C04a 20230223 Vereniging Natuurbeheer Keerberg - Reactie omgevingsvisie Lijn 50 nav participatiesessies november.pdf
Tekst van het document
Vereniging Natuurbeheer Keerberg Keerberg 63, 6267 DB Cadier en Keer bestuur@natuurbeheerkeerberg.nl
27 november 2022 De lijn50-gemeenten Eijsden-Margraten, Gulpen-Wittem en Vaals t.a.v. projectteam omgevingsvisielijn50 via: info@omgevingsvisielijn50.nl en: info@eijsden-margraten.nl Onderwerp: Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
Geacht projectteam omgevingsvisielijn50, Twee weken geleden hebben enkele leden van onze vereniging deelgenomen aan een sessie ‘inspraak omgevingsvisie lijn50’. Naar aanleiding van deze ervaringen en het bestuderen van uw recente projectwebsite verzoeken wij u bepaalde zaken in uw aanpak te wijzigen, zowel procesmatig als inhoudelijk. Dat zetten we in de volgende tien punten uiteen.
1. De (ware) opgaven moeten centraal staan Het proces van de omgevingsvisie is in twee fases verdeeld. De eerste fase is vlak voor de zomer van 2021 afgerond. Toen is de bouwstenennotitie unaniem goedgekeurd en vastgesteld door de drie gemeenteraden. De notitie bevat een heldere opsomming en uitvoerige toelichting van de gestelde opgaven. Deze staan weergegeven in hoofdstuk 3 ‘Uitdagingen’, in de paragraaf ‘De opgaven voor de lijn50-regio’. De dertien opgaven zijn: Authentiek landschap behouden, Transformatie landbouw, Verduurzaming toerisme, Robuuste natuur, Klimaatadaptatie, Energietransitie, Duurzaam wonen in een prettige leefomgeving, Duurzame mobiliteit, Passende werkgelegenheid, Vitale bevolking, Sociale samenhang, Veiligheid en Vernieuwing op vlak van governance. Deze dertien opgaven zijn bepalend voor de huidige fase 2, zoals ook is vermeld op uw projectwebsite op de pagina Bouwstenennotitie ligt aan de basis. Maar uw projectwebsite kent ook een pagina met de titel Opgaven. Hier staat echter iets anders, namelijk: ‘De kernkwaliteiten en drie verhaallijnen maken duidelijk wat belangrijk is in de ogen van de bewoners, stakeholders en gemeenten die allen betrokken zijn geweest bij de omgevingsvisie tot nu toe’. De lezer zou onterecht kunnen concluderen dat uw kernkwaliteiten en drie verhaallijnen samen de opgaven voor onze regio vormen.
Onze burgers en de gemeenteraden hebben anders bepaald en we hechten er groot belang aan dat de ware opgaven inclusief oorspronkelijke toelichting ook letterlijk in de omgevingsvisie terug zullen komen. Wij verzoeken u dringend op de pagina Opgaven de ware opgaven te vermelden, inclusief toelichting, integraal overgenomen uit het bouwstenenrapport, zoals door de gemeenteraden vastgesteld.
2. Wat zijn onze (ware) kernkwaliteiten? a. Kernkwaliteiten worden niet uniform weergegeven Als we de link op uw projectsite volgen naar de webpagina Kernkwaliteiten, dan lezen we het volgende: ‘Volgens de bouwstenennotitie zijn authenticiteit, saamhorigheid, gastvrijheid, de agrarische sector, het landschap, de natuur en het religieus erfgoed de belangrijkste kernkwaliteiten voor de Lijn50 gemeenten’. Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
1
Deze kernkwaliteiten wijken gedeeltelijk af van de kernkwaliteiten die u op de kaart op dezelfde webpagina vermeldt. Zo is ‘De natuur’ iets anders dan ‘Een groen en natuurlijk karakter’. Wij verzoeken u uniformiteit te betrachten zodat de kernkwaliteiten eenduidig zijn. b. Niet alle genoemde kernkwaliteiten zijn ware kernkwaliteiten! Na constatering van de verschillen hebben we in de bouwstenennotitie gezocht naar het overzicht met de belangrijkste kernkwaliteiten. Maar in het gehele rapport is zo’n overzicht niet te vinden. Vervolgens hebben we in de bouwstenennotitie gezocht naar de door u bij kernkwaliteiten genoemde begrippen. We komen tot de conclusie dat u deze baseert op hoofdstuk 2: ‘Het startpunt’. Over dit hoofdstuk staat op pagina 10, bij de uitleg van het rapport: ‘We staan kort stil bij de huidige situatie in de regio (hoofdstuk 2)‘. Het betreft hier dus een beschrijving van de huidige situatie, zoals aangetroffen in het gebied, als startpunt. Die huidige situatie hoeft nog geen kernkwaliteit te zijn. Een kernkwaliteit is een eigenschap waar een duidelijke waardering uit spreekt, waarin datgene goed is, positief is of aan bepaalde relevante normen voldoet en waar datgene van belang is voor de toekomst.
Sommige beschrijvingen van de door u weergegeven kenmerken van de huidige situatie worden in het bouwstenenrapport in hoofdstuk 2 weliswaar terloops aangehaald als kernwaarde, maar dit geldt zeker niet voor alle beschrijvingen van de huidige situatie. Voor de agrarische sector geldt dit bijvoorbeeld niet. Deze is dus onterecht als kernwaarde opgenomen. Dat geldt ook voor het religieus erfgoed. Het is onjuist om te constateren dat alle beschrijvingen van de huidige situatie uit het bouwstenenrapport automatisch een kernkwaliteit zijn. Waar vinden we dan wel informatie over de positief genoemde typeringen? Aan het bouwstenenrapport ligt een grondig onderzoek ten grondslag. In de periode oktober-november 2020 heeft een bevraging plaatsgevonden. In totaal namen 1.045 personen hieraan deel. De vraag die het meest relevant is voor de vaststelling van kernkwaliteiten, is: ‘Wat maakt jou trots op deze regio?’ Hierbij wordt immers om huidige eigenschappen gevraagd waaruit een duidelijke waardering spreekt: de trots. Ook is gevraagd ‘Hoe zou je de regio nu beschrijven’, waarbij in de weergave van de resultaten onderscheid is gemaakt in positieve en negatieve antwoorden. Door alleen naar de positieve antwoorden te kijken, voorkomen we dat we de gehele beschrijving van de huidige situatie en dus ook de negatieve antwoorden als kernwaarde zien.
De antwoorden, in volgorde van aantal keren genoemd, zijn in de volgende tabel weergegeven. Tabel 1. Huidige, positieve, kenmerkende typeringen van onze regio Bron: Achtergrondinformatie brede bevraging lijn50, Omgevingsanalyse, november 2020 Wat maakt jou trots op deze regio? Top 10 #1: Landschap, natuur, (heuvel)landschap, het uitzicht, etc. #2: De prachtige kernen, het stadsbeeld en historische gebouwen #3: De saamhorigheid, gemeenschapszin, de betrokkenheid van inwoners en gezelligheid. ‘De mensen’. #4: De rust, ruimte en kleinschaligheid. Het dorpsgevoel. #5: De cultuur, tradities en historie. #6: De diversiteit, afwisseling tussen natuur, dorpskernen, voorzieningen en recreatie. #7: Dialect, onze eigen taal. #8: De vele actieve verenigingen. #9: Gastvrijheid, toerisme. #10: De ligging t.o.v. andere steden. Onderdeel van de Euregio. Toelichting: Het landschap en de natuur staat met ruim 470 vermeldingen op nummer één. De daaropvolgende antwoorden zijn elk minder dan 100 keer benoemd.
Hoe zou je de regio nu in een zin beschrijven? Top 10 positieve antwoorden #1: Groen, landelijk, prachtig (heuvel)landschap/ buitengebied. #2: Mooie, prachtige regio (ook ‘hemels’ en ‘geweldig’). #3: Een fijne plek om te wonen. #4: Gezellig, vriendelijk, gemoedelijk (goede saamhorigheid). #5: Rustig. #6: Unieke plek (stukje buitenland in eigen land). #7: Rijke historie, traditie en authenticiteit. #8: Bloeiend en bruisend, een aantrekkelijke plek voor toeristen. #9: Genoeg te doen: voldoende recreatiemogelijkheden. #10: Goede en voldoende voorzieningen. Toelichting: het meest genoemde positieve antwoord is zo’n 200 keer benoemd.
Zoals blijkt, zijn ‘De agrarische sector’ en ‘Religieus erfgoed’ hier niet aan de orde. In de volgende tabel hebben we alle genoemde ‘trotse’ en ‘positief beschrijvende’ kenmerken samengevat en toegewezen aan zeven kernkwaliteiten.
Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
2
Tabel 2. Kernkwaliteiten lijn50 Analyse van huidige, positieve, kenmerkende typeringen van onze regio Bron top 10 antwoorden: Achtergrondinformatie brede bevraging lijn50, Omgevingsanalyse, november 2020. Bron kernkwaliteiten Nationaal Landschap Zuid-Limburg: www.handvatnationaallandschap.nl Aspect
Kernkwaliteit lijn50
Landschap
Glooiing
Inwoners
Wat maakt jou trots op deze regio? (top 10 positieve antwoorden) • (Heuvel)landschap • Coulisselandschap • Uitzicht
Hoe zou je de regio nu in een zin beschrijven? (top 10 positieve antwoorden) • Heuvellandschap, landelijk
Gerelateerde kernkwaliteit Nationaal Landschap Zuid-Limburg • Reliëf (droogdalen, stijlranden, oeverrand, hoogpleateau, terrassen, dalbodem, graften, groeves)
Natuur
• Natuur
• Het groen
• Groene karakter (Natura2000, Natuurnetwerk, groenblauwe mantel)
Afwisselend raamwerk
• Rust, ruimte en kleinschaligheid • Diversiteit • Afwisseling (tussen natuur, dorpskernen, voorzieningen en recreatie) • Nostalgische en authentieke dorpen, prachtige kernen, historische bebouwing, monumenten, religieus erfgoed • Historie, tradities, de cultuur • Dialect/eigen taal • Saamhorigheid • Gemeenschapszin • Betrokkenheid van inwoners • Actieve verenigingen • Sfeer, gezelligheid • De mensen • Onze gastvrijheid, het toerisme • Het dorpsgevoel • De ligging t.o.v. andere steden. Onderdeel van de Euregio
Cultuurhistorie
Saamhorigheid
Gastvrijheid
Ligging
Buitenland in eigen land
Totaal
Samen maken deze waarden ons authentiek
• Afwisseling openbesloten (hagen, bomen, taluds, dorpsmantel, kleine en opgaande landschapselementen, authentieke dorpen) • Rijke historie, traditie en authenticiteit
• Cultuurhistorie (carréboerderij, vakwerkhuis, windmolen, kasteel, kapel, huisweiden, holle wegen, watermolens, ondergrondse groeves)
• Saamhorig • Bloeiend en bruisend
• Gezellig, vriendelijk, gemoedelijk • Een aantrekkelijke plek voor toeristen • Unieke plek (stukje buitenland in eigen land) • Mooie, prachtige regio • Fijne plek om te wonen, goede en voldoende voorzieningen • Genoeg te doen: voldoende recreatiemogelijkheden
In uw voorstel op kaart neemt u de kernkwaliteiten van het Nationaal Landschap Zuid-Limburg (NLZL) gedeeltelijk en gewijzigd over. Daarbij wijzigt u de definities, toelichting en legenda. Dat komt de werkbaarheid niet ten goede. Voor de duidelijk stellen we voor andere begripsnamen voor lijn50 te kiezen, waarbij er wel een duidelijke relatie blijft bestaan met de kernwaarden van NLZL. In bovenstaande tabel is die relatie weergegeven. Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
3
Het is in de omgevingsvisie aan de projectgroep lijn50 en aan gemeenteraden om tot de uiteindelijke keuze van de benaming van kernkwaliteiten te komen. Maar de validatie hiervan moet wel uit het onderzoek en de bouwstenen blijken. In de tabel doen wij een voorstel. Uit onderzoek mogen we gelegitimeerd concluderen: de glooiing, de natuur en het afwisselend raamwerk zien wij als kernwaarde van ons landschap. Onze cultuurhistorie, saamhorigheid en gastvrijheid zien we als kernwaarde voor ons als inwoners. De unieke ligging van onze regio, getypeerd als ‘buitenland in eigen land’, versterkt die waarden. Uit niets blijkt echter dat de agrarische sector een kernkwaliteit is: • In het onderzoek is hiervan geen sprake: de agrarische sector is geheel niet genoemd als positieve typering. Zie ook voorgaande tabel. • Nog duidelijker blijkt dit uit de toelichting van de huidige situatie in het bouwstenenrapport. In het rijtje staat als kopje: ‘De agrarische sector is sterk vertegenwoordigd in de regio’. Maar zoals gezegd: dit is een feitelijke typering. In de toelichting wordt eerder een probleem toegelicht dan een kwaliteit. • Uit de ware opgave ‘transformatie landbouw’ blijkt dat de moderne landbouw door haar schaalvergroting een bedreiging voor het landschap vormt en er juist een transformatie van de landbouw nodig is.
In de beschrijving van uw kernkwaliteit ‘Agrarische sector’ (zie de volgende afbeelding) staat bovendien ‘dat grote agrarische bedrijven op de plateaus zitten’, alsof dit een toelichting van die kwaliteit is. U verwijst naar deze kernkwaliteit op de projectsite dan ook nog als opgave, terwijl de ware opgave juist de transformatie hiervan is! Kortom: uw opgave staat hier lijnrecht tegenover de ware opgave en is feitelijk onjuist gesteld. Afbeelding uit uw overzicht van kernkwaliteiten: Agrarische sector
Bovenstaand zien we de door u aangehaalde kernkwaliteit Agrarische sector. U schrijft: ‘Landbouw is belangrijk voor het groene karakter van het landschap’. Als dat al zo is, dan is het groene karakter de kernkwaliteit en niet de agrarische sector. U gaat hier ook volledig voorbij aan de teloorgang van de natuur, waarvoor de landbouw in belangrijke mate verantwoordelijk is. In uw benadering is ook de natuur onderdeel van het landschap, maar over de schade die de agrarische sector hieraan toebrengt, lezen we helemaal niets. Terwijl natuur het meest is genoemd en alle reacties in de bouwstenennotitie en de onderzoeksbevindingen wijzen op het behoud hiervan! Hier kiest u bewust voor de agrarische sector en niet voor de natuur. In de ware opgave staat bovendien: ‘Het landbouwverkeer kan, net als het toeristisch verkeer, overlast veroorzaken’. Het is saillant dat u een grote trekker als symbool voor deze ‘kernkwaliteit’ voorstelt. Ook voor het religieus erfgoed geldt dat het niet is genoemd in de onderzoeksbevindingen. Ook aspecten hiervan, zoals kerken, wegkruisen en kapelletjes zijn hierin niet genoemd. Wel komen deze begrippen voor in een beschrijvende tekst in het bouwstenenrapport, als toelichting van ‘nostalgische dorpen en authentieke steden’. Religieus erfgoed op zichzelf is dus zeker geen belangrijke kernwaarde.
Wel maakt het onderdeel uit van onze cultuurhistorie en is het aan te treffen in het landschap. Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
4
Wij verzoeken u dringend: • Natuur toe te voegen als zelfstandige kernkwaliteit. We stellen de eikelmuis voor als symbool. De verbastering tot ‘natuurlijk’ of typering als ‘groen’ is hier onjuist, het gaat duidelijk om het begrip ‘natuur’. Naast de algemene term landschap is ‘natuur’ de meest genoemde en dus allerbelangrijkste kernwaarde! Deze staat met stip op 1. • De agrarische sector te verwijderen als kernkwaliteit. • Het religieus erfgoed te verwijderen als kernkwaliteit. Verder zien wij Authenticiteit (eigenheid) als een allesomvattend begrip. Je kunt dat woord voor alle kernwaarden zetten. Alle in de tabel voorgestelde kernwaarden zijn in samenhang juist sterk authentiek voor onze regio. Het woord authentiek op zichzelf is dus weinig zeggend, daar hoort een begrip bij en dat is dan de waarde waar het om gaat.
3. Klopt de relatie tussen de kernwaarden en uw gekozen legenda-items wel? We zetten vraagtekens bij de onder de kernwaarden op kaart weergegeven legenda-items. Dit suggereert dat die items een indicator zijn voor die betreffende kernwaarden. Beter lijkt ons alle legenda-items niet onder de kernkwaliteiten weer te geven. Zo vragen wij ons bijvoorbeeld af: • Is de maatstaf voor authenticiteit beperkt tot de beschermde dorpsgezichten, de kasteel/buitenplaatsen en de stoomtrein? • Is ‘dorp’ de indicator voor de kernwaarde saamhorigheid? • Is het ‘recreatieve fietsnetwerk’ de indicator voor de kernwaarde gastvrij? We begrijpen de gedachte, maar dit is allemaal een beetje kort door de bocht. Het goed en ‘smart’ benoemen van de indicatoren is juist van belang om later te toetsen of we ook aan die kernwaarde voldoen. We verzoeken u : • Een goede set indicatoren te ontwikkelen voor iedere kernwaarde. • De legenda-items los te koppelen van de kernwaarden.
4. De keuze voor de drie herbergen doet onvoldoende recht aan de domeinen ecologie en governance In uw aanpak kiest u voor een indeling in drie verhaallijnen. U stelt dat die op de bouwstenennotitie zijn gebaseerd. In die bouwstenennotitie lezen we in de introductie van hoofdstuk 3, waarin de opgaven zijn beschreven, een samenvattende categorisering van de opgaven: ‘De maatschappelijke opgaven waarmee de Lijn50-regio wordt geconfronteerd manifesteren zich in het ecologische, economische, sociale en ook het institutionele domein. Ze hangen bovendien nauw samen.’ Het gaat hier dus om vier domeinen. Het economische domein heeft u omgezet naar een economischrecreatieve herberg. Het sociale domein heeft u omgezet naar de sociale herberg. Maar waar zijn het ecologische en institutionele domein? Het ecologische domein ontbreekt. In de presentatie (in uw sessie) was sprake van een ‘natuurlijke herberg’, maar op de projectwebsite heet dit dan weer ‘de landelijke herberg’. Los van naam: de ecologische opgaven zijn in deze beschrijvende tekst slechts zeer beperkt en ondergeschikt terecht gekomen. Op de intro na, voert de agrarische sector hier in iedere alinea de boventoon.
Terwijl de agrarische sector ook in onze omgeving juist een bedreiging vormt voor de ecologie, zoals blijkt uit de ware opgaven, wetenschappelijk is aangetoond en bovendien dagelijks in de media te lezen en horen valt. Hierover lezen we helemaal niets in deze herberg.
Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
5
Ook het institutionele domein (met als opgave de vernieuwing op vlak van governance) ontbreekt, terwijl die volgens de bouwstenennotitie zelfs randvoorwaardelijk voor alle opgaven is. In de bouwstenennotitie lezen we: ‘Om (alle) genoemde opgaven te adresseren zal er op een andere manier ‘gestuurd’ moeten worden in de Lijn50-regio en binnen de gemeentelijke overheden. Dit noemen we ook wel ‘governance’. Governance zien we ook wel als een manier van (be)sturen gericht op de toekomst.’ We verzoeken u ook de institutionele opgave goed te borgen. Kortom: wij verzoeken u dringend: • De ware opgaven voor governance op te nemen en te adresseren; • Het ecologische belang sterker in een herberg terug te laten komen.
5. In de verhaallijnen moet de gewenste verandering veel duidelijker worden benoemd Om de opgaven te realiseren, zullen we op diverse veranderingen moeten sturen. Juist die veranderingen, met de gewenste richting, kracht en aanvaarding van consequenties, moet bij iedereen duidelijk worden. De omgevingsvisie moet daar glashelder over zijn. Het is daarom van belang onderscheid te maken tussen (a) de huidige situatie: waar staan we nu, (b) wat willen we meer en wat minder: wat gaan we veranderen (en mogelijk: hoe?) en (c) de ambitie voor 2050: de gewenste situatie die we willen bereiken. De huidige teksten blijven te veel weg van keuzes en houden de ‘kerk in het midden’. Terwijl we voor grote uitdagingen staan, die juist keuzes vergen. Een voorbeeld: ‘Het groenblauwe raamwerk vormt een landelijke herberg voor niet alleen de agrarische sector maar herbergt ook ruimtelijke kwaliteiten zoals cultuurhistorische landschapselementen, waterlopen en recreatieve wandel- en fietspaden, ecologie, cultuurhistorie, landbouw, fruitteelt, bedrijvigheid, recreatie en woningbouw.’ Deze beschrijving staat bij de landelijke herberg. Dit is de huidige situatie en dit zal ontegenzeggelijk ook in 2050 nog kloppen. Maar wat willen we nu veranderen? De ware opgaven, wensbeelden en schrikbeelden uit de bouwstenennotitie zijn hierover duidelijk.
In die notitie staat bovendien: ‘In Fase 2 is het tijd om keuzes te maken’. Die keuzes zien we (nog) niet. Wat willen we meer en wat minder? Wat willen we echt bereiken, zelfs ten koste van wat? Waar gaat het pijn doen en hoe verzachten we die pijn? Welke dillema’s blijken uit de opgaven en hoe komen we hierin tot een nieuw evenwicht? De eerste zin van de paragraaf ‘De opgaven voor de lijn50-regio’ in de bouwstenennotitie luidt dan ook: ‘Voor het (bij)sturen van maatschappelijke ontwikkelingen dient nadrukkelijk oog te zijn voor verleden, heden en toekomst.’ We verzoeken u dringend: • geen geromantiseerd beeld te schetsen, maar juist stakeholders mee te nemen in uw vertaling van de opgaven naar de dilemma’s en overwegingen en vervolgens naar voorgestelde keuzes. • in teksten duidelijk onderscheid te maken tussen wat we op dit moment constateren, wat we willen veranderen en wat we hiermee in de toekomst willen bereiken en borgen.
6. De voor ecologie benodigde veranderingen In de bouwstenennotitie staat bij iedere opgave een toelichting. Bij de belangrijkste opgaven voor ecologie hebben we uit deze toelichtingen alle genoemde veranderingen op rij gezet. De woorden die trigger zijn voor verandering, zijn in onderstaande tabel dikgedrukt. Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
6
Tabel 3. Diverse in opgaven genoemde (triggers voor) verandering, met raakvlak ecologie In opgave genoemde (triggers voor) verandering Authentiek landschap • Landschap staat al decennialang onder druk. • De schaalvergroting in de landbouw, het groeiende toerisme en de toenemende druk op de schaarse ruimte vormen de voornaamste bedreigingen voor behoud van het karakteristieke cultuurlandschap. • (ruimtelijke) ingrepen en veranderingen in het landschap kunnen authentieke karakter verloren laten gaan. • De Lijn50-gemeenten streven er dan ook naar om landschap, natuur en cultuurhistorie te behouden en waar mogelijk te versterken en verbeteren. • Wat dit betekent voor het ontwikkelingsperspectief van de landbouw, het toerisme en andere vormen van ruimtegebruik in het gebied verdient aandacht. Transformatie landbouw • De moderne landbouw vormt door haar schaalvergroting een bedreiging voor de kleinschaligheid van het landschap en andere vormen van ruimtegebruik in het gebied verdienen aandacht. • De landbouw in Zuid-Limburg bevindt zich al decennia in een lastige positie: concurreren op de wereldmarkt, opereren binnen een scala aan wet-en regelgeving, weinig mogelijkheden om het bedrijf uit te breiden, vaak geen erfopvolger, en relatief weinig nieuwe bedrijfsmodellen. Dat zijn de uitdagingen waar de gemiddelde boer in de Lijn50-regio mee te maken heeft.
• Een transformatie van de landbouw is nodig, maar de vraag is: in welke richting? Hoe ziet een duurzaam ontwikkelingsperspectief voor de landbouw in het heuvelland eruit? Verduurzaming toerisme • Het toerisme zorgt voor werkgelegenheid in horeca, logies, cultuur, recreatie en entertainment, maar veroorzaakt ook overlast voor inwoners en legt druk op de schaarse ruimte, natuur en landschap. • Toerisme en recreatie zijn een banenmotor voor de regionale economie, maar innovatie is nodig zodat er een positieve invloed uitgaat op de omgeving. Om het toerisme toekomstbestendig te laten zijn zal ingezet moeten worden op kwaliteit (in plaats van groei), zullen het heuvellandschap en de omliggende steden meer moeten samenwerken om het toerisme een regionaal totaalpakket te kunnen bieden, zullen de belangen van de toeristen en de inwoners van het gebied zorgvuldig moeten worden afgewogen en gewaarborgd, en zal er continue aandacht nodig zijn voor behoud van cultuur, natuur en landschap en nieuwe vormen van duurzaam ondernemerschap omdat dit de kernkwaliteiten zijn voor het toerisme in de regio. • Mensen hebben meer aandacht voor milieubewust en duurzaam reizen, reizigers gaan meer op zoek naar rust en ontspanning. Robuuste natuur • De natuur in het heuvelland staat onder druk.
Belangrijke oorzaken zijn de verandering van landgebruik (zoals de aanleg van wegen en bebouwing) en de intensivering van het landgebruik (door de landbouw). Veel natuurgebieden worden beïnvloed door vermesting, doordat meststoffen uit de hoger gelegen landbouwgronden op de plateaus uitspoelen in de lager gelegen natuurgebieden en de beekdalen. Veel natuurgebieden zijn bovendien relatief klein en sterk versnipperd. • Ook zal klimaatverandering gevolgen hebben voor de natuur wanneer exoten (zuidelijke soorten) zich hier kunnen verspreiden en inheemse soorten verdringen. • Behoud [is verandering want nu geen sprake van] en herstel van de biodiversiteit in Zuid-Limburg zal een enorme opgave zijn omdat dit nauw verweven is met de toekomst van de landbouw en andere maatschappelijke activiteiten in het gebied, zoals toerisme. • Ook de kwaliteit en kwantiteit van het grondwater is van belang. Vooral de uitspoeling van nitraat verdient in dit opzicht aandacht. • Ook de mogelijke verdere verdroging mag niet vergeten worden (mede met het oog op klimaatverandering). Water vasthouden en bufferen is daarnaast het benoemen waard. • Vooral de toekomstige ontwikkeling van de landbouw zal bepalend zijn voor de mate waarin milieu-en waterkwaliteit in het gebied verbeteren en daarmee een basis wordt gelegd voor natuurherstel.
• Voor een robuuste natuur zal echter ook gestreefd moeten worden naar het vergroten van natuurgebieden en het onderling verbinden van gebieden door middel van voldoende brede ecologische corridors. • De status als Nationaal Landschap en de Natura 2000-gebieden in Zuid-Limburg is een belangrijke drijfveer voor herstel van de natuur, maar vanwege de relatief kleine omvang van de meeste natuurgebieden zal de oorzaak van de achteruitgang van de natuur buiten deze gebieden aangepakt moeten worden. Daarbij zal ook over nationale grenzen heen gekeken moeten worden. Klimaatadaptatie • De samenleving zal zich moeten aanpassen aan een veranderend klimaat zodat nadelige gevolgen en dus hoge kosten zoveel mogelijk worden beperkt. • Klimaatadaptatie in dit gebied gaat onder meer om hoogwaterbescherming langs de Maas, het beperken van wateroverlast in de beekdalen, het langer vasthouden van neerslag in het gebied om te voorkómen dat er droogte ontstaat in de landbouw en natuur, het tegengaan van hittestress in de bebouwde omgeving. Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
7
•
De zogeheten klimaatadaptieve maatregelen hebben ruimte nodig , zoals de aanleg van waterbuffers en de uitbreiding van bosgebied, maar ook omdat sommige maatschappelijke activiteiten aangepast zullen moeten worden om klimaatbestendig te kunnen zijn, zoals woningen en de aanleg en inrichting van straten en pleinen. Waterschap en gemeenten werken aan een betere afstemming van waterbeheer en ruimtelijke ordening, waarbij de openbare en particuliere ruimte anders wordt ingericht, zodat er meer natuurlijke watersystemen ontstaan die een bijdrage leveren aan de klimaatadaptatie. In de bebouwde omgeving kan meer groen (in plaats van steen) een rol spelen bij het bestrijden van hittestress. Energietransitie • Het gaat dan over het beperken van klimaatverandering door het verminderen en rond 2050 vrijwel beëindigen van de uitstoot van broeikasgassen. Om dit doel te bereiken zal de gehele samenleving een ingrijpende verandering moeten ondergaan waarbij fossiele brandstoffen zoals olie en gas worden vervangen door duurzame energiebronnen zoals bijvoorbeeld zon en wind. • Het is de vraag of alleen zonneparken voldoende zijn om de regionale doelstelling van duurzaam. • Een belangrijke vraag is waar in het landelijk gebied de ruimte gevonden kan worden om grootschalige zonneparken aan te leggen.
• Vanuit de RES Zuid-Limburg en vooral de Omgevingsvisie zal hierop krachtig gestuurd moeten worden
Wij verzoeken u dringend bovenstaande veranderingen te adresseren in de herbergen.
7. Gebruik van eenduidige terminologie op basis van een definitielijst In de tekstuele beschrijving van de landelijke herberg lezen we onder andere termen als ‘landelijk’, ‘raamwerk’, ‘landelijk groen en blauw’, ‘het groenblauwe raamwerk’, ‘landbouw’, ‘landschapsontwikkeling’, ‘landschapsherstel’, ‘ruimtelijke functies, gebruik en waarden‘, ‘specifieke natuurwaarden’, ‘(kleine) ecologische en landschappelijke elementen’, ‘de waarden van het landschap’ en ‘de bruikbaarheid van het landschap’. U beschrijft ook hier een aantal ‘opgaven’, maar die zijn anders dan de ware opgaven. In een opsomming onderscheidt u naast ‘landbouw’ ook ‘fruitteelt’. De lezer kan zich hierdoor afvragen: hoort dat daar dan bij, of juist niet? Van belang is definities te hanteren die helder en eenduidig zijn. We hechten een zeer groot belang aan ‘klare taal’ omdat het hier om kaders gaat die toepasbaar moeten zijn. We verzoeken u daarom in de omgevingsvisie een definitielijst op te nemen en deze te volgen. De onderstreepte begrippen zien we daar graag in terug. Ons voorstel voor enkele begrippen: • Het gehele lijn50-gebied noemen we de omgeving. Hiervoor wordt immers de omgevingsvisie opgesteld. • In de omgeving onderscheiden we 41 kernen1 en het landschap. Het landschap is alles in de omgeving, behalve de kernen. Het landschap bevat ook buurtschappen en gehuchten.
(De kernen graag als zodanig op de kaart aangeven, deze ‘kern’ noemen in plaats van ‘dorp’). • In het landschap onderscheiden we de natuur (het Natuurnetwerk), de groenblauwe mantel (ontstaan uit de zilver- en bronsgroene zone) en het buitengebied. Voor ieder deel van het landschap geldt dat exclusief één van deze indelingen van toepassing is. De basis voor die indeling is de provinciale Omgevingsvisie 2021 en de verordening. (Deze zones als zodanig graag op kaart aangeven). • Wij verzoeken u de verwijzing naar ‘groenblauw’ exclusief te reserveren voor het begrip ‘de groenblauwe mantel’, om misverstanden te voorkomen. Wellicht bedoelt u dat ook met ‘landelijk groen en blauw’ en ‘het groenblauwe raamwerk’, maar dat staat er niet. Graag zien wij de juiste term gehanteerd. • In de groenblauwe mantel en in het buitengebied vinden we een aantal gebruiksfuncties: landbouw (waaronder akkerbouw, veehouderij, fruitteelt en tuinbouw, samen ook wel aangeduid als agrarisch), wonen, werken, recreëren, infra en water. Ook stellen we voor de gebruiksfunctie landschapsontwikkeling toe te voegen, om het nieuwe instrument 1 De gemeente Eijsden- Gulpen-Wittem telt 22 kernen (Gulpen, Wijlre, Mechelen, Eys, Epen, PartijWittem, Nijswiller,
Reijmerstok, Slenaken, Wahlwiller, Etenaken, Euverem, Schweiberg, Ingber, Heijenrath, Stokhem, Trintelen, Eperheide, Hilleshagen, Elkenrade, Eyserheide, Beutenaken). Margraten telt 15 kernen (Banholt, Bemelen, Cadier & Keer, Eckelrade, Eijsden, Gronsveld, Margraten, Mariadorp, Mesch, Mheer, Noorbeek, Oost-Maarland, Rijckholt, Scheulder en SintGeertruid). Vaals telt 4 kernen (Vaals, Vijlen, Lemiers en Holset). Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
8
•
landschapsgrond een plek te geven. Dit instrument zal worden geïntroduceerd in de kabinetsplannen voor het landelijk gebied. Voor de definitie van kringlooplandbouw sluiten we aan op de Kamerbrief ‘Toekomst Landbouw’ van 25 november 2022. Die term heeft een bredere betekenis dan alleen het sluiten van de plantaardige en dierlijke kringlopen op verschillende schalen: het gaat om het tegelijkertijd realiseren van een beter verdienvermogen voor boeren en tuinders, én minder schadelijke emissies naar bodem, lucht en water, én om vergroting van de biodiversiteit. In kringlooplandbouw kunnen dieren een dragende rol hebben en zij worden respectvol behandeld. Zo ontstaat een landbouwsysteem dat niet meer tegen de grenzen aanloopt, maar uitgaat van een vruchtbare bodem en gezonde gewassen en dieren. Voor boeren moet het mogelijk zijn op deze wijze rendabel te produceren. Bij kringlooplandbouw gaat het om thema’s voer, mest, bodem, pacht en dierenwelzijn.
In de tekst van de landelijke herberg somt u opgaven op: klimaatadaptatie, energietransitie, waterhuishouding, landschapsherstel, mobiliteit, woningbouw en recreatie. Deze begrippen wijken weer af van de vastgestelde opgaven. Dat werkt verwarrend. En waarom noemt u Robuuste natuur en Transformatie landbouw hier bijvoorbeeld niet? Wij zien ook hier weer graag uitsluitend de vastgestelde ware opgaven inclusief de toelichting/definities terugkomen. Hier horen onmiskenbaar tot de landelijke herberg de in de vorige tabel genoemde opgaven met hun veranderingen.
8. Aanpassing kaart en legenda
Op de inspraaksessie heeft u ook een kaart getoond. Die is verder onbesproken gebleven, maar daarop reageren we ook graag. Wij verzoeken u de volgende zaken aan te passen. • Toont de kaart de huidige situatie met huidige kernkwaliteiten? Of toont de kaart de wenselijke situatie? Graag vragen we u duidelijk te omschrijven wat hier wordt afgebeeld. We verzoeken u ook de zones weer te geven waar juist dillema’s spelen en waar we onze omgeving willen veranderen of in een nieuw evenwicht willen brengen. • Op de kaart het legenda-item ‘Dorp’ te wijzigen in ‘Kern’. Dorp zegt immers niets, ook buiten de kerngrenzen zijn we in het dorp. In de visie gaat het echter om kerngrenzen. • In het landschap onderscheiden we naast de natuur ook de groenblauwe mantel en het buitengebied. We hechten eraan dat ook de groenblauwe mantel wordt toegevoegd op kaart. Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
9
• •
•
•
Gelieve de gehele Omgevingsverordening Limburg 2021, kaart 7 Landschap als achtergrond toe te voegen. Los van de discussie of het een kernkwaliteit betreft: U wijst het Agrarisch gebied op kaart toe met een icoon. We zien her en der een trekker staan, maar zien die lang niet in ieder huidig agrarisch gebied. Welke betekenis kunnen we aan het ontbreken hiervan ontlenen? We vragen u ook het legenda-item ‘agrarisch gebied’ te splitsen en juist onderscheid te maken in categorieën als ‘natuur-inclusief’ versus ‘regulier’ en ‘kleinschalig’ versus ‘grootschalig’ en bij toewijzing rekening te houden met Natura2000-gebieden en ecologische verbindingszones (prioriteit bodem en water!). We vragen u op kaart het legenda-item ‘agrarisch gebied’ (de nieuwe varianten hiervan) met ingekleurde vlakken weer te geven, net als alle andere gebiedsaanduidingen op kaart (alleen de objectaanduidingen hebben geen gekleurd of gearceerd gebied). De contouren van het agrarisch gebied zijn dan tenminste duidelijk en blijven niet vaag. Ook zien we graag ecologische verbindingszones toegewezen. Die zijn noodzakelijk voor natuurherstel. Wij wijzen u erop dat in de opdracht bij Robuuste natuur staat: ‘Voor een robuuste natuur zal echter ook gestreefd moeten worden naar het vergroten van natuurgebieden en het onderling verbinden van gebieden door middel van voldoende brede ecologische corridors’.
Dit is een in de bouwstenennotitie vastgestelde opgave. We begrijpen dan ook niet waarom u deelnemers in de recente inspraaksessie wederom de vraag heeft voorgelegd te kiezen tussen losstaande of verbonden natuurgebieden. We zien de verbindingszones graag op kaart terugkomen en de noodzaak hiertoe duidelijk in de herberg vertaald.
9. Verduidelijking en aanscherping: herstel van balans in de verhaallijn tussen natuur en landbouw a. Aanscherping van de verhaallijn van de landelijke herberg Hierbij doen wij u een voorstel toekomen voor aanpassing van de tekst van de landelijke herberg. Hierin zijn nog niet alle opgaven geadresseerd, maar hiermee is uw tekst wel alvast meer in evenwicht gebracht met de opgaven. In de introalinea van uw tekst komt het ecologisch belang duidelijk naar voren, maar in de verdere alinea’s is dit niet geborgd en blijkt veelal het tegenovergestelde. We kunnen niet anders dan constateren dat de agrarische sector wel heel veel wordt bevoordeeld in uw aanpak. Voor wat betreft het evenwicht tussen natuur en landbouw is uw verhaallijn verre van objectief. Daarom zien wij ons genoodzaakt een voorstel te doen om uw tekst aan te passen. In dit voorstel hebben wij de voormelde definities toegepast. • De agrarische sector is naast de natuur een belangrijke speler in dit raamwerk het landschap. Niet alleen Als medegebruiker van de ruimte die het raamwerk creëert , maar ook als is de sector medemaker en medebeheerder van dit raamwerk en dit landschap. Tegelijkertijd is de sector een factor van negatieve invloed op de staat van instandhouding van de natuur. De agrarische sector maakt ook in belangrijke mate gebruik van de ruimte die door het de groenblauwe raamwerk mantel gevormd wordt.
• Het De groenblauwe mantel en het buitengebied raamwerk vormt een landelijke herberg voor niet alleen de agrarische sector maar herbergt ook biedten daarnaast naast de landbouw ook ruimtelijke kwaliteiten gebruiksfuncties zoals cultuurhistorische landschapselementen, waterlopen, recreatieve wandel- en fietspaden, ecologische zones, cultuurhistorie, landbouw, fruitteelt, bedrijvigheid, recreatie en woningbouw ruimte om te wonen en werken. • Het landschap staat voor een belangrijke transitie, waarbij een nieuw evenwicht moet worden gevonden: een evenwicht waarin onder andere een gunstige staat van instandhouding van de natuur wordt bereikt én de landbouw ruimte krijgt voor de benodigde transformatie tot een duurzame landbouw in 2040, met kringlooplandbouw als vertrekpunt. Boeren moeten gaan werken binnen de draagkracht van de natuur, klimaat en water en bodem. De gehele keten in de agrarische sector dient in balans te werken met de omgeving en de natuur. Hiervoor is het bodem- en watersysteem de basis. We stellen ons ten doel dat de natuur spoedig wordt hersteld, we in 2027 voldoen aan de opgave van de Kaderrichtlijn Water en de landbouw in 2050 bijdraagt aan een klimaatneutraal Nederland. Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
10
•
•
•
Het landschap is een gebruiksomgeving waarin ruimtelijke functies, gebruik en waarden van de huidige type gebruikers naast elkaar moet kunnen blijven bestaan. Dit betekent echter niet dat alle huidige gebruiksfuncties op iedere plek behouden kunnen blijven. Slim inzetten op ontwikkeling van de landelijke herberg het landschap, van het groenblauwe raamwerk, zorgt ervoor dat de waarden van het landschap behouden en versterkt worden. We willen en dat de bruikbaarheid van het landschap voor alle zoveel mogelijk huidige gebruikers gewaarborgd blijft borgen. We staan aan de vooravond van een transitie van de landbouw. Nationaal en provinciaal beleid, kaders en middelen voor deze transitie zijn in ontwikkeling. Binnen deze kaders zullen wij een nieuw evenwicht en realisatie van de doelen nastreven. In de landbouw is het welzijn en de gezondheid van dieren een belangrijk uitgangspunt. Ontwikkeling van het buitengebied en de groenblauwe raamwerk mantel zorgt voor een landschapsontwikkeling die dat de kleinschalige karakteristieken kernwaarden van Limburg, Nationaal Landschap Zuid-Limburg en lijn50 behoudt en versterkt, inspeelt op versterking van specifieke natuurwaarden en het waterbergend en -afvoerend vermogen en ruimte biedt aan landbouw en cultuurhistorie. met respect voor (kleine) cultuurhistorische, ecologische en landschappelijke elementen.
Kortom: de landelijke herberg het landschap dient in een nieuw evenwicht te worden gebracht en functioneert dan als herberg voor de natuur en de agrarische sector. en ook voor De opgaven zoals Robuuste natuur, Klimaatadaptatie, Transformatie landbouw, Energietransitie, ecologie, waterhuishouding, landschapsherstel en, Verduurzaming van mobiliteit, en recreatie Verduurzaming van toerisme en Authentiek landschap staan hier centraal. woningbouw en. Voor woningen in het landschap geldt: alleen de juiste woning, voor de juiste doelgroep, op de juiste plek. Met betrekking tot ‘rode’-ontwikkelingen in het buitengebied en in de groenblauwe mantel geldt : waar beschermen en ontwikkelen niet samengaan, kiezen we voor beschermen. Voor de agrarische sector geldt: we maken de komende jaren een grote omslag die elke boer zal raken. We verleggen het uitgangspunt, van massaproductie tegen de laagste prijs naar een systeem waarin klimaat, bodem, water en biodiversiteit leidend zijn voor waar, wat en hoe boeren kunnen produceren. Een sterke landelijke herberg zorgt voor een samenhangend, sterk en integraal Nationaal Landschap Zuid-Limburg dat door bewoners, bestuurders en bezoekers als zeer waardvol en behoudenswaardig is aangeduid.
De toevoeging in rood is cruciaal. Borging hiervan in de omgevingsvisie is toegezegd in Manifest Buitengewoon Buitengebied (Eijsden-Margraten, 2021). b. Aanpassing van de meest voorname beleidsstukken, gekoppeld aan de landelijke herberg Wij verzoeken u bij de landelijke herberg toe te voegen: • Kamerbrief Toekomst Landbouw (Piet Adema, Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, DGA-DAD / 22540362, 25 november 2022) • Voortgang Nationaal Programma Landelijk Gebied (Christianne van der Wal – Zeggelink, Minister van Natuur en Stikstof, DGS / 22527373, 25 november 2022) • Provinciale Omgevingsvisie en Verordening 2021 • Provinciaal Programma Landschap, Programma Natuur (2023) • Manifest Buitengewoon Buitengebied (2021, Eijsden-Margraten) • LOP (LandschapsOntwikkelingsPlan) (2014, Eijsden-Margraten) Wij verzoeken u van de landelijke herberg te verplaatsen naar de sociale herberg: • Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg
c.
Overige aanpassingen van de herbergen / verhaallijnen
Graag zien we de volgende zaken aangepast: • In de sociale herberg zien we graag het thema ‘Robuuste natuur’ toegevoegd, in lijn met het toekomstperspectief zoals beschreven in de vastgestelde bouwstenennotitie (De vervolgreis, Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
11
•
‘Lijn 50 als Zilveren zorgzame regio’, pagina 43: ‘Authentiek landschap behouden en de ontwikkeling van robuuste natuur: landschap en natuur hebben een helende kracht. Ze vormen de aantrekkingskracht van de regio. Hier wordt dus zeker op ingezet’). Uit de toelichting van de begeleider dhr. Sorée van Royal Haskoning DHV bleek in de sessie dat de scores op de hoofdthema’s, die in iedere herberg in een web-diagram zijn weergegeven, slechts een interne inschatting van Royal Haskoning DHV betreffen. We adviseren u die webdiagrammen te verwijderen omdat deze zonder duidelijke toelichting zouden kunnen suggereren dat het resultaten uit het bouwstenenonderzoek zijn.
10. De gunstige staat van instandhouding van de natuur is een wettelijke plicht Een omgevingsvisie is een integrale langetermijnvisie voor de hele fysieke leefomgeving van het betreffende plangebied. De omgevingsvisie is voor gemeenten één van de verplichte kerninstrumenten uit de Omgevingswet en is richtinggevend voor wat er de komende decennia in onze omgeving kan en zal gebeuren. Net als elders in Nederland staan we in de lijn50-gemeenten voor grote uitdagingen. Uitdagingen waarbij scherpe keuzes in onze omgeving noodzakelijk zijn. Onze Natura2000-gebieden verkeren in slechte staat van instandhouding. Dat is wetenschappelijk aangetoond. In de door de colleges goedgekeurde N2000beheersplannen zijn de collegeleden met de staat van onze Natura2000-gebieden geconfronteerd. De Vogel- en Habitatrichtlijn schrijven voor dat er gewerkt moet worden aan natuurherstel, dat wil zeggen dat verslechtering van natuur wordt tegengegaan en de weg naar duurzaam herstel daarvan onontkoombaar is ingezet. De agrarische sector heeft te maken met verschillende onontkoombare doelen op natuur, klimaat, stikstof en water2. De omgevingsvisie moet hieraan bijdragen. De transitie van de landbouw is daarvoor noodzakelijk.
‘De kerk in het midden houden’ in een omgevingsvisie geeft valse hoop aan de agrarische sector en andere (potentiële) ruimtegebruikers in het landschap en vertraagt de transformatie en naleving van wetgeving. Openbare bestuurders hebben bovendien met de eed/gelofte belooft wetten te zullen nakomen en hun plichten naar eer en geweten te vervullen. Ook heeft de raad met goedkeuring van de bouwstenennotitie nadrukkelijk opdracht gegeven tot transformatie van de landbouw. Het is naar ons inzicht dus de plicht om een robuuste natuur en de transformatie van de landbouw in de omgevingsvisie te adresseren. Wij vragen u als projectgroep hier met grote zorg invulling aan te geven. Wij maken graag op korte termijn een afspraak met u om een verdere toelichting te geven op de inhoud van deze brief en vernemen graag wie ons namens de lijn50-gemeenten te woord kan staan. Ook vernemen we dan graag wat de doelen, resultaten en conclusies uit de twee inspraakrondes in 2022 zijn en hoe deze in de omgevingsvisie zijn of worden verwerkt. Met vriendelijke groet, Vereniging Natuurbeheer Keerberg J. Knippenbergh, voorzitter O.Toebosch, secretaris J. de Vries, penningmeester
Overzicht bijlagen: zie volgende pagina
2 Startnotitie Nationaal Programma Landelijk Gebied , Minister voor Natuur en Stikstof,
Kamerstuk 33 576, nr. 265, 10 juni
2022 Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
12
Bijlagen: In de brief wordt gelinkt naar diverse webpagina’s op uw projectwebsite https://omgevingsvisie-lijn50.ireporting.nl Omdat we niet weten of en wanneer deze mogelijk wijzigen, treft u in deze bijlagen de inhoud van deze pagina’s aan op het moment van datering van onze brief (27 oktober 2022). 1. Projectwebsite: pagina Home 2. Projectwebsite: pagina Waarom 3. Projectwebsite: pagina Bouwstenennotitie ligt aan de basis 4. Projectwebsite: pagina Kernkwaliteiten 5. Projectwebsite: pagina De herbergen van de lijn50 6. Projectwebsite: pagina De herbergen van de lijn50 – De landelijke herberg 7. Projectwebsite: pagina De herbergen van de lijn50 – De economisch recreatieve herberg 8. Projectwebsite: pagina De herbergen van de lijn50 – De sociale herberg 9. Projectwebsite: pagina Opgaven 10. Projectwebsite: pagina Omgevingsvisie 11. Projectwebsite: pagina Participatie 12. Projectwebsite: pagina Kernkwaliteiten - kaart
Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
13
Bijlage 1: Projectwebsite: pagina Home https://omgevingsvisie-lijn50.ireporting.nl/home Stand 27 oktober 2022
De gemeenten Eijsden-Margraten, Gulpen-Wittem en Vaals hebben de handen ineen geslagen en maken een gezamenlijke omgevingsvisie voor de drie gemeenten. De drie gemeenten noemen zich samen ‘de Lijn50-regio’. Geïnspireerd op de busverbinding die de drie gemeenten doorkruist. Dat was vroeger lijn 50, nu lijn 350. Via deze pagina houden we u op de hoogte van ontwikkelingen rondom de Omgevingsvisie Lijn50.
Deze website is opgebouwd uit de volgende onderdelen: • Kernkwaliteiten en verhaallijnen: vanuit de kernkwaliteiten zijn drie verhaallijnen ontstaan. Daar nemen we u graag in mee. • Opgaven: niet alles kan zomaar overal. Welke keuzes zijn nodig om de regio en haar kernkwaliteiten ook in de toekomst te beschermen, behouden en te versterken. • Omgevingsvisie: de opgaven en de gemaakte keuzes werken we eind 2022 uit in een visie. • Participatie: hier leest u op welke manier en wanneer u mee kunt denken en mee kunt doen met de omgevingsvisie. Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
14
Bijlage 2: Projectwebsite: pagina Waarom https://omgevingsvisie-lijn50.ireporting.nl/waarom Stand 27 oktober 2022
Waarom een omgevingsvisie? Omgevingswet Iedere gemeente in Nederland stelt op basis van de nieuwe Omgevingswet een omgevingsvisie op. De omgevingsvisie geeft een brede kijk op hoe we in de toekomst in onze regio, onze gemeenten en onze wijken willen leven, wonen, werken, verplaatsen en recreëren. Volgens de Omgevingswet moet de omgevingsvisie in elk geval het volgende beschrijven: • de grootste kwaliteiten van de leefomgeving; • de plannen en richting voor ontwikkeling; • de hoofdlijnen van het beleid. De gemeenten bepalen zelf de verdere invulling en vorm van de omgevingsvisie. Voor de invulling van de omgevingsvisie van de Lijn50 gemeenten is gekozen voor een indeling in drie verhaallijnen met bijbehorende thema’s.
Gezamenlijke uitdagingen Het is een logische keuze om als regio gezamenlijk één visie op te stellen. De uitdagingen vragen daar om. Denk aan het klimaatvraagstuk, de toekomst van onze energievoorziening, de verduurzaming van het toerisme, de ontwikkelingen in de landbouw, de schaarste op de woningmarkt, de vergrijzing en de druk op zorgvoorzieningen. Soms kunnen deze uitdagingen worden gecombineerd, maar niet altijd. Er is beperkte ruimte beschikbaar en niet alles kan zomaar overal. De drie gemeenten zijn ervan overtuigd dat deze uitdagingen een gemeentegrensoverstijgende aanpak vragen. Hierbij is ook de omliggende regio in het binnenen buitenland belangrijk. 1. De visie geeft een integrale richting aan ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving en biedt de basis voor uitwerking van beleid in onder andere programma’s en het omgevingsplan. 2. De visie geeft een uitnodigend en inspirerend toekomstbeeld dat is opgesteld met en voor inwoners, organisaties en (maatschappelijke) ondernemers. 3. De visie omvat een sturingsfilosofie: wat doet de gemeente, wat laten we aan de markt over, wat laten we aan de samenleving over, en welke voorwaarden stellen we hieraan?
Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
15
Bijlage 3: Projectwebsite: pagina Bouwstenennotitie ligt aan de basis https://omgevingsvisie-lijn50.ireporting.nl/kernkwaliteiten-en-verhaallijnen/bouwstenennotitie-ligt-aan-de-basis Stand 27 oktober 2022
Bouwstenennotitie ligt aan de basis De bouwstenennotitie van fase1 is vastgesteld door de drie gemeenteraden in de zomer van 2021. Deze notitie ligt ten grondslag aan het vervolgtraject (fase 2) van de omgevingsvisie waarin we ons nu bevinden. De drie verhaallijnen van de omgevingsvisie zijn hierop gebaseerd. In de bouwstenennotitie zijn de belangrijkste opgaven benoemd. In de omgevingsvisie worden de richtinggevende kaders voor deze opgaven beschreven. Ook zijn de belangrijkste kernkwaliteiten van de Lijn50 gemeenten beschreven. In de bouwstenennotitie zijn daarnaast thematische toekomstbeelden en wensbeelden/schrikbeelden beschreven. De opgaven en beelden uit de bouwstenennotitie zijn hieronder kort weergegeven. Voor inhoudelijke informatie wordt naar de bouwstenennotitie verwezen. De onderstaande thema’s en beelden zijn verder in de drie verhaallijnen uitgediept en geconcretiseerd.
Thema's Authentiek landschap behouden, Transformatie landbouw, Verduurzaming toerisme, Robuuste natuur, Klimaatadaptatie, Energietransitie, Duurzaam wonen in een prettige leefomgeving, Duurzame mobiliteit, Passende werkgelegenheid, Vitale bevolking, Sociale samenhang, Veiligheid, Vernieuwing op vlak van governance.
Thematische toekomstbeelden • Landschap & landbouw: behouden van het landschap, verduurzamen van de landbouw, meer inzetten op kleinschalige en lokaal/regionaal, de boer als landschapsbeheerder inzetten, bewoners betrekken bij voedselproductie. • Wonen & samenleven: meer levendig wonen met starters en jeugd, meer inclusieve woonvormen en ontmoetingsplekken, meer herbestemming, minder nieuwbouw, duurzaam wonen met aandacht voor natuur en milieu. • Gezondheid & veiligheid: verkeer en veiligheid blijven aandacht verdienen, centrale gezondheids- en ontmoetingslocaties gewenst, groen ter bevordering van gezondheid en klimaatbestendigheid, minder geluidsoverlast. • Energie & grondstoffen: voorkom horizon- en lichtvervuiling, kleinschalig energie opwekken, bevorder een spaarzame manier van leven, energie-innovatieregio (gedragen door een klein aantal mensen). • Verplaatsen & bewegen: meer verbindingen met openbaar vervoer, minder auto’s, meer fietsen, duurzaam vervoer, elektrisch vervoer en deelsystemen, verkeersveiligheid. • Leren & werken: voldoende educatie en werkgelegenheid voor de jeugd, aanwezigheid van leer- en werk gerelateerde ontmoetingsplekken, netwerk ter uitwisseling van kennis en vaardigheden. • Bezoeken & ontmoeten: meer of minder toerisme?, inclusieve ontmoetingsplekken voor jong en oud, stimuleer het verenigingsleven.
Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
16
Wensbeeld Een regio om te ontsnappen aan de drukte van de stad en te genieten van de rust, ruimte en het prachtig behouden groen. Een regio om zich te laten inspireren door onze duurzame en gezonde samenleving. Een regio om te genieten van de cultuur, historie, tradities en geschiedenis. Een regio om te genieten van een fijne en kansrijke woon-, werk- en leefomgeving waar genoeg te beleven is. Een regio vanwege het sterke sociale weefsel en omdat inwoners hier buitengewoon betrokken zijn met elkaar en hun omgeving. Een regio omdat het vervoer van/naar de regio geweldig geregeld is met gestroomlijnd verkeer en vooruitstrevende mobiliteit.
Schrikbeeld Een toename van massatoerisme. Verstedelijking en het volbouwen van de kernen en het buitengebied. Achteruitgang van het landschap en grootschalige landbouw en veehouderij. Een toename van vervuilende industrie in de regio. Een dubbele vergrijzing en jeugd die uit de regio gedreven wordt. Een afname in de saamhorigheid en leefbaarheid in de kernen.
Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
17
Bijlage 4: Projectwebsite: pagina Kernkwaliteiten https://omgevingsvisie-lijn50.ireporting.nl/kernkwaliteiten-en-verhaallijnen/kernkwaliteiten Stand 27 oktober 2022
Kernkwaliteiten Volgens de bouwstenennotitie zijn authenticiteit, saamhorigheid, gastvrijheid, de agrarische sector, het landschap, de natuur en het religieus erfgoed de belangrijkste kernkwaliteiten voor de Lijn50 gemeenten. “Een prachtig groen heuvelland, met manieren om te ontspannen en te genieten van alles wat de regio te bieden heeft” en “Een regio waar ik gedurende mijn gehele levenscyclus wordt geïnspireerd, ontzorgd en verzorgd”, is in essentie de boodschap vanuit de Lijn50 samenleving. Het is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de Lijn50 gemeentebesturen én de Lijn50 samenleving om de kernkwaliteiten te koesteren en te versterken. De dorpskernen liggen in een groene, landelijke omgeving. Het landschap straalt een oase van rust, groen, ruimte en cultuurhistorie uit. Tegelijkertijd biedt het buitengebied ruimte aan agrariërs, recreatie, natuur en ondernemerschap. Maar de kernkwaliteiten staan ook op gespannen voet met sommige opgaven en ontwikkelingen (lokaal, regionaal, landelijk, internationaal). Hier komen we bij de opgaven op terug. De kernkwaliteiten zijn voor de omgevingsvisie in een kaart weergegeven en dienen als uitgangspunt voor verder te nemen stappen en besluiten in de omgevingsvisie. In de kaders in de kaart wordt een omschrijving per kernkwaliteit gegeven.
Home / Kernkwaliteiten en verhaallijnen
Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
18
Bijlage 5: Projectwebsite: pagina De herbergen van de lijn50 https://omgevingsvisie-lijn50.ireporting.nl/kernkwaliteiten-en-verhaallijnen/de-herbergen-van-lijn50 Stand 27 oktober 2022
De Herbergen van Lijn50 Voor de verhaallijnen van de omgevingsvisie is de metafoor van een herberg gekozen. De herberg waar bezoekers gastvrij ontvangen worden, de herberg waar het goed toeven is, de herberg waar men tot rust kan komen van de drukke maatschappij, de herberg waar men bourgondisch kan genieten, de herberg waar op een aangename en lokale en regionale manier geld wordt verdiend, de herberg die een authentieke en cultuurhistorische uitstraling heeft. De herberg die bruist van het Limburgse leven en met haar fundering in het Limburgse landschap staat. De omgeving van Lijn50 als landelijke, economischrecreatieve en sociale herberg. De landelijke herberg beschrijft de rol van natuur, landbouw en landschap en de manier waarop grote ruimtevragers en gebruikers daar een rol in kunnen krijgen. De economische-recreatieve herberg beschrijft hoe werkgelegenheid, ontspanning en recreatie en de ontwikkeling daarvan passen binnen het waardevolle landschap. De sociale herberg beschrijft hoe bewoners een gezond, vitaal, en veilig leven en bestaan in de omgeving op kunnen bouwen en gasten welkom zijn en welkom blijven in de omgeving.
Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
19
Bijlage 6: Projectwebsite: pagina De herbergen van de lijn50 – De landelijke herberg https://omgevingsvisie-lijn50.ireporting.nl/kernkwaliteiten-en-verhaallijnen/de-herbergen-van-lijn50/de-landelijke-herberg Stand 27 oktober 2022
De Landelijke Herberg Lijn50
Het landschap van Zuid-Limburg is een uitgesproken en bijzonder landschap. Een intensief raamwerk van natuurgebieden, bossen, grote rivieren, kronkelende beken, terrassen, laanstructuren, graften, terrassen, holle wegen en bermen zorgt voor een landelijk groen en blauw, droog- en nat raamwerk met een hoge natuurwaarde. De agrarische sector is naast de natuur een belangrijke speler in dit raamwerk. Niet alleen als gebruiker van de ruimte die het raamwerk creëert, maar ook als maker en medebeheerder van dit raamwerk en dit landschap. De agrarische sector maakt gebruik van de ruimte die door het groenblauwe raamwerk gevormd wordt. Het groenblauwe raamwerk vormt een landelijke herberg voor niet alleen de agrarische sector maar herbergt ook ruimtelijke kwaliteiten zoals cultuurhistorische landschapselementen, waterlopen en recreatieve wandel- en fietspaden, ecologie, cultuurhistorie, landbouw, fruitteelt, bedrijvigheid, recreatie en woningbouw. Het landschap is een gebruiksomgeving waarin ruimtelijke functies, gebruik en waarden naast elkaar moeten kunnen bestaan. Slim inzetten op ontwikkeling van de landelijke herberg, van het groenblauwe raamwerk, zorgt ervoor dat de waarden van het landschap behouden en versterkt worden en dat de bruikbaarheid van het landschap voor alle gebruikers gewaarborgd blijft.
Ontwikkeling van het groenblauwe raamwerk zorgt voor een landschapsontwikkeling die de kleinschalige karakteristieken van Zuid-Limburg behoudt, inspeelt op versterking van specifieke natuurwaarden en ruimte biedt aan ruimtelijke activiteiten zoals landbouw met respect voor (kleine) cultuurhistorische, ecologische en landschappelijke elementen.
Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
20
Kortom: de landelijke herberg functioneert als herberg voor de natuur en de agrarische sector en ook voor opgaven zoals klimaatadaptatie, energietransitie, waterhuishouding, landschapsherstel, mobiliteit, woningbouw en recreatie. Een sterke landelijke herberg zorgt voor een samenhangend, sterk en integraal Nationaal Landschap Zuid-Limburg dat door bewoners, bestuurders en bezoekers als zeer waardvol en behoudenswaardig is aangeduid.
'Paspoort' Landelijke herberg Kernkwaliteiten: kleinschalige elementen / open- besloten / heuvelland / ecologie / agrarische sector / cultuurhistorie Thema’s: Authentiek landschap behouden / Robuuste natuur / Transformatie landbouw / Klimaatadaptatie / Energietransitie / Verduurzaming toerisme / Duurzaam wonen Meest voorname beleidsstukken gekoppeld aan deze herberg: Bouwstenennotitie, RES, Strategisch actieplan Middengebied ZuidLimburg, plan van aanpak NOVI-Zuid-Limburg, Waterplan Maas en Mergelland, Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg Overige (beleids)documenten: Moderne landbouw in een kleinschalig landschap (LLTB), Klimaat- en energievisie GulpenWittem, gezamenlijke waarden lijn50, uitvoeringsprogramma Middengebied .
Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november
21
Bijlage 7: Projectwebsite: pagina De herbergen van de lijn50 – De economisch recreatieve herberg https://omgevingsvisie-lijn50.ireporting.nl/kernkwaliteiten-en-verhaallijnen/de-herbergen-van-lijn50/de-economischrecreatieve-herberg Stand 27 oktober 2022
De Economisch-recreatieve herberg
Zuid-Limburg is aantrekkelijk voor bezoekers uit binnen- en buitenland. Het recreatieve aanbod in de regio is breed. Van de bourgondische stedelijkheid in Maastricht en de actieve drukte van het recreatieve Heerlen en Parkstad tot de sportieve rust en de natuur van het Heuvelland. Bezoekers komen er graag en de regio is in veel aspecten ingesteld op een gastvrij ontvangst van deze bezoekers. Voor de Lijn50 gemeenten is het aantrekkelijke landschap het belangrijkste onderdeel van de recreatieve aantrekkingskracht. Men komt hier naartoe voor het landschap, de natuur, de omgeving, de rust en de mogelijkheid om buiten te zijn, te wandelen, te fietsen. Een goede kwaliteit van de (toeristische) voorzieningen en de activiteiten spelen daarbij ook een rol. De sfeer en de uitstraling van de omgeving geeft een waarde aan de recreatieve aspecten. De aantrekkelijkheid en authenticiteit van het landschap, samen met de gastvrijheid van haar bewoners, maken dat de recreatie een belangrijke werkgever voor de regio is. Naast recreatie kent de regio ook werkgelegenheid in de eigen kernen, zoals agrarische bedrijvigheid, detailhandel, horeca, zorg, kantoren en dienstverlening. Daarnaast is er ook werkgelegenheid in de regio en over de landsgrenzen; de twee grote steden Heerlen en Maastricht, Duitsland en België.
Door de directe relatie tussen recreatie en landschap is het van groot belang het landschap en haar kwaliteiten te koppelen aan de recreatieve aantrekkingskracht. Daarbij dient het evenwicht gezocht te worden tussen het recreatieve gebruik van de regio door de bezoeker en het dagelijkse gebruik van de regio door de bewoner. Ook in het kader van mobiliteit: de regio dient voor alle doelgroepen bereikbaar te blijven en waar mogelijk op een duurzame manier. Kortom: de economisch-recreatieve herberg zorgt ervoor dat er ruimte is voor recreatie in het waardevolle Reactie Omgevingsvisie lijn50 naar aanleiding van participatiesessies november