CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

20260526 08h Analyse begrotingen 2027 Verbonden partijen - Bijlage RD4

Raadsvergaderingen 26 mei 2026, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Analyse begrotingen 2027 Verbonden partijen25.495 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

REINIGINGSDIENSTEN Rd4 gemeenschappelijke regeling

Jaarstukken 2025

Heerlen, 2 april 2026

INHOUDSOPGAVE

Pagina

Aanbiedingsbrief aan het Algemeen Bestuur

3

1. Jaarverslag

4 1.1 Programmaverantwoording

4

1.1.1 Programma Reinigingsdiensten GR Rd4

4

1.1.2 Een overzicht van de algemene dekkingsmiddelen

6

1.1.3 Een overzicht van de kosten van overhead

6

1.1.4 Het bedrag voor de heffing voor de vennootschapsbelasting

6

1.1.5 Het bedrag voor onvoorzien

6

1.2 Paragrafen

6

1.2.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing

6

1.2.2 Onderhoud kapitaalgoederen

10

1.2.3 Financiering

10

1.2.4 Bedrijfsvoering

12

1.2.5 Verbonden partijen

14

2. Jaarrekening

15 2.1 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling

15

2.2 Balans

17

2.3 Toelichting op de balans

19

2.4 Het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening en de toelichting

25

2.5 Bijlage met het overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld

26

2.6 Wet Normering Topinkomens verantwoording gemeenschappelijke regeling

26

2.7 Rechtmatigheidsverantwoording

28

2.8 Gemiddeld aantal werknemers

28

3. Overige gegevens 3.1 Controleverklaring

29

BIJLAGEN Overzicht materiële vaste activa Resultaatverdeling

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

33 34

2/42

Aan het Algemeen Bestuur van Reinigingsdiensten Rd4 gemeenschappelijke regeling Nijverheidsweg 4a 6422 PD Heerlen

Heerlen, 2 april 2026

Geachte heer, mevrouw, Ingevolge de bepalingen in de statuten hebben wij de bij dit rapport opgenomen jaarrekening over het boekjaar 2025 van Reinigingsdiensten Rd4 gemeenschappelijke regeling opgesteld. Omtrent de resultaten brengen wij u als volgt verslag uit. De gemeenschappelijke regeling (hierna: GR) is eind 1997 opgericht en feitelijk met haar werkzaamheden begonnen op 1 januari 1998. De GR heeft twee 100% dochtervennootschappen, te weten Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. (hierna: BVF) en Rd4 Kringloop Bedrijf B.V. (hierna: KLB). In de BVF zijn alle medewerkers ondergebracht met een niet ambtelijke status. Voor hen is de cao voor de Afval en Milieu, GEO (Grondstoffen Energie en Omgeving) van toepassing. Behoudens de ambtenaren (gemeentelijke cao) en de onroerende zaken, zijn alle productiemiddelen ondergebracht in de BVF. In het KLB is per april 2014 het Textiel sorteercentrum ondergebracht. De financiële gegevens van deze vennootschap zijn opgenomen in deze jaarrekening. Om een goed inzicht te krijgen in het functioneren van Rd4 als geheel, presenteren wij al jaren een integraal geconsolideerde jaarrekening (en begroting) van de drie onderdelen samen. Volgens het besluit begroting en verantwoording (BBV) mag dit niet. Echter, voor het verkrijgen van een goed en juist inzicht is het beter als we de lijn van de afgelopen jaren voortzetten.

Daarnaast wordt eveneens een jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling opgesteld. Deze jaarrekening is in dit rapport opgenomen.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

3/42

1. JAARVERSLAG Voor u ligt het jaarverslag over het boekjaar 2025 als onderdeel van de jaarstukken van de gemeenschappelijke regeling Reinigingsdiensten Rd4. 1.1 Programmaverantwoording 1.1.1. Programma Reinigingsdiensten GR Rd4 Het doel van de gemeenschappelijke regeling is verwoord in de GR Rd4 onder artikel 3 en luidt integraal als volgt: “de gemeenschappelijke regeling heeft als doel het door middel van een openbaar lichaam behartigen van de belangen van - en het tot stand brengen van een samenwerking tussen - de aan de regeling deelnemende gemeenten op het terrein van het (doen) inzamelen en bewerken van afvalstoffen afkomstig uit de deelnemende gemeenten, het reinigen van de openbare ruimten en de daarmee samenhangende taken evenals het bestrijden van gladheid in het gebied, een en ander met inachtneming van het provinciaal milieubeleidsplan als bedoeld in de Wet milieubeheer en van het door de overheid gevoerde afvalstoffenbeleid." Rd4 is een verzelfstandigde, maatschappelijke organisatie waarin het management de door de deelnemende gemeenten opgedragen taken zo bedrijfsmatig mogelijk uitvoert in overeenstemming met de opdracht uit het aandeelhoudersconvenant van 14 januari 1998 (artikel 1, punt 4: De gemeenten zullen bevorderen en bewerkstelligen dat binnen het kader van de Wet gemeenschappelijke regelingen de GR Rd4 zoveel mogelijk zelfstandig ten opzichte van de

gemeenten zal functioneren). De in dit convenant opgenomen overweging dat “een optimalisering van de interne bedrijfsmatigheid en efficiency gewenst is, waarbij de reinigingsdienst op afstand komt te staan van de politiek” ligt nog steeds ten grondslag aan onze taakopvatting. Het in de Algemene Bestuursvergadering van 5 februari 2026 vastgestelde actuele normenkader geldt hierbij nog steeds als belangrijk richtsnoer, waarbij Rd4 de verantwoordelijkheid draagt voor de concrete uitoefening van de opgedragen taken. In opdracht van het Algemeen Bestuur wordt er jaarlijks door een externe accountant toezicht en controle uitgeoefend op en gerapporteerd over de aansturing en de kwaliteit van de bedrijfsvoering. Ontwikkelingen in 2025 In 2025 hebben we de volgende ontwikkelingen doorgemaakt welke effect hebben gehad op de gerealiseerde cijfers danwel de basis leggen voor het jaar daarna.

Niet limitatief willen we onderstaande benoemen: - Voorbereiden projecten Grondstoffenpark en kringloopwinkel Margraten en verplaatsing Regionaal sorteercentreum E-waste (RSC) op onze hoofdlocatie - Lancering van de nieuwe Rd4 App waarmee we nog gerichter 1-op-1 met onze inwoners kunnen communiceren - Introductie van de Plasklas (waar reeds 1200 gezinnen gebruik van hebben gemaakt) om vroegtijdelijke zindelijkheid te promoten - Voorbereiden aanschaf Kringloopwinkel Kerkrade - Voorbereiden op de start van een Circulair Ambachtscentrum met onze 10 gemeenten In het jaar 2024 hebben we het Strategisch meerjarenplan voor de jaren 2022-2026 opnieuw tegen het licht gehouden en vastgesteld dat de routemap uit het plan nog steeds de juiste koers is voor de komende jaren, Er is samen met de beleidswerkgroep gewerkt aan de acties uit het Grondstoffenplan. Intern zijn we verder gegaan met het verbeteringstraject met als thema "Samen Steeds Slimmer". Waarbij we met name hebben ingezet op de ontwikkeling van leiderschappijlers. Dit is verwerkt in een leiderschapstraject voor onze leidinggevenden, waarmee we gestart zijn. Rd4 en duurzaamheid Duurzaamheid staat al enige jaren prominent op de agenda van Rd4 waarbij het uitgangspunt is om een bijdrage te leveren aan het beperken van de CO2 uitstoot en zo het milieu een positieve impuls te geven.

Een aantal voorbeelden hiervan zijn: - het verder door ontwikkelen van het Volume/Frequentiesysteem door de inzamelfrequentie van restafval te verlagen en vrijwillig omgekeerd inzamelen mogelijk te maken; - bij vervanging of reparatie van onderdelen van gebouwen bekijken hoe het energieverbruik kan worden teruggedrongen zoals door dakisolatie, energiezuinigere klimaatsystemen, sedumdaken, Ledverlichting en energiezuinigere CV-ketels; - een andere grote stap hierin is gezet met het plaatsen van zonnepanelen op nagenoeg alle geschikte daken van onze hoofdlocatie, waarbij we hopen met het aandeel van zonne-energie op onze hoofdlocatie hopen we hiermee uit te komen boven de 70%; - bij de vervanging van voertuigen wordt getracht energiezuinigere versies aan te kopen. - project brandstofbesparing door medewerkers bewust te maken van hun rijgedrag en het milieueffect;

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

4/42

- door de vele beleidswijzigingen en de nieuwe gemeenten ontstaan er vaak nieuwe routes welke initieel niet het meest optimaal zijn. Met het planningspakket, Jewel, zijn we in staat om op basis van parameters in te spelen op veranderingen en kunnen routes geoptimaliseerd worden.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

5/42

Om de duurzaamheidsagenda goed te kunnen vormgeven en dan met name met betrekking tot ons wagenpark zijn we gestart met het aanleggen van een duurzaamheidsfonds. Dit is bedoeld om uiteindelijk de meerkosten van nieuwe emissieloze voertuigen te financieren. Voor lichtere voertuigen gaan we nu vaker kiezen voor een electrisch voertuig. Ook voor veeg- en onkruid machines zullen we dat doen. Netcongestie is daarbij ook nog een overweging om daar niet volledig op in te zetten. Voor het hele zware materieel als de vrachtwagens voor lediging van de straatclusters/ondergrondse systemen en de inzamelauto's is dat nog geen oplossing in ons verzorgingsgebied. We lopen daar nog tegen teveel technische beperkingen aan. Om de CO2 uitstoot in de jaren hierna nog verder terug te brengen, denken we aan: - het gebruik van andere brandstof met aanzienlijk minder CO2 uitstoot; - vervroegd vervangen van voertuigen met hoge uitstoot waarden. Rd4 en sociaal beleid Rd4 is zich bewust van haar voorbeeldfunctie als het gaat om werkgelegenheid te bieden aan medewerkers met een afstand tot de arbeidsmarkt. Mogelijkheden hiervoor zien we met name in de kringloop en het BEST- enTextiel sorteercentrum. Bij de opzet van het nieuwe Strategische meerjarenplan zijn diverse vertegenwoordigers van de gemeenten betrokken.

Een belangrijke wens is om het aantal fte’s met een afstand tot de arbeidsmarkt op het huidige niveau te behouden. We hebben hiertoe een meerjarig contract met WSP gesloten voor het leveren van mensen met een SW indicatie. Door wijziging van wetten hebben we in plaats van met de SW wet nu te maken met de Participatie Wet (PW). De omgeving hiervoor is versnipperd waarbij we met meerdere organisaties en ook onze eigen gemeenten te maken hebben. Deze situatie heeft er toe geleid dat we eind dit jaar hebben besloten meer capaciteit in te zetten op relatiemanagement. Wet Open Overheid Rd4 conformeert zich aan de Wet open overheid (Woo). Zowel passief als actief wordt tijdig informatie verstrekt aan onze stakeholders. Verbetering van de informatiehuishouding; een van de uitgangspunten van de Woo is dat de informatiehuishouding op orde is. De continue verbetering van de informatiehuishouding is bij Rd4 niet nieuw. Jaarlijks worden stappen gezet, mede onder invloed van gedigitaliseerd werken en gecontroleerde dataopslag, waardoor bijvoorbeeld papieren archieven worden verkleind. Ook komend jaar zal deze verdergaande digitalisering en verbetering van onze informatiehuishouding verder vorm krijgen. Dit alles onder een toenemende mate van beveiliging van data (NIS2 wetgeving).

Kostenefficiënte sturing bedrijfsmatige activiteiten Het resultaat over het boekjaar 2025 van Rd4 bedraagt positief € 1.090.455. In dit bedrag is reeds verwerkt de afrekening variabele component/ basispakket en de eindafrekening PMD-dossier ketenregie t/m 2021 ter grootte van € 1.228.141 positief. In de voorgestelde resultaatbestemming stellen we voor de afrekening van de variabele component conform te verrekenen.

Netto resultaat GR enkelvoudig uit/in weerstandsvermogen uit/in bestemmingsreserve huisvesting uit/in bestemmingsreserve duurzaamheid Afrekening variabele component gemeenten Resultaat verrekening met gemeenten

Rekening 2025

Rekening 2024

1.090.455 0 0 596.496 1.228.141 -1.228.141

853.211 0 0 388.784 1.501.159 -1.501.159

Wat heeft het gekost? Hiervoor verwijzen wij naar het overzicht van baten en lasten en de toelichting (paragraaf 2.4).

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

6/42

1.1.2. Een overzicht van de algemene dekkingsmiddelen De totale baten van de gemeenschappelijke regeling Rd4 bestaan uit de bijdragen van de diverse gemeenten welke eveneens zijn terug te vinden in het overzicht van baten en lasten. Deze gemeentelijke bijdragen kunnen geclassificeerd worden als overige algemene dekkingsmiddelen. Er is geen sprake van lokale heffingen. 1.1.3 Een overzicht van de kosten van overhead Voor het berekende bedrag van de overhead verwijzen wij naar paragraaf 2.4: het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening en de toelichting. Het bedrag is bepaald aan de hand van een draaitabel waarin alle kosten van de GR in detail zijn ingelezen en waarbij er een matrix is gemaakt van kostensoorten en kostenplaatsen. Voor de kostenplaatsen is bepaald welke direct toewijsbaar zijn aan de directe dienstverlening en welke niet direct toegewezen kunnen worden en derhalve als overhead worden beschouwd. Er is gefilterd op deze kostenplaatsen welke zijn gerubriceerd als overhead en het totale saldo van deze kostenplaatsen is onder paragraaf 2.4 opgevoerd. 1.1.4. Het bedrag voor de heffing van de vennootschapsbelasting (VPB) In de niet uit de balans blijkende verplichtingen is een tekstuele toelichting opgenomen. Per saldo is het bedrag voor 2025 € . 1.1.5. Het bedrag voor onvoorzien Er is geen bedrag voor onvoorzien opgenomen.

Er wordt van uitgegaan dat de lasten volledig gedekt worden door de baten. Een eventueel tekort zal worden aangezuiverd uit het beschikbare weerstandsvermogen. 1.2 Paragrafen In deze paragraaf zijn de conform BBV verplichte paragrafen opgenomen. Er zijn in totaal zeven paragrafen voorgeschreven. Hiervan zijn er vijf van toepassing voor de gemeenschappelijke regeling Rd4. De van toepassing zijnde paragrafen zijn: - Weerstandsvermogen en risicobeheersing; - Onderhoud kapitaalgoederen; - Financiering; - Bedrijfsvoering; - Verbonden partijen. De overige paragrafen zijn niet van toepassing en zijn derhalve verder ook niet betrokken in de begroting: - Lokale heffingen; - Grondbeleid. 1.2.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Doelstellingen en beoogde maatschappelijke effecten In de afgelopen jaren was er binnen de gemeenschappelijke regeling regelmatig een overschot op de exploitatierekening. Een deel van deze overschotten is gereserveerd om eventuele tegenvallers op te vangen. Dit noemen we het weerstandsvermogen van Rd4. Dit weerstandsvermogen wordt per jaar opgebouwd en kan dus per jaar worden toegerekend aan de deelnemende gemeenten. Aangezien de uitbetalingen van de overschotten zijn gebaseerd op de aansluitingen van het betreffende jaar, geldt deze verdeelsleutel ook voor dat deel dat bij Rd4 gereserveerd blijft.

Onderstaand volgt een overzicht van het verloop van de opbouw van dit vermogen per deelnemende gemeente. Inventarisatie van de weerstandscapaciteit en verloop van het vermogen In 2023 is ambtelijk en bestuurlijk overleg geweest over de hoogte en de bepaling van het weerstandsvermogen. Hiertoe is een memo opgesteld en vastgesteld. De in de jaarrekening onderkende risico's zijn voorzien van een inschatting van de kans dat het risico zich zal voordoen en een inschatting van het financiële effect dat daarmee gemoeid zou zijn. De nieuwe systematiek is onafhankelijk van de hoogte van de omzet en stijgt daardoor niet automatisch mee met de omvang van de begroting. Ter beoordeling van het aanwezige weerstandsvermogen wordt een ratio berekend van de beschikbare- ten opzichte van de benodigde weerstandscapacteit (weerstandsvermogen).

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

7/42

Waarderingscijfer A B C D E F

Ratio weerstandsvermogen > 2,0 1,4 < X < 2,0 1,0 < X < 1,4 0,8 < X < 1,0 0,6 < X < 0,8 < 0,6

Betekenis Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende

Vastgesteld is dat Rd4 streeft naar een minimale ratio van "ruim voldoende" en dat daarmee de ondergrens een ratio van 1,4 is. De toets van de weerstandsvermogen ratio is een onderdeel van de jaarlijkse planning & control cyclus. De hoogte van het weerstandsvermogen wordt berekend vanuit het geconsolideerde resultaat van Rd4 en heeft zich de afgelopen jaren als volgt ontwikkeld, waarbij in het huidige boekjaar een voorschot is genomen op de resultaatverdeling.

Beekdaelen Brunssum Eijsden-Margraten Gulpen-Wittem Heerlen Kerkrade Landgraaf Simpelveld Vaals Voerendaal

T/m 2021

2022

2023

2024

2025

Totaal

195.538 240.913 176.153 61.575 758.001 380.749 302.893 87.635 94.902 101.956

0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

-43.580 -38.870 -11.636 36.835 -112.915 -48.922 -47.548 -16.741 -13.677 -20.760

0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

74.217 -6.829 -6.713 -4.175 -22.209 -13.092 -9.409 -3.597 -5.088 -3.104

226.175 195.214 157.804 94.235 622.877 318.735 245.936 67.297 76.137 78.092

2.400.315

0

-317.815

0

0

2.082.502

Met de hoogte van dit weerstandsvermogen worden de belangrijkste financiële risico's afgedekt in combinatie met andere beheersmaatregelen. Ratio weerstandsvermogen:

beschikbaar weerstandsvermogen benodigd weerstandsvermogen

2.082.502 1.487.500

=

1,4

Met deze ratio voldoen we aan de minimale ratio welke we onszelf hebben opgelegd van 1,4. Hierbij nemen we een voorschot op de vaststelling van de resultaatverdeling van het huidige boekjaar. Inventarisatie van de risico's Voor het boekjaar worden de onderstaande risico’s onderkend: Risico Kans 1. Arbeidsrisico's Middel Aantasting van de arbeidscapaciteit door ziekte, staking en fraude. Invulling posities voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Minder mensen in de sociale werkvoorziening (SW) en meer mensen via participatiewet (PW) maakt de inzet duurder.

Effect

Risico € 350.000

€ 175.000

Een nieuwe leidraad inzake de fysieke belasting van onze medewerkers in de inzameling zorgt voor uitdagingen in het realiseren van het huidige serviceniveau. Een ander risico inzake arbeid betreft de krapte op de arbeidsmarkt. Het kunnen aantrekken van voldoende en kwalitatief juiste mensen is van belang om onze service te kunnen blijven waarmaken.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

8/42

Risico Kans 2. Materiële risico's Middel Beschadiging aan of verlies van gebouwen, installaties, bedrijfsinventaris en transportmiddelen. De premies van de brandverzekeringen zijn fors gestegen en de eigen risico's zijn hoger geworden. We worden nog steeds geconfronteerd met premiestijgingen. Om schade ten gevolge van brand zoveel mogelijk te beperken zijn de eisen die verzekeraars stellen steeds hoger met als gevolg hogere kosten. Voor stroomuitval is er een noodstroomaggregaat geplaatst om uitval van de stroomvoorziening op te vangen.

Effect

Risico € 125.000

€ 62.500

3. Continuïteitsrisico Middel Het grootste risico inzake de continuïteit vloeit voort uit aantasting van de productiecapaciteit door bedrijfsstilstand. Bij volledig of gedeeltelijk verlies van het wagenpark zal vervanging op korte termijn of inhuur bij derden niet eenvoudig zijn. Bij onvoldoende bezetting bijvoorbeeld door een pandemie zijn er ook scenario's denkbaar waarbij delen van de dienstverlening niet kunnen worden uitgevoerd. Dit risico is niet verzekerbaar.

€ 750.000

€ 375.000

4. Milieurisico's Gezien de verscheidenheid aan producten is niet met 100% zekerheid aan te geven dat alle mogelijke risico's zijn afgedekt. Er vindt een continue monitoring plaats.

Middel

€ 125.000

€ 62.500

5. Financiële risico's Waaronder:

Middel

€ 750.000

€ 375.000

- Prijsontwikkeling brandstof Voor een logistiek bedrijf als Rd4 is de ontwikkeling van de brandstofprijzen van groot belang. Afhankelijk van de ontwikkelingen kunnen deze zowel een positief als een negatief effect op de begroting hebben. - Kwaliteit PMD Vanaf 1 januari 2022 zijn de Rd4-gemeenten, conform de landelijk geldende nieuwe overeenkomst via ASL, niet meer verantwoordelijk voor de gehele keten (van inzameling t/m verwerking) bij de inzameling van het PMD-afval. Vanaf deze datum zijn de gemeenten alleen nog maar verantwoordelijk voor de inzameling en de kwaliteit (mate van vervuiling) van de ingezamelde PMD-stroom. Bij de vergoeding die de gemeenten van Verpact ontvangen wordt uitgegaan van een vervuilingspercentage van max. 15%. Bij vervuilingspercentages hoger dan 15% wordt er gekort op de vergoeding. Dit kan resulteren in volledige afkeur en lagere inkomsten. - Cao-ontwikkeling In deze dynamische en onzekere tijden in de wereld zijn prijsstijgingen een grotere zorg dan in het recente verleden. Dit betekent eveneens dat het lastig is om de invloed op de lonen in te schatten. Ook de krapte op de arbeidsmarkt is hierop van invloed.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

9/42

Risico

Kans

6. Aansprakelijkheidsrisico's In zoverre alle aansprakelijkheidsrisico's bekend zijn, zijn deze afgedekt.

Klein

€ 350.000

€ 87.500

7. Liquiditeitsrisico's Voor de komende vijf jaar is er aan de hand van een kasstroomanalyse berekend of er kortlopende kasgeldfaciliteiten ofwel langlopende leningen benodigd zijn om aan de verplichtingen te kunnen voldoen.

Middel

€ 350.000

€ 175.000

8. Renterisico's Als er binnen afzienbare tijd geld geleend moet worden of een bestaande lening geherfinancierd moet worden dan bestaat er een renterisico omdat het dan geldende rentepercentage hoger zou kunnen zijn dan het percentage van de oude lening, waardoor de kosten voor de organisatie en dus indirect voor de gemeenten stijgen. Om dit risico af te dekken kiezen we voor spreiding in looptijden en veelal vaste rentepercentages.

Middel

€ 350.000

€ 175.000

Benodigde weerstandscapaciteit

Minimaal weerstandsvermogen

Effect

Risico

€ 1.487.500

1,4x

€ 2.082.500

Gemeentelijke risico's Een risico bij de gemeenten ligt aan de inkomstenkant. Indien het vaste en variabele tarief van de afvalstoffenheffing verkeerd wordt geschat en/of het aantal ledigingen dat aan inwoners in rekening wordt gebracht te laag is, dan betekent dit een extra financieel risico. Bovendien bestaat het risico bij het doorberekenen van ledigingen dat niet alles kan worden doorberekend (bijvoorbeeld bij een verhuizing). De gemeenten dekken deze resterende risico's af in hun egalisatiereserves. Bij het samenstellen van de begroting is gekozen voor een aantal verdeelsleutels waarbij er schattingen zijn gemaakt op basis van eigen ervaringen en ervaringen van derden. Belangrijke parameters hierbij zijn het afvalvolume, de vullingsgraad van de containers en het aanbiedpercentage van de containers. Indien de realiteit slechter is dan begroot dan kan dit voor de gemeenten een financieel risico betekenen.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

10/42

Kengetallen Kengetallen conform Regeling van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 9 juli 2015, nr. 2015-0000387198. Deze regeling geeft richtlijnen om een aantal kengetallen op te nemen in het jaarverslag en de begroting. Het betreft de navolgende kengetallen: De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de medeoverheid ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. 31-12-2025 31-12-2024 - Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen in % 23,76% 24,89% 13,45% 9,91% - Solvabiliteitsrisico in % De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de medeoverheid in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. Voor beide ratio's is het eigen vermogen van de organisatie van groot belang. Hoe hoger dit vermogen hoe beter de ratio eruit zal zien. Bij Rd4 bestaat het eigen vermogen echter voornamelijk uit het weerstandsvermogen. De raden van de gemeenten zijn van mening dat dit vermogen zo laag mogelijk moet zijn omdat ze het ongewenst vinden dat er bij gelieerde ondernemingen "te grote potten" ontstaan. Bij voorkeur zouden ze dit zelfs nihil willen zien.

Zij zien zichzelf als eigen risicodrager en afdekking van de risico's genoemd onder de ratio's beschouwen zij dan ook als minder relevant. Dat is dan ook de reden dat dit eigen vermogen van Rd4 relatief laag is. Gevolg zal dan ook zijn dat het berekenen van deze ratio's leidt tot een lage ratio en daardoor ook leidt tot een verkeerd beeld van de organisatie. - Kengetal grondexploitatie in % - Kengetal structurele exploitatieruimte in % - Vaststelling gemeentelijke belastingcapaciteit in % - Vaststelling provinciale belastingcapaciteit in % De kengetallen zouden het de leden van de Provinciale Staten en de gemeenteraad makkelijker moeten maken om meer inzicht te krijgen in de financiële positie van de provincie, gemeente en in ons geval van de GR. Als we de laatste vier kengetallen nader bekijken dan zijn deze met name gericht op gemeenten of provincies. De GR Rd4 heeft hier eigenlijk niets mee te maken omdat er geen relevante samenhang is met de aard van de werkzaamheden van Rd4. Om deze reden worden deze kengetallen dan ook niet opgenomen in het begrotingsboek of het jaarverslag. 1.2.2 Onderhoud kapitaalgoederen Ultimo 2025 bestaan de materiële vaste activa voor circa 45% uit gronden. Hiervoor is geen sprake van een beleidskader en daaruit voortvloeiende consequenties. Het restant bestaat uit terreininrichting en gebouwen.

Gezien de minimale financiële consequenties is hier eveneens geen sprake van een separaat beleidskader. Ten behoeve van het groot onderhoud van onze gebouwen en terreinen wordt gewerkt met een beheerplan. Dit beheerplan is vastgesteld in 2022 voor 2022 en de 4 jaren daaropvolgend. Op basis van dit beheerplan wordt een voorziening groot onderhoud in stand gehouden. De voorziening is gevormd middels een last in de exploitatie. 1.2.3 Financiering Het opstellen van de paragraaf Financiering in de begroting is in zowel het BBV als in de wet Fido verplicht gesteld. Financiering betreft de wijze waarop de gemeenschappelijke regeling Rd4 de benodigde geldmiddelen aantrekt en (tijdelijke) overtollige geldmiddelen belegt. De uitvoering van deze paragraaf vindt plaats binnen de wettelijke kaders van het BBV en de wet Fido. Naast deze wetgeving kennen we het treasurystatuut van gemeenschappelijke regeling Rd4. In dit statuut zijn nadere regels opgenomen om de financieringsfunctie te sturen, te beheersen en te controleren. Interne- en externe ontwikkelingen Wet Hof Het doel van De Wet Houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof) is het terugdringen van het begrotingstekort van Nederland. Rijk en decentrale overheden (gemeenten, gemeenschappelijke regelingen, provincies en waterschappen) zijn daar samen verantwoordelijk voor.

De wet vloeit voort uit Europese regels voor het terugdringen van het begrotingstekort. Deze zijn onderdeel van het Stabiliteits- en Groeipact. ln de Wet Hof zijn die Europese afspraken verankerd in nationale

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

11/42

wetgeving.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

12/42

EMU-saldo ln de Wet Hof is vastgelegd dat er per jaar een plafond is voor het EMU-tekort van alle gemeenten samen. De hoogte van dat zogeheten macroplafond wordt elk jaar opnieuw vastgesteld op basis van bestuurlijk overleg tussen rijk en gemeenten. Voor de periode 2024-2026 is afgesproken dat de decentrale overheden het begrotingstekort houden op 0,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp), waarvan het gemeentelijkeaandeel 0,34% bedraagt. Het netto financieringssaldo van alle overheden bij elkaar mag in een jaar niet boven dat plafond uitkomen. ledere gemeente krijgt daarnaast een individuele referentiewaarde voor het EMU-tekort in een jaar op basis van het begrotingssaldo van het voorgaande jaar. Pas bij overschrijding van het plafond voor het EMU-tekort van de gezamenlijke gemeenten kan de referentiewaarde per gemeente voor het EMU-tekort een rol gaan spelen. Gemeenschappelijke Regeling Rd4 heeft zelf geen referentiewaarde. Met het hieronder opgenomen EMU-overzicht wordt inzage gegeven in de geldstromen binnen de begroting zonder onttrekkingen uit de reserves. ln onderstaande tabel betekent een positief bedrag dat gemeenschappelijke regeling Rd4 minder uitgeeft dan ontvangen wordt en een negatief bedrag dat gemeenschappelijke regeling Rd4 meer uitgeeft dat ontvangen wordt. Totaal 2025

Bedragen x € 1.000

1.286 623 836 -1.906 0 0 -428 0 -742 0 0

EMU-exploitatiesaldo (saldo vóór mutatie reserves) + Afschrijvingen + Dotatie aan voorzieningen t.l.v. exploitatie - Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd + Baten uit bijdragen van andere overheden + Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa - Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. + Baten bouwgrondexploitatie - Lasten op balanspost voorzieningen - Lasten i.v.m. transacties met derden - Bij verkoop van effecten de verwachte boekwinst

-331

Totaal EMU-saldo

Renterisicobeheer De overheid heeft twee instrumenten bepaald voor het toetsen van het renterisico, namelijk de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet vormt de bovengrens waarmee een tijdelijk liquiditeitstekort gefinancierd kan en mag worden met een kortlopende geldlening (korter dan 1 jaar). Als het liquiditeitstekort een structureel karakter draagt, moet er een langlopende geldlening worden aangetrokken. lndien voor het derde achtereenvolgende kwartaal de kasgeldlimiet wordt overschreden moet de toezichthouder hiervan op de hoogte worden gesteld en moeten de kwartaalrapportage en een plan om binnen de kasgeldlimiet te blijven ter goedkeuring worden voorgelegd aan de toezichthouder. De kasgeldlimiet is vastgesteld op 8,2% van het begrotingstotaal. Berekening (bedragen x € 1.000) Stap Omschrijving Bepalen toegestane kasgeldlimiet Omvang begrotingstotaal Percentage regeling 1 Toegestane kasgeldlimiet

2

Vlottende korte schuld Opgenomen gelden < 1 jaar Schuld in rekening-courant Gestorte gelden door derden < 1 jaar Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld Totaal vlottende korte schuld Vlottende middelen Contante gelden in kas Tegoeden in rekening-courant Overige uitstaande gelden < 1 jaar

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

44.557 8,20% 3.654

44.557 8,20% 3.654

44.557 8,20% 3.654

44.557 8,20% 3.654

0 9.707 0

0 19.231 0

0 29.689 0

0 33.595 0

0 9.707

0 19.231

0 29.689

0 33.595

5 29.280 10.365

5 39.324 7.514

13 49.647 6.447

13 55.230 4.061

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

13/42

3

Totaal vlottende middelen

39.650

46.843

56.107

59.304

4

Totaal netto vlottende schuld (2-3) Ruimte(+)/Overschrijdingen(-) (1-4) Totaal netto vlottende schuld -/toegestane kasgeldlimiet = ruimte (-) / overschrijding (+)

-29.943

-27.612

-26.418

-25.709

-33.597 =========

-31.266 =========

-30.072 =========

-29.363 =========

5

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

14/42

Op basis hiervan mag geconcludeerd worden dat de vlottende middelen ruimschoots voldoende zijn en dat er nog voldoende ruimte in de kasgeldlimiet zit om tijdelijke tekorten op te vangen. Renterisiconorm De renterisiconorm stelt een grens aan het te lopen renterisico op de vaste schuld. De risiconorm houdt in dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en renteherzieningen niet hoger mogen zijn dan 20% van het begrotingstotaal. Toekomstige jaren zijn op basis van de laatst goedgekeurde begroting. 2025 Jaar T: 0 1.250

2026 Jaar T+1: 0 1.488

2027 Jaar T+2: 0 1.550

2028 Jaar T+3: 0 1.550

-3 Renterisico (1+2)

1.250

1.488

1.550

1.550

-4 Renterisiconorm

8.911

9.460

9.818

10.472

7.661

7.972

8.268

8.922

44.557 20

47.301 20

49.088 20

52.360 20

8.911

9.460

9.818

10.472

Berekening (bedragen x € 1.000) Variabelen Renterisico(norm) Stap -1 Renteherzieningen -2 Aflossingen

(5a) = (4>3 ) (5b) = (3>4)

Ruimte onder renterisiconorm Overschrijding renterisiconorm

Berekening (4a) (4b)

Renterisiconorm Begrotingstotaal jaar T Percentage Regeling Renterisiconorm (van alleen jaar T)

(4) = (4a x 4b/100) Het renterisico blijft de komende jaren ruimschoots onder de norm.

Schatkistbankieren Door de wet over schatkistbankieren zijn de decentrale overheden verplicht het grootste deel van hun liquide middelen aan te houden in de schatkist. De EMU-schuld en de financieringsbehoefte van het Rijk vermindert hierdoor. Decentrale overheden kunnen in het kader van de uitoefening van de publieke taak nog steeds geld uitlenen aan een andere decentrale overheid. De verantwoording van schatkistbankieren gebeurt in de jaarrekening. 1.2.4. Bedrijfsvoering Inleiding Het boekjaar is afgesloten met een positief organisatie-resultaat van € 1.090.455. Voor de onderliggende cijfers, kengetallen en overige meer bedrijfsmatige gegevens wordt verwezen naar de bijgevoegde jaarrekening. Het afgelopen jaar stond in het teken van optimalisatie, transformatie en transitie. Zo werd op ons Op- en overslag terrein een nieuw functioneel weegkantoor in gebruik genomen. Daarmee maken we een professionaliseringsslag op onze O&O-locatie en kunnen we veel efficiënter de verkeerstromen, zowel intern als extern, afwikkelen. Dit komt de veiligheid op de locatie maar ook het welzijn voor onze aldaar werkende collega’s ten goede om in zo’n fraai, nieuw en eigentijds kantoor te mogen werken. In de aanloop naar de ERP-transitie, waar we aan de vooravond van staan, is de organisatie verder geprofessionaliseerd met de implementatie van AFAS.

Middels deze AFAS implementatie hebben we met z’n allen al inzicht kunnen krijgen van datgene wat ons in de komende twee jaar staat te wachten als het gehele ICT systeem omgezet wordt vanuit Navision naar Business Central met Tegos. We kunnen met dit opgedane inzicht van deze relatief kleine en gerichte AFAS-implementatie ons voordeel doen. Binnen het publieke ondernemerschap van Rd4 werd de VIND pop-up store textiel geopend op de Promenade te Heerlen. We beogen met deze 1e VIND-winkel om voor 2e hands textiel een extra afzetkanaal te creëren maar ook om een bijdrage te leveren aan circulariteit en leefbaarheid binnen het stadscentrum van Heerlen. Ons voornemen is om het VIND-concept ook binnen andere Rd4 gemeentes uit te rollen, mits de resultaten uit de pilot in Heerlen hier ook aanleiding toe geven. Binnen de kringloop is nog een belangrijke stap gezet. Het kringlooppand in Kerkrade werd na vele jaren huur definitief aangekocht, inclusief het aanpalende magazijn. Dit biedt ons nieuwe mogelijkheden voor een toekomstbestendige en verdere doorontwikkeling van de kringloopactiviteiten in Kerkrade. Voor wat betreft de kringloopwinkel te Heerlen is de keuze gemaakt om de huurovereenkomst

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

15/42

definitief op te zeggen en niet te verlengen. Dit betekent dat we het komend jaar moeten gebruiken om op zoek te gaan naar een nieuwe locatie die past bij de verdere doorontwikkeling van de kringloopactiviteiten in Heerlen. Een bijzonder moment dit jaar was ook dat onze kringloopactiviteiten 25 jaar geleden gestart zijn. Een mijlpaal waar met trots bij is stilgestaan met onze medewerkers en klanten.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

16/42

Naast het investeren in gebouwen werd er stevig in het personeel geïnvesteerd. Het TURMA-leiderschapstraject draaide dit jaar op volle toeren, op zowel operationeel- als tactisch niveau. Investeren in leiderschap van met name het middenmanagement binnen Rd4 gaat een belangrijke bijdrage leveren aan de verdere versterking van het kader en de organisatiecultuur binnen Rd4. Innovatie en maatschappelijke impact liepen dit jaar hand in hand. Op het gebied van AI zijn stappen gezet met de inzet van de Value Sort op het TSC, waarmee efficiënter, makkelijker en slimmer kan worden gesorteerd. Ook kwam een unieke samenwerking tot stand tussen de GGD en Rd4 rondom de Plasklas, waarin duurzaamheid en gezondheid samenkomen. Door te participeren in dit maatschappelijk project droegen wij er mede toe bij dat de afvalberg van luiers reduceert door kinderen sneller zindelijk te krijgen. Dit jaar werd ook na dik twee jaar het dodelijk ongeval dossier afgewikkeld middels een procesgang in de rechtbank te ’s Hertogenbosch. De uitkomst viel ons zwaar maar het verdriet van het verliezen van een gewaardeerde collega tijdens zijn werk is nog steeds moeilijk en intens verdrietig.

Tot slot is ook op ecologisch vlak geïnvesteerd door het planten van bomen op de hoofdlocatie, als zichtbare bijdrage aan een groenere toekomst maar ook om daarmee symbolisch middels 10 bomen onze 10 gemeentelijke stakeholders letterlijk en figuurlijk te wortelen op onze hoofdlocatie. Ook is er een CSRD (ESG)-rapport opgesteld om de “voetprint” van Rd4 in kaart te brengen over het jaar 2024. Jaarlijks gaan we dit rapport aanpassen en bijstellen om zo onze impact op de omgeving te reduceren, waar mogelijkheden en kansen liggen. Rechtmatigheid De rechtmatigheidverantwoording van het dagelijks bestuur is opgenomen als paragraaf in de jaarrekening conform de vereisten. Bij het opstellen van deze verklaring is gebruik gemaakt van het interne controlesysteem op basis van geselecteerde processen van financieel materieel belang. De bevindingen zijn afgezet ten opzichte van onze financiële verordening artikel 212. Er zijn geen fouten en/of onzekerheden boven de tolerantiegrens. Het totaalbedrag aan ten onrechte niet europese aanbestedingen leveringen/ diensten € 476.081 (2024: € 467.185) is lager dan de door het algemeen bestuur vastgestelde verantwoordingsgrens en behoeft om die reden niet te worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.

Omdat de geconstateerde onrechtmatigheden de rapporteringsgrens (€ 100.000) overschrijden, moeten we in deze paragraaf een toelichting geven op de oorzaken en genomen acties. Het betreft voornamelijk lopende contracten uit het verleden en contracten waar om strategische redenen is afgeweken. Onze doelstelling is afbouw van deze onrechtmatigheid, waar dat proportioneel en strategisch gezien mogelijk is.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

17/42

1.2.5 Verbonden partijen Deelnemers : 10 Gemeenten * / AB

Dagelijks Bestuur

Reinigingsdiensten Rd4 gemeenschappelijke regeling (GR)

Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. (BVF)

Rd4 Kringloop Bedrijf B.V. (BV KLB)/(TSC)

N.V. Reinigingsdiensten Rd4 (NV)

Eigen vermogen 1/1/25 Eigen vermogen 31/12/25 Vreemd vermogen 1/1/25 Vreemd vermogen 31/12/25 Resultaat 2025

BVF 18.151 18.151 23.628.313 22.492.170 0

TSC -1.074.809 -1.813.606 2.151.820 2.960.583 -738.795

NV 1.389.567 1.571.769 965.885 804.749 593.328

De werkorganisatie van Rd4 bestaat uit de GR Rd4, het Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. en het Rd4 Kringloop Bedrijf B.V. welke gezamenlijk een fiscale eenheid vormen. In het Facilitair Bedrijf B.V. zijn bijna alle productiemiddelen ondergebracht, evenals de medewerkers die geen ambtelijke status hebben. Zij volgen derhalve ook een andere cao: namelijk de cao voor de Afval en Milieu, GEO (Grondstoffen, Energie en Omgeving). Alle (loon)kosten van de BVF worden volledig doorberekend aan de gemeenschappelijke regeling. Het exploitatieresultaat is dus nihil. De activiteiten van het Rd4 Kringloop Bedrijf B.V. vinden sinds 2005 in de gemeenschappelijke regeling plaats. Vanaf 2014 zijn hier de activiteiten van het Textiel sorteercentrum in ondergebracht. Voor deze bedrijven gezamenlijk wordt een geconsolideerde jaarrekening samengesteld. Voor de dienstverlening aan bedrijven is er een separaat bedrijf opgezet zijnde de NV Reinigingsdiensten Rd4. Dit bedrijf heeft geen eigen personeel of activa en huurt deze merendeels in bij de GR Rd4 of het Facilitair Bedrijf B.V. welke voor deze dienstverlening de variabele kostprijs plus overheadtoeslag plus winstopslag doorberekent.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

18/42

2. JAARREKENING 2.1 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling Algemeen De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften van Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats o.b.v. historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie t.b.v. gepensioneerden en overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken.

Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld door reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden. Er zijn geen herrubriceringen geweest. Algemene grondslagen voor de Rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten en balansmutaties; De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 5 februari 2026 door het algemeen bestuur is vastgesteld; Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn.

Voor over- en onderschrijdingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het algemeen bestuur zijn gemeld. Ten aanzien van het M&O criterium is het M&O beleid van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening. Dit betekent dat: Een verantwoordingsgrens van 2% is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; Een rapporteringstolerantie van € 100.000 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen. Grondslagen voor de waardering van activa en passiva Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd op verkrijgings- of vervaardigingsprijs.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

19/42

De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. In de vervaardigingsprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten en de rente over het tijdvak dat aan de vervaardiging van het actief kan worden toegerekend; in dat geval vermeldt de toelichting dat deze rente is geactiveerd. De verkrijgings- of vervaardigingsprijs wordt verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing met

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

20/42

bijzondere waardeverminderingen. De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de vervaardigings- of verkrijgingsprijs, rekening houdend met een eventuele residuwaarde. Er wordt afgeschreven vanaf het boekjaar na moment van ingebruikneming. Op gronden en terreinen wordt niet afgeschreven. Voor de kosten van periodiek groot onderhoud is een voorziening gevormd. Financiële vaste activa De financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Vlottende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Noodzakelijk geachte voorzieningen voor mogelijke verliezen als gevolg van oninbaarheid worden in mindering gebracht. Deze voorzieningen worden bepaald op basis van individuele beoordeling van de vorderingen. De liquide middelen en overlopende activa worden tegen nominale waarde gewaardeerd. Eigen vermogen De reserves zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Onder de vaste schulden worden schulden opgenomen met een resterende looptijd van meer dan één jaar. De op korte termijn (binnen één jaar) verschuldigde aflossingen worden opgenomen onder de vlottende passiva.

Voorziening groot onderhoud De voorziening ter gelijkmatige verdeling van lasten voor groot onderhoud van gebouwen wordt bepaald op basis van de te verwachten kosten over een reeks jaren. De voorziening wordt lineair opgebouwd. Het uitgevoerde onderhoud wordt ten laste van deze voorziening gebracht. Voorziening verlofsparen Wordt bepaald als het niet gelijkblijvende deel van het bovenwettelijke verlofsaldo zoals dat is bedoeld inzake het via de CAO-SGO gefaciliteerde verlofsparen. Vlottende passiva De netto vlottende schulden en de overlopende passiva worden tegen nominale waarde gewaardeerd. Baten en lasten De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Wet Normering Topinkomens Voor de uitvoering van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen in de (semi)publieke sector (WNT) heeft de instelling zich gehouden aan de Beleidsregels toepassing WNT.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

21/42

2.2 Balans In euro's 31-12-2025

31-12-2024

ACTIVA Vaste activa Materiële vaste activa - investeringen met een economisch nut Financiële vaste activa - kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen - leningen aan deelnemingen

16.984.939

36.311 2.145.000 ---------------

15.273.715

36.311 1.295.000 --------------2.181.311

1.331.311

Vlottende activa Voorraden Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - uitzettingen in 's Rijks schatkist - rekening-courant verhouding niet financiële instellingen - overige vorderingen Liquide middelen - kassaldi - banksaldi Overlopende activa - de van Europese overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel - Europese overheidslichamen - het Rijk - Overige Nederlandse overheidslichamen - overige nog te ontvangen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen

39.348

84.710

1.913.052

5.426.852

19.269.391 215.202

20.626.055 411.113

13.464 25.322

6.396 42.107

0 0 0

0 0 0

1.443.537 ---------------

946.484 ---------------

Totaal

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

22.919.316

27.543.717

--------------42.085.566 =========

--------------44.148.743 =========

22/42

31-12-2025

31-12-2024

5.661.323

4.375.284

887.475

793.381

30.680.000 ---------------

31.930.000 ---------------

PASSIVA Vaste passiva Eigen vermogen Overige voorzieningen Vaste schulden, met een rentetypische looptijd van één jaar of langer - onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen

37.228.798

37.098.665

Vlottende passiva Netto-vlottende schulden, met een rentetypische looptijd korter dan één jaar - Overige kasgeldleningen - banksaldi - overige schulden Overlopende passiva - verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume - de van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren - overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen

0 90 2.657.264

0 74 2.619.311

2.199.414

4.430.693

0

0

0 ---------------

0 ---------------

Totaal

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

4.856.768

7.050.078

--------------42.085.566 =========

--------------44.148.743 =========

23/42

2.3 Toelichting op de balans In euro's ACTIVA Vaste activa Materiële vaste activa Gebouwen en terreinen Voor een gedetailleerd overzicht van het verloop van de materiële vaste activa verwijzen wij u naar de bijlagen.

Boekwaarde per 01-01 Investeringen Afschrijvingen Desinvesteringen

2025

2024

15.273.715 2.334.323 -623.100 0 ---------------

15.368.664 532.961 -627.910 0 ---------------

Boekwaarde per 31-12

16.984.939 ========

15.273.715 ========

De afschrijvingspercentages bedragen 0-10. Onder de materiële vaste activa zijn grondposities opgenomen met een aanschafwaarde van € 7.669.002. Over deze posities wordt niet afgeschreven. De aanschafwaarde van de materiële vaste activa bedraagt per 31 december 2025 € 26.562.807. De cumulatieve afschrijvingen bedragen per die datum € 9.577.868. Financiële vaste activa

31-12-2025

31-12-2024

18.160 18.151 ---------------

18.160 18.151 ---------------

Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen Deelneming Rd4 Kringloop Bedrijf B.V. Deelneming Rd4 Facilitair Bedrijf B.V.

36.311 ========

36.311 ========

Leningen aan overige verbonden partijen Lening GR aan Rd4 Kringloop Bedrijf B.V.

2.145.000 ---------------

1.295.000 --------------2.145.000 ========

1.295.000 ========

Reinigingsdiensten Rd4 GR verstrekt een lening ter financiering van roerende activa en het benodigde werkkapitaal aan het Rd4 Textiel sorteercentrum. Deze lening wordt verstrekt tegen een rentevergoeding welke voor 2025 is vastgesteld op 4,312% en is gekoppeld aan de mutatie besluit marktrente langlopende verplichtingen in de Staatscourant. Conform de interne management overeenkomst kan deze in staffels van € 50.000 worden aangepast.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

24/42

Er is geen voorziening gevormd omdat het negatief eigen vermogen van het Rd4 Textiel sorteercentrum is verrekend in de resultaatverdeling van de GR en het restbedrag vanuit de verkoop van de activa wordt gerealiseerd. Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met rentetypische looptijd korter dan 1 jaar.

31-12-2025

31-12-2024

1.913.052

5.426.852

Drempelbedrag In principe dienen alle overtollige middelen in de schatkist te worden aangehouden. Afhankelijk van de omvang van de organisatie is er een minimumbedrag vastgesteld dat gemiddeld per kwartaal buiten de schatkist mag worden gehouden. Voor de GR Reinigingsdiensten Rd4 is dat € 1.000.000, het minimale bedrag.

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren Alleen de liquide middelen die boven het drempelbedrag uitgaan dienen in de schatkist te worden aangehouden. In 2025 heeft geen overschrijding plaatsgevonden van het drempelbedrag. In onderstaande tabel is te zien wat de benutting van het drempelbedrag schatkistbankieren gedurende de vier kwartalen van 2025 is geweest. Bedragen x € 1.000 (1)

Drempelbedrag

1.000

Kwartaal 1 (2)

(3a)=(1)>(2) (3b)=(1)<(2)

Kwartaalcijfers op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijving van het drempelbedrag

(1)

Berekening drempelbedrag

(4a) (4b)

Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal <= 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal > 500 miljoen

(4c)

Kwartaal 2

Verslagjaar 2025 Kwartaal 3

Kwartaal 4

486

176

218

261

514

824

782

739

0

0

0

0

Verslagjaar 2025 44.557 44.557 0

(1)=(4b)*0,0075+(4c)*0,002 met een minimum van 1.000.000

(2)

(5a)

(5b) (2)=(5a)/(5b)

Berekening kwartaalcijfers op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Verslagjaar 2025 Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) 43.760 16.013 20.063 Dagen in het kwartaal 90 91 92 Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

24.014 92

25/42

aangehouden middelen

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

486

176

218

261

26/42

rekening-courantverhoudingen met niet-financiële instellingen rekening-courant Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. 18.744.521 rekening-courant Rd4 Kringloop Bedrijf B.V. 108.239 rekening-courant NV Rd4 416.631 ----------------

20.223.290 0 402.765 ---------------19.269.391

20.626.055

Over de rekeningcourantverhouding tussen de gemeenschappelijke regeling, de Facilitair Bedrijf B.V. en de Kringloop Bedrijf B.V. zijn geen rente afspraken dan wel afspraken over zekerheden en aflossingen gemaakt. Overige vorderingen

Liquide middelen Kas Bank BNG Bank

215.202

411.113

31-12-2025

31-12-2024

13.464 0 25.322 ----------------

Overlopende activa

6.396 0 42.107 ---------------38.786

48.503

---------------21.436.431 =========

---------------26.512.523 =========

31-12-2025

31-12-2024

De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel. Vordering gemeenten

0

0

Saldo begin boekjaar Toevoegingen Ontvangen bedragen Saldo einde boekjaar

0 0 0 0

0 0 0 0

Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Overige vorderingen Nedvang bijdrage glas, papier & kunststof Overige vorderingen

1.365.938 77.599 ----------------

859.641 86.843 ---------------1.443.537 =========

946.484 =========

Bij Nedvang is een vordering van € 1.365.938 en een schuld van € 245.078, met per saldo een vordering van € 1.120.859.

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

27/42

PASSIVA 31-12-2025

31-12-2024

Vaste passiva Eigen vermogen Saldo per 1 januari Resultaatbestemming voorgaand boekjaar Uitbetaling voorgaand jaar aan gemeenten Toevoeging bestemmingsreserve huisvesting Onttrekking bestemmingsreserve huisvesting Toevoeging bestemmingsreserve duurzaamheid Onttrekking bestemmingsreserve duurzaamheid

4.375.284 0 -400.912 0 0 596.496 0

3.319.748 0 -186.459 0 0 429.474 -40.690

Resultaat lopend boekjaar cf paragfraaf 2.4

1.090.455 ---------------

853.211 ---------------

Saldo per 31 december Bestemmingsreserve duurzaamheid

5.661.323 ========= 31-12-2025

4.375.284 ========= 31-12-2024

De bestemmingsreserve duurzaamheid is gevormd voor toekomstige uitgaven aan duurzaamheid. De reserve is overwegend langlopend van aard. Opbouw is in 2022 gestart.

Saldo per 1 januari Toevoeging Vrijval Onttrekking

817.443 596.496 0 0 ---------------

428.659 429.474 0 -40.690 --------------1.413.939 ========

817.443 ========

Gerealiseerd resultaat Voor het voorstel resultaatverdeling over boekjaar € 1.090.455 positief wordt verwezen naar de bijlage bij de jaarstukken. Overige voorzieningen

31-12-2025

31-12-2024

Voorziening groot onderhoud De voorziening is gevormd voor toekomstige uitgaven van groot onderhoud aan het hoofdkantoor en de milieuparken. De voorziening is overwegend langlopend van aard. Saldo per 1 januari Dotatie Onttrekking

793.381 836.042 -741.948 ---------------

519.167 749.025 -474.811 --------------887.475 ========

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

793.381 ========

28/42

Vaste schulden met een rentetypische looptijd langer dan 1 jaar 31-12-2025

31-12-2024

Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen Lening BNG Lening NWB

17.680.000 13.000.000 ---------------

18.430.000 13.500.000 --------------30.680.000

Hoofdsom 7.000.000 6.500.000 10.000.000 7.000.000 6.000.000 5.000.000 41.500.000

Schuldrest Leningtype 7.000.000 Aflossingsvrij 2.600.000 Lineair 6.500.000 Lineair 7.000.000 Aflossingsvrij 4.080.000 Lineair 4.750.000 Lineair 31.930.000

Looptijd 15 jaar 25 jaar 25 jaar 20 jaar 25 jaar 20 jaar

Einde 2035 2035 2038 2040 2042 2044

31.930.000

Rente % 2,184% 4,805% 1,300% 2,250% 1,495% 3,154%

Rentetype vaste rente vaste rente vaste rente vaste rente vaste rente vaste rente

1.250.000 Hiervan is opgenomen onder kortlopende leningen korter dan 1 jaar (kortlopende aflossingsverplichting).

Vlottende schulden

31-12-2025

31-12-2024

Netto-vlottende schulden, met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betalingen komen, m.u.v. aan jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. Banksaldi Bank BNG

90

74

0

0

Kasgeldleningen Kasgeldleningen BNG Overige schulden Crediteuren Nog af te voeren afval Kortlopende aflossingsverplichting Rekening Courant Rd4 kringloopbedrijf B.V.

1.372.697 34.567 1.250.000 0 ---------------

1.310.665 35.212 1.250.000 23.434 --------------2.657.264

2.619.311

Over het gemiddeld uitstaand saldo bij N.V. Reinigingsdiensten Rd4 wordt een rente van 2,545% (2024: 2,537%) in rekening gebracht. Overlopende passiva Nog te betalen / overige schulden Overige vooruit ontvangen bedragen Rente BNG Vennootschapsbelasting Pensioen- en vutpremie Omzetbelasting

83.506 204.121 0 3.663 893.386

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

50.000 217.168 8.140 6.318 1.460.882

29/42

Loonbelasting Nog te betalen aan gemeenten Nedvang bijdrage glas, papier & kunststof Diverse overige schulden

20.868 651.601 245.078 97.191 ---------------

32.768 1.148.378 1.248.027 259.012 --------------2.199.414

Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling te Heerlen

4.430.693

30/42

Bij Nedvang is een vordering van € 1.365.938 en een schuld van € 245.078, met per saldo een vordering van € 1.120.859. Niet uit de balans blijkende verplichtingen Leaseverplichting Per jaareinde zijn er operationele leaseverplichtingen aangegaan ten bedrage van € 0 (2023: € 7.491). Deze vervallen als volgt: - Binnen 1 jaar € - tussen 1 en 5 jaar: € Overige verplichtingen Er zijn geen overige contracten aangegaan waaruit verplichtingen voortvloeien. Bankgarantie Voor 2025 zijn er geen bankgaranties afgegeven. Zekerheden jegens kredietinstellingen Reinigingsdiensten Rd4 heeft in de geconsolideerde rekening-courant faciliteit een kredietarrangement met een maximum van € 5.000.000. De rente bedraagt Euribor + 0,55%. N.V. Reinigingsdiensten Rd4 maakt tevens gebruik van de gestelde zekerheden. Fiscale eenheid Reinigingsdiensten Rd4 gemeenschappelijke regeling vormt tezamen met Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. en Rd4 Kringloop Bedrijf B.V. een fiscale eenheid voor de omzetbelasting. De vennootschap is hoofdelijk aansprakelijk voor de belastingschulden van de fiscale eenheid. Pensioenvoorziening De risico's die vanwege de bedrijfstakpensioenregeling bij de onderneming berusten komen niet tot uitdrukking in een in de balans opgenomen voorziening. De dekkingsgraad van het pensioenfonds bedroeg per 31 december 2025: 123,5% (2024: 111,9%).

Milieuverontreiniging De entiteit heeft de grond en het onroerend goed van milieupark Rijckholt verworven. In de grond van het milieupark zit verontreiniging waarvoor in de toekomst een saneringsverplichting kan ontstaan. Aangezien ten tijde van het opmaken van de jaarrekening geen zekerheid bestaat omtrent het ontstaan van deze verplichting in de toekomst en de eventuele hoogte van de verplichting, is geen voorziening gevormd. VPB-verplichting (Vennootschapsbelasting) GR Reinigingsdiensten Rd4 is belastingplichtig voor de vpb ‘indien en voor zover zij een onderneming drijft’. Een groot deel van de activiteiten zijn echter vrijgesteld. Uitzondering hierop zijn de verkoop van rest(afval-)stromen en de dienstverlening aan de NV. De Belastingdienst heeft definitieve aanslagen opgelegd over de jaren tot en met 2023. Op dit moment zijn er geen afstemmingstrajecten of discussies met de Belastingdienst. Overige De zekerheden staan vermeld in artikel 28 van de statuten van de gemeenschappelijke regeling. Artikel 28. Waarborg gemeenten 1. Elk der deelnemende gemeenten waarborgt de betaling der renten en aflossing van de door het lichaam op basis van de vastgestelde begrotingen en/of begrotingswijzigingen te sluiten geldleningen en in rekening-courant op te nemen gelden naar rato van de stemverhouding. 2.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=fa9f354d-950c-4e11-adea-2d5bb87ec161