CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

20220215 10b Bijlage Wegenbeleidsplan 2021-2024 .pdf

* Raadsvergaderingen 15 februari 2022, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Raadsvoorstel Wegenbeleidsplan 2022-202515.597 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

WEGENBELEIDSPLAN WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024 2021-2024 Gemeente Eijsden-Margraten Gemeente Eijsden-Margraten 16 DECEMBER 2021

16 DECEMBER 2021

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

INHOUDSOPGAVE MANAGEMENTSAMENVATTING

4

1

INLEIDING

7

1.1

Aanleiding

7

1.2

Doelstelling

7

1.3

Scope

8

1.4

Leeswijzer

8

2

EVALUATIE WEGENBELEIDSPLAN 2017-2021

9

3

KADERS

12

3.1

Wettelijk kader

12

3.2

Financieel kader

12

3.3

Beleidskader

13

3.3.1

Wegonderhoud

14

3.3.2

Karakteristieke gebieden

14

3.3.3

Beleidsuitgangspunten

15

3.3.4

Burgerparticipatie

16

3.4

Ontwikkelingen

16

3.4.1

Klimaatverandering

16

3.4.2

Veranderende wetgeving

16

3.4.3

Energietransitie

16

HUIDIGE SITUATIE

17

4.1

Omvang areaal

17

4.2

Kwaliteit areaal

19

4.3

Omvang en kwaliteit versus financiën

21

4

5

KOSTEN

23

5.1

Klein onderhoud

23

5.2

Groot onderhoud

23

5.3

Rehabilitatie

24 2 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

6

7

CONCLUSIE EN RISICO’S

26

6.1

Conclusies

26

6.1.1

Beleidskader

26

6.1.2

Financieel kader

26

6.2

Risico’s

27

6.2.1

Vorstschade

27

6.2.2

Toename vracht- en landbouwverkeer

27

6.2.3

PAK (Teerhoudend asfalt)/ Vervuilde funderingen

27

6.2.4

Uitstel onderhoud

28

6.2.5

Nieuwe wegbeheersystematiek

28

AANBEVELINGEN

29

BIJLAGE A – VERKLARENDE WOORDENLIJST

30

BIJLAGE B – TOELICHTING KADERS

33

BIJLAGE C – CROW WEGBEHEERSYSTEMATIEK

37

BIJLAGE D – INSPECTIESYSTEMATIEK

39

BIJLAGE E – ANALYSE KWALITEIT

42

BIJLAGE F – UITGANGSPUNTEN MEERJARENBEGROTING

45

COLOFON

49

3 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

MANAGEMENTSAMENVATTING Aanleiding De gemeente is verantwoordelijk voor een adequaat beheer van haar kapitaalgoederen, waaronder wegen, riolering, civiele kunstwerken, openbare verlichting en groen. Om invulling te geven aan deze opgave, wordt gebruik gemaakt van beleidsplannen en beheerplannen. Het huidige wegenbeleidsplan 2017-2021 is opgesteld in 2016 en is aan een actualisatie toe. De commissie BBV doet namelijk de aanbeveling om tenminste eenmaal in de vier jaar een integrale beleidsnota over het beleidskader onderhoud kapitaalgoederen door de raad te laten vaststellen en de hoofdlijnen daarvan jaarlijks in de begroting op te nemen in de paragraaf Onderhoud Kapitaalgoederen, zoals bedoeld in artikel 9, tweede lid, onder c van de BBV. Naast een actualisatie van het wegenbeleidsplan is er tevens een evaluatie van het vorige wegenbeleidsplan opgenomen. Werkwijze De gemeente heeft alle verhardingen die in beheer zijn, opgenomen in een CROW gecertificeerd beheersysteem. De gegevens in het beheersysteem zijn actueel, betrouwbaar en compleet en vormen de basis voor het uitvoeren van het beheer en onderhoud aan de verhardingen. De kwaliteit van de verhardingen is eind 2019 door een extern gecertificeerd inspectiebureau in kaart gebracht. De resultaten van de inspectie zijn ingelezen in het beheersysteem en vervolgens getoetst aan de richtlijnen voor wegbeheer.

Indien er niet wordt voldaan aan de criteria, dan neemt het beheersysteem de betreffende locatie op in de meerjarenplanning en -begroting voor het uitvoeren van groot onderhoud. In het eerste planjaar staan alle locaties opgenomen, waarbij sprake is van achterstallig onderhoud (kwaliteitsniveau D). Conclusies Aan de hand van de evaluatie van het vorige wegenbeleidsplan, het in beheer zijnde areaal, de inspectieresultaten en de daaruit voortvloeiende meerjarenbegroting zijn de volgende conclusies te trekken: •

•

•

Evaluatie: • Budget: Om een verdere teruggang in onderhoudsniveau te voorkomen is in het wegenbeleidsplan 2017-2021 geadviseerd om het onderhoudsbudget te verhogen naar € 1.312.000 en het budget van vervangingsinvesteringen structureel bij te stellen naar € 2.900.000. In het raadsbesluit van 7 februari 2017 is echter gestaffeld toegewerkt naar de jaarlijks geadviseerde benodigde budgetten. Hierdoor is er in de totale planperiode 2017-2021 totaal EUR 3.950.000 minder beschikbaar gesteld dan destijds is geadviseerd. • Kwaliteit: Het effect daarvan is terug te zien in de achteruitgang in de kwaliteit en tevens in de verhoging van de benodigde kosten, zoals ze nu zijn gepresenteerd in voorliggende wegenbeleidsplan. Beheerareaal: • Omvang: Het totale oppervlak van de te onderhouden wegen, parkeerstroken, voet- en fietspaden bedraagt circa 1.864.000 m2. Vergeleken met het vorige wegenbeleidsplan is het beheerareaal toegenomen met grofweg 244.000 vierkante meter. Dat is een toename van 15%. Dit betreft met name nieuwbouw, zoals de wegverhardingen in Poelveld. • Circa 2/3 deel van het beheerareaal betreft asfaltverhardingen en 1/3 deel elementenverhardingen (zoals betontegel, betonstraatsteen, gebakken klinker). • Circa 80% van de verhardingen zijn terug te vinden in de buurtontsluitingswegen en de woonstraten. Kwaliteit: • Ambitieniveau: het gewenste kwaliteitsniveau is B.

Voor de dorpscentra en de gebieden om de kerken geldt een hoger ambitieniveau (kwaliteitsniveau A). • Huidige kwaliteit: De omvang van de verhardingen met een Voldoende kwaliteit (A+/A) daalde van 75% naar 72%. Daartegen over staat een toename van de omvang van de wegvakonderdelen met een matige kwaliteit (B): een stijging van 7% naar 10%. Hoewel het percentage met achterstallig onderhoud (D) is gedaald (van 13% naar 6%) is het percentage onvoldoende (C) echter gestegen van 5% naar 12%. Daarmee blijft het percentage Onvoldoende (C en D) gelijk ten opzichte van de inspectie uit 2016.

4 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

• •

Indien de omvang (m2) van de aan te pakken verharding wordt beschouwd dan valt op, dat de meeste winst is te behalen in het wegwerken van de onvoldoende kwaliteit (C en D) bij de buurtontsluitingswegen en de woonstraten die zijn uitgevoerd met een asfaltverharding. Kosten:

Klein onderhoud Hieronder zijn de kosten voor klein onderhoud weergegeven. De kosten zijn bepaald als percentage van de kosten voor groot onderhoud. 2021

2022

2023

2024

Totaal

Benodigd budget

€ 840.574

€ 166.395

€ 182.727

€ 274

€ 1.189.970

Beschikbaar budget

€ 80.000

€ 80.000

€ 80.000

€ 80.000

€ 320.000

€ -760.574

€ -86.395

€ -102.727

€ 79.726

€ -869.970

Onderdeel

Verschil

Tabel 1 Kosten klein onderhoud: benodigd versus beschikbaar

Tekort budget: voor de planperiode 2021-2024 is het totaal tekort circa EUR 870.000. Dit tekort is als volgt te verklaren: • •

Hogere kosten voor het benodigd groot onderhoud, waaraan de kosten voor klein onderhoud zijn gerelateerd. Hanteren van een hoger percentage ter bepaling van de kosten voor het klein onderhoud (van 6,5% naar 10%), zodat de hoogte ervan meer in lijn is met de percentages binnen de CROWwegbeheersystematiek.

Groot onderhoud Hieronder zijn de kosten voor groot onderhoud weergegeven. Ze zijn gebaseerd op de inspectieresultaten van eind 2019. 2021

2022

2023

2024

Totaal

Benodigd budget

€ 8.405.738

€ 1.663.955

€ 1.827.269

€ 2.740

€ 11.899.701

Beschikbaar budget

€ 1.232.000

€ 1.232.000

€ 1.232.000 € 1.232.000

€ 4.928.000

Verschil

€ -7.173.738

€ -431.955

€ -595.269 € 1.229.260

€ -6.971.701

Onderdeel

Tabel 2 Kosten groot onderhoud: benodigd versus beschikbaar

Voor de planperiode 2021-2024 is het totaal tekort circa EUR 6.972.000. Dit tekort is als volgt te verklaren: • • • •

Niet uitgevoerd onderhoud 2017-2021: circa EUR 880.0001. Verschil tussen benodigd (beheersysteem) en beschikbaar budget: circa EUR 3.360.000. Toevoeging van opslagpercentage voor Onvoorzien (10%): circa EUR 917.000. Toevoeging van opslagpercentage voor VAT (18%): circa EUR 1.815.000.

1 Een deel van het benodigd onderhoud is in 2017-2021 niet uitgevoerd als gevolg van

personeelswisselingen en de aanbesteding van nieuwe raamcontracten na de bouwvak van 2020. 5 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

Rehabilitatie Hieronder zijn de theoretisch jaarlijks gemiddelde kosten weergegeven voor rehabilitatie (vervanging inclusief fundering). 2024

Totaal

€ 3.525.000

€ 3.525.000 € 3.525.000

€ 14.100.000

€ 2.900.000

€ 2.900.000

€ 2.900.000 € 2.900.000

€ 11.600.000

€ -625.000

€ -625.000

€ -625.000

€ -2.500.000

2021

2022

Benodigd budget

€ 3.525.000

Beschikbaar budget Verschil

Onderdeel

2023

€ -625.000

Tabel 3 Kosten rehabilitatie: benodigd versus beschikbaar

Tekort budget: voor de planperiode 2021-2024 is het totaal tekort circa EUR 2.500.000. Dit tekort is als volgt te verklaren: • • •

Verschil tussen benodigd en beschikbaar budget: circa EUR -740.0002. Toevoeging van opslagpercentage voor Onvoorzien (10%): circa EUR 1.088.000. Toevoeging van opslagpercentage voor VAT (18%): circa EUR 2.152.000.

Risico’s De volgende risico’s worden benoemd bij dit wegenbeleidsplan: extra kosten als gevolg van vorstschades, toename vracht- en landbouwverkeer, teerhoudend asfalt, uitstel van onderhoud en de implementatie van de nieuwe wegbeheersystematiek in het beheersysteem.

Aanbevelingen Op basis van bovenstaande conclusies worden de volgende aanbevelingen gedaan: • •

• •

• •

Om te kunnen voldoen aan het ambitieniveau (kwaliteitsniveau B en kwaliteitsniveau A voor de bijzondere gebieden) is het van belang, dat achterstanden worden ingelopen en het beschikbaar budget voor groot onderhoud wordt verhoogd. Voor het wegwerken van het achterstallig onderhoud is het noodzakelijk om conform de regelgeving van de BBV een voorziening Achterstallig onderhoud in te stellen. Achterstallig onderhoud waarmee onveilige situaties worden gecreëerd en waarbij sprake is van kapitaalvernietiging dient zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen een redelijke termijn hersteld te worden. Ter egalisatie van de kosten voor het groot onderhoud wordt geadviseerd een voorziening in te stellen. Voorwaarde daarbij is dat er een actueel beheerplan wegen aanwezig is of wordt opgesteld. Het percentage ter bepaling van de kosten voor klein onderhoud (nu 6,5% van de kosten voor het groot onderhoud) te verhogen naar 10-15%, zodat het meer in lijn is met de gehanteerde percentages uit de CROW-wegsystematiek. Aangezien de gemeente beschikt over een eigen dienst wordt vooralsnog voorgesteld om uit te gaan van 10%. Rekening houden met een opslagpercentage voor de kosten voor Voorbereiding, Administratie en Toezicht (18%). Bij het beschikbaar stellen van de benodigde budgetten niet uitgaan van zogenaamde “ingroeimodellen”.

2 Op basis van eenheidsprijzen voor vervanging van de diverse verhardingstypen en wegtypen uit het

beheersysteem vallen de kosten lager uit dan de gecalculeerde kosten voor vervanging op basis van een gemiddelde prijs per vierkante meter uit het vorige wegenbeleidsplan. 6 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

1

INLEIDING

1.1

Aanleiding

De gemeente is verantwoordelijk voor een adequaat beheer van haar kapitaalgoederen, waaronder wegen, riolering, civiele kunstwerken, openbare verlichting en groen. Om invulling te geven aan deze opgave, wordt gebruik gemaakt van beleidsplannen en beheerplannen, die als kaders dienen voor het beheer en onderhoud van de kapitaalgoederen. Daarnaast is in het Besluit, Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (hierna: BBV) vastgelegd, dat voor het beheer van de kapitaalgoederen meerjarenprogramma’s beschikbaar moeten zijn. Het vaststellen van beheerplannen is bij het toepassen van voorzieningen voor kapitaalgoederen bovendien een verplichting in het kader van het BBV. En daar hoort een actueel beleidsplan aan ten grondslag te liggen. Logischerwijs wordt eerst het beleid opgesteld en vervolgens doorgepakt naar het beheer, zoals hieronder ook aangegeven.

Figuur 1 Relatie Beleid-Beheer-Voorbereiding-Uitvoering

Het huidige wegenbeleidsplan 2017-2021 is opgesteld in 2016 en is aan een actualisatie toe. De commissie BBV doet namelijk de aanbeveling om tenminste eenmaal in de vier jaar een integrale beleidsnota over het beleidskader onderhoud kapitaalgoederen door de raad te laten vaststellen en de hoofdlijnen daarvan jaarlijks in de begroting op te nemen in de paragraaf Onderhoud Kapitaalgoederen, zoals bedoeld in artikel 9, tweede lid, onder c van de BBV.

1.2

Doelstelling

Het doel van dit beleidsplan is het leggen van een bestuurlijke, beheersmatige en financiële basis voor het beheer van het kapitaalgoed wegen voor de periode 2021-2024. Het beleidsplan dient antwoord te gegeven op de volgende vragen: • • • • •

Hoe is het de afgelopen periode vergaan? Evaluatie van het vorig wegenbeleidsplan 2017-2020. Wat hebben we in beheer? De omvang van het beheerareaal. Wat willen we bereiken? De ambities en de bijbehorende kaders (wetgeving, financiën, ambitie kwaliteitsniveau)3. Voldoen we aan het ambitie kwaliteitsniveau? De huidige kwaliteit van het beheerareaal. Wat is er financieel nodig de komende 4 jaar om de ambities te kunnen realiseren? De werkvoorraad 2021-2024 om te komen van de huidige kwaliteit naar het ambitie kwaliteitsniveau.

3 Uitgangspunt is dat de ambities niet opnieuw hoeven te worden vastgesteld.

7 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

1.3

Scope

Het wegenbeleidsplan richt zich op alle bij de gemeente Eijsden-Margraten in beheer zijnde verhardingen. Daarbij gaat het om klein onderhoud, groot onderhoud en rehabilitatie (vervanging) van de rijbanen, parkeerstroken en - vakken en voet- en fietspaden en pleinen uitgevoerd in een asfalt-, beton- en elementenverharding (klinkers en tegel). Buiten de scope van dit wegenbeleidsplan vallen: • Onverharde en half verharde veldwegen (wandelpaden, landwegen). • Onderhoud van bermen. • Reiniging (veegdienst). • Gladheidbestrijding. • Markeringen. • Herinrichtingen. • Reconstructies.

1.4

Leeswijzer

Hoofdstuk 1 gaat in op de aanleiding, doelstelling en scope van het wegenbeleidsplan. Hoofdstuk 2 evalueert het vorige beleidsplan. Hoofdstuk 3 beschrijft de wettelijke, financiële en beleidskaders. Ook worden in dit hoofdstuk voor wegbeheer relevante trends en ontwikkelingen aangestipt. Hoofdstuk 4 geeft een overzicht van de kwantiteit en kwaliteit van het wegenareaal. Hoofdstuk 5 geeft inzicht in de budgetbehoefte. Daarin is onder andere de werkvoorraad opgenomen om te kunnen komen tot het ambitieniveau. In bijlage A is een verklarende woordenlijst opgenomen. Naar de overige bijlagen wordt verwezen vanuit het Wegenbeleidsplan.

8 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

2

EVALUATIE WEGENBELEIDSPLAN 2017-2021

Kwaliteit In de periode 2017-2021 is de kwaliteit tussentijds (2018) gemonitord om inzicht te krijgen of de werkelijke kwaliteit voldoet aan de ambities. Eind 2019 zijn de meest recente inspecties uitgevoerd. Onderstaande tabel laat zien dat de kwaliteit de afgelopen planperiode achteruit is gegaan. Kwaliteit

CROW 380

2010

2016

2018

2019

Voldoende

A+/A

91%

75%

68%

72%

Matig

B

0%

7%

8%

10%

Onvoldoende

C

4%

5%

5%

12%

Achterstallig

D

5%

13%

19%

6%

Tabel 4 Kwaliteit verhardingen diverse jaren

Deze achteruitgang kan meerdere oorzaken hebben. Hieronder wordt een en ander toegelicht. Verloop beschikbare budgetten In het wegenbeleidsplan 2017-2021 bleek uit de evaluatie van de planperiode 2012-2015 dat, ondanks dat de keuze is gemaakt om het accent te leggen op duurzame onderhoudsmaatregelen, de omvang van het achterstallig onderhoud is toegenomen. De oorzaak daarvan was dat er in de periode 2012-2015, ingegeven door noodzakelijke bezuinigingen, minder geld beschikbaar is gesteld dan destijds geadviseerd. Om een verdere teruggang in onderhoudsniveau te voorkomen is in het wegenbeleidsplan 2017-2021 geadviseerd om het onderhoudsbudget te verhogen naar € 1.312.000. Synchroon aan het verhogen van het onderhoudsbudget is geadviseerd om ook het budget van vervangingsinvesteringen structureel bij te stellen naar € 2.900.000. Met als doel de openbare ruimte duurzaam en toekomstbestendig in stand te houden. Het investeringsvolume en het onderhoudsbudget zijn als communicerende vaten met elkaar verbonden. Voor het ombuigen van de neerwaartse beweging in de kwaliteit is een tweesporen strategie gehanteerd. In het raadsbesluit van 7 februari 2017 is echter gestaffeld toegewerkt naar het jaarlijks geadviseerde benodigde budget uit het Wegenbeleidsplan 2017-2021 om de benodigde maatregelen uit te kunnen voeren.

In onderstaande tabel is met groene tekst te zien, dat er voor onderhoud pas in 2019 het jaarlijks geadviseerd bedrag is bereikt (€ 812.000 + € 500.000), voor vervangingsinvesteringen is vanaf 2020 het volledig geadviseerde bedrag (€ 2.900.000) opgenomen in de meerjarenraming. Onderdeel

2017

2018

2019

2020

Totaal

Onderhoud

€ 812.000

€ 812.000

€ 812.000

€ 812.000

€ 3.248.000

Levensduur verlengend onderhoud

€ 150.000

€ 300.000

€ 500.000

€ 500.000

€ 1.450.000

Rehabilitatie

€ 1.600.000

€ 1.400.000

€ 2.300.000

€ 2.900.000

€ 8.200.000

Totaal beschikbaar gesteld

€ 2.562.000

€ 2.512.000

€ 3.612.000

€ 4.212.000

€ 12.898.000

Totaal benodigd

€ 4.212.000

€ 4.212.000

€ 4.212.000

€ 4.212.000

€ 16.848.000

Verschil

€ -1.650.000

€ -1.700.000

€ -600.000

€-

€ -3.950.000

Tabel 5 Verschil in benodigd budget en beschikbaar gesteld Wegenbeleidsplan 2017-2021

9 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

De keuze van de raad om de budgetten gestaffeld te verhogen is bewust gekozen met als argument dat de voorbereiding van projecten dan op zorgvuldige wijze kunnen worden georganiseerd, rekening houdende met een voorbereidingstijd van tenminste 9 maanden tot een jaar. Werkelijk bestede budgetten 2017-2019 Onderstaande tabel laat de werkelijk bestede budgetten voor het onderhoud aan de verhardingen zien. Onderdeel Groot onderhoud

2017

2018

2019

€ 898.839

€ 874.881

€ 897.877

€ 311.511

€ 507.741

Levensduur verlengend onderhoud Rehabilitatie

€ 1.144.645

€ 838.288

€ 1.631.256

Totaal uitgegeven

€ 2.043.484

€ 2.024.680

€ 3.036.874

Totaal beschikbaar

€ 2.562.000

€ 2.512.000

€ 3.612.000

€ 518.516

€ 487.320

€ 575.126

Verschil

Tabel 6 Werkelijk besteed budget 2017-2019

Uit deze tabel blijkt dat groot onderhoud en Levensduur verlengend onderhoud conform planning zijn uitgevoerd. De rehabilitaties lopen achter. Uit nadere analyse van de cijfers zijn de volgende conclusies te trekken: 1. Het Levensduur verlengend onderhoud Terhorst in 2018 is niet uitgevoerd in verband met de aanwezigheid van een ernstige verontreiniging, die niet voorzien had kunnen worden. Op dit moment wordt hier nader onderzoek naar gedaan en de meerkosten inzichtelijk gemaakt. Het bedrag dat daarvoor in 2018 is gereserveerd staat dus nog open. 2. In het verleden werden volledige kredieten beschikbaar gesteld. Echter de doorlooptijd van een project, van start tot uiteindelijke oplevering, is vaak langer dan een jaar. Hierdoor blijft een gedeelte van het krediet open voor het volgend jaar. Sinds 2020 wordt de kredietbepaling meer gelijk laten lopen met de planning dus eerst een werkkrediet, dan een uitvoeringskrediet en naar gelang de omvang van het werk dit mogelijk over een langere termijn verdeeld. Tabel 5 laat echter zien dat er tekorten zijn indien de onderhoudsbehoefte wordt afgezet tegen het beschikbaar gestelde budget. De maatregelen die aan rehabilitaties gekoppeld zijn, komen vaak niet vanuit een globale visuele inspectie naar voren en is meer onderzoek en/of aanleiding voor nodig.

Raamcontract In de planperiode 2017-2021 zijn raamcontracten opgesteld en aanbesteed voor het kunnen uitvoeren van onderhoud aan de verhardingen. Dit heeft geleid tot vertraging in de uitvoering van de onderhoudswerkzaamheden en mogelijk een verklaring dat beschikbare budgetten niet volledig zijn benut. Activeren investeringen Na de vaststelling van het vorige wegenbeleidsplan heeft er een wijziging plaatsgevonden binnen de regelgeving van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten ten aanzien van investeringen, waar rehabilitatie (vervanging) ook onder valt. Met ingang van 1 januari 2017 moeten investeringen met een maatschappelijk nut in de openbare ruimte, die vanaf het begrotingsjaar 2017 of later gereedkomen, geactiveerd worden. Waar bij het opstellen van het wegenbeleidsplan 2017-2021 nog werd uitgegaan van gehele bekostiging van de investering voor de vervanging van een weg in het betreffende jaar uit de genoemde planperiode, wordt het investeringsbedrag vanaf 2017 echter uitgesmeerd over meerdere jaren (afschrijvingstermijn) en zijn alleen de kapitaallasten (rente en afschrijving) nog zichtbaar. Ook dit is een mogelijke verklaring voor het achterlopen in kosten bij de uitgevoerde rehabilitaties. 10 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

Aanpassing afschrijvingstermijn In de loop der jaren is de afschrijvingstermijn stapsgewijs aangepast naar 50 jaar. Oorspronkelijk was deze termijn 25 jaar. Na 2012 is dit aangepast naar 40 jaar en in 2017 naar 50 jaar. Dit betekent dat de weg langer in stand dient te worden gehouden met klein en groot onderhoud om aan deze 50 jaar te kunnen voldoen (niet levensduur verlengende maatregelen). De inschatting is dat als gevolg van de verlenging van de beoogde levensduur mogelijk een extra onderhoudsmoment nodig is en daardoor de kosten zullen oplopen. De kapitaallasten (rente en afschrijving) van een investering zullen door het oprekken van de afschrijvingstermijn echter dalen.

11 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

3

KADERS

De kaders geven de basis weer voor het beheer en onderhoud van de wegen op lange termijn. Ze zijn in dit wegenbeleidsplan als volgt gerangschikt: 1. Wettelijk kader. 2. Financieel kader. 3. Beleidskader.

3.1

Wettelijk kader

Het uitgangspunt is dat het beheer en onderhoud dient te worden uitgevoerd overeenkomstig het gestelde in de wettelijke kaders. De volgende wettelijke kaders zijn van invloed op het kapitaalgoed Wegen: • • • •

Grondwet: • Zorgplicht gericht op de bewoonbaarheid van het land. • Zorgplicht gericht op de bescherming en verbetering van het leefmilieu. Burgerlijk Wetboek: • Risicoaansprakelijkheid. • Schuldaansprakelijkheid. Wegenverkeerswet: • Waarborgen veiligheid weggebruiker. • Waarborgen functionaliteit van de wegen. Wegenwet: • Onderhoudsplicht voor de in beheer zijnde wegen. • Goed rentmeesterschap: instandhouden van het kapitaal, dat in de wegen is geïnvesteerd, door het tijdig plegen van onderhoud. • Verplichting tot het bezit van een wegenlegger voor de openbare wegen buiten de bebouwde kom.

In bijlage B zijn bovenstaande en overige wettelijke kaders afzonderlijk toegelicht.

3.2

Financieel kader

De financiële kaders zijn verwoord in de volgende vastgestelde stukken: • • • •

Financiële verordening 212 gemeente Eijsden-Margraten 2017. Nota waarderen en afschrijven Eijsden-Margraten 2017 Nota reserves en voorzieningen Eijsden-Margraten 2017. Programmabegroting 2020-2023.

Programmabegroting 2020-2023 De programmabegroting bestaat uit drie onderdelen: 1. Programmabegroting. 2. Paragrafen. 3. Financiële begroting. De Programmabegroting bevat vijf programma's: Mens & samenleving, Landschap, natuur en water, Duurzaam wonen, Dienstverlening en besturen, Financiën en middelen. Per programma zijn de doelstellingen voor het komende jaar geformuleerd en de financiële vertaling ervan om dit te kunnen realiseren. Het programma Landschap, natuur en water heeft een sterke relatie met voorliggend wegenbeleidsplan. Het programma kent drie beleidsvelden: 1. Buitengewoon buitengebied. 2. Economie, recreatie en toerisme. 3. Openbare Ruimte. Binnen het beleidsveld Openbare ruimte is er om meerdere redenen voldoende structurele aandacht voor de inrichting en onderhoud van de openbare ruimte:

12 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

• • •

De openbare ruimte is het visitekaartje van de gemeente. Een geslaagde openbare ruimte verleidt om er te verblijven en te ontmoeten. Een plek waar inwoners en bezoekers zich thuis voelen.

Bepaling benodigd budget De uitgevoerde visuele inspectie en de uitgangspunten van de CROW Wegbeheersystematiek vormen de basis voor de onderhoudsplanning voor de komende jaren. Om het benodigde onderhoudsbudget voor de komende jaren te bepalen worden door een gecertificeerde weginspecteur de schadebeelden per wegvak in beeld gebracht. Afhankelijk van de aard en omvang van de schades wordt een maatregelenpakket en onderhoudstermijn bepaald. Het totaal aan maatregelen en termijnen resulteren in een meerjarenraming. De totaal geraamde onderhoudskosten variëren per planjaar, waarbij de eerste jaren meestal de hoogste bedragen laten zien. Daarnaast dienen wegen periodiek geheel te worden vervangen. Om als gemeente financieel in balans te zijn, is het belangrijk jaarlijks voldoende investeringsbudget te reserveren voor vervangingsinvesteringen. Dit kunnen zowel reconstructies zijn alsmede rehabilitaties. Het benodigde budget voor vervangingsinvestering wordt bepaald door per verhardingstype (asfalt, beton of elementen) en wegtype het oppervlak te vermenigvuldigen met de vervangingswaarde. Op basis van de technische levensduur en de afschrijvingstermijn wordt vervolgens het benodigde budget berekend.

Het toepassen van hoogwaardige materialen als gebakken straatstenen of natuursteen is respectievelijk 25% en 100% duurder in aanschaf en verwerking dan in vergelijking met betonstraatstenen. Omdat veel van deze gebieden reeds hoogwaardiger zijn ingericht en we enkel vervangen bij einde levensduur is de financiële impact beperkt. Of deze materialen toegepast kunnen worden is afhankelijk van de situatie en het gebruik van de weg. Beschikbaar budget In onderstaande tabel is het beschikbaar budget weergegeven. Onderhoudstype

Beschikbaar budget Ten laste van

Klein onderhoud

80.0004 Exploitatie

Groot onderhoud

732.000 Exploitatie

Onderhoud onverharde/ veldwegen

40.000 Exploitatie

Levensduur verlengend onderhoud

500.000 Kapitaallasten via exploitatie

Rehabilitaties

2.900.000 Kapitaallasten via exploitatie

Tabel 7 Beschikbaar budget

3.3

Beleidskader

De beleidskaders voor dit beleidsplan zijn verwoord in de volgende vastgestelde stukken: • • • • •

Strategische visie 2022 – Vernieuwen door Verbinden. Mobiliteitsvisie Zuid-Limburg. Bestuursakkoord 2018-2022 Eijsden Margraten, Anders durven doen. GVVP. Wegenbeleidsplan 2017-2021: de aanwijzing van de gebieden met een hoger kwaliteitsniveau (A) als ambitieniveau.

Expliciet is de keuze gemaakt om de openbare ruimte primair goed te onderhouden. Hierbij wordt uitgegaan van een onderhoudsniveau van een zo genaamde B-kwaliteit, sober en doelmatig. Dat geldt voor wegen,

4 Betreft materiaal en inhuur

13 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

bermen, groenvoorzieningen, fiets- en voetpaden. De dorpscentra en de gebieden om de kerken krijgen extra aandacht conform het wegenbeleidsplan 2017-2021.

3.3.1

Wegonderhoud

De openbare ruimte is het visitekaartje van de gemeente. De inrichting ervan behoort in harmonie te zijn met de landschappelijke omgeving. Veel groen hoort daarbij, zowel in de kernen als de bedrijventerreinen. De openbare ruimte bestaat uit wegen, trottoirs, fietspaden, parkeerplaatsen, plantsoenen, gazons, hagen, solitaire bomen en bosplantsoenen. Omdat de waarde van het wegenareaal alsmede het openbaar groen belangrijk is, wordt er geen onderscheid gemaakt in verschillende kwaliteitsniveaus. Zowel de wegen binnen en buiten de bebouwde kom als de wegen op bedrijventerreinen worden op B-kwaliteit (basiskwaliteit) onderhouden, sober en doelmatig. In paragraaf 3.3.2 wordt nader ingegaan op de karakteristieke gebieden. Bij het onderhouden van de verhardingen onderscheiden we drie type werkzaamheden, een en ander ook afhankelijk van de afschrijftermijnen van de kosten. De verschillende typen zijn onder te verdelen in: 1. Onderhoud a. Klein onderhoud: Hierbij worden gebreken aan de verharding hersteld. Met als doel de bestaande verharding veilig te houden. Vaak gaat het hier om ‘kleinere’ ad hoc reparaties, zoals reparatievakken in het asfalt en reparaties aan de elementenverharding. Het betreft werkzaamheden die door de eigen dienst worden uitgevoerd. b. Groot onderhoud: Dit betreft werkzaamheden om de weg in stand te kunnen houden om daarmee de beoogde levensduur te halen.

Voorbeelden van groot onderhoudsmaatregelen zijn het vervangen van asfaltdeklaag en het geheel herstellen van trottoirs. Deze reparaties volgen uit de visuele inspecties en worden uitbesteed. 2. Levensduur verlengend onderhoud De gemeente kenmerkt zich door veel ‘landschappelijke’ ontsluitingswegen, die de kernen met elkaar verbinden. Bij deze wegen ontbreekt vaak een goede fundering onder en langs de weg. Hierdoor tekenen zich op deze wegen diverse schadebeelden af, onder andere veel randschade en scheurvorming. Gezien de lengte en de omvang van de schadebeelden van deze wegen volstaat regulier onderhoud niet. Bij levensduur verlengend onderhoud wordt de bestaande verharding als basis gebruikt en wordt er een nieuwe asfaltconstructie en kantopsluiting aangebracht, zodat de weg weer minimaal 25 jaar mee kan. Voorbeelden van dergelijke uitgevoerde werken zijn de Bruisterboschweg (tussen Bruisterbosch en Herkenrade) en Voerenstraat. 3. Reconstructies en rehabilitatie Bij een reconstructie of rehabilitatie wordt de gehele constructieve opbouw van de weg aangepakt. Dit is in de regel het moment om te bekijken of andere disciplines zoals riolering, verkeer of andere maatschappelijke ontwikkeling aanleiding zijn tot een gehele verandering van de inrichting.

Indien de gehele inrichting wordt aangepakt, wordt gesproken van spreken we van een reconstructie, blijft de inrichting gelijk maar vindt een technische vervanging van de constructie plaats spreken we over een rehabilitatie. Beide maatregelen vallen in de categorie vervangingsinvestering omdat de constructieopbouw van de weg met nieuw materiaal wordt aangepakt. Deze wegen worden op een termijn van 50 jaar afgeschreven. Voorbeelden van dergelijke gerealiseerde projecten zijn de Oude Akerstraat in Bemelen, Emmastraat in Eijsden en de weg door Herkenrade.

3.3.2

Karakteristieke gebieden

De infrastructuur in Zuid-Limburgse dorpen kenmerkt zich door: • • • •

Het gebogen karakter van de wegen waarbij de natuurlijke lijnen zijn en worden gevolgd. Een lage verkeersdynamiek, met uitzondering van de oude Rijkswegen die als gebiedsontsluitingsweg dienen. De afwezigheid van trottoirs in bepaalde gebied door de aanwezige lintbebouwing. De aanwezigheid van veldwegen en watervoerende holle wegen.

14 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

In de gemeente Eijsden-Margraten bevinden zich een aantal, van rijkswege dan wel door gemeentewege, beschermde dorpsgezichten. Daarnaast liggen in de verschillende dorpen diverse concentraties monumenten, die bijdragen aan het speciale karakter en uitstraling van de dorpen. Binnen de gemeente komen diverse karakteristiek gebieden voor. Daarvan zijn er 8 bestempeld als beschermd dorpsgezicht. Naast deze beschermde dorpsgezichten worden de twee centra onderscheiden (Eijsden en Margraten) en een aantal karakteristieke kernen. Deze laatste gebieden kenmerken zich door de monumentale of karakteristieke omgeving, waardoor de inrichting en het onderhoud van de openbare ruimte hier extra aandacht vraagt. Dit is de reden dat de raad extra aandacht heeft gevraagd bij het eventueel inrichten van deze gebieden. In een aantal documenten is beschreven welke uitstraling van de beschermde dorpsgezichten gewenst is. Daarbij moet worden gedacht aan beeldbepalend en beeld ondersteunend materiaal- en kleurgebruik. Er is niet specifiek beschreven, welke materialen er toegepast dienen te worden. Over het algemeen karakteriseren deze dorpsgezichten, of zouden zich moeten karakteriseren, door: • • • • •

De oorspronkelijke uitstraling van deze locaties, zowel door vormgeving als door kleurgebruik. De toepassing van gebakken bestratingsmateriaal en/ of natuursteen. De aanwezigheid van een smal voetpad of zelfs het ontbreken daarvan. Het verwijderen, verplaatsen of camoufleren van storend straatmeubilair. Het ontbreken van snelheidsbeperkende voorzieningen.

Het afgelopen decennium is op een groot aantal locaties deze authentieke uitstraling weer teruggebracht door deze locaties opnieuw in te richten en het gebruiken van hoogwaardige materialen. Voor de centrumgebieden en de overige karakteristieke kernen en gebieden ontbreken vastgestelde documenten. Tijdens de raadsconferentie van 14 december 2015 zijn deze gebieden in een raadsdialoog besproken. Daarbij is ook ingezoomd op de argumentatie waarom dit kenmerkende gebieden zijn. Voorbeelden zijn de Diepstraat in Eijsden en de Gen hof in Margraten. Voor de centrumgebieden van Eijsden en Margraten geldt dat deze recentelijk met hoogwaardige materialen zijn ingericht. Daarbij is onder andere gebruik gemaakt van gebakken bestratingsmaterialen en natuursteen. Daarmee sluiten deze gebieden qua materiaalgebruik aan bij de beschermde dorpsgezichten. De karakteristieke kernen en delen kennen een hoge mate van authenticiteit en eigenheid. De aanwezigheid van cultuurhistorische elementen en (rijks-)monumenten vraagt om een hoogwaardige inrichting en een hoger kwaliteitsniveau. Deze gebieden zijn deels al hoogwaardig ingericht met gebakken straatstenen en /of natuursteen. Er zijn, evenals bij de beschermde dorpsgezichten, ook locaties aan te duiden waar asfalt aanwezig is.

Voor alle benoemde gebieden geldt dat een karakteristieke uitstraling gewenst is en dat deze door een andere inrichting en materiaalgebruik is te realiseren. Nog niet alle aangewezen gebieden voldoen aan het beschreven beeld of er zijn uit praktisch oogpunt andere materialen toegepast. Het zogenaamde “omvormen” van deze locaties moet echter als een project worden gezien en, bij voorkeur, worden opgepakt op het moment dat de huidige verharding technisch aan vervanging toe is of wanneer er met een ander project kan worden meegelift (b.v. rioolvervanging of verkeerskundige herinrichting).

3.3.3 • •

• • • • •

Beleidsuitgangspunten

Het Wegenbeleidsplan wordt voor 4 jaar vastgesteld, waarbij tussentijds de meerjarenplanning wordt geactualiseerd op basis van de resultaten van de laatste weginspectie. Door tweejaarlijks de globale visuele weginspectie uit te voeren en de meerjarenplanning te actualiseren wordt bereikt, dat de afwijking tussen de begroting, het daadwerkelijk uitgevoerde onderhoud en de ontwikkeling van de kwaliteit van het wegenareaal wordt verkleind. Daarmee is de gemeente meer in control op de ontwikkelingen van de kwaliteit van de wegverharding. Eens in de 2 jaar vindt er een globale visuele inspectie aan de verhardingen plaats. Er vindt ook een klein onderhoudsinspectie plaats. Het werkpakket dat daaruit voortvloeit, wordt door de buitendienst opgepakt. Voor de uitvoering van de groot onderhoudsmaatregelen zijn meerjarige raamcontracten (asfalt en elementen) afgesloten. Waar mogelijk worden wegvakonderdelen samengevoegd tot wegvakken. Slijtlagen en oppervlakbehandelingen zijn niet gewenst binnen stedelijk gebied. 15 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

3.3.4

Burgerparticipatie

De participatiematrix is geraadpleegd en gevolgd. De conclusie daarbij is dat het niet mogelijk is om inwoners te betrekken bij dit juridisch c.q. financiële beleidsplan. In verband met onvoldoende juridische en beleidsruimte wordt in dit stadium burgerparticipatie afgeraden. Dit komt met name door de aanwezigheid van een aantal beperkende factoren, zoals landelijke wet- en regelgeving (zie paragraaf 3.1), financiële kaders (zie paragraaf 3.2) en eerder opgestelde beleidskaders (zie paragraaf 3.3). Zo is het uitgangspunt bij dit wegenbeleidsplan, dat de ambitieniveaus niet zullen worden bijgesteld. En daarnaast is de Raad in een eerder stadium betrokken geweest bij het bespreken, aanwijzen en vaststellen van de karakteristieke gebieden. Burgerparticipatie zal wel worden ingezet bij de voorbereiding en uitvoering van maatregelen voortvloeiend uit en in samenhang met het wegenbeleidsplan. Een en ander afhankelijk van de aard van de activiteit: • • •

Onderhoud: publicatie van de onderhoudswerkzaamheden in de lokale weekbladen en bezorging van bewonersbrieven. Levensduur verlengend onderhoud: voor dit onderdeel geldt op de participatieladder de term informeren. Aan de inrichting van de weg verandert niets, er wordt slechts onderhoud uitgevoerd waarbij de levensduur wordt verlengd. Rehabilitatie/ Reconstructies: organisatie van een tweetal inspraakavonden waarbij uitgebreid met de burgers in gesprek wordt gegaan. Tijdens de uitvoering wordt gestreefd naar steeds meer integraal omgevingsmanagement waarbij de bewoners geraadpleegd en geïnformeerd. Bij het opstarten van het project worden de burgers geraadpleegd om zodoende een gedragen definitief ontwerp te genereren. Als het ontwerp definitief is, worden de inwoners geïnformeerd over de planning, de fasering en wat het bouwteam is voor eventuele vragen tijdens de uitvoering.

Raadsleden en commissieleden worden uitgenodigd voor inspraakavonden.

3.4

Ontwikkelingen

Het beheer van de openbare ruimte staat niet op zich, maar is continu in beweging door diverse uitdagingen en ontwikkelingen. De belangrijkste ontwikkelingen met raakvlakken voor het wegbeheer zijn hieronder kort beschreven, bedoeld om de effecten en/of kansen aan te stippen en indien mogelijk in te passen binnen de huidige onderhoud strategie of anders apart krediet voor aan te vragen.

3.4.1

Klimaatverandering

Het klimaat is aan het veranderen en leidt tot meer extremen. Het wordt natter, droger en warmer. Het (hemel) watersysteem en de afvalwaterketen moet de neerslag zo goed als mogelijk kunnen verwerken. Het besef groeit, dat dit niet meer uitsluitend met grotere rioolbuizen is op te vangen, maar dat een integrale aanpak noodzakelijk is. In het kader van klimaatadaptatie zal een afweging moeten worden gemaakt tussen het accepteren of beperken van schade door wateroverlast bij extreme buien. In het nationaal Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie hebben gemeenten afgesproken hiervoor klimaatstresstesten uit te voeren (2019) om te komen tot klimaatadaptatiestrategieën (2020).

3.4.2

Veranderende wetgeving

Een belangrijke ontwikkeling binnen de planperiode van dit Wegenbeleidsplan is de komst van de Omgevingswet. Deze wordt naar verwachting per 1 januari 2021 van kracht. De Omgevingswet stelt, veel meer dan de traditionele ruimtelijke ordening, de fysieke omgeving centraal. Leefbaarheid en gezondheid spelen hiermee een meer nadrukkelijke rol in de belangenafweging tussen mobiliteit, water, groen, bebouwing etc.

3.4.3

Energietransitie

Met de verandering naar een aardgasloze samenleving zal een nieuwe ondergrondse energie infrastructuur ontstaan, waarbij ook afvalwater steeds meer leverancier wordt van energie en grondstoffen. Dit thema biedt kansen om de onder- en bovengrondse infrastructuur kostenefficiënt te vernieuwen/ klimaat adaptief in te richten en samen meerwaarde te creëren. 16 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

4

HUIDIGE SITUATIE

De gemeente Eijsden-Margraten is een uitgestrekte plattelandsgemeente met landschappelijk karakter. De gemeente ligt in het Heuvelland, Plateau en Maasdal en maakt onderdeel uit van de groene lang tussen Maastricht, Aken en Luik. De gemeente telt 15 kerkdorpen en daarnaast ook 20 gehuchten en buurtschappen. Met de vele pittoreske en gevarieerde kernen, met de voor Zuid-Limburg zo kenmerkend natuurschoon en de aanwezigheid van een groot buitengebied en kilometerslange fiets- en wandelpaden, is de gemeente en haar omgeving een ideaal gebied voor wandelaars en fietsers. Dit vraagt om een specifieke aanpak in beheer en inrichting van de openbare ruimte, waarbij er rekening dient te worden gehouden met het landschap, wandelaars, fietsers, landbouwverkeer en de unieke karakteristieke gebieden.

4.1

Omvang areaal

Om het beheer en onderhoud van de wegen binnen de gemeente op een verantwoorde manier te plannen, gebruikt de gemeente onder andere een beheersysteem. Het systeem is voor het wegbeheer voorzien van het landelijk CROW Keurmerk, waarmee is gegarandeerd dat het beheersysteem de wegbeheersystematiek (CROW-publicatie 147 – Wegbeheer) en bijbehorende berekeningen goed toepast. Jaarlijks vindt er een actualisatie plaats van het beheersysteem, inspecties en mutaties van de BGT. Met deze activiteiten kan worden gesteld dat het beheersysteem actueel, betrouwbaar en compleet blijft. Areaal per verhardingstype In tabel 8 is het beheerareaal weergegeven onderverdeeld naar verhardingstype. Oppervlak

Percentage

[m2]

[%]

Asfalt

1.241.045

67

Beton

22.526

1

Elementen

599.945

32

1.863.516

100

Verhardingstype

Totaal Tabel 8 Omvang beheerareaal per verhardingstype [m2; %]

Het totale oppervlak van de te onderhouden wegen, parkeerstroken, voet- en fietspaden is circa 1.864.000 m2. Vergeleken met het vorige wegenbeleidsplan is het beheerareaal toegenomen met grofweg 244.000 vierkante meter. Dat is een toename van 15%. Dit betreft met name nieuwbouw zoals de wegverhardingen in Poelveld. Opvallend is dat circa 2/3 deel van het beheerareaal is uitgevoerd in asfalt. Dit is gezien het karakter van een plattelandsgemeente en de daaraan gerelateerde wegen in het buitengebied begrijpelijk. Echter ook vele wegen met een gebruiksfunctie “weg in woongebied” zijn in asfalt uitgevoerd.

17 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

Areaal per wegtype Het beheerareaal kan ook opgedeeld worden in wegtype. Oppervlak

Percentage

[m2]

[%]

389

0

Gebiedsontsluitingsweg

2.167

0

4 – Licht belaste weg

Buurtontsluitingsweg

758.286

41

5 – Weg in woongebied

Woonstraten / parkeervakken

723.547

39

6 – Weg in verblijfsgebied

Voetpaden / trottoirs

311.929

17

7 – Vrijliggende fietspaden

Fietspaden

67.199

3

1.863.516

100

Wegtype

Indicatie Gebruiksfunctie

2 – Zwaarbelaste weg

Stadsautosnelweg

3 – Gemiddeld belaste weg

Totaal Tabel 9 Beheerareaal per wegtype

In onderstaande figuur is de verdeling gevisualiseerd weergegeven.

Figuur 2 Beheerareaal per wegtype

Binnen de gemeente heeft 41% van het beheerareaal de functie van licht belaste weg, 39% heeft de functie weg in woongebied en 17% weg in verblijfsgebied. Slechts 3% van het areaal is aangemerkt als fietspad. Het gaat hierbij om verhardingen welke als een apart onderdeel gezien worden zogenaamde vrijliggende fietspaden. Doorgaans komt de fietsfunctie tot uitdrukking in fietssuggestiestroken, als onderdeel van de rijbaan. Het aandeel van de zwaar en gemiddeld belaste wegen in het totale beheerareaal is nihil. Vergeleken met het vorige wegenbeleidsplan heeft er een verschuiving plaatsgevonden binnen de wegtypen. In dat beleidsplan was het aandeel van gemiddeld belaste wegen (gebiedsontsluitingsweg) 13% en de licht belaste wegen (buurtontsluitingsweg) 25%. Het lijkt erop dat deze wegen zijn samengevoegd en ondergebracht bij de licht belaste wegen. Circa 26% van het totale beheerareaal heeft als bovenlaag een oppervlakbehandeling.

18 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

Figuur 3 Beheerareaal per verhardingstype en wegtype [m2]

4.2

Kwaliteit areaal

Om de huidige kwaliteit van het beheerareaal in beeld te brengen en te voldoen aan wet- en regelgeving (aansprakelijkheidsrisico) zijn alle wegvakonderdelen in het najaar van 2019 globaal visueel geïnspecteerd (CROW 146b) door een onafhankelijk CROW gediplomeerde inspecteur. De inspectieresultaten zijn input voor het beheersysteem en vormen de basis voor de meerjarige programmering groot onderhoud voor de korte en middellange termijn. In bijlage C is een schematische weergave van het proces van wegbeheer conform CROW-publicatie 147 weergegeven. Bijlage D geeft een toelichting op de inspectiemethodiek. Binnen de CROW is er een relatie te leggen tussen de wegbeheersystematiek (CROW 147) en de beeldsystematiek (CROW 380), zodat de resultaten van de visuele inspectie van wegverhardingen kunnen worden gepresenteerd in de beeldkwaliteitsniveaus A+, A, B, C en D. CROW 380

Omschrijving Indicatie kwaliteit

CROW 147

A+

Zeer goed

Nagenoeg ongeschonden

Er is geen schade

A

Goed

Mooi en comfortabel

Er is enige schade, maar de waarschuwingsgrens is nog niet overschreden

B

Voldoende

Functioneel

De waarschuwingsgrens is overschreden: er is klein onderhoud nodig of binnen vijf jaar is groot onderhoud nodig

C

Matig

Onrustig beeld, discomfort of enige De richtlijn is overschreden: er is binnen twee vorm van hinder jaar groot onderhoud nodig

D

Te slecht

Kapitaalvernietiging, functieverlies, De richtlijn is meer dan één klasse juridische aansprakelijkheid overschreden: er is direct groot onderhoud nodig

Tabel 10 Omschrijving en indicatieve relatie kwaliteitsniveaus CROW 380 en CROW 147

19 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

Overall kwaliteit Indien wordt gekeken naar het gehele areaal dat in beheer is bij de gemeente Eijsden-Margraten dan heeft circa 72% een voldoende kwaliteit (A+/A), 10% is van matige kwaliteit (B) en 18% is onvoldoende (kwaliteitsniveau C en D). Bij 6% van het totale beheerareaal is daarbij sprake van achterstallig onderhoud (kwaliteitsniveau D).

Figuur 4 Overall kwaliteit beheerareaal

Nadere analyse kwaliteit De inspectieresultaten en bijbehorende kwaliteitsniveaus zijn geanalyseerd. In bijlage E zijn de resultaten van deze analyse weergegeven. De volgende typen wegen dragen het meeste bij aan het percentage met een onvoldoende kwaliteit: • • • •

Gebiedsontsluitingswegen met een betonverharding. Buurtontsluitingswegen met een asfaltverharding. Woonstraten met een asfaltverharding. Voetpaden met een asfaltverharding.

Indien de omvang (m2) van de aan te pakken verharding wordt beschouwd dan valt op, dat de meeste winst is te behalen in het wegwerken van de onvoldoende kwaliteit (C en D) bij de buurtontsluitingswegen en de woonstraten die zijn uitgevoerd met een asfaltverharding. Met name de wegen voorzien van een oppervlakbehandeling hebben een groot aandeel in de omvang met een slechtere kwaliteit.

20 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

4.3

Omvang en kwaliteit versus financiën

In 2019 is een visuele inspectie volgens de CROW Wegbeheersystematiek uitgevoerd op het totale wegenareaal (rijbanen, voetpaden, parkeerstroken, fietspaden). Onderstaande tabel toont het verloop in kwaliteit gedurende de periode 2010-2019. Kwaliteit

CROW 380

2010

2016

2018

2019

Planjaar

Voldoende

A+/A

91%

75%

68%

72

>5

Matig

B

0%

7%

8%

10

3-5

Onvoldoende

C

4%

5%

5%

12

1-2

Achterstallig

D

5%

13%

19%

6

1

Tabel 11 Verloop kwaliteit in de loop der jaren

Bovenstaande tabel toont dat de kwaliteit van het beheerareaal achteruitgaat. Ten opzichte van 2016 is er een inhaalslag gemaakt in het wegwerken van achterstanden, het percentage met een onvoldoende kwaliteit is daarentegen aanzienlijk gestegen. Ten opzichte van 2016 en 2018 is het percentage Onvoldoende en Achterstallig toegenomen van 18% naar 24% en weer afgenomen naar 18%. Dit zijn de wegvakken die in planjaar 1 en 2 moeten worden aangepakt. De aanzienlijke toename van de omvang van de wegvakken met een onvoldoende kwaliteit (C) kan mogelijk als volgt worden verklaard: • • • •

Beschikbare budgetten zijn niet geïndexeerd, terwijl de kosten wel zijn gestegen sinds 2016 en er daardoor minder vakken onderhouden konden worden. Bezuinigingen: gestaffelde verhoging van de budgetten in plaats van een verhoging direct aan het begin van de planperiode. Door uitstel van asfaltonderhoud zijn zwaardere en daardoor duurdere maatregelen nodig, waardoor minder locaties kunnen worden aangepakt met het beschikbaar budget. De raamcontracten asfalt en elementen zijn later in het jaar aanbesteed, waardoor er vertraging is opgelopen in het wegwerken van de achterstanden.

Financiën In het voorgaande wegenbeleidsplan is aangegeven, dat er op basis van de inspectieresultaten jaarlijks circa € 1.312.000 voor onderhoud noodzakelijk was: onderverdeeld in € 80.000 voor klein onderhoud en € 1.232.000 voor groot onderhoud. Naast onderhoud aan de wegen dienen wegen periodiek ook vervangen te worden, de zogenaamde vervangingsinvesteringen. In het wegenbeleidsplan 2017-2021 is hiervoor een theoretische berekening gemaakt op basis van de levensduur van een weg (50 jaar). Het benodigde budget is gebaseerd op het periodiek vervangen van alle verhardingen.

21 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

In onderstaande tabel is inzicht gegeven in het benodigde budget versus beschikbaar gesteld budget voor onderhoud en vervangingsinvesteringen uit het vorig wegenbeleidsplan 2017-2020. Onderdeel

Onderhoud 2017-2020

Investeringen 2017-2020

Totaal benodigd budget

€ 5.248.000

€ 11.600.000

Totaal beschikbaar gesteld budget

€ 4.698.000

€ 8.200.000

Tekort / overschot

€ -550.000

€ -3.400.000

Tabel 12 Gevraagd en beschikbaar gesteld budget Onderhoud en Investeringen 2017-2021

Uit de tabel is af te leiden dat de beschikbare budgetten als gevolg van bezuinigingen en staffeling van beschikbaar gestelde budgetten achter zijn gebleven bij het geadviseerde budget. Totaal een tekort van EUR 550.000 voor het onderhoud en EUR 3,4 miljoen voor investeringen.

22 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

5

KOSTEN

5.1

Klein onderhoud

De kosten voor klein onderhoud worden bepaald op basis van een eerder bepaald percentage van 6,5% van het groot onderhoud. De inschatting is dat dit percentage aan de lage kant is. Binnen de wegbeheersystematiek worden de kosten voor klein onderhoud (personeel en materiaal) gedefinieerd als een percentage van de kosten voor groot onderhoud. In onderstaande tabel is de bandbreedte weergegeven, afhankelijk van het wegtype en verhardingstype. Wegtype

Indicatie gebruiksfunctie

Asfalt

Elementen

2 – Zwaarbelaste weg

Stadsontsluitingsweg

5-8%

N.v.t.

3 – Gemiddeld belaste weg

Gebiedsontsluitingsweg

8-12%

15-20%

4 – Licht belaste weg

Buurtontsluitingsweg

8-12%

15-20%

5 – Weg in woongebied

Woonstraten/ parkeervakken

10-15%

15-20%

6 – Weg in verblijfsgebied

Voetpaden/ trottoirs

10-15%

15-20%

7 – Vrijliggende fietspaden

Fietspaden

10-15%

15-20%

Tabel 13 Percentage klein onderhoud ter bepaling van de kosten voor groot onderhoud (Bron: CROW 147)

Indien bovenstaande percentages worden gerelateerd aan de werkelijke omvang per verhardingstype en wegtype, dan ligt de gemiddelde bandbreedte tussen de 10 en 15%. Doordat er bij de gemeente EijsdenMargraten een deel van het klein onderhoud door de eigen dienst wordt uitgevoerd en een deel wordt uitbesteed lijkt het minimum percentage van de bandbreedte (10%) het meest voor de hand te liggen.

5.2

Groot onderhoud

De kosten voor groot onderhoud zijn binnen de gemeente Eijsden-Margraten gedefinieerd als de werkvoorraad 2021-2024. Het betreft de verhardingen met een onvoldoende en matige kwaliteit. Om deze verhardingen op het ambitieniveau te krijgen, zijn maatregelen nodig. Daar zijn kosten aan verbonden. Het beheersysteem genereert op basis van de inspectieresultaten en een toets aan de richtlijnen een basisbegroting voor een periode van 5 jaar. In planjaar 1 (2021) plant de systematiek al het aanwezige achterstallig onderhoud. Volgens de regelgeving van de BBV dient geconstateerd achterstallig onderhoud, waarmee onveilige situaties worden gecreëerd en waarbij sprake is van kapitaalvernietiging zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen een redelijke termijn hersteld te worden. Daarvoor dient een voorziening achterstallig onderhoud te worden ingesteld.

23 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

De kosten uit het beheersysteem zijn exclusief onvoorzien en exclusief Voorbereiding, administratie en toezicht (VAT). In onderstaande tabel zijn deze kosten toegevoegd aan de kosten uit het beheersysteem. Planjaar

2021

2022

2023

2024

Totaal

€ 6.475.915

€ 1.281.937

€ 1.407.757

€ 2.111

€ 9.167.721

€ 647.592

€ 128.194

€ 140.776

€ 211

€ 916.772

Subtotaal

€ 7.123.507

€ 1.410.131

€ 1.548.533

€ 2.322

€ 10.084.493

VAT (18%)

€ 1.282.231

€ 253.824

€ 278.736

€ 418

€ 1.815.209

Totale kosten

€ 8.405.738

€ 1.663.955

€ 1.827.269

€ 2.740

€ 11.899.701

2021

2022

2023

2024

Totaal

Benodigd budget

€ 8.405.738

€ 1.663.955

€ 1.827.269

€ 2.740

€ 11.899.701

Beschikbaar budget

€ 1.232.000

€ 1.232.000

€ 1.232.000

€ 1.232.000

€ 4.928.000

Verschil

€ -7.173.738

€ -431.955

€ -595.269

€ 1.229.260

€ -6.971.701

Kosten (basisbegroting5) Onvoorzien (10%)6

Tabel 14 Kosten Groot onderhoud

Benodigd versus beschikbaar Onderdeel

Tabel 15 Benodigd versus beschikbaar budget Groot onderhoud

Voor de planperiode 2021-2024 is het totaal tekort circa EUR 6.972.000. Dit tekort is als volgt te verklaren: • • • •

Niet uitgevoerd onderhoud 2017-2021: circa EUR 880.0007. Verschil tussen benodigd (beheersysteem) en beschikbaar budget: circa EUR 3.360.000. Toevoeging van opslagpercentage voor Onvoorzien (10%): circa EUR 917.000. Toevoeging van opslagpercentage voor VAT (18%): circa EUR 1.815.000.

5.3

Rehabilitatie

De vervangingswaarde van de wegen zijn vanuit het vorige wegenbeleidsplan bepaald op jaarlijks EUR 2,9 miljoen. Op basis van het actuele beheerareaal en de vervangingsmaatregelen per verhardingstype en wegtype uit het beheersysteem vermeerderd met de opslagpercentages voor onvoorzien en VAT is het nieuwe benodigd budget voor rehabilitatie bepaald. Daarbij is uitgegaan van een gemiddelde levensduur van 50 jaar.

5 Bron: beheersysteem. 6 Het percentage Onvoorzien is ten behoeve van teerhoudendheid asfalt en zinkverontreiniging in de

fundering of de berm. 7 Een deel van het benodigd onderhoud is in 2017-2021 niet uitgevoerd als gevolg van personeelswisselingen en de aanbesteding van nieuwe raamcontracten na de bouwvak van 2020. 24 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

Hieronder zijn de theoretisch jaarlijks gemiddelde kosten weergegeven voor rehabilitatie (vervanging inclusief fundering).

Onderdeel

2021

2022

2023

2024

Totaal

Benodigd budget

€ 3.525.000

€ 3.525.000

€ 3.525.000

€ 3.525.000

€ 14.100.000

Beschikbaar budget

€ 2.900.000

€ 2.900.000

€ 2.900.000

€ 2.900.000

€ 11.600.000

Verschil

€ -625.000

€ -625.000

€ -625.000

€ -625.000

€ -2.500.000

Tabel 16 Kosten rehabilitatie: benodigd versus beschikbaar

Tekort budget: voor de planperiode 2021-2024 is het totaal tekort circa EUR 2.500.000. Dit tekort is als volgt te verklaren: • • •

Verschil tussen benodigd en beschikbaar budget: circa EUR -740.0008. Toevoeging van opslagpercentage voor Onvoorzien (10%): circa EUR 1.088.000. Toevoeging van opslagpercentage voor VAT (18%): circa EUR 2.152.000.

8 Op basis van eenheidsprijzen voor vervanging van de diverse verhardingstypen en wegtypen uit het

beheersysteem vallen de kosten lager uit dan de gecalculeerde kosten voor vervanging op basis van een gemiddelde prijs per vierkante meter uit het vorige wegenbeleidsplan. 25 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

6

CONCLUSIE EN RISICO’S

6.1

Conclusies

6.1.1

Beleidskader

Het te beheren areaal van de gemeente Eijsden-Margraten heeft een omvang van circa 1.864.000 vierkante meter, waarvan circa 2/3 bestaat uit asfaltverhardingen. De verhardingen worden onderhouden op een basisniveau (ambitie: kwaliteitsniveau B en de bijzondere gebieden9 kwaliteitsniveau A). Binnen de gemeente zijn gebieden bij de vaststelling van het wegenbeleidsplan 2017-2021 aangewezen, waar extra aandacht voor inrichting gewenst is. Het gaat hierbij op beschermde dorpsgezichten, centrumgebieden en overige gebieden die door een authentieke uitstraling of cultuurhistorische waarde zijn getypeerd als karakteristiek. Voor een aantal van deze gebieden geldt dat het karakteristieke beeld onder andere door het aanwezige bestatingsmateriaal wordt bereikt of kan worden bereikt. Het gebruik van natuursteen en gebakken bestratingsmaterialen, maar ook de inrichting en vormgeving van deze gebieden moeten een positieve inbreng hebben. Ondanks het feit dat de gewenste verhardingsmaterialen doorgaans duurder zijn dan de gebruikelijke verhardingsmaterialen, biedt het vormen van de eigen, karakteristieke gebieden wel de mogelijkheid om de leefomgeving een duurzame kwaliteitsimpuls te geven voor bewoners en bezoekers. De gemeente Eijsden-Margraten heeft een wegbeheersysteem dat actueel, betrouwbaar en compleet is.

Om goed en professioneel wegbeheer te kunnen blijven voeren, moeten de bestaande arealen jaarlijks geactualiseerd worden. Dit houdt in: jaarlijkse actualisatie van de administratieve gegevens en het periodiek uitvoeren van inspecties en het bijhouden van jaar van aanleg en onderhoudsjaar. De kwaliteit van de verhardingen wordt periodiek in beeld gebracht. De meest recente inspectie is van eind 2019. Het onderhoudsbudget is de afgelopen jaren niet voldoende gebleken om de verhardingen op het gewenste kwaliteitsniveau te brengen. De kwaliteit van de verhardingen is de laatste jaren dan ook teruggelopen. Door enerzijds meer budget beschikbaar te stellen en anderzijds een integrale aanpak en gebruik makend van de beschikbare raamovereenkomsten kunnen de vakken met een onvoldoende kwaliteitsniveau (C en D: nu 18%) worden weggewerkt naar het gewenste kwaliteitsniveau.

6.1.2

Financieel kader

De gemeente Eijsden-Margraten vertaalt de resultaten van haar weginspecties in haar begroting en meerjarenraming. Hiermee laat de gemeente zien, dat zij haar kapitaalgoederen duurzaam in stand wil houden. Groot onderhoud Voor de instandhouding van het beheerareaal is in de periode 2021-2024 totaal EUR 11,9 miljoen nodig. Dat is inclusief onvoorzien (10%) en VAT (18%). Jaarlijks gemiddeld is dat circa EUR 3,0 miljoen. In het eerste planjaar is echter al het achterstallig onderhoud voorzien. Gelet op het grote buitengebied en de hieraan verbonden situationele uitdagingen in het onderhoud heeft de gemeente ervoor gekozen om een gedeelte van haar onderhoudsopgave aan te merken als levensduur verlengend onderhoud, waarbij men de lasten koppelt aan de minimale verlenging van de levensduur. In de praktijk betekent dit, dat men het levensduur verlengend onderhoud koppelt aan een afschrijvingstermijn van 25 jaar. Omdat levensduur verlengend onderhoud leidt tot een significante kwaliteitsverbetering en tot een levensduurverlenging, valt dit onder investeringen. Omdat het investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut betreft, moeten deze investeringen worden geactiveerd.

9 Beschermde dorpsgezichten, centrumgebieden en overige gebieden die door een authentieke uitstraling of

cultuurhistorische waarde zijn getypeerd als karakteristiek 26 van 49

WEGENBELEIDSPLAN 2021-2024

Klein onderhoud De kosten voor klein onderhoud worden bepaald op basis van 6,5% van de kosten voor het groot onderhoud. Dit percentage ligt lager dan gebruikelijk is binnen de CROW-wegbeheersystematiek: gemiddeld circa 10-15%. Aangezien de gemeente beschikt over een eigen dienst ligt het minimum van de bandbreedte voor de hand. Daarmee komen de jaarlijks gemiddelde benodigde kosten uit op EUR 297.500. Exclusief onvoorzien en exclusief VAT bedragen de kosten jaarlijks gemiddeld circa EUR 229.200. Rehabilitatie De kosten voor rehabilitatie zijn bepaald op basis van het beheerareaal en de vervangingsmaatregelen, zoals opgenomen in het beheersysteem. Deze kosten zijn vermeerderd met de opslagpercentages voor onvoorzien (10%) en VAT (18%). Uitgaande van de gehanteerde levensduur van 50 jaar binnen deze gemeente betekent dat een jaarlijks gemiddeld benodigd bedrag van circa EUR 3,5 miljoen voor rehabilitatie.

6.2

Risico’s

6.2.1

Vorstschade

De gemeente Eijsden-Margraten hanteert als beleid dat hemelwater zoveel als mogelijk oppervlakkig moet worden afgevoerd. Bij vorst-dooi periodes is de kans groter op vorstschade. De beheerder moet rekening houden met jaarlijkse onvoorziene kosten voor reparaties aan het asfalt ten gevolge van winterschade/ vorstschade. De vorstschade ontstaat doorgaans door het niet tijdig uitvoeren van onderhoud op de reeds aanwezige schades. Dit leidt tot de versnelling van het schadeproces. Hierdoor is het mogelijk dat onderhoud, dat reeds gepland stond voor de middellange termijn, door de versnelling van het schadeproces eerder in de begroting naar voren kan komen. Om de vorstschade te beperken is noodzakelijk om periodiek visuele inspecties uit te voeren.

6.2.2

Toename vracht- en landbouwverkeer

De gemeente Eijsden-Margraten kenmerkt zich door een groot aantal wegen buiten de bebouwde kom die de diverse kernen met elkaar verbindt. Deze wegen zijn van oudsher zo ontstaan en door de jaren heen met de intensiteit en grote van de voertuigen gegroeid/ verbreed. Doordat de wegen van origine vrij smal waren en er een goede fundering ontbreekt, is kans op (rand)schade aan deze wegen groter. Om deze schades in de toekomst te voorkomen, worden diverse wegen voorzien van een goede kantopsluiting en een gedegen asfaltpakket (levensverlengend onderhoud 25 jaar).

6.2.3

PAK (Teerhoudend asfalt)/ Vervuilde funderingen

Een factor waar bij het plegen van onderhoud rekening mee moet worden gehouden, is de mogelijke aanwezigheid van teerhoudend asfalt10. In de gemeente Eijsden-Margraten komen daarnaast funderingen voor met zinkas als vulmateriaal. Zinkas, een restmateriaal van de lokale zinkindustrie, bevat zware metalen en arseen. Provincies en gemeenten willen een maatschappelijk verantwoord beheer van de met zware metalen verontreinigde bodem. Met name in de voormalige gemeente Eijsden (de kernen Eijsden, Oost-Maarland, Gronsveld-Rijckholt) bevinden zich zinkassen in de fundering. Het is echter niet aan te geven in welke wegen en in welke concentraties. Het is daardoor niet mogelijk de financiële consequenties in beeld te brengen.

10 Tot 1991 werd bij de aanleg en onderhoud van asfaltwegen teer gebruikt als bindmiddel, zij het op relatief

beperkte schaal in verhouding tot asfaltbitumen. Met name in oude oppervlakbehandelingen komt teer voor. Teer bevat relatief hoge concentraties PAK (Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen). De gezondheidsen milieurisico's van teer worden dusdanig groot geacht dat verwerking thans niet meer is toegestaan. Verwerking van de in het verleden toegepaste teerhoudende bouwstoffen is geregeld in de milieuwetgeving en het Bouwstoffenbesluit. Zolang de wegverharding onaangetast blijft is er geen risico, echter wanneer een weg om technische redenen wordt opgebroken is er sprake van een bijzondere situatie. 27 van 49

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=71294ed3-1594-4b6e-948d-901c76172992