CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

20210308 03b Bijdrage mevr. Eijkel-Koorn.docx

Beeldvormende vergadering 8 maart 2021, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Spreekrecht1.890 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Geachte Burgemeester, wethouders en raadsleden. Eijsden-Margraten is een Cittaslowgemeente, een gemeente met een landelijk karakter verdeeld over grotere en kleinere kernen. Het belangrijkste principe van Cittaslow is bewust omgaan met natuur en milieu. Het beoogt een bewuster manier van leven, werken en recreëren in een menselijk tempo. Dat klinkt ouderwets maar is juist vooruitstrevend. De bedoeling van het Cittaslow-keurmerk is ons allemaal, (bestuurders, beleidsmakers, ondernemers en inwoners) te stimuleren verantwoordelijkheid te nemen om dit te bereiken. Bewust omgaan met natuur en milieu is hierbij uitgangspunt Als cittaslow-gemeente hebben we ons verplicht tot tot uitmuntende prestaties op het gebied van leefomgeving, landschap, streekproducten, gastvrijheid, milieu, infrastructuur, cultuurhistorie en om zo met behoud van identiteit tot de top behoren. De eerder genoemde doelen zijn idealistisch maar ook van economisch belang; immers een van de pijlers van de inkomsten in onze gemeente is ons landschap. Het beheer van het landschap is van belang voor de agrarische sector en voor de toeristenbranche. In Noorbeek ligt een landschap van kronkelige, vaak holle, wegen, graften, knip- en scheerhagen, struweelhagen en knotbomen. Gekoesterd en bewaard gebleven, draagt het nu het predicaat icoonlandschap en is het een bron van inspiratie.

De heggen en struwelen vormen hier de omlijsting van het landschap. Dit landschap is van onschatbare waarde voor vogels, zoogdieren, reptielen, amfibieën en insecten alsook voor de diversiteit in de flora, in een woord: voor de biodiversiteit die wereldwijd zo onder druk staat. Hier zijn de heggen en hagen onlosmakelijk verbonden met aanliggende gezonde kruidenrijke weilanden en/of akkerranden. De voor Nederland unieke Europese zeldzame soorten zoals de hamster, de hazelmuis en eikelmuis komen alleen in Zuid-Limburg voor. Zuid-Limburg is tevens een kerngebied in Nederland voor de grauwe klauwier. Heggen zijn onmisbaar voor soorten als de kneu, spotvogel en geelgors. En wat te denken van de haas, die nu op de lijst van bedreigde diersoorten staat, en de patrijs die nagenoeg verdwenen is door de voor hem armoedige teelt van mais, ook deze dieren krijgen weer kansen als er weer uitbundige hagen en struwelen zijn om hen bescherming te bieden. Nu u zich richt op de inrichting van het buitengewoon buitengebied is het belangrijk om te zien of dit icoonlandschap niet naar veel meer plekken binnen onze gemeente zou moeten worden doorgetrokken. Ik wil u wijzen op de buitengewoon positieve effecten van ouderwets gezonde hagen de vele kansen die die bieden. De hoofdrol in dit landschap ligt dus bij de hagen en struwelen.

Op papier zijn die door de hele gemeente overvloedig aanwezig, enerzijds als bermbegroeing onderhouden door de gemeente en verder als perceelgrens in het agrarisch landschap. In schreef nadrukkelijk “op papier”; in werkelijkheid blijkt dit helaas vaak slechts een halve waarheid want: wat is nu eigenlijk een haag of wat is de eigenlijke bedoeling ervan?

Eertijds had de haag veel nuttige functies. In eerste instantie in het leven geroepen als veekering (nu vervangen door prikkeldraad), voorts dienend als erfafscheiding maar ook om de graften te behoeden voor erosie leken de hagen in de nieuwe tijd hun bestaansrecht verloren te hebben. Langzaamaan verdwenen lange rijen van groene bomen, vruchtdragende struiken, vogelrijke heggen, de lange beukenhagen. Er waren steeds minder van die vertrouwde groene lijnen in ons landschap terug te vinden. Het moderne cultuurlandschap weerspiegelt de ontwikkeling van de landbouw. Sinds de grootscheepse grote ruilverkaveling worden de hagen en andere landschapselementen in de landbouw vooral ervaren als belemmeringen voor de steeds bredere en zwaardere voertuigen die op steeds grotere percelen worden ingezet en waardoor de natuurbelastende monoculturen ontstonden. De megazware machines passen niet meer op de smalle langweggetjes. Hagen en knotbomen werden in veel gevallen gesloopt. Het plaveisel en vaak ook de bermen en hagen ondergingen vaak hetzelfde lot. Op kleine landwegen gingen hagen verloren, en werden en worden veel bermen stelselmatig kapotgereden. Een ander nadelig effect is de enorme verdichting van de bodem door de gewichtige machines veroorzaakt waardoor het bodemleven nagenoeg verdwijnt. Zoeken naar wormen blijft zonder resultaat.

Op zoek naar zoveel mogelijk hectares voor de landsubsidie en de mestwetgeving laten boeren hun oog vallen op grond die grenst aan hun perceel, zoals wegbermen en groenstroken. Die worden ongevraagd in gebruik genomen en aangemeld bij het ministerie van economische zaken. Stilletjes zijn zo veel bermen aan gemeentebeheer onttrokken en gemakshalve bij de akker getrokken. De gemeenten lieten het gebeuren met bermen die nu de noodzakelijke bloeiende akkerranden zouden moeten zijn. Dat levert de boer op verschillende manieren voordeel op: meer landsubsidie, meer ruimte om gras of mais voor de koeien te laten groeien, meer ruimte om mest uit te rijden, minder kosten voor mestafvoer. Opgeteld kan dat een onterecht voordeel van zo’n 1500 euro per hectare opleveren. Dat komt dan bovenop de ‘bedrijfstoeslag’ die de gemiddelde boer (de subsidie varieert van enkele honderden tot tienduizenden euro’s) per jaar ontvangt aan Europees geld. Rijksadviseur voor de leefomgeving Van Oostrum verwijt dat meer aan de beleidsmakers dan aan de boeren: “Het subsidiesysteem werkt vernietiging van het landschap in de hand.” Ons subsidiestelsel maakt het de boeren lastig: Veel boeren laten de hagen slechts omwille van subsidie staan. Dat leidt tot de praktijk waarin landschapselementen zo kort mogelijk worden teruggesnoeid en er strak langs geploegd wordt.

Het schijnt dat de meeste boeren dat doen, omdat elke vierkante meter er een is. Niet zozeer het financieel gewin alswel het werkgemak lijkt hier leidend.. Verder gebeurt het omdat het kan - totdat er gehandhaafd wordt. Ook worden steeds meer koeien werden langer of altijd op stal gezet, dus ook die schaduwwerpende bomen lijken niet meer nodig. Al met al is het desastreus voor ons landschap. Toch geeft het ministerie te kennen dat Nederland wil dat in het nieuwe landbouwbeleid wordt afgesproken boeren te belonen als zij bijdragen aan natuurbehoud. Terug naar de hagen en kleine landschapselementen. Langzaam dringt het door dat met het badwater ook het kind werd weggegooid. Hagen zijn veel meer dan een oogstrelend element in ons landschap, ze vervulden altijd veel meer functies dan we beseften. Naast de oude functies van: -windsingel, -van erosiebestrijding,

-van schaduwplek voor vee en andere zoogdieren in de hete zomers, -van voedselvindplaats voor, veelal bedreigde, vogels, insecten en kleine zoogdieren, reptielen en amfibieën -en van belangrijke verbindingsroute voor de dieren in ons landschap, zijn ze van grote betekenis in het kader van de klimaatdoelen. Florende hagen kunnen een wezenlijke bijdrage leveren aan: -verlaging van het energieverbruik in huis en stal -vermindering van luchtvervuiling en geur -geluidwering -verminderen van drift bij gewasbeschermingsmiddelen -verminderen/voorkomen van uitspoeling van mineralen naar het oppervlaktewater -natuurlijke plaagbestrijding Hagen en knotbomen moeten dus bewaard, of moeten zelfs terug en, met respect, met de fluwelen handschoen worden aangepakt. Het planbureau voor de leefomgeving bedacht dat het landschap leidend hoort te zijn in het beleid. Wij kunnen mooi aansluiten bij onze buren: de regering van Wallonië waar maar liefst 4000 km hagen worden aangelegd en ook in Vlaanderen wil men massaal de ouderwetse haag , met hoge en brede houtkanten met een hoge ecologische waarde, terugbrengen in het landschap omdat het goed is voor het klimaat, de biodiversiteit en tegenwicht biedt aan stikstof en fijnstof. Ik roep de gemeente op, om iedereen, maar vooral ook haar eigen groenvoorziening te wijzen op het grote belang van goed onderhoud van hagen.

Het is echter niet voldoende haagjes te planten en klein te houden of nog erger: te klepelen. Dus gemeente, geef het goede voorbeeld aan uw burgers: Kijk naar de mogelijkheden van de gemeentebeplanting. Geen kortgeschoren meidoornhaagjes met een breedte van minder dan 50 cm. Hoe zou u daar als vogel naar kijken? Een haag wordt pas echt waardevol als je haar de ruimte geeft. Wetenschappelijk onderzoek in het land met veel icoonlandschappen , te weten Groot Brittannie, toont aan: de ideale snoeicyclus is slechts een keer in de 3 jaar en dan nog gefaseerd. De ecologische waarde zit in de breedte en hoogte. Begrijpelijkerwijs kan dat niet op elke plaats volledig zo worden uitgevoerd, maar er is wel veel verbetering haalbaar. Aangaande snoeibeleid ook het volgende: Snoei niet te vroeg vanwege de traditie van de bronk. Bedenk: de bronk, de processie is bedoeld om de vruchtbaarheid van het gewas te bevorderen. Vertel en leer de inwoners dat ze trots kunnen zijn op een wat minder glad geschoren haag. De uitbundiger vorm draagt bij aan het volle leven! De natuur gedijt niet door knechting; het is geen stoepje dat moet glimmen door geschrobd te worden. Een haag smaller dan 50 cm en korter dan 1 meter kàn zijn functies niet vervullen. Gefaseerd snoeien biedt de beestjes de mogelijkheid om dichtbij verder te kunnen leven.

Te vroeg, te laat en te vaak snoeien verstoort het dierenleven, de voortplanting en draagt bij aan uitsterving van soorten, vermindering van biodiversiteit. Maak gebruik van bestaande deskundigheid! Luister naar de raadgevingen van Natuurrijk Limburg en maak bestaande heggen en struwelen breder, hoger en diverser, zodat ze meer kunnen betekenen voor de biodiversiteit en beter functioneren als ecologische verbindingen.

Voor de intrede van de megamachines werd er met geduld en aandacht gesnoeid. Vandaag de dag worden de hagen veelal door haastige loonwerkers op een klepelmachine respectloos aangevallen. Snel maar niet pijnloos. Klepelen is gewelddadig snoeien met behulp van botte messen. Het resultaat is vermorzelde, vaak veel te lage, veel te smalle rijen van mishandelde planten, met scheuren van vele decimeters lang. Deze mishandeling vergroot de vatbaarheid voor ziektes. Wij moeten bedenken hoe we samen met de boeren de enorme potentie van de hagen kunnen benutten, het liefst in combinatie met aanliggende kruidenrijke weilanden en/of akkerranden. Wijs de boeren op de positieve opbrengsten van andere teeltwijzen zoals agroforestry*1, De ideeën van onze voorouders blijken nog steeds nuttig. Wijs hen op mogelijkheden om er financieel niet bij in te schieten. Aanplantsubsidie staat al in het Klimaatakkoord Om te beginnen door daarvoor gebruik te maken van de aanplantsubsidie voor bomen, houtige landschapselementen en agroforestry *1 op landbouwbedrijven, die in het Klimaatakoord is aangekondigd. Maar de financiering van het aanvalsplan voor versterking van het landschap hoeft echt niet alleen van de overheid te komen. Daarvoor zouden we bijvoorbeeld ook zogenoemde ‘carbon credits’ kunnen inzetten.

Dat zijn verhandelbare certificaten die particulieren, bedrijven en andere partijen kunnen kopen om hun CO2-uitstoot (vrijwillig) te compenseren. In het kader van de Green Deal Nationale Koolstofmarkt werkt Staatsbosbeheer op dit moment samen met een aantal partijen aan een betrouwbare onderbouwing van een ‘valuta-voor-bomen’-programma. De aanplantsubsidie (om op te starten) kan voor boeren en andere grondeigenaren in combinatie met die CO2-certificaten (structureel) dienen als compensatie voor de opbrengst die ze verliezen door grond in te ruimen voor de aanleg van hagen en andere landschapselementen. En onder de noemer van agroforestry*1 voorkomen zij een sterke afwaardering van hun grond. Immers, de waarde kan dalen als landbouwgrond wordt ingeruild voor natuur en bovendien kunnen subsidies wegvallen uit Brussel, vanuit het budget voor het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) van de EU. Tot slot: Overtuig alle inwoners ervan dat zij door de hagen de ruimte te geven, ook in hun eigen tuin… op heel simpele wijze een belangrijke bijdrage leveren aan een goede leefomgeving. *1 Een voorbeeld van Agroforestry is de combinatie van fruitbomen (of andere houtige gewassen zoals notenbomen, wilgen of vruchtstruiken), met eenjarige gewassen. De houtige gewassen kunnen worden geteeld op een relatief ruime afstand tussen de rijen.

In die ruimte kan bijvoorbeeld graan, kool of aardappels worden geteeld.

***3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=3e0c76ee-8e67-4f0d-abc7-4fdba78c8e42