CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

20260526 05m Quickscan Ecologische waarden

Raadsvergaderingen 26 mei 2026, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: TAM-omgevingsplan Moerslag 16 Sint Geertruid1.843 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Hoofdkantoor: Heugterbroekdijk 31 6003 RA WEERT

Opdrachtgever:

Vestiging Maastricht: Florijnruwe 111-8 6218 CA MAASTRICHT

Datum: 8 november 2023

De heer en mevrouw Frijns Moerslag 16 6265NC SINT GEERTRUID

Onderwerp: Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Moerslag 16 te Sint Geertruid (ons kenmerk: 23-1498)

Opgesteld door: De heer M.J.M. Coenen Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de rapportage inzake het quickscan onderzoek Ecologische Waarden, uitgevoerd ter plekke van de ingreeplocatie aan Moerslag 16 te Sint Geertruid, zie figuur 1.

Figuur 1: Ingreeplocatie en tevens onderzoeksgebied

Aanleiding In het kader van enkele ruimtelijke ingrepen op de locatie is het noodzakelijk om het bestemmingsplan te wijzigen. Hierbij wordt de grote schuur (nu in gebruik als caravanstalling) gesloopt en wordt het terrein en het agrarische perceel herbestemd.

 06 462 55 985  info@ecolybrium.nl  www.ecolybrium.nl

KVK nummer: 68599544 Bankrek.: NL19 KNAB 0257477624 BTW-nummer: NL857514313B01

Als gevolg van de benodigde vergunningen en gemeentelijke procedures is het tevens noodzakelijk dat er een beeld komt van de aanwezigheid van plant- en diersoorten (en/of op gebruiksfuncties van soorten op de onderzoekslocatie) die bescherming genieten in het kader van de Wet natuurbescherming, zodat de ingreep getoetst kan worden aan de verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming. Om vast te stellen of er sprake is van de aanwezigheid van beschermde natuurwaarden (planten en dieren) is de ingreeplocatie middels een veldonderzoek ter plaatse onderzocht.

Huidige situatie In de huidige situatie is het perceel nagenoeg geheel in agrarisch gebruik. Een klein deel betreft een siertuin met gecultiveerde plantensoorten. Op het westelijk gelegen perceel staat een halfopen kapschuur waar materialen en caravans gestald staan. Het perceel aan de oostzijde van de weg is geheel als grasland in gebruik. Rond de percelen is een goed onderhouden scheerhaag van meidoorn aanwezig die niet hoger dan 1m is. Het overige terrein is verhard met beton. Een goed ontwikkelde struikenvegetatie of opgaande begroeiing zoals een struikhaag of houtsingels ontbreken in het geheel op de locatie.

Foto 1: beeld van de half open kapschuur

In de directe omgeving liggen eveneens meerdere graslanden en agrarische bouwpercelen. Daar zijn geen ingrepen gepland, omdat deze buiten de ingreeplocatie liggen.

Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Moerslag 16 te Sint Geertruid (ons kenmerk: 23-1498)

2

Foto 2: Beeld van de omgeving van de onderzoekslocatie

Onderzoeksmethodiek Om zicht te krijgen op de aanwezigheid van beschermde soorten is de ingreeplocatie onderzocht op het mogelijk aanwezig zijn of kunnen zijn van beschermde soorten. Dit onderzoek is uitgevoerd op 18 oktober 2023. Hierbij is de planlocatie en de te slopen schuur onderzocht en beoordeeld of er mogelijk vaste rusten verblijfplaatsen van beschermde diersoorten en jaarrond beschermde nesten van vogels aanwezig zijn. Daarnaast is gekeken of er op en rondom de planlocatie beschermde planten voor kunnen komen, die met de voorgenomen werkzaamheden mogelijk hun groeiplekken verliezen. Er is tijdens het onderzoek verder gelet op mogelijke andere functies van soorten in en rondom de onderzoekslocatie.

Aanwezigheid van soorten Vaatplanten De ingreeplocatie bestaat uit graslanden, welke nog steeds zeer intensief beweid of gemaaid worden (veevoer voor in de winter). Er groeit slechts Engels raaigras met her en der enkele soorten van verruigingsmilieus zoals ridderzuring. Er is geen sprake van enige natuurlijk ogende vegetatie van bloeiende kruiden. In het gras groeien zeer beperkt enkele paardenbloemen en witte klaver. Beschermde plantensoorten zijn geheel niet aangetroffen en al zeker niet te verwachten, daar de groeiomstandigheden voor dergelijke soorten geheel ongeschikt zijn. Bloemrijke graslanden en kruidenrijke bermen ontbreken in het geheel.

Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Moerslag 16 te Sint Geertruid (ons kenmerk: 23-1498)

3

Het gehele terrein is, vanwege de voedselrijkdom, zeer ongeschikt voor beschermde en/of bijzondere plantensoorten.

Foto 3: Op dit intensief beheerd grasland zijn voor beschermde en of bijzondere vaatplanten geen geschikte groeibiotopen

Effecten op beschermde soorten planten en vervolgmaatregelen in het kader van de Wet natuurbescherming (zoals nader onderzoek, een ontheffingsaanvraag of het opstellen van een verplantingsplan) zijn uit te sluiten. Broedvogels (al of niet met jaarrond beschermde nesten) Het grasland zelf vormt in geen enkel opzicht geschikt broedbiotoop voor soorten met jaarrond beschermde nesten. Daarvoor is er geen optimaal habitat aanwezig (zoals voldoende opgaande begroeiing). Door het intensieve beheer in het voorjaar en de zomer zijn de graslanden niet geschikt als broedbiotoop voor grondbroedende vogelsoorten zoals graspieper of scholekster Ook de te slopen schuur vormt in geen enkel opzicht geschikt broedbiotoop voor soorten met jaarrond beschermde nesten. Door het ontbreken van een dakbeschot aldaar krijgen huismussen en gierzwaluwen niet de kans zich te nestelen. Sporen van aanwezigheid of tijdelijk gebruik van e half open schuur door uilen is niet vastgesteld. Nergens zijn sporen, zoals braakballen en veren gevonden die anders doen vermoeden.

Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Moerslag 16 te Sint Geertruid (ons kenmerk: 23-1498)

4

Foto 4: Door het ontbreken van een dakbeschot en toegang tot de stal zijn er geen nestgelegenheden.

Op de percelen is geen opgaande begroeiing aanwezig die nestlocaties vormen voor roofvogels. Door het gebrek aan een opgaande vegetatiestructuur is het aanwezig zijn van een rijke vogelstand niet te verwachten. In de meidoornhagen rondom de percelen kunnen enkele soorten vogels broeden zoals heggemus en roodborst, maar volgens de plannen blijven deze hagen intact en blijft ook het broedbiotoop (wat tevens dienst doet als voedselvoorziening) intact. Effecten op broedvogels met jaarrond beschermde nesten zijn uit te sluiten, omdat er geen geschikte broedplekken aanwezig zijn. We adviseren wel om de werkzaamheden zoveel als mogelijk buiten de broedperiode uit te voeren om zodoende negatieve effecten op soorten die in de directe omgeving broeden (zoals in de hagen) te minimaliseren (werken dus buiten de broedperiode van half maart tot en met half juli), of door de werkzaamheden te starten voorafgaande aan het broedseizoen met doorloop tot binnen het broedseizoen. Zodoende kunnen vogels zelf bepalen of ze de tijdelijke toename van menselijke activiteiten voor lief nemen of toch elders een broedlocatie opzoeken. Grondgebonden zoogdieren Het onderzoeksgebied vormt op geen enkele wijze geschikt leefgebied voor beschermde grondgebonden soorten zoogdieren.

Dit heeft te maken met het geheel ontbreken van structuurrijke plekken (bijvoorbeeld plekken waar takkenrillen liggen, dood hout aanwezig is, braamstruwelen groeien e.d.).

Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Moerslag 16 te Sint Geertruid (ons kenmerk: 23-1498)

5

Doordat het intensieve beheer vinden beschermde grondgebonden zoogdieren geen schuilplaatsen in het grasland. Er kunnen wel enkele soorten muizen voorkomen (zoals aardmuis, veldmuis en huisspitsmuis) en in mindere mate als foerageergebied dienstdoen voor soorten als konijn of egel. Zwaar beschermde soorten zijn op voorhand geheel uit te sluiten. Hiervoor zijn geen optimale habitats aanwezig en/of ontwikkeld. Het gebied ligt binnen actueel dassenleefgebied, maar gelet op de beperkte oppervlakte wat verloren gaat, in relatie met hetgeen er in de directe omgeving verder nog aanwezig is aan optimaal jachtgebied, is het niet te verwachten dat er dermate effecten optreden aan deze soort dat de gunstige staat van instandhouding in het geding komt. Effecten op zwaar beschermde soorten grondgebonden zoogdieren treden niet op, omdat dergelijke soorten geen verblijfplaatsen hebben op het betreffende weiland en omdat het weiland geen essentieel jachtgebied betreft waar een specifieke soort geheel van afhankelijk is. In het kader van de Wet natuurbescherming kan geconcludeerd worden dat er geen verbodsbepalingen overtreden worden en dat de beoogde realisatie ook niet leidt tot een aantasting van de gunstige staat van instandhouding van soorten zoals de das (die zeer waarschijnlijk in de directe omgeving voorkomt).

Reptielen, vissen, amfibieën, dagvlinders, overige ongewervelden en libellen Op grond van de afwezigheid van het habitat is het uitgesloten dat er andere beschermde soorten zoals reptielen, vissen, amfibieën, dagvlinders, nachtvlinders, overige ongewervelden en libellen voorkomen op de onderzoekslocatie. Effecten op bovengenoemde soortgroepen zijn op voorhand dan ook geheel uit te sluiten. In het kader van de Wet natuurbescherming kan dan ook geconcludeerd worden dat er geen verdere acties noodzakelijk zijn voor deze soortgroep. Vleermuizen De te slopen schuur vormt op geen enkele manier een geschikte vaste rust- en verblijfplaats voor vleermuizen. Door de open constructie en het ontbreken van geschikte wegkruipmogelijkheden (bijvoorbeeld een dakbeschot of een gespouwde muur) is de schuur ongeschikt voor vleermuizen. Vaste rust- en verblijfplaatsen ter plekke van het onderzochte terrein zijn dan ook uit te sluiten, mede ook omdat er geen bomen met boomholtes staan. Het gebied en het gebied rondom is geen optimaal/primair jachtgebied voor vleermuizen. Er zal in beperkte mate gejaagd kunnen worden door enkele soorten, maar het gebied is dermate slecht ontwikkeld (qua vegetatie opbouw) dat hier geen grote aantallen zullen jagen en de jachttijd zal van korte duur zijn.

De werkzaamheden hebben dan ook geen invloed op vleermuizen, aangezien dit geheel geen primair jachtgebied vormt voor vleermuizen. Een nader onderzoek is dan ook niet nodig. Effecten op vleermuizen zijn uit te sluiten, daar er geen aantasting plaatsvindt op primaire foerageergebieden, vliegroutes en mogelijke verblijfplaatsen. In het kader van Wet natuurbescherming kan gesteld worden dat er geen overtredingen van verbodsbepalingen optreden en dat nader onderzoek niet benodigd is. Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Moerslag 16 te Sint Geertruid (ons kenmerk: 23-1498)

6

Foto 5: Er zijn geen geschikte plekken voor vleermuizen om het gebouw binnen te treden. De openheid van de schuur en de aanwezigheid van asbestplaten werkt zeker niet in het voordeel van vleermuizen

Conclusie  Effecten op beschermde vaatplanten zijn op voorhand uit te sluiten. Er zijn geen geschikte groeiomstandigheden aanwezig in welke omstandigheden deze soorten groeien.  Effecten op broedvogels (al of niet met jaarrond beschermde nesten) zijn op voorhand uit te sluiten. Er zijn geen geschikte nestlocaties aanwezig die als zodanig dienst kunnen doen.  Effecten op algemeen voorkomende soorten broedvogels die in de nabijheid van het gebied kunnen broeden zijn te voorkomen door de werkzaamheden uit te voeren buiten de broedperiode (dus buiten de periode half maart-half juli).  Effecten op beschermde soorten grondgebonden zoogdieren zijn geheel uit te sluiten. De onderzoekslocatie herbergt geen verblijf- of foerageerplaatsen voor deze soorten. Daarmee treden er geen overtredingen van verbodsbepalingen op van de Wet natuurbescherming.  Effecten op de gunstige staat van instandhouding van soorten (zoals de das) zijn uit te sluiten, aangezien het gebied geen op zich staand primair jachtgebied betreft. In de directe omgeving is ruim voldoende leefgebied voorhanden.  Effecten op beschermde soorten amfibieën, vissen, dagvlinders, libellen, reptielen en andere ongewervelden treden geheel niet op, omdat er geen optimaal habitat ontwikkeld is.  Op- en rondom het perceel zullen enkele vleermuizen voor een korte periode kunnen jagen.

Essentieel foerageergebied is geheel niet aanwezig. Hiervoor is er geen optimale struiken en bomenvegetatie aanwezig. Er is ook geen sprake van aantasting van primair vliegroute, omdat deze niet aanwezig is op de locatie door het ontbreken van een opgaande bomenstructuur. Op de locatie zijn geen vaste rust- en verblijfplaatsen in bomen en bebouwing aanwezig, omdat deze niet aanwezig zijn.

Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Moerslag 16 te Sint Geertruid (ons kenmerk: 23-1498)

7

 Nader onderzoek naar het gebruik van de planlocatie door beschermde soorten is niet noodzakelijk.  Overtredingen van verbodsbepalingen in het kader van de Wet natuurbescherming treden dan ook niet op.  In het kader van de Wet natuurbescherming kan geconcludeerd worden dat de werkzaamheden uitgevoerd kunnen worden zoals beoogd.

Rapportage Quickscan Ecologische Waarden Moerslag 16 te Sint Geertruid (ons kenmerk: 23-1498)

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=6e3f6d47-1d13-4cfc-b1c5-c62749095e2a