CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

20250930 07c Bijlage Motivering

* Raadsvergaderingen 30 september 2025, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Vaststellen TAM omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden24.291 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Motivering

Motivering

Inhoud d 1 Inleiding 4 1.1 Aanleiding ...................................................................................................................................... 4 1.2 Besluitgebied ................................................................................................................................. 4 1.3 Het omgevingsplan ........................................................................................................................ 5 1.4 Leeswijzer ...................................................................................................................................... 8 2 Planbeschrijving 9 2.1 Bestaande situatie ......................................................................................................................... 9 2.2 Toekomstige situatie ................................................................................................................... 16 2.3 Toetsing aan omgevingsplan ....................................................................................................... 21 3 Beleid en regelgeving 22 3.1 Rijksbeleid en Rijksregels ............................................................................................................. 22 3.2 Provinciaal beleid en provinciale regels ......................................................................................

24 3.3 Omgevingswaarden ..................................................................................................................... 28 3.4 Regionaal beleid .......................................................................................................................... 29 3.5 Beleid Waterschap ....................................................................................................................... 31 3.6 Gemeentelijk beleid ..................................................................................................................... 32 4 Fysieke leefomgeving 35 4.1 Beschermen van de gezondheid .................................................................................................. 35 4.2 Milieubelastende activiteiten ...................................................................................................... 35 4.3 Geluid........................................................................................................................................... 36 4.4 Kwaliteit van de buitenlucht ........................................................................................................ 39 4.5 Bodemkwaliteit ............................................................................................................................

41 4.6 Omgevingsveiligheid .................................................................................................................... 43 4.7 Natuur .......................................................................................................................................... 47 4.8 Water en watersysteem .............................................................................................................. 51 4.9 Cultureel erfgoed, landschap en stedenbouw ............................................................................. 53 4.10 Klimaatadaptatie ....................................................................................................................... 54 4.11 Bedrijfsmatige activiteiten ......................................................................................................... 58 4.12 Toetsing m.e.r. beoordeling ...................................................................................................... 58 5 Uitvoerbaarheid 60 5.1 Economische uitvoerbaarheid ..................................................................................................... 60 5.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid ..............................................................................................

60 6 Juridische regeling 61 6.1 Opzet regelgeving ........................................................................................................................ 61 6.2 Artikelsgewijze toelichting ........................................................................................................... 62 7 Belangenafweging en conclusie 65 7.1 Is sprake van een ETFAL? ............................................................................................................. 65 7.2 Conclusie ...................................................................................................................................... 65

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 2 -

Motivering

Bijlagen bij motivering: 1) Akoestisch onderzoek toelaten vand een geluidgevoelig gebouw Ursulinenklooster, TAMIMRO, aan de Breusterstraat 25/27 in Eijsden, Spider Monkey Consultancy, rapportnummer ROIV230706, d.d. 29.06.2024; 2) Verkennend bodemonderzoek Breusterstraat 27 te Eijsden, Geonius Milieu B.V., rapportnummer MA230543.R01.V1.0, d.d. 13.09.2023; 3) Stikstofdepositieonderzoek voor project herontwikkeling Ursulinenklooster te Eijsden, Embridge, rapportnummer Eji.Arc.25.DO.OW.01, d.d. 07.03.2025; 4) Quickscan ecologische waarden Ursulinenklooster Eijsden, Ecolybrium, rapportnummer 231478, d.d. 06.09.2023; 5) Weging van het waterbelang t.b.v. ontwikkeling Ursulinenconvent te Eijsden, Geonius, rapportnummer CA230004.002.R01.V3.0, d.d. 12.03.2025; 6) Rapportage vleermuisonderzoek Ursulinenklooster Eijsden, Ecolybrium, rapportnummer 24-1756, d.d. 21.10.2024; 7) Notitie ‘Beschouwing onderdeel geluid voor aanpassing bouwplan’, Spider Monkey Consultancy, kenmerk N ROIV230706-3 Breusterstraat 25 Eijsden, d.d. 17.04.2025; 8) Voortoets stikstofdepositie herontwikkeling Ursulinenklooster te Eijsden, Embridge, rapportnummer Eji.Arc.25.VS.OW.01, d.d. 20.03.2025.

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 3 -

Motivering

1 Inleiding d

1.1 Aanleiding Initiatiefnemer is voornemens het Ursulinenklooster in Eijsden te transformeren tot een wooncomplex met 40 appartementen en bijbehorende parkeervoorzieningen (zowel ondergronds als bovengronds). In de westvleugel van het oorspronkelijke kloostergebouw worden 10 appartementen gerealiseerd, de overige 30 appartementen worden gerealiseerd in een nieuwe aanbouw aan de westelijke zijde van het complex. Hiermee worden enerzijds wooneenheden gerealiseerd waaraan thans grote behoefte bestaat en anderzijds kan hierdoor het monumentale klooster gerestaureerd worden en levensvatbaar worden gemaakt op de lange termijn. In het cultuurhistorisch waardevolle klooster en de later aangebouwde delen bevinden zich thans diverse kleinschalige functies. De noordelijke cirkelvormige aanbouw waarin zich thans een gedeelte van een museum bevindt wordt gesloopt; het museum zal met behoud van dezelfde omvang behouden blijven in de westvleugel van het oorspronkelijke kloostergebouw. In de zuidwestelijke aanbouw bevindt zich thans een kinderdagopvang. Dit bouwdeel zal ook worden gesloopt om plaats te maken voor de beoogde nieuwbouw. Hiermee verdwijnt de functie van kinderopvang volledig op deze locatie.

Naast het museum, dat tevens over een ondergeschikte horecafunctie beschikt, zal in het oorspronkelijke kloostergebouw een aantal andere bestaande, kleinschalige functies behouden blijven, te weten: een therapeut gespecialiseerd in speltherapie, een kleinschalig bedrijf gespecialiseerd in workshops op het gebied van textiel en mode, een schildersatelier, een ambachtelijke kaasmakerij, ambachtelijke bierbrouwerij en een yogastudio. Het beoogde initiatief, dat met behoud van een aantal bestaande functies voorziet in de realisering van 40 appartementen en boven- en ondergrondse parkeervoorzieningen, past niet in het omgevingsplan Eijsden-Margraten, waarvan het bestemmingsplan ‘Eijsden’ onderdeel uitmaakt van het tijdelijke deel van dit omgevingsplan. Om de beoogde ontwikkeling mogelijk te maken dient het tijdelijke deel van het omgevingsplan te worden gewijzigd middels de vaststelling van voorliggend TAM-omgevingsplan. Hiermee kunnen de juiste functies (zoals ‘Wonen’) en bouwvlakken aan delen van het besluitgebied worden toegekend.

1.2 Besluitgebied Ligging Het besluitgebied is centraal in de kern Eijsden gelegen. Het besluitgebied omvat het Ursulinenklooster, en de gronden ten westen, zuidwesten en ten noorden van het klooster. Deze gronden zijn grotendeels ingericht als kloostertuin en parkeerterrein en deze structuur blijft zo veel mogelijk behouden. Tegen de west- en noordzijde van het kloostergebouw wordt de nieuwbouw aangebouwd ten behoeve van de beoogde appartementen. Ten zuidwesten van deze bebouwing wordt het bestaande parkeerterrein uitgebreid. Het besluitgebied heeft een oppervlakte van circa 9.900 m² en is kadastraal bekend als gemeente Eijsden, sectie D, nummers 7324 (gedeeltelijk), 8434 en 8435.

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 4 -

Motivering

De begrenzing van het besluitgebied behorende bij het voorliggende TAM-omgevingsplan is op de onderstaande kaart weergegeven: d

Situering besluitgebied

1.3 Het omgevingsplan Het onderhavige besluitgebied is thans juridisch-planologisch geregeld in het tijdelijk omgevingsplan (TOP) van de gemeente Eijsden-Margraten. In dit TOP is de juridische regeling van het voormalige bestemmingsplan ‘Eijsden’, het ‘Paraplu bestemmingsplan beeldbepalende panden en objecten Eijsden-Margraten’ en het ‘Parapluplan Parkeren Eijsden-Margraten’ geïntegreerd. Deze onderliggende regelingen komen in het navolgende aan de orde. Bestemmingsplan ‘Eijsden’ In het bestemmingsplan ‘Eijsden’ is het besluitgebied grotendeels bestemd tot ‘Gemengd’. Ter plaatse van deze bestemming zijn tevens de aanduidingen ‘karakteristiek’ (van toepassing op zowel het oorspronkelijke kloostergebouw als op de later aangebouwde delen), ‘horeca’ (ter plaatse van de horecafunctie aan de zuidzijde van het kloostergebouw), ‘maximum aantal bouwlagen: 4’ (ter plaatse van het oorspronkelijke deel van het kloostergebouw) en ‘maximum aantal bouwlagen: 1’ (ter plaatse van de aanbouwen aan de west- en noordzijde van het oorspronkelijke kloostergebouw). De kloostertuin aan de noordzijde van het klooster is voorzien van de aanduiding ‘specifieke vorm van gemengd – museumtuin’.

De tuin aan de zuidzijde het klooster is bestemd tot ‘Groen’, waarbij aan de zuidzijde van het klooster een terras is aangeduid middels de aanduiding ‘terras’ en het parkeerterrein ten zuidwesten van het klooster is bestemd tot ‘Verkeer’. Tevens is het volledige besluitgebied voorzien van de dubbelbestemming ‘Waarde – Cultuurhistorie’.

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 5 -

Motivering

De onderstaande afbeelding toont een uitsnede van de verbeelding behorende bij het bestemmingsplan ‘Eijsden’. De begrenzing van het onderhavige besluitgebied is op deze uitsnede middels een rode kleur weergegeven: d

Uitsnede verbeelding bestemmingsplan ‘Eijsden’

In het navolgende zijn de enkel- en dubbelbestemmingen die op het onderhavige besluitgebied van toepassing zijn kort beschreven. Enkelbestemming ‘Gemengd’ De tot ‘Gemengd’ bestemde gronden zijn bestemd voor: sociale doeleinden en culturele doeleinden in de vorm van een museum/expositieruimte/bibliotheek; een openlucht expositieruimte, ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van gemengd – museumtuin’; lichte horeca met een maximum bruto vloeroppervlak van 225 m², ter plaatse van de aanduiding ‘horeca’; detailhandel ten behoeve van en ondergeschikt aan de culturele doeleinden, met een bruto vloeroppervlak van 40 m²; verblijfshoreca, uitsluitend ter plaatse van de tweede en derde bouwlaag van het hoofdgebouw; studentenhuisvesting in de vorm van maximaal vier studentenkamers; doeleinden ten behoeve van het openbaar bestuur; de instandhouding en/of het herstel van aanwezige Rijksmonumenten, welke zijn opgenomen in ‘Bijlage 2 bij de regels: lijst van Rijksmonumenten’, mede gelet op de cultuurhistorische, stedenbouwkundige en/of landschappelijke waarde, ter plaatse van de aanduiding ‘karakteristiek’; waterhuishoudkundige voorzieningen. en overige bij deze bestemming behorende voorzieningen.

Enkelbestemming ‘Groen’ De voor ‘Groen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: (openbare) groenvoorzieningen (waaronder begrepen houtopstanden), trapvelden, speelplaatsen en plantsoenen met de daarbij behorende voetpaden en andere voorzieningen; TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 6 -

Motivering

-

een terras ter plaatse van de aanduiding ‘terras’; parkeervoorzieningen; waterhuishoudkundige voorzieningen.d

en overige bij deze bestemming behorende voorzieningen. Enkelbestemming ‘Verkeer’: De voor ‘Verkeer’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: verkeersvoorzieningen; geluidwerende voorzieningen; voorzieningen ten behoeve van het openbaar nut; parkeervoorzieningen; terrassen; groenvoorzieningen; waterhuishoudkundige voorzieningen. en overige bij deze bestemming behorende voorzieningen. Dubbelbestemming ‘Waarde – Cultuurhistorie’ De voor ‘Waarde – Cultuurhistorie’ aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud van ter plaatse bestaande cultuurhistorisch en oudheidkundig waardevolle elementen (monumenten) en patronen (verkavelingen, wegenpatronen, beplantingspatronen en het stedenbouwkundig beeld). Parapluplan Parkeren Eijsden-Margraten Dit paraplubestemmingsplan (vastgesteld d.d. 25.09.2018) is opgesteld om eenduidige parkeernormen voor de hele gemeente Eijsden-Margraten vast te leggen. De in dat plan opgenomen regeling is, conform de doeleinden van het paraplubestemmingsplan, overgenomen in het voorliggende TAM-omgevingsplan. Paraplubestemmingsplan ‘Beeldbepalende panden en objecten Eijsden-Margraten’ Het westelijke deel van het oorspronkelijke klooster alsmede de kapel aan de oostzijde van het kloostergebouw zijn gelegen binnen het paraplu bestemmingsplan ‘Beeldbepalende panden en objecten Eijsden-Margraten’.

In dit bestemmingsplan zijn deze bouwdelen voorzien van de dubbelbestemming ‘Waarde – Beeldbepalend’ en de functieaanduiding ‘specifieke vorm van waarde – beeldbepalend pand’. Deze dubbelbestemming en aanduiding zijn overgenomen op de verbeelding en in de regels behorende bij het voorliggende TAM-omgevingsplan. Strijdigheid met het tijdelijk omgevingsplan (TOP) van de gemeente Eijsden-Margraten De beoogde ontwikkeling van 40 appartementen – waarvan 30 appartementen in de beoogde nieuwbouw en 10 appartementen in het bestaande kloostergebouw – is strijdig met de juridische regeling van het bestemmingsplan ‘Eijsden’, die in het TOP van de gemeente Eijsden-Margraten is geïntegreerd. De woonfunctie is niet toegestaan op basis van de vigerende bestemming ‘ Gemengd’. Bovendien is de beoogde nieuwbouw buiten het op de verbeelding aangegeven bouwvlak geprojecteerd.

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 7 -

Motivering

1.4 Leeswijzer d De motivering bij dit TAM-omgevingsplan bestaat uit zeven hoofdstukken. Na dit inleidende eerste hoofdstuk wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving van het besluitgebied gegeven met de huidige ruimtelijke, functionele of andere structuren die daarbinnen aanwezig zijn en de toekomstige situatie. In hoofdstuk 3 worden de beleidskaders op nationaal, provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau weergegeven en wordt afgewogen of de voorliggende ontwikkeling daarbinnen inpasbaar is. In hoofdstuk 4 komen de aspecten van de fysieke leefomgeving aan de orde en worden onder andere de resultaten van uitgevoerde onderzoeken besproken. Hoofdstuk 5 beschrijft de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan en hoofdstuk 6 handelt over de opbouw van de juridische regeling van dit TAM-Omgevingsplan en voorziet onder meer in een artikelsgewijze bespreking van de planregels. In hoofdstuk 7 wordt afgesloten met de belangenafweging en eindconclusie.

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 8 -

Motivering

2 Planbeschrijving d

2.1 Bestaande situatie Het besluitgebied is gelegen in de kern Eijsden, in het zuidwestelijke gedeelte van de gemeente Eijsden-Margraten. Op de onderstaande luchtfoto is het besluitgebied middels een rode omlijning weergegeven:

Luchtfoto besluitgebied

Het besluitgebied is gelegen in het westelijke gedeelte van Eijsden en wordt omringd door woonstraten en het buitenzwembad van Eijsden (Zwembad De Treffer). Het besluitgebied behelst het kloostergebouw, de gronden ten noorden van het kloostergebouw en de gronden ten zuidwesten van het kloostergebouw, inclusief het parkeerterrein. De onbebouwde gronden rondom het klooster die binnen het besluitgebied zijn opgenomen vormen onderdeel van het Rijksmonument. Het besluitgebied is gelegen ten noorden van de Breusterstraat.

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 9 -

Motivering

De onderstaande afbeeldingen tonen de Breusterstraat ten westen van het besluitgebied, ter hoogte van de kruising met de Ursulinenstraat. d

De Breusterstraat in oostelijke richting

De Breusterstraat in westelijke richting

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 10 -

Motivering

Aan de westzijde van het besluitgebied ligt de Treffersteeg. Aan deze zijde van het klooster zijn een gemeenschapsvoorziening met horeca (Stichting Cultureel Centrum Eijsden), een kinderdagverblijf en een parkeerterrein gesitueerd. De onderstaande afbeeldingen geven hiervan een impressie. d

De Treffersteeg in noordelijke richting en het bestaande parkeerterrein ten zuidwesten van het klooster

Kinderdagverblijf ‘Aont Hoes’

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 11 -

Motivering

d

Stichting Cultureel Centrum Eijsden, met bijbehorend terras

Het gedeelte van de tuin dat zich aan de noordzijde van het kloostergebouw bevindt behoort tot het besluitgebied. De onderstaande afbeelding toont de noordgevel van het kloostergebouw en een klein gedeelte van het te slopen paviljoenvormige entreegebouw dat zich aan de noordzijde van het kloostergebouw bevindt.

Noordzijde kloostergebouw (bron: Ecolybrium)

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 12 -

Motivering

De onderstaande afbeeldingen tonen de voorgevel (zuidzijde) van het kloostergebouw en de kapel die zich aan de oostzijde van het kloostercomplex bevindt: d

De voorgevel (zuidgevel) van het Ursulinenklooster

De kapel aan de oostzijde van het klooster

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 13 -

Motivering

Historie Ursulinenklooster Ursulinenklooster van Breust In de jaren veertig van de 19de eeuw was er in d Eijsden een grote vraag naar lager onderwijs, waar de bestaande school nauwelijks aan kon voldoen. Op verzoek van pastoor Corten van Breust werden de Ursulinen uit Sittard gevraagd zich in Eijsden te vestigen om onderwijstaken uit te voeren. In 1849 werd hiervoor een huis met school gebouwd op een stuk land ten noorden van de Breusterstraat. Ook dit gebouwtje werd al snel te klein en in 1855 werd een nieuw schoolgebouw met een kapel op de verdieping gebouwd. Van 1856 nam de school ook pensionaires (leerlingen in de kost) aan en in 1884 werd een normaalschool opgericht, voor het opleiden van leraressen voor de lagere school. In de tweede helft van de 19de eeuw volgde de ene na de andere uitbreiding elkaar op, omdat het aantal leerlingen pensionaires en kloosterlingen in hoog tempo toe nam. Zo werd in 1881 een nieuw extranaat gebouwd, een gebouw voor de leerlingen die niet in het klooster verbleven. Deze vleugel kreeg de naam ‘Mariaschool’, waarschijnlijk vernoemd naar de gravin Marie de Geloes, die geld schonk voor de bouw. Het betreft de huidige westelijke vleugel. In 1892 werd een nieuw neogotisch kapelgebouw opgeleverd. In 1899 werd het huis uit 1849 gesloopt en de vleugel uit 1855 grotendeels herbouwd en vergroot.

In de eerste helft van de 20de eeuw beleefde de school hoogtijdagen, op de lastige tijden tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog na. Vanaf de jaren zestig vergrijsde de kloosterbevolking en door de secularisering van het onderwijs verhuisden de schoolfuncties één voor één naar andere locaties en gebouwen. Vanaf 1973 stonden de gebouwen bijna leeg. Het interieur van de kapel en de kloostergebouwen werd verplaatst naar andere ursulinenkloosters en andere religieuze instellingen. De Ursulinen verlieten tenslotte het klooster. Er waren plannen om het gehele complex te slopen, maar door weerstand bij de plaatselijke bevolking werd er uiteindelijk een herbestemmingsplan gemaakt voor het hoofdgebouw, de voormalige Mariaschool en de kapel. Ruimtelijke ontwikkeling van het kloostercomplex Het kloostercomplex ontwikkelde zich vanaf 1849 in een agrarisch gebied ten noorden van de Breusterstraat: tussen de kernen Eijsden en Breust in. De percelen waarop de kloostergebouwen in de tweede helft van de 19de eeuw gebouwd werden zijn op de kadastrale minuutkaart uit 1828 nog aangeduid als ‘boomgaarden’. Ten westen van deze percelen liep vanaf de Breusterstraat richting het noorden een smalle veldweg: de Treffersteeg. Vanuit de kleine woning annex school, die er in 1849 gebouwd werd, ontstond in een aanzienlijk aantal bouwfasen een groot complex van schoolen kloostergebouwen en een kapel.

De drie nog overgebleven gebouwen, te weten de voormalige Mariaschool (westvleugel), het voormalige hoofdgebouw (middenvleugel) en de kapel (oostzijde) kwamen tot stand in respectievelijk 1881, 1889 en 1892. Het hoofdgebouw verving een ouder, lager gebouw op die plek uit 1855. De kadastrale hulpkaart van deze verbouwing toont dat de vleugel bij de herbouw ook van contour veranderde: het volume werd een beetje zuidwaarts opgeschoven. In de loop van de 20ste eeuw groeiden de dorpskernen van Eijsden en Breust aan elkaar, maar de omgeving van het klooster bleef een groen karakter behouden, in de vorm van een park.

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 14 -

Motivering

Bron: Bouwhistorische verkenning voormalig Ursulinenconvent Eijsden, Buro4: Monument en Ruimte, maart 2023, drs. B.A.J.T. Dukers. d De oorspronkelijke hoofdtoegang van het kloostercomplex is gelegen aan de Breusterstraat. Via een smalle voetgangersingang en een kasseienpad kan de kloostertuin die zich aan de voorzijde (zuidzijde) van het klooster bevindt betreden. Dit zuidelijke gedeelte van de kloostertuin vormt geen onderdeel van het onderhavige besluitgebied. Het kloostergebouw was voorheen in gebruik als gemeentehuis van de toenmalige gemeente Eijsden. De muursteen met het opschrift ‘Gemeentehuis’ herinnert hier nog aan. De onderstaande afbeelding toont de ingang van het kloostercomplex aan de Breusterstraat:

Zuidelijke toegang Kloostercomplex, gelegen aan de Breusterstraat

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 15 -

Motivering

2.2 Toekomstige situatie d in het planologisch-juridisch mogelijk maken van de Het voorliggende TAM-omgevingsplan voorziet bouw van 40 appartementen, waarvan 30 appartementen in een nieuw te bouwen aanbouw aan de noordzijde van het klooster en 10 appartementen in de bestaande bebouwing (westvleugel) van het klooster. 2.2.1 Stedenbouwkundige aspecten In één eeuw tijd is het Ursulinenklooster uitgegroeid van een enkel gebouw tot een groot complex van orthogonaal geschakelde vleugels. Begin jaren ’80 is een groot gedeelte van het convent afgebroken, waarbij alleen de monumentale vleugels zijn gehandhaafd. Tevens is een bibliotheek en een nieuw entreegebouw aan de achterzijde aangebouwd. In de nieuwe stedenbouwkundige opzet zullen ook deze twee detonerende aanbouwen worden gesloopt, waardoor alleen de L-vormige structuur overblijft. Het nieuwe bouwvolume wordt aan de achterzijde (noordzijde) van het monument gerealiseerd, waardoor het beeld van de prachtig gedecoreerde voorgevel aan de parkzijde ongewijzigd blijft. De U-vormige uitbreiding refereert min of meer aan de oorspronkelijke opzet van het convent, waarbij de drie vleugels een binnentuin omsluiten. De vleugels zijn vier bouwlagen hoog, waarbij de twee vleugels die aansluiten op de achtergevel een extra bouwlaag hebben in de vorm van een mansardekap.

Het dak van de nieuwbouw blijft qua bouwhoogte onder goothoogte van het bestaande complex, waardoor de aanbouw ondergeschikt blijft. De appartementen zijn allemaal georiënteerd op het omliggende park en worden aan de binnentuinzijde ontsloten via een gesloten galerij. Het complex wordt voorzien van een ondergrondse parkeergarage en fietsenstalling voor de bewoners. Het nieuwe gebouw zal qua architectuur “een dialoog aangaan” met het monument. Refererend aan de kloosterarchitectuur is het gebouw ingetogen qua materialisatie, die bestaat uit baksteen en zinken daken. De raamopeningen zijn ritmisch gepositioneerd en de balkons worden geïntegreerd in de gevel, waardoor een rustig beeld ontstaat dat goed aansluit bij de bestaande kloostergevels.

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 16 -

Motivering

2.2.2 Bouwplan Door HVN Architecten is een bouwplan vervaardigd voor de realisering van 40 appartementen, d waarvan 10 appartementen in het oorspronkelijke kloostergebouw worden gerealiseerd en 30 appartementen in een nieuw te bouwen aanbouw worden gerealiseerd. In de kelder van zowel het oorspronkelijke bouwdeel als het nieuwbouwgedeelte worden bergingen gerealiseerd. In de kelder onder het nieuwbouwgedeelte worden tevens 32 parkeerplaatsen en een fietsenstalling gerealiseerd. Het nieuwbouwgedeelte bestaat deels uit 5 bouwlagen met een goot- en bouwhoogte van circa 12,5 respectievelijk circa 16,5 meter en deels uit drie bouwlagen met een goot- en bouwhoogte van circa 10 meter. De onderstaande afbeeldingen tonen een situatietekening van het gebouwencomplex in de bestaande situatie en een situatietekening van het mogelijke eindbeeld.

Situatietekening huidige situatie (bron: HVN Architecten)

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 17 -

Motivering

d

Situatietekening mogelijk eindbeeld (bron: HVN Architecten)

De onderstaande afbeelding toont een impressie van de toekomstige situatie vanuit zuidwestelijke richting. Op de afbeelding zijn de appartementen met balkons in het zuidwestelijke gedeelte van het kloostergebouw alsmede de nieuwe aanbouw aan de achterzijde (noordzijde) van het kloostergebouw zichtbaar. Ook de hellingbaan van de toerit naar de ondergrondse parkeervoorziening alsmede een gedeelte van de parkeerplaatsen op maaiveldniveau zijn zichtbaar.

3D-impressie toekomstige situatie in vogelvlucht (HVN Architecten)

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 18 -

Motivering

2.2.3 Parkeren Het onderhavige bouwplan voorziet in de drealisering van 40 appartementen met de volgende onderverdeling: 8 betaalbare koopappartementen (met een betaalbaarheidsgrens van € 405.000,- (prijspeil 2025), hiervan mogen maximaal 6 appartementen worden omgevormd tot huurappartement voor de middeldure huur (max. € 1.184,- per maand (prijspeil 2025)); 16 betaalbare koopappartementen (tot max. de NHG-grens); 16 koopappartementen hogere segment (vanaf NHG-grens). Parkeerbehoefte Locatie Gelet op de bepaling van de parkeerbehoefte conform de thans gebruikte methodiek (op basis van de richtcijfers van het CROW) in de gemeente Eijsden-Margraten is Eijsden gekwalificeerd als ‘centrum’, met de stedelijkheidsgraad ‘weinig stedelijk’. Saldering functies Naast de realisering van de nieuwe appartementen komen bestaande functies (deels) te vervallen. Het kinderdagverblijf/buitenschools opvang (BSO) dat zich in de bestaande situatie aan de westzijde van het kloostergebouw bevindt zal in de toekomstige situatie komen te vervallen. Het kinderdagverblijf had een bruto vloeroppervlakte van 225 m². Het museum dat zich in de bestaande situatie in de noordelijke paviljoenaanbouw en in het oorspronkelijke kloostergebouw bevindt, zal in de toekomstige situatie in kleinere vorm blijven bestaan. Hierbij komt 1.500 m² aan gebruiksoppervlakte te vervallen.

De te schrappen bruto vloeroppervlakte van het kinderdagverblijf/BSO en het museum kunnen worden gesaldeerd in de toekomstige parkeerbalans. In de navolgende tabel zijn de parkeernormen voor de verschillende categorieën appartementen alsmede te schrappen bruto vloeroppervlakte van het kinderdagverblijf en het museum verrekend.

Functie

Aantal

Parkeerbalans Ursulinenklooster Eijsden (Centrum, weinig stedelijk) Min. Max. Gem. Parkeernorm Parkeernorm Parkeernorm 0,9 1,7 1,3

Appartementen 8 koop betaalbaar Appartementen 16 1,0 koop middel Appartementen 16 1,2 koop duur BSO -225 m² 0,9/ 100 m² Museum -1.500 m² 0,5/100 m² Totale parkeerbehoefte na saldering

Benodigde parkeerplaatsen 10,4

1,8

1,4

22,4

2,0

1,6

25,6

1,1/100 m² 0,7/100 m²

1,0/100 m² 0,6/100 m²

- 2,25 -9,0 47,15 (48)

Uit de bovenstaande tabel blijkt dat het plan, na saldering, een parkeerbehoefte genereert van 47,15 parkeerplaatsen. Het bouwplan voorziet in een ondergrondse parkeerkelder bestaande uit 32 parkeerplaatsen en 24 parkeerplaatsen op maaiveld (18 op eigen terrein en 6 in het openbaar gebied). Hiermee worden in totaal 56 parkeerplaatsen gerealiseerd, waarmee ruimschoots wordt voldaan aan de parkeernorm van 48 parkeerplaatsen. Geconcludeerd kan worden dat er wordt voldaan aan de parkeernormen.

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 19 -

Motivering

2.2.4 Verkeer Verkeersgeneratie nieuwe appartementen d Voor het vergelijken van de verkeersgeneratie in de bestaande situatie en de toekomstige situatie is gebruik gemaakt van de verkeersgeneratiecijfers die in de publicatie ‘Toekomstbestendig parkeren, van parkeercijfers naar parkeernormen’ van het CROW (kennisplatform voor infrastructuur, openbare ruimte, verkeer en vervoer en werk en veiligheid) zijn opgenomen. In de onderstaande tabel zijn verkeersbewegingen van de nieuwe appartementen weergegeven: functie

koop, appartement, duur koop, appartement, midden koop, appartement, betaalbaar Totaal

Verkeersbewegingen per woning per weekdag (maximaal) 7,6

Aantal woningen 16

Totaal aantal verkeersbewegingen per weekdag 121,6

6,2

16

99,2

5,6

8

44,8

265,6 (266)

Saldering verkeersgeneratie vervallen functies Zoals reeds aangegeven, komt de huidige BSO volledig te vervallen. Deze BSO kent in de huidige situatie een bruto vloeroppervlakte van 225 m². Een BSO kent een verkeersgeneratie van 27,9 verkeersbewegingen per 100 m² bruto vloeroppervlakte. Dit resulteert in een verkeersgeneratie van (afgerond) 63 verkeersbewegingen. Deze verkeersbewegingen kunnen worden gesaldeerd op de totale verkeersgeneratie van het plan. Het museum wordt verkleind, waarbij in totaal 1.500 m² aan bruto vloeroppervlakte (bvo) komt te vervallen. De CROW kent geen kengetallen voor de verkeersgeneratie van een museum. Uit de parkeerkencijfers blijkt echter dat op basis van een parkeernorm van 0,6 parkeerplaatsen per 100 m² bvo de parkeerbehoefte van het museum afneemt met 9 parkeerplaatsen. Er vanuit gaande dat elke parkeerplaats tweemaal daags wordt bezet, hetgeen tot (9 x 4) 36 verkeersbewegingen per dag genereert. Deze verkeersbewegingen worden gesaldeerd op de totale verkeersgeneratie van het plan. In totaal kunnen (63 + 36 =) 99 verkeersbewegingen worden gesaldeerd. Dit betekent dat het plan leidt tot een toename van (266 – 99) 167 verkeersbewegingen per dag. Deze toename van het aantal verkeersbewegingen wordt gezien de locatie en gezien het feit dat ruim voldoende parkeerplaatsen worden gerealiseerd, aanvaardbaar geacht.

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 20 -

Motivering

2.3 Toetsing aan omgevingsplan Tijdelijk omgevingsplan Eijsden-Margraten d De vigerende planologisch-juridische situatie is besproken in paragraaf 1.3 van deze motivering. De strijdigheid met het tijdelijk omgevingsplan Eijsden-Margraten is gelegen in het volgende. De beoogde ontwikkeling van 40 appartementen – waarvan 30 appartementen in de beoogde nieuwbouw en 10 appartementen in het bestaande kloostergebouw – is strijdig met de functie ‘Gemengd’. De woonfunctie is binnen deze functie niet toegestaan. Bovendien is de beoogde nieuwbouw buiten het op de verbeelding aangegeven bouwvlak geprojecteerd. Deze constateringen leiden tot de conclusie dat het beoogde bouwplan strijdig is met het tijdelijk omgevingsplan Eijsden-Margraten.

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 21 -

Motivering

3 Beleid en regelgeving d

3.1 Rijksbeleid en Rijksregels 3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) In de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Nederland staat voor een aantal urgente maatschappelijke opgaven, die zowel lokaal als regionaal, nationaal en internationaal spelen. Grote en complexe opgaven, zoals klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw zullen Nederland flink veranderen. Met de NOVI biedt het Rijk een perspectief om deze grote opgaven aan te pakken. Omgevingskwaliteit is het kernbegrip: dat wil zeggen ruimtelijke kwaliteit én milieukwaliteit. Met inachtneming van maatschappelijke waarden en inhoudelijke normen voor bijvoorbeeld gezondheid, veiligheid en milieu. De NOVI stelt daarbij een nieuwe aanpak voor: integraal, samen met andere overheden en maatschappelijke organisaties en met meer urgentie vanuit het Rijk. Met steeds een zorgvuldige afweging van belangen wordt gewerkt aan de prioriteiten: ruimte voor klimaatadaptie en energietransitie, een duurzaam (circulair) economisch potentieel, sterke en gezonde steden en regio’s en een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Vanuit de NOVI geeft het Rijk kaders en richting voor zowel nationale als decentrale keuzes.

Onderhavig plan Eén van de uitgangspunten die in de NOVI zijn vastgelegd is de ambitie om te komen tot aantrekkelijke en gezonde steden en te voorzien in de grote, actuele woningbehoefte. Met de realisering van van het onderhavige bouwplan in de kern van Eijsden levert het onderhavige plan een bijdrage aan deze ambitie. 3.1.2 Instructieregels Rijk (AMvB’s) Artikel 8.0b, lid 1 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (hierna: Bkl) bepaalt dat bij een aanvraag om een BOPA of bij een wijziging van het omgevingsplan de instructieregels in hoofdstuk 5 van het Bkl, de provinciale instructieregels en eventuele instructies het beoordelingskader vormen. Een omgevingsvergunning voor een BOPA wordt geweigerd indien de activiteit zou leiden tot een situatie die niet is toegelaten op grond van deze instructieregels, of indien sprake is van een voorbeschermingsregel of indien de activiteit het uitvoeren van een projectbesluit van provincie of Rijk belemmert. Onderhavig plan Vanuit afdeling 5.1 van het Bkl (Instructieregels met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties) gelden voor het onderhavige besluitgebied met name instructieregels voor het waarborgen van de veiligheid, het beschermen van waterbelangen, het beschermen van de gezondheid en van het milieu en de bescherming van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden.

Deze aspecten komen in het navolgende aan de orde. Waarborgen van de veiligheid In Bijlage VI van het Bkl onder C. sub a. is aangegeven dat woningen gezien moeten worden als een kwetsbaar gebouw. Volgens de huidige, beschikbare Atlas Leefomgeving is het besluitgebied niet gelegen binnen explosie-, brand of gifwolkaandachtsgebieden van infrastructuur en/of bedrijven met gevaarlijke stoffen. Vanuit de instructieregels van het Rijk is er geen belemmering voor deze ontwikkeling. Wel dient op basis van het gemeentelijke externe veiligheidsbeleid aandacht te worden besteed aan het groepsrisico als gevolg van de toename van woningen. Dit aspect is verder uitgewerkt in paragraaf 4.6 van deze motivering.

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 22 -

Motivering

Beschermen van de waterbelangen In pargraaf 5.1.3 Bkl zijn instructieregels voor de bescherming van de waterbelangen opgenomen. Het gaat dan hoofdzakelijk om primaire waterkeringen, kustfundamenten, grote rivieren en grote d wateren. Deze zijn voor het voorliggende plan niet relevant, aangezien het onderhavige besluitgebied buiten het stroomvoerend rivierbed of het waterbergend winterbed van waterwegen gelegen is. Wél is de algemene instructieregel zoals vastgelegd in artikel 5.37 Bkl relevant, die aangeeft dat rekening moet worden gehouden met de gevolgen voor het (beheer van het) watersysteem. Welke aspecten voor het voorliggende plan daarbij aan de orde zijn is verwoord in paragraaf 4.8 van deze motivering. Beschermen van de gezondheid en van het milieu In paragraaf 5.1.4 van het Bkl zijn instructieregels opgenomen van milieuhygiënische aard. Het befreft de aspecten luchtkwaliteit, geluid door activiteiten, geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen, trillingen, windturbines, bodemkwaliteit en geur. Deze aspecten komen - voor zover relevant voor het onderhavige besluitgebied - aan de orde in paragraaf 4.2 tot en met 4.5 van deze motivering. Beschermen van landschappelijke en stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed In paragraaf 5.1.1.5 (artikel 5.130) is het belang van het behoud van het cultureel erfgoed vastgelegd (zowel erfgoed als archeologie).

Naast instructieregels ter voorkoming van aantasting van cultureel erfgoed en archeologische monumenten is tevens de mogelijkheid opgenomen om in het omgevingsplan onderzoek naar archeologische waarden verplicht te stellen. Daarbij geldt te allen tijde een ondergrens van 100 m² voor archeologisch onderzoek. Meer hierover in relatie tot dit plan is opgenomen in paragraaf 4.9 van deze motivering. In paragraaf 5.1.5.4 (artikel 5.129g. van het Bkl, ‘zorgvuldig ruimtegebruik en tegengaan van leegstand’) is de motiveringseis van de ladder voor duurzame verstedelijking opgenomen. Met toepassing van deze motiveringsplicht worden nieuwe stedelijke ontwikkeling gemotiveerd en afgewogen met oog voor de ruimtevraag, de beschikbare ruimte en de ontwikkeling van de omgeving waarin dit gebied ligt. Deze motivering is in het navolgende opgenomen. De Ladder voor duurzame verstedelijking voor onderhavig plan Allereerst dient de voorvraag te worden gesteld of sprake is van een stedelijke ontwikkeling. Een stedelijke ontwikkeling is een ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.

Onderhavig plan Voorvraag: is sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling? De ladder van duurzame verstedelijking is van toepassing op stedelijke ontwikkelingen die plaatsvinden buiten het bestaand stedelijk gebied van een gemeente. De definitie van een ‘stedelijke ontwikkeling’ is beschreven in artikel 5.129g van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Het begrip ‘stedelijke ontwikkeling’ staat in dit artikel als volgt omschreven: “Stedelijke ontwikkeling: ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen”. Voorvraag: is er sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling? Alvorens het onderhavige bouwplan te toetsen aan de Ladder voor duurzame verstedelijking dient eerst de voorvraag te worden beantwoord: is sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling (NSO)? Een NSO is een ruimtelijke ontwikkeling van bijvoorbeeld een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen. Volgens jurisprudentie is de Ladder van toepassing op functieveranderingen en nieuwbouw van een ‘zekere omvang’. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in eerdere uitspraken kaders gegeven over welke ontwikkelingen als een ‘nieuwe stedelijke ontwikkeling’ moeten worden beschouwd.

Uit Afdelingsjurisprudentie blijkt dat de vraag wanneer sprake is van een nieuwe TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 23 -

Motivering

stedelijke ontwikkeling in grote mate casuïstisch wordt beantwoord. Zo heeft de Afdeling uitgemaakt dat de volgende ontwikkelingen niet als nieuwe stedelijke ontwikkeling kwalificeren: enkele gebouwen voor verblijfsrecreatie, de aanlegdvan een weg, een windpark met 35 windturbines, een bedrijfsgebouw met een oppervlakte van maximaal 400 m² en 11 woningen. Uit het voorgaande kan worden geconcludeerd dat het onderhavige plan, waarin sprake is van de toevoeging van 40 woningen, dient te worden gezien als een woningbouwlocatie en hiermee wordt aangemerkt als een nieuwe stedelijke ontwikkeling. De behoefte aan de woningen is gemotiveerd in de paragrafen 3.2 en 3.3 en 3.6 van deze motivering. Overige instructieregels Voor het overige zijn er vanuit afdeling 5.1 geen instructieregels van het Rijk van toepassing op het onderhavige besluitgebied. 3.1.3 Conclusie Resumerend kan worden aangegeven dat voldaan wordt aan het Rijksbeleid en dat op basis van de uitwerkingen in hoofdstuk 4 van deze motivering ook aan de instructieregels van het Rijk zoals opgenomen in het Bkl kan worden voldaan.

3.2 Provinciaal beleid en provinciale regels 3.2.1 Provinciale Omgevingsvisie In het kader van de toekomstige Omgevingswet hebben Gedeputeerde Staten van de provincie Limburg d.d. 01.10.2021 de Provinciale Omgevingsvisie (POVI) vastgesteld. Om goed in te kunnen spelen op de Limburgse kansen en uitdagingen in de leefomgeving is een visie nodig voor de langere termijn (2030-2050), waarin allerlei onderwerpen aan bod komen, zoals wonen, bodem, infrastructuur, energie, economie, landbouw, water, natuur, landschap en cultureel erfgoed, maar ook gezondheid en de gezonde leefomgeving. Zo geeft de Omgevingsvisie richting aan de manieren waarop Limburg klaargemaakt wordt voor de toekomst. De provincie zoekt naar de balans tussen het beschermen én benutten van de fysieke leefomgeving waarin we leven, wonen, werken, leren en vrije tijd besteden. Afwegingen hierbinnen geschiedt op basis van de onderstaande Limburgse principes: - streven naar een inclusieve, gezonde en veilige samenleving die uitnodigt tot ontmoeten, recreëren en maatschappelijke betrokkenheid; - de kenmerken en identiteit van gebieden staan centraal. Een gebiedsgerichte aanpak is de basis voor samenwerking met andere partijen en initiatiefnemers. Er is dus ruimte voor maatwerk. - meer stad, meer land. Stedelijke functies worden geconcentreerd in compacte steden en dorpen.

Landelijke gebieden worden als tegenhanger van de drukkere stedelijke gebieden ontwikkeld. - zorgvuldig omgaan met de ruimte en voorraden, zowel onder- als bovengronds. Ingezet wordt op een sociaal-economische ontwikkeling zonder vraagstukken af te wentelen naar de volgende generaties. In lijn met de Omgevingswet gaat de Omgevingsvisie uit van het voorzorgsbeginsel; preventief handelen, milieuaantastingen bij voorrang aan de bron bestrijden en de vervuiler betaalt. In onze afwegingen worden naast de impact op mens, economie en welvaart ook de impact op de omgeving en het milieu beschouwd. Er wordt gestreefd naar functiecombinaties en het optimaal benutten van bestaande functies. Compacte steden blijven het uitgangspunt. Nieuwe stedelijke ontwikkelingen moeten zoveel mogelijk een plek krijgen binnen het bebouwd gebied. Dit om de diversiteit tussen stad en land, tussen dynamisch en rustiger en tussen wonen, werken en recreëren als kwaliteit van de TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 24 -

Motivering

leefomgeving te kunnen behouden. Daarbij is er aandacht voor compacte binnensteden, het behoud van basisvoorzieningen en leefbaarheid. d Onderhavig plan Limburgse principes-algemeen Het onderhavige besluitgebied is conform de bij de POVI behorende kaart ‘Limburgse principes’ gelegen in de zone ‘Landelijke kern’. De leefbaarheid en vitaliteit van de kernen in het landelijk gebied is belangrijk. Een aantal kernen vervult op sommige terreinen een regionale verzorgende functie met onderwijs, zorg, cultuur, winkels en werklocaties. De zorg voor een goede kwaliteit van de leefomgeving en een goede bereikbaarheid zijn hier belangrijke uitgangspunten. Limburgse steden en dorpen moeten ook in de toekomst een aantrekkelijke en leefbare basis voor de inwoners zijn. de Limburgse steden en dorpen krijgen de komende decennia te maken met grote gecompliceerde vraagstukken en transities. Bij veel vraagstukken in het bebouwd gebied geldt dat de overheid, maatschappelijke organisaties en het bedrijfsleven samen oplossingen moeten vinden. Een belangrijke rol ligt bij de gemeenten. Een toenemend aantal vraagstukken overstijgt echter het lokale niveau en vraagt om gezamenlijk optrekken van gemeenten in regionaal verband. Limburgse principes-woningbouw Limburg kent verstedelijkte en landelijke gebieden. Deze maken deel uit van een grensoverschrijdend netwerk van steden en landschappen.

De provincie wil de variatie in gebieden koesteren en zet zowel in op duurzame verstedelijking als op de transitie van het landelijk gebied. Dit houdt in dat steden en dorpen compact blijven en stedelijke functies daar geconcentreerd worden. Nieuwe stedelijke ontwikkelingen horen in principe thuis in bestaand bebouwd gebied. Volgens de POVI wordt onder bestaand bebouwd gebied (in relatie tot wonen) het stedenbouwkundig samenspel oftewel samenhangende structuur van op korte afstand van elkaar gelegen bebouwing verstaan, met een overwegende woonfunctie, waar veel mensen per oppervlakte eenheid daadwerkelijk wonen. Feitelijk onderscheidt de provincie binnen bestaand bebouwd gebied drie categorieën: stedelijk gebied, landelijke kernen en linten/clusters. Geconcludeerd kan worden dat het besluitgebied is gelegen in een landelijke kern en daarmee binnen het door de provincie gedefinieerde ‘bestaand bebouwd gebied’. Het plan past daarmee binnen de uitgangspunten van de Omgevingsvisie Limburg. Ten aanzien van het thema wonen is voorts aangegeven dat een woningaanbod/planvoorraad gewenst is waarbij vraag en aanbod in evenwicht zijn, zowel in kwalitatief als kwantitatief opzicht. Derhalve voldoende woningen van de juiste kwaliteit op de juiste plek. Alle woningbouwontwikkelingen worden beschouwd als provinciaal belang.

Het onderhavige plan voorziet in de toevoeging van 40 koopappartementen, waarvan maximaal zes appartementen kunnen worden omgezet naar middeldure huurappartementen. De onderstaande appartementen worden gerealiseerd: 8 betaalbare koopappartementen (met een betaalbaarheidsgrens van € 405.000,- (prijspeil 2025), hiervan mogen maximaal 6 appartementen worden omgevormd tot huurappartement voor de middeldure huur (max. € 1.184,- per maand (prijspeil 2025)); 16 betaalbare koopappartementen (tot max. de NHG-grens); 16 koopappartementen hogere segment (vanaf NHG-grens). Alle bovengenoemde koopprijzen betreffen prijzen ‘vrij op naam’. De appartementen zijn met name geschikt voor senioren: alle appartementen worden zodanig vormgegeven dat zijn zorggeschikt (kunnen) zijn (BAT-score 4 / BAT: BouwAdvies Toegankelijk). Dit betekent dat alle appartementen rolstoeltoegankelijk zijn. Daarmee levert het initiatief een bijdrage aan de kwalitatieve behoefte aan seniorenwoningen in de gemeente Eijsden-Margraten. Deze ontwikkeling wordt dan ook als een positieve ontwikkeling beschouwd. Een toetsing aan het regionale en gemeentelijke woningbouwbeleid is beschreven in de paragrafen 3.4 en 3.6 van deze motivering. TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 25 -

Motivering

3.2.2 Instructieregels provincie (Omgevingsverordening) Artikel 8.0b, lid 1 van het Bkl bepaalt dat bij een d aanvraag om een omgevingsplanwijziging, naast de instructieregels van het Rijk ook de provinciale instructieregels en eventuele instructies het beoordelingskader vormen. Onderhavig plan Vanuit de Omgevingsverordening gelden voor het onderhavige besluitgebied, gelet op de inhoud van het plan, instructieregels voor woningbouw, klimaatadaptatie, het beschermingsgebied Einstein Telescope, het uitslutingsgebied windturbines en de overstromingskans. Deze aspecten komen in het navolgende aan de orde. Woningbouw In paragraaf 12.1.1 van de Omgevingsverordening is de instructieregel opgenomen dat de motivering bij een ruimtelijk plan dat betrekking heeft op de realisatie van één of meerdere woningen beschrijft dat: a) rekening is gehouden met de hoofdstukken 3 (Limburgse principes en algemene zonering) en hoofdstuk 5 (Wonen en leefomgeving) van de provinciale Omgevingsvisie; b) sprake is van behoefte in kwaliteit en kwantiteit op basis van actueel onafhankelijk regionaal behoefteonderzoek; c) over de behoefte aan realisatie van deze woningen overeenstemming bestaat binnen de regio Noord-Limburg of Midden-Limburg of Zuid-Limburg.

De regio’s bepalen eigenstandig de regionale overeenstemming, organiseren hun eigen regionale overleggen en dragen zorg voor actuele regionale woonvisies en regionale onderzoeken; d) het ruimtelijk plan is opgenomen in de Limburgse systematiek van monitoring; e) realisatie van de woningen beoogd is binnen vijf jaar na vaststelling van het ruimtelijk plan en dat, als deze termijn niet wordt gehaald, hoe en wanneer de mogelijkheid van realisatie van deze woningen komt te vervallen. Onderhavig plan Het onderhavige plan voldoet aan de gestelde criteria. Aan het criterium onder sub a. wordt voldaan, hetgeen reeds is beschreven in deze ruimtelijke motivering onder het kopje ‘Provinciale Omgevingsvisie’. Ten aanzien van sub b. kan worden aangegeven. Vooraf: Woondeal Limburg Op 9 maart 2023 is de Woondeal Limburg ondertekend door de Minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, de provincie Limburg, alle Limburgse gemeenten, Waterschap Limburg en de Limburgse woningcorporaties. De Woondeal Limburg is de regionale uitwerking van de Nationale Woon- en Bouwagenda. Met de Nationale Woon- en Bouwagenda wil de Rijksoverheid het woningtekort in heel Nederland terugdringen. De nationale opgave betreft de bouw van 980.000 woningen tot en met 2030, waarvan twee derde in het betaalbare segment.

In Limburg hebben de gezamenlijke gemeenten en de provincie met elkaar afgesproken 26.550 woningen voor de periode tot en met 2030 te bouwen. Eveneens hebben de partners een ambitie genoemd om 20.000 extra woningen te bouwen indien de situatie erom vraagt. In de Woondeal Limburg is afgesproken om in de eerste periode (2022-2024) 16.561 woningen toe te voegen. Op 7 november 2023 is de Woonmonitor 2023 van de provincie Limburg verschenen. Dit is een rapportage waarin de relevante en actuele ontwikkelingen op de Limburgse Woningmarkt worden geschetst aan de hand van de meest recente beschikbare cijfers. De Woonmonitor 2023 biedt een verscherpt en geactualiseerd beeld van de situatie op de Limburgse woningmarkt. De belangrijkste constateringen zijn dat de bevolking van Limburg in 2022, in tegenstelling tot de afgelopen tien jaar, is gegroeid en dat er ruim 4.500 woningen zijn gerealiseerd. Hiermee liggen de ambities uit de (in het voorgaande genoemde) Limburgse Woondeal op koers. Helder is dat in TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 26 -

Motivering

Limburg met name sprake is van een kwalitatieve woonopgave. De ingezette lijn van de Limburgse Agenda Wonen 2020-2023 wordt daarmee verder bekrachtigd. Het blijft dus van belang om plannen die voorzien in een urgente woonbehoefted(voor senioren, starters, internationale werknemers, spoedzoekers, in de sociale en middeldure huur) met voorrang te realiseren en de bestaande woningvoorraad toekomstbestendig te transformeren. Het aantal inwoners en aantal huishoudens in Limburg zullen volgens de prognoses de komende jaren blijven groeien. De bevolkingspiek ligt volgens de Progneff-prognose 2023 voor Zuid-Limburg rond 2025. De huishoudenspiek ligt voor Zuid-Limburg eveneens rond 2025. Volgens de Progneffprognose 2023 zal alleen het aantal 75-plushuishoudens de komende jaren stijgen. Alle andere huishoudenstypen nemen af. De vraag naar woningen die geschikt zijn voor één- en tweepersoonshuishoudens, in het bijzonder 75-plussers, zal groot blijven. Om een nieuwe, toekomstbestendige functie aan het RIjksmonumentale klooster te geven worden tien appartementen binnen de bestaande bebouwing van het klooster gerealiseerd. Op drie appartementen na (private huursector), bestaat het bouwplan uit koopappartementen voor senioren in diverse prijsklassen. Er wordt een ontmoetingsruimte gerealiseerd waar de bewoners elkaar kunnen ontmoeten.

Tevens worden de appartementen en de liftinstallatie zodanig ontworpen dat deze naar de toekomst toe zorggeschikt zijn. Het bouwplan voldoet aan BAT-score 4. Dit betekent dat het wooncomplex rolstoeltoegankelijk en zorggeschikt zal zijn. Geconcludeerd kan dan ook worden dat het bouwplan niet alleen voorziet in appartementen voor senioren - waar gelet op de Woonmonitor grote behoefte aan bestaat – maar tevens wordt hiermee aangesloten op het beleid omtrent zorggeschikt woningen, dat aanstuurt op het langer thuis blijven wonen door senioren. Hierbij dient uitdrukkelijk te worden vermeld dat het onderhavige initiatief geen (intramurale) zorgwoningen betreft, maar dat wel rekening wordt gehouden met een eventuele toekomstige zorgvraag van bewoners. Hiermee wordt voldaan aan sub .b. Ten aanzien van sub c. kan worden aangegeven dat op basis van de Regionale Woonvisie ZuidLimburg woningbouwplannen dienen te worden afgestemd. Het plan is regionaal afgestemd en akkoord bevonden. Ten aanzien van sub d. zal de gemeente Eijsden-Margraten zorg moeten dragen voor het opnemen van de extra woning in de monitoringssystematiek van de provincie Limburg. Ten aanzien van sub e. kan worden aangegeven dat de woning zeker binnen de aangegeven periode van vijf jaar zal worden gerealiseerd. Dit zal vastgelegd worden in de anterieure overeenkomst met de initiatiefnemer.

Het voorliggende plan kan voldoen aan de in de Omgevingsverordening aangegeven criteria ten aanzien van nieuwe woningen. Klimaatadaptatie Conform artikel 3.5 van de OvL bevat de motivering bij een ruimtelijk plan dat een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling mogelijk maakt een beschrijving van de wijze waarop in het plan rekening is gehouden met de risico’s en gevolgen van klimaatverandering en de maatregelen en voorzieningen die worden getroffen om de risico’s en gevolgen van klimaatverandering te voorkomen of te beperken en de afweging die daarbij is gemaakt op het gebied van wateroverlast, overstroming en droogte. Door klimaatverandering nemen hittestress, wateroverlast, droogte en de kans op overstromingen toe. Dat levert risico’s op voor onze gezondheid, veiligheid en economie. Daarnaast staan de kwaliteit van de natuur en de biodiversiteit onder druk. Ook in de gebouwde omgeving. Het is van groot belang dat de gemeente zich aanpast aan deze veranderingen. De overheid, maatschappelijke organisaties, inwoners en bedrijven werken aan de benodigde aanpassingen voor het omgaan met extreme weersomstandigheden en het versterken van de biodiversiteit, zodat dit het nieuwe normaal wordt. De afwegingen inzake klimaatadaptatie zijn opgenomen in paragraaf 4.10 van deze motivering.

TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 27 -

Motivering

Beschermingsgebied Einstein Telescope In de Omgevingsverordening is aangegeven dat een plan dat betrekking heeft op een gebied binnen het beschermingsgebied ‘Einstein Telescope’ d geen activiteiten toelaat die zijn genoemd in artikel 16.1. Deze activiteiten betreffen het plaatsen of hebben van een windturbine, het uitvoeren van een ontgronding met uitzondering van een ontgronding die op grond van de verordening vergunningvrij is of het plegen van een boring of andere ingreep in de bodem dieper dan 100 meter beneden het maaiveld. Van deze activiteiten is in het onderhavige plan geen sprake. Uitslutingsgebied windturbines In artikel 13.1 is aangegeven dat een omgevingsplan dat betrekking heeft op het uitsluitingsgebied windturbines, binnen dat gebied geen plaatsing van een windturbine met een masthoogte van 25 meter of hoger toelaat. Van deze activiteiten is in het onderhavige plan geen sprake. Overstromingskansgebied E Met het oog op de bergings- en afvoercapaciteit waarop regionale wateren moeten zijn ingericht geldt voor overstromingskansgebied E een gemiddelde overstromingskans van 1:100 per jaar als omgevingswaarde. Deze omgevingswaarde is een inspanningsverplichting voor het Waterschap Limburg. De gemeente of de initiatiefnemer van dit plan hebben hier geen rol in.

3.2.3 Conclusie Geconcludeerd kan worden dat er voldaan wordt aan de Provinciale Omgevingsvisie omdat de nieuwe woningen worden gerealiseerd in bestaand bebouwd gebied. Daarnaast kan op basis van de beleidsmatige uitwerkingen in paragraaf 3.4 en 3.6 en de aspecten van de fysieke leefomgeving in hoofdstuk 4 van deze motivering worden voldaan aan de instructieregels vanuit de Omgevingsverordening.

3.3 Omgevingswaarden Omgevingswaarden zijn bedoeld voor het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. Ook ondersteunen ze bij het zorgen voor een goede omgevingskwaliteit. Een omgevingswaarde is een van de instrumenten waarmee overheden het beleid van een omgevingsvisie kunnen uitvoeren. Hiermee kan de gemeente, provincie of het Rijk de kwaliteit vastleggen die ze voor de fysieke leefomgeving wil bereiken. Deze kwaliteit moet objectief vast te stellen en meetbaar zijn. Het gaat dan bijvoorbeeld om waarden voor de luchtkwaliteit of de waterkwaliteit. Omgevingswaarden van het Rijk volgen vaak uit Europese of andere internationale verplichtingen. De Rijksomgevingswaarden staan in Hoofdstuk 2 van het Besluit kwaliteit leefomgeving. Het Rijk heeft in het Bkl, op grond van artikel 2.15 lid 1 van de Omgevingswet, omgevingswaarden vastgesteld voor de luchtkwaliteit, de kwaliteit van het oppervlaktewater en het grondwater, de zwemwaterkwaliteit, de veiligheid van primaire waterkeringen en de veiligheid van andere dan primaire waterkeringen in beheer bij het Rijk. De provincie is verplicht om omgevingswaarden te stellen voor watersystemen. De provincie stelt omgevingswaarden vast in de omgevingsverordening. Vanuit de Omgevingsverordening Limburg is een omgevingswaarde voor de overstromingskans opgenomen voor dit gebied.

Deze is besproken in subparagraaf 3.2.2. Los van deze verplichtingen mogen gemeenten, Rijk en provincies ook voor andere onderwerpen omgevingswaarden stellen. Voor bijvoorbeeld de geur van veehouderijen of voor lichthinder zijn ook omgevingswaarden denkbaar. Gemeenten mogen alleen omgevingswaarden vaststellen op terreinen waar Rijk of provincie geen omgevingswaarden hebben vastgesteld. Voor dit besluitgebied zijn (nog) geen omgevingswaarden vastgesteld door de gemeente Eijsden-Margraten. TAM-Omgevingsplan Ursulinenconvent Eijsden Gemeente Eijsden-Margraten

- pagina 28 -

Motivering

3.4 Regionaal beleid 3.4.1 Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg d De Structuurvisie Wonen Zuid-Limburg (SVWZL) is een gezamenlijke, Zuid-Limburgse ruimtelijke visie op de woningmarkt, opgesteld door de Zuid-Limburgse gemeenten vanuit het besef dat ruimtelijke ontwikkelingen in één gemeente directe invloed hebben op andere gemeenten. Ook erkennen gemeenten met deze gemeenschappelijke aanpak, dat onderlinge concurrentie, zeker met de huidige bevolkingsontwikkeling en de ambities die Zuid-Limburg als kennisregio heeft, leidt tot negatieve effecten die uiteindelijk ten koste gaan van de kracht van de regio. In deze SVWZL staat de transformatieopgave per gemeente centraal in de ontwikkeling van de woningvoorraad. Om de gewenste kwantitatieve omvang van de woningvoorraad te bepalen wordt de transformatieopgave per gemeente uit de Woonmonitor gebruikt als de kwantitatieve koersbepalende opgave om te komen tot een gezonde woningmarkt met voldoende marktspanning. De transformatieopgave wordt bepaald door de combinatie van de leegstand in de woningvoorraad (minus een gezonde frictieleegstand van 2%) en de huishoudensontwikkeling. De transformatieopgave per gemeente wordt tweejaarlijks vastgesteld. De transformatieopgave is een koersbepalende opgave voor de ontwikkeling van de woningvoorraad. De transformatieopgave wordt vastgesteld per gemeente en is beleidsneutraal.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=38576e72-b75e-47cc-9455-2bd104378e38