CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

08 Schriftelijke vragen en antwoorden Leerlingenvervoer

* Raadsvergaderingen 8 april 2025, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Schriftelijke vragen3.019 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvergadering 8 april 2025 Schriftelijke vragen Agendapunt 08: Verordening op leerlingenvervoer Maastricht-Heuvelland, gemeente EijsdenMargraten

Vraag 1: Kan toegezegd worden dat de genoemde nadere uitvoeringsregels voor de Maastricht-Heuvelland gemeenten via een RIB aan de raad toegezonden worden? Antwoord: Ja dat kan toegezegd worden.

Vraag 2: Via welke methode wordt de genoemde 6 km als afstandscriterium bepaald? Antwoord: Berekening route via google maps, kortste route per fiets.

Vraag 3: Is gezien de zeer beperkte abonnementskosten voor busvervoer van Arriva (tot 18 jaar max 50 euro/mnd) dit geen mogelijk alternatief? Antwoord: Ja dit is een mogelijk alternatief (een bijdrage vanuit de regeling leerlingenvervoer).

Pagina 1 van 12

Vraag 4: Pag.2 2e alinea startende met “ In de nieuwe verordening..” Graag uitleggen wat hier wordt bedoeld. Antwoord: In deze alinea is opgenomen dat er bij deze voorliggende verordening nog nadere regels door het college vastgesteld worden (uitvoeringsregels). Nadere regels zijn de algemeen verbindende voorschriften ter uitwerking van onderdelen van deze verordening. In de verordening zijn de zaken op hoofdlijnen benoemd en deze worden uitgewerkt in nadere regels. In deze verordening is geregeld dat het college bevoegd is om nadere regels vast te stellen, ook deze nadere regels zullen uniform zijn in Maastricht-Heuvelland.

Vraag 5: Pag.2 2e bullet. Deze regel geldt blijkbaar wel voor psychisch gehandicapte leerlingen. Hoe bereiken zij hun school binnen de 6km? Antwoord: Excuus, foutief, wordt aangepast. Het betreft leerlingen met een structurele-, lichamelijke-, psychische-, zintuigelijke beperking. Deze kinderen vallen niet onder het afstandscriterium. Deze term wordt gebruikt omdat het een wettelijke tekst betreft. Echter er wordt ook nog een publieksvriendelijke versie gemaakt voor op de website, hierin wordt de term ‘Leerlingen met blijvende beperking’ gebruikt.

Vraag 6: Pag.3. Hoe kan een klanttevredenheidsonderzoek in Maastricht als maatstaf dienen voor een landelijke gemeente als E-M, waar afstand en openbaar vervoer van een heel andere orde zijn? Antwoord: Het klanttevredenheidsonderzoek wordt uitgezet door de gemeente Maastricht als uitvoerende gemeente. Dit onderzoek wordt uitgezet onder alle aanvragers van de Maastricht-Heuvelland gemeenten. Dus er zijn resultaten die uit alle gemeenten komen en deze worden ook zodanig gebruikt. Er is duidelijk welke output afkomstig is uit welke gemeente, kan dit verschil ook in de uitwerking hiervan meegenomen worden.

Vraag 7: Pag.3 Financiële aspecten. ‘Het merendeel van de kosten betreft de kosten van aangepast vervoer’. Is dit niet logisch, of zien we dit verkeerd? Antwoord: Aangepast vervoer is inderdaad vrij logisch dat dit duurder is (duurder van OV).

Pagina 2 van 12

Vraag 8: Hoe geschiedt de financiële afwikkeling? Antwoord: Via gemeente Maastricht. Ouders ontvangen een bijdrage in de vervoerskosten.

Vraag 9: Het vervoer wordt uiteraard uitgevoerd door een chauffeur. Wordt hiervan ook kennis van omgang met een speciale doelgroep vereist? In de tekst vinden we geen aandacht voor een extra begeleider. Waarom niet? Antwoord: Dit wordt niet in de verordening bepaald, wel in het contract met de aanbieder (taxi van Meurs). Hierin is opgenomen dat een chauffeur extra opgeleid wordt ivm omgang bepaalde doelgroepen. Tevens zijn er ook jaarlijks terugkomstbijeenkomsten om tussentijds te toetsen.

Vraag 10: Bijlage d Was/wordt. Waarom is het linker vakje bij 8 niet ingevuld? Is de 6km grens nieuw? Antwoord: Omdat dit in iedere gemeente anders was (en de was/wordt tabel opgesteld is voor alle MaastrichtHeuvelland gemeenten), dit varieerde van 4 tot 6 km. Door de km grens op 6 km te zetten creëren we uniformiteit in gemeenten Maastricht-Heuvelland en dus ook in de uitvoering. Ook in de VNG modelverordening is de 6 km grens opgenomen.

Vraag:11: “De verordening treedt in werking op 1 mei 2025”. Dit is in het lopende schooljaar. Is overwogen om dit met ingang van het nieuwe schooljaar, dus per 1 augustus 2025 in te laten gaan? En daarmee de betrokkenen meer tijd te geven om evt. wijzigingen te kunnen organiseren? Antwoord: Vanaf 1 mei wordt beschikt voor het nieuwe schooljaar, voor nieuwe aanvragers. Waar een wijziging aan de orde is voor mensen die op dit moment al een tegemoetkoming in de bijdrage voor vervoer hebben wordt komend schooljaar een overgangsregeling toegepast. Gedurende komend schooljaar worden de gesprekken gevoerd mbt vervoersplan ( waar dit aan de orde is), dus overgang naar de nieuwe verordening.

Pagina 3 van 12

Vraag 12: 08a RV P.3: ‘’Proces van burgerparticipatie’’: Zijn er ook ouders/cliënten meegenomen in deze nieuwe beleidsplannen? Hoe denken zij over deze veranderingen? Antwoord: Deze wijzigingen in de verordening zijn beleidsarm, dus vandaar geen participatietraject met ouders. Ouders worden wel betrokken in uitvoering, bijvoorbeeld in het opstellen van het vervoersplan. VNG heeft voor de genoemde regeling een model opgesteld: de Modelverordening leerlingenvervoer. De wettelijke basis van het leerlingenvervoer is gelegen in de Wet op het primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra en de Wet op het voortgezet onderwijs.

Vraag 13: “Feitelijke kosten voor de uitvoering worden gedekt binnen de bestaande budgetten voor leerlingenvervoer.” Terwijl er blijkbaar meer verwijzingen zijn naar Speciaal Onderwijs en de kosten (landelijk) voor vervoer gestegen zijn. Worden er minder kosten verwacht met dit nieuwe voorstel? Over welke aantallen hebben we het in 2025 voor Eijsden-Margraten? Antwoord: Aanpassing van de km grens kan eventueel ervoor zorgen dat er minder kosten verwacht worden. Een afname kan mogelijk ook ontstaan door en sturen op zelfstandigheid en ouderverantwoordelijkheid.

Vraag 14: 08b p.3 art. 8.4.: In hoeverre kan een ouder verantwoordelijk zijn voor het gedrag van het kind tijdens het vervoer, als die ouder niet aanwezig is in het vervoersmiddel? Antwoord: Een ouder blijft ten alle tijden verantwoordelijk voor zijn/haar kind. We nemen geen verantwoordelijkheden over, we zorgen voor veilig en passend vervoer.

Vraag 15: Op welke manier wordt de afweging ‘ernstige benadeling van het gezin’ en ‘verantwoordelijkheid berust bij ouders’ gemaakt? Antwoord: Er wordt gekeken naar het totaalplaatje (alle leefgebieden) Ook wordt afstemming gezocht met team jeugd waar nodig om dit beeld goed en compleet te krijgen. Bij zeer complexe gevallen wordt een vervoerstafel (casusoverleg) georganiseerd (beleid jeugd en onderwijs en uitvoering). Uitgangspunt is en blijft ‘wat is het beste voor het kind’.

Pagina 4 van 12

Vraag 16: 08c p.5 art.3: “Bij dit onderzoek staan de mogelijkheden en behoeften van de leerling en de zelfredzaamheid van het gezin om zo zelfstandig mogelijk te reizen centraal, alsmede de mogelijkheden van de leerling om zich te ontwikkelen naar meer zelfstandigheid in het vervoer.” en “Ouders spelen hierin een belangrijke rol en hebben een eigen verantwoordelijkheid. Het is aan hen om eventueel samen met hun sociale netwerk of met behulp van andere ouders hun kind zelf te (laten) vervoeren of te leren zelf naar school te reizen.” Op welke manier wordt er rekening gehouden met specifieke gezinssituaties? Denk aan eenoudergezinnen, mantelzorgers of gezinnen zonder mogelijkheid tot vervoer i.v.m. beperking? Antwoord: Zie antwoord vraag 15

Vraag 17: Wat houdt een vervoerstraining in? Antwoord: Een training om kinderen zelfstandig te leren reizen met Openbaar vervoer of fiets.

Vraag 18: 08c p.14 art.19.3 en p.15 art. 20.4: Waarom wordt slechts de helft van de belastingvrije reiskostenvergoeding voor een fiets toegekend en niet de volledige 100% vergoeding? In art. 21 is er wel sprake van een volledige vergoeding bij autogebruik, vanwaar dit verschil in vergoeding? Antwoord: Vergoeding is € 0.23 per km voor de auto en € 0,19 per kilometer voor de fiets. Dit betreft regeling op basis van de belastingdienst en VNG.

Vraag 19: Op welke wijze kunnen ouders bezwaar aantekenen tegen een afwijzing van toekenning van leerlingenvervoer? Antwoord: Bezwaar indienen bij gemeente Maastricht, procedure staat op de beschikking.

Pagina 5 van 12

Vraag 20: Op bladzijde 2 staat dat er scherpere keuzes gemaakt moeten worden. Onduidelijk blijft echter welke keuzes dat zijn. Wat bedoelt u precies? Antwoord: De verordening is zodanig opgebouwd dat eerst het recht op een vervoersvoorziening wordt vastgesteld, waarna onderzocht wordt welke voorziening wordt verstrekt. Het zo zelfstandig mogelijk reizen wordt bevorderd. • •

Er wordt kritischer gekeken naar wat ouders (en sociaal netwerk) zelf kunnen mbt brengen en halen van de kinderen. er wordt gekeken of het passend vervoer ook echt de enige passende vervoersvorm is of kan op enig moment ook overgestapt worden naar een andere vorm van vervoer ( fiets/OV). Het zo zelfstandig mogelijk reizen wordt bevorderd.

Vraag 21: Welke toekenningen worden voortaan niet meer toegekend? Antwoord: Speciaal (basis)onderwijs binnen de grens van 6 kilometer indien er geen sprake is van een structurele-, lichamelijke-, psychische-, zintuigelijke beperking.

Vraag 22: Minder dan 6 km vergoed u niet meer. Hoeveel kinderen krijgen daardoor geen vergoeding meer? Antwoord: Op dit moment zijn er 4 kinderen in de gemeente die vallen binnen het afstandscriterium van 6 km. Bij deze gevallen zal bekeken moeten worden of er sprake is van een structurele-, lichamelijke-, psychische-, zintuigelijke beperking, indien dit niet het geval is komen zij niet meer in aanmerking voor een vergoeding. Indien dit aan de orde is wordt er komend jaar een overgangsregeling toegepast. Dit zal per geval bekeken worden in afstemming met ouders.

Vraag 23: Gaat dat tot procedures leiden? Antwoord: Dit kan leiden tot een procedure, hoeft niet. Er wordt 1 overgangsjaar toegepast.

Pagina 6 van 12

Vraag 24: Wat waren in de afgelopen 4 boekjaren de geraamde en werkelijke kosten leerlingenvervoer? Antwoord: Jaar 2024 2023 2022 2021

begroot € 383.845 € 343.282 € 285.087 € 278.000

werkelijk € 418.387 € 327.362 € 247.901 € 260.728

Vraag 25: Hoeveel is er de komende vier jaren geraamd en acht u dat voldoende? Antwoord: Jaar 2025 2026 2027 2028

begroot € 380.591 € 380.591 € 392.009 € 403.769

voldoende? waarschijnlijk niet vooralsnog wel vooralsnog wel vooralsnog wel

Vraag 26: Complimenten voor het duidelijk uitleggen van de definities. Is het mogelijk ook een definitie van zelfredzaamheid te geven? Antwoord: Nee deze definitie kan niet worden toegevoegd, dit is maatwerk dus voor iedere leerling anders.

Vraag 27: Art. 2 sub 2: bij ondertekening; kan hier toegevoegd worden ‘de wettelijk vertegenwoordiger van de leerling indien van toepassing’? Antwoord: Nee dit valt onder definitie ouders: ouder(s), voogden of verzorgers van de leerling;

Vraag 28: Art. 9 sub 1: er wordt gesteld dat de grens van 6 km niet geldt voor ‘gehandicapte leerlingen’. In het raadsvoorstel wordt in aangegeven dat de grens van 6 km niet geldt voor ‘leerlingen met een lichamelijke beperking’. Deze definities stroken niet met elkaar. De definitie in de verordening zijn veel ruimer. Graag meer duidelijkheid en afbakening voor welke leerlingen de grens van 6 km niet geldt. Antwoord: Is aangepast, terecht opgemerkt. Zie ook antwoord vraag 5.

Pagina 7 van 12

Vraag 29: Indien het huidige aanvraagformulier deel uitmaakt van dit besluit, kunnen we dan de term ‘IB60formulier’ vervangen door ‘inkomensverklaring’, aangezien het IB60-formulier al geruime tijd niet meer bestaat? Antwoord: Dit is geen onderdeel van de verordening en wordt ook niet hierin benoemd. Dit zal aangepast worden in het aanvraagformulier (uitvoering).

Vraag 30: Sommige artikelen zijn niet van toepassing indien het gaat om ‘gehandicapte leerlingen’, waarvan de definitie duidelijk is uitgelegd in de verordening. Welke andere leerlingen kunnen gebruik maken van deze regeling die niet binnen de definitie van ‘gehandicapte leerling’ vallen? Antwoord: Alle andere leerlingen die aanspraak maken op leerlingenvervoer, zie artikel 12 van de verordening.

Vraag 31: Art. 26: wijzigingen dienen doorgegeven te worden door ouders en/of leerlingen. In hoeverre kunnen andere partijen, bijvoorbeeld de school, hier een rol in spelen om misbruik van de regeling te voorkomen? Kunnen zij ook wijzigingen doorgeven? Antwoord: Nee school kan geen wijzigingen doorvoeren, dit mag alleen de aanvrager. School kunnen wel een melding hiervan maken.

Vraag 32: Art. 27 sub 2: de kosten van ten onrechte genoten vervoersvoorzieningen worden teruggevorderd. Zijn er casussen bekend waarin dit aan de orde was en zo ja, om welke aantallen / bedragen gaat het dan? Antwoord: Dit zijn enkele gevallen in Maastricht Heuvelland (minder dan 10), vaak betreft dit bijvoorbeeld een terugbetaling naar aanleiding van een verhuizing (herberekening aantal km’s). Dit wordt in alle gevallen goed geregeld en worden geen problemen mee ervaren.

Vraag 33: In het raadsvoorstel wordt de noodzaak om scherper te beoordelen uitgelegd. De vervoerder geeft aan dat vanwege verschillende redenen zij op enig moment geen nieuwe leerlingen meer kunnen vervoeren, waaronder ook de toename van het aantal verwijzingen naar het speciaal (basis)onderwijs.

Pagina 8 van 12

Hier heb ik een aantal vragen over: a. is er een wachtlijst of wordt voorzien dat er een wachtlijst gaat ontstaan voor het leerlingenvervoer? Antwoord: Momenteel niet, vervoerder heeft wel een signaal afgegeven dat hij tegen de grens aan zit. b. Welke invloed heeft de invoering van de 6 km grens op deze mogelijke uitdaging in de toekomst? Antwoord: Voor Eijsden-Margraten op dit moment zeer weinig invloed ook wordt verwacht dat deze invloed in de toekomst klein is aangezien de ligging van de scholen al snel buiten de 6 km grens is. c. Hebben wij een beeld om hoeveel verwijzingen het gaat en hoe sterk deze stijging is? Antwoord: Exacte aantallen zijn opgevraagd bij samenwerkingsverband. d. Wordt voorzien dat deze stijging van verwijzingen voor de toekomst blijft aanhouden? Antwoord: Verwijzingen richting speciaal onderwijs nemen toe, en de verwachting is dat deze ontwikkeling nog doorzet. e. Zijn wij binnen de gemeente / SZMH afhankelijk van één of meerdere vervoerders? Antwoord: De aanbesteding is gegund aan Taxi van Meurs, echter deze vervoerder maakt gebruik van diverse onderaannemers uit de gehele regio, bijna alle vervoerders. Dit om in de vraag te kunnen voorzien.

Vraag 34: Zou u kunnen uitleggen waarvoor een fietsvergoeding dient? Als een leerling met de fiets naar zijn of haar school kan gaan, waarin verschilt dit dan van een leerling voor wie geen vervoersvoorziening geldt? Antwoord: Dit betreft tevens een stimuleringsbijdrage om meer bewegen te bevorderen en zelfstandigheid van een leerling. Hier is geen eigen bijdrage aan de orde. Deze vergoeding komt ook zeer weinig voor, in Eijsden-Margraten geen.

Pagina 9 van 12

Vraag 35: Er wordt geen vervoersvoorziening toegekend als de afstand van de woning tot de dichtstbijzijnde toegankelijke school kleiner is dan 6 km (zie artikel 9). 6 km kan toch een behoorlijke afstand zijn. Hoe is deze bepaald? Verder staat in artikel 9 te lezen dat deze niet geldt voor een gehandicapte leerling. Kan middels een aantal voorbeelden worden toegelicht wie wel tegen de grens van 6 km aanloopt. Antwoord: Zie antwoord vraag 22.

Vraag 36: In de definitielijst van de verordening wordt gesproken over een gehandicapte leerling. Is het niet beter om te spreken over een leerling met een beperking of een leerling met een handicap? Antwoord: Deze term wordt gebruikt omdat het een wettelijke tekst is. Echter er wordt ook nog een publieksvriendelijke versie gemaakt voor op de website, hierin wordt de term ’leerlingen met een blijvende beperking’ toegepast.

Vraag 37: Toelichting verordening artikel 25. Hier wordt vermeld dat het indexcijfer 2022 102,56 bedraagt. Dit moet zijn 126,56 conform vermelde berekening. Kunnen de bedragen en percentages voor 2025 geactualiseerd worden? Antwoord: Het indexcijfer wordt ieder jaar aangepast aan de actuele situatie. In de verordening zijn geen concrete indexcijfers per jaar opgenomen. Omschreven staat: onder lid 3 artikel 25: De inkomensbedragen genoemd in het tweede lid, worden jaarlijks met ingang van 1 januari aangepast aan de wijziging die het CBS indexcijfer van de cao-lonen heeft ondergaan ten opzichte van 1 januari van het voorafgaande jaar en rekenkundig afgerond op een veelvoud van € 500,-. In de toelichting behorende bij de verordening zijn voorbeeldberekeningen opgenomen als toelichting op de artikelen. Hier staat een voorbeeld van een berekening benoemd uit een eerder jaar.

Vraag 38: In hoeverre zijn bijvoorbeeld chauffeurstekorten ook in onze gemeente een probleem? Antwoord: Taxi van Meurs heeft aangegeven voor de gehele regio aan het maximum te zitten, dit raakt alle gemeenten.

Pagina 10 van 12

Vraag 39: Artikel 9 lid 2 geeft aan dat voor leerlingen van het voortgezet onderwijs een uitzondering gemaakt kan worden. Hoe vaak komt op jaarbasis voor, dat er gebruik gemaakt moet worden van deze uitzonderingspositie? En wie bepaalt dat de leerling niet zelfstandig gebruik kan maken van het OV? Antwoord: Op basis van stukken opgesteld door specialisten wordt dit bepaald, hiermee wordt structurele handicap vastgesteld. Een specialist geeft dan een oordeel. Bij twijfel wordt aanvullende medisch advies opgevraagd.

Vraag 40: Artikel 16 lid 2 sub d lijkt op overdreven compleet willen zijn en bovendien zal het tot onnodig werk leiden voor de behandelend ambtenaar, waarbij subjectiviteit op de loer ligt. Daarnaast moet de kwaliteit van de stageplek toch altijd leidend zijn ten opzichte van de ligging van de stageplek. Kan dit stuk geschrapt worden? Antwoord: Nee dit kan niet geschrapt worden, stage is een belangrijk onderdeel van het onderwijsplan van school dus ook hier wordt vervoer naartoe geregeld als het kind niet zelfstandig kan reizen .

Vraag 41: 20250408 08a RV Verordening op leerlingenvervoer Pagina 2 Ter beoordeling van de te verstrekken vervoersvoorziening wordt in samenspraak met ouders onderzoek gedaan naar de zelfstandigheid en zelfredzaamheid van de leerling en het gezin en de afstand en route tot de dichtstbijzijnde toegankelijke school. Zo wordt het zo zelfstandig mogelijk reizen bevorderd. Bij gewijzigde omstandigheden kan er opnieuw een gesprek plaatsvinden. Hoe werkt dit in de praktijk en hoe snel kan er worden geschakeld en wordt er maatwerk toegepast? Antwoord: Hiervoor wordt de functie van consulent leerlingenvervoer ingezet. Deze consulent is nu al met scholen inhoudelijk hierover in gesprek. Dit zal maatwerk zijn dus is moeilijk te zeggen hoe snel geschakeld kan worden. Dit zal per situatie anders zijn.

Pagina 11 van 12

Vraag 42: 20250408 08b Verordening LLV MH Eijsden-Margraten Pagina 3. In artikel 8, lid 5 staat dat de vervoersvoorziening uit vier soorten voorzieningen kan bestaan. Daar staat onder andere "per openbaar vervoer". Is bij het college bekend dat bij Arriva de mogelijkheid bestaat om gebruik te maken van gratis openbaar vervoer met bus en trein via het Arriva Kids Vrij Limburg abonnement voor kinderen van 4 tot en met 11 jaar? En zo ja, zal dit ouders worden aangeboden? Antwoord: Ja is bekend, hier is contact mee en wordt in de toekomst toegepast. Vraag 43: Pagina 8. Tekstueel: In artikel 31, lid 4 ontbreken na "Verordening leerlingenvervoer Maastricht-Heuvelland 2025" de woorden "gemeente Eijsden-Margraten". Antwoord: Is aangepast.

Pagina 12 van 12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=0368d8be-894c-482c-8db9-c1649967be70