07 Schriftelijke vragen en antwoorden Meerjaren beleidsplan VRZL.docx
Tekst van het document
Raadsvergadering 11 juli 2023 Schriftelijke vragen Raadsvoorstel 7: Consultatie meerjarenbeleidsplan VRZL 2024 t/m 2027
Vraag 1: Pagina 2 20230711 07a Raadsvoorstel “De begroting wordt jaarlijks geïndexeerd conform de geldende afspraken daarover” Hoe luiden de geldende afspraken? Antwoord: In de begroting 2024 VRZL staan in paragraaf 3.1 de algemene uitgangspunten financiële begroting benoemd. Het kopje financiële uitgangspunten geeft weer wat de bestuurlijke afspraken zijn, namelijk: • Bij het opstellen van de(concept) begroting wordt gebruik gemaakt van indexcijfers van het Centraal Planbureau die conform de Kerngegevenstabel MEV met peildatum september van enig jaar worden gepubliceerd. • Een eventuele herrekening van de gemeentelijke bijdrage zal plaatsvinden op basis van de indexcijfers van het Centraal Planbureau die conform de Kerngegevenstabel MEV met peildatum september van enig jaar worden gepubliceerd, in het 4e kwartaal van het lopende jaar. • Van de indexpercentages voor loon en materieel wordt een gemiddelde index berekend op basis waarvan de opbrengsten c.q. de gemeentelijke bijdrage zal worden geïndexeerd. Dit gemiddelde wordt berekend op basis van de volgende verhouding tussen de loonkosten en de materiële kosten: 2/3 loonkosten – 1/3 prijzen.
Vraag 1: Waarom is deze consultatie uitgevoerd? Antwoord: Alvorens het algemeen bestuur van de veiligheidsregio het beleidsplan vaststelt, dient aan een aantal wettelijk voorgeschreven eisen volgens de Wet veiligheidsregio’s te zijn voldaan waarbij inbreng van de gemeenteraad aan de orde is:
1
•
De wet schrijft voor (artikel 15) dat “het bestuur van de veiligheidsregio het risicoprofiel vaststelt na overleg met de raden van de deelnemende gemeenten, waarbij het bestuur de raden tevens verzoekt hun wensen kenbaar te maken omtrent het in het beleidsplan op te nemen beleid”. • De wet schrijft voor (artikel 14, lid 2a) dat “voorafgaand aan de vaststelling van het beleidsplan, de burgemeester van een gemeente in het gebied van de veiligheidsregio met de gemeenteraad overlegt over het ontwerpbeleidsplan”. De raden kunnen in het concept risicoprofiel zien welke risico’s voor hun gemeente relevant zijn. De raden kunnen indien gewenst het concept aanvullen met eigen onderkende risico’s. Daarnaast kunnen ze lokale beleidsprioriteiten en veiligheidsthema’s naar voren brengen. Dit laatste hoeft niet per definitie betrekking te hebben op het risicoprofiel, maar kan ook inbreng voor het beleidsplan in bredere zin zijn.
Vraag 1: Het lijkt op 'beleid omdat het moet'. Wij missen de evaluatie van het vorige beleidsplan (alleen in het provinciale risicoprofiel wordt dit gedaan). En hierdoor ook waar men anders gaat werken ten opzichte van de vorige beleidsperiode. Er wordt weliswaar wel teruggeblikt op de gebeurtenissen die in de vorige periode aan de orde waren (covid, hoogwater, asiel/vluchtelingencrisis), maar missen de kritische blik of het voorgenomen beleid juist goed of eerder belemmerend. Is een evaluatie voor de raad beschikbaar? Antwoord: De VRZL vertrekt natuurlijk niet blanco naar “de toekomst” en ontwikkelt door vanuit de staande organisatie. Er heeft een kritische terugblik (in diverse gremia) plaatsgevonden op onze basisprocessen, de ambities van de afgelopen periode en de daarbij behorende accenten. Doordat wij als organisatie de afgelopen beleidsperiode in een “continue crisisstand” (covid-pandemie, hoogwaterramp en asiel/vluchtelingencrises) hebben moeten functioneren, ook voor ons doen een ongekende situatie, is voornoemde evaluatie pragmatisch en op hoofdlijnen uitgevoerd. Daarmee is er geen schriftelijke rapportage opgesteld, uitgezonderd de opbrengst van de bestuurlijke dialoog inzake brandweerzorg. Leren en verbeteren zijn overigens al langere tijd integraal onderdeel van het werk van onze veiligheidsregio.
Zo leveren wij bijvoorbeeld eens per jaar een Eigen Periodiek Beeld Operationele Prestaties. Deze rapportage biedt inzicht in het presteren van onze crisisorganisatie, ten behoeve van directie en bestuur. Het voorliggende beleidsplan is voor ons veel meer dan “omdat het wettelijk moet”. Vanuit onze missie en visie is dit koersdocument van “onderaf” gedragen en evenwichtig tot stand gekomen, waarbij ook burgemeesters en gemeenteraden intensief zijn betrokken. Hiervoor zijn meerdere webinars en fysieke bijeenkomsten (najaar 2022 en voorjaar 2023) over de toekomst van de brandweerzorg en het meerjarenbeleidsplan georganiseerd. De output is verwerkt in het beleidsplan. Tevens is er een regionale klankbordgroep van betrokken raadsleden opgericht om dit proces nu en in komende beleidsperiode te begeleiden.ie en bestuur.
2
Vraag 1: In de praktijk is zichtbaar dat het niet lukt om de gewenste veiligheidsmaatregelen waar te maken. Hoe onderbouwt u dat dit een realistisch en uitvoerbaar beleidsplan is? Antwoord: Voorliggend beleidsplan is na een intensief traject en in samenspraak (ambtelijk en bestuurlijk) tot stand gekomen. Realisme en uitvoerbaarheid is hierbij meegewogen. Eigenaarschap wordt gevoeld. De ambities voor onze programma’s crisesbeheersing & rampenbestrijding, brandweerzorg en bedrijfsvoering worden na het zomerreces in de jaarplannen (via A3-methodiek) verwerkt. Over de voortgang zullen wij rapporteren.
3