16 Vragen en antwoorden Poort van het Heuvelland.docx
Tekst van het document
16 Schriftelijke vragen voorafgaand aan de beeldvormende vergadering van 17 mei / 18 mei Voorstel: Bestuursopdracht Masterplan Poort van het Heuvelland
1. Gezien de vele ontwikkelingen die er spelen (sporthal, LTS gebouw, Missiehuis, Keerpunt, etc) heeft dit gebied hoge prioriteit en vraagt om een integrale ontwikkeling. Hoe is de keuze gevallen op Prof. Ir. Jo Coenen voor dit Masterplan? Waren er ook andere gegadigden? Antwoord: Er hebben in de periode juni tot en met november 2020 een drietal gesprekken plaatsgevonden met bureaus die ons zouden kunnen begeleiden bij de aanpak in dit gebied. Dit vanuit verschillende invalshoeken, zoals bijvoorbeeld vanuit de rol van procesbegeleider. Uiteindelijk is in het college de keuze gemaakt om eerst te gaan voor een ruimtelijk fysiek raamwerk en dhr. Coenen hierbij de lead te geven. Daarbij heeft het college uitdrukkelijk besloten dat dat voor wat betreft de inzet van de heer Coenen een afstandsverklaring wordt getekend rondom het bouwplan Missiehuis. Dhr. Coenen heeft deze afstandsverklaring getekend. 2. Is er budget meegegeven aan de heer Coenen? 1 voor het opstellen van het masterplan. 2 voor de uitvoering. Hoe wordt zorg gedragen dat het plan op voorhand al niet uit de pas gaat lopen? Antwoord: Voor het opstellen van het Masterplan heeft dhr. Coenen een offerte ingediend. Zijn werkzaamheden, zoals ook opgenomen in de Bestuursopdracht, voert hij uit binnen deze offerte. Meerwerk kan alleen uitgevoerd worden na accordering hiervan. Dit doet zich op dit moment niet voor.
Daarnaast heeft de heer Coenen aangegeven dat er aanvullend budget moet zijn voor onderbouwende onderzoeken. Bij de opdrachtverlening aan deze bureaus wordt het aanbestedingsbeleid van de gemeente gevolgd. 3. Het beschikbare budget voor de Poort van het Heuvelland is € 50.000,-. Hoe komt het dat nu al een extra bedrag van € 70.000,- nodig is? Waar is dit bedrag op gebaseerd? Antwoord: Dit extra budget is gebaseerd op onderzoeken die nodig zijn ter onderbouwing van het Masterplan. Zoals in de het raadsvoorstel is vermeld, is de haalbaarheidsfase een periode van tekenen en rekenen. Alle aspecten worden in beeld gebracht. Naast de opdracht aan Jo Coenen, worden kosten gemaakt voor landschappelijk onderzoek, verkeerstechnisch onderzoek, ecologisch onderzoek, alsmede zal de financiële haalbaarheid van de voorstellen zoals door de heer Coenen gedaan, doorgerekend moeten worden, zodat op basis daarvan een deugdelijk besluit genomen kan worden voor de gebiedsontwikkeling. De kosten per onderzoek bedragen gemiddeld rond de 15.000,- euro. Het extra budget is hiervoor kader stellend 4. Met welke van de vele stakeholders is gesproken in het kader van burgerparticipatie? Antwoord: In het kader van de Gebiedsvisie Middenterras is een uitgebreid participatieproject doorlopen.
Bij de voorbereiding van dit Masterplan is en wordt met name gesproken met stakeholders die direct betrokken zijn bij het gebied. Dit zijn samengevat: Andere overheden, belangenbehartigers ( natuurbelang, historisch belang, geologisch belang, toeristisch belang, maatschappelijk belang) en initiatiefnemers van plannen. Ook is door dhr. Coenen met inwoners gesproken over het gebied. Deze gesprekken zijn ook verwerkt in het filmisch verslag zoals gemaakt door dhr. Coenen en al gepresenteerd in de raadsinfosessie.
1
5. Hoe is de aangrenzende gemeente Maastricht hierbij betrokken op voorhand? Antwoord: Ambtelijk: middels overleg met een aantal ambtenaren op het gebied van stedenbouw, mobiliteit en groen Bestuurlijk: Overleg met portefeuillehouder ( Overleg was recentelijk ingepland met een tweetal Gedeputeerden en wethouder Maastricht. Dit is niet doorgegaan en op korte termijn wordt separaat overleg met Maastricht ingepland). 6. Risico’s: zonder draagvlak is het plan niet uitvoerbaar. Waar wordt het draagvlak gezocht? Raad, inwoners, stakeholders? Wanneer, hoe kan worden vastgesteld of er voldoende draagvlak is? Antwoord: Het draagvlak wordt gezocht bij stakeholders, inwoners en bestuur. Dit betekent niet dat er pas draagvlak is als iedereen zich in het plan kunnen vinden. Immers gebiedsontwikkeling betekent ook: Daar waar nodig keuzes maken tussen de verschillende belangen die in het gebied leven. De raad neemt een besluit over het Masterplan en ook over het go/no go moment. Als de raad van mening is dat er te weinig draagvlak is voor het Masterplan ( bijvoorbeeld uit inkomende reacties op dit plan), kan de raad over gaan tot niet vaststellen van het plan.
1.
RV Bestuursopdracht Poort van het Mergelland: de mogelijkheden van een GREX worden onderzocht. Waar staan GREX voor, wie onderzoekt de mogelijkheden en wat doet men dan? Antwoord: GREX staat voor grondexploitatie. In eerste instantie wordt nu het Masterplan opgesteld. Dit geeft de richting aan voor de gewenste ontwikkeling en deze ontwikkeling wordt op onder andere op financiële haalbaarheid doorgerekend. Dit gebeurt door een planeconoom. Als de raad te zijner tijd instemt met het Masterplan, volgt de volgende fase in deze gebiedsontwikkeling, de Realisatiefase. In deze fase worden afspraken gemaakt met betrokken partijen en neergelegd in overeenkomsten. Dit kunnen initiatiefnemers zijn, waarmee een Realisatieovereenkomst wordt gesloten en afspraken gemaakt worden over inzet van onder andere financiële middelen maar ook overeenkomsten met mede overheden zoals bijvoorbeeld een samenwerkingsovereenkomst met de provincie inzake KLC gelden.
2.
De Rijksweg N278 loopt dwars door het gebied. De aanduiding Rijk betekent dat we met een andere overheid te maken hebben. De Poort van het Heuvelland vormt de grens met de gemeente Maastricht. Op welke manier zijn de eigenaar van de Rijksweg en de gemeente Maastricht betrokken bij het opstellen van het masterplan? In welke mate kunnen beide instanties bijdragen in de kosten? Antwoord: Beiden zijn betrokken bij het op te stellen Masterplan. Op dit moment is over een bijdrage in de kosten nog geen uitsluitsel te geven.
2
1.
In de vorige raadsvergadering zijn de verbeterplannen P&C cyclus vastgesteld. Daarbij is afgesproken dat nieuwe voornemens in de Kadernota ter afweging worden meegenomen. Nu stelt u voor om een bedrag van € 70.000,00 beschikbaar te stellen. Waarom wordt hiermee niet gewacht tot bij de vaststelling van de Kadernota en recht gedaan aan de positie van de Raad? Antwoord: Zoals bekend hebben wij in december dhr. Coenen opdracht gegeven om te starten met de voorbereidingen om te komen tot een Masterplan. Er zou voor gekozen kunnen worden om het benodigde budget in het kader van de Kadernota mee te nemen, maar dat zou concreet betekenen dat deze gebiedsontwikkeling vertraging oploopt. Daarom is ervoor gekozen om de raad voor te stellen om de begroting te wijzigen. Ook hiermee wordt recht gedaan aan de positie van de raad.
1. Wat is de status van het stuk dat hieruit voort gaat komen? Antwoord: Het is een beleidsstuk dat de gewenste richting voor het gebied weergeeft. Op basis hiervan kan een besluit genomen worden over opstart van de realisatie van de gebiedsontwikkeling en kunnen ook besluiten genomen worden over concrete initiatieven die spelen. 2. Hoe krijgt de burgerparticipatie vorm tijdens het proces naar het eindresultaat voor de Poort van het heuvelland? Antwoord: In het kader van de Gebiedsvisie Middenterras is een uitgebreid participatieproject doorlopen. Bij de voorbereiding van dit Masterplan is en wordt met name gesproken met stakeholders die direct betrokken zijn bij het gebied. Deze gesprekken zijn ook verwerkt in het filmisch verslag zoals gemaakt door dhr. Coenen en al gepresenteerd in de raadsinfosessie. Het concept Masterplan wordt ter inzage gelegd en een ieder wordt uitgenodigd om hierop te reageren. Op weg naar het eindresultaat in de Realisatiefase, zal afhankelijk van onderwerp burgerparticipatie aan de orde zijn. Dit kan zijn informeren, maar kan ook zijn zelf realiseren. 3. Hoe kan de raad het verloop van dit proces volgen? Antwoord: De raad wordt nu, maar ook naar vaststelling van het Masterplan, als tot realisatie wordt overgegaan, tweemaandelijks geïnformeerd over middels de raadsinformatiebrief. Ten aanzien van het Masterplan zal dhr.
Coenen nadat hij zijn concept heeft afgerond, de raad hierover in een raadsinfosessie uitgebreid informeren.
3
4. Het betreft hier dus alleen de kosten voor de Haalbaarheidsfase? In totaal 120.000 euro. Graag een onderbouwing. Antwoord: Dit budget is gebaseerd op de kosten zoals te maken door dhr. Coenen op basis van zijn offerte voor het Masterplan alsmede de onderzoeken die nodig zijn ter onderbouwing van het Masterplan. Zoals in de het raadsvoorstel is vermeld, is de haalbaarheidsfase een periode van tekenen en rekenen. Alle aspecten worden in beeld gebracht. Naast de opdracht aan Jo Coenen, worden kosten gemaakt voor landschappelijk onderzoek, verkeerstechnisch onderzoek, ecologisch onderzoek, alsmede zal de financiële haalbaarheid van de voorstellen zoals door de heer Coenen gedaan, doorgerekend moeten worden, zodat op basis daarvan een deugdelijk besluit genomen kan worden voor de gebiedsontwikkeling. De kosten per onderbouwend onderzoek bedragen gemiddeld rond de 15.000,- euro. Dit budget is kader stellend. 5. Coenen is adviseur. Maar hij levert wel mei/juni het concept aan? Is dat niet een rare rolverdeling: Degene die het gaat uitvoeren levert het onderzoeksrapport aan? Antwoord: Aan de heer Coenen is gevraagd om een concept Masterplan op te leveren. Zoals al eerder aangegeven hebben wij dhr. Coenen voordat de opdracht verleend is, uitdrukkelijk gevraagd om afstand te doen van zijn adviseursrol bij een van de initiatiefnemers in het gebied.
Dit heeft hij gedaan en hij heeft een afstandsverklaring getekend. Deze initiatiefnemers hebben overigens hun grondpositie doorverkocht. 6. Coenen denkt ook aan duurzame mobiliteit (RTB 3 mei) Neemt hij daarin ook zaken mee als: Hoe kan het terrein ook bijdragen aan duurzame mobiliteit, bv als duurzame Mobiliteitshub? Waar je auto kan parkeren (ondergronds?) en overstappen op elektrische fiets of scooter, elektrische bus, benenwagen etc. Antwoord: Ja, deze zaken worden meegenomen 7. Is er op dat gebied samenwerking met Maastricht? Antwoord: Ja, er is samenwerking/ overleg op dat gebied met de gemeente Maastricht en Zuid-Limburg Bereikbaar. 8. Heeft Coenen alle vrijheid? Bijvoorbeeld ook om onverharde wegen als mogelijkheid te zien voor snelverkeer? Antwoord: Aan dhr.Coenen is gevraagd om onderzoek te verrichten en op basis van dit onderzoek te komen tot conclusies. In de fase van onderzoek worden vele opties meegenomen en onderzocht om uiteindelijk tot degelijke conclusies te kunnen komen.
Geen vragen 4