bestaat uit twee componenten, namelijk directe en indirecte CO2-uitstoot. Directe CO2-uitstoot komt vrij bij lokaal gebruik van fossiele energie, zoals elektriciteit, gas en olie. Voorbeelden van directe CO2-uitstoot zijn: ƒ het opladen van een telefoon met grijze stroom; ƒ het rijden met een benzine-auto; ƒ koken op een gasfornuis; ƒ het verwarmen van onze woning met een aardgasgestookte cv-ketel. Indirecte CO2-uitstoot komt vrij tijdens het produceren en vervoeren van producten die door Eindhovenaren gekocht en gebruikt worden, maar ergens anders zijn gemaakt. Denk hierbij aan: ƒ onze bouwmaterialen; ƒ onze laptop; ƒ onze kleding; ƒ ons eten.

Klimaatdoelen en ambities Eindhoven heeft de Europese klimaatdoelstellingen overgenomen in de klimaatverordening gemeente Eindhoven 2016. Deze zijn gericht op het verminderen van directe CO2-uitstoot ten opzichte van 1990. Het jaartal 1990 wordt wereldwijd gebruikt als referentiepunt bij de beperking van CO2-uitstoot. Dit is besloten in het Kyoto klimaatverdrag, aangenomen in 1997. Door ook in Eindhoven dit referentiepunt te gebruiken, kunnen we onze lokale voortgang vergelijken met landelijke doelstellingen en prestaties of met andere steden of gebieden.

1. 55% minder (directe) CO2-uitstoot in 2030 ten opzichte van 1990. 2. 95% minder (directe) CO2-uitstoot in 2050 ten opzichte van 1990. 3. 100% van de energie in Eindhoven wordt duurzaam opgewekt in 2045. Daarnaast zijn ook ambities en tussendoelen gesteld in het klimaatplan 2021-2025. Deze zijn gericht op het verminderen van zowel directe als indirecte CO2-uitstoot. 1. 250 kiloton/jaar minder CO2-uitstoot in 2025 ten opzichte van 2020. 2. In 2025 gebruikt de gehele gemeentelijke organisatie alleen nog duurzame energie, inclusief de energie voor mobiliteit. 3. 50% minder primair grondstoffenverbruik in 2030.

Missie Europa Alle bovenstaande doelen en ambities zijn gericht op het realiseren van een duurzame stad in 2050. Gelet op de urgentie van het klimaatvraagstuk is het noodzakelijk om nu al te verkennen of een extra inspanning mogelijk is. Daarom heeft Eindhoven zich samen met Helmond aangemeld voor Missie Europa. Missie Europa stelt zich ten doel om 100 steden te committeren aan een versnelde realisatie van de klimaatdoelen. Niet 2050 is het einddoel, maar 2030. De gemeenten Eindhoven en Helmond zijn samen geselecteerd voor deelname aan de missie. Met inhoudelijke ondersteuning fungeren wij hiermee als innovatie-en experimenteerplek die bijdraagt aan een klimaatneutraal Europa. De Europese Commissie heeft in totaal 360 miljoen euro beschikbaar gesteld voor honderd steden uit alle 27 EU-lidstaten en 12 steden in andere Europese landen. De verdeling van deze gelden is nog onduidelijk. Onderzoek, innovatie en maatregelen moeten voor schone mobiliteit, een efficiënter energieverbruik en een groenere stedelijke omgeving stadsplanning zorgen. Daarom laat deze klimaatbegroting ook zien wat er nodig is om klimaatneutraal te worden in 2030. De missie vraagt van ons om afspraken te maken met onze partners in de stad en samen met hen concrete tussendoelstellingen te formuleren in een klimaatcontract. Deze opgave krijgt in 2023 meer vorm.

6 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

3

De CO2-uitstoot van Eindhoven

CO2 gegevens

Totale CO2-uitstoot

Voor de totale CO2-uitstoot gegevens wordt gebruik gemaakt van de nationale broeikasgas-voetafdruk per inwoner van het CBS en het inwonersaantal van de gemeente Eindhoven. De gegevens zijn van 2010 t/m 2020 beschikbaar. Vanaf 2010 t/m 2020 zijn er vanuit de klimaatmonitor nauwkeurige directe CO2-uitstoot gegevens beschikbaar. De indirecte CO2-uitstoot gegevens worden berekend door de directe CO2-uitstoot van de totale CO2-uitstoot af te trekken.

De totale CO2-uitstoot in 2010 was 4.041.000 ton CO2 en 3.376.000 ton CO2 in 2020. De totale CO2-uitstoot is met ongeveer 665.000 ton afgenomen in de periode van 2010 t/m 2020. Dat is een afname van 16% t.o.v. 2010. De totale CO2-uitstoot per inwoner in 2010 was 18,9 ton CO2 en 14,4 ton CO2 per inwoner in 2020. De totale CO2-uitstoot per inwoner is met 4,5 ton per inwoner afgenomen. Dat is een afname van 24%.

2020

Indirecte uitstoot 65%

Directe uitstoot 35%

2010

2015

2019

2020

Totale CO2-uitstoot (ton CO2)

4.041.000

3.616.000

3.637.000

3.376.000

Totale CO2-uitstoot per inwoner (ton CO2/inw)

18,9

16,2

15,7

14,4

Tabel: Totale CO2-uitstoot (per inwoner) voor verschillende jaren

Directe CO2-uitstoot De directe CO2-uitstoot in 2010 was 1.484.000 ton CO2 en 1.188.000 ton CO2 in 2020. De directe CO2-uitstoot is dus met bijna 300.000 ton afgenomen in de periode van 2010 t/m 2020. Dat is een afname van 20% t.o.v. 2010. De directe CO2-uitstoot per inwoner in 2010 was 6,9 ton CO2 en 5,1 ton CO2 per inwoner in 2020. De directe CO2-uitstoot per inwoner is met 1,8 ton per inwoner afgenomen. Dat is een afname van 26%.

Afbeelding: De indirecte CO2-uitstoot in 2020 is 65% van de totale uitstoot en de directe CO2-uitstoot 35% van het totaal.

2010

2015

2019

2020

Directe CO2-uitstoot (ton CO2)

1.484.000

1.505.000

1.359.000

1.188.000

Directe CO2-uitstoot per inwoner (ton CO2/inw)

6,9

6,7

5,9

5,1

Tabel: Directe CO2-uitstoot (per inwoner) voor verschillende jaren

7 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

3

De CO2-uitstoot van Eindhoven

CO2-uitstoot per inwoner

Indirecte CO2-uitstoot De indirecte CO2-uitstoot in 2010 was 2.557.000 ton CO2 en 2.188.000 ton CO2 in 2020. De indirecte CO2-uitstoot is met bijna 370.000 ton afgenomen in de periode van 2010 t/m 2020. Dat is een afname van 14% t.o.v. 2010. De indirecte CO2-uitstoot per inwoner in 2010 was 12,0 ton CO2 en 9,3 ton CO2 per inwoner in 2020. De indirecte CO2-uitstoot per inwoner is met 2,7 ton per inwoner afgenomen. Dat is een afname van 23%. 2015

2019

2020

Indirecte CO2-uitstoot (ton CO2)

2.557.000

2.102.000

2.293.000

2.188.000

Indirecte CO2-uitstoot per inwoner (ton CO2/inw)

12

9,4

9,9

9,3

10,0 5,0 0,0 2010

2012 Direct

Tabel: Indirecte CO2-uitstoot (per inwoner) voor verschillende jaren

2014

2016

Indirect

Totaal

2018

2020

Afbeelding: Totale, directe en indirecte CO2-uitstoot per inwoner van de gemeente Eindhoven

CO2-uitstoot 5.000.000

Om de CO2-reductie t.o.v. onze klimaatdoelen en ambities te bepalen, moet eerst het referentiejaar 1990 worden bepaald voor de directe en indirecte CO2-uitstoot. De directe CO2-uitstoot valt af te leiden uit het gebruik van fossiele brandstoffen en is vrij nauwkeurig te bepalen op gemeentelijk niveau. Hiervoor gebruiken we cijfers van de klimaatmonitor voor de gemeente Eindhoven. Dit is niet mogelijk voor de indirecte CO2-uitstoot op zowel gemeentelijk als landelijk niveau. Daarom gebruiken we een aanname om de indirecte CO2-uitstoot van 1990 te bepalen.

4.000.000 3.000.000 ton CO2

15,0 ton CO2 per inwoner

2010

20,0

2.000.000 1.000.000 0 2010

2012 Direct

2014

2016

Indirect

Totaal

Afbeelding: Totale, directe en indirecte CO2-uitstoot van de gemeente Eindhoven

8 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

2018

2020

In 2010 waren de eerste nauwkeurige directe en indirecte CO2-uitstoot gegevens beschikbaar via de klimaatmonitor en het CBS. De directe CO2-uitstoot zat toen op 124% t.o.v. van 1990. Wij gaan ervanuit dat dit ook het geval is voor de indirecte CO2-uitstoot. Hiermee komen we uit op: ƒ 1.200.000 ton directe CO2-uitstoot in 1990, ƒ 2.100.000 ton indirecte CO2-uitstoot in 1990, en dus ƒ 3.300.000 ton totale CO2-uitstoot in 1990.

3

De CO2-uitstoot van Eindhoven

De afbeelding en de tabel hieronder laten de CO2-uitstoot ontwikkelingen zien t.o.v. 1990.

CO2-uitstoot 140% 120%

Naast het referentiejaar, hebben we de trend van de huidige CO2-uitstoot nodig om onze kernvraag te beantwoorden: Halen we onze klimaatdoelen en ambities? Om de trend te bepalen gebruiken we de gemiddelde daling van de afgelopen vijf jaar en trekken dit door over de tijd. We gebruiken hiervoor de gegevens zoals hierboven is genoemd.

Trend CO2-uitstoot

100% 80%

140

60%

120

40% 20%

100

0% 2010

2012 Referentie

2014

2016

2018

Direct

Indirect

2020

80 60

Totaal

40 Afbeelding: Totale, directe en indirecte CO2-uitstoot t.o.v. 1990

20

1990

2010

2015

2019

2020

Klimaatdoel 2030

Ambitie Missie Europa 2030

-

0%

Totale CO2-uitstoot

100%

Directe CO2-uitstoot

100%

124%

126%

114%

100%

45%

0%

Indirecte CO2-uitstoot

100%

124%

103%

111%

106%

-

0%

124%

111%

112%

104%

0

2010

2012

2014

2016

2018

2020

2022

9 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

2026

Referentie

Direct

Indirect

Totaal trend

Direct Trend

Indirect Trend

Afbeelding: Totale, directe en indirecte CO2-uitstoot t.o.v. 1990 met trends

Tabel: Totale, directe en indirecte CO2-uitstoot t.o.v. 1990

2024

2028 Totaal

2030

3

De CO2-uitstoot van Eindhoven

Om ons klimaatdoel van 55% minder directe CO2-uitstoot t.o.v. 1990 te halen, is een 1,2x zo snelle daling van de CO2-reductie nodig. In de vorige klimaatbegroting was dit nog 2-3x zo snel. Het tempo van de directe CO2-uitstoot daling is dus sneller dan vorig jaar. Dit komt doordat we afgelopen jaar de sterkste CO2-reductie daling hebben gehad sinds de eerste gegevens in 2010. Voor onze ambitie van Missie Europa is een versnelling van 2,3x nodig. Voor de totale en indirecte CO2-uitstoot gelden geen wettelijk klimaatdoelen. Met de ambitie om in 2030 klimaatneutraal te zijn, met Missie Europa, wordt de totale en indirecte CO2-uitstoot wel meegenomen. Het dalingstempo moet 7x versneld worden om Missie Europa te halen voor de totale CO2-uitstoot. De indirecte CO2-uitstoot is de afgelopen vijf jaar weer gestegen terwijl de uitstoot moet dalen. Dit komt omdat we meer producten zijn gaan consumeren in Nederland. De ambitie van Missie Europa is dus niet haalbaar voordat er een dalende trend in ons consumptiegedrag en dus de indirecte CO2-uitstoot komt. Tussendoel klimaatplan 2020: 117%

Tussendoel klimaatplan 2025: 79%

Klimaatdoel 2030: 45%

Ambitie Missie Europa 2030: 0%

Totale CO2-uitstoot

Geen doel

Geen doel

Geen doel

7x sneller

Directe CO2-uitstoot

Gehaald (100%)

Op schema

1,2x sneller

2,3x sneller

Indirecte CO2-uitstoot

Geen doel

Geen doel

Geen doel

Stijgende trend, moet omgebogen worden naar een sterk dalende trend

Tabel: Status van de sectoren rondom onze directe CO2 klimaatdoelen en ambitie

10 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

Directe CO2-uitstoot t.o.v. 1990 140 120 100 80 60 40 20 0 2010

2012

2014

2016

2018

2020

2022

Referentie

Uitgestoten

Klimaatverordening

Missie Europa

2024

2026

2028

2030

Trend

Afbeelding: Weergave van de huidige directe CO2-uitstoot, trend, en versnelling die nodig is om de klimaatdoelen en ambitie te halen voor 2030.

4

Doelstellingen en voortgang per sector

In de stad wordt er op verschillende manieren CO2 uitgestoten, door verschillende partijen en sectoren. Daardoor is de aanpak om het verminderen van CO2-uitstoot te stimuleren veelzijdig en gericht op deze verschillende sectoren. De gemeente Eindhoven zet zich actief in op duurzaam wonen, mobiliteit, industrie en bedrijfsleven, de productie van duurzame energie en onze eigen organisatie. In dit hoofdstuk zoomen we in op deze sectoren, de voortgang ten opzichte van onze doelstellingen. Ook omschrijven we kort onze inzet per sector in 2023. De uitvoeringsagenda5 geeft een uitgebreid overzicht van onze inzet en activiteiten. Zoals te zien in onderstaande tabel loopt de CO2-uitstoot t.o.v. 1990 in de mobiliteitssector achter t.o.v. van de andere sectoren. Mede door de corona pandemie zien we een daling in het afgelopen jaar waardoor de sector op 120% CO2-uitstoot zit in 2020. De uitstoot van de woningsector daalt gestaag en stoot in 2020 106% uit t.o.v. 1990. De sectoren industrie & bedrijfsleven en publieke dienstverlening dalen het hardst en zitten beide rond de 80% CO2-uitstoot t.o.v. 1990.

De directe uitstoot in de stad is in te delen in vier sectoren: 1) wonen, 2) mobiliteit, 3) industrie en bedrijfsleven en 4) publieke dienstverlening. Onder industrie en bedrijfsleven vallen ook kantoorgebouwen. Dit is een verandering van definitie t.o.v. de vorige klimaatbegroting. In de vorige klimaatbegroting hadden we de sector gebouwde omgeving waar wonen en kantoren onder vielen. De gemeentelijke organisatie valt onder de publieke dienstverlening. Mobiliteit stoot met 33% het meeste CO2 uit, industrie en bedrijfsleven heeft een aandeel van 30%, en wonen 27%. De sector publieke dienstverlening is het kleinst met 10% van de directe CO2-uitstoot.

2020

30%

Directe CO2-uitstoot per sector t.o.v. 1990

33%

Wonen Industrie en bedrijfsleven Mobiliteit

140%

27%

130%

10%

Publieke dienstverlening

120% 110%

Afbeelding: Verhouding van de directe CO2-uitstoot tussen de vier sectoren in 2020

100% 90% 80% 70%

2010

2012

2014

2016

2018

Wonen

Mobiliteit

Industrie & bedrijfsleven

Publieke dienstverlening

Afbeelding: ontwikkeling van de directe CO2-uitstoot per sector t.o.v. 1990

11 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

2020

 https://www.eindhovenduurzaam.nl/sites/default/files/2021-12/WEBTX_Publieksvriendelijke%20 samenvatting%20Uitvoeringsagenda%20Klimaatplan.pdf

5

4

Doelstellingen en voortgang per sector

4.1

Directe CO2-uitstoot wonen

Wonen

140%

1990

CO2-uitstoot (% t.o.v. 1990 & status)

2010 Tussendoel klimaatplan 2020: 117%

100% 124% 106% Gehaald

Tussendoel klimaatplan 2025: 79%

KlimaatAmbitie doel 2030: Missie 45% Europa 2030: 0%

Op schema

1,5x 3x versnellen versnellen

120% 100% 80% 60% 40%

Tabel: CO2-uitstoot sector wonen t.o.v. 1990, klimaatdoelen en ambitie

20%

In de periode van 2010 tot en met 2014 steeg de CO2-uitstoot tot 125% ten opzichte van 1990. Hierna daalde de CO2-uitstoot en stootte we in 2020 106% uit ten opzichte van 1990. In de laatste vijf jaar is een CO2-reductie gerealiseerd van 19%. Dit komt met name door betere isolatie van de woningen. Ongeveer 11.000 van de 114.000 woningen zijn aardgasvrij. Dit is 9,7% van het totaal, waarvan 3,1% elektrisch wordt verwarmd en 6,6% is aangesloten op stadsverwarming zonder aardgasverbruik. Van het woningbestand van de corporaties is 9% aardgasvrij (3.800 woningen). Als we de huidige trend 1,5x versnellen, zoals het klimaatplan uiteenzet, liggen we op koers om het klimaatdoel van 55% minder CO2-uitstoot in 2030 voor het thema wonen te halen. Om de ambitie van Missie Europa te halen, moeten we het huidige tempo 3x versnellen. Hierin worden we geholpen door de aandacht en middelen die landelijk worden toegekend aan het thema duurzaam wonen.

12 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

0% 2010

2012

2014

2016

2018

2020

2022

Referentie

Uitgestoten

Klimaatverordening

Missie Europa

2024

2026

2028

2030

Trend

Afbeelding: Weergave van de huidige directe CO2-uitstoot, trend, en versnelling die nodig is om de klimaatdoelen en ambitie te halen voor 2030 voor de sector wonen.

De resultaten van onze inspanningen op energiebesparing geven het volgende beeld: ƒ 13.000 adressen hebben een uitnodiging ontvangen met daarin een aanbod deel te nemen aan de collectieve inkoopactie voor isolatiemaatregelen; ƒ 800 VvE’s zijn uitgenodigd deel te nemen aan informatiebijeenkomsten en cursussen over verduurzaming; ƒ ruim 6.000 energieboxen plus adviezen verstrekt; ƒ ruim 20.000 vouchers voor kleine energiebesparende maatregelen; ƒ de website van het Energieloket is bijna 54.000 keer bezocht in 2021; ƒ via De Groene Zone zijn tot op heden 1470 zonnepaneleninstallaties geplaatst.

4

Doelstellingen en voortgang per sector

Om sneller stappen te kunnen zetten in het aardgasvrij maken van onze gebouwde omgeving is het nodig om financiële en juridische kaders van het Rijk door te vertalen naar een gemeentelijke programmering. De afgelopen jaren hebben 62 andere landelijke proeftuinen in het kader van het Programma Aardgasvrije Wijken (PAW) geleerd wat er nodig is om bestaande woningen aardgasvrij te maken. Op 1 juni 2022 is het landelijke Programma Verduurzaming Gebouwde Omgeving (PVGO) door het Ministerie van Binnenlandse Zaken gelanceerd, waarin onder andere extra middelen en instrumenten voor gemeenten zijn aangekondigd om tot opschaling te komen. Deze middelen en instrumenten worden nog verdeeld en uitgewerkt.

Onze inzet

Energielabels

2010

2015

14% 0%

21%

7%

15%

We zetten ons in om onze inwoners en de woningcorporaties te helpen en te stimuleren om alle koop- en huurwoningen te verduurzamen. Dit doen we door middel van projecten en activiteiten gericht op de individuele bewoner en woningeigenaar, maar ook gericht op het collectief verduurzamen van wijken en woningen van woningcorporaties. Hieronder wordt een inkijkje gegeven in deze twee actielijnen.

79%

61%

4%

Individuele verduurzaming In 2021 is het energiebesparingsprogramma van start gegaan voor individuele inwoners en woningeigenaren. Het programma bestaat uit drie pijlers: 1) onafhankelijke informatievoorziening, 2) de aanpak van energiearmoede en 3) energiebesparing. Vanuit het programma worden onder andere collectieve inkoopacties voor diverse isolatiemaatregelen aangeboden, energie coaching, quickscans en maatwerk adviesrapporten voor de verduurzaming van VvE’s. Onafhankelijke informatie over verduurzaming is te vinden op het digitale energieloket dat in 2021 is gelanceerd. De website van het Energieloket is bijna 54.000 keer bezocht in 2021. Het programma heeft speciale aandacht voor inwoners met een smalle beurs. Met verschillende gerichte acties proberen we ervoor te zorgen dat de energietransitie voor iedereen toegankelijk is en de energierekening betaalbaar is. We werken aan structurele oplossingen door: 1) energieboxen aan te bieden in combinatie met installatiehulp, 2) klusbussen door de stad te laten rijden waardoor maatwerk per adres kan worden geleverd en 3) particulieren met woningen met de laagste labels extra te ondersteunen in de verduurzaming van hun woning. Hierbij werkt de gemeente Eindhoven nauw samen met de Eindhovense vereniging 040energie. 040energie helpt stadsgenoten om energie te besparen en zelf energie op te wekken op een betaalbare manier.

13 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

2021 19%

Woningen zonder energielabel

37%

A++ t/m A B t/m C

26%

D t/G

18%

Afbeelding: ontwikkeling van de energielabels van 2010 t/m 2021

4

Doelstellingen en voortgang per sector

Focus 2023 ƒ het verder uitwerken en versterken van de drie pijlers, rekening houdend met de landelijke ontwikkelingen uit het Nationale Isolatieprogramma; ƒ de aanpak van energiearmoede en het verduurzamen van woningen met een laag energielabel; ƒ het introduceren van een mobiel fysiek energieloket, waardoor we de drempel tot onafhankelijke informatie verlagen en kunnen onderzoeken of en zo ja, in welke vorm een fysiek loket een behoefte vervult.

Zonder aardgasverbruik 7,0% 6,0% 5,0% 4,0% 3,0%

Collectieve verduurzaming

2,0%

Collectieve verduurzaming stuurt op het aardgasvrij maken van wijken en woningen van woningcorporaties. Zoals te zien in de figuren wordt nu met name aardgas gebruikt om woningen te verwarmen. Het aandeel woningen dat geen aardgas gebruikt voor de hoofdverwarmingsinstallatie is gestegen van 6,2% in 2017 naar 9,7% in 2020. De stadsverwarming wordt geleverd door de biomassacentrale in Meerhoven. De komende jaren wordt onderzocht of uitfasering van de biomassacentrale mogelijk is, aangezien biomassa niet langer als duurzame warmtebron wordt gezien. Er wordt nu gekeken naar alternatieve warmtebronnen. Daarnaast maken we afspraken met de woningcorporaties over het monitoren van de voortgang betreffende het aardgasvrij maken van hun woningbestand.

2020 3,1% 7,1% 1,9% Aardgas

88%

Stadsverwarming Elektrisch Onbekend

Afbeelding: Aandeel elektrisch, aardgas en stadsverwarming gebruikt voor warmtegebruik woningen.

14 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

1,0% 0,0% 2017

2018 Elektrisch

2019

2020

Stadsverwarming

Afbeelding: Woningen zonder aardgasverbruik over de tijd.

Focus 2023 ƒ het verder uitwerken van wijkuitvoeringsplannen voor duurzame warmtevoorzienin­ gen in de proeftuinen aardgasvrije wijken. Dit zijn de wijken ’t Ven-Lievendaal en de Generalenbuurt. In deze wijken wordt naast de aanpak richting aardgasvrij verwar­ men en koken gekeken met een integrale blik naar duurzaam en gezond wonen in de wijk; ƒ de verduurzamingsaanpak voor woningen met een laag energielabel in Woensel Zuidwest als onderdeel van een regeling van het Volkshuisvestingsfond; ƒ het concretiseren van plannen voor de (collectieve) energievoorziening van nieuwbouwontwikkelingen in het centrumgebied; ƒ het verder verduurzamen van de sociale huurwoningwoningen in de stad in samen­ werking met de vier woningbouwcorporaties die zijn aangesloten bij het Duurzaam­ heidspact. Er wordt veel aandacht besteed aan gebouwgebonden opwek van energie, energiebesparing en circulair bouwen; ƒ het ondersteunen van VvE in de verduurzaming van hun gebouwen middels het VvE Transitiecentrum Brabant. Door middel van bijeenkomsten en workshops komen VvE’s te weten wat er nodig is voor kleine en grote stappen richting verduurzaming.

15 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

4

Doelstellingen en voortgang per sector

4.2

Sector Mobiliteit

Directe CO2-uitstoot Mobiliteit 140%

1990

CO2-uitstoot (% t.o.v. 1990 & status)

100%

2010

124%

Tussendoel klimaatplan 2020: 117%

Tussendoel KlimaatAmbitie klimaatplan doel 2030: Missie 2025: 79% 45% Europa 2030: 0%

121% niet gehaald

5x versnellen

4x versnellen

7x versnellen

Tabel: CO2-uitstoot sector mobiliteit t.o.v. 1990, klimaatdoelen en ambitie

De CO2-uitstoot in de mobiliteitssector is tot en met 2019 gestegen tot 132%. In 2020 is de uitstoot gedaald met 11% naar 121% vanwege de corona pandemie. Deze daling is daarmee niet representatief voor de komende jaren. 70% van onze CO2-uitstoot in de mobiliteitssector vindt plaats buiten de bebouwde kom en 30% binnen de bebouwde kom. De CO2-uitstoot binnen de bebouwde kom daalt 4x sneller dan buiten de bebouwde kom. Binnen de bebouwde kom veroorzaakt de personenauto met 65% de grootste CO2-uitstoot. Het klimaatdoel van 2020 is ondanks de corona pandemie niet gehaald. Met de huidige trend liggen we achterop schema om de klimaatdoelen van 2025 en 2030 te halen. Er is een versnelling van 5x nodig om het tussendoel van 2025 te halen en een versnelling van 4x om het klimaatdoel van 2030 te halen. Om de ambitie van Missie Europa te halen is een versnelling van 7x nodig.

16 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

120% 100% 80% 60% 40% 20% 0% 2010

2012

2014

2016

2018

2020

2022

Referentie

Uitgestoten

Klimaatverordening

Missie Europa

2024

2026

2028

Trend

Afbeelding: Weergave van de huidige directe CO2-uitstoot, trend, en versnelling die nodig is om de klimaatdoelen en ambitie te halen voor 2030 voor de sector mobiliteit

2030

4

Doelstellingen en voortgang per sector

Directe CO2-uitstoot Mobiliteit bebouwde kom 2021

5%

Modal Split 2016

Personenauto bebouwde kom

12%

Tweewielers en brommobielen bebouwde kom

13% 67% 3%

0%

12%

Fiets

Zware bedrijfsvoertuigen excl. autobussen bebouwde kom

43%

Autobus bebouwde kom

Openbaar vervoer Auto (fossiel)

40%

Bestelauto bebouwde kom

Auto (elektrisch) Te voet

Afbeelding: Bronnen CO2-uitstoot bebouwde kom voor 2020

5%

Directe CO2-uitstoot Mobiliteit 2020 2021

30%

Buiten bebouwde kom

70%

2021

2%

Fiets

18% 39%

Bebouwde kom

Openbaar vervoer Auto (fossiel) Auto (elektrisch)

36% 5%

Te voet

Afbeelding: Verhouding CO2-uitstoot bebouwde en buiten bebouwde kom voor 2020

Afbeelding: ontwikkeling van de modal split tussen 2016 en 2021

Met behulp van een inwoners enquête rapporteren we de verdeling in soorten vervoerbewegingen (bijvoorbeeld fiets of te voet), de zogeheten modal split. We zien een afname van het fossiele autoverbruik en een toename van het elektrisch autoverbruik. Hiernaast zien we de sterkste toename in het aandeel vervoers­ bewegingen te voet van 12% naar 18% en gaat het aandeel mensen dat fietst naar beneden de afgelopen vijf jaar. Het gebruik van het openbaar vervoer is gelijk gebleven. De dominante vervoersvormen zijn de auto en de fiets.

Het aantal elektrische auto’s neemt de afgelopen jaren met 50% per jaar toe. Van 402 in 2015 naar 2450 in 2021. Nu is het aandeel elektrische auto’s 2,5% van het totaal. In 2030 wordt een aandeel van 25% verwacht. Het aantal openbare laadpalen volgt een eenzelfde trend, met ongeveer 200 laadpalen in 2015 en 1100 laadpalen in 2020.

17 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

De luchtvaart is niet meegeteld in de uitstootgegevens van deze klimaatbegroting. Het vliegverkeer is ten opzichte van 2010 meer dan verdubbeld en maakt elk jaar een groter deel uit van de totale CO₂-uitstoot in de stad, tot bijna 3,5% in 2019. In 2020 is het aantal vluchten ten gevolge van de corona-epidemie met ruim de helft afgenomen. Eindhoven Airport werkt aan een eigen verduurzamingsstrategie.

4

Doelstellingen en voortgang per sector

Onze inzet We zetten ons verder in om onze inwoners en bezoekers te stimuleren om te kiezen voor duurzaam vervoer door dit aantrekkelijker te maken. Dit doen we onder andere door het realiseren van regionale en lokale doorfietsroutes, uitbreiding van het aantal fietsenstallingen, het parkeerbeleid, de werkgeversaanpak en de opening van P&Rvoorzieningen en hubs. Dit alles draagt bij aan de ambitie om alle verkeer binnen de Ring zonder uitstoot van schadelijke stoffen mogelijk te maken. Deze nul-emissiezone zou ongeveer 40% van de bijdrage van stedelijke mobiliteit aan de reductiedoelstelling van 55% CO₂ in 2030 kunnen opleveren. Focus 2023 ƒ het verder uitwerken van maatregelen voor de invoering van de nul-emissiezone voor vrachtauto’s bestelauto’s en autobussen in 2025; ƒ het ondersteunen van partijen met pilots en projecten voor groene stadslogistiek middels een subsidieregeling en het samenwerken aan het wegnemen van knel­ punten in de uitvoering richting duurzaam vervoer; ƒ efficienter en effectiever handhaven op het auto- en parkeerbeleid met behulp van een nieuw systeem; ƒ het verder verkennen van de mogelijkheden voor het opzetten van bouwhubs aan de rand van de stad, waardoor het bouwverkeer slimmer georganiseerd wordt en de CO2-uitstoot en overlast afneemt.

Met name in het centrum wordt de komende jaren fors bijgebouwd om aan de woningbouwopgave te voldoen; ƒ het door ontwikkelen en op de markt brengen van de Turnn-app als onderdeel van de MaaS-pilots (Mobility as a Service). Met de app kan je een duurzame reis plannen, boeken en betalen. De app biedt daarbij alle beschikbare vervoersvormen aan, te weten openbaar vervoer, deelauto’s, deelfietsen, gemeentelijke dienstfiet­ sen en elektrische dienstauto’s; ƒ het verhogen van de plaatsingssnelheid van publieke laadpalen in de openbare ruimte.

18 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

4

Doelstellingen en voortgang per sector

4.3

Sector Industrie en bedrijfsleven

Directe CO2-uitstoot industrie en bedrijfsleven 140%

1990

CO2-uitstoot (% t.o.v. 1990 & status)

2010 Tussendoel klimaatplan 2020: 117%

100% 124% 84% Gehaald

Tussendoel klimaatplan 2025: 79%

KlimaatAmbitie doel 2030: Missie 45% Europa 2030: 0%

Op schema

Op schema 1,3x versnellen

Tabel: CO2-uitstoot sector industrie & bedrijfsleven t.o.v. 1990, klimaatdoelen en ambitie

De CO2-uitstoot is tot en met 2013 gestegen naar 128% t.o.v. 1990. Hierna is de uitstoot gedaald naar 84% in 2020. Hierdoor is het klimaatdoel van 2020 gehaald en liggen we op schema op de klimaatdoelen van 2025 en 2030 te halen. Om de ambitie van missie Europa te halen is een versnelling van 1,3x nodig. De CO2-uitstoot van de sector komt grotendeels van de maakindustrie en kantoren. Het opwekken van energie, afvalwaterzuivering en afvalbeheer en delfstofwinning zijn kleine CO2 uitstoters.

120% 100% 80% 60% 40% 20% 0% 2010

2012

2014

2016

2018

2020

Referentie

Uitgestoten

Klimaatverordening

Missie Europa

2022

2024

2026

2028

Trend

Afbeelding: Weergave van de huidige directe CO2-uitstoot, trend, en versnelling die nodig is om de klimaatdoelen en ambitie te halen voor 2030 voor de sector industrie en bedrijfsleven

CO2-uitstoot industrie & bedrijventerreinen 2020 1%

3% 2%

Industrie Kantoren

47%

47%

Energievoorziening Waterbedrijven en afvalbeheer Bouwnijverheid Delfstoffenwinning (0%)

Afbeelding: bronnen directe CO2-uitstoot voor de sector industrie en bedrijventerreinen voor 2020

19 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

2030

Onze inzet We zetten onverminderd in op de samenwerking met onze bedrijven en industrie om stappen te zetten naar duurzame gebouwen, terreinen en bedrijfsprocessen. We helpen en stimuleren onze bedrijven om energie te besparen, aardgasvrij te verwarmen en produceren, aandacht te hebben voor duurzaam grondstoffengebruik en schone mobiliteit. Daarbij spelen we ook een rol in het managen van de problematiek die het capaciteitstekort op het elektriciteitsnet met zich meebrengt en de innovatieve oplossingen die nodig zijn om ondanks dit tekort toch stappen te blijven zetten. Focus 2023 ƒ het concretiseren van afspraken met partners in klimaatdeals; ƒ Het verder verduurzamen van bedrijventerreinen, waarbij de Hurk fungeert als ‘living lab’ waar concrete projecten van de grond komen zoals het collectief realiseren van privaat en openbaar groen, centraal parkeren en een collectieve aanpak voor energiebesparing, opwekking en uitwisseling; ƒ het opstellen van een plan van aanpak voor het aardgasvrij verwarmen en produceren op alle Eindhovense bedrijventerreinen, als een uitwerking van de Transitievisie Warmte; ƒ het verder uitwerken en opstarten van een energiehandelsplatform op Flight Forum, om zo veel mogelijk energie gebouwgebonden op te wekken en deze uit te wisselen met de naastgelegen kantoorpanden.

Hierdoor wordt het elektriciteitsnet ontlast; ƒ het ondersteunen van onze bedrijven en kantorensector in het verduurzamen van bedrijfsgebouwen en kantoorpanden, maar ook het handhaven op bedrijven die niet voldoen aan de wettelijke eisen. Vanaf 2030 moeten kantoorgebouwen wettelijk minimaal voldoen aan energielabel C. Bedrijven met informatieplicht moeten aan het activiteitenbesluit voldoen, waarin is opgenomen dat energiemaatregelen die zich binnen vijf jaar terugverdienen, genomen moeten worden; ƒ het continueren van de Greendeal Zorg 2.0 waarbij de eerder aangesloten zorgpar­ tijen een volgende stap naar een duurzame organisatie zetten. Ook continueren we met de Greendeal Zorg MRE, waarbij de kennis van de Eindhovense zorgpartijen gebruikt wordt om regionale zorgpartijen ook te verduurzamen; ƒ het verder verkennen van de kansen om Eindhoven, met name de Eindhovense industrie, aan te sluiten op landelijke waterstof infrastructuur.

20 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

4

Doelstellingen en voortgang per sector

4.4

Sector publieke dienstverlening 1990

CO2-uitstoot (% t.o.v. 1990 & status)

2010 Tussendoel klimaatplan 2020: 117%

100% 124% 84% Gehaald

Directe CO2-uitstoot Publieke dienstverlening

Tussendoel klimaatplan 2025: 79%

KlimaatAmbitie doel 2030: Missie 45% Europa 2030: 0%

Op schema

Op schema 1,3x versnellen

160% 140% 120% 100% 80% 60% 40% 20%

Tabel: CO2-uitstoot sector publieke dienstverlening t.o.v. 1990, klimaatdoelen en ambitie

De CO2-uitstoot in de sector publieke dienstverlening is tot en met 2015 gestegen. Hierna zien we een dalende trend. In 2020 hebben we een CO2-uitstoot van 81% t.o.v. 1990. Hiermee hebben we de klimaatdoelen van 2020 gehaald en liggen we op schema voor de klimaatdoelen van 2025 en 2030. Ook de ambitie van Missie Europa lijkt haalbaar. Gezondheidszorg en onderwijs vormen de grootste bronnen van CO2-uitstoot in de sector publieke dienstverlening met respectievelijk 32% en 31%. Hierna komt het gemeentelijk- en rijksvastgoed met 20%, gevolgd door overige dienstverlening met 10% en cultuur, sport en recreatie met 7%. De uitstoot van onze gemeentelijke gebouwen vormen 12% van het totaal.

0% 2010

2012

2014

2016

2018

2020

2022

Referentie

Uitgestoten

Klimaatverordening

Missie Europa

2024

2026

2028

Trend

Afbeelding: Weergave van de huidige directe CO2-uitstoot, trend, en versnelling die nodig is om de klimaatdoelen en ambitie te halen voor 2030 voor de sector publieke dienstverlening

CO2-uitstoot Publieke dienstverlening

7%

10%

20%

Gemeentelijk- en rijksvastgoed Onderwijs Gezondheidszorg

32%

31%

Cultuur, sport en recreatie Overige dienstverlening

Afbeelding: bronnen van de directe CO2-uitstoot van de sector publieke dienstverlening in 2020

21 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

2030

4

Doelstellingen en voortgang per sector

Gemeentelijke organisatie

2015

2020

2021

Klimaatdoel 2025 (klimaatneutraal)

CO2-uitstoot

100%

49%

46%

Op schema

Tabel: voortgang t.o.v. het klimaatdoel van de gemeentelijke organisatie

Volgens de harde cijfers liggen we op schema om met onze eigen organisatie klimaatneutraal te zijn in 2025. Dit komt met name door: 1) afname van bijna 20% op het elektriciteitsverbruik door energiemanagement en plaatsing zonnepanelen en 2) verduurzaming van de nationale elektriciteitsmix. Het gasverbruik is daarentegen gemiddeld maar met 3% gedaald de afgelopen vijf jaar en het laatste jaar zelfs licht gestegen. Dit komt met name door het uitfaseren van de biocentrale Tongelreep en de aankoop of terugname van vastgoed met slechte energieprestatie, zoals schoolgebouwen.

CO2-uitstoot t.o.v. 2015 - Eigen organisatie 120% 100% 80% 60% 40% 20% 0% 2015

2016 Gas

2017

2018

2019

2020

2021

Elektra

Afbeelding: CO2-uitstoot van het gemeentelijk vastgoed van de gemeente Eindhoven voor gas en elektra over de tijd heen t.o.v. 2015

22 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

Onze inzet Als gemeente hebben we een voorbeeldfunctie voor onze stad. Daarom werken we hard aan innovatieve oplossingen om onze eigen organisatie volledig te verduurzamen. Hierbij richten we ons op onze eigen gebouwen, de bedrijfsvoering en onze rol als opdrachtgever en aanbesteder van projecten. Ook geven we handen en voeten aan onze voorbeeldfunctie door de kennis en ervaring die wij opdoen te delen met partijen in de stad. Focus 2023 ƒ het verduurzamen van onze gemeentelijke gebouwen en ambtelijke huisvesting, specifiek de uitvoering en groot onderhoud van Mercado, planvorming voor het aardgasvrij maken van Stadhuisplein, verdere verduurzaming van NRE en Van Abbe Museum en vergroenen en zonnedak op het Stadhuis; ƒ het verduurzamen van maatschappelijk vastgoed, specifiek door het verbreden van onze aanpak ‘slim verduurzamen vastgoed’ naar scholen, rand- en restportefeuille en het afronden van de uitvoering voor de kernportefeuille (fase 1a en 1b); ƒ het verder verduurzamen van maatschappelijk vastgoed door het ontwikkelen en testen van de gebiedsaanpak aardgasvrij (fase 2) voor de eerste pioneersgebieden in de stad (eerst ontwikkelen, dan leren, standaardiseren en opschalen/verbreden); ƒ het verspreiden van de kennis en ervaring die we in onze verduurzamingstrajecten hebben opgedaan naar een aantal pioniersgebieden in de stad, onder andere via de samenwerking met de

woningcorporaties (Duurzaamheidspact); ƒ het verder verduurzamen van onze eigen inkoop, zoals het inkopen van hergebruikt schoon asfalt en het gunnen van projecten en diensten aan inschrijvers/aannemers die duurzame materialen gebruiken en duurzame machines inzetten; ƒ het verder toepassen van methodes waarop gronden en bouwmaterialen opnieuw toepasbaar worden gemaakt voor hergebruik, zoals door het al bestaande gronddepot.

4

Doelstellingen en voortgang per sector

4.5

Aantal zonnepanelen

Sector energiesysteem

% Duurzame energie t.o.v. het totaal

2010

2020

2030 doel

2045 doel (100% duurzaam opgewekte energie)

0,6%

3,8%

9,6x

5x versnellen

Tabel: voortgang van het % duurzaam opgewekte energie t.o.v. het totale gebruik en ons klimaatdoel van 2045

400.000 350.000

Aantal zonnepanelen stijgt sterk

300.000 250.000 200.000

Eindhoven is een dichtbebouwde stad, waar verschillende ruimtelijk opgaven, zoals woningbouw, openbaar groen, infrastructuur, verkeer en duurzame opwek van energie in dezelfde ruimte een plek moeten krijgen. Het is nu al duidelijk dat we onvoldoende ruimte hebben om de volledige energievraag van de stad duurzaam op te wekken. Het percentage duurzaam opgewekte energie t.o.v. het totale verbruik is in de afgelopen 10 jaar gestegen van 2% naar 9%. Met de huidige trend halen we het klimaatdoel van 2045 niet. Er is een 3x zo snelle stijging nodig.

150.000 100.000 50.000

0

Op dit moment wekken we 7% van ons verbruik aan duurzame elektriciteit op, met name met zonne-energie. Er liggen grofweg 340.000 zonnepanelen in Eindhoven. Hiermee kunnen we omgerekend 31.000 woningen voorzien van energie. Dat is bijna 28% van de woningen. Voor duurzame warmte is de potentie nog moeilijk te kwantificeren. Op dit moment wordt volgens de landelijke gegevens bijna 8% van onze warmtevraag duurzaam opgewekt. In deze landelijke data wordt verbranding van houtige biomassa momenteel echter nog meegenomen als duurzaam alternatief. Dit wordt in Eindhoven niet meer als duurzame energiebron beschouwd. Ook voor deze warmte zal Eindhoven op zoek moeten naar een echt duurzaam alternatief.

23 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 Afbeelding: aantal zonnepanelen binnen de gemeente Eindhoven over de tijd

In de regio hebben we samen met 20 andere gemeenten een Regionale Energie Strategie (RES) opgesteld, waarin we als doel hebben om vanaf 2030 jaarlijks minimaal 2 TWh aan elektriciteit duurzaam op te wekken. Op dit moment wordt in de regio jaarlijks 0,46 TWh aan duurzame elektriciteit opgewekt opgewekt.

4

Doelstellingen en voortgang per sector

Duurzame energie 14 12 10 8 6 4 2 0 2010

2011

2012

2013

2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

Totale hernieuwbare energie (elektriciteit + warmte, excl. biomassa) Hernieuwbare elektriciteit

Hernieuwbare warmte

Er zijn een aantal kanttekeningen bij de trend van het aandeel duurzaam opgewekt: 1) We kampen binnen gemeente, regio en provincie met schaarste op het elektriciteitsnet. Hierdoor kan niet alle opgewekte duurzame energie teruggeleverd worden aan het net en kunnen grote installaties voorlopig niet worden aangesloten door Enexis. Hoe de trend er de komende jaren uitziet is onduidelijk. Hierin zijn we afhankelijk van het investeringsprogramma infrastructuur van TenneT, Enexis en het Rijk 2) Door de electrificatie van ons vervoer van onze warmtevraag en de uitbreiding van bedrijventerrein BIC, zal de elektriciteitsvraag tot en met 2050 naar verwachting verdrievoudigen binnen Eindhoven. 3) Onze regio kan de behoefte aan elektriciteit niet opwekken op eigen grondgebied. Als we alle geschikte daken volleggen met zonnepanelen in Eindhoven zal in 2045 23% van de elektravraag duurzaam worden opgewekt. Met de opgewekte duurzame elektra van de RES MRE erbij komen we uit op 36% in totaal. We hebben nu 12% van geschikte daken vol gelegd.

Hernieuwbare warmte excl. biomassa Afbeelding: ontwikkeling van het % duurzame elektriciteit, warmte en totale duurzame energie t.o.v. van het totale verbruik over de tijd

24 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

Onze inzet De energietransitie vraagt van ons een andere manier van energie opwekken, verwarmen, produceren en koken. We hebben nieuwe manieren van samenwerking nodig tussen overheid, markt en kennisinstellingen. De inwoner en andere eindgebruikers krijgen een nieuwe rol: velen zijn niet alleen meer consument maar ook producent van energie en maken deel uit van een energiecoöperatie. Dit alles vraagt om een nieuwe manier van denken. Daarom zoeken we naar andere, soms nieuwe en innovatieve manieren om energie op te wekken, te transporten en op te slaan. Ook zoeken we nieuwe samenwerkingsvormen om dit mogelijk te maken. Energie is en blijft een basisvoorziening, dus dit vraagt van ons als gemeente een goede regie op betaalbaarheid, betrouwbaarheid en comfort. We zetten in op collectieve oplossingen voor aardgasvrij wonen daar waar dat mogelijk is en streven hierbij altijd naar maatschappelijke meerwaarde.

4

Doelstellingen en voortgang per sector

Focus 2023 ƒ het uitnodigen van partners en de markt om samen met de gemeente deel uit te maken van een organisatie-overstijgende programma-organisatie voor de energie­ transitie in de gemeente Eindhoven. Nauwere samenwerkingsafspraken en een langjarige programmering zijn essentieel om de transitie naar duurzame vormen van energie op te kunnen schalen, in de stad, in de wijk en in de woning; ƒ onderzoek naar organisatievormen voor een publiek energiebedrijf en, bij aange­ toonde haalbaarheid, de uitwerking en start daarvan; ƒ het starten van enkele pilots voor energiegemeenschappen op buurt- of wijkniveau. We onderzoeken de behoeften van eindgebruikers voor de energievoorziening in hun buurt en ondersteunen het organiserend vermogen van de gemeenschap om samen energie op te wekken en uit te wisselen; ƒ uitvoering van de strategie om de toegang tot duurzame elektriciteit te borgen, gezien de schaarste op het elektriciteitsnet in heel Brabant. Dit is van groot belang voor de Eindhovense economie, het vestigingsklimaat en de voortgang in de energietransitie; ƒ het vertalen van de Transitievisie Warmte naar kaders op gebiedsniveau en het ondersteunen van de gebiedsontwikkeling met advies over planvorming voor energievoorzieningen.

De prioriteit in 2023 ligt in het centrumgebied (Binnenstad en Fellenoord), Eindhoven Noord-West (Vliegveld, BIC, Flight Forum) en Woensel; ƒ het ontwikkelen van nieuwe, duurzame energiebronnen. We ontsluiten grootschali­ ge warmtebronnen, zoals zonnewarmte, aardwarmte of restwarmte. Eerste prioriteit ligt bij het verder uitwerken van haalbaarheidsonderzoeken voor het uitfaseren van de gemeentelijke biomassacentrale. De ontwikkeling van duurzame bronnen doen we in overleg met Ennatuurlijk als eigenaar van de warmtenetten in Meerhoven en Strijp en vergunninghouder voor het onderzoeken van geothermie. We maken een strategie voor de versnelling van opwek van elektriciteit met zon- en windenergie in stedelijk gebied en voeren deze uit.

25 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

4

Doelstellingen en voortgang per sector

4.6

Circulariteit

Onze inzet

Liggen we op koers om 50% minder primair grondstoffen te verbruiken in 2030?

Nog niet inzichtelijk

Liggen we op koers voor een circulaire samenleving in 2050?

Nog niet inzichtelijk

Tabel: CO2-uitstoot sector publieke dienstverlening t.o.v. 1990, klimaatdoelen en ambitie

Behalve het terugdringen van huishoudelijk afval, waarover gerapporteerd word in de algemene begroting, zijn er nog geen heldere doelstellingen op circulariteit. Daarnaast is er op dit moment nog weinig gegevens beschikbaar over de CO2-uitstoot van bijvoorbeeld consumentengoederen, de bouw en grondstoffen. Hierdoor kunnen we nog niet bepalen of we op koers liggen. Wel weten we dat het kopen van nieuwe materialen en het eten van vlees de grootste indirecte CO₂-impact hebben. Op dit moment gebruikt de gemiddelde Nederlander 3,6 aardes (De verborgen impact, Babette Porcelijn). Het primair grondstoffenverbruik in Eindhoven is nog niet inzichtelijk. In 2022 zal gestart worden met een nulmeting. Hierna kan er gestuurd en gemonitord gaan worden op het grondstoffenverbruik.

26 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

Als gemeente onderstrepen we de landelijke doelstelling om in 2030 50% minder primaire grondstoffen te gebruiken en in 2050 volledig circulair te zijn. Hierbij hanteren we als uitgangspunt ‘afval voor de één is grondstof voor de ander’. Daarom starten we met het in kaart brengen van de materiaal-, goederen- en afvalstromen die door de stad heen gaan. Per stroom bepalen we onze rol als organisatie en de stakeholders die we nodig hebben om tot circulaire ketens te komen. Samen met de woningcorporatie versnellen we in het Duurzaamheidspact de transitie naar een circulaire bouw. De grote woningbouwopgave waar de stad voor staat, gaan we zo duurzaam en circulair mogelijk invullen. We betrekken de markt in de bouwsector daarbij door het partnerschap met Cirkelstad Eindhoven uit te bouwen en Cirkelstad in te zetten als netwerk en platform voor dialoog en marktconsultaties. Focus 2023 ƒ het opstellen van een plan voor circulaire economie, waarbij we in lijn met de ambities van het Rijk streven naar 50% minder primair grondstoffengebruik in 2030; ƒ het in kaart brengen van afval- en materiaal stromen die de stad in gaan, verbruikt worden en de stad weer uitgaan. Aan de hand van de verkregen inzichten bepalen we onze rol binnen thema’s als bouw, industrie en voedsel; ƒ rolbepaling van de gemeentelijke organisatie in de verschillende deelopgaven op circulariteit.

Hiervoor verkennen we verder welke wet- en regelgeving kan helpen, maar ook welke middelen en capaciteit beschikbaar zijn; ƒ circulariteit binnen het Duurzaamheidspact versnellen, door een gezamenlijke taal en methodiek te ontwikkelen en ketenpartners (bouwers, onderhoudsaannemers etc.) hierin te betrekken; ƒ het verder uitbouwen van Cirkelstad Eindhoven als kennisnetwerk tot een regionale strategie voor een circulaire bouwsector. Hier delen we de kennis die we hebben opgedaan met de renovatie van het Stadhuis, met projecten als Bosrijk Meerhoven en met de City Deal Circulair en Conceptueel Bouwen. Hierin werken we nadrukke­ lijk samen met The New Block op Strijp-S als ontmoetingsruimte en debatpodium voor circulariteit en duurzaamheid.

5

Hoe staan we ervoor

Conclusie

Vervolg

ƒ We zetten stappen in de goede richting om het klimaatdoel van 2030 te halen. De CO2 reductie moet 1,2x zo snel om het klimaatdoel van 2030 te halen. In de vorige klimaatbegroting was de schatting nog 2-3x. Dit komt door de sterke daling in de CO2-uitstoot de afgelopen jaren. Let op: de huidige trend zal zich waar­ schijnlijk niet zo rooskleurig doorzetten vanwege 1) het afvlakken van de verduur­ zaming van de landelijke elektriciteitsmix en 2) het afnemen van het effect van de coronapandemie. Tegelijk zullen de stijgende energieprijzen, mede als gevolg van de oorlog in Oekraïne, naar verwachting een extra impuls geven aan besparingsmaatregelen. ƒ Om het klimaatdoel te halen is met name een versnelling van de CO2 reductie nodig in de mobiliteitssector. ƒ De sector wonen moet 1,5x versnellen om het doel te halen ƒ De sector industrie & bedrijfsleven en publieke dienstverlening liggen op schema om het klimaatdoel te halen. ƒ Het realiseren van de infrastructuur voor het nieuwe energiesysteem moet sterk versnellen om de verduurzaming van de sectoren te kunnen blijven faciliteren. Denk hierbij aan het verzwaren van het elektriciteitsnet, het aanleggen van warmtenetten en laadpalen en het opwekken en opslaan van duurzame energie. Onze weg richting een circulaire samenleving staat nog in de kinderschoenen.

Er wordt in 2023 een nulmeting uitgevoerd om de grondstoffenstromen in beeld te krijgen. Vanuit hier kunnen vervolgstappen worden gezet richting een circulaire samenleving. ƒ De gemeentelijke organisatie heeft afgelopen jaren grote stappen gezet richting het verduurzamen van de gemeentelijke gebouwen en vastgoed. Dit wordt komende jaren voortgezet. ƒ Om onze ambitie van Missie Europa en dus klimaatneutraal in 2030 te halen, is een versnelling van 7x keer van de CO2-reductie nodig. Hiervoor is een versnelling van 2,3x nodig voor de directe CO2-uitstoot en zal een trendbreuk nodig zijn voor de indirecte CO2-uitstoot. Momenteel stijgt de indirecte CO2-uitstoot nog, we zullen dus de komende jaren een stuk minder en duurzamer moeten consumeren om deze ambitie te halen.

ƒ In het bestuursakkoord zijn klimaatmitigatie- en adaptatie belangrijke thema’s. Hierdoor zijn de komende jaren extra middelen beschikbaar om in te zetten op het behalen van de klimaatdoelen. Hiermee intensiveren we onze activiteiten. ƒ De gemeente Eindhoven is nog steeds afhankelijk van de Provincie, het Rijk en Europa om onze doelen te halen aangezien de opgave groot is. Gezamenlijk optrekken, stimulerende wettelijke kaders en inzet van middelen vanuit de provin­ ciale, landelijke overheid en Europa is nodig om de versnelling en opschaling van de energietransitie en circulaire economie in de gemeente Eindhoven mogelijk te maken. ƒ We vertalen onze klimaatambities naar concrete doelstellingen voor de verschillende programma’s en sectoren binnen de gemeente. Dat betekent dat alle organisatieonderdelen een eigen verantwoordelijkheid hebben in de aanpak van klimaatverandering en daartoe uitgerust zijn. ƒ We werken op dit moment verder uit wat er nodig is om de ambitie van Missie Europa te halen op het gebied van doelen, uitvoering en middelen. Hier wordt in het vierde kwartaal van 2022 een eerste aanzet voor gemaakt. ƒ Innovatie is noodzakelijk om de energietransitie mogelijk te maken.

Samen met kennisinstellingen, Brainport Development, Urban Development Initiative (UDI), woningcorporaties, organisaties en bedrijven stimuleren we onderzoek naar de ontwikkeling en toepassing van innovaties.

27 Klimaatbegroting, gemeente Eindhoven, 2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11888498/1