CConstaterende datEindhoven
Koppel je AI →
Document · PDF

21bst00707 - Bijlage 1 - Bestemmingsplan I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg)

Raadsvergadering 22 juni 2021, gemeente EindhovenBij agendapunt: Raadsvoorstel vaststelling I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan - Hastelweg)28.353 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

3.8

Groen

3.8.1

Groenbeleidsplan

Begin 2017 is een actualisatie van Groenbeleidsplan door de gemeenteraad vastgesteld. Dit Groenbeleidsplan 2017 is gemaakt met de veranderende rol van de overheid in het achterhoofd. Het voorziet in vier sporen "het verhaal van de stad", wat de waarde van groen is (functies als uitgangspunt), welke ambitie de gemeente daarmee heeft en het daadwerkelijke groenbeleid. Het groenbeleidsplan heeft als doel het duurzaam veiligstellen en ontwikkelen van een kwalitatief hoogwaardige groenstructuur met daarin passende functies. Hiermee levert de toepassing van het groenbeleid een wezenlijke bijdrage aan een aantrekkelijke en gezonde woon- en werkomgeving als karakteristieke kwaliteit van Eindhoven. Een omgeving die leefbaar en klimaatadaptief is en een volwaardig vestigingsklimaat biedt voor Brainport. Het groenbeleid sluit aan op de geomorfologische structuur van de stad: de structuur van dekzandruggen en beken (Dommel en Gender) die Eindhoven hebben gevormd. Op basis van de tuinstad gedachte is bij de verdere ontwikkeling van Eindhoven sterk ingezet op het behoud van de groene ruimten tussen de voormalige dorpen. Genneper Parken (tussen Stratum en Gestel), Brainport Park (tussen Strijp en Woensel) en De Karpen (tussen Woensel en Tongelre) vormen nog altijd imposante, groene wiggen, die tot diep in de stad reiken.

Het behoud van de robuuste groenstructuur, die vanuit het buitengebied, via de wiggen tot aan de bomen bij de voordeur reikt, is een belangrijk uitgangspunt van het groenbeleidsplan. Het Groenbeleidsplan heeft in principe betrekking op al het groen van Eindhoven, dus niet alleen het groen in eigendom van de gemeente. Omdat niet al het groen bescherming krijgt door een specifieke groenbestemming en de gemeente enkel directe invloed heeft op haar eigen eigendommen, is niet al het groen automatisch beschermd. In het Groenbeleidsplan 2017 zijn onder andere procesafspraken genoemd die een relatie hebben met een ruimtelijke procedure. Het betreft een procesafspraak over groenplannen bij ontwikkeling van gebouwen of gebieden en de procesafspraak over de groenregelingen voor bomen (Verordening Bomen en Nadere regels bomen) en de Regeling Groencompensatiefonds. De genoemde groenplannen dienen een toelichting van de groene inrichting van een ontwikkeling te geven. Behoud van het bestaande groen is het uitgangspunt, evenals het (door)ontwikkelen van de groene kwaliteiten waar nodig. Het Groenbeleidsplan 2017 geeft in een kaart met zes ruimtelijke strategieën de kaders voor de ruimtelijke ontwikkeling in relatie tot groen. Onderhavig plangebied is geheel gelegen binnen de strategie 'Stad, rood beeldbepalend'.

Strategie: Stad, rood beeldbepalend In deze gebieden heeft groen een ondersteunende functie aan de stedelijke identiteit ('aankledingsgroen') of een recreatieve functie voor de woonomgeving (parken). Het beleid is gericht op behoud van de bestaande structuur, kwaliteit, identiteit en functionaliteit. Uiteindelijk moet het groen in deze meer stenige gebieden omspoeld zijn door grotere groenstructuren die deel uitmaken van de groene dooradering die op de groene wiggen aansluit. Binnen de aangeduide groenarme buurten wordt gestreefd naar uitbreiding van het groenareaal. Dit plangebied is niet aangeduid als groenarme buurt.

32

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

Uitsnede ruimtelijke strategieën Groenbeleidsplan 2017

Beleidsregel groencompensatie Op 13 maart 2018 is de 'Regeling Groencompensatiefonds' vastgesteld. Bij deze regeling hoort de 'Beleidsregel Groencompensatie'. Deze beleidsregel is bedoeld als afwegingskader bij aanvragen voor (ruimtelijke) ontwikkelingen die kunnen leiden tot aantasting van groen. Bij aantasting en verlies van groen is compensatie vereist, de Beleidsregel geeft hiervoor de richtlijnen. Groenplan Onderdeel van de Beleidsregel groencompensatie is het 'Groenplan' dat voor iedere ontwikkeling dient te worden opgesteld. Voor onderhavig plan zijn er een aantal onderzoeken gedaan om de haalbaarheid van het geheel te toetsen. Dit valt uiteen in een analyse van de bomen, een toets op de klimaatadaptatie d.m.v. waterberging en een compensatieplan naar de mogelijkheden rondom groen en ecologie. Het compensatieplan is als bijlage opgenomen in het groenformat. Deze onderzoeken zijn als bijlage toegevoegd aan dit bestemmingsplan. Iedere woning zal zijn voorzien van een eigen achtererfgebied. Deze variëren van circa 50 m² tot 85 m² per woning. Met name de seniorenwoningen zullen een kleinere tuin hebben. In de openbare ruimte wordt het aandeel groen eveneens vergroot. Tussen de parkeerplaatsen zijn groenperken voorzien. Ook is er tussen de openbare weg en het trottoir een haag voorzien.

Het parkeerterrein ter plaatse van het nutsgebouw in het oosten wordt vergroend met een speelveld. Ten slotte wordt een groene doorsteek gerealiseerd tussen de Sportlaan en Hastelweg. Deze doorsteek is uitsluitend bedoeld voor langzaam verkeer en wordt van veel groen voorzien. Ook wordt er gedacht aan verticaal groen, met name bij de eindwoningen. Dit draagt bij aan het vergoenen van de buurt, al is de Hastelweg ter plaatse van veel groen voorzien. Op navolgende uitsnede van het stedenbouwkundig plan is het hiervoor genoemde toe te voegen groen weergegeven bij zowel de doorsteek, de parkeerplaatsen en de haag tussen de vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

33

openbare weg en het trottoir. Met deze maatregelen wordt meer dan 8 m² groen per woning toegevoegd.

Groene doorsteek

Met het plan wordt circa 1.487 m² groen in de openbare ruimte gerealiseerd. Dit is een toename van 1.155 m² ten opzichte van de huidige situatie. Gelet op het voorgaande voldoet dit plan aan het Groenbeleidsplan en Beleidsregel groencompensatie. 3.8.2

Verordening bomen

Op 7 april 2015 heeft de gemeenteraad de Verordening bomen 2015 vastgesteld. Deze is op 24 augustus 2016 in werking getreden. De verordening en (uitwerking daarvan in) 'nadere regels Bomen' samen, vervangen het onderdeel houtopstanden uit de Algemene Plaatselijke Verordening, het Bomenbeleidsplan 2008 en de Nota Niet kappen tenzij. Het bomenbeleid is gebaseerd op drie pijlers: behoud, versterking en ruimte voor dynamiek. Eindhoven wil een aantrekkelijke groene stad zijn en blijven. Bomen spelen daarbij een voorname rol. Een hoogwaardig bomenbestand dat een duurzame bijdrage levert aan de ruimtelijke kwaliteit en recht doet aan het groene imago van de stad is waar de gemeente naar streeft. Duurzaam behoud van de groene signatuur staat voorop. Het bomenbestand dient echter ook aan te sluiten op intensief gebruik van de openbare ruimte en de gewenste ruimtelijke kwaliteit. Dit betekent soms dat in een bepaalde situatie andere belangen 34

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

preferabel zijn en bomen moeten wijken. Het bomenbeleid voorziet in die gevallen in de mogelijkheden tot mitigatie en compensatie. Groene kaart Een belangrijk onderdeel van de Verordening Bomen is de Groene Kaart. Het is een topografische kaart met daarop aangegeven de beschermde houtopstand. De Groene Kaart bevat verschillende categorieën houtopstanden. Voor bomen in gemeentelijk eigendom (publiek eigendom) kent de Groene Kaart zes categorieën: Monumentale bomen; Waardevolle bomen; Basisbomen; Bomen hoofdstructuur; Bomen nevenstructuur; Bomen in gebieden stad, groen beeldbepalend. De Groene Kaart kent daarnaast voor bomen in particulier eigendom (privaat eigendom) drie categorieën: Waardevolle bomen; Bomen in gebieden stad, groen beeldbepalend; Bomen op percelen van 500 m2 of groter. Voor het vellen van een houtopstand die deel uit maakt van tenminste één van deze categorieën is, behoudens een aantal vrijstellingen, een omgevingsvergunning verplicht. Nadere regels Bomen De Verordening is uitgewerkt in nadere regels Bomen. Deze zijn op 19 juli 2016 vastgesteld door het college en op 4 augustus 2016 in werking getreden. De beleidsregels geven inzicht in de wijze waarop het college gebruik maakt van de aan haar in de Verordening toegekende bevoegdheden tot het aanwijzen en plaatsen van houtopstanden op de Groene Kaart.

Tevens zijn richtlijnen uitgewerkt voor omgang met overlast, de compensatieplicht bij kap, de indieningvereisten bij een vergunningaanvraag, de weigeringsgronden bij beoordeling van een kapaanvraag en het aanbrengen van verlichting in houtopstanden.

3.8.3

Bomen Effect Analyse

Binnen en rondom het plangebied zijn bomen gesitueerd. Ten behoeve van de realisatie zijn werkzaamheden noodzakelijk binnen de kwetsbare boomzone. Door Van Helvoirt Groenprojecten is middels een BEA onderzocht wat de effecten van de plannen zijn op de duurzame instandhouding van de bomen in openbaar gebied (gemeentelijke bomen). Deze rapportage is als bijlage bij deze toelichting gevoegd. Hierna volgen de belangrijkste conclusies uit deze rapportage. Tijdens de werkzaamheden Alvorens de werkzaamheden starten dient er een deugdelijke boombescherming toegepast te zijn. De kwetsbare boomzone (kroonprojectie + 1,5 m) dient fysiek afgeschermd te worden. Dit kan bijvoorbeeld met bouwhekken of oranje afzetgaas. De ruimte binnen de afzetting wordt aangewezen als boombeschermd gebied. Binnen het boombeschermde gebied mogen geen werkzaamheden uitgevoerd worden en mag geen opslag van materiaal en materiaal plaatsvinden zonder toestemming van een bomenwacht. Een bomenwacht dient aanwezig te zijn tijdens de opstart van de werkzaamheden en de uitvoer van de werkzaamheden binnen de kwetsbare boomzone van de bomen (binnen de fysieke afzetting). De fysieke afzetting dient gecontroleerd te worden door de bomenwacht. Voor werkzaamheden binnen de kroonprojecties dient een werkplan opgesteld te worden, dat goedgekeurd dient te worden door een boomspecialist.

Indien, tijdens de graafwerkzaamheden, wortels dikker dan ø 5 cm worden aangetroffen dienen deze intact gelaten te worden. Wortels dikker van ø 2,5 cm mogen nimmer worden vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

35

losgetrokken en dienen haaks op de groeirichting afgezaagd of doorgeknipt te worden. Een bomenwacht beslist ter plaatse of de desbetreffende wortel(s) afgezet kan worden. De steiger bij de te renoveren woningen dient op reeds verharde ondergrond geplaatst te worden. Is die niet mogelijk, dan dient de steiger hangend te zijn of dient er gebruik gemaakt te worden van drukverdelende platen. Aanvullende maatregelen Gezien de ongeschikte ondergrondse groeiplaats van bomen 1 t/m 10 en het verwachte wortelverlies wordt aanbevolen om groeiplaatsverbetering, ter compensatie van het wortelverlies in het kader van herstelwerkzaamheden 'bestratingsopdruk', toe te passen. Ontwerp Geadviseerd wordt de boomspiegels te vergroten om in de toekomst ontwikkeling van boomwortels over de verharding te voorkomen. De boomspiegels worden bij voorkeur zo groot mogelijk aangelegd en te worden voorzien van een laag mulch. Dit advies wordt toegepast, zoals blijkt uit navolgende paragraaf.

3.8.4

Compensatieplicht

In het Groenbeleidsplan 2017 zijn richtlijnen en procesafspraken opgenomen. De Beleidsregel Groencompensatie is een uitwerking van het Groenbeleidsplan die voortkomt uit deze afspraken. Voorwaarde bij ingrepen in het groen is dat de groene kwaliteiten tenminste worden gehandhaafd door de nieuwe ontwikkeling integraal te ontwerpen, inclusief groen. Als groen niet gehandhaafd kan blijven moet compensatie plaatsvinden van het groen dat verloren gaat. Daarnaast is een compensatieplicht opgenomen in de Verordening Bomen 2015. Dit houdt in dat een compensatieplicht geldt indien het om een 'rode reden' gaat. In dit geval worden 59 bomen gekapt waarvoor een omgevingsvergunning benodigd is. Het betreffen hoofdzakelijk bomen in de achtertuinen van de sociale huurwoningen. Hiertoe is een compensatieplan opgesteld door Van Helvoirt Groenprojecten. Deze rapportage is als bijlage bij deze toelichting gevoegd. Hierna volgen de belangrijkste conclusies uit deze rapportage. Naar aanleiding van het compensatieplan kan het volgende worden geconcludeerd: Stichting Sint Trudo is voornemens om 14 woningen te renoveren en 73 nieuwbouwwoningen te plaatsen aan de Sportlaan en Hastelweg te Eindhoven. In het plan zijn enkel de gemeentelijke bomen aan de Hastelweg en de bomen in de tuinen van de te renoveren woningen duurzaam te behouden. Voor de te kappen bomen is een compensatieplan opgesteld.

Het compensatieplan is een fictief beplantingsplan en betreft geen officiële prijsaanbieding. Er kunnen geen rechten worden ontleend omtrent de bedragen en aanleg/aanschaf van de genoemde materialen. In het projectgebied worden 58 kapvergunningplichte bomen gekapt die tezamen een monetaire boomwaarde hebben van € 119.496,00 exclusief btw. In dit compensatieplan is gekozen voor een sortiment van 16 soorten bomen en boomvormers. Het sortiment bestaat uit in- en uitheemse soorten die de biodiversiteit, ecologie en esthetiek in de stedelijke omgeving verhogen. De totale waarde van het plantgoed bedraagt ca. € 76.559,00. In bijlage 2 is het beplantingsplan opgenomen. De kostenraming voor de 37 nieuwe bomen, die gemaakt is naar aanleiding van de te compenseren monetaire boomwaarde, betreft € 125.970,00 (inclusief groeiplaatsverbetering, aanplant en nazorg). Omdat dit een fictief plan betreft, is het mogelijk dat het uiteindelijk te compenseren bedrag hoger of lager uitvalt dan de te compenseren monetaire boomwaarde. Om te voldoen aan de compensatie zoals bedoeld in de Verordening Bomen 2015 dient de totale monetaire boomwaarde gecompenseerd te worden. Een eventueel resterende compensatiebedrag dient in het bomencompensatiefonds van de gemeente Eindhoven gestort te worden. In het compensatieplan zijn ook aanbevelingen opgenomen die van belang zijn bij dit project. 36

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

Deze aanbevelingen worden meegenomen bij de uitvoering van het project.

3.9

Kabels, leidingen en straalpaden

Binnen het plangebied zijn geen planologisch relevante kabels, leidingen of straalpaden aanwezig. Het planvoornemen wordt dan ook niet belemmerd door de aanwezigheid van kabels, leidingen en straalpaden.

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

37

38

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

Hoofdstuk 4

4.1

Milieuparagraaf

Bedrijven en milieuzonering

Op basis van milieuzonering wordt bepaald welke categorieën bedrijven en/of inrichtingen in het plangebied zijn toegestaan. Dit houdt in dat er voldoende ruimtelijke scheiding moet zijn tussen milieubelastende bedrijven/inrichtingen en woongebieden. Hoe zwaarder de toegestane milieucategorie, hoe groter de afstand. Bij het bepalen van deze afstand wordt gebruik gemaakt van de VNG - brochure 'Bedrijven en milieuzonering', editie 2009. In deze brochure worden richtafstanden gegeven tot de omgevingstypen rustige woonwijk en gemengd gebied. De bedrijven zijn op basis van de Standaard Bedrijfs Indeling (SBI-codes) in de richtafstandentabel gerangschikt. Per bedrijfsactiviteit is voor elke ruimtelijk relevante milieucomponent (geur, stof, geluid en gevaar) een richtafstand aangegeven. Deze afstand moet in beginsel worden aangehouden tussen een bedrijf en milieugevoelige objecten (veelal woningen) om hinder en schade aan mensen binnen aanvaardbare normen te houden. Bij het bepalen van deze richtafstanden zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: het betreft 'gemiddelde' moderne bedrijfsactiviteiten met gebruikelijke productieprocessen en voorzieningen; de richtafstanden hebben betrekking op het omgevingstype 'rustige woonwijk'; de richtafstanden bieden in beginsel ruimte voor normale groei van de bedrijfsactiviteiten.

Bij een gemengd gebied geldt een kortere afstand dan bij een rustige woonwijk. Een rustige woonwijk is een woonwijk die is ingericht volgens het principe van functiescheiding. Afgezien van wijkgebonden voorzieningen komen vrijwel geen andere functies voor. Een gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen andere functies voor zoals winkels, horeca en kleine bedrijven. Gebieden die direct langs de hoofdinfrastructuur liggen behoren ook tot gemengd gebied.

Toepassing plangebied Dit bestemmingsplan voorziet in de realisatie van 73 wooneenheden. Hiertoe worden de huidige 72 woningen gesloopt. In de omgeving van het plangebied komen naast de functie wonen ook niet-woonfuncties voor. Direct ten zuiden van het plangebied, aan de andere kant van de Hastelweg, zijn enkele niet-woonfuncties gesitueerd. Dit betreffen onder andere een automaterialenzaak, een grote supermarkt en een tankstation. Ook is in deze omgeving bedrijventerrein De Hurk gelegen. Direct ten noorden van de Sportlaan is een sportveld en school gelegen. Door de aanwezigheid van deze diverse niet-woonfuncties in de directe omgeving van het plangebied is het plangebied aan te duiden als 'gemengd gebied'. Hierdoor worden de richtafstanden in dit concrete geval met één afstandsstap verlaagd. Hierna zijn de richtafstanden getoetst aan de ruimtelijk-relevante niet-woonfuncties ten opzichte van dit planvoornemen. Sportvelden verschillende sportverenigingen - Rijstenweg 1-5-7-9-13 Ten noorden van het plangebied zijn sportvelden gelegen. Sportvelden zijn inrichtingen in de milieucategorie 3.1, waarvoor (na verlaging met één afstandsstap) een richtafstand geldt van 30 meter. Het plangebied is gelegen op circa 10 meter van de bestemming 'Sport' die voor de sportvelden is opgenomen. Aan de richtafstanden kan niet worden voldaan.

Echter, in dit geval is binnen het plangebied reeds sprake van de bestemming 'Wonen' en zijn er woningen aanwezig. Vanuit deze optiek bezien verandert er niets door het planvoornemen. De sportvelden worden daardoor niet in de bedrijfsvoering belemmert en de woningen zijn niet vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

39

dichterbij de sportvelden geprojecteerd ten opzichte van de huidige situatie. Hiermee kan worden geconcludeerd dat sprake is van een aanvaardbare situatie, zowel vanuit het oogpunt van de nieuwbouwwoningen als vanuit het oogpunt van de sportvelden. Ten slotte zullen de nieuwbouwwoningen beter geïsoleerd zijn doordat de woningen moeten voldoen aan het Bouwbesluit. Olympia Vmbo-school - Botenlaan 38 Ten noorden van het plangebied is Vmbo-school Olympia gelegen. Een dergelijke school is een inrichting in de milieucategorie 2. Hiervoor geldt een richtafstand van 10 meter. De afstand tot de bestemming 'Maatschappelijk' is circa 10 meter, waardoor kan worden geconcludeerd dat kan worden voldaan aan de richtafstanden. Tandartspraktijken - Botenlaan 42 en Botenlaan 82 Ten noordoosten en ten zuidoosten grenst het plangebied aan een tweetal tandartspraktijken in de bestemming 'Maatschappelijk'. Voor dit type inrichting geldt de milieucategorie 1 waarvoor geen richtafstand geldt (0 meter). Gezien deze afstand kan worden voldaan aan de richtafstand. Supermarkt - Limburglaan 2 Ten zuiden van het plangebied is een grote supermarkt gevestigd. Voor supermarkten geldt de milieucategorie 1 met een richtafstand van 0 meter. Aan de richtafstand kan worden voldaan. Kerkgebouw - Hastelweg 133 Ten zuiden van het plangebied is een kerkgebouw gesitueerd.

Voor kerkgebouwen geldt de milieucategorie 2 met een richtafstand van 10 meter. Het plangebied ligt op meer dan 10 meter, waardoor aan de richtafstand kan worden voldaan. Automaterialenwinkel - Hastelweg 135 Ten zuiden van het plangebied is een automaterialenwinkel gesitueerd. Voor dit type inrichtingen geldt de milieucategorie 1 met een richtafstand van 0 meter. Aan de richtafstand kan worden voldaan. Tegel en sanitair verkoop - Hastelweg 137 Ten zuiden van het plangebied is een winkel voor sanitair en tegels gesitueerd. Voor dit type inrichtingen geldt de milieucategorie 2 met een richtafstand van 10 meter. Het plangebied ligt op meer dan 10 meter, waardoor aan de richtafstand kan worden voldaan. Glashandel - Hastelweg 139 Ten zuiden van het plangebied is een groothandel voor glas gesitueerd. Voor dit type inrichtingen geldt de milieucategorie 2 met een richtafstand van 10 meter. Het plangebied ligt op meer dan 10 meter, waardoor aan de richtafstand kan worden voldaan. Groothandel in zonwering - Hastelweg 141 Ten zuiden van het plangebied is een groothandel voor zonweringsproducten gesitueerd. Voor dit type inrichtingen geldt de milieucategorie 2 met een richtafstand van 10 meter. Het plangebied ligt op meer dan 10 meter, waardoor aan de richtafstand kan worden voldaan.

Autohandelaar en reparatie/service - Hastelweg 149 Ten zuiden van het plangebied is een autohandelaar met reparatie gesitueerd. Voor dit type inrichtingen geldt de milieucategorie 2 met een richtafstand van 10 meter. Het plangebied ligt op meer dan 10 meter, waardoor aan de richtafstand kan worden voldaan.

40

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

Autoglasreparatiebedrijf - Hastelweg 151 Ten zuiden van het plangebied is een autoglasreparatiebedrijf gesitueerd. Voor dit type inrichtingen geldt de milieucategorie 2 met een richtafstand van 10 meter. Het plangebied ligt op meer dan 10 meter, waardoor aan de richtafstand kan worden voldaan. Glashandel - Sportlaan 89a Ten zuidwesten van het plangebied is een groothandel voor glas gesitueerd. Voor dit type inrichtingen geldt de milieucategorie 2 met een richtafstand van 10 meter. Het plangebied ligt op meer dan 10 meter, waardoor aan de richtafstand kan worden voldaan. Tankstation - Hastelweg 155 Ten zuidwesten van het plangebied is een tankstation met LPG (<1.000 m³/jaar) gesitueerd. Voor de type inrichting geldt de milieucategorie 3.1 met een richtafstand van 30 meter. Het plangebied ligt op circa 65 meter, waardoor aan de richtafstand kan worden voldaan.

Afstanden milieucategorieën bedrijventerrein De Hurk

Bedrijventerrein De Hurk De bedrijvigheid ten zuiden van het plangebied behoort bij het bedrijventerrein De Hurk Eindhoven. In het voorgaande is ingegaan op de feitelijke inrichtingen zoals deze aanwezig zijn in de directe omgeving van het plangebied. Planologisch gezien hebben deze gronden de bestemming 'Bedrijventerrein - 1' met de functieaanduiding 'bedrijf tot en met categorie 3.1'. Op deze gronden kunnen zich dus bedrijven vestigen tot en met de milieucategorie 3.1. Hiervoor geldt een richtafstand van 30 meter. Gezien de afstand kan hieraan worden voldaan. Op andere verder weg gelegen gronden geldt de milieucategorie 3.2 met een richtafstand van 50 meter. Zoals op de voorgaande afbeelding is weergegeven kan aan deze richtafstanden worden voldaan. Gelet op het voorgaande is een goed woon en leefklimaat gewaarborgd voor de beoogde wooneenheden. Daarnaast leveren deze wooneenheden geen belemmeringen op voor de huidige bedrijfsactiviteiten van de in de omgeving aanwezige bedrijven en diens bestemmingen. Ten slotte wordt opgemerkt dat het plangebied in de huidige situatie reeds woningen bevat, waardoor kan worden geconcludeerd dat de situatie functioneel niet wijzigt.

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

41

4.2

Geluid

4.2.1

Wettelijk kader

De normstelling voor geluid is geregeld in de Wet geluidhinder, de Wet milieubeheer en de Wet luchtvaart. Het betreft normen voor industrielawaai, weg- en railverkeerslawaai en luchtvaartlawaai. Er wordt uitgegaan van voorkeursgrenswaarden, waarvan in een aantal gevallen met ontheffing tot een bepaalde maximum hoogte, mag worden afgeweken. De normstelling heeft tot doel nieuwe geluidhindersituaties en daarmee gezondheidsschade te voorkomen. Om dit doel te bereiken worden zones gedefinieerd, waarbinnen plannen met geluidgevoelige bestemmingen moeten worden getoetst aan de normen. Volgens de Wet geluidhinder gelden er voorkeursgrenswaarden en maximale ontheffingswaarden. Bij de voorkeursgrenswaarde mag worden verondersteld dat het percentage gehinderden beperkt is. Wanneer een maximale ontheffingswaarde wordt overschreden dan is er sprake van een locatie die in beginsel niet geschikt is voor de vestiging van een geluidgevoelige bestemming. Bij plannen met geluidbelastingen in de bandbreedte tussen voorkeursgrenswaarde en maximale ontheffingswaarde moet er een nadere afweging worden gemaakt in hoeverre bronen/of overdrachtmaatregelen kunnen worden getroffen om de geluidbelastingen te beperken. Voorbeelden van bronmaatregelen zijn een stiller wegdek en een verlaging van de snelheid bij auto's. Geluidschermen en geluidwallen zijn voorbeelden van overdrachtsmaatregelen.

Het voorliggende bestemmingsplan voorziet in realisatie van wooneenheden. Deze zijn geluidsgevoelig in de zin van de Wgh. Voor wegverkeerslawaai is het plan gelegen binnen de geluidzone van de Beukenlaan, Botenlaan, Hastelweg, Limburglaan, Lodewijkstraat en Sportlaan. Voor industrielawaai is het plan gelegen binnen de geluidzone van bedrijventerrein De Hurk. Om deze reden is een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai en industrielawaai onderzoek uitgevoerd. De rapportage van dit onderzoek is als bijlage bij deze toelichting gevoegd. Hierna wordt ingegaan op de resultaten van de deelaspecten wegverkeerslawaai en industrielawaai.

4.2.2

Wegverkeerslawaai

Voor de Beukenlaan, Lodewijkstraat en Sportlaan geldt dat de geluidbelasting ten gevolge van het wegverkeer op deze wegen de voorkeursgrenswaarde van 48 dB op geen enkele gevel van de nieuwe woningen overschrijdt. Voor de Hastelweg, Botenlaan en Limburglaan geldt dat de geluidbelasting op de gevels van een aantal van de nieuwe woningen de voorkeursgrenswaarde van 48 dB overschrijdt. De maximale ontheffingswaarde van 63 dB voor nieuwbouw in stedelijk gebied wordt nergens overschreden. Derhalve is het mogelijk om een beschikking hogere waarde aan te vragen bij de gemeente indien de toepassing van overdrachts- of bronmaatregelen gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting onvoldoende doeltreffend is dan wel overwegende bezwaren ontmoet.

4.2.3

Railverkeerslawaai

Het plangebied ligt op ongeveer 1,3 km van de spoorlijn Eindhoven-Boxtel. Het plangebied is dan ook niet gelegen binnen de zone van de spoorlijn. Het aspect railverkeerslawaai is dan ook niet aan de orde voor onderhavig plan.

42

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

4.2.4

Industrielawaai

Voor de geluidbelasting ten gevolge van het gezoneerde industrieterrein De Hurk geldt dat op de gevels van een aantal woningen de bewakingswaarde van 50 dB(A) wordt overschreden. Aangezien het plan geen ingrijpende wijziging van de bestaande stedenbouwkundige functie en structuur veroorzaakt en er door de zeer beperkte toename van woningen slechts een beperkte toename zal zijn van het aantal geluidgehinderden, is het op basis van artikel mogelijk hogere waarden aan te vragen tot ten hoogste 65 dB(A). Deze maximale ontheffingswaarde van 65 dB(A) wordt nergens overschreden. Derhalve is het voor alle woningen waarvoor een overschrijding van de bewakingswaarde van 50 dB(A) geldt mogelijk een beschikking hogere waarde ten gevolge van het industrielawaai aan te vragen bij het bevoegd gezag indien de toepassing van overdrachts- of bronmaatregelen gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting onvoldoende doeltreffend is dan wel overwegende bezwaren ontmoet. Voor de woningen waarvoor een overschrijding van de bewakingswaarde van 50 dB(A) geldt is het mogelijk om een beschikking hogere waarde ten gevolge van het industrielawaai aan te vragen bij het bevoegd gezag indien de toepassing van overdrachts- of bronmaatregelen gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting onvoldoende doeltreffend is dan wel overwegende bezwaren ontmoet.

4.2.5

Luchtvaartlawaai

Het plangebied ligt op hemelsbreed circa 5 km van de luchthaven Eindhoven. Dit is een militair vliegveld met medegebruik door de burgerluchtvaart (Eindhoven Airport). Vanaf 1 november 2009 geldt de Wet luchtvaart. Deze wet omvat een nieuw stelsel van besluitvorming en normen voor alle luchthavens, met uitzondering van Schiphol. Conform de systematiek van deze wet is voor luchthaven Eindhoven één luchthavenbesluit vastgesteld met een militaire geluidsruimte voor militair vliegverkeer en een burgergeluidsruimte voor het commercieel burgermedegebruik. Het luchthavenbesluit is op 26 september 2014 vastgesteld. Met dit besluit is de 35Ke-geluidszone rond de luchthaven vastgelegd als grens van de geluidsbelasting van het gezamenlijke militaire en civiele vliegverkeer. Het plangebied ligt niet binnen deze vastgestelde geluidszone (35Ke-contour). Deze geluidszone werkt daarom niet belemmerend voor onderhavig plangebied.

4.2.6

Motivering voor het verlenen van hogere waarden

Voor zowel wegverkeerslawaai als industrielawaai wordt de voorkeursgrenswaarde overschreden. Voor de woningen waarvoor een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A) geldt is het mogelijk om een beschikking hogere waarde ten gevolge van het wegverkeers- en industrielawaai aan te vragen bij het bevoegd gezag indien de toepassing van overdrachts- of bronmaatregelen gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting onvoldoende doeltreffend is dan wel overwegende bezwaren ontmoet. Het aanleggen van een geluidwal of geluidscherm (overdrachtsmaatregelen) gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting ten gevolge van het wegverkeer tot de voorkeursgrenswaarde ontmoet in de onderhavige situatie overwegende bezwaren van stedenbouwkundige en landschappelijke aard. Het vergroten van de afstand tussen geluidbron en ontvanger is in onderhavige situatie niet mogelijk. Voor het toepassen van stiller wegdek (bronmaatregel) geldt dat de voorkeurgrenswaarde nog altijd wordt overschreden. Deze geluidreducerende maatregel is derhalve niet doeltreffend. Het toepassen van een stiller wegdek ontmoet bovendien overwegende bezwaren van financiële aard.

Voor industrielawaai gelden dezelfde bezwaren met betrekking tot voornoemde overdrachtsmaatregelen en aangezien het geluid van diverse bedrijven op het gezoneerde industrieterrein De Hurk afkomstig is, is het aanpakken van de geluidbronnen zeer complex en ontmoet derhalve overwegende bezwaren van financiële aard. Daarbij zijn ter plaatse van het plangebied reeds vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

43

woningen aanwezig. Derhalve wordt onderbouwd verzocht hogere waarde te verlenen conform artikel 110a, lid 5 van de Wet geluidhinder. Aangezien voor een aantal woningen in blok 1 t/m blok 7 en blok 13 en blok 14 sprake is van een procedure hogere waarde, is een aanvullend onderzoek ter bepaling van de geluidwering van de gevels nodig voor deze woningen. Bij toepassing van de juiste geluidwerende materialen en maatregelen (conform een nader onderzoek) is vervolgens een goed akoestisch woon- en leefklimaat gewaarborgd. Voor de overige woningen wordt een aanvullend onderzoek ter bepaling van de geluidwering van de gevels niet noodzakelijk geacht en is bij toepassing van standaard geluidwerende materialen en maatregelen een goed akoestisch woon- en leefklimaat gewaarborgd. Uit tussenresultaten is gebleken dat de meest zuidelijke woning in blok 7 niet beschikt over een geluidluwe gevel. Om een geluidluwe achtergevel ter plaatse van de begane grond voor voornoemde woning te kunnen realiseren dient een geluidafschermende voorziening geplaatst te worden op de zuidelijke perceelgrens tussen de woning en de berging. De geluidafschermende voorziening dient een hoogte van 1,8 meter boven maaiveld te hebben en in ieder geval kierdicht te worden uitgevoerd en een minimale massa van 10 kg/m² te bezitten. Met voornoemde maatregel beschikken alle woningen over een geluidluwe gevel.

Aan deze geluidluwe gevel dient een verblijfsruimte te zijn gelegen. Deze maatregel in de vorm van een geluidscherm is in de regels en verbeelding van dit bestemmingsplan gewaarborgd.

4.2.7

Conclusie

Voor de aspecten wegverkeerslawaai en industrielawaai is een akoestisch onderzoek uitgevoerd. Hieruit is gebleken dat sprake is van een vereiste hogere waarden procedure. Ook dienen maatregelen genomen te worden bij de meest zuidelijke woning in blok 7 om te kunnen voldoen aan het Hogere Waarden Beleid van de gemeente Eindhoven. Deze maatregel - in de vorm van een gemetselde muur met een minimale hoogte van 1,8 meter - is via de regels en verbeelding van dit bestemmingsplan gewaarborgd. Railverkeerslawaai en luchtvaartlawaai zijn niet aan de orde voor dit plan. Wat betreft geluid is dit bestemmingsplan uitvoerbaar indien voor wegverkeers- en industrielawaai hogere waarden worden verleend.

4.3

Luchtkwaliteit

4.3.1

Wettelijk kader

Hoofdstuk 5 (met name onder titel 5.2) van de Wet milieubeheer bevat bepalingen over luchtkwaliteit. Dit hoofdstuk voorziet onder meer in een gebiedsgerichte aanpak van de luchtkwaliteit via het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Het Rijk, provincies en gemeenten werken in het NSL-programma samen aan maatregelen om de luchtkwaliteit te verbeteren. Dit gebeurt zodanig dat voldaan wordt aan de daartoe gestelde normen, ook in gebieden waar nu de normen voor luchtkwaliteit niet worden gehaald (overschrijdingsgebieden). De programma-aanpak zorgt voor een flexibele koppeling tussen ruimtelijke activiteiten en milieugevolgen. Hierdoor kunnen ruimtelijke ontwikkelingen doorgang vinden, terwijl ondertussen maatregelen ter verbetering van de luchtkwaliteit worden uitgevoerd. Sinds 1 januari 2015 moet voldaan worden aan de Europese grenswaarden: voor stikstofdioxide (NO2) geldt een jaargemiddelde van 40 microgram/m3, voor fijnstof (PM10) geldt een jaargemiddelde van 40 microgram/m3 en een daggemiddelde van 50 microgram/m3. Het daggemiddelde mag jaarlijks maximaal 35 keer worden overschreden. Voor zwevende deeltjes (PM2,5) geldt met ingang van 1 januari 2015 een blootstellings-concentratieverplichting van ten hoogste 20 microgram per m3, gedefinieerd als gemiddelde blootstellingsindex.

44

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

4.3.2

Besluit niet in betekenende mate bijdragen

In artikel 4 van het 'Besluit niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen)' en de bijlagen van de 'Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen)' zijn voor bepaalde categorieën projecten grenzen vastgesteld. Op grond daarvan kan worden gesteld dat deze een 'niet in betekenende mate bijdragen' (NIBM) leveren aan de luchtverontreiniging. Deze projecten mogen zonder toetsing aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit uitgevoerd worden. Dit geldt onder andere voor: woningbouwlocaties die niet meer dan 1500 nieuwe woningen omvatten in de situatie met 1 ontsluitingsweg; woningbouwlocaties die niet meer dan 3000 nieuwe woningen omvatten in de situatie met 2 ontsluitingswegen met een gelijkmatige verkeersverdeling; kantoorlocaties die niet meer dan 100.000 m2 bruto vloeroppervlakte omvatten bij minimaal 1 ontsluitingsweg en kantoorlocaties die niet meer dan 200.000 m2 bruto vloeroppervlakte omvatten bij minimaal 2 ontsluitingswegen met een gelijkmatige verkeersverdeling. Wanneer projecten wel in betekenende mate bijdragen aan de luchtkwaliteit, dient luchtonderzoek uitgevoerd te worden en moet worden getoetst aan de normen. Samengevat Kort samengevat dienen nieuwe plannen te worden beoordeeld op basis van artikel 5.16 van de Wet milieubeheer.

Luchtkwaliteitseisen vormen geen belemmering voor ruimtelijke ontwikkelingen mits: er geen sprake is van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde een project, al dan niet per saldo, niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit leidt een project 'niet in betekenende mate' bijdraagt aan de luchtverontreiniging een project is opgenomen in een regionaal programma van maatregelen of in het NSL.

4.3.3

Besluit gevoelige bestemmingen

Met deze Algemene Maatregel van Bestuur wordt de vestiging van zogeheten 'gevoelige bestemmingen' in de nabijheid van provinciale en rijkswegen beperkt. Dit heeft consequenties voor de ruimtelijke ordening. Het 'Besluit gevoelige bestemmingen (luchtkwaliteitseisen)' is gebaseerd op artikel 5.16a van de Wet milieubeheer. Het besluit is gericht op de bescherming van mensen met een verhoogde gevoeligheid voor stikstofdioxide en fijnstof. Het gaat met name om kinderen, ouderen en zieken. Het besluit voorziet in zones waarbinnen luchtkwaliteitsonderzoek nodig is als een 'gevoelige bestemmingen' wordt mogelijk gemaakt. Voor rijkswegen geldt een zone van 300 meter aan weerszijden en langs provinciale wegen 50 meter, gemeten vanaf de rand van de weg. De volgende gebouwen met de bijbehorende terreinen zijn aangemerkt als 'gevoelige bestemming': scholen, kinderdagverblijven, en verzorgings-, verpleeg- en bejaardentehuizen. Het gaat hierbij niet om bestemmingen in de meest enge zin van het woord, maar om alle vergelijkbare functies, ongeacht de exacte aanduiding ervan in bestemmingsplannen en andere besluiten. Van doorslaggevend belang is de (voorziene) functie van het gebouw en het bijbehorende terrein. In de context van dit besluit worden ziekenhuizen, woningen en sportaccommodaties niet als gevoelige bestemming gezien.

In aanvulling op het Besluit gevoelige bestemmingen is er een Brabantse “Handreiking gevoelige bestemmingen luchtkwaliteit” opgesteld (maar in Eindhoven (nog) niet vastgesteld). Deze Handreiking heeft als uitgangspunt geheel nieuwe bestemmingen voor kinderen en ouderen (conform de AmvB gevoelige bestemmingen) niet te situeren binnen 50 meter van de wegrand van drukke gemeentelijke wegen (als eerstelijns bebouwing) of binnen 300 meter van snelwegen, ongeacht de berekende concentraties.

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

45

4.3.4

Goede ruimtelijke ordening

Naast toetsing aan de 'Wet luchtkwaliteit' en het 'Besluit gevoelige bestemmingen' dient altijd te worden onderzocht of sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Het principe van een 'goede ruimtelijke ordening' blijft naast toetsing aan de 'Wet luchtkwaliteit' en het 'Besluit gevoelige bestemmingen' onverkort gelden. De Wet ruimtelijke ordening (Wro), art. 3.1, schrijft voor dat een bestemmingsplan moet voldoen aan de criteria voor goede ruimtelijke ordening. Die verplichting heeft in dit verband betrekking op situaties waarop het Besluit gevoelige bestemmingen niet ziet, maar die vanuit het oogpunt van goede ruimtelijke ordening onwenselijk zijn, bijvoorbeeld de bouw van woningen langs een snelweg, of de bouw van een school langs een drukke binnenstedelijke weg. In het algemeen is het verstandig om terughoudend te zijn met de vestiging van gevoelige bestemmingen nabij drukke (snel)wegen. De Gezondheidsraad concludeert niet voor niets dat ook bij concentraties beneden de grenswaarden gezondheidsschade kan optreden. 4.3.5

Planbeschrijving en toetsing

Het planvoornemen ziet op de realisatie van 73 wooneenheden op de locatie waar in de huidige situatie 72 woningen zijn gesitueerd. Op basis hiervan kan worden gesteld, voor zover daarvan al sprake is, dat deze ontwikkeling 'niet in betekenende mate bijdraagt' aan de luchtverontreiniging. Het project mag dan ook zonder toetsing aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit uitgevoerd worden. Aangezien woningen in de zin het Besluit gevoelige bestemmingen niet als een gevoelige bestemming worden gezien, hoeft niet aan dit besluit getoetst te worden. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is de luchtkwaliteit ter plaatse van het plangebied bepaald met de monitoringstool van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit. Met behulp van de monitoringstool kan inzicht worden gekregen in de concentraties van de luchtverontreinigende stoffen waarvoor grenswaarden zijn opgenomen in de Wet milieubeheer. Uit de monitoringstool volgt dat ter hoogte van Botenlaan zowel in de huidige situatie als voor 2020 de jaargemiddelde concentraties van NO2 en PM10 onder de grenswaarden van 40 microgram per kubieke meter lucht liggen. Het aantal dagen per jaar dat de etmaalgemiddelde concentratie van PM10 groter is dan 50 microgram per kubieke meter lucht ligt eveneens ruimschoots onder de grenswaarde van 35 dagen per jaar.

De grenswaarde van 25 microgram per kubieke meter lucht als jaargemiddelde concentratie voor PM2,5 wordt eveneens niet overschreden. Uit de monitoringstool blijkt dat de optredende concentraties NO2 en PM10 ter plaatse van het plangebied ruim onder de in de Wet milieubeheer (hoofdstuk 5, titel 5.2) gestelde grenswaarden liggen. Gesteld kan worden dat ter plaatse van het plangebied vanuit het oogpunt van luchtkwaliteit sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Op basis van het voorgaande kan worden geconcludeerd dat het plan ten aanzien van luchtkwaliteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Conclusie Het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor dit plan.

4.4

Externe veiligheid

Externe veiligheid gaat over het beperken en beheersen van risico's en effecten van calamiteiten, en over het bevorderen van de veiligheid van personen in de omgeving van activiteiten met gevaarlijke stoffen (inrichtingen, transportroutes en buisleidingen). Dat gebeurt door te voorkomen dat te dicht bij gevoelige bestemmingen activiteiten met gevaarlijke stoffen plaatsvinden, door de zelfredzaamheid te bevorderen en door de calamiteitenbestrijding te optimaliseren. 46

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

In deze paragraaf wordt ingegaan op externe veiligheid in relatie tot verschillende risicovolle bronnen en/of objecten in en nabij het plangebied. Hierbij wordt ook een beschrijving gegeven van het wettelijk kader op gebied van externe veiligheid. 4.4.1

Wettelijk kader

Op nationaal niveau zijn verschillende wetten en regels ten aanzien van externe veiligheid. Voor bedrijven geldt het Besluit externe veiligheid inrichtingen (BEVI; oktober 2004). Voor transport is het Besluit externe veiligheid transportroutes van toepassing (Bevt; april 2015). Voor buisleidingen moet worden getoetst aan het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb; januari 2011). Bij externe veiligheid wordt onderscheid gemaakt tussen het Plaatsgebonden risico en het Groepsrisico. Plaatsgebonden Risico (PR) Dit is een maat voor de kans dat iemand dodelijk getroffen kan worden door een calamiteit met een gevaarlijke stof. De gestelde norm is een ten minste in acht te nemen grenswaarde (PR 10-6/jr) die niet mag worden overschreden ten aanzien van 'kwetsbare objecten', alsmede een zoveel mogelijk te bereiken richtwaarde (PR 10-6/jr) ten aanzien van 'beperkt kwetsbare objecten'; Groepsrisico (GR) Dit is een maat voor de kans dat een grotere groep tegelijkertijd dodelijk getroffen kan worden door een calamiteit met gevaarlijke stoffen. Voor het groepsrisico geldt een verantwoordingsplicht.

Uitsnede risicokaart

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

47

4.4.2

Toepassing plangebied

Het plangebied bestaat in de huidige situatie uit 72 wooneenheden. Het planvoornemen betreft binnen het plangebied 73 wooneenheden te realiseren. Dit betekent een toename van één woning. Het plangebied is gelegen binnen het invloedsgebied van het LPG-vulpunt van het tankstation aan Hastelweg 155. In de huidige situatie bevinden zich woningen binnen deze contour. Bij de planvorming is rekening gehouden met deze contour. De geprojecteerde woningen zijn buiten de contour geprojecteerd, zoals op navolgende uitsnede van het stedenbouwkundig plan is aangegeven. Hierdoor is een groepsrisicoverantwoording voor dit planvoornemen niet noodzakelijk.

Uitsnede stedenbouwk undig plan met in groen de aanwezige invloedsgebieden van het LPG-tankstation

In het oosten van het plangebied is sprake van een gasdrukregel- en meetstation. Hiervoor gelden in het kader van tabel 3.12 Wet milieubeheer (Activiteitenbesluit) vaste veiligheidsafstanden. Omdat in dit geval sprake is van een type-C station met een doorloop t/m maximaal 40.000 m³ gas per uur bedraagt de veiligheidsafstand 15 meter. Hierbinnen is het oprichten van kwetsbare objecten, zoals woningen, niet toegestaan. Het stedenbouwkundig plan is aan de hand van deze regels aangepast, zodat geen woning is geprojecteerd binnen de veiligheidsafstand van dit station. Op navolgende afbeelding is dit weergegeven. De veiligheidszone is als zodanig in de verbeelding van het bestemmingsplan opgenomen. 48

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

Uitsnede stedenbouwk undig plan met in groen de veiligheidsafstanden van het gasreduceerstation In de gemeentelijke 'Visie externe veiligheid Eindhoven - Risico's de maat genomen' wordt voor de Ring (Botenlaan-Limburglaan) gehanteerd dat er bij meer dan 50 woningen en/of functies bestemd voor een specifieke hulpbehoevende doelgroep binnen 200 meter maatwerk geleverd moet worden ten aanzien van de toepassing van de verantwoordingsplicht. Hiervan is geen sprake, omdat het aantal woningen toeneemt met één woning ten opzichte van de huidige situatie. Externe veiligheid vormt geen belemmering voor het planvoornemen.

4.5

Duurzaamheid

De ambities van de gemeente op het gebied van duurzaamheid zijn vastgelegd in het raadsprogramma Duurzaamheid. Een duurzame stad is een stad die rekening houdt met de behoeften van de huidige generatie zonder die van toekomstige generaties in gevaar te brengen. Onderstaande tekst legt concreet uit wat we als stad willen en waar dat op gebaseerd is. 1. CO2 reductie Het klimaat verandert door de toegenomen uitstoot van CO2. Dat gaat sneller dan we gedacht hadden. De temperatuur op aarde neemt toe waardoor de weersomstandigheden extremer worden: meer hitte, meer droogte, hevigere neerslag, meer stormen enz. Om de gevolgen van de klimaatverandering beperkt te houden, moet de CO2 uitstoot drastisch dalen. Wereldwijd zijn eind 2015 afspraken gemaakt om te pogen het probleem van klimaatverandering zoveel mogelijk te beperken: het klimaatakkoord van Parijs. Eindhoven onderschrijft dat akkoord door de in 2016 vastgestelde Klimaatverordening040. Hierin is vastgelegd dat de CO2 emissie van vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

49

de stad teruggedrongen moet worden met 55% in 2030 en 95% in 2050. Referentiepunt daarbij is de emissie in het jaar 1990. In januari 2017 heeft de gemeenteraad in het Klimaatplan 2016-2020 de doelstellingen van de klimaatverordening uitgewerkt.

1A) Aardgasloze verwarming Om de vereiste 95% reductie in CO2 uitstoot te realiseren is op termijn een volledig aardgasloze verwarming van de gebouwde omgeving noodzakelijk. We zetten daar als gemeente op in en dit is nadrukkelijk ook het Rijksbeleid. Per 1 juli 2018 is de Wet voortgang energietransitie in werking getreden. Te bouwen bouwwerken (in gewone taal: nieuwbouw) voor kleinverbruikers – woningen, winkels, kantoren – mogen niet langer worden aangesloten op aardgasnetten. Daarnaast streeft de gemeente er nadrukkelijk naar te voorkomen dat ALLE nieuwe ontwikkelingen nog op aardgas worden aangesloten. In het Klimaatplan 2016-2020 heeft de gemeenteraad vastgelegd dat 'zoveel mogelijk voorkomen moet worden dat nieuwbouw nog wordt aangesloten op aardgas'. Het is voor bouwers en ontwikkelaars verstandig om zich te realiseren dat aardgas uitgefaseerd zal gaan worden en ook daar waar het nog niet wettelijk is bepaald nu al aardgasloos te bouwen of in ieder geval zodanig dat een alternatieve warmtevoorziening in de toekomst zonder grote ingrepen mogelijk is.

1B) Duurzame mobiliteit Om de vereiste 95% reductie in CO2 uitstoot in 2050 te bereiken, is een volledig CO2-emissievrije mobiliteit noodzakelijk. Dit betekent dat op termijn voertuigen op fossiele brandstoffen (benzine, diesel en LPG) volledig zullen verdwijnen en vervangen zullen worden door emissievrije voertuigen (elektrisch, waterstof of anderszins). Naast emissievrije voertuigen, willen we ook minder voertuigen in het centrum van de stad om daarmee de leefbaarheid in onze groeiende stad overeind te houden. Dat betekent meer ruimte voor fietsen, wandelen smart mobility concepten, met een belangrijke rol voor autodelen, autonoom rijden en slimme openbaar vervoerconcepten.

1C) warmte- en energiebesparing Om tot een reductie van 95% CO2 uitstoot te komen in 2050 moeten we naast het dichtdraaien van de aardgaskraan, het overgaan op emissievrije mobiliteit en het zoveel mogelijk duurzaam opwekken, ook naar grote besparingen in energie en warmte. Dit kan door isolatie, mogelijkheden voor opslag, innovatieve technieken enz.

1D) duurzame energie opwekking Naast de reductie in CO2, willen we als stad ook graag in 2045 energieneutraal zijn. Dat betekent dat de hoeveelheid energie die we dan als stad gebruiken, bij voorkeur binnen de grenzen van stad of regio duurzaam opgewekt wordt. Om dit te realiseren is het noodzakelijk dat alle kansen voor duurzame opwekking genomen worden. Met name op gebied van zonne-energie zijn er kansen in Eindhoven.

2 Circulaire Economie Circulaire economie is een economisch systeem dat bedoeld is om de herbruikbaarheid van producten en grondstoffen te maximaliseren en waardevernietiging te minimaliseren. We willen een afvalloze stad worden waar producten in gesloten technologische en biologische kringlopen gebruikt worden. (Grond)stoffen, materialen en producten die we gebruiken hebben geen negatieve effecten op mens en milieu, niet bij winning of productie, niet bij transport of gebruik en dus ook niet aan het einde van de levensduur. In ons plan van aanpak CE 50

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

2018-2020 hebben we de rijksambitie om in 2050 een circulaire economie te hebben onderschreven net als de ambitie om in 2030 50% minder primaire grondstoffen te gebruiken.

2A) duurzame materialen Materialen die in gesloten kringlopen steeds weer opnieuw gebruikt kunnen worden zonder schadelijke gevolgen voor mens of natuur, of die biologisch afbreekbaar zijn, zijn duurzame materialen.

2B) geen afval In 2020 willen we 0% restafval hebben. In eerste instantie geldt deze ambitie voor het huishoudelijk afval maar uiteindelijk voor alle afval.

2C) flexibel en demontabel bouwen Om te voorkomen dat gebouwen afgebroken moeten worden, moet bij het ontwerp al rekening gehouden worden met de flexibiliteit en demonteerbaarheid van het gebouw.

2D) deeleconomie/ as a service concepten De deeleconomie biedt een nieuw model voor consumptie en bezit. In plaats van telkens nieuwe goederen aan te schaffen, kunnen we de spullen die we al bezitten delen en zo beter benutten. Betalen voor vervoer, verlichting, werkruimte enz. voorkomt dat we zelf voertuigen, lampen, stoelen enz. moeten bezitten. Door diensten als een service aan te bieden en niet als een product, kunnen ze efficiënter gebruikt worden en blijft de verantwoordelijkheid voor het (hergebruik van het) product bij de leverancier.

3) Natuur Eindhoven de groenste! Groene daken en gevels, biodiversiteit, klimaatadaptatie (het wordt steeds warmer en natter), stadslandbouw en aantrekkelijk groen voor recreatie, ontspanning en bewegen. Hoe dragen nieuwe en herontwikkelingen in Eindhoven hieraan bij? Brengt het schade toe aan bestaande natuur of biedt het kansen voor toevoeging/uitbreiding?

3A) biodiversiteit Om biodiversiteit te behouden wordt op Europees niveau gewerkt aan een duurzaam ecologisch netwerk van grote natuurgebieden met goede verbindingen. Ook in Eindhoven willen we ecologische versnippering in onze stad tegen gaan.

3B) oppervlakte groen We willen geen verlies van groen in de openbare ruimte en daar waar mogelijk het groen versterken, ook op of aan onze gebouwen.

4. Sociale basisbehoeften The Natural Step neemt de 9 menselijke behoefte van Manfred Max Neef als uitgangspunt. Omdat het hier om ruimtelijke projecten en activiteiten gaat, richten wij ons op de ruimtelijke component van deze basisbehoeften. We hebben het dan over klimaatadaptatie; gezonde vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

51

lucht, bodem en water; beperkte geluidsoverlast; externe veiligheid; openbare ruimte om te ontmoeten en bewegen; bereikbaarheid van voorzieningen en het betrekken van bewoners bij projecten. Daarnaast spelen de sociale menselijke basisbehoeften wel een rol bij de aanschaf van materialen en diensten (we willen dat er maatschappelijk verantwoord ingekocht wordt).

4A) Klimaatadaptatie Extreme regen en onweersbuien, hittegolven en droogte komen steeds vaker voor. In het Klimaatplan 2016-2020 is de ambitie opgenomen dat de gemeente Eindhoven in 2020 klimaatrobuust handelt en dat de gehele stad in 2050 klimaatrobuust is. Met de beleidsregel 'Klimaatrobuust' beogen we in Eindhoven risico op schade in de nabije toekomst te beperken. Nieuwe (her)inrichtingen en ruimtelijke ontwikkelingen in de openbare en de private ruimte, waarbij de gemeente een rol heeft, worden voortaan aan de hand van deze beleidsregel ontwikkeld. We hanteren als uitgangspunt de voorkeursvolgorde gebruiken, vasthouden (infiltreren), vertragen en afvoeren van hemelwater. Groene maatregelen worden hierbij beloond met een lagere bergingsnorm en dragen tevens bij aan het voorkomen van hittestress.

4B) gezonde verstedelijking Hieronder verstaan we: gezonde lucht, bodem en water; beperkte geluidsoverlast; externe veiligheid en mogelijkheden om te bewegen en ontmoeten in de openbare ruimte

4C) participatieve stad, betrokkenheid van burgers en bereikbare voorzieningen We betrekken onze inwoners graag bij de ontwikkelingen en veranderingen die hen aangaan. Dit leidt tot meer draagvlak en betere eindresultaten. Onze ambities op gebied van duurzame mobiliteit mogen niet leiden tot een geringere bereikbaarheid van belangrijke voorzieningen.

Specifiek Eindhovens Daarnaast is er nog een aantal factoren die we specifiek op dit moment en in deze stad belangrijk vinden en die we extra waarderen. Het gaat dan om de zichtbaarheid van de duurzame successen, de duurzaamheid van de betrokken partijen zelf (hun MVO beleid) en het aansluiten bij het DNA van Eindhoven: TDK (technologie, design en kennis). Wat dat laatste betreft sluit innovatie daar dus goed bij aan.

Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen MVO is een integrale visie op een duurzame bedrijfsvoering. Een bedrijf dat maatschappelijk verantwoord onderneemt, maakt bij iedere bedrijfsbeslissing een afweging tussen de verschillende maatschappelijke en economische effecten hiervan, en houdt hierbij rekening met stakeholderbelangen. Elke bedrijfsbeslissing heeft immers invloed op de stakeholders (belanghebbenden) van een bedrijf. Dat kunnen medewerkers of klanten zijn, maar bijvoorbeeld ook omwonenden, leveranciers, investeerders en ook 'de maatschappij' in algemene zin.

52

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

4.5.1

Planbeschrijving

De woningbouw wordt ontworpen en gerealiseerd volgens de vier duurzaamheidsprincipes van The Natural Step. De woningen zullen gasloos worden gebouwd en worden voorzien van een warmtepomp in combinatie PV-panelen op de daken. Alle woningen (inclusief de te renoveren woningen die buiten dit plangebied vallen, m.u.v. 4 renovatiewoningen) worden aangesloten op het warmtenet. Tevens worden ventilatievoorzieningen getroffen met warmteterugwinning. In tegenstelling tot de bestaande woningen worden hogere isolatiewaarden gebruikt en zal een hemelwaterbergingsvoorziening worden gerealiseerd, zoals in hoofdstuk 5 is beschreven. Wat betreft openbaar groen wordt de totale groenoppervlakte uitgebreid ten opzichte van de huidige situatie.

4.6

Bodem

4.6.1

Algemeen

De woningbouw wordt ontworpen en gerealiseerd volgens de vier duurzaamheidsprincipes van The Natural Step. De woningen zullen gasloos worden gebouwd en worden voorzien van een warmtepomp in combinatie PV-panelen op de daken. Alle woningen (inclusief de te renoveren woningen die buiten dit plangebied vallen, m.u.v. 4 renovatiewoningen) worden aangesloten op het warmtenet. Tevens worden ventilatievoorzieningen getroffen met warmteterugwinning. In tegenstelling tot de bestaande woningen worden hogere isolatiewaarden gebruikt en zal een hemelwaterbergingsvoorziening worden gerealiseerd, zoals in hoofdstuk 5 is beschreven. Wat betreft openbaar groen wordt de totale groenoppervlakte uitgebreid ten opzichte van de huidige situatie.

4.6.2

Verkennend bodemonderzoek

Zintuiglijk zijn heterogeen verdeeld over de locatie in het traject vanaf het maaiveld tot 1,10 m-mv bijmengingen met puin, slakken, kolengruis en kalk aangetroffen. Tevens is ter plaatse van één boring een volledige kolengruislaag aangetroffen van 0,40 tot 0,75 m-mv. De kolengruislaag betreft geen bodem en is derhalve niet onderzocht. Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond maximaal licht verontreinigd is met PCB, minerale olie, zink, cadmium, lood en PAK. De ondergrond blijkt niet verontreinigd te zijn met de onderzochte stoffen. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. De onderzoeksresultaten leveren geen beperkingen op ten aanzien van het huidige en voorgenomen gebruik van de locatie. Echter betreft onderhavig onderzoek slechts een indicatie van de bodemkwaliteit ter plaatse. Voor het vaststellen van de algehele bodemkwaliteit ter plaatse dient voorafgaand aan de herontwikkelingen een volledig verkennend bodemonderzoek uitgevoerd te worden conform de NEN 5740. Tevens dient er een volledig verkennend asbestonderzoek uitgevoerd te worden conform de NEN 5707 in verband met het aantreffen van puinbijmengingen in de bodem. Het plangebied ligt voor een deel in een gebied dat verdacht op het voorkomen van niet gesprongen explosieven. Hiervoor zullen bij de uitvoering van graafwerkzaamheden passende maatregelen genomen worden.

vastgesteld I Strijp buiten de Ring 2019 (Sportlaan-Hastelweg) Gemeente Eindhoven

53

4.7

Natuur

Per 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming (Wnb) en het bijbehorende Besluit natuurbescherming (Bnb) en de Regeling natuurbescherming (Rnb) in werking getreden. Door de inwerkingtreding van deze wet zijn de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en faunawet en de Boswet komen te vervallen. Het is de bedoeling dat deze nieuwe wet en de bijbehorende Bnb en Rnb uiteindelijk opgaan in de nieuwe Omgevingswet waarvan verwacht wordt dat die in 2021 in werking treedt. Met het van kracht worden van deze wet komen vrijwel alle verantwoordelijkheden bij de provincies te liggen.

4.7.1

Gebiedsbescherming

Het plangebied is op relatief grote afstand van de Natuurnetwerk Brabant (NNB) gelegen. Samen met de aard en de relatief beperkte omvang van de ingreep (herontwikkeling in het stedelijk gebied) is er geen negatief effect te verwachten op de wezenlijke kenmerken en waarden van de NNB. Voor Natura 2000-gebieden geldt dat het plangebied op grote afstand hiervan is gelegen (circa 5,1 km). Gezien de aard en de beperkte omvang van de ingreep zorgt dit ervoor dat eveneens geen negatief effect te verwachten is op de wezenlijke kenmerken en waarden van Natura 2000-gebieden. Dit is met een stikstofdepositie berekening bevestigd, er is geen sprake van stikstofdepositie op Natura 2000. De berekeningen zijn als bijlage bij deze toelichting gevoegd.

4.7.2

Soortenbescherming

Om te bepalen of de geplande activiteiten binnen het projectgebied mogelijk een negatief effect hebben op beschermde plant- en/of diersoorten en leefgebieden, is door Faunaconsult een flora- en faunainspectie uitgevoerd. De resultaten van deze inspectie zijn gerapporteerd en opgenomen als bijlage bij deze ruimtelijke motivering. Hierna wordt op de belangrijkste bevindingen van het onderzoek ingegaan. Algemene vogels In het plangebied komen mogelijk beschermde vogelnesten voor tijdens het broedseizoen. Het gaat om vogels waarvan het nest niet jaarrond wordt beschermd of als strenger beschermd wordt beschouwd. Hiervoor zijn maatregelen die negatieve effecten voorkomen wel verplicht. Verstoring van broedvogels en vernietiging van vogelnesten kan worden voorkomen door het verwijderen van de vegetatie buiten de periode 15 maart - 15 juli (het broedseizoen van de meeste vogels) uit te voeren. Door naleving van deze maatregel worden ten aanzien van vogels geen overtredingen op de Wet natuurbescherming begaan. Algemeen voorkomende grondgebonden zoogdieren en amfibieën In het plangebied komen mogelijk zoogdieren en amfibieën voor, die onder de Wnb zijn beschermd. Het gaat om algemeen voorkomende soorten (zogenaamde A-soorten), waarvoor in Noord-Brabant een vrijstelling geldt in geval van ruimtelijke ontwikkeling en beheer en onderhoud (Provinciale staten van Noord-Brabant, 2016).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11748941/2