13 Schriftelijke vragen en antwoorden Belastingmaatregelen 2022.docx
Tekst van het document
Besluitvormende vergadering Schriftelijke vragen voorafgaand aan de beeldvormende vergadering van 6 december 2021 Voorstel: Belasting maatregelen 2022
Geen
Geen
1. Naar aanleiding van het voorgestelde tarief 2022 ‘n korte berekening: Stel waarde woning 1 januari 2020 € 350.000 Waardestijging volgens BsGW 8% Waarde per 1 januari 2021 wordt dan € 378.000,00. In 2021 betaalde de eigenaar van deze woning 350.000 *0,1325% = € 463,00 In 2022 gaat ie betalen (ervan uitgaande hij geen bezwaar indient) 378.000* 0,1260 = € 476,00 Een stijging van 2,8%. Waardoor komt dit verschil t.o.v. de afgesproken1,5%. De BsGW houdt rekening met bezwaar en beroep (hebben ze hun werk dan niet goed gedaan?) van 1,92% (zie voorstel waardestijging na bezwaar en beroep 5,08%). Daar tegenover geeft de 2e bestuursrapportage een voordeel wegens lagere bezwaar en beroepen van € 130.000,00. Naar onze mening is dit een structureel voordeel wat gereserveerd kan blijven voor bezwaar en beroep. Om de doelstelling in het voorbeeld van1,5% lastenstijging waar te maken zou het nieuwe tarief moeten worden € 463,00 *1,015= € 470,00 / nieuwe waarde ad 378.000 = 0,1243%. Niet woningen: 2. U verwacht een daling van de waarden van 1,21 % Dit betekent voor het tarief eigenaren bij een stijging zoals afgesproken van 1,5% een nieuw tarief van: (100-1,21)*(100+1,5) * 0,1649= 0,1653. Gebruikers van niet woningen wordt dan: (100-1,21)*(100+1,5)*0,1420 = 0,1426%.
Het lijken kleine afwijkingen maar bij een waarde van b.v.1 miljoen betekent dit: 1 milj * 0,1437 -/- 1milj * 0,1426 = € 12 voor diezelfde gebruiker. Deelt u onze berekeningen? Antwoord: Woningen: Het verschil tussen de 2,8% en de 1,5% komt doordat we bij de berekening van het tarief niet zijn uitgegaan van 8% waardestijging maar 5,08% waardestijging. Op basis van ervaring cijfers gaat de BsGW uit van 5,08% met als motivatie: 1
•
gegronde bezwaarschriften.
•
De insteek om aan de onderkant van de bandbreedte te taxeren (ratio 0,983) ivm de poging om het aantal gegronde bezwaren terug te dringen (als reactie op No Cure No Pay toename).
•
Enige onzekerheid m.b.t. de waardeontwikkeling, door de volledige herijking van het model.
Bij de bepaling van het nieuwe tarief wordt rekening gehouden met de totale woningwaarde binnen de gemeente. De meeropbrengst van 2021 zit in de totale woningwaarde op basis waarvan het nieuwe tarief is berekend. Als u uitgaat van een tariefstijging van 8% dan klopt de berekening. Echter zoals gezegd zijn we bij de berekening van het tarief uitgegaan van de opgave van de BsGW en wel 5,08%. Niet woningen De opzet van de berekening klopt, zij het dat het verschil € 11 is ipv € 12. De kleine verschillen worden veroorzaakt door een andere verdeling van de woningwaarde tussen gebruikers en eigenaren dan in de begroting opgenomen. 3. De verordening op de heffing en invordering van onroerendezaakbelastingen 2022 is niet bijgevoegd bij de besluitvorming. Kunt u deze alsnog aan de agenda toevoegen? Antwoord: De verordening is in overleg met het presidium niet agendeert voor de beeldvormende vergadering aangezien deze voortvloeit uit de vastgestelde begroting. De stukken staan wel op de agenda van de oordeelvormende en besluitvormende vergadering. Forensenbelasting 4. De verordening op de heffing van een Forensenbelasting 2022 is aangehouden naar aanleiding van de discussie in de Raad.
Kunt u deze alsnog toevoegen aan de Raadsvoorstellen? Indien deze niet wordt vastgesteld blijven de tarieven van 2021 voor de belanghebbenden van kracht en dit is niet wat de Raad bij de begrotingsbehandeling besloten heeft. Antwoord: De verordening is 30-11-2021 in het college behandeld. Na accordering zullen de stukken naar de raad worden gezonden.
Geen
Geen 2