CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

20260120 04e Mail Provincie Limburg 29 oktober 2025 ( ambtelijk)

* Raadsvergaderingen 20 januari 2026, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Masterplan Poort van het Heuvelland1.816 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Van: Coenen, Stijn <scp.coenen@prvlimburg.nl> Verzonden: woensdag 29 oktober 2025 15:44 Aan: 'Michel Heesen' <michel@michelheesen.nl>; Carla Brugman <carla@ibrugman.nl>; Julie StarrenStevens <JulieStarren@eijsden-margraten.nl> CC: Moors, Thei <tga.moors@prvlimburg.nl>; Hazenberg, Wim <w.hazenberg@prvlimburg.nl>; Tilmans, Raymond <ram.tilmans@prvlimburg.nl>; Rood, Paul <pm.rood@prvlimburg.nl>; Demeester, Timothy <t.demeester@prvlimburg.nl>; Janssen, Anita <ahk.janssen@prvlimburg.nl>; Kubbe van der, Marc <mja.van.der.kubbe@prvlimburg.nl> Onderwerp: Provinciale Reactie op Concept Masterplan en Ecologisch Rapport - Gebiedsvisie Poort van het Heuvelland

Beste Michel, Carla en Julie,

Bij deze sturen wij onze reactie op de concept gebiedsvisie Poort van het Heuvelland, zoals deze ter afstemming aan ons is aangeboden. Wij hebben het masterplan en het bijbehorende ecologisch rapport met veel enthousiasme ontvangen en zijn over het algemeen zeer te spreken over het robuuste perspectief dat hiermee voor het gebied wordt geboden.

Wij waarderen de integrale en zorgvuldige benadering die in de gebiedsvisie is gekozen. In grote lijnen sluit de visie goed aan bij de provinciale beleidskaders. De onderstaande opmerkingen zijn bedoeld als inhoudelijke aanscherpingen en aanbevelingen ter verbetering van de leesbaarheid, consistentie en uitvoerbaarheid van de plannen.

Masterplan – Poort van het Heuvelland •

Onderdeel ‘Overkoepelend beleid’, P.3 (of elders): Benoem het initiatief Landschapspark Grenzeloos Bocage-landschap, waarin ook de gemeente Eijsden-Margraten participeert. De Poort van het Heuvelland sluit goed aan bij dit initiatief. Daarnaast kan worden verwezen naar het Hoofdrapport Natura2000-plan 2020–2026 Bemelerberg en Schiepersberg (156) en het Natura2000beheerplan Savelsbos (160, 2016), waarin het belang van verbindingen voor o.a. eikelmuis en geelbuikvuurpad wordt onderstreept.

•

Algemene opmerking bij onderdeel ‘Bouwstenen’: In de kaartbeelden is op diverse plaatsen de tekst vervaagd en daardoor moeilijk leesbaar. Voor de leesbaarheid van het document is het wenselijk om tekst goed leesbaar te houden.

•

Onderdeel ‘Leefgebieden’, P.10 (kaart met afbeeldingen): -

Vliegend hert: vermeld de bron bij de opmerking dat onderdoorgangen nauwelijks worden gebruikt; er is weinig literatuur die dit bevestigt. Kleine tunnels (2m x 1,5m) lijken ongeschikt, maar grotere passages of viaducten (zoals oostelijk van Cadier en Keer) kunnen wel functioneren.

-

Hamster: bij tunnels kan worden overwogen anti-predatorbuizen toe te passen.

-

Hazelworm: verduidelijk dat het beperkte bewijs waarschijnlijk betrekking heeft op faunatunnels, niet op ecoducten.

-

Bosdieren (eikelmuis, boommarter, eekhoorn): geef aan dat effectiviteit van faunatunnels afhangt van de maatvoering; kleine onderdoorgangen zijn voor deze soorten doorgaans niet geschikt.

-

Onder “Kansen”: voeg poelen en kruidenrijke graslanden toe.

•

Onder “Belemmeringen”: vermeld versnippering en aanrijdingsrisico’s (met name N278).

Onderdeel ‘Natuurverbindingen’, P.11: De aanduiding “Sportvelden” ter plaatse van de kern Cadier en Keer lijkt onjuist. Hier zou “Cadier en Keer” moeten staan.

Daarnaast ontbreekt de status van de natuurverbinding (oranje) op de kaart; deze is niet goed zichtbaar en kan beter worden geaccentueerd. Verduidelijk wat bedoeld wordt met “formeel” in relatie tot de EVZ’s. Indien wordt bedoeld dat deze nog in concept zijn opgenomen in het POVI, geef dat expliciet aan. •

Onderdeel ‘Landbouw & Stikstof’, P.12: Overweeg om ook het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen te benoemen, aangezien dit van invloed kan zijn op biodiversiteit, ook als er geen kaartmateriaal beschikbaar is.

•

Onderdeel ‘Ongewenst toekomstbeeld’, P.15: Wij adviseren dit onderdeel aan te vullen met een toelichting op waarom het ongewenst is dat hier nieuwe woonlocaties worden toegevoegd. Beschrijf de mogelijke impact op de bestaande kernkwaliteiten en hoe dit in strijd is met de uitgangspunten van de gebiedsvisie. Dit versterkt de onderbouwing en legitimatie van de visie.

•

Onderdeel ‘Verkeersveiligheid’, P.16: Voor een gedegen verkeerskundige beoordeling zijn het bereikbaarheidsprofiel en het mobiliteitsprofiel van het project essentieel. Het bereikbaarheidsprofiel beschrijft de wijze waarop de locatie of het project kan worden bereikt met verschillende vervoersmodaliteiten. Het mobiliteitsprofiel geeft een inschatting van het verwachte aantal gebruikers (zoals bewoners, bezoekers, werknemers) en de verdeling van vervoerswijzen. Omdat het om een toekomstige situatie gaat, berust deze inschatting altijd op prognoses en berekeningen.

•

Onderdeel ‘Nieuwe samenhang’, P.24: Ter verduidelijking van de tekeningen kan worden aangegeven waar Maastricht ligt of met pijlen (noord/oost/zuid/west) worden gewerkt.

•

Onderdeel ‘Oversteek Rijksweg’, P.29: De N278 vormt een duidelijke barrière in het gebied. In het plan wordt voorgesteld deze te verminderen door twee nieuwe oversteekmogelijkheden voor langzaam verkeer: een ecoduct en een voetgangersbrug nabij de beoogde parkeerhub. Het ecoduct is in het masterplan uitgebreid beschreven, maar de nieuwe voetgangersbrug komt slechts summier aan bod. Wij adviseren deze brug uitvoeriger toe te lichten en duidelijker weer te geven op de overzichtskaarten, zodat inzichtelijk wordt wat het totaal aan verkeerskundige ingrepen is en wat de gevolgen zijn voor doorstroming en veiligheid.

•

Onderdeel ‘Parkeerhub’, P.30: Hoewel in het masterplan rekening wordt gehouden met diverse voorzieningen, ligt de nadruk nog sterk op gemotoriseerd vervoer. Voor de verduurzaming van mobiliteit dient ook aandacht te zijn voor fietsparkeerplaatsen, laadpalen en voorzieningen voor deelmobiliteit. Aanbevolen wordt deze expliciet op te nemen in het masterplan.

•

Onderdeel ‘Entree Berg’, P.33: Met het oog op verkeersveiligheid kent dit onderdeel enkele infrastructurele aandachtspunten, zoals het waarborgen van voldoende zicht vanuit de beoogde voetgangersbrug op de ‘Entree Berg’. Wij adviseren dit in de verdere planuitwerking zorgvuldig af te stemmen met de Provincie.

•

Algemene opmerking bij onderdeel ‘Nieuwbouw ontwerpprincipes’: In dit onderdeel wordt onder andere ingegaan op de architectonische vormgeving van de nieuwe bebouwing. Er wordt gesteld dat nieuwbouw ondergeschikt blijft aan het cultureel erfgoed en een respectvolle dialoog aangaat met de cultuurhistorische context. Ook wordt gesproken over ‘architectonische terughoudendheid’, waarbij gezocht wordt naar een ingetogen, maar duidelijk contrast met de steenachtige erfgoedgebouwen.

Het benadrukken van een dergelijk nieuw contrast brengt echter het risico met zich mee dat de gewenste ruimtelijke samenhang en het tegengaan van verrommeling worden ondermijnd. De bestaande bebouwing die zal worden ontmanteld, staat momenteel juist in contrast met het omliggende erfgoedensemble, wat bijdraagt aan de huidige verrommelde uitstraling. Het lijkt daarom onlogisch om op deze locatie opnieuw contrasterende bebouwing te realiseren. Daarmee zou het risico ontstaan dat het ensemble zijn samenhang en sereniteit opnieuw verliest of zelfs niet kan herwinnen.

Het verdient naar ons oordeel aanbeveling om in de ontwerpuitgangspunten sterker de nadruk te leggen op aansluiting bij de bestaande cultuurhistorische context, in zowel vorm, materialisatie als kleurstelling. De beeldkwaliteit zal worden versterkt door te kiezen voor een meer complementaire architectuur die refereert aan de identiteit van het gebied. Een dergelijke benadering brengt de uiteenlopende verschijningsvormen beter met elkaar in verband en draagt bij aan een samenhangend en herkenbaar geheel. Ook sluit deze benadering beter aan bij de uitgangspunten van het provinciaal beleid voor de omgang met erfgoed, waarin het behoud van cultuurhistorische waarden en de ensemblewaarde van monumenten leidend zijn bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Zodoende bevelen wij aan om te zoeken naar een beeldtaal die het midden houdt tussen de aanwezige extremen in het gebied. Dit geldt niet alleen voor de architectuur, maar ook voor de landschappelijke inrichting. Op deze wijze blijft de harmonie en karakteristieke identiteit van het erfgoedensemble behouden, terwijl tegelijkertijd recht wordt gedaan aan de cultuurhistorische en landschappelijke kernkwaliteiten die dit gebied zijn bijzondere waarde geven. •

Bijlage: Gesprekken, P.47: Voeg Raymond Tilmans toe bij de overige provinciale namen, anders staat Provincie Limburg hier twee keer in.

Ecologisch rapport – Poort van het Heuvelland •

P.3: Onder de kop “Samenstelling vraagstelling” staat vermeld dat onderzocht wordt “of” verbindingen gerealiseerd moeten worden. Dit is feitelijk geen keuzevraag, maar een opgave die expliciet is vastgelegd in het Hoofdrapport Natura2000-plan 2020–2026 Bemelerberg en Schiepersberg (156).

•

P.4: Bij de opsomming in de 3e alinea verdient het aanbeveling toe te voegen dat ook voor een bijlage 4 soort als de wilde kat een ecopassage van belang is (soort is in het Geuldal en het Savelsbos gesignaleerd). Ook een soort als boommarter die als prioritaire soort te boek staat zou als doelsoort toegevoegd moeten worden. Ook verdient het aanbeveling wild zwijn, ree en das als doelsoorten toe te voegen. Niet zozeer omdat het prioritaire (zeldzame) soorten zijn maar vooral vanuit verkeersveiligheid.

•

P.5: Geef toelichting op de gestippelde lijnen in de kaart (mogelijk rasters). Momenteel oogt de weergave als een ‘gatenkaas’; verduidelijk waar reeds rasters aanwezig zijn en waar niet.

•

P.6: Zie ook de opmerking bij het Masterplan m.b.t. ecologische verbindingen.

•

P.8: Controleer de soortenlijst: de egel staat niet op de Rode Lijst, terwijl de Ingekorven en Vale vleermuis dat wel zijn. Voeg de levendbarende hagedis en bijvoorbeeld het klaverblauwtje toe aan de doelsoorten.

Daarnaast verwijst de Leidraad faunavoorzieningen bij infrastructuur naar minimale afmetingen. Voor verkeersveiligheid is een ecoductbreedte van 16 meter voor reeën voldoende; de 40 meter uit de Leidraad is bedoeld voor genetische uitwisseling. •

P.9: Controleer de hectometrering; deze lijkt niet te kloppen met de provinciale atlas. Bij ecoduct A wordt vermoedelijk bedoeld: hm 1.57–1.62. Indien deze locatie niet haalbaar is, overweeg alternatieven rond hm 1.2 of hm 1.7–1.8. Dit geldt eveneens voor tunnels B en C.

Onder A (Ecoduct): verduidelijk de functie en doelsoorten. Voeg toe dat het ook belangrijk is voor ongewervelden (vlinders, kevers) en vleermuizen, en dat veilige oversteek ook voor reeën en wilde zwijnen gewenst is met oog op verkeersveiligheid. Benoem tevens dat een ecoduct ook kan worden ingericht met poelen, struiken en stobben om fauna aan te trekken. •

P.13: Voeg toe dat voor soorten als eikelmuis en wilde kat meer structuurelementen wenselijk zijn bij de stapstenen: struweel, bosschages en mantel-zoomzones met overgang naar kruidenrijke graslanden.

Daarbij lijkt de 1e zin niet goed te lopen.

•

P.14: Ecoduct i.p.v. Edoduct. Hier staat dat ecoduct is gesitueerd bij hm 1,70 terwijl op pagina 9 andere locatie wordt genoemd. Zie daarbij ook de opmerking bij P.9.

Benoem bij de terreininrichting specifiek de aanleg van poelen en betonbakken voor amfibieën. De kostenraming van het ecoduct is op dit moment niet met de Provincie gedeeld. Het verdient de aanbeveling deze kort te sluiten met de Provincie.

Wij waarderen de inspanningen die zijn geleverd om deze gebiedsvisie tot dusver vorm te geven en blijven graag betrokken bij de verdere ontwikkeling en uitwerking hiervan. Graag worden wij op de hoogte gehouden van de vervolgstappen in het proces en kijken wij uit naar het vervolgproduct.

Met vriendelijke groet,

S.C.P. (Stijn) Coenen Rayonplanoloog | Cluster Ruimte +31 6 525 86 746 scp.coenen@prvlimburg.nl

Dit e-mailbericht en de informatie verzonden met dit e-mailbericht is vertrouwelijk en uitsluitend bestemd voor de geadresseerde(n). Dit bericht kan informatie bevatten waarop intellectuele eigendomsrechten rusten of die vertrouwelijk is of om andere redenen rechtens beschermd is. Kennisname en gebruik van deze informatie door anderen dan de geadresseerde (n) is verboden. Indien u deze email abusievelijk hebt ontvangen, brengt u ons dan op de hoogte waarbij u gevraagd zal worden het originele bericht te vernietigen. Let op: De Provincie Limburg gaat geen verplichtingen aan via e-mail van of naar individuele medewerkers. U kunt aan deze e-mail geen rechten ontlenen, tenzij er een besluit bij zit.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=351c0e3c-fb99-4263-810c-bdc500410762