CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

20220524 16d Bijlage Advies ASD Eijsden-Margraten.pdf

* Raadsvergaderingen 7 juni 2022, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Beleidsplan Zicht op Thuis en toestemming centrumregeling Beschermd Thuis2.986 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

ASD Eijsden-Margraten E-Mail: asd@eijsden-margraten.nl

Aan het College van B&W Eijsden-Margraten Betreft: advies ASD inzake Beleidsplan Zicht op thuis 2021-2024 Datum: 28 maart 2022 Geacht College, Op 14 februari jl. verzocht u de Adviesraad Sociaal Domein Eijsden-Margraten advies inzake het beleidsplan Zicht op thuis 2021-2024. Omdat het beleidsplan in het breder perspectief van de Heuvellandgemeenten en Maastricht moet worden bezien, is in onderlinge afstemming met de samenwerkende Adviesraden Sociaal Domein Maastricht-Heuvelland besloten een gezamenlijk advies te formuleren, waar nodig met lokale accenten. Bestudering van het beleidsplan in relatie tot hetgeen de ASD vanuit het maatschappelijk veld opmerkt, heeft geleid tot de volgende zienswijze. Het Beleidsplan Zicht beschrijft op een goede manier een algemene ambitie en visie op Beschermd Wonen (BW) en Maatschappelijke Opvang (MO), waarbij de maatschappelijke context en wet- en regelgeving in algemene zin goed wordt weergegeven. De beleidsplannen, doelen, het dienstenaanbod en de monitoring daarvan zijn op hoofdlijnen beschreven. In paragraaf 6.5. worden goede uitgangspunten benoemd voor het optimaliseren van het zorglandschap.

Het betoog is grotendeels onderbouwd vanuit onderzoek en literatuur en krachtig vanwege het methodische gebruik van een passend Governancemodel van de Universiteit van Amsterdam met relevante uitkomsten, pijlers voor de aanpak van dienstverlening en het gedachtegoed van positieve gezondheid als basis voor ambitie en visie. Algemene indruk Het beleidsplan Zicht op Thuis 2021-2024 is een gedegen notitie die een heldere doorkijk tracht te geven ten aanzien van de richting die men bestuurlijk wil inslaan aangaande het organiseren van een passend thuis voor kwetsbare mensen uit Maastricht en Heuvelland die een beroep moeten doen op de Maatschappelijke Opvang en/of Beschermd Wonen. Men geeft aan de ingeslagen weg van het Regioplan Beschermd Thuis 2022 voort te zetten. Met deze keuze vermelden de samenstellers dat daarmee ook voldaan wordt aan de Norm voor Opdrachtgeverschap. Een vermelding die vanuit beleidsmatig perspectief begrijpelijk is, die voor ons meer inhoudt dan wat er staat. Zo staat in de Norm voor Opdrachtgeverschap ook beschreven dat het moet gaan om ‘een zorgvuldige inrichting van het zorglandschap’. Deze inrichting dient wat ons betreft uit te gaan van de ondersteuningsvraag van de cliënt.

1

Zo is een sterk element in het voorliggende plan de participatie van de respondenten van het onderzoek 1 Woonpijn , die vanuit hun eigen ervaringen aangeven waar hun behoeften liggen om uiteindelijk weer op eigen benen te staan. Mooi verwoord in de begrippen: zijn, erbij horen, doen en worden. Ondanks dat blijft toch het gevoel hangen dat de problematiek benaderd wordt vanuit een overwegend academische systeembenadering op basis van een redelijk abstractieniveau. Een abstractieniveau dat niet altijd helderheid verschaft in hetgeen men werkelijk probeert te verwoorden. De inhoudelijke vertaalslag naar de praktijk moet nog concreet worden gemaakt, zo concludeert ook het professionele adviesbureau HHM in zijn 2 Regiobeeld Maastricht . Met dit gemeenschappelijke advies denken wij hieraan een bijdrage te leveren. Terminologie In uw beleidsplan worden uitgangspunten als zelfregie, positieve gezondheid en herstelgerichtheid genomen als reële perspectieven voor betrokkenen. Een benaderingswijze die ons zeer aanspreekt, ofschoon uw keuze voor het begrip ZORG (in voor-zorg, basis-zorg enz.) bevreemdt. Het bezigen van het woord ZORG herbergt een afhankelijkheidsprincipe dat haaks staat op zelfregie. In die zin zou het begrip ONDERSTEUNING wat ons betreft meer van toepassing zijn.

Daarmee markeer je het feit dat vanuit zelfregie samen met betrokkene onderzocht wordt wat hij of zij in een bepaalde fase op eigen kracht kan realiseren en voor welk deel nog ondersteuning nodig is. Een naar ons oordeel meer realistische benadering. In dat verlengde doorredenerend kom je dan tot het volgende begrippenkader: Preventieve ondersteuning-Basisondersteuning-Ondersteuning op maatOndersteuning bij maatschappelijke integratie. Ons advies is dan ook om opnieuw deze terminologie tegen het licht te houden. Herstel begint met een huis Zo staat het in uw beleidsplan. En daar zit het grootste deel van het probleem: te weinig beschikbare en betaalbare woonruimte. Adviesbureau HHM concludeert in zijn Regiobeeld Maastricht ook, dat de doorontwikkeling van BW en MO tot nu toe moeizaam is verlopen, met name door vastgoedproblemen in Maastricht. Dit geldt tevens voor de woningproblematiek in de sociale huursector in Eijsden-Margraten en buurgemeenten. Ook hier missen wij de inhoudelijke vertaalslag, namelijk naar de praktijk van huisvestingsbeleid in een verbreed gemeentelijk perspectief. Daarbij zal de rol en de sociale opgave van woningcorporaties een prominente moeten zijn. Die komt naar onze smaak in uw beleidsplan nog te weinig naar voren.

De prestatieafspraken met woningcorporaties zouden wat ons betreft afspraken moeten bevatten over de wijze waarop door die sector verantwoordelijkheden en taken daadwerkelijk worden gerealiseerd. Het aantal mensen dat een vorm van maatschappelijke opvang nodig heeft, is volgens het CBS de afgelopen 10 jaren meer dan verdubbeld (CBS 2019). Daarbij is gesignaleerd dat de problematiek in sterk toenemende mate zwaarder en diverser wordt. Dit is een landelijke ontwikkeling die enerzijds het gevolg is van de snel toenemende complexiteit van onze maatschappij en anderzijds voortkomt uit de afgelopen jaren vastgestelde uitholling van de publieke voorzieningen. In diezelfde periode heeft de huisvestingsproblematiek zich ontwikkeld tot een wooncrisisis die nog eens wordt vergroot door de huisvestingsbehoeften van statushoudende asielzoekers, van vluchtelingen uit de Oekraïne, van mensen die (gaan) scheiden, van mensen die wel een inkomen en werk hebben maar geen huis om in te wonen. En dan hebben we het nog niet eens over de mogelijke effecten van de Covid-19-crisis en de gestegen energieprijzen.

1 Knibbe, M., Horstman, K. (2019) Woonpijn. Bronnen en drempels voor veerkracht van kwetsbare mensen in de stad Maastricht.

https://www.universiteitmetdebuurt.nl/onderzoek/

2 Regionale stand van het land; Doorontwikkeling beschermd wonen en maatschappelijke opvang; PJ/20/1813/domobw Bureau HHM

2

Aanvullende beoordeling Aanvullend op de algemene indruk, brengen de samenwerkende Adviesraden Sociaal Domein hierna een aantal specifieke zaken onder uw aandacht die vanuit het perspectief van alle betrokken Adviesraden essentieel zijn. 1. De gemeente moet in geen uitvoeringsloket van de landelijke overheid te zijn. Het voorliggend beleidsplan biedt bij uitstek de kans dit uitgangspunt in uw uitvoeringsplannen tot uiting te laten komen. Wellicht dat van daaruit een antwoord kan worden gevonden op de vraag, hoe – ondanks beperkte financiële middelen – tot een aanpak kan worden gekomen waarbij de leefwereld en de ondersteuningsbehoefte van de betreffende burgers daadwerkelijk uitgangspunt van handelen zijn. 2. De gewenste evaluatie en monitoring van (de uitvoering van) uw beleidsplan Zicht op Thuis zal in het licht van positieve gezondheid ook gericht moeten zijn op veerkracht, weerbaarheid, zelfredzaamheid en zelfregie van cliënten vanuit hun perspectief. Toetsing en monitoring van het huidige beleid aan de condities van de commissie Dannenberg zullen niet alleen op basis van cijfers moeten plaatsvinden, maar kwalitatief ook op basis van gedegen diepteinterviews met de betrokken partijen: cliënten, professionals en bestuurlijk verantwoordelijken.

Ook ontbreekt een nadere uitwerking van de rol en positie van ervaringsdeskundigen ten opzichte van en in de verhouding met professionals. 3. Gelet op de schaarste aan financiële en materiële middelen zou in de uitvoering van uw beleid preventie meer handen en voeten mogen krijgen. Sinds medio december 2020 kunnen gemeenten en woningcorporaties daartoe gebruik maken van de diensten van de 3 Preventie Alliantie . De Preventie Alliantie maakt o.a. praktische tools, beschrijft voorbeeldpraktijken, deelt door middel van een team van experts kennis en ondersteunt partijen met concrete verbeterstappen om dak- en thuisloosheid zoveel mogelijk te beperken. Handvaten voor een uitvoeringsstrategie Om de ambities te realiseren die in uw beleidsplan Zicht op Thuis zijn vastgelegd, ontbreken nog handvaten voor een uitvoeringsstrategie of-agenda. Dit wordt mogelijk veroorzaakt door onzekere omgevingsfactoren: • Het aantal mensen dat een beroep doet op Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang neemt toe (pagina 3). Dit roept vragen op over de haalbaarheid en betaalbaarheid van de gestelde ambitie.

Deze vragen worden in het beleidsplan niet aan de orde gesteld; • Het debat ‘Zoveel mogelijk centraal versus lokaal wat kan en centraal wat moet’ (pagina 23) wordt in het beleidsplan niet vertaald naar een concrete koers op dit thema; • Maastricht zal tot 2025 als centrumgemeente blijven fungeren als centrale toegang voor een beschermd thuis (pagina 40). De implicaties daarvan voor de doordecentralisatie van Beschermd Wonen worden niet uitgewerkt in het beleidsplan. Uw beleidsplan Zicht op Thuis biedt daarmee onvoldoende handvaten om een uitvoeringsstrategie uit te werken voor de gestelde ambities. De ASD adviseert om bovengenoemde omgevingsfactoren concreter uit werken in uw uitvoeringsagenda en te vertalen naar uitgangspunten voor een uitvoeringsstrategie, teneinde houvast te bieden aan de uitwerking van nog op te stellen uitvoeringsplannen. Situatie in Eijsden-Margraten In het Beleidsplan Zicht op thuis wordt geen verband gelegd naar de concrete huidige- en gewenste situatie (wat gaat goed en wat kan beter) voor cliënten in de gemeente Eijsden-Margraten en het draagvlak en draagkracht van de inwoners van de gemeente. De relatie tussen de lokale- en (boven)regionale invulling van het beleidsplan wordt niet uitgewerkt, terwijl dit vanwege de doordecentralisatie van Beschermd Wonen wel relevant is. Ook de gevolgen voor de gemeente van externe ontwikkelingen, zoals bv.

de WLZ migratie, worden niet inzichtelijk gemaakt. Ook hierdoor ontbreken concrete handvaten voor uitvoeringsplannen, specifiek gericht op verbetering van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang in de gemeente.

3 29 oktober 2020 https://impuls-onderzoekscentrum.nl/preventiealliantie

3

De ASD adviseert de huidige- en gewenste situatie inzake Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang in de gemeente Eijsden-Margratenin kaart te brengen en te relateren aan externe ontwikkelingen en het lokale-, regionale- en bovenregionale aanbod van dienstverlening. Analyse kwaliteit van dienstverlening Op pagina 14 wordt de ambitie en visie op BW en MO samengevat in het begrip ‘Fijn wonen’. Benoemd wordt dat de 6 participerende gemeenten aan het beleidsplan ‘Zicht op Thuis’ dit ‘fijn wonen’ momenteel onvoldoende voor elkaar krijgen en er een onvoldoende sluitende aanpak is met de huidige woon- en zorgconcepten binnen MO/BW”. Ook in hoofdstuk 6 wordt aangegeven dat “De huidige opvangplekken (maatschappelijke opvang) in de stad, de huidige intramurale woonvormen en de huidige woonomgeving (zachte landing) onvoldoende bijdragen om ons hogere doel van een inclusieve samenleving te realiseren”. Onduidelijk blijft welke problemen zich precies manifesteren en welke elementen in de aanpak tekortschieten, waardoor concrete aanknopingspunten voor uitvoeringsplannen achterwege blijven. De ASD adviseert om onderbouwd te concretiseren welke problemen zich voordoen t.a.v. “Fijn wonen” en welke elementen in de aanpak tekortschieten”.

Aanpak vier pijlers In hoofdstuk 4 worden de vier pijlers van de aanpak en daarmee de elementen van het aanbod van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang globaal beschreven, inclusief kritische succesfactoren. Een analyse op basis van de vier pijlers van de huidige situatie ontbreekt echter, evenals een concretisering naar ontwerpprincipes voor de gewenste situatie bij de zes participerende gemeenten. Hierdoor missen wij concrete aanknopingspunten voor uitvoeringsplannen. De ASD adviseert een analyse te maken van de huidige uitvoering van de vier pijlers van het ondersteuningsaanbod en deze te vertalen naar concrete ontwerpprincipes voor de gewenste situatie bij de zes participerende gemeenten. Huidige randvoorwaarden In hoofdstuk 2 worden t.a.v. de huidige situatie een aantal uitvoeringsproblemen van beleid benoemd en in hoofdstuk 6 enkele problemen in de bestaande voorzieningen. E.e.a. lijkt niet gebaseerd op onderzoek en daarmee onvolledig. Bovendien worden de onvolkomenheden niet inhoudelijk gerelateerd aan gevolgen voor de cliënten, zoals beschreven in de ambitie en visie in hoofdstuk 1. Door deze onvoldoende analyse worden te weinig richtinggevende doelen meegegeven voor het opstellen van uitvoeringsplannen. De ASD adviseert om uitvoeringsproblemen in beleid en problemen bij dienstverleners t.a.v.

Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen volledig en onderbouwd in kaart te brengen en te vertalen naar concrete doelen voor uitvoeringsplannen. Monitoring De monitoring, zoals beschreven in hoofdstuk 7, lijkt vooral kwantitatief gericht op de uitvoering van beleid en niet op de uitkomsten van het ondersteuningsaanbod voor cliënten in kwaliteitstermen van “Fijn wonen” en positieve gezondheid. Dit verbaast, omdat het beleid wil aansluiten op de visie “Fijn wonen” en het gedachtegoed van positieve gezondheid, dat bij uitstek kwaliteit van leven centraal stelt. De aansluiting op de kwalitatief gedreven ambitie en visie in hoofdstuk 1 mist daardoor in de monitoring. De ASD adviseert om in uw uitvoeringsagenda voor het beleidsplan Zicht op Thuis als onderwerp op te nemen de formulering van kwalitatieve en meetbare indicatoren voor het uitvoeren, evalueren en monitoren van beleid. Dit zal handvaten geven voor het opstellen en evalueren van uitvoeringsplannen, die leiden tot aantoonbare kwaliteitsverbetering van de dienstverlening aan gebruikers van Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang.

Daarbij is het ook interessant om voor de concretisering van de monitoring contact te leggen met het door de provincie gefinancierde kennis-as-project Limburg Meet (LIME) Aanscherpingen beleidsplan Naar het oordeel van de Samenwerkende Adviesraden kunnen de inhoudelijke kwaliteit en de onderbouwing van het beleidsplan Zicht op Thuis op een aantal punten nog worden versterkt worden door: de begrippen Beschermd Wonen en Maatschappelijk Opvang nader te definiëren;

4

-

-

de kritische succesfactoren op pagina 9 in een context te plaatsen. Het is nu onduidelijk waar deze succesfactoren vandaan komen en wat de relatie is met andere thema’s in deze beleidsnota; het overzicht van cijfers van maatschappelijke opvang op pagina 17 aan te vullen met gegevens over bezetting en ervaringen van gebruikers met deze vormen van opvang; de genoemde verbeterslagen in paragraaf 2.6 te concretiseren en te onderbouwen; in paragraaf 3.2 een relatie te leggen tussen de keuzes in de Westelijke Mijnstreek en eventuele gevolgen voor de situatie in Maastricht-Heuvelland; in hoofdstuk 5 wat meer samenhang en structuur aan te brengen door bijvoorbeeld een leeswijzer of visueel overzicht toe te voegen. In hoofdstuk 5 lijken nu een aantal willekeurige gekozen thema’s van verschillende orde op het gebied van gezondheid en veiligheid te worden beschreven, waarbij de samenhang onduidelijk is; de thema’s van hoofdstuk 5 ook te beschrijven vanuit het perspectief van cliënten. Nu worden deze vooral beschreven vanuit het perspectief van buurtbewoners en mogelijk andere betrokkenen; de goede uitgangspunten voor de (her)inrichting van het ‘zorg’landschap in paragraaf 6.5 te relateren aan de uitdagingen voor het realiseren van de ambities, die eerder in het stuk worden geschetst; in paragraaf 6.5.

het inzetten van herstel te relateren aan het gedachtegoed van positieve gezondheid en te verbinden met “Fijn wonen”; zorg te dragen voor concrete beschrijvingen van de resultaten in paragraaf 6.8. Zo is bv. onduidelijk wat precies verstaan wordt onder het resultaat ‘voorzorg verbeterd’; op pagina 44 concreet aan te geven welke invloed elke gemeente heeft in de uitvoeringsagenda en het uitvoeringsplan dat de centrumgemeente jaarlijks opstelt.

Overzicht geheel van adviezen ! Om de gestelde ambities uit het beleidsplan tot hun recht te laten laten komen én om in termen van positieve gezondheid te blijven, adviseren de samenwerkende Adviesraden u in uw uitvoeringsagenda (de vraag van) de cliënt centraal te stellen en niet (het aanbod van) de voorzieningen. Wij zijn er voorstander van de mogelijkheden voor BW en MO zoveel mogelijk en naar wens van de betrokkene te vinden in zijn/haar eigen omgeving. ! In het licht van bovenstaande adviseren wij u in de af te sluiten samenwerkingsovereenkomst, c.q. in uw uitvoeringsagenda clausules dan wel onderwerpen op te nemen over de wijze waarop door die sector verantwoordelijkheden en taken regionaal worden gerealiseerd en geëvalueerd. ! Wij adviseren u bij de uitvoering van uw beleidsplan in de preventieve sfeer gebruik te maken van de producten en diensten van de Preventie Alliantie. ! De uitvoeringskosten zijn in uw beleidsplan niet meegenomen. Wij adviseren u om in de samenwerkingsovereenkomst BW en MO deze kosten over de deelnemende gemeenten te verdelen naar rato van het aantal inwoners van elke gemeente. ! De monitoring en ontwikkeling van de opgave blijft een verantwoordelijkheid van alle 6 gemeenten.

Wij adviseren u om in uw samenwerkingsovereenkomst duidelijk tot uiting te laten komen op welke wijze gemeenten worden gefaciliteerd om diepte-interviews te kunnen voeren met betrokken partijen, inclusief zorg-/ondersteuningsvragers. ! Wij adviseren u de financiële middelen voor BW en MO te ‘ontschotten’. ! Wij adviseren u het begrip ZORG, alsnog te vervangen door het begrip ONDERSTEUNING. ! De Samenwerkende Adviesraden adviseren u om genoemde omgevingsfactoren concreter uit werken en te vertalen naar uitgangspunten voor een strategie, teneinde houvast te bieden aan de uitwerking van nog op te stellen uitvoeringsplannen. ! Wij adviseren u de huidige- en gewenste situatie inzake BW en MO in de gemeente Eijsden-Margraten in kaart te brengen en te relateren aan externe ontwikkelingen, c.q. omgevingsfactoren en aan het lokale-, regionale- en bovenregionale aanbod van dienstverlening. ! Wij adviseren u onderbouwd te concretiseren welke problemen zich voordoen t.a.v. ‘Fijn wonen’ en welke elementen daardoor in de aanpak tekortschieten. ! Wij adviseren u uitvoeringsproblemen in beleid en problemen bij dienstverleners t.a.v. MO en BW volledig en onderbouwd in kaart te brengen en te vertalen naar concrete doelen voor uitvoeringsplannen.

! Wij adviseren u in uw uitvoeringsagenda voor Zicht op Thuis de formulering van een aantal kwalitatieve en meetbare indicatoren voor het uitvoeren, evalueren en monitoren van beleid als onderwerp op te nemen. Dit zal u volgens ons handvaten geven voor het opstellen van uitvoeringsplannen, die leiden tot aantoonbare kwaliteitsverbetering van de dienstverlening aan gebruikers van BW en MO. Daarbij is het

5

wellicht ook interessant om voor de concretisering van de monitoring contact te leggen met het, door de provincie gefinancierde, kennis-als-project Limburg Meet (LIME). ! Wij adviseren u om op het gebied van samenwerking met buurgemeenten heldere overleg- en adviesstructuren in te richten op basis van gezamenlijke verantwoordelijkheid, waarbij helderheid wordt verschaft over de onafhankelijke advisering door de samenwerkende Adviesraden sociaal domein bij beleidsontwikkeling, beleidsimplementatie, beleidsuitvoering en beleidsevaluatie aangaande dit en andere onderdelen van het sociaal domein. Wij hopen dat we met dit advies een constructieve bijdrage leveren aan uw uitvoeringsagenda voor de uitvoering van een evenwichtig en gemeenschappelijk gedragen beleid rondom Beschermd Wonen en Maatschappelijke Opvang. Wij zien dat ook graag terug in de samenwerkingsovereenkomst die de gemeenten in Maastricht-Heuvelland hierover van plan zijn af te sluiten. Graag ontvangen we een terugkoppeling betreffende de wijze waarop onze adviezen in dezen daarop van invloed zijn. De ASD ziet graag uw reactie tegemoet. Vriendelijke groet,

Koos Steeneveld

William Wynja

Voorzitter

Secretaris

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=125e758f-5503-410e-9303-38704ab6dcdc