20240924 07b Nieuwe verordeningen rechtspositieVerordening rechtspositie Raads
Tekst van het document
Verordening rechtspositie Raads- en commissieleden EijsdenMargraten 2019 Artikel 1 Definitiebepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a. Commissielid: lid van een commissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 en 84 van de Gemeentewet, dat niet tevens raadslid is of ambtenaar die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd. b. Griffier: de griffier, bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet. c. Raadslid: lid van de gemeenteraad.
Artikel 2. Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden komt te luiden: 1. Voor reizen als bedoeld in artikel 3.1 van de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers en artikel 3.1.7 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers worden aan een raads- of commissielid vergoed: a. de kosten voor het gebruik van openbaar vervoer; b. bij gebruik van een eigen vervoersmiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt alsmede de parkeer- of stallingskosten, veerkosten en tolkosten; 2. Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed. 3. Als een raadslid of commissielid een functionele beperking heeft, kan incidenteel een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking worden gesteld. 4. De noodzakelijke en redelijkerwijs gemaakte werkelijke verblijfkosten die een raadslid of commissielid maakt in verband met reizen, gemaakt voor de uitoefening van de functie, worden ten laste van de gemeente vergoed.
Artikel 3. Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raads- en commissieleden 1. Een raads- of commissielid dat wil deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van zijn functie als bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier. 2. Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie. 3. Het bedrag voor scholing en opleiding voor de raad wordt bij begroting jaarlijks vastgesteld. 4. De raad/griffier beslist op de aanvraag op basis van de overlegde stukken.
Artikel 4. Informatie- en communicatievoorzieningen raads- en commissieleden 1. 1.Een raads- of commissielid tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast. 2. Het raads- of commissielid levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatieen communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Overname van de informatie- en communicatievoorzieningen na schoning is mogelijk tegen vergoeding van de resterende waarde van de voorzieningen in het economisch verkeer.
Artikel 5. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel 1. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 2. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.
Artikel 6. Betaling vaste vergoedingen Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van de vergoeding van commissieleden, bedoeld in
artikel 3.4.1 het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers per half jaar plaats met inachtneming van een vergoeding per bijgewoonde vergadering.
Artikel 7. Betaling en declaratie van onkosten 1. Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door: a. betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur, b. betaling vooruit uit eigen middelen. 2. Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken. Het vereiste om bewijsstukken te overleggen geldt niet wanneer de vergoeding een forfaitair bedrag betreft 3. De declaraties worden binnen 3 maanden na factuurdatum of betaling door raads- of commissieleden ingediend bij de griffier.
Artikel 8. Intrekking oude verordening De Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2014, gewijzigd per 1 september 2015 wordt ingetrokken.
Artikel 9. Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 mei 2019 en werkt terug tot en met 1 januari 2019.
Artikel 10. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie raads- en commissieleden EijsdenMargraten 2019.
Wijziging 24 september 2024 - Artikel 2 - Artikel 4 lid 2 - Artikel 7 lid 2 De wijziging treedt in werking per 1 oktober 2024
Verordening rechtspositie Burgemeester en Wethouders EijsdenMargraten 2019 Artikel 1. Definitiebepalingen: In deze verordening wordt verstaan onder: a. College: college van burgemeester en wethouders. b. Burgemeester: voorzitter van het college van burgemeester en wethouders. c. Secretaris: de secretaris bedoeld in artikel 107 van de Gemeentewet. d. Wethouder: lid van het college van burgemeester en wethouders. Artikel 2. Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing burgemeester en wethouders 1. De burgemeester of de wethouder die willen deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing bedoeld in artikel 3.3.3 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers in verband met de vervulling van hun functie dienen daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de secretaris. 2. Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie. 3. Het college beslist op de aanvraag op basis van de overlegde stukken. Artikel 3. Informatie- en communicatievoorzieningen 1. De burgemeester of de wethouder tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld als bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.
Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast. 2. De burgemeester of wethouder levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Overname van de informatie- en communicatievoorzieningen na schoning is mogelijk tegen vergoeding van de resterende waarde van de voorzieningen in het economisch verkeer. 3. Artikel 4. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel 1. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 3.3.8 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. 2. Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in deze regeling, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964. Artikel 5. Betaling en declaratie van onkosten 1.
Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Rechtspositieregeling decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze regeling voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door: a. betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur, b. betaling vooruit uit eigen middelen of c. betaling ten laste van de gemeentelijke creditcard. 2. Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken. Het vereiste om bewijsstukken te overleggen geldt niet wanneer de vergoeding een forfaitair bedrag betreft. 3. Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden binnen één maand na factuurdatum of betaling door de burgemeester of wethouder ingediend bij de secretaris. 4. Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan burgemeester of wethouders binnen één maand na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt.
Artikel 6. Intrekking oude verordening De Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2014, gewijzigd per 1 september 2015 wordt ingetrokken.
Artikel 7. Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 mei 2019 en werkt terug tot en met 1 januari 2019.
Artikel 10. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie burgemeester en wethouders EijsdenMargraten 2019.
Wijziging 24 september 2024 - Artikel 3 lid 2 - Artikel 5 lid 2 De wijziging treedt in werking per 1 oktober 2024