CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

20241015 07r Bijlage 9 bij motivering Water weging

* Raadsvergaderingen 15 oktober 2024, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Vaststellen Tijdelijk Alternatieve Maatregel (TAM) - Omgevingsplan Slakweg Gronsveld11.939 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

WEGING VAN HET WATERBELANG BP Tuincentrum De Graaff Gronsveld Versie 1.2 Projectnummer: 2022096 Datum: 14-05-2024

BP TUINCENTRUM DE GRAAFF GRONSVELD Projectnummer: Projectnaam: Onderdeel: Opdrachtgever:

2022096 BP Tuincentrum De Graaff Gronsveld Weging van het waterbelang Laudy Vastgoedontwikkeling BV Irenelaan 8 6133 BG Sittard

2

Opgesteld door Gecontroleerd door

Naam F. Weermann D. Quax

Bezoek- en postadres Poststraat 1

Datum 14-05-2024 14-05-2024

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Akkoord ja ja

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

Inhoudsopgave 1 Inleiding .............................................................................................. 5 2 Locatiebeschrijving................................................................................ 6 2.1 Situatie .......................................................................................... 7 2.2 Hoogteligging ................................................................................. 8 2.3 Bodemopbouw ................................................................................ 9 2.4 Grondwater .................................................................................. 11 2.5 Oppervlaktewater .......................................................................... 13 2.6 Infiltratie...................................................................................... 15 2.7 Waterhuishouding.......................................................................... 17 2.8 Riolering ...................................................................................... 19 3 Waterbeleid ....................................................................................... 20 3.1 Provincie Limburg .......................................................................... 20 3.2 Waterschap Limburg ......................................................................

21 3.3 Gemeente Eijsden-Margraten .......................................................... 22 4 Voorgenomen ontwikkeling ................................................................... 23 4.1 Nieuw watersysteem op hoofdlijnen .................................................. 23 4.2 Onderdelen afwatering ................................................................... 24 4.2.1 infiltratiekratten woningen 01 t/m 12 ............................................. 27 4.2.2 afvoer richting wadi woningen 13 t/m 19 ........................................ 28 4.2.3 Appartementencomplex ............................................................... 28 ......................................................... 29 4.2.5 Rijweg afwaterend op ondergrondse berging ................................... 29 4.2.6 Groene parkeerplaatsen ............................................................... 29 4.2.7 Langsparkeerplaatsen.................................................................. 30 4.2.8 Voetpaden en inritten .................................................................. 30 4.3 Hemelwatersystemen ..................................................................... 31 4.3.1 Grasbetontegels ......................................................................... 31

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

3

4.3.2 Molgoten en uitstroom op wadi ..................................................... 32 4.3.3 Infiltratiekratten particulieren ....................................................... 32 4.3.4 Infiltratiekratten openbaar gebied ................................................. 32 ....................................................................................... 33 5. Conclusie en aanbevelingen ................................................................. 34 Bijlage 1 Overzichtskaart plangebied ........................................................ 34 Bijlage 2 Berekening krattensysteem woning 01 ......................................... 36 Bijlage 3 Berekening krattensysteem woning 02 en 03 ................................ 37 Bijlage 4 Berekening krattensysteem woning 04 t/m 07 ............................... 38 Bijlage 5 Berekening krattensysteem woning 08 t/m 12 ............................... 39 Bijlage 6 Berekening krattensysteem openbaar gebied ................................ 40 Bijlage 7 Berekening wadi met infiltratiepalen ............................................ 41 Bijlage 8 Infiltratieonderzoek GA220331.RO1.V2.0 (Geonius) ....................... 42

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

4

1 Inleiding Laudy Vastgoedontwikkeling heeft het voornemen om woningen te bouwen op het terrein van een voormalig tuincentrum gelegen aan de Slakweg te Gronsveld. Deze rapportage is een onderbouwing op de wijziging van het omgevingsplan. Hiermee kan tevens een vergunningsprocedure gestart worden bij Waterschap Limburg en/of een ontheffingsprocedure bij de provincie Limburg. Bij het ontwikkelen van nieuwe projecten is het van essentieel belang om water op een expliciete en evenwichtige wijze te integreren. Concreet houdt dit in dat er grondig onderzocht dient te worden hoe we op een duurzame manier met water kunnen omgaan in toekomstige plannen. Hierbij is het vasthouden, bergen en afvoeren van water binnen het betreffende gebied van groot belang. En tevens is het van belang om te onderzoeken in hoeverre het mogelijk is om regenwater te infiltreren en in welke mate bestaande watersystemen, zowel in hun oorspronkelijke vorm als in alternatieve vormen, behouden of hersteld kunnen worden. Wanneer er een wijziging van het omgevingsplan nodig is voor bouwprojecten, moet een verplichte waterparagraaf worden opgenomen als onderdeel van het ruimtelijk plan of besluit. De waterparagraaf geeft inzicht in hoe het plan het watersysteem beïnvloedt en welke eisen dit systeem aan het besluit of plan stelt.

Bovendien belicht de waterparagraaf de waterhuishoudkundige gevolgen van het plan of besluit en bevat dit het wateradvies en de gemaakte afwegingen. Om invulling te geven aan de waterparagraaf en de bescherming van waterbelangen te waarborgen, is de weging-vanhet-waterbelang-procedure doorlopen in het planningsproces. De weging van het waterbelang voorziet in een gedegen onderbouwing voor de waterparagraaf en maakt deel uit van de motivering. Dit document beschrijft hoe rekening is gehouden met waterhuishoudkundige aspecten en het beleid van de waterbeheerders. Het uitgangspunt hierbij is dat een ruimtelijk besluit of plan de waterhuishoudkundige situatie niet verslechtert ten opzichte van het bestaande beleid. De rapportage heeft tot doel water als leidend beginsel te laten fungeren bij ruimtelijke plannen en besluiten, door alle waterbouwkundige aspecten in een vroeg stadium te betrekken bij het proces van informeren, adviseren, afwegen en beoordelen. In hoofdstuk 2 wordt de onderzoekslocatie beschreven. Het beleid rondom de weging van het waterbelang is in hoofdstuk 3 beschreven. In hoofdstuk 4 worden de aspecten van de waterhuishouding toegelicht. Hoofdstuk 5 bevat de conclusie en advies.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

5

2 Locatiebeschrijving Het plangebied ligt aan de Slakweg te Gronsveld in de gemeente Eijsden-Margraten. Het gebied is ingeklemd tussen de Köbbesweg en de Rijksweg op de gemeentegrens van Maastricht en Eijsden-Margraten. Het bevindt zich vlakbij de afslag Gronsveld (afslag 56) van de A2. Figuur 1 geeft een bovenaanzicht weer van de ligging van het plangebied.

6

Figuur 1: Ligging plangebied in rood aangegeven

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

2.1 Situatie Het gebied ligt in het kadastrale perceel A3271, A3295, A3213 en een gedeelte van percelen B3112, B3111 en B1749. Het plangebied bedraagt circa 8.760 m2. Een groot gedeelte van het bouwplan diende als tuincentrum, de bebouwing van het tuincentrum is nog aanwezig.

7

Figuur 2: Luchtfoto van het plangebied

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

2.2 Hoogteligging dit perceel op circa 54 m +NAP. Het hoogteverschil in het plangebied is vrij groot. In detail loopt de hoogteligging van het plangebied aan de zijde van de Slakweg van west naar oost van circa 54,05 m +NAP naar 57,64 m +NAP en aan de noordzijde van west naar oost van circa 54,55 m +NAP naar 56,94 m +NAP. Het gebied ten zuiden van het 2 à 3 meter lager dan het plangebied. Onderstaand figuur geeft een overzicht van het hoogteverloop van het plangebied.

8

54,5

54,2 54,0

56,9

54,5 54,3

53,5 53,7

55,6

56,1

57,6

54,7

52,0

Figuur 3: Overzicht hoogteligging van het plangebied (Actueel Hoogtebestand Nederland)

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

2.3 Bodemopbouw Uit het DINO bodemloket blijkt dat de bodemopbouw van de diepere ondergrond bestaat uit een leemlaag tot 4,0 m - maaiveld. Het grindpakket is aangetroffen op een diepte van 4,0 tot 13,0 m -maaiveld. Daaronder bevindt zich een mergel laag. De kwaliteit van dit boorprofiel strookt niet met de gegevens van het bodem- en infiltratieonderzoek. Het onderstaande figuur geeft een boorprofiel uit het DINOloket weer ter plaatse van het plangebied. De locatie van de boring is als groene stip weergeven op het bovenaanzicht.

9

Figuur 4: Boorprofiel in het plangebied (Geologisch booronderzoek, DINOloket)

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

Door Geonius is er een milieutechnisch verkennend- en nader bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie van het plangebied. Daarnaast is er door hetzelfde bureau een infiltratieonderzoek uitgevoerd. Hieruit volgen de gegevens over de regionale en lokale bodemopbouw. Regionale bodemopbouw De regionale bodemopbouw kan regionaal worden geschematiseerd zoals weergegeven in onderstaande tabel. Diepte (m-mv)

Formatie naam

0

Formatie van Boxtel, Laagpakket van Schimmert, eerste kleiige eenheid Formatie van Beegden, eerste tot en met derde zandige eenheid

8m

Formatie opbouw

Kleiige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit leem en een spoor klei, fijn en midden zand. 8 10 m Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit grof zand, grind en midden zand, met weinig zandige klei en fijn zand, een spoor klei en kans op stenen, keien en blokken. > 10 m Formatie van Gulpen, Kalksteen eenheid, bestaande uit kalksteeneenheid kalksteen met ingeschakelde vuursteenbanken. Tabel 1: Regionale bodemopbouw volgens tabel 2.3 Verkennend bodemonderzoek MA220140.R01.V1.1 Geonius

Lokale bodemopbouw Voor het milieutechnisch-onderzoek zijn boringen geplaatst tot een maximale diepte van 5,0 m - maaiveld. Bij het infiltratieonderzoek zijn de boringen uitgevoerd tot een diepte van maximaal 8,1 m maaiveld. Uit de rapportages blijkt dat de lokale bodemopbouw tot een diepte van 5,6 m tot 6,8 m - maaiveld uit een sterk zandige leemlaag (silt) bestaat. De laag vanaf ca. 7 à 8 m maaiveld bestaat voornamelijk uit een zwak zandige, grove tot middel grove grindlaag.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

10

2.4 Grondwater Uit de resultaten van de rapportage GA220331.R01.V2.0 Resultaten infiltratie onderzoek van Geonius d.d. 28 februari 2023 blijkt het grondwater zich dieper te bevinden dan de diepste boring (8,10 m maaiveld). Ten noordoosten van het plangebied (blauw omcirkeld in figuur 3) heeft een langdurige grondwatermeting plaats gevonden tussen de periode 2004 en 2012. De gegevens hiervan zijn gesitueerd in onderstaande grafiek.

Figuur 5: 8-jarige meetreeks grondwaterspiegel (www.grondwatertools.nl/gwsinbeeld)

Uit de meetreeks komt de gemiddelde grondwaterstand uit op een hoogte van 46,54 m +NAP. Ter plaatse van de boring betreft dit een gemiddelde diepte van 10,00 m maaiveld. De onderzoekslocatie is niet gesitueerd in een grondwaterbeschermingsgebied of waterwingebied. Ook niet in een boringvrije zone.

Figuur 6: Grondwaterwin- en grondwaterbeschermingsgebieden (nationaal georegister.nl)

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

11

In onderstaand figuur zijn de isohypsen rondom het plangebied weergeven. Hieruit blijkt het grondwater ter plaatse van het plangebied zich op een hoogte tussen de 47,50 en 50.00 m +NAP te bevinden. De grondwaterstroomrichting is zowel richting de Maas in westelijke richting als richting het noordoosten. Hier bevindt zich een grondwaterwingebied.

12

Figuur 7: Isohypsen rondom plangebied (Grondwatertools, 2024)

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

2.5 Oppervlaktewater Aan de noordwestzijde op de rand van het plangebied bevindt zich een droogdal. Deze watergang de Termaardergrub, ook bekend als de Dorregrubbe of Lange Grub, heeft zijn oorsprong in Termaar op het plateau van Margraten. Zowel de Köbbesweg, de Maastrichterweg als de Slakweg voeren oppervlaktewater af richting de Termaardergrub. De watergang voert het water af richting het zuidwesten.

Maastrichterweg

Köbbesweg

Slakweg

Figuur 8: Legger nabij het plangebied (Leggerkaart, Waterschap Limburg)

De Termaardergrub is een smalle watergang die bij neerslag veel hemelwater te verduren krijgt. De inmeting geeft aan dat het afschot in de grub op enkele plekken nagenoeg vlak is of zelfs negatief. Over de gehele ingemeten lengte is het hellingsvlak (3 mm/m). De insteken (bovenkanten talud) zijn op enkele plekken verzakt en zouden een onderhoudsbeurt kunnen gebruiken. Na oplevering van het bouwplan vervalt het olifantenpaadje aan het einde van de Slakweg. Hierna wordt herstel van de waterloop aanbevolen. Tijdens herprofilering van de berm dient rekening gehouden te worden met een eis voorzorgsmaatregel ten behoeve van een middenspanningskabel van Enexis. Deze kabel ligt volgens KLIC gegevens naast de insteek van de grub. Verder steken er ook enkele laagspanning- en datakabels, en een waterleiding onder door.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

13

14

Figuur 9: De Termaardergrub in de richting rotonde Rijksweg - Köbbesweg

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

2.6 Infiltratie De snelheid waarmee regenwater infiltreert in de ondergrond is afhankelijk van de bodemgesteldheid. De bodemgesteldheid is onderzocht en uitgewerkt in de rapportage GA220331.R01.V2.0 Resultaten infiltratie onderzoek van Geonius d.d. 28 februari 2023. In het infiltratieonderzoek is de doorlatendheid van de bodem tot een diepte van 8,1 m onderzocht. Doorlatendheidsmetingen Boring

Meting

Traject [m t.o.v. NAP] +51,0 - +52,0

Grondsoort

DM01A

Traject [m- maaiveld] 2,0 3,0

DB01 DB01

DM01B

7,1

8,1

+45,9 - +46,9

Grind, zwak zandig

43,8

59,3

DB02

DM02A

2,0

3,0

+52,1- +53,1

Silt, sterk zandig

2,0

3,1

DB02

DM02B

7,0

8,0

+47,1 - +48,1

Grind, zwak zandig

26,8

28,1

DB03

DM03A

3,0

4,0

+49,3 - +50,3

Silt, sterk zandig

0,15

0,49

DB03

DM03B

7,0

8,0

+45,3 - +46,3

Grind, zwak zandig

8,4

8,7

Silt, sterk zandig

Doorlatendheid [m/d] 0,13 0,27

Tabel 2: Gemeten doorlatendheid volgens tabel 2.1 Rapportage GA220331.R01.V2.0 Geonius

De doorlatendheidsboringen zijn gesitueerd bij de toekomstige infiltratiebuffer (DB01) en de twee toekomstige openbare parkeerplaatsen (DB02 en DB03), situering volgens figuur 10 op de volgende pagina. De ondiepe doorlatendheid ter plaatse van DB01 en DB03 is geclassificeerd als matig. De K-waarde bedraagt hierbij met 0,13 en 0,15 lager dan 0,2 (meter per dag). Hierdoor is de mogelijkheid om te infiltreren ongunstig. Bij DB02 is de doorlatendheid met 2,0 geclassificeerd als goed. Maar doordat het maaiveld hier hoger ligt als bij DB01 en DB03 is het ongunstig om hier een infiltratiesysteem te realiseren. Uit de resultaten van de infiltratieonderzoek blijkt dat infiltratie naar de diepere ondergrond (dieper dan ca. 7,0 m maaiveld) behoort tot de mogelijkheden. Dit kan middels IT-palen naar de diepere grindlagen vanaf ca. 46.60 m tot ca. 48,70 m +NAP.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

15

16

Figuur 10: Situatietekening doorlatendheidsboringen Rapportage GA220331.R01.V2.0 Geonius

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

2.7 Waterhuishouding De bebouwing van het voormalige tuincentrum bestaat hoofdzakelijk uit meerdere tuinkassen. Hoe het hemelwater van deze daken wordt afgevoerd is niet bekend. We maken op aan de hand van een rondgang dat een groot deel van het hemelwater niet op de riolering is aangesloten. Veel hemelwaterafvoeren lopen bovengronds. We nemen aan dat een groot deel van het hemelwater via de verharding wordt afgevoerd naar de beplantingvakken of gazons. Het buitenterrein van het voormalige tuincentrum is voor circa 30% van de oppervlakte verhard. Hiervan is circa 10% is geasfalteerd. Het overige verharde oppervlak bestaat uit betonklinkers en halfverharding (grind). Het resterend perceel bestaat voor circa 20% uit gazon en voor 50% uit een voormalige showtuin met begroeiing en een kleine vijver van circa 10 m2 met opstaande rand. De voortuin van Slakweg nummer 3 is deels een kwekerij met enkele jonge maar ook oudere doorgegroeide dennenbomen. De vakken zijn bedekt met gronddoek. Enkele paden zijn bedekt met betonklinkers en fijne halfverharding (split). De Slakweg, met circa 28 parkeerplaatsen, bestaat volledig uit asfalt met over de hele lengte een 5 streks goot met daarnaast een beklinkerde kabelsleuf. Deze molgoot, te zien op figuur 11 op de volgende pagina, heeft geen straatkolken en watert af in de Termaardergrub.

Aanliggend perceel van Slakweg nummer 1A en 1B heeft een grote inrit van halfverharding en een gazon. Deze tuin heeft een licht hellingsvlak richting de Slakweg. Middels een oogopslag is het vrij duidelijk dat het niet infiltrerend hemelwater, direct of via de Slakweg, een weg vindt richting de Termaardergrub. Hierbij zit mogelijk ook hemelwater bij van de Rijksweg en Kampweg die bij extreme buien niet op de kolken worden afgevangen. Cijfers huidige waterberging Om een beeld te creëren hoeveel regenwater er momenteel richting de Termaardergrub vloeit geeft onderstaande tabel een benadering. De uitgangspunten zijn de oppervlaktes binnen de plangrenzen. En de norm van de piekbui is 80 mm in 2 uur. Aanliggend op het bouwplan afwaterende percelen zijn niet meegeteld. Gebied Bebouwing Rijbaan (Slakweg) Verhardingen terrein Halfverhardingen Begroeiingen Gazons Totaal

Oppervlakte [m2] 1600 1850 1600 1400 2350 960 8760 m2

Infiltrerend vermogen 0% 0% 0% 50% 100% 100%

Afstromend hemelwater (bij piekbui) [m3] 128 148 128 56 0 0 460 m3

Tabel 3: huidige waterberging

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

17

18

Figuur 11: Slakweg in de richting van de Termaardergrub. Links de (overgroeide) molgoot en rechts de beklinkerde kabelsleuf.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

2.8 Riolering Het dichtstbijzijnde rioolstelsel van de gemeente Eijsden-Margraten in de buurt van het plangebied bevindt zich ter plaatse van de Maastrichterweg en de Rijksweg. De riolering in de Maastrichterweg betreft een persriool en wordt middels een pompput naar de Rijksweg gepompt. De riolering in de Rijksweg bestaat uit een gemengd riool. Dit betekent dat vuilwater (DWA) en regenwater (HWA) samen afgevoerd worden. De bestaande bebouwing binnen het project is het adres Rijksweg 6 (voormalig tuincentrum) en Slakweg 3. Aan de Slakweg zijn verder nog gelegen Slakweg 1 (transformatorhuisje zonder rioolaansluiting), Slakweg 1A en 1B. De rioolaansluiting van Rijksweg 6 bevindt zich aan de Rijksweg of de Maastrichterweg. Van de woningen aan de Slakweg, te weten nummer 1A, 1B en 3, zijn geen rioolgegevens bekend. Bij het aanleggen van een nieuw rioolstelsel zal onderzocht dienen te worden waar de aansluitingen van deze woningen/bedrijven zich bevinden. Voor de dimensionering van het nieuwe DWA-systeem zullen deze woningen meegenomen dienen te worden.

Figuur 12: Termaardergrub nabij de Maastrichterweg voorzien van noodoverstort en kolkaansluiting

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

19

3 Waterbeleid 3.1 Provincie Limburg De provincie Limburg heeft haar beleid ten aanzien van de omgang van regenwater bij nieuwbouw ontwikkelingen opgenomen in het Provinciaal Waterprogramma Limburg 2022-2027. In het Provinciaal Waterprogramma wordt uitgegaan van 100% afkoppeling bij nieuwbouw en herstructurering en maximaal afkoppelen, binnen grenzen van doelmatigheid, in bestaand stedelijk gebied. Dit om toekomstige problemen met betrekking tot wateroverlast bij hevige neerslag en watertekorten bij droogte zoveel mogelijk te voorkomen. De afvoer van water uit bebouwd gebied moet worden beperkt en waar mogelijk infiltreren in de bodem. Daarbij wordt de volgende voorkeursvolgorde gehanteerd: aanpak bij de bron; regenwater vasthouden; bergen; gescheiden inzamelen; afvoer van regenwater.

waterschap zijn bij afkoppelen belangrijke hulpmiddelen. Ook wordt bij nieuwbouw aandacht gevraagd voor de klimaatsverandering. Door een toegespitste ruimtelijke ordening en fysieke aanpassingen in de ruimte kunnen de effecten van overstromingen en hittestress worden beperkt. Bij de inrichting van het terrein en de ontwikkeling van bebouwing dienen consequent en langdurig ruimtelijke maatregelen te worden meegenomen die de gevolgen van een overstroming, hevige regen, droogte en hitte beperken. In grondwater- en bodembeschermingsgebieden gelden aanvullende maatregelen om de kwaliteit van het grondwater en de bodem te waarborgen. Omdat dit bij dit bouwplan niet aan de orde is wordt dit buiten beschouwing gelaten.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

20

3.2 Waterschap Limburg Het waterschap Limburg streeft naar 100% afkoppelen van het verharde oppervlak bij nieuwbouw. Voor het verantwoord afkoppelen van regenwater hanteert het waterschap een voorkeurstabel, die aansluit bij de voorkeursvolgorde van de Provincie Limburg. Deze vo Hierin is opgenomen dat de voorkeur voor het afkoppelen van regenwater uitgaat naar het infiltreren van het regenwater in de bodem. Waarbij het regenwater afkomstig van schone dakoppervlakken rechtstreeks in de bodem geïnfiltreerd mag worden. Infiltratie van regenwater dat afkomstig is van overige verharde oppervlakken dient minimaal te geschieden middels een bodempassage of dient, afhankelijk van het grondgebruik, niet te worden afgekoppeld. Voor complexe activiteiten heeft u een vergunning nodig. U kunt alle vergunningen aanvragen via het Omgevingsloket. Na uw aanvraag kan het acht weken tot zes maanden duren voordat u uw vergunning krijgt. In de vergunning is aangegeven aan welke specifieke regels u zich moet houden. Voor veelvoorkomende vergunningen het waterschap beleidsregels opgesteld. In deze beleidsregels staat op basis van welke criteria wij uw aanvraag beoordelen. Zo kunt u van tevoren de haalbaarheid van uw plannen inschatten en uw aanpak indien nodig aanpassen. Daarnaast krijgt u soms maatwerkvoorschriften die specifiek gelden voor uw situatie.

Dimensie De infiltratie- en bergingsvoorzieningen dienen gedimensioneerd te worden op een maatgevende neerslaggebeurtenis met een herhalingstermijn van één keer per 100 jaar (T=100). Voor Noord- en Midden-Limburg (ten noorden van Sittard) geldt een maatgevende neerslag van 100 mm neerslag in 24 uur. In Zuid-Limburg is een korte bui meer bepalend voor de benedenstroomse belasting dan een langdurige bui en wordt een neerslag van 80 mm per 2 uur aangehouden. De leegloop via de leegloopvoorziening mag niet meer dan 2 l/s/ha bedragen voor noord- en midden Limburg, voor zuid Limburg geldt 10 l/s/ha. De voorzieningen worden bij voorkeur geledigd binnen 24 uur en voorzien van een noodoverlaat.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

21

3.3 Gemeente Eijsden-Margraten De gemeente heeft in het verslag wat de uitgangspunten dienen te zijn voor het ontwerp van de openbare ruimte in de Slakweg. Men gaf hierin aan dat voorkeur heeft dat het hemelwater bovengronds wordt verwerkt en niet ondergronds middels straatkolken. Op die manier kan de gemeente duidelijk overzicht houden waar een eventuele verontreiniging vandaan komt. Dit is geen algemene eis maar het heeft de voorkeur om zo min mogelijk kolken toe te passen. ruimte nodig tussen bebouwing/perceel en talud van de wadi. De gemeente volgt de eisen van het waterschap. De minimale bergingseis is 80 mm binnen 2 uur van al het verharde oppervlak binnen het plangebied. De waterberging dient binnen 24 uur weer beschikbaar te zijn. Het huidige rioleringsplan (DWA) met de pompput op het hoogste punt ligt niet vast. Er mag een nieuw rioleringsontwerp worden aangereikt. De gemeente zal dit toetsen. Aansluitpunten riolering (ontstoppingstukken) waar mogelijk op openbaar gebied aanleggen. Bij de rijwoningen, waar geen trottoirs gesitueerd zijn, zullen de aansluitpunten niet onder de haag dienen te komen maar daarachter op eigen grondgebied.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

22

4 Voorgenomen ontwikkeling De ontwikkeling betreft de aanleg van een appartementencomplex met daaronder een inpandige parkeervoorziening. Dit appartementencomplex is gesitueerd in het verlengde van de Slakweg. Daarnaast komen er starterswoningen en 2-onder-1 kap woningen met een eigen inrit als parkeervoorziening. Zowel naast het appartementencomplex als tegen de Maastrichterweg wordt een parkeerplaats voorzien met parkeerplaatsen bestraat met waterdoorlatende grasbetonstenen. De infrastructuur krijgt bij voorkeur geen straatkolken maar voert het hemelwater af naar groenvakken en groene parkeervakken. via een molgoot loopt het overtollig water naar De parkeerplaats links van het appartementencomplex ligt te laag om het hemelwater af te voeren naar de wadi. Omdat hier ook de inrit van de ondergrondse parkeergarage is voorzien kan dit gedeelte niet hoger worden aangelegd. Het hemelwater wordt middels kolken opgevangen in een ondergronds bergingsvoorziening.

4.1 Nieuw watersysteem op hoofdlijnen Het watersysteem van het bouwplan bestaat uit de onderstaande systemen: Een DWA-systeem voor de afvoer van het afvalwater.

(Het DWA-systeem wordt in dit rapport niet gedimensioneerd)

Meerdere HWA-systemen waarin het hemelwater afkomstig van de dakoppervlakken, terrein- en wegoppervlakken worden ingezameld, geborgen en geïnfiltreerd in de ondergrond.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

23

4.2 Onderdelen afwatering Het type hemelwatersysteem is afhankelijk van het gebruik type, de grootte van het oppervlak en de mogelijke afvoerrichting. Voor het hemelwatersysteem te bepalen is het ontwerp VO versie 03-C d.d. 04-12-2023 gebruikt. Wijzigingen op het ontwerp kunnen aanpassingen vereisen aan de systemen. Van de woningen zijn alleen de dakoppervlakken meegerekend om te bergen. Deze keuze is gemaakt omdat de verantwoordelijkheid van de inrichting en de consequenties met betrekking tot hemelwater van het perceel ligt bij de grondeigenaar. De gemeente Eijsden-Margraten stelt als eis een oppervlakkige afvoer van hemelwater op de rijweg door middel van het zo min mogelijk toepassen van straatkolken. Hierbij is vooral het onderhoudsaspect van belang. Om dit te realiseren dienen de laagst gelegen locatie gesitueerd te worden. Omdat dit derhalve niet het geval is zal het hemelwater van de rijwegen gesplitst dienen te worden waar de rijweg lager ligt dan de insteek van de wadi. Dit resulteert in twee aparte oplossingen. Enerzijds oppervlakkige afwatering richting de wadi en het lager liggende rijweg gedeelte dient een ondergronds systeem te krijgen. Groenvakken zullen bij normale omstandigheden water opnemen, het hemelwater op deze oppervlakken zal niet worden meegerekend.

Voor de groene parkeerplaatsen, parkeervakken uitgevoerd in grasbetontegels, worden de oppervlakken meegeteld voor 50%. Om het bovenstaande te verduidelijken is er een tekening gemaakt van de verschillende onderdelen, zie figuur 13. Op de pagina erna staan de cijfers van de waterbalans in een tabel. Met de waterbalans wordt bedoelt de totale berging van afstromend hemelwater die nodig is bij een stortbui van 80 mm in 2 uur. Per onderdeel worden in de deelhoofdstukken de uitgangspunten voor de berekening benoemt.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

24

25

Figuur 13: Tekening 2022096-EG-01-A waterbalans

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

26

Tabel 4: Waterbalans

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

4.2.1 infiltratiekratten woningen 01 t/m 12 Hemelwater aanpakken bij de bron betekent daar waar mogelijk het hemelwater opvangen op eigen perceel. Bij woningen zijn de inritten en terrassen mogelijke locaties om een infiltratiesysteem aan te leggen. Voor dit project is alleen gekeken naar de patiowoningen en twee-onder-eenkapwoningen waarbij in de inritten infiltratiekratten mogelijk zijn. Het betreft de woningen vanaf de Rijksweg genummerd van nummer W01 t/m 12, zie hiervoor ook de tekening 2022096-VO-04-C-VH-A3 d.d. 19-03-2024. Vanwege de grootte van inritten en ook een verschil in K-waarde maken we een splitsing van de berekening. Bij de woningen W01 t/m W07 (2-onder-1-kapwoningen) gaan we uit van de K-waarde van 0,13 (boring DB01) en voor de woningen W08 t/m W12 (Patiowoningen) gaan we uit van de K-waarde van 2,0 (boring DB02) Woningen

Oppervlaktes [m2]

Infiltrerend vermogen

Afstromend hemelwater [m3]

Dakoppervlakken W01 t/m 07 2-onder-1-kapwoningen Dakoppervlakken W08 t/m 12 Patiowoningen Totaal

640

0%

51,2

577

0%

46,2

1217 m2

97,4 m3

Tabel 5: Waterbalans 2-onder-1-kap en Patiowoningen

Infiltratiekratten De woningen zijn gedimensioneerd op kratten met een afmeting van 600 x 1200 mm, hoogte 420 mm. (bijvoorbeeld DYKA of soortgelijk) De kratten hebben een bergingsinhoud van 291 liter per krat. Bij dit systeem is een bergings- en infiltratieberekening opgesteld. De berekening met infiltratiepalen voldoet aan alle eisen. De berekening met en zonder infiltratiepalen is terug te vinden in bijlage 2.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

27

4.2.2 afvoer richting wadi woningen 13 t/m 19 Omdat de inritten van de woningen W13 t/m 19 te klein zijn voor een krattenveld is besloten om de dakoppervlakken van deze woningen af te voeren naar de wad oppervlakkig mogelijk door het hemelwater bovengronds over het maaiveld te laten vloeien richting de weg. Het wegontwerp dient het mogelijk te maken dat het afvloeiend water in de wadi loopt. Woningen

Oppervlaktes [m2]

Infiltrerend vermogen

Afstromend hemelwater [m3]

Dakoppervlakken W13 t/m 19 rijtjeswoningen

276

0%

22,1

Tabel 6: Waterbalans rijtjeswoningen

Bij dit systeem is een bergings- en infiltratieberekening opgesteld. De berekening met infiltratiepalen voldoet aan alle eisen. De berekening met en zonder infiltratiepalen is terug te vinden in bijlage 3. 4.2.3 Appartementencomplex Het appartementencomplex bevat een totale dakoppervlakte van 895 m2. Hiervan is 700 m2 beschikbaar als bergend dakoppervlak. De overige oppervlaktes zijn terrassen. Deze overige oppervlakken zijn samen met de inrit naar de parkeergarage (105 m2) gerekend om, eventueel middels een intern gemaal, Het bergend vermogen van een groen dak, oftewel sedumdak, is circa 70%. 30% van het hemelwater wordt afgevoerd door middel van een hemelwaterafvoer. Er is nog een keuze te maken of dit water geloosd wordt op de wadi, infiltratiekratten of wellicht rechtstreeks op de Termaardergrub. We hebben in de berekening gekozen om 30% van het sedumdak en 100% van de Appartementencomplex

Oppervlaktes [m2]

Infiltrerend vermogen

Afstromend hemelwater [m3]

Groen dak

700

70%

16,8

Overig oppervlakken

300

0%

24

Totaal

1000 m2

40,8 m3

Tabel 7: Waterbalans appartementencomplex

De berekening van de wadi met infiltratiepalen is bijgevoegd in bijlage 7. De berekening met infiltratiepalen voldoet aan alle eisen.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

28

Een groot gedeelte van het bouwplan kan qua hoogten oppervlakkig afwateren op de worden gekoppeld. De berekening van de wadi met infiltratiepalen is bijgevoegd in bijlage 7. De berekening met infiltratiepalen voldoet aan alle eisen.

4.2.5 Rijweg afwaterend op ondergrondse berging Het lager liggend gedeelte van het bouwplan is de parkeerplaats naast het appartementencomplex. Dit is niet hoger te ontwerpen omdat de inrit naar de parkeerkelder dan ook steiler wordt. Een apart infiltratiesysteem is hierdoor niet te voorkomen. De berekening van de krattensysteem op openbaar gebied en infiltratiepalen is bijgevoegd in bijlage 6. De berekening met infiltratiepalen voldoet aan alle eisen. 4.2.6 Groene parkeerplaatsen De openbare parkeervakken op de parkeerplaatsen zijn om hittestress te verminderen uitgevoerd in grasbetonstenen. Deze oppervlakken hebben een infiltrerend vermogen van 50%. De parkeerplaatsen dienen te worden meegenomen in de berekening van de an de infiltratiekratten naast het appartementencomplex. Groene parkeerplaatsen

Oppervlaktes [m2]

Infiltrerend vermogen

Afstromend hemelwater [m3]

Afvloeiend op rijweg groen

210

50%

8,4

Afvloeiend op rijweg blauw

250

50%

10

Totaal

460 m2

18,4 m3

Tabel 8: Waterbalans groene parkeerplaatsen

De berekening van de wadi en infiltratiepalen is bijgevoegd in bijlage 7. De berekening met infiltratiepalen voldoet aan alle eisen.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

29

4.2.7 Langsparkeerplaatsen De langsparkeerplaatsen hebben dichte klinkerverharding, het regenwater zal afvloeien richting de rijwegen. langsparkeerplaatsen

Oppervlaktes [m2]

Infiltrerend vermogen

Afstromend hemelwater [m3]

Afvloeiend op rijweg groen

140

0%

11,2

Afvloeiend op rijweg blauw

75

0%

6

Totaal

215 m2

17,2 m3

Tabel 9: Waterbalans langsparkeerplaatsen

De berekening van de wadi en infiltratiepalen is bijgevoegd in bijlage 7. De berekening met infiltratiepalen voldoet aan alle eisen. 4.2.8 Voetpaden en inritten De voetpaden en inritten hebben dichte klinkerverharding, het regenwater zal afvloeien richting de rijwegen. Voetpaden en inritten

Oppervlaktes [m2]

Infiltrerend vermogen

Afstromend hemelwater [m3]

Afvloeiend op rijweg groen

375

0%

30

Afvloeiend op rijweg blauw

150

0%

12

Totaal

525 m2

42 m3

Tabel 10: Waterbalans voetpaden en inritten

De berekening van de wadi en infiltratiepalen is bijgevoegd in bijlage 7. De berekening met infiltratiepalen voldoet aan alle eisen.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

30

4.3 Hemelwatersystemen De mogelijke hemelwatersystemen van het bouwplan bestaan uit: 1. De parkeervakken op de openbare parkeerplaatsen worden voorzien van grasbetontegels om een deel van het hemelwater dat op de verharding valt gelijk te infiltreren; 2. Particuliere infiltratiesystemen ten behoeve van (dakoppervlakken) nieuwbouw; 3. Een bovengrondse hemelwaterafvoer van de openbare verhardingen naar de regenwaterbuffers (wadi ) te midden van het plangebied; 4. voorzien van IT-palen. 5. Een ondergronds infiltratiesysteem (openbaar gebied) voorzien van IT-palen. In onderstaande omschrijvingen worden de hemelwatersystemen beschreven welke in dit bouwplan voorkomen.

4.3.1 Grasbetontegels Waterdoorlatende bestrating waardoor hemelwater kan infiltreren is volgens de voorkeurstabel van de provincie en waterschap een acceptabel infiltratiesysteem. De bestrating helpt bij het vergroenen van de omgeving en zorgt voor minder hittestress op warme dagen. In het bouwplan zijn twee openbare parkeerplaatsen gesitueerd waar de parkeervakken open bestrating van grasbetontegels krijgen. De parkeerplaats langs de Maastrichterweg (aan de noordoostzijde) heeft volgens het infiltratieonderzoek een goed doorlatende ondergrond. Dit heeft als gevolg dat regenwater hier goed kan infiltreren en niet tot overlast hoeft te gaan zorgen. De parkeerplaats aan de zuidwestelijke zijde bevindt zich op de laagste plek van het bouwplan en heeft momenteel een slechte doorlatende bodem. Hier dient tijdens aanleg rekening mee gehouden te worden vanwege de inrit naar de ondergrondse parkeervoorziening. In de berekeningen van de infiltratiesystemen zijn deze oppervlaktes als 50% infiltrerend oppervlak gerekend.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

31

4.3.2 Molgoten en uitstroom op wadi Omdat het de voorkeur heeft voor oppervlakkige afwatering dienen de groenvakken in het plangebied niet opgesloten te worden door opstaande betonbanden. mogelijk wanneer het hoogteprofiel van de rijbaan dit toelaat. De verkanting van het wegprofiel zal gedimensioneerd dienen te worden met een ligging op één oor. Voor een goede afwatering is een verkanting van minimaal 2,5% nodig. De molgoot dient voor het opvangen en vervoeren van het hemelwater naar de hoeveelheid van de gebiedsoppervlakte te worden gedimensioneerd. Vanwege het hoogteverschil in de Slakweg dient het water onder bij het kruispunt afgeremd te worden middels een drempelconstructie of een afvangende lijngootconstructie. 4.3.3 Infiltratiekratten particulieren Ter plaatse van de inritten bij de 2-onder-1-kap- en de patiowoningen is er plek voor het realiseren van infiltratiekratten. Hierop kunnen de daken worden afgekoppeld van het rioolsysteem. Er kan gekozen worden voor een bovengrondse overloop maar dan krijgen hemelwater bergen binnen de plangrenzen. Hiervoor is gekozen om IT-palen toe te passen. De voorziening dient door de bouwaannemer aangelegd te worden.

4.3.4 Infiltratiekratten openbaar gebied De gemeente Eijsden-Margraten staat niet negatief tegenover tegen een ondergrondse infiltratievoorziening mits deze goede constructie details heeft en gemakkelijk te onderhouden valt. Infiltratiekratten van DYKA of soortgelijke leveranciers hebben kratten met een onderhoud- en inspectiegang. De instromende kolken dienen voorzien te zijn van een bladvang en aangesloten te worden op een inspectieput met zandvang om het systeem zo schoon mogelijk te houden. Onder de parkeervakken of rijbaan ter hoogte van de parkeerplaats nabij het appartementencomplex is voldoende ruimte om een infiltratievoorziening van kratten te dimensioneren.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

32

4.3.5 aan de benodigde bergingscapaciteit voor het hemelwater welke vanuit de rijweg naar de stroomt. met IT-palen is tijdens het opstellen van deze rapportage aan Geonius om aanvullend advies gevraagd. De rapportage Dimensionering infiltratievoorziening, GB220331 .R01.V1.0 d.d. 1 mei 2024, is als bijlage 7 toegevoegd in dit rapport.

33

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

5. Conclusie en aanbevelingen Voor dit plangebied is gekozen voor een combinatie van verschillende infiltratievoorzieningen. Deze te samen zorgen dat het hemelwater kan infiltreren binnen het plangebied. De voorzieningen zijn binnen de gestelde leegloop tijd weer beschikbaar. Doordat dieper als 3,50 m geïnfiltreerd wordt is er een ontheffingstraject nodig van Provincie Limburg. De berekeningen van het totale HWA systeem is bijgevoegd als bijlage 2 t/m 7. Er is voor dit bouwplan gekozen om middels diverse type infiltratievoorzieningen gecombineerd met grindpalen het hemelwater op geruime diepte te infiltreren. Hierbij wordt opgemerkt dat in kader van artikel 3.5.2 van de algemene verordening van de gemeente Eijsden-Margraten, gepubliceerd op 27 december 2023, er een mogelijkheid is om voor bepaalde situaties af te wijken van de verplichting tot hemelwaterberging binnen het plangebied. Hierover dient in overleg getreden te worden met het college. De waterberging wordt uitgevoerd als wadi en krattensystemen met infiltratiepalen. Er worden twee wadi s aangelegd, 1 krattensystemen voor openbaar gebied en krattensystemen voor de woningen. Hieronder wordt de bergingseis en de totale berging per systeem weergegeven. De individuele berekeningen zijn in de bijlages te vinden.

Er infiltreert per uur 97,28 m3 in de infiltratiepalen, de bui waar de bergingseis op gebaseerd is valt over 2 uur. Dit betekent dat in de tijd dat de bui valt, bijna de helft (194,5 m3) van de totale bergingseis infiltreert, hierdoor voldoet het aan de gestelde eisen. De totale berging en infiltratie samen is 515,96 m3 over 2 uur, er is maar voor 426 m3 berging nodig, er is dus 89,96 m3 over dimensionering. Afwaterend verhard oppervlak

Bergingseis (m3)

Type bergingssysteem

Appartementencomplex + openbaar gebied Woningen Rest Openbaar gebied Totaal

263

Wadi+15 infiltratiepalen Krattensysteem Krattensysteem

121 42 426

Infiltratie in palen m3 per 2 uur 100,6

Berging in system (m3)

Totaal berging + infiltratie

175+11,5

287,1

60,36 33,6 194,56

75,7 59,2 321,4

136,06 92,8 515,96

Voor de volledigheid wordt er een overloop vanuit de wadi naar de Termaardergrub aangelegd.

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

34

Bijlage 1 Overzichtskaart plangebied 2022096-VO-04-C-VH-A3 d.d. 19-03-2024.pdf

35

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

Bijlage 2 Berekening krattensysteem woning 01

36

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

Bijlage 3 Berekening krattensysteem woning 02 en 03

37

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

Bijlage 4 Berekening krattensysteem woning 04 t/m 07

38

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

Bijlage 5 Berekening krattensysteem woning 08 t/m 12

39

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

Bijlage 6 Berekening krattensysteem openbaar gebied

40

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

Bijlage 7 Berekening wadi met infiltratiepalen

41

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

Dimensionering infiltratievoorziening t.b.v. nieuwbouw aan de Slakweg te Gronsveld GB220331.R01.V2.0 1 mei 2024

Dimensionering infiltratievoorziening t.b.v. nieuwbouw aan de Slakweg te Gronsveld Documentnummer GB220331.R01.V2.0 1 mei 2024

Opdrachtgever Laudy Bouw en Ontwikkeling BV vest. Sittard Postbus 9007 3430 RA Nieuwegein

+31 88 130 06 00 info@geonius.nl Postbus 1097 6160 BB Geleen

Geonius.nl Functie

Naam

Adviseur geohydrologie

L.N. Zomerdijk MSc.

Collegiale toets

C. Goudswaard MSc.

GB220331.R01.V2.0

Handtekening

2 van 10

Inhoud 1

Inleiding ......................................................................... 4

2

Overwegingen ...............................................................5

3

Dimensionering infiltratievoorziening ............... 6

3.1

Uitgangspunten

3.1.1

Algemeen................................................................................................................................................... 6

3.1.2

Wadi............................................................................................................................................................. 6

6

3.1.3

Grindpalen .................................................................................................................................................7

3.2

Ontwerpadvies

7

3.3

Overige ontwerpaspecten

8

3.3.1

Algemeen....................................................................................................................................................8

3.3.2

Wadi..............................................................................................................................................................8

3.3.3

Grindpalen ................................................................................................................................................ 9

3.4

Voorzuivering en onderhoud

9

Bijlagen Bijlage 1 Dimensionering infiltratievoorziening Bijlage 2 Richtlijn uitvoering grindpalen

GB220331.R01.V2.0

3 van 10

1 Inleiding Aanleiding voor het uitvoeren van een onderzoek naar de dimensionering van infiltratievoorzieningen is de geplande nieuwbouw op de locatie. Het doel van het onderzoek is het dimensioneren van infiltratievoorzieningen waarin het hemelwater afkomstig van de dakoppervlakken, terrein- en wegoppervlakken

de volgende twee opties bekeken voor de dimensionering: Optie 1: twee voorziene wadi s uitbreiden met grindpalen t.b.v. infiltratie naar de diepere lagen; Optie 2: indien optie 1 niet haalbaar, optie 1 aangevuld met IT-systeem openbaar gebied (bijvoorbeeld kratten met eventueel grindpalen);

GB220331.R01.V2.0

4 van 10

2 Overwegingen Op basis van ons infiltratieonderzoek (GA220331.R01.V2.0 Resultaten infiltratie onderzoek) en het rapport WEGING VAN HET WATERBELANG BP Tuincentrum De Graaff Gronsveld Versie 0.3 van Planburo B (concept watertoets) zal een dimensionering van infiltratievoorzieningen uitgevoerd worden. De uitgangspunten zullen overgenomen worden uit de concept watertoets. Op basis van isohypsen van Grondwatertools en peilbuisgegevens van TNO (peilbuis B61F0270) wordt een gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) aangehouden van NAP +46,0 m. Dit komt overeen met ca. 8 m- maaiveld.

Figuur 1.1 Isohypsenkaart, projectlocatie aangegeven met rode ster [Bron: Grondwatertools]

GB220331.R01.V2.0

5 van 10

3 Dimensionering infiltratievoorziening

3.1 Uitgangspunten

Op basis van de k-waarde uit de concept watertoets worden de minimaal vereiste afmetingen en de leeglooptijd van de infiltratievoorziening bepaald. In de berekeningen wordt rekening gehouden met infiltratie door de bodem en wanden van

Om

infiltratie te bevorderen kan het systeem via een bodemfilter en slibvang op grindpalen worden aangesloten. Bij het dimensioneren van de voorziening zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:

3.1.1 Algemeen conform gegevens verstrekt door de opdrachtgever bedraagt het totale afwaterend oppervlak voor de uitbreiding ca. 2.441 m2 met 0% infiltrerend vermogen en 210 m2 met 50% infiltrerend vermogen; conform de beleidsregels van Waterschap Limburg, specifiek voor het gebied Zuid-Limburg en gemeente Eijsden-Margraten dient de voorziening gedimensioneerd te worden op een bui T=200 (80 mm in 2 uur). Als infiltreren aantoonbaar niet of nauwelijks mogelijk is kan middels een leegloopvoorziening van maximaal 10 l/s/ha vertraagd worden afgevoerd; de hoeveelheid toestromend water is berekend op basis van het afwaterend oppervlak, het oppervlak De uitkomst van 3

deze berekeningen bedraagt ca. 233,4 m ; conform de beleidsregels van Waterschap Limburg, specifiek voor het gebied Zuid-Limburg en gemeente Eijsden-Margraten wordt een ledigingstijd van maximaal 24 uur gehanteerd. Indien vanwege de doorlatendheid niet aan de ledigingstijd van 24 uur kan worden voldaan kan een leegloopvoorziening worden toegepast; bij de dimensionering van de voorziening wordt uitgegaan van infiltratie tijdens de bui; voor de doorlatendheid van de wadi is voor de maatgevende doorlatendheid een k-waarde gehanteerd van 0,13 m/dag (meting DM01A); voor de doorlatendheid van de grindpalen is een k-waarde van 43,8 m/dag gemeten (meting DM01B);. Voor de maatgevende doorlatendheid wordt een k-waarde gehanteerd van 10 m/dag, omdat de meetmethode een nauwkeurigheid heeft tot ca. 10 m/dag; conform ISSO-publicatie 70.1 is de afvloeiingscoëfficiënt aangehouden op 1; dat wil zeggen dat alle neerslag op het beschouwde oppervlak, in het infiltratiesysteem terecht komt.

3.1.2 Wadi voor voor de wadi wordt uitgegaan dat deze ontstaat door ontgraving van het terrein en begroeid zal zijn met gras. Conform de Leidraad Riolering is de doorlatendheid van gras 0,5 m/dag. Echter de k-waarde van de ondergrond ligt een stuk lager, waardoor deze k-waarde van 0,13 m/dag gehanteerd wordt; wadi 1 heeft een diepte van 1,0 m en een waakhoogte van 0,1 m. De maximale waterdiepte komt hiermee op 0,9 m; wadi 2 heeft een diepte van 1,0 m en een waakhoogte van 0,2 m. De maximale waterdiepte komt hiermee op 0,8 m;

GB220331.R01.V2.0

6 van 10

voor het dimensioneren van een voorziening middels een wadi is als doorlatend oppervlak conform de Leidraad Riolering 40% van de hoogte van de wanden meegenomen en 100% van het bodemoppervlak.

3.1.3Grindpalen voor de berekening is uitgegaan van een grindpaal met een schachtdiameter van 0,4 m waarin een geperforeerde kunststof buis is geplaatst met een diameter van 0,16 m en waarbij de ruimte tussen buis en buitenkant schacht is opgevuld met grind; de porositeit van de geperforeerde buis is 1,0; de porositeit van het grind waarmee de ruimte om de buis wordt opgevuld is 0,35; voor de berekening is uitgegaan dat de onderkant van de grindpaal ca. 3,2 m in de grindlaag geplaatst wordt. Voor de diepte van de grindpaal is derhalve 10,0 m- maaiveld aangehouden, overeenkomend met ca. NAP +44 m. De grindpalen zijn gedimensioneerd op ongeveer de maximaal verkende diepte. Echter adviseren wij de grindpalen onder de maximaal verkende diepte door te zetten totdat deze ca. 5 meter in de zandgrindlaag geplaatst zijn. Indien wordt afgeweken van voornoemde uitgangspunten dan dient ons bureau te worden gecontacteerd daar dan het advies mogelijk moet worden aangepast.

3.2 Ontwerpadvies In Tabel 3.1 is berekend welke dimensionering de voorzieningen minimaal moet hebben om aan de eisen te voldoen en of de voorziening daarmee aan de ledigingstijd voldoet. Tabel 3.1: Afmetingen infiltratievoorzieningen: wadi in combinatie met grindpalen

Bodem-

Diepte

Waakhoogte

(lxb) [m]

[m]

[m]

Wadi 1

10,3 x 5,8

1,0

0,1

Wadi 2

19,7 x 3,8

1,0

0,2

Talud

Ruimtebeslag

Oppervlak

Berging

Infiltratie

(lxb) [m]

[m2]

[m3]

[m3/uur]

1:2

14,3 x 9,8

138,5

82,4

0,5

1:2

23,7 x 7,8

171,2

92,6

0,6

Dimensionering grindpalen: Aantal palen

Diepte grindpalen

Diameter schacht

Diameter buis

Berging

Infiltratie [m3/uur] 25,1

[-]

[m t.o.v. NAP]

[m]

[m]

[m3]

15

+44

0,4

0,16

7,4

Infiltratie

Leegloopvoorziening

Leeglooptijd

Totaal: Berging

Capaciteit * Benodigd

Aanwezig

[m3]

[m3]

[m3]

[m3/uur]

[l/s/ha]

[uur]

182,4

233,4

234,9

26,2

0

6,9

Controle

Voldoet

*De capaciteit van de voorziening is gelijk aan het totale bergingsvolume inclusief het geïnfiltreerde water tijdens de bui.

Afhankelijk van de beschikbare ruimte kunnen afwijkende afmetingen worden toegepast. Bij de berekeningen is uitgegaan van een stationaire situatie. Voor de berekening van de totale capaciteit is uitgegaan van infiltratie tijdens de bui. De berekeningen zijn opgenomen in bijlage 1. Voor de berekening van het aantal grindpalen is uitgegaan dat de twee verbinding staan. Wanneer er wordt gekozen voor een uitvoering waarbij beide

GB220331.R01.V2.0

7 van 10

verbinding staan op bodemniveau zal er één grindpaal meer benodigd zijn. In dit geval moeten uitgevoerd worden met 8 grindpalen om te voldoen aan de eisen. In Figuur 3.1 wordt de afvoercapaciteit van de aanbevolen voorzieningen getoetst aan de aanvoer van water op basis van de regenduurlijn welke overeenkomt met de eis van het waterschap en de gemeente. De gedimensioneerde infiltratievoorziening is in staat om zonder overstroming het afvloeiend hemelwater te bergen en te infiltreren.

Figuur 3.1 Aan- en afvoercapaciteit wadi met grindpalen

3.3 Overige ontwerpaspecten 3.3.1 Algemeen Het infiltratiesysteem dient van een noodoverstort te worden voorzien. Bij zeer intensieve buien (bijvoorbeeld T>200), zal het systeem het toestromende regenwater mogelijk niet kunnen verwerken en kan het regenwater gecontroleerd naar elders afstromen. Bij dit project wordt gekozen voor een overstort op het oppervlaktewater. Daarbij dient rekening gehouden te worden met de hoogte van de overstort, deze moet onder vrij verval kunnen afstromen richting het oppervlaktewater.

3.3.2 Wadi We adviseren een bodemfilter aan te leggen in de toplaag van de wadi. Een bodemfilter bestaat uit een organische stof- en lutumhoudende toplaag waarin verontreinigingen zich binden. De samenstelling moet een compromis zijn tussen het bindend vermogen van verontreinigingen en de waterdoorlaatbaarheid van de toplaag. Aanbevolen wordt om een bodemfilter aan te leggen met een lutumgehalte van 3 - 5 % en een organische stofgehalte van 2 - 4 %. Indien organische stof wordt toegevoegd, dient dit te gebeuren in de vorm hieraan gebonden verontreinigingen Tijdens de aanleg van de wadi dient te worden opgelet dat de bodem niet wordt dichtgereden of verslempt door bouwverkeer. In deze fase vormt ook het dichtslibben van de bodem door bouwafval, zand en slib een risico welke de infiltratiecapaciteit negatief beïnvloedt. Wij adviseren de wadi van een bodemfilter te voorzien met humeus materiaal. Hierop kan vegetatie groeien, waarvan de beworteling zorgt voor een doorlopend poriënstelsel, hetgeen de infiltratie bevordert.

GB220331.R01.V2.0

8 van 10

3.3.3 Grindpalen Wij adviseren de grindpalen onder de maximaal verkende diepte door te zetten totdat deze ca. 5 meter in de zandgrindlaag geplaatst zijn, en de grindpaal in het leempakket te voorzien van een blinde buis teneinde verweking van de leemlagen en wateroverlast in nabijgelegen kelders en kruipruimten te voorkomen. Om de rechtstand van de grindpaal te waarborgen, adviseren wij de boring ten behoeve van de grindpaal te realiseren met een casing. De kunststof buis dient gecentreerd te worden aangebracht met behulp van afstandhouders/centreerringen. Hiermee wordt gewaarborgd dat de grindschil tussen de kunststof buis en de boorschacht op elke diepte een gelijke omvang heeft. De grindpalen kunnen met een slokop worden geplaatst (kolk voorzien van zandvang). Door de slokop met zandvang zal het dichtslibben worden beperkt en zal de functionaliteit en infiltratiecapaciteit gewaarborgd blijven. Het onderhoud bestaat met dit systeem uit het periodiek legen van de zandvang in de slokops. De grindpaal kan worden voorzien van een dichte putdeksel. Op deze wijze zijn de grindpalen te allen tijde goed bereikbaar en inspecteerbaar, ook als de buffer zelf gevuld is met water. Zie ook de Richtlijn uitvoering grindpalen in bijlage 2.

3.4 Voorzuivering en onderhoud Door bezinking van slibdeeltjes kan vervuiling van het systeem optreden, waardoor de goede werking wordt beïnvloed. Het is daarom gewenst om bij de inlaat van het systeem een slibvang in te bouwen, zodat vuil, bladeren, etc. kunnen worden afgevangen. Daarnaast kan het noodzakelijk zijn om het aanvoersysteem op te schonen. Wij adviseren hiervoor voorzieningen aan te brengen. Wij wijzen er nadrukkelijk op het infiltratiesysteem regelmatig van onderhoud te voorzien. Het maaien van de grasgedeeltes van de wadi dient in goede weersomstandigheden plaats te vinden. Er dient voorkomen te worden dat eventuele beplanting de wadi overwoekert. Afgevallen blad dient regelmatig uit de voorziening verwijderd te worden. Zonder regelmatige reiniging / doorspuiten hebben veel infiltratiesystemen na ca. 3 jaar nog maar 50% van de oorspronkelijke infiltratiecapaciteit beschikbaar, en functioneert het systeem na 5 tot 10 jaar enkel nog als buffer. Het dichtslibben van infiltratiesystemen is ook het gevolg van fijnstof, welke niet met een reguliere zandvang of bezinkput kan worden afgevangen en welke slechts deels uit een dichtgeslibd systeem te verwijderen is. Het te infiltreren hemelwater dient gezuiverd te worden door middel van een bodemfilter of zuiverend substraat. Voor infiltratie van het water zal een zand- en slibvangsysteem moeten worden aangebracht.

Er dient rekening gehouden te worden met het dichtslibben van het bodemfilter. Het goed functioneren ervan zal dan ook sterk onderhoudsafhankelijk zijn. Er wordt dan ook geadviseerd de doorlatendheid van het bodemfilter periodiek te meten en indien nodig het bodemfilter te vervangen. Er zijn voorzuiveringssystemen beschikbaar waarmee tot ca. 80% van de vaste bestanddelen uit het te infiltreren water kunnen worden afgevangen. Zo kan toepassing van een goede voorzuivering en regelmatig onderhoud de levensduur van een infiltratiesysteem significant verlengen. Ook kan een vertraagde afvoer naar het riool of

GB220331.R01.V2.0

9 van 10

oppervlaktewater middels een regelbare debietbegrenzer worden toegepast, zodat de beschikbaarheid van de voorziening ook na een verminderde infiltratiecapaciteit kan worden gewaarborgd. Geonius heeft monitoringssystemen beschikbaar waarmee het waterpeil en de leeglooptijd van het systeem kan worden gemonitord. Deze kunnen worden toegepast ten behoeve van de controle van de werking van het systeem, op basis waarvan het onderhoudsregime kan worden bepaald. Indien gewenst kunnen we hierin nader adviseren, tevens kan het volledig ontwerp van de hemelwaterafvoer en de terreininrichting door ons bureau nader worden uitgewerkt.

GB220331.R01.V2.0

10 van 10

Bijlagen

GB220331.R01.V2.0

Bijlage 1 Dimensionering infiltratievoorziening

GB220331.R01.V2.0

Bijlage 2 Richtlijn uitvoering grindpalen

GB220331.R01.V2.0

Bijlage 8 Infiltratieonderzoek GA220331.RO1.V2.0 (Geonius)

42

Bezoek- en postadres Poststraat 1

T: +31 (0)85 301 45 74 info@planburob.nl

Bank NL74RABO0149326149 K.v.K. 57613443

Nieuwbouw woningen Slakweg te Gronsveld GA220331.R01.V2.0 28 februari 2023

Nieuwbouw woningen Slakweg te Gronsveld Documentnummer GA220331.R01.V2.0 28 februari 2023

Opdrachtgever Laudy Vastgoedontwikkeling B.V. Irenelaan 8 6133BG Sittard

+31 88 130 06 00 info@geonius.nl Postbus 1097 6160 BB Geleen

Geonius.nl Functie

Naam

Projectleider Geotechniek

ing. R.J.A. Huijts

Collegiale toets

ing. R. Dreessen

GA220331.R01.V2.0

Paraaf P ara raaaf a

2 van 8

ba

GA220331.R01.V2.0

3 van 8

Door Laudy Vastgoedontwikkeling B.V. werd aan Geonius Geotechniek B.V. de opdracht gegeven geohydrologisch grondonderzoek uit te voeren. Het onderzoek is nodig voor de ontwikkeling van woningen en appartementen aan de Slakweg te Gronsveld. De ligging van de projectlocatie is weergegeven in Figuur 1.1. In december 2022 is fase 1 van het onderzoek uitgevoerd en gepresenteerd in onze rapportage met kenmerk GA22331.R01 V1.0. In januari 2023 is de resterende boring uitgevoerd. In voorliggende rapportage zijn de resultaten van het onderzoek gepresenteerd.

Figuur 1.1 Ligging projectlocatie [bron: projectinformatie OG]

GA220331.R01.V2.0

4 van 8

Ten behoeve van het grondonderzoek zijn in totaal 3 machinale boringen met doorlatendheidsmeting uitgevoerd. Om inzicht te verkrijgen in de ligging van mogelijke kabels en leidingen is een KLIC melding uitgevoerd. Verder waren geen aanvullende maatregelen van toepassing voor de uitvoering van het grondonderzoek. In de volgende paragrafen is het uitgevoerde grondonderzoek omschreven, welke in de bijlagen 1 t/m 3 zijn opgenomen.

De werkzaamheden vonden plaats aan de hand van de door opdrachtgever aangeleverde situatietekening. De ligging en de coördinaten van de ingemeten punten zijn op situatietekening GA220331.T01 weergegeven en in Bijlage 1 opgenomen. De onderzoekspunten zijn met behulp van 06 GPS ingemeten t.o.v. het Rijksdriehoekstelsel en NAP met een nauwkeurigheid van ca. 0,1 m. Alle gegevens van de inmeting zijn een momentopname en dienen voor verder gebruik, definitief te worden geverifieerd.

Het terrein was ten tijde van de uitvoering van het grondonderzoek nog deels bebouwd. De begaanbaarheid van het terrein was tijdens de uitvoering van het grondonderzoek voldoende voor het ingezette materieel. Tijdens de uitvoering van het grondonderzoek is het maaiveld ter plaatse van de onderzoekspunten ingemeten. De resultaten zijn verwerkt op situatietekening GA220331.T01 weergegeven en in Bijlage 1 opgenomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=3612441e-d60c-4436-b99e-3184925d9cdc