CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

10 Schriftelijke vragen en antwoorden Zuid-Limburgs beleidsplan Preventie en Handhaving Jeugd & Middelen 2025-2028

* Raadsvergaderingen 10 december 2024, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Schriftelijke vragenronde1.548 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvergadering 12 december 2024 Schriftelijke vragen Agendapunt 10: Zuid-Limburgs beleidsplan Preventie en Handhaving Jeugd & Middelen 2025-2028

Vraag 1: Wij missen in het plan aandacht voor de voorbeeldfunctie van volwassenen, immers als ouders drinken is het voor kinderen ook normaler om dat voorbeeld te volgen. Wat mensen thuis doen, daar heb je geen invloed op, maar bijvoorbeeld het weren van alcohol bij openbare op kinderen gerichte activiteiten zou al een stap zijn. Kunnen we dit in het uitvoeringsprogramma verwachten? Antwoord: Wij gaan dit verder onderzoeken in het uitvoeringsplan. Wetende dat onderzoek aantoont dat peers (leeftijdsgenoten) meer invloed hebben op het middelengebruik van jongeren. Er is daarom voor gekozen om bewustwording te richten op de jongeren en hun sociale omgeving. Kortom, de concrete uitvoering volgt in het uitvoeringsplan. Vraag 2: Wie gaat het uitvoeringsprogramma opstellen? Gaat dat ook gezamenlijk of moet elke gemeente voor zichzelf een plan maken? Antwoord: De regionale werkgroep Jeugd en Middelen (die tevens dit beleidsplan heeft opgesteld) gaat ook het uitvoeringsplan opstellen. Dit wordt een regionaal uitvoeringsplan met voldoende mogelijkheden voor een lokale vertaling. Vraag 3: Advies van adviesraad Sociaal Domein bijlage 10c Slotopmerking Om de efficiëntie van het plan te waarborgen, is het cruciaal dat er voldoende middelen en professionals beschikbaar zijn voor de uitvoering.

Zijn er voldoende middelen en professionals beschikbaar? Antwoord: Binnen onze gemeente zijn er voldoende middelen beschikbaar. Wat het precies gaat vragen van professionals en of we het gaan redden met de bestaande capaciteit zal gaan blijken uit het uitvoeringsplan.

Vraag 4: De preventie richt zich geheel en al op de jeugd zelve. Maar wij zijn van mening dat alcoholgebruik al in een vroeg stadium wordt overgedragen, namelijk van ouders (of ruimere omgeving) op kind. In Limburg bestaat een cultuur van drinken, bij dorpsfeesten, kermissen, processies, OLS of welke gelegenheid ook. Bier drinken hoort erbij en de jeugd wordt met deze normalisering al vroeg geconfronteerd. Moeten we in het Beleidsplan daar niet meer aandacht aan besteden? Pagina 1 van 5

Antwoord: Het college is zich bewust van deze situatie, mede daarom is dit een van de belangrijkste aandachtpunten binnen deze regio en cultuur. In twee deelambities van dit beleidsplan is daarom denormalisatie van middelengebruik opgenomen. Vraag 5: RV Proces van Burgerparticipatie: dit beleid gaat over jongeren. In hoeverre zijn zij actief betrokken bij het opstellen van dit beleid? Antwoord: De regionale werkgroep Jeugd en Middelen is voornemens om de doelgroep zelf (jongeren) maar ook verstrekkers van alcohol bij het opstellen van het uitvoeringsplan te betrekken. Dit gaat in 2025 plaatsvinden. De burgerparticipatie voor het beleidsplan heeft plaatsgevonden door advies te vragen aan alle lokale adviesraden in Zuid-Limburg. Hier heeft ook een jongerenraad op gereageerd. Deze adviezen zijn meegenomen in het beleidsplan. Vraag 6: Beleidsplan pagina 12 Pijler 1:Voorlichting en educatie: in hoeverre schat u succesvolle effecten van maatregelen in, gericht op bewustwording en preventie, wanneer tabak/vapes en alcohol zo gemakkelijk verkrijgbaar zijn (o.a.

sportkantines) en zo zichtbaar in de omgeving van jongeren door anderen (volwassenen) volop genuttigd worden? Hoe voorkomen we het effect van “dweilen met de kraan open” en helaas daarmee zinloos blijven investeren in geld? Antwoord: Dit voorkomen we door op het gebied van bewustwording en voorlichting ons te laten adviseren door professionals en experts en vanuit de gemeente enkel in te zetten op effectief bewezen interventies.

Vraag 7: In de ambitie die in het beleidsplan is opgesteld wordt gesproken over ‘het middelengebruik bij jongeren onder de 18 jaar zo lang mogelijk te voorkomen’. Welke concrete resultaten willen wij bereiken met dit beleidsplan? Antwoord: De concrete resultaten volgen in het uitvoeringsplan. Met het beleidsplan is als doel opgenomen om in de periode 2025-2028 een dalende trend te zien ten aanzien van middelengebruik. Op blz. 11 van het beleidsplan zijn de KPI’s (kritische prestatie indicatoren) opgenomen om dit ook meetbaar te maken. Vraag 8: In de ambitie wordt gesproken over het ‘overmatig gebruik bij jongeren te beperken’. Hoe kan dit gemeten worden en welke resultaten streeft men na met dit beleidsplan? Antwoord: Om deze (hoofd)ambitie en het doel te bereiken hebben wij samen met de professionals onze strategie bepaald. Deze strategie is vertaald in deelambities. De concrete uitvoering van deze deelambities zal opgenomen worden in het uitvoeringsplan. Zie ook antwoord vraag 7.

Pagina 2 van 5

Vraag 9: Om doelen te stellen zijn KPI’s opgesteld, gebaseerd op de cijfers van 2023. Welke concreet meetbare resultaten wil men per KPI bereiken met dit beleidsplan? Ofwel; welke dalingen in percentages wil men bereiken met dit beleidsplan? Antwoord: De afgelopen periodes zagen wij vooral een stijgende trend in de cijfers. Met dit beleidsplan willen we de (ambitieuze) kanteling gaan maken in een dalende richting. Vraag 10: We stellen vast dat ouders het vaak goed vinden dat alcohol wordt gedronken of ze zeggen er niets van. In het beleidsplan wordt ‘voorlichting voor ouders (van jongeren 10-18 jaar)’ als actie opgenomen in samenwerking met ervaringsdeskundigen. Wat of wie zijn deze ervaringsdeskundigen? Antwoord: In dit beleidsplan zullen we de samenwerking opzoeken met ervaringsdeskundigen die “gebruiker” zijn/waren van middelen. Vraag 11: Bij sport- en jeugdverenigingen wordt vastgesteld dat nog veel ruimte is voor betere naleving. Hoe wil de gemeente concreet zorgen voor een betere naleving? Antwoord: De concrete uitvoering volgt in het uitvoeringsplan. Op pagina 13 en 14 van het beleidsplan worden enkele focusvragen geformuleerd die wij in dit uitvoeringsplan willen beantwoorden. Uw vraag sluit hier bij aan.

Geen vragen

Vraag 12: Pagina 3 van het Raadsvoorstel onderdeel financiële aspecten. Hierin is te lezen dat ernaar gestreefd wordt om de realisatie van het uitvoeringsplan binnen de reguliere middelen te laten doen plaatsvinden. Daarnaast kan in 2025 aanvullend beroep op GALA worden gedaan. “Eind 2025 zal bij de tussentijdse evaluatie bekeken worden welke financiële mogelijkheden er dan zijn”. Betekent dit dat ook bekeken wordt hoe reguliere middelen kunnen terugvloeien naar de gemeente? Antwoord: Nee, dit betekent dat er gekeken wordt naar hoe de huidige reguliere middelen (denk aan financiering verslavingszorg) anders ingezet kan worden in het licht van dit beleidsplan. Er zullen geen van deze middelen terugvloeien naar onze gemeente omdat gemeente Maastricht als centrumgemeente deze middelen ontvangt en inzet voor de uitvoering voor de regio Maastricht-Heuvelland.

Pagina 3 van 5

Vraag 13: Pagina 6 beleidsplan. Bij roken wordt aandacht besteed aan het vapen. “Dat is in 4 jaar tijd met 8% gestegen”. Moet dit niet zijn: dit is in 2 jaar tijd met 267% gestegen? Antwoord: Klopt, dit is een typefout. Het moet zijn: in 2 jaar tijd met 8% gestegen. Vraag 14: Op pagina 15 worden KPI`s gesteld, echter met cijfers uit 2023. Hoe moeten we dit lezen? Als in een plan KPI`s staan wijzen deze toch op een minimaal resultaat dat men met het plan wil bereiken en niet met een peiling uit 2023. Antwoord: Met het beleidsplan is als doel opgenomen om in de periode 2025-2028 een dalende trend te zien ten aanzien van middelengebruik. De KPI’s op blz. 11 (althans in het officiële beleidsplan is dit blz. 11) geven weer wat onze stand van zaken momenteel is. Vraag 15: Of zijn dit de in 2023 gestelde KPI`s? Antwoord: Dit is de huidige stand van zaken (meest recente cijfers). Klopt. Vraag 16: Pagina 20 beleidsplan. De cijfers die hier genoemd worden. Zijn dit allemaal unieke personen of kan 1 persoon verantwoordelijk zijn voor 11 delicten? Antwoord Het gaat om het aantal verwijzingen. In theorie zou het dus kunnen betekenen dat bijv. 2 verwijzingen (2 aantallen in de tabel) om 1 dezelfde persoon gaat. Vraag 17: Op pagina 22 (bijlage VI) staan de delicten genoemd per gemeente.

In onze gemeente zijn geen delicten geregistreerd; met welke regelmaat worden er controles uitgevoerd? Antwoord: Vaak zien we dat in gemeenten waar veel gehandhaafd wordt, dat er veel verwijzingen zijn. Belangrijk om te weten is dat alcoholzaken door de BOA’s én politie verwezen kunnen worden en drugszaken alleen door de politie. Dat in de tweede tabel delicten niet in alle gemeenten plaatsvinden heeft te maken met het rijke uitgaansleven in de genoemde gemeenten. Het college heeft op grond van haar Integraal Veiligheidsplan 2024-2027, prioriteit gegeven aan jeugd en veiligheid (3.1),. Bij onregelmatigheden wordt de openbare orde gehandhaafd. Uitgangspunt hierbij is dat de burger (jeugd) zich aan de geldende regels houd, wanneer dit niet het geval is wordt er handhavend opgetreden. Vraag 18: Pagina 25 beleidsplan. Bedreiging B3. Wordt met een hulpmiddel een ID bijvoorbeeld bedoeld? Antwoord: Pagina 4 van 5

Nee het gaat hierbij om een hulpmiddel om snel te controleren of iemand 18 jaar is bij een ID-check. Onderstaand een voorbeeld van zo een ID-checker (een hulpmiddel).

Vraag 19: Pagina 2 ASD. Hier wordt gesproken bij het onderdeel ambitie naar het aanbieden van gezonde alternatieven voor jongeren. Wat zijn hier concrete voorbeelden van? Antwoord: Een voorbeeld hiervan kan zijn het aanbieden van niet-alcoholhoudende dranken in de sportkantine die interessant zijn voor jongeren. Met het aanbieden van gezonde alternatieven bedoelen we het aanbieden naast de reguliere keuze. Vraag 20: Pagina2 ASD. De ASD EM adviseert om de inspanningen uit te breiden naar de Euregio. Maakt dit belangrijke onderwerp ook onderdeel uit van het lokale uitvoeringsplan? Antwoord: Dit advies gaan we nader onderzoeken bij het opstellen van het uitvoeringsplan.

Geen vragen

Pagina 5 van 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=86eaa388-40c2-4a11-bb8e-cfe8f143106d