22bst00509 - Bijlage 2a - Bestemmingsplan IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88)
Tekst van het document
Gemeentelijk beleid
5.2.4.1 Gemeentelijk Rioleringsplan (2019-2022) Het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) verantwoordt aan de inwoners van Eindhoven de ambities en bijbehorende maatregelen en middelen op watergebied. In het GRP 2019 – 2022 wordt aangegeven op welke wijze er omgegaan wordt met de zorgplichten rondom afval-, hemel- en grondwater. Hiervoor zijn in het plan activiteiten opgenomen enerzijds gericht op het beheer en onderhoud en anderzijds op het verbeteren van vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
53
de oppervlaktewaterkwaliteit en het hydraulisch functioneren van het rioolstelsel. Speerpunt van het GRP is het inspelen op de klimaatverandering welke extreme regenbuien, langdurige droogteperiodes en hittestress met zich meebrengt. Hiervoor zijn uitgangspunten, richtlijnen en ontwerpnormen uit het klimaatplan 2016-2020 en de hierin benoemde beleidsregel ´Klimaat robuust (her)inrichten en ruimtelijk ontwikkelen´ nader uitgewerkt. Concreet betekent dit dat voor het aspect water bij nieuwe ontwikkelingen 60mm berging gerealiseerd dient te worden over het totaal verhard oppervlak binnen het plangebied. Daarbij kan de waterbergingseis gereduceerd worden naargelang de hoeveelheid groen binnen datzelfde plangebied. Om initiatiefnemers te ondersteunen heeft de gemeente een website ontwikkeld waar de benodigde waterberging kan worden berekend en voorbeelden zijn beschreven om invulling te geven aan de opgave. 5.2.5
Waterplan
Het Waterplan is een plan dat is opgesteld door de gemeente Eindhoven, Waterschap De Dommel, de provincie Noord-Brabant en het (drink)waterleidingbedrijf Brabant Water. Het plan omvat drie delen. Het "Visiedocument" (vastgesteld door de gemeenteraad op 26 januari 2004) geeft het gezamenlijke streefbeeld van de waterpartijen weer. De onderdelen "Taken en Bevoegdheden" en "Maatregelen" zijn achterhaald.
5.3
Beschrijving watersysteem plangebied
5.3.1
Checklist watersysteem
5.3.2
Gebied specifieke eigenschappen m.b.t. water
Er zijn geen gebiedspecifieke eigenschappen met betrekking tot het water relevant voor het planvoornemen. 5.3.3
Oppervlaktewater
In het plangebied of de directe omgeving daarvan is geen oppervlaktewater aanwezig. 5.3.4
Verharding
Het plangebied is voor circa 500 m² verhard in de huidige situatie.
54
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
5.3.5
Bodemopbouw
Er heeft geen specifiek onderzoek plaatsgevonden naar de infiltratiecapaciteit van de bodem. Wel stelt de gemeente Eindhoven dat infiltratiecapaciteit van de bodem binnen de Rondweg van Eindhoven als slecht gezien kan worden. Op basis van eerder uitgevoerd onderzoek (BK Ingenieurs, Stuiverstraat 82 - 88) in de directe omgeving van het plangebied kan de bodem ter plaatse van de locatie als volgt worden geschematiseerd:
De provinciale kwel- en infiltratiekaart weergeeft voor het plangebied de aanduiding ‘infiltratie’. Infiltratie zou derhalve, mede gelet op de bodemopbouw, in principe mogelijk moeten zijn. 5.3.6
Grondwater
Uit de inventarisatie van bodemonderzoeken is gebleken dat het freatisch grondwater zich op een diepte van 0,84 m-mv bevindt. Voor zover bekend vinden in de directe omgeving van de locatie geen grootschalige grondwateronttrekkingen plaats die een directe invloed hebben op de grondwaterstand en grondwaterstroming op de locatie. 5.3.7
Regenwater
Het regenwater dat op daken en wegen valt, stroomt overwegend af naar de riolering. De riolering in dit gebied is gescheiden uitgevoerd, waardoor regenwater naar het hemelwaterstelsel afgevoerd wordt naar oppervlaktewater buiten het plangebied. Overig regenwater infiltreert, afhankelijk van de doorlatendheid, in de bodem. 5.3.8
Afvalwater
Afvalwater van de toekomstige woningen zal worden aangeboden aan het gescheiden riool.
5.4
Toekomstige situatie van het watersysteem
5.4.1
Verharding
De aanwezige bebouwing binnen het plangebied is gesloopt. Het nieuw aan te leggen verharding en het nieuw (particulier) groen is ingevuld in de online rekentool van de gemeente Eindhoven. 711 m² aan traditioneel dak; 1203 m² aan gesloten of open bestrating; 102 m² aan nieuw (particulier) groen. 5.4.2
Berging
De benodigde retentie moet op eigen terrein worden opgevangen. De gemeente Eindhoven hanteert een retentie eis van 60 mm per m² voor ontwikkelingen groter dan 250 m². Uit de rekentool van de gemeente Eindhoven volgt een resterende waterbergingsopgave van in eerste instantie 52,6 m³. Afhankelijk van de te kiezen oplossing bedraagt de te realiseren berging namelijk tussen de 40,5 en 65,8 m³. Het plangebied is gelegen in een groenarme wijk. De gemeente Eindhoven stimuleert in dergelijke wijken groene en bovengrondse oplossingen. Indien gekozen wordt, wanneer een groen dak wordt gerealiseerd, voor extra substraatberging bij een nieuw groen dak of voor extra waterberging op het maaiveld (in de vorm van een wadi of vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
55
sloot bijvoorbeeld) resulteert dit in een bonus van respectievelijk 20% tot 30% per m³ bovenop hetgeen wat gerealiseerd wordt. Indien gekozen wordt om extra waterberging in ondergrondse voorzieningen met leegloop op het gemeentelijk riool geldt een malus van 20% per m³. De berging kan gerealiseerd worden door middel van regentonnen, een regenwateropslag onder de parkeervoorzieningen, verlaging op eigen terrein of (indien geen zichtbaar water wenselijk is) infiltratiekratten. Door een regenton dusdanig te construeren dat deze vanaf een bepaald waterniveau langzaam leegloopt op de erfverharding richting onverhard terrein kan ter plaatse infiltratie van het hemelwater afkomstig van deze daken plaatsvinden. Het water uit de regenton kan bovendien worden gebruikt voor het begieten of besproeien van de tuin in droge periodes (maar ook voor kamerplanten en bepaalde schoonmaakklussen). Hierbij moet worden opgemerkt dat infiltratie in het algemeen in Eindhoven als slecht wordt beoordeeld. Op het terrein worden duurzame groenstructuren zoals hagen gerealiseerd die ook water vasthouden. Daarnaast zouden er op de bergingen vegetatiedaken kunnen worden aangelegd die een deel van het hemelwater zouden kunnen opvangen. Verder zou de afwatering plaats kunnen vinden door middel van molgoten met kolken.
Het water wordt hierdoor zo veel mogelijk zichtbaar afgevoerd, van woningen via molgoten naar de centrale bergingsvoorzieningen. Uiteraard kan er ook voor een combinatie van oplossingsrichtingen worden gekozen. In dit plan wordt aan de hand van de richtlijnen en in combinatie met de infiltratiecapaciteit gekeken naar de mogelijkheden om de water op eigen terrein te bergen. De exacte locatie, dimensionering en uitwerking van de bergingsmogelijkheden zal in samenspraak met initiatiefnemer en gemeente nader worden bepaald. Voor alle oplossingsrichtingen geldt sowieso dat het regenwater en afvalwater gescheiden zal worden ingezameld. 5.4.3
Oppervlaktewater
In de toekomstige situatie wordt geen oppervlaktewater binnen het plangebied gerealiseerd. 5.4.4
Waterkwaliteit
De afkoppeling van het hemelwater van het afvalwater maakt dat er in de bebouwing geen materialen gebruikt mogen worden die de grondwaterkwaliteit negatief kunnen beïnvloeden, zoals uitlogende materialen, bijvoorbeeld zink en lood. In het afwateringssysteem van de daken moeten voorzieningen worden aangebracht om vaste bestanddelen als bladeren, zand, ander sediment en dergelijke achter te houden zodat het systeem niet verstopt raakt of dicht gaat slibben in de tijd. Deze voorzieningen moeten goed bereikbaar blijven om ze regelmatig te kunnen onderhouden en reinigen. Het is niet toegestaan chemische bestrijdingsmiddelen toe te passen of agressieve reinigingsmiddelen te gebruiken op de af te koppelen verharde oppervlakken. Het is in beperkte mate toegestaan tijdens gladheid door bevriezing of sneeuwval zout als gladheidbestrijdingsmiddel op de bestrating toe te passen. Een alternatief kan bijvoorbeeld zand zijn. Voor alle oplossingsrichtingen geldt sowieso dat het regenwater en afvalwater gescheiden zal worden ingezameld
56
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 6
6.1
Juridische vormgeving
Algemeen
Het bestemmingsplan "IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88)" is te typeren als een gedetailleerd plan. De methodiek van het bestemmingsplan is gebaseerd op de SVBP2012. Waar dat noodzakelijk is wordt afgeweken van de standaard en is specifiek ingespeeld op de situatie binnen het onderhavige plangebied.
6.2
Planmethodiek
Er is, conform de Wro, gekozen voor een analoge en digitale verbeelding van het plan. Aan de bestemmingen zijn bouw- en gebruiksregels gekoppeld die direct inzichtelijk maken welke ontwikkelingen zijn toegestaan. Verbeelding en regels bieden een directe bouwtitel voor bebouwing en gebruik. Al dan niet in combinatie met een nadere - eisen - regeling.
6.3
Verbeelding
Op de analoge en digitale verbeelding hebben alle gronden binnen het plangebied een bestemming gekregen. Binnen een bestemming kunnen nadere aanduidingen zijn aangegeven. Deze aanduidingen hebben slechts juridische betekenis indien en voor zover hier in de regels naar wordt verwezen. In verband met de leesbaarheid is het plan op een topografische ondergrond getekend. De bestemmingen en de aanduidingen zijn ingedeeld in hoofdgroepen volgens de SVBP2012 en zijn op de verbeelding opgenomen in het renvooi. Opgemerkt wordt dat de analoge en digitale verbeelding qua verschijning van elkaar verschillen. Dit heeft ermee te maken dat de manier van raadplegen anders is. De digitale verbeelding is juridisch bindend.
6.4
Planregels
De planregels zijn ondergebracht in inleidende regels, bestemmingsregels, algemene regels en overgangs- en slotregels. De Inleidende regels bestaan uit begrippen en de wijze van meten. Dit is om te voorkomen dat er discussie ontstaat over de interpretatie van de regels. In "Artikel 1 Begrippen" wordt een omschrijving gegeven van de in de regels gehanteerde begrippen. Als in de regels begrippen voorkomen die niet in dit artikel zijn opgenomen, dan geldt hiervoor de uitleg/interpretatie conform het normale taalgebruik. In "Artikel 2 Wijze van meten" zijn de te gebruiken meetmethodes opgenomen. De regels bij de bestemmingen worden hierna afzonderlijk toegelicht. Bestemming `Wonen" (Artikel 3) Hoofdgebouwen moeten binnen de bouwvlakken worden gebouwd waarbij de bouwvlakken volledig mogen worden bebouwd. De maximale bouwhoogte is opgenomen op de verbeelding. Waar bijgebouwen zijn toegestaan is de aanduiding bijgebouwen opgenomen. Aan huis-verbonden-beroepen Het gebruik van ruimten voor aan huis verbonden beroepen is binnen de woonbestemming toegestaan (tot maximaal 50 m2). Via een afwijking is het onder bepaalde voorwaarden mogelijk om maximaal 75 m² vloeroppervlak te benutten voor aan huis gebonden beroepen. Tevens is het onder bepaalde voorwaarden mogelijk om maximaal 30 m2 te benutten voor vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
57
kleinschalige bedrijvigheid. Onder de Algemene regels zijn opgenomen de Anti-dubbeltelregel, de Overige regels en de Algemene afwijkingsregels. In de Overgangs- en slotregels zijn het Overgangsrecht en de Slotregel opgenomen.
58
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 7
Handhaving
Handhavingsnota Leefomgeving 2018-2021 In Eindhoven streven we naar een aantrekkelijke stad waar inwoners en bezoekers zich welkom, thuis en veilig voelen. Voor het behoud van een prettige leefomgeving zijn regels nodig. Het voorkomen van overtredingen en de bereidheid om regels na te leven heeft een hoge prioriteit. Hoe dit wordt vormgegeven staat in de 'nota Handhaving Leefomgeving 2018-2021'. De nota is op 27 februari 2018 door het college vastgesteld. Het is een integraal beleidsplan waarin op hoofdlijnen de keuzes voor het handhaven van de fysieke leefomgeving staan beschreven. Op basis van de nota wordt jaarlijks een uitvoeringsplan opgesteld waarin de aanpak wordt geconcretiseerd. Uitgangspunten Bij de vertaling van dit beleidskader naar een concreet, jaarlijks uitvoeringsplan worden een aantal uitgangspunten in acht genomen. De belangrijkste uitgangspunten zijn: Informatie gestuurd De gemeente Eindhoven ziet informatie gestuurde handhaving als een belangrijke pijler. Er zijn ontwikkelingen op het gebied van ICT en data analyse. Door gemeentelijke en andere informatiebronnen te ontsluiten, te analyseren en te combineren kunnen we een problematiek eerder (of preventief) en gerichter aanpakken. Gebiedsgericht Om optimaal in te kunnen spelen op vraagstukken van inwoners zet de gemeente Eindhoven binnen het ruimtelijk domein al geruime tijd in op gebiedsgericht toezicht.
Dit doen we door vanuit een actieve samenwerking met wijkteams - te kijken naar naleefgedrag, oorzaken en oplossingen gerelateerd aan geografische gebieden. Er zijn verschillende vragen, doelgroepen en belangen. Kennis wordt gedeeld en ervaringen van inwoners en bedrijven worden verzameld. Deze input is van invloed op de prioriteiten in het jaarlijkse uitvoeringsplan, waar mogelijk toegespitst op een specifieke wijk. Per wijk kunnen er dus op basis van gebiedsanalyses en bijvoorbeeld buurtcontracten verschillende bouwstenen zijn voor het uitvoeringsplan. Risico- en oplossingsgerichte benadering De gemeente Eindhoven benadert toezicht en handhaving risico- en oplossingsgericht. De prioriteiten worden in beginsel gebaseerd op een inschatting van de veiligheids- en gezondheidsrisico's voor inwoners. Ook aspecten als leefbaarheid, duurzaamheid en omgevingskwaliteit wegen in belangrijke mate mee. Daarnaast worden prioriteiten mede gebaseerd op wat inwoners en bedrijven belangrijk vinden. Eindhoven hecht eraan om vraagstukken waar mogelijk gezamenlijk op te lossen. Er zijn onderwerpen die in algemene zin aandacht vragen. Brandveilig gebruik van woongebouwen verdient (nog) meer aandacht, in de context van kwetsbare groepen die langer zelfstandig blijven wonen. Ook aanpak van jeugdoverlast, duurzaamheid en de bestaande bouw zijn voorbeelden.
Er wordt gezocht naar de beste oplossing die nodig is voor het versterken van de veiligheid in de leefomgeving van onze inwoners. Hiermee ontstaat een risicoanalyse op basis waarvan vervolgens de prioriteiten binnen het toezicht worden gesteld. Consequent en doelmatig Uitvoeringsplannen en jaarverslagen bevatten een overzicht van de inzet en capaciteit voor handhaving. In het verlengde van informatie gestuurde en oplossingsgerichte handhaving vergt doelmatige handhaving een analyse van resultaten. Meetbare doelen om te beoordelen of de beschikbare capaciteit zo doelmatig mogelijk wordt ingezet. We beogen in de komende jaren een ontwikkeling door te maken in de vierslag capaciteit – prioriteit – risicoanalyse vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
59
nalevingsniveau. Dit moet onder andere leiden tot meer inzicht in de relatie tussen handhavingsinspanningen en het nalevingsniveau (effect). Prioritering De gemeente Eindhoven maakt keuzes om ervoor te zorgen dat de beschikbare capaciteit zo adequaat mogelijk wordt ingezet. Om goede prioriteiten te stellen is inzicht noodzakelijk in mogelijke problemen, de risico's en negatieve effecten. Hierdoor kan beter ingespeeld worden op de grootste ergernissen en notoire overtreders en draagt handhaving bij aan een verhoogd gevoel van veiligheid. Met inachtneming van de uitgangspunten zijn in de nota prioriteiten gesteld. Aan de hand van deze prioriteiten, het budget uit de programmabegroting, incidentele bestuurlijke prioriteiten en het naleefgedrag van burgers en bedrijven, wordt jaarlijks het uitvoeringsplan voor toezicht en handhavingsprogramma opgesteld. Uitvoeringsplan In het uitvoeringsplan wordt op hoofdlijnen opgenomen waar de capaciteit dat jaar wordt ingezet. Daarbij is een onderverdeling gemaakt in: Object en informatiegericht Bouwen en Wonen Openbare leefomgeving Bedrijven Gebiedsgericht Pilot Veiligheid en leefbaarheid Actiegebieden Themagericht Bij ieder onderdeel worden jaarlijks een aantal belangrijke ontwikkelingen op het gebied van toezicht en handhaving opgenomen. Dat kan bijvoorbeeld gaan om woonoverlast bij de Activiteiten Bouwen & Wonen.
Of duurzaamheid en energiebesparing bij de Activiteiten Bedrijven. Bovengenoemde onderverdeling komt in elk uitvoeringsplan terug. Per jaar wordt aangegeven welke prioriteit een onderdeel heeft en hoeveel capaciteit er wordt ingezet. Duidelijke regels Om overtredingen te voorkomen en goed te kunnen handhaven is het belangrijk dat regels duidelijk zijn. Het moet duidelijk zijn wat wel en niet mag. Regels dienen niet voor verschillende uitleg vatbaar te zijn. Bij het opstellen van bestemmingsplannen is daarom gekozen voor een zo helder mogelijke juridische methodiek. De regels zijn zo geschreven, dat deze in de praktijk goed toetsbaar zijn. De juridische toelichting op het bestemmingsplan en de begrippenlijst geven nadere uitleg over de regels en over de begrippen die gebruikt worden.
60
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 8
Financiële aspecten
Bij de vaststelling van een bestemmingsplan, waarin ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt, dient de gemeenteraad eveneens een exploitatieplan vast te stellen. Dit heeft te maken met de wettelijke verplichting om de kosten; die de gemeente moet maken om deze ontwikkeling mogelijk te maken, te verhalen op de eigenaar/ontwikkelaar. Van deze verplichting tot het vaststellen van een exploitatieplan kan worden afgezien indien het kostenverhaal op een andere manier is geregeld. Dit kan bijvoorbeeld door middel van gemeentelijke gronduitgifte of door het afsluiten van een overeenkomst. Ook kan er sprake zijn van zogenaamde "kruimelgevallen". Het komt er hierbij op neer dat de door de gemeente te maken kosten beperkt zijn en de kosten verhaald kunnen worden via de legesverordening. Voorwaarde hierbij is dat er geen sprake is van fasering, locatie-eisen of eisen aan woningbouwcategorieën. Er is in casu een anterieure overeenkomst afgesloten zodat er geen verplichting bestaat tot het vaststellen van een exploitatieplan.
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
61
62
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 9 Procedure en maatschappelijke uitvoerbaarheid
9.1
Bekendmaking ex artikel 1.3.1. Bro
Op grond van artikel 1.3.1. van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) moet van het voornemen een bestemmingsplan voor te bereiden, kennis worden gegeven. De kennisgeving van de voorbereiding van onderhavig bestemmingsplan is geplaatst in Groot Eindhoven op 28 augustus 2019. De kennisgeving is tevens bij de officiële publicaties op de gemeentelijke website www.eindhoven.nl geplaatst. Er zijn geen stukken betreffende het voornemen ter inzage gelegd, noch de mogelijkheid open gesteld om zienswijzen tegen het voornemen in te dienen of instanties om advies te vragen.
9.2
Overleg ex artikel 3.1.1. Bro
Op grond van artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) moeten burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met de rijks- en provinciale diensten die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. Bij de voorbereiding is overleg geweest met PM
9.3
Inspraak
Per 1 oktober 2008 is de "Verordening Samenspraak en Inspraak gemeente Eindhoven 2008" in werking getreden. Het doel hiervan is het betrekken van burgers bij de besluitvorming. Op 5 november 2019 is er een informatiebijeenkomst geweest. Deze is door circa 50 personen bezocht. Hieronder is een samenvatting van de ontvangen reacties weergegeven. De buurt is schriftelijk uitgenodigd voor een informatieavond op 5 november 2019. Tijdens deze avond zijn diverse omwonenden en andere belanghebbenden (circa 50) geïnformeerd over het planvoornemen en was er gelegenheid om vragen te stellen. De aanwezigen signaleerden een algemeen parkeerprobleem in de wijk, zeker na het invoeren van betaald parkeren in de naastgelegen Rochusbuurt. De opmerkingen hierover richten zich niet tegen het bouwplan dat op zich voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein heeft, maar in het steeds moeilijker vinden van een parkeerplek bij de eigen woning. Naast het parkeren zijn er kritische opmerkingen gemaakt over het aandeel groen in het project, verdichting, behoud cultuurhistorie (oude fabrieksmuur Boelaars & De Vries) en privacy. Helaas had Brabants Wonen het verslag van de inloopavond niet aangeboden aan de bewonersorganisatie en daarmee de organisatie geen kans geboden om feedback te geven op het verslag.
Een afvaardiging van de bewonersorganisatie was aanwezig bij de betreffende inloopavond en heeft zich verbaasd over het verslag dat een veel te rooskleurig beeld geeft. De aanwezige buurtbewoners waren overwegend bezorgd en kritisch. Volgens de omwonenden is de kritiek van de omwonenden genegeerd. Naar aanleiding van de klachten van de bezoekers van de inloopavond over de niet juiste weergave van het verslag van de avond, heeft de gemeente besloten om ambtelijk een vervolg te geven aan dit verschil van inzicht tussen omwonenden en Brabants Wonen. In het kader van de corona maatregelen in 2020 en 2021 was ervoor gekozen om via Teams diverse bijeenkomsten te beleggen. Doel van deze bijeenkomsten was om de bewoners, in aanwezigheid van Brabants Wonen en ambtenaren van de gemeente, hun zorgen over het vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
63
plan nogmaals te bespreken. Dit is deels gelukt. Weliswaar zijn de zorgen over en weer besproken, maar tot een gezamenlijke oplossing is het niet gekomen. Als gevolg daarvan hebben wij voorgesteld om deze zaak voor te leggen aan het mediation team van 'Mediatorspool Brabant'. Helaas heeft dit traject ook niet het gewenste resultaat opgeleverd en bleken de verschillen te groot te zijn om de mediation daadwerkelijk te starten. In het bestemmingsplan zijn 25 parkeerplaatsen voorzien op eigen terrein. Ook voldoet het plan aan het groenbeleid van de gemeente. Trefpunt Groen Eindhoven staat positief tegenover het nieuwe bestemmingsplan. De Henri van Abbe Stichting vraagt aandacht voor de beeldbepalende muur op de scheiding van het plangebied met het achterliggende monumentale pand Tongelresestraat 18. In de regels is een vergunningsplicht opgenomen voor het geheel of gedeeltelijk slopen of verwijderen van de karakteristieke muur. Deze muur is daarmee juridisch beschermd en geborgd.
9.4
Zienswijzen
Het ontwerp bestemmingsplan 'IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88)' heeft vanaf donderdag 4 juni 2020 tot en met woensdag 15 juli 2020 ter inzage gelegen. Er zijn 10 zienswijzen ingediend. Deze zienswijzen hebben betrekking op de parkeerdruk in de wijk, stedenbouwkundige opzet en overlast in de buurt.. De zienswijzen zijn samengevat en voorzien van een beantwoording in de bijgevoegde 'Nota van zienswijzen'. De zienswijzen hebben niet geleid tot aanpassing van het bestemmingsplan.
64
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Vastgesteld bestemmingsplan
IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 8288)
maart 2022
IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88)
Inhoudsopgave Regels
3
Hoofdstuk 1 Inleidende regels
5
Artikel 1
Begrippen
5
Artikel 2
Wijze van meten
9
Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels
11
Artikel 3
Wonen
11
Artikel 4
Algemene afwijkingsregels
15
Artikel 5
Overige regels
17
Hoofdstuk 3 Algemene regels
19
Artikel 6
19
Anti-dubbeltelregel
Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels
21
Artikel 7
Overgangsrecht
21
Artikel 8
Slotregel
23
2
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Regels
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
3
4
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 1
Artikel 1 1.1
Inleidende regels
Begrippen
plan
het bestemmingsplan IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) met identificatienummer NL.IMRO.0772.80361-0301 van de gemeente Eindhoven. 1.2
bestemmingsplan
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3
aan-huis-verbonden-beroep
een vrij beroep, dat in of bij een woongebouw wordt uitgeoefend, waarbij het woongebouw in overwegende mate de woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is. Bijvoorbeeld gastouderopvang; detailhandel via internet zonder opslag en/of verkoop aan huis; of het enkel uitoefenen van een administratie ten behoeve van een bedrijf. Onder vrije beroepen worden verstaan: (para)medische, juridische, therapeutische, ontwerp-technische, administratieve, sociaal-maatschappelijke, kunstzinnige en daarmee gelijk te stellen beroepen. 1.4
aanbouw
een gebouw dat als afzonderlijke ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw waarmee het in directe verbinding staat, welk gebouw onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.5
aanduiding
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.6
aanduidingsgrens
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.7
aaneengebouwde woning
een woning die deel uitmaakt van een bouwmassa bestaande uit drie of meer hoofdgebouwen. 1.8
Actualisatie nota parkeernormen 2019
parkeernormen gepubliceerd op 3 oktober 2019 en in werking getreden op 4 oktober 2019. 1.9
archeologische waarde
de aan een gebied toegekende waarde in verband met de in het gebied voorkomende overblijfselen uit oude tijden.
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
5
1.10
bebouwing
één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde. 1.11
bestaande situatie
bij bouwwerken: legale bouwwerken die aanwezig of in uitvoering zijn op het tijdstip van ter visie legging van het ontwerp van het bestemmingsplan, dan wel bouwwerken zoals die mogen worden gebouwd krachtens een vergunning; bij gebruik: legaal gebruik van grond en opstallen zoals aanwezig tijdens de inwerkingtreding van het bestemmingsplan. 1.12
bestemmingsgrens
de grens van een bestemmingsvlak. 1.13
bestemmingsvlak
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.14
bijgebouw
een op zichzelf staand al dan niet vrijstaand gebouw, dat door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.15
bouwen
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.16
bouwgrens
de grens van een bouwvlak. 1.17
bouwlaag
een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren (of horizontale balklagen) is begrensd en waarvan de lagen een nagenoeg gelijke omvang hebben, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw, dakopbouw en/of zolder. 1.18
bouwperceel
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.19
bouwperceelgrens
een grens van een bouwperceel. 1.20
bouwvlak
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.21
bouwwerk
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. 1.22
dak
iedere bovenbeëindiging van een gebouw.
6
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
1.23
dienstverlenend bedrijf en/of dienstverlenende instelling
bedrijf of instelling waarvan de werkzaamheden bestaan uit het verlenen van diensten aan derden, waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen, waaronder zijn begrepen kapperszaken, belwinkels, internetcafé, schoonheidsinstituten, fotostudio´s en naar de aard daarmee gelijk te stellen bedrijven en inrichtingen, evenwel met uitzondering van een garagebedrijf en een seksinrichting. 1.24
gebouw
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.25
kamerverhuur
woonvorm waarbij sprake is van woonruimte die geen eigen afzonderlijke toegang heeft en waarbij de bewoner afhankelijk is van één of meer gedeelde wezenlijke voorzieningen (keuken, douche/bad en/of toilet) buiten die onzelfstandige woonruimte. 1.26
natuurwaarde
de aan een gebied toegekende waarde, gekenmerkt door geologisch, geomorfologische, bodemkundige en biologische elementen, zowel afzonderlijk als in onderlinge samenhang. 1.27
nutsvoorzieningen
voorzieningen ten behoeve van algemeen nut in ruime zin zoals: voorzieningen / installaties ten behoeve van gas, water en elektriciteit, signaalverdeling, telecommunicatieverkeer, waterzuivering, waterbeheersing, waterhuishouding, vuil- en afvalverwerking, compostering, wijkverwarming, milieuvoorzieningen e.d. 1.28
parkeerbalans
met een parkeerbalans wordt de (on)balans berekend tussen parkeervraag en parkeeraanbod binnen een bepaald gebied. Vaak valt de parkeervraag van functies niet samen in de tijd. Gecombineerd gebruik van parkeerplaatsen is dan mogelijk (dubbelgebruik). 1.29
peil
0.30 m' boven de kruin van de weg. 1.30
voorgevel
de naar de weg of aan het openbaar gebied gekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft van meer dan één naar de weg of het openbaar gebied gekeerde gevel, de gevel die door zijn aard, functie, constructie dan wel gelet op uitstraling ervan als belangrijkste gevel kan worden aangemerkt. 1.31
voorgevelrooilijn
De denkbeeldige lijn die strak langs de voorgevel wordt getrokken tot aan de zijdelingse perceelsgrenzen. 1.32
voorkeursgrenswaarde
de toelaatbare waarde voor de geluidbelasting, zoals deze rechtstreeks kan worden afgeleid uit de Wet geluidhinder c.q. het Besluit geluidhinder. 1.33
water
al het oppervlaktewater zoals sloten, greppels, (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen.
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
7
1.34
waterberging
voorziening voor het tijdelijk vasthouden van regenwater dat afstroomt vanaf de oppervlakte van een bouwwerk. 1.35
waterhuishoudkundige voorzieningen
voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging, hemelwaterinfiltratie en waterkwaliteit (zoals duikers, stuwen, infiltratievoorzieningen, gemalen, inlaten, sloten, greppels en vijvers, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen etc.). 1.36
Wet geluidhinder
Wet van 16 februari 1979 (Stb. 99) houdende regels inzake het voorkomen of beperken van geluidhinder, zoals deze luidde op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan. 1.37
Wet milieubeheer
Wet van 13 juni 1979 (Stb. 442) houdende regelen met betrekking tot een aantal algemene onderwerpen op het gebied van de milieuhygiëne, zoals deze luidde op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan. 1.38
Wet ruimtelijke ordening
Wet van 20 oktober 2006 (Stb. 2006, nr. 566) houdende nieuwe regels omtrent de ruimtelijke ordening, zoals deze luidde op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van dit bestemmingsplan. 1.39
woning
een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden, dan wel voor de huisvesting van maximaal twee personen die geen gezamenlijk huishouden voeren. Een woonwagen wordt niet tot een woning gerekend.
8
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1
bebouwingspercentage
een aangegeven percentage, dat de grootte van het deel van het bouwvlak aangeeft dat maximaal mag worden bebouwd. 2.2
dakhelling
langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak. 2.3
goothoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeiboord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.4
inhoud van een bouwwerk
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.5
bouwhoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, liftopbouwen, installatieruimten en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.6
oppervlakte van een bouwwerk
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.7
hoogte van een windturbine
vanaf het peil tot aan de (wieken)as van de windturbine. 2.8
ondergeschikte bouwdelen
bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen wordt de overschrijding van de bouwgrens door ondergeschikte bouwdelen, zoals plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, gevel- en kroonlijsten, gevelisolatie, ventilatiekanalen, reclameaanduidingen, luifels, erkers, balkons en overstekende daken e.d. buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van de bouwgrens niet meer dan 1 meter bedraagt.
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
9
10
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 2
Artikel 3
Bestemmingsregels
Wonen
3.1
Bestemmingsomschrijving
3.1.1
Bestemming
De voor `Wonen´ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. woongebouwen al dan niet in combinatie met ruimte voor een 'aan huis verbonden beroep'; b. ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouw' zijn uitsluitend bijgebouwen toegestaan. met de daarbij behorende: c. d. e. f. g. h. i. j.
tuinen, erven en terreinen; wegen en paden; parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; speelvoorzieningen; water en waterhuishoudkundige voorzieningen; voorzieningen voor het opwekken van duurzame energie; gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde;
met dien verstande dat: a. b. c. d.
een woning niet mag worden gesplitst in twee of meerdere woningen; het maximaal aantal woningen bedraagt 26; kamerverhuur niet is toegestaan, tenzij het een bestaande situatie betreft. de vloeroppervlakte ten behoeve van een aan -huis-verbonden-beroep niet meer dan 50 m2 mag bedragen.
3.2
Bouwregels
3.2.1
Hoofdgebouwen
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. een hoofdgebouw mag uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak' worden gebouwd; b. erkers, balkons galerijen en luifels van hoofdgebouwen mogen worden gebouwd met overschrijding van de grens van de aanduiding ‘bouwvlak’ tot een maximum overschrijding van 2 meter, met dien verstande dat er binnen het bestemmingsvlak één brandtrap / noodtrap mag worden gebouwd met een overschrijding van de grens van de aanduiding ‘bouwvlak’ tot een maximumoverschrijding van 3,5 meter; c. maximum goot- en bouwhoogte bedragen de hoogte zoals aangegeven ter plaatse van de aanduiding 'maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m)'; 1. het aantal bouwlagen mag niet meer bedragen dan ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal bouwlagen' is aangegeven. 3.2.2
Bijgebouwen
Voor het bouwen van bijgebouwen gelden de volgende regels: a. bijgebouwen dienen minimaal drie meter achter de voorgevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan te worden gebouwd wanneer de zijzijde aan openbaar toegankelijk gebied grenst; in andere gevallen geldt een afstand van minimaal 1 meter; b. de gezamenlijke oppervlakte van bijgebouwen buiten het bouwvlak mag niet meer bedragen dan 75 m2 met dien verstande dat de gezamenlijke oppervlakte van de bebouwing (inclusief hoofdgebouw) niet meer bedraagt dan 65% van de oppervlakte van vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
11
het bouwperceel; voor patiowoningen geldt in deze een percentage van 80%; c. in afwijking van het gestelde onder sub b geldt dat de gezamenlijke oppervlakte van bijgebouwen bij een bouwperceel groter dan 750 m² maximaal 10 % van de oppervlakte van het bouwperceel mag bedragen; d. de goothoogte van bijgebouwen mag niet meer dan 3,5 m bedragen met dien verstande dat de goothoogte niet meer mag bedragen dan de goothoogte van het bijbehorende hoofdgebouw. 3.2.3
Voorzieningen voor het opwekken van duurzame energie
Voor het bouwen van gebouwen ten behoeve van voorzieningen voor het opwekken van duurzame energie gelden de volgende regels: a. de maximum bouwhoogte is 3 m; b. de maximum oppervlakte is 15 m2.
3.2.4
Bouwwerken geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de maximum bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen voor de voorgevelrooilijn bedraagt 1 m; b. de maximum bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de voorgevelrooilijn bedraagt 2 m; c. de maximum bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt 2 m. d. ter plaatse van de bouwaanduiding 'karakteristiek' is tevens een waardevol cultuurhistorische muur aanwezig.
3.3
Afwijken van de bouwregels
Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken voor wat betreft de maximum goothoogte van aan- en uitbouwen en bijgebouwen, indien dat wenselijk is uit een oogpunt van een goede constructieve en/of bouwkundige aansluiting van het bijbehorende bouwwerk bij de hoogte van de verdiepingsvloer van het hoofdgebouw. 3.4
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders kunnen ten behoeve van het behoud van de oorspronkelijke opzet van de bouwwerken die zijn voorzien de bouwaanduiding 'karakteristiek', nadere eisen stellen aan het materiaalgebruik voor de bouwwerken, alsmede aan de situering ervan. 3.5
Specifieke gebruiksregels
3.5.1
Aan-huis-verbonden-beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten
Het gebruik van een gedeelte van de woning voor kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten tot een bedrijfsvloeroppervlakte van maximaal 30 m2 en/of voor een aan-huis-verbonden beroep met een vloeroppervlakte van meer dan 50 m2 met een maximum van 75 m2, is toegestaan mits: a. de totale oppervlakte voor kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten en een aan-huis-verbonden beroep gezamenlijk niet meer dan 75 m2 bedraagt; b. de verkeersaantrekkende werking niet zodanig is, dat ten gevolge daarvan extra verkeersmaatregelen, waaronder extra parkeervoorzieningen op de openbare weg, noodzakelijk worden; c. het niet betreft detailhandel met uitzondering van detailhandel in ter plaatse vervaardigde en/of bewerkte producten; d. het niet betreft vervaardiging van voedsel; e. deze activiteiten door ten hoogste twee personen worden uitgeoefend, waarvan minstens één persoon woonachtig is in het betreffende pand; voor kapsalons geldt dat deze 12
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
activiteit door maximaal één persoon, die tevens in het pand woonachtig is, mag worden uitgeoefend; f. de bedrijfsactiviteiten vallen onder de in Bijlage 1 opgenomen Lijst van bedrijfsactiviteiten bij wonen behorende tot de categorie 1, alsmede bedrijfsactiviteiten die niet in deze lijst zijn opgenomen, maar naar aard en invloed op de omgeving gelijk te stellen zijn met de bedrijfsactiviteiten zoals genoemd in categorie 1 van deze lijst; g. het een dienstverlenend bedrijf en/of dienstverlenende instelling betreft die niet valt onder de sub f genoemde lijst, maar naar aard en invloed op de omgeving gelijk te stellen zijn met de bedrijfsactiviteiten als bedoeld onder sub f. 3.5.2
Strijdig gebruik
Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 3.1.1 wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van bijgebouwen en/of garageboxen voor zelfstandige woonruimte; b. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van een seksinrichting; c. ter plaatse van de aanduiding 'garagebox' het gebruik voor de uitoefening van enige tak van handel, waaronder mede wordt verstaan een aan huis verbonden beroep en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten.
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
13
14
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Artikel 4 4.1
Algemene afwijkingsregels
Binnenplans afwijken
Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de milieusituatie, de verkeersveiligheid, de sociale veiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden, bij een omgevingsvergunning afwijken van: a. de bij recht in de regels gegeven maten, afmetingen, percentages tot niet meer dan 10 % van die maten, afmetingen en percentages, met dien verstande dat ter plaatse van de dubbelbestemming Waarde-Cultuurhistorie-1 geen gebruik kan worden gemaakt van deze afwijkingsbevoegdheid voor zover het betreft afwijking ten behoeve van het overschrijden van de voorgevelrooilijnen, de bestaande goot- en bouwhoogte of de bestaande dakhelling; b. de regels ten aanzien van de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de maximum hoogte van de bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt vergroot tot 10 m, met dien verstande dat de maximum bouwhoogte van erfafscheidingen 2 m is; c. de regels ten aanzien van de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de maximum bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van kunstwerken en van zend-, ontvang- en/of sirenemasten 20 m is. d. de bestemmingsbepalingen en toestaan dat de aanduiding 'bouwvlak' wordt overschreden met maximaal 40 cm ten behoeve van gevelisolatie om energie te besparen; e.
de regels ten aanzien van de realisatie van gebouwen ten behoeve van het opwekken van duurzame energie en toestaan dat de maximum oppervlakte wordt vergroot tot maximaal 100 m2.
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
15
16
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Artikel 5 5.1
Overige regels
Voorwaardelijke verplichting parkeren
a. Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen, staat vast dat voldoende parkeergelegenheid, overeenkomstig de beleidsregels Actualisatie nota parkeernormen 2019 wordt gerealiseerd en in stand gehouden. b. Als de onder sub a bedoelde beleidsregels worden gewijzigd, wordt met die wijziging rekening gehouden.
5.2
Afwijken van parkeereis
Burgemeester en wethouders kunnen bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 5.1 indien: a. uit een parkeerbalans blijkt dat meer of minder parkeerplaatsen noodzakelijk zijn; b. het voldoen aan de in lid 5.1 genoemde parkeernormen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit of voor zover op andere wijze in de nodige parkeerplaatsen wordt voorzien.
5.3
Nadere eisen
Burgemeester en wethouders kunnen bij omgevingsvergunning nadere eisen stellen ten aanzien van de maatvoering van de parkeervoorzieningen, zoals bedoeld in lid 5.1 indien dit, gelet op de feitelijke omstandigheden, noodzakelijk is.
5.4
Slopen of verwijderen bouwwerken
Het is verboden om zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders bouwwerken die zijn voorzien van de bouwaanduiding 'karakteristiek' geheel of gedeeltelijk te slopen of te verwijderen.
5.5
Voorwaardelijke verplichting waterberging
a. Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen staat vast dat wordt voorzien in een waterberging of andere maatregelen die bijdragen aan de klimaatbestendigheid. b. De inhoud van de waterberging en de omvang van de andere maatregelen worden vastgesteld met toepassing van de beleidsregel "Klimaat robuust (her)inrichten en ruimtelijk ontwikkelen" behorende bij de bijlage uit het Gemeentelijk Rioleringsplan Eindhoven 2019-2022; c. Als de onder sub b bedoelde (beleids)regeling wordt gewijzigd, wordt met die wijziging rekening gehouden.
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
17
18
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 3
Artikel 6
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
19
20
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Hoofdstuk 4
Artikel 7 7.1
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.
7.2
Afwijken
het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van lid 7.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid 7.1 met maximaal 10%.
7.3
Uitzondering op het overgangsrecht bouwwerken
Lid 7.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
7.4
Overgangsrecht gebruik
Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
7.5
Strijdig gebruik
Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 7.4, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.
7.6
Verboden gebruik
Indien het gebruik, bedoeld in lid 7.4, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.
7.7
Uitzondering op het overgangsrecht gebruik
Lid 7.4 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
21
22
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Artikel 8
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88).
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
23
Vastgesteld bestemmingsplan
IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 8288)
maart 2022
IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88)
Inhoudsopgave Bijlagen bij de regels
3
Bijlage 1
4
2
Lijst van bedrijfsactiviteiten bij wonen
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Bijlagen bij de regels
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
3
Bijlage 1 Lijst van bedrijfsactiviteiten bij wonen
4
vastgesteld IV Stratum binnen de Ring II (Stuiverstraat 82-88) Gemeente Eindhoven
Lijst van bedrijfsactiviteiten bij woonfunctie SBIcode
Nr Omschrijving
Afstanden in meters
Categorie
geur stof geluid gevaar grootste afstand 58
-
UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUCTIE VAN OPGENOMEN MEDIA
1814
A
Grafische afwerking
0
0
10
0
10
1
Reproductiebedrijven opgenomen media
0
0
10
0
10
1
0
10
10
0
10
1
0
0
10
10
10
1
0
0
10
10
10
1
0
0
10 C
0
10
1
0
0
10
0
10
1
182 31
-
VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN N.E.G.
9524
2
Meubelstoffeerderijen b.o. < 200 m2
45, 47
-
HANDEL/REPARATIE VAN AUTO'S, MOTOR- FIETSEN; BENZINESERVICESTATIONS
45204
B
Autobeklederijen
47
-
DETAILHANDEL EN REPARATIE T.B.V. PARTICULIEREN
952
Reparatie t.b.v. partuculieren (excl. auto's en motorfietsen)
53
-
POST EN TELECOMMUNICATIE
61
A
Telecommunicatiebedrijven
62
-
COMPUTERSERVICE- EN INFORMATIETECHNOLOGIE
62
A
Computerservice- en informatietechnologie-bureau's e.d.
96
-
OVERIGE DIENSTVERLENING
96013
B
Wasserettes, wassalons
0
0
10
0
10
1
Kappersbedrijven en schoonheidsinstituten
0
0
10
0
10
1
Persoonlijke dienstverlening n.e.g.
0
0
10C
0
10D
1
9602 9609
B