CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

12 Schriftelijke vragen en antwoorden Gebiedsvisie Stationsgebied Eijsden en omgeving

* Raadsvergaderingen 27 mei 2025, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Schriftelijke vragen3.072 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvergadering 27 mei 2025 Schriftelijke vragen Agendapunt 12: Gebiedsvisie Stationsgebied Eijsden en omgeving

Vraag 1: Pagina 2 raadsvoorstel Wat zijn stakeholders? De opbouw van de zin suggereert dat omwonenden en inwoners hier niet toe behoren. Klopt dit en zo ja, waarom niet? Antwoord: Stakeholders zijn de ondernemers in het gebied, sportverenigingen, scouting en burgerinitiatief Knooppunt Eijsden. Met stakeholders hebben één op één gesprekken plaatsgevonden, met omwonenden, inwoners en andere belangstellenden niet. Deze zijn gezamenlijk uitgenodigd. Dus in deze zin slaat het woord “stakeholders” niet terug op omwonenden, inwoners en andere belangstellenden.

Vraag 2: Pagina 3 raadsvoorstel “Met de realisatie van.....worden de toegangswegen van Eijsden weer een aantrekkelijke en veilige route”. Dit suggereert dat de huidige Pisartlaan niet aantrekkelijk en onveilig is. Waar is dit op gebaseerd? Antwoord: Gelukkig gebeuren er zelden ongevallen. De Pisartlaan en Ir. Rocourstraat zijn zeker niet de meest veilige wegen. Het grote vrachtverkeer naar de bedrijven toe in combinatie met het fietsverkeer en de ligging van de diverse ingangen naar de sportvelden is niet ideaal. Nadat de lus is gecreëerd aan de ir. Rocourstraat voor vrachtauto’s, de ingang van PQ is verplaatst en het fietspad “achterlangs” loopt is de veiligheid aanzienlijk verbeterd. Ook de inkom van de kern Eijsden vanaf de zijde van de Pisartlaan-Ir. Rocourstraat is zeker niet de aantrekkelijkste. Dit is ook in de gehouden bijeenkomsten herhaaldelijk na voren gebracht.

Vraag 3: Gebiedsvisie Op diverse plekken wordt gepleit voor een ecoduct over de A2 als verbinding tussen Eijsden en het Withuis. Waarom wordt er gekozen voor een nieuw ecoduct i.p.v. aanpassing van de bestaande brug over de A2 bij Mariadorp die ook nog veel dichter bij het Savelsbos is gelegen? Antwoord: In de gebiedsvisie staat dat we de mogelijkheden verkennen van een overgang van de A2 die niet alleen voor recreanten dient, maar ook de ecologische waarde van het gebied versterkt. Hoe die gerealiseerd wordt en waar is nu niet duidelijk en zal onderzocht moeten worden op diverse aspecten, ecologische rapporten, verkeersveiligheid, financieel etc.

Pagina 1 van 10

Vraag 4: Pagina 21 Gebiedsvisie “Sportvelden transformeren naar een toekomstbestendige en efficientere inrichting.” Wat wordt hier concreet mee bedoeld? Antwoord: Een van de opties die nader onderzocht dient te worden voor het gebied van de sportvelden is de optie transformeren naar een toekomst bestendig en efficiëntere inrichting. De sportaccommodaties kennen ieder hun ingang, logisch danwel niet logisch. Iedere sportaccommodatie heeft zijn eigen gebouw met eigen kleedlokalen en kantine. Sommige gebouwen zijn gedateerd en zijn aan vervanging dan wel hebben een duurzaamheidsopgave. De parkeerplaatsen liggen op diverse plaatsen. De indeling van de velden is in de loop der jaren zo gegroeid maar past mogelijk niet meer bij de wensen van moderne accommodaties. Daarnaast zijn er nieuwe sportmogelijkheden waar nog niet op geanticipeerd kan worden. Bovendien is er een wens om individueel te sporten, mogelijk kan deze voorziening worden toegevoegd. Transformatie moet leiden tot een duurzamere groene inrichting, waardoor ook een bijdrage wordt geleverd aan klimaatadaptie, biodiversiteit etc.

Vraag 5: Pagina 25 Gebiedsvisie “ In 2025 wordt ook een nader onderzoek opgestart inzake de locatie van de sportvelden en de keuzes die daar voorliggen” Wat is de status van dit onderzoek? Antwoord: Het streven is om dit onderzoek medio dit jaar op te starten.

Vraag 6: Het IHP Sportaccommodaties staat in de voorraadagenda gepland voor de raadscyclus van september 2025. Hoe hangt het onderzoek naar de locatie van de sportvelden en de keuzes die daar voorliggen samen met het IHP Sportaccommodaties? Antwoord: Het IHP is leidend voor de inrichting van de sportvelden. Dit staat los van de locatie waarop dit gerealiseerd gaat worden.

Pagina 2 van 10

Vraag 7: Het (restant van het) station is in meer dan één opzicht het beschermen waard. Waarom wordt dit geen gemeentelijk monument? Zijn hiervoor geen voorstellen gedaan? Antwoord: In de concept stedenbouwkundige plannen van het stationsgebied die nu voorliggen wordt het huidige stationsgebouw in stand gehouden. In het kader van de nieuwe Omgevingswet zal ook het erfgoedbeleid onder de loep genomen worden. Hiertoe zullen ook een nieuwe inventarisatie plaatsvinden van gebouwen en zal bekeken worden welke gebouwen wel of niet het beschermen waard zijn.

Vraag 8: Het eventuele ecoduct landt in Withuis, waar door BOEI gewerkt wordt aan de invulling van het te restaureren Caltex station. Dit ligt wel buiten het visie gebied, maar zou toch een mooie koppeling kunnen vormen met de toeristische capaciteit van het station en directe omgeving. Vraag: Wil het college hierop ageren? Antwoord: Hier zit inderdaad potentie in.

Vraag 9: Wonen in het stationsgebied: er wordt gedacht aan starters en z.g. eigen mensen, maar niet aan forenzen, terwijl het voor de hand ligt om juist ook forenzen te trekken. Dat kunnen evengoed die z.g. eigen mensen zijn, die de auto kunnen laten staan en de trein pakken. Hoe staat het college hier tegenover? Antwoord: Streven is om te bouwen voor diverse doelgroepen, sociale woningbouw, starters, studentenhuisvesting, levensloopbestendig wonen, e.e.a. passend binnen de kaders van het woningbouwprogramma en de woondeal.

Vraag 10: In de levendigheid van de omgeving horen o.i. de sportterreinen thuis. Om stikstofopname te bevorderen zouden de speelvelden weer gewoon gras moeten zijn, wat tevens de enorme afvalafvoer zou stoppen. Wil het college deze optie overwegen? Antwoord: Ja, deze optie is bespreekbaar.

Pagina 3 van 10

Vraag 11: Is het bij een betrekkelijk beperkt gebruik van het spoor toch nodig dat geluidswerende middelen worden toegepast of zijn de normen flexibel genoeg? Antwoord: Het gaat er bij de vraag of geluidswerende middelen niet om hoe het spoor wordt gebruikt. Het gaat erom dat er een spoorlijn ligt, waar geluid geproduceerd wordt. Als geluidgevoelige gebouwen, waaronder woningen, gebouwd worden in de omgeving van een spoorlijn dient een akoestisch onderzoek te worden verricht. Daarbij moet getoetst worden aan de bepalingen van het Besluit kwaliteit leefomgeving. De standaardwaarde daarin voor geluid vanwege spoorwegen bedraagt 55 dB. Deze waarde kan overschreden worden tot max. 65dB. Hiervoor moeten dan door het college zgn. hogere geluidswaarden worden vastgesteld. Bij het toelaten van een overschrijding van de standaardwaarde is onderzoek nodig naar geluidbeperkende maatregelen om de geluidsbelasting te reduceren tot de standaardwaarde. Er wordt gekeken of maatregelen in de overdrachtssfeer mogelijk zijn, bijvoorbeeld de aanleg van een geluidwal. Als dat niet mogelijk is of onvoldoende soelaas biedt, worden maatregelen aan het gebouw zelf getroffen (bijv. dove gevels). Pas wanneer deze geluidbeperkende maatregelen niet (financieel) doelmatig zijn, kan gemotiveerd worden waarom een hogere waarde wordt toegestaan. Deze mag echter nooit hoger zijn dan 65dB.

Vraag 12: Kan aan de muur langs de Kapelkestraat de monument status worden verleend, zodat deze bescherming ontvangt en daarmee kan worden ingepast in een passende opzet van de omgeving aldaar? Antwoord: De muur is opgenomen in het Bestemmingsplan Beeldbepalende panden als beeldbepalend object. De regels in dat bestemmingsplan zijn van toepassing.

Vraag 13: 12k In zienswijze 7.6 wordt specifiek ingegaan op mogelijke beschadiging van de deklaag door de aanleg/gebruik MTB route. Daar wordt niet afdoende op ingegaan: Geen onderbouwing hoe voorkomen wordt dat onderliggende giftige grond vrij kan komen. Om die reden mag hier niet worden paardgereden. Overigens stelt zienswijzen 1 dat hier wel wordt paardgereden, en dat dat essentieel is voor zijn paardenbedrijf. Antwoord: De voormalige stortplaats het Tiende Vrij is begin 2000 gesaneerd door de beide bedrijven en de gemeente. De Provincie is bevoegd gezag en toezichthouder van de sanering en deze gesaneerde voormalige stortplaats. De stortplaats is in beheer van Bodemzorg Limburg een bedrijf die zorgdraagt voor de instandhouding en beheer van deze voormalige stortplaats. Bodemzorg Limburg dient verantwoording af te leggen aan de provincie ten aanzien van de monitoring van deze voormalige stortplaats. In eerste instantie is bij het opstellen van het beheerplan een wandelvoorziening aangelegd en heeft het bestemmingsplan de bestemming extensieve recreatie toegestaan. Op verzoek is gekeken of ook een mountainbike route over het terrein mogelijk is. Dit past binnen het bestemmingsplan, maar nog belangrijker de provincie heeft daar goedkeuring op gegeven.

Pagina 4 van 10

Vraag 14: Welke onderbouwing/rapportage is er die aantoont dat aanleg/gebruik van een mountainbike route op het Tiende Vrij veilig is en geen gevaar oplevert voor beschadiging van de deklaag, c.q. geen risico vormt voor het vrijkomen van de onderliggende gifgrond? Hoe is geborgd dat er geen risico’s zijn of kunnen ontstaan? Hoe en door wie wordt er gemonitord? Antwoord: De provincie heeft als bevoegd gezag toestemming verleend.

Vraag 15: Wat is de rol geweest van de raadswerkgroep in de totstandkoming van deze visie? Antwoord: Er is geen raadswerkgroep geweest. Een drietal raadsleden, hebben conform de bestuursopdracht, deelgenomen aan de Stuurgroep. In de bestuursopdracht is t.a.v. de rol van de Stuurgroep het volgende opgenomen: De stuurgroep bepaalt de richting in het proces en bewaakt het proces om te komen tot een Gebiedsvisie. De stuurgroep neemt de nodige besluiten over de voortgang van het proces. De stuurgroep geeft akkoord op het vrijgeven van documenten voor consultatie en participatie alsmede op het vrijgeven van documenten voor besluitvorming door college en raad. De stuurgroep heeft gedurende het proces deze rol vervult.

Vraag 16 : Waarom maakt het college de keuze (uit de 3 voorgestelde opties voor de sportvelden) voor integrale verplaatsing van de sportvelden t.b.v. woningbouw? Antwoord: Het college heeft deze keuze gemaakt omdat het college denkt dat het verplaatsen van de sportvelden ruimte biedt om voldoende woningen te kunnen realiseren in de kern Eijsden. De gemeente heeft veel gronden in eigendom in dit gebied. Hierdoor zijn er wellicht minder kosten om sociale huurwoningen hier te realiseren. Daarnaast kunnen woningen gerealiseerd worden, die goed ontsloten kunnen worden maar die ook in de directe nabijheid van het station liggen, waardoor het station een meer prominente plaats kan krijgen en ook meer mensen gebruik zullen maken van de trein. Het maakt daarbij dus onderdeel uit van de ontwikkeling van de stationsomgeving. Bij Panneslager is sprake van een groot gebied dat voldoende ruimte biedt voor (nieuwe) sport-, spelen recreatieve voorzieningen, ingepast in het groen en goed bereikbaar vanuit de omliggende kernen. Door een opwaardering van het gebied met voldoende groen kan het ook een mooi gebied worden, waar ook ruimte is voor de individuele sporter. Een nieuw natuurinclusief (sport)park kan hier gerealiseerd worden.

Pagina 5 van 10

Vraag 17 : Mag, gezien de nabijheid van industrie, woningbouw plaats vinden op de locatie van de sportvelden? Wat betekent deze zware industrie voor het gebied als er woningen in de nabijheid komen? Zijn hier al onderzoeken op gedaan? BV fijnstof, PFAS etc? Antwoord: Deze en nog meer aspecten maken onderdeel uit van het verkennende onderzoek die moeten plaatsvinden voordat de keuze gemaakt wordt.

Vraag 18: Er heeft burgerparticipatie plaatsgevonden. Zijn daar verslagen van? Mogen wij die ontvangen? Antwoord: Er zijn van de twee avonden met de bewoners, omwoners en belangstellenden op respectievelijk 7 en 14 maart 2024 geen verslagen gemaakt. BRO heeft de opbrengsten van deze avonden verwerkt in de ideekaart. Deze is in de Gebiedsvisie opgenomen. Met stakeholders ( ondernemers, verenigingen, burgerinitiatief) zijn verslagen gemaakt. Deze kunnen in geanonimiseerde vorm beschikbaar gesteld worden. De concept-visie is vervolgens aan een ieder die heeft deelgenomen aan de avonden en die een mailadres hebben achtergelaten, dan wel waarmee gesprekken zijn gevoerd is toegestuurd. Op 30 september 2024 is hiervoor een informatieavond gehouden. Reacties die daar en nadien nog ontvangen zijn alsmede het standpunt ten aanzien van die reacties zijn opgenomen in de bijlage bij de Ontwerp-visie, die ter inzage heeft gelegen.

Vraag 19: Is er een terugkoppeling gegeven aan de participatiegroep voordat input werd verwerkt in het document? Antwoord: Ja. De opbrengst van de participatieavonden is verwerkt in de idee kaarten. Deze zijn opgenomen in de concept Gebiedsvisie. Deze is aan iedereen die heeft deelgenomen en een mailadres heeft achter gelaten toegezonden op 19 september 2024. Op 30 september heeft tijdens een informatieavond BRO deze concept-visie nog toegelicht. Toen is weer iedereen in de gelegenheid gesteld om hierop een reactie te geven. Hiervan is ook gebruik gemaakt. Ook zijn later nog reacties ontvangen. Dit is vervolgens voorzien van een gemeentelijk standpunt, verwerkt in de ontwerp-visie. Dezelfde groep mensen is voorafgaande aan de ter inzage legging van de ontwerp-visie hierover geïnformeerd.

Vraag 20: Er wordt aangeven dat industrieterrein kenmerkend is voor dit gebied. Er wordt gesproken over eigen identiteit. Er wordt in de visie niets geschreven voor de langere termijn van de industrie. Vinden we als er veel woningbouw gaat komen in dit gebied, op langere termijn nog zware industrie op deze locatie wenselijk? Is het een optie om een sterfconstructie in te bouwen? Concreet betekent dit dat als een bedrijf weg gaat dat er geen nieuwe vergunning wordt afgeven. Hoe kijkt men hier naar?

Pagina 6 van 10

Antwoord: In de visie wordt ingegaan op de langere termijn, onder het hoofdstuk toekomstbestendig werken. Zo wordt hier bijvoorbeeld gesteld: benutten van kansen afschalen milieucategorie. De bedrijven die momenteel op het bedrijventerrein gevestigd zijn hebben hiervoor de benodigde vergunningen. De gemeente is hier niet de vergunningverlener maar de provincie. Als een bedrijf vertrekt en er komt een nieuw bedrijf bekijkt de provincie of dit bedrijf aan de voorwaarden voldoet om op deze locatie te kunnen functioneren. Deze bedrijven zijn ook positief bestemd in het bestemmingsplan.

Geen vragen

Vraag 21: Naar aanleiding van: zie zienswijze 12c. Prorail geeft in haar zienswijze aan dat de stabiliteit van de spoorbaan in het plangebied en de directe omgeving niet mag worden beïnvloed. Antwoord: Dit is geen vraag maar een constatering. Dit is een gegeven waar we bij de verder planvorming rekening mee moeten houden, dit lijkt ons overigens geen probleem.

Vraag 22: Afgelopen jaar is dit het geval geweest op het traject Visé / Eijsden door hoogwaterproblematiek van de Berwien. Wat zijn de risico’s in het geval van onze gemeente grenzend aan het plangebied bij de kruising van de spoorbaan met de Voer? Antwoord: Geen.

Pagina 7 van 10

Vraag 23: Hoe is het college op het idee gekomen om aan dit diverse en uitgestrekte gebied de misleidende titel te geven van Stationsomgeving Eijsden e.o.? Antwoord: De raad heeft middels de Bestuursopdracht van 18 oktober 2022 gevraagd om voor het Stationsgebied Eijsden en omgeving te komen tot een integrale visie. Op de kaart behorende bij de bestuursopdracht alsmede nadien in de diverse documenten, is duidelijk aangegeven om welk gebied het gaat.

Vraag 24: Waarom heeft het college al voordat het participatietraject opstartte haar voorkeur vermeld t.a.v de locatie van de sportterreinen en scouting? (Pag.21 Gebiedsvisie) Antwoord: Zie antwoord vraag 16

Vraag 25: Graag ontvangen wij de verslagen van de gesprekken met de volgende stakeholders: de industriële bedrijven, de sportverenigingen en de scouting. Antwoord: De verslagen kunnen in geanonimiseerde vorm toegezonden worden.

Vraag 26: Pag.34 onder 1.2 Energie. Hier staat slechts iets over bodemgeschiktheid. Waarom niet over energie, zoals ook de indiener van zienswijze 2 voorstelde? Antwoord: In de bijlagen is een overzicht opgenomen van gegevens die bekend zijn over het gebied met betrekking tot het onderwerp energie. Bekend is het kaartmateriaal inzake mogelijkheden voor Warmte- en koude opslag ( WKO). Naar aanleiding van de zienswijze van de indiener is de tekst op pagina 23 aangevuld.

Pagina 8 van 10

Vraag 27: Pag.43 onder 2.3: Waarom moet de nieuwe ingang sporthal aan de Joseph Partounsstraat wachten tot de keuze voor een definitieve locatie sportterreinen is gemaakt? Antwoord: Op dit moment is er geen aanleiding om de ingang te verplaatsen. De verkeersveiligheid is besproken in de verkeerscommissie en ondanks dat de metingen niet echt aanleiding gaven voor maatregelen zijn er toch maatregelen getroffen. Het lijkt ons een desinvestering om nu een ingang te verplaatsen terwijl we bezig zijn met een her invulling van het gebied.

Vraag 28: Pag.44 Sportvelden. College heeft voorkeur voor verplaatsten sportvelden. Waarom? Antwoord: Zie antwoord vraag 16

Vraag 29: Waarom niet gedacht aan verbreding van huidige viaduct over de A2 ter bevordering van de veiligheid van fietsers en voetgangers? Antwoord: Zie antwoord op vraag 3

Vraag 30: Pag.47 onder 3.2 en 3.6: Natuurgebied het Tiende Vrij. Op deze met folie en een deklaag afgedekte gifbelt ligt de Bestemming Natuur. Art.16.4 punt d Speciale gebruiksregels: verboden te racen of crossen met voertuigen, motoren, of (brom)fietsen, al dan niet in wedstrijdverband. Een mountainbike is een fiets, in de basis bedoeld om mee te crossen. Dus verboden. Bovendien niet te schikken onder extensief recreatief medegebruik. Art.16.1d Hoe kan het college meewerken aan een vergunning voor een mountainbikeparcours, gezien de regels voor dit als natuur bestemde gebied in haar eigen bestemmingsplan Buitengebied? Antwoord: Deze vraag heeft geen betrekking op de Gebiedsvisie. Dat mountainbiken niet te schikken is onder extensief recreatief medegebruik is juist. Om die reden is Voor het mountainbiken door het gebied een vergunning aangevraagd en verleend. De aanvraag om omgevingsvergunning is 15 april 2025 verleend. Hierin is gemotiveerd aangegeven waarom positief beslist is op deze aanvraag.

Pagina 9 van 10

Vraag 33: Hoe denkt u te kunnen handhaven, gezien het feit dat de huidige situatie evenmin toelaat dat er wordt paardgereden, gefietst, honden los gelaten, duidelijk aangeven via een informatiebord? De realiteit bewijst dat Bodemzorg Limburg er geen oog voor heeft, wie dan wel? Antwoord: Deze vraag heeft geen betrekking op de Gebiedsvisie. Aan een vergunning zijn voorschriften verbonden. Op grond van deze voorschriften zal worden gecontroleerd. Pas wanneer sprake is van een overschrijding kan het college overwegen om handhavend op te treden.

Vraag 34: Hoe denkt Bodemzorg (Nazorg?) Limburg, en daarmee ook onze gemeente, zich te houden aan de indertijd gemaakte afspraken met de provincie over de omgang met en de controle op dit kwetsbare gebied, o.a. gevuld met de zwaarste categorie chemisch afval? Inmiddels bedekt met nieuwe natuur? Antwoord: De provincie is bevoegd gezag en ziet hierop toe.

Vraag 35: Bijlage 12d Zienswijzerapportage Nuttige input en goed samengevat met duidelijke beantwoording. Ontvangen de indieners van de zienswijzen deze rapportage eveneens persoonlijk? Hun positieve inbreng moet worden gewaardeerd door bijv deze rapportage toe te zenden. Is te verkiezen boven een verwijzing naar de website van de gemeente en een link naar de raadstukken. Antwoord: De indieners van de zienswijze zijn op de hoogte gesteld van het raadsvoorstel. Er is in de brief aan hen een verwijzing opgenomen naar onze website, waar het raadsvoorstel en alle bijlagen zijn opgenomen. Na vaststelling zullen zij ook hier weer persoonlijk van op de hoogte gesteld worden en zal het raadsbesluit inclusief bijlagen aan hen toegezonden worden.

Pagina 10 van 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=62e1cf0d-a32c-4975-a02a-fc356ad096ac