20250930 06j Bijlage 8a BP Bredeweg Banholt - Toelichting Stikstoftoets
Tekst van het document
MEMO Datum Documentnummer Relatie Onderwerp
12 mei 2025 M202191.081/GHO Géron-Goessens V.O.F., de heer G.G.M.E. Géron Stikstoftoets 5 woningen Bredeweg Banholt
Als aanvulling op de vergunningsaanvraag voor twee locaties aan de Bredeweg ong. te Banholt is zowel voor de realisatie- als voor de gebruiksfase van het plan om vijf woningen te realiseren een stikstoftoets opgesteld. Het plan betreft de realisatie van vijf woningen op een akkerbouwperceel gelegen aan de Bredeweg. Op de locaties staan op dit moment geen bebouwingen. De realisatiefase (slopen en bouwen) en de gebruiksfase zijn ingevoerd in het AERIUS programma (versie 2024.2).
Realisatiefase In de realisatiefase van de nieuwe woningen wordt gebruik gemaakt van machines met verbrandingsmotoren waarbij NOx vrijkomt. Naast het gebruik van de machines vindt er NOxemissie plaats door verkeersbewegingen die horen bij de aan- en afvoer van bouwmaterialen en de verkeersbewegingen van het bouwpersoneel. Aan de hand van de door de initiatiefnemer aangeleverde gegevens en vergelijkbare bouwprojecten is voor de realisatiefase een reële inschatting gemaakt van de werkzaamheden met mobiele werktuigen op deze locatie. Tijdens de bouw wordt o.a. gebruik gemaakt van een graafmachine (voor het bouwrijp maken van de locatie, het uitgraven van de fundering en de aanleg van wegen en bestrating), een betonstorter voor het storten van de fundering en de vloeren en een hijskraan voor het plaatsen van de breedplaatvloeren en dakplaten. Op basis van het TNO rapport (TNO 2021 R12305) beschikbare tabellen is het brandstofverbruik van de gebruikte machines bepaald. Dit is bepaald middels de AUB-methode, waarbij rekening is gehouden met ad blue gebruik. De duur van het gebruik van de verschillende machines en de benodigde brandstof vindt u terug in bijlage 1. De hoeveelheid verkeersbewegingen, onderverdeeld in lichtverkeer en zwaar vrachtverkeer, staan ook vermeld in bijlage 1.
Deze verkeersbewegingen die horen bij de realisatiefase worden in de berekening meegenomen tot het moment dat deze opgaan in het heersende verkeersbeeld. In dit geval zijnde de Provincialeweg (N589). Daarnaast is “worst-case” rekening gehouden met het stationair laten draaien van motoren van machines en vrachtwagens. De berekening voor het bepalen van de stationaire emissie is gebaseerd op het TNO rapport : On-road determination of avarage Dutch driving behavior for verhicleemissions (TNO Publications). Volgens dit rapport word er voor stationair gebruik vrachtwagens gerekend met 0,8976 g NH3 en 92,4864 g Nox-emissie per uur. In de realisatiefase worden ca. 200 vrachtwagens ingezet voor de aanvoer van bouwmaterialen voor de woningen, infrastructuur en bestrating. Aangenomen wordt dat deze vrachtwagens tijdens het lossen worden stilgezet en dat hierbij maximaal 5 min per vrachtwagen stationair gedraaid wordt. De volgende berekening laat zien wat de NOx en NH3 emissie is tijdens de realisatiefase;
M202191.081/GHO, Pagina 2
200 vrachtwagens à 5 minuten: ca. 17 uur. 17 uur maal 92,4864 gram NOx geeft 1,572 kg NOx. 17 uur maal 0,8976 gram NH3 geeft 0,015 kg NH3. Bovenstaande hoeveelheden zijn ingevoerd in het AERIUS-rekenprogramma. Vanwege het feit dat de auto’s van bouwvakkers langer als twee uur stilstaan is voor deze auto’s een koude start meegenomen in de berekening. De koude starts zijn, op basis van de Handreiking Koude start van Bij12, in de berekening meegenomen als vlakbron. Gebruiksfase De NOx-emissie van het gebruik van de nieuwe woningen wordt berekend in de gebruiksfase. De woningen wordt voorzien van een warmtepomp en zijn als zodanig Emissie-loos. Alleen de verkeersbewegingen behorende bij het gebruik van de woningen veroorzaken NOx-emissie. In de gebruiksfase is, op basis van normering CROW (Nr. 744), gekeken naar de te verwachten verkeersbewegingen. Er is uitgegaan van de CROW norm voor een vrijstaande woning, buitengebied, met maximaal 8,6 (afgerond 9) verkeersbewegingen per huis per etmaal. Deze verkeersbewegingen worden in de berekening meegenomen totdat het verkeer opgaat in het heersend verkeersbeeld. In dit geval zijnde de Provincialeweg. Vanwege het feit dat de auto’s van bewoners langer als twee uur stilstaan is voor deze auto’s een koude start meegenomen in de berekening.
De koude starts zijn, op basis van de Handreiking Koude start van Bij12, in de berekening meegenomen als vlakbron. Per dag zijn 5 koude starts per woonhuis meegenomen in de berekening.
Aanleiding en doel Omdat stikstofemissie mogelijk een effect kan veroorzaken op Natura-2000 gebieden, dient een toets te worden uitgevoerd of het gebruik van de locaties aan de Bredeweg te Banholt mogelijk vergunning plichtig is in het kader van de omgevingswet Natura 2000 activiteit Effecten kunnen in beginsel alleen optreden door zogenaamde externe werking, waarbij veranderingen en activiteiten binnen het plangebied kunnen leiden tot veranderingen van de milieusituatie in de natuurgebieden; in onderhavig plan betreft dit de uitstoot van stikstof als gevolg van het plan. Voor projecten, zoals onderhavig bouwplan, betekent dit dat moet worden beoordeeld of een natuurvergunning is vereist als gevolg van de uitstoot van stikstof tijdens de realisatie- en gebruiksfase. Blijkt uit bovenstaande beoordeling dat geen natuurvergunning is vereist, dan kan volstaan worden met de aanvraag van een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen. Het aspect natuur vormt dan geen belemmering voor de uitvoering van het project.
Onderzoeksopzet Er is een inschatting gemaakt van het aantal verkeersbewegingen in zowel de realisatie als de gebruiksfase zoals eerder omschreven. Daarnaast is er een inschatting gemaakt van het gebruik van bouwmachines. Het gebruik van machines en de verkeersbewegingen zijn ingevoerd in het AERIUS rekenmodel (versie 2024.2).
M202191.081/GHO, Pagina 3
Resultaten Uit de berekeningen met AERIUS (zie bijlage 1 en 2) blijkt dat er geen sprake is van stikstofdepositie op een op voor stikstof gevoelige natuurgebieden. De depositie bedraagt 0,00 mol potentieel zuur/ha/jaar. Kortom: negatieve effecten op instandhoudingsdoelen van N2000 gebieden ten gevolge van stikstof kunnen met zekerheid worden uitgesloten. Deze uitkomsten geven derhalve geen aanleiding een omgevingsvergunning Natura-2000 activiteit of verklaring van geen bedenkingen te vragen vanwege mogelijke effecten op N2000-gebieden. Vertrouwende u voldoende geïnformeerd te hebben. ing. G.A.B. Hoogeveen
Aelmans ROM bv
Bijlage 1) Aerius berekening realisatiefase en het resultaat 2) Aerius berekening gebruiksfase en het resultaat