CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

06a Bijlage SZMH pho advies Stuurman uittredingsvoorwaarden vdef.pdf

* Raadsvergaderingen 18 maart 2021, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Vragen en toezeggingen uit de beeldvormende vergadering8.008 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Uittreden Gemeente Eijsden-Margraten Advies voorwaarden en proces

Maastricht, Datum 20 mei 2020 Opdrachtgever: Portefeuillehoudersoverleg/directie SZMH Opdrachtnemer: Arend Zwaga Versie: vdef1

Pagina 1 van 20

Inhoudsopgave 1

2

3

4

5

6

7

Inleiding ......................................................................................................................................................... 3 1.1

Context van het onderzoek ................................................................................................................... 3

1.2

Vraagstelling .......................................................................................................................................... 3

1.3

Samenvatting van het onderzoek, tevens leeswijzer ............................................................................ 3

Advies ............................................................................................................................................................ 5 2.1

Advies m.b.t. voorwaarden tot uittreding ............................................................................................. 5

2.2

Advies m.b.t. het te volgen uittredingsproces....................................................................................... 6

Verantwoording van het onderzoek .............................................................................................................. 7 3.1

Triangulatie ............................................................................................................................................ 7

3.2

Validiteit ................................................................................................................................................ 7

3.3

Betrouwbaarheid ................................................................................................................................... 7

Juridische consequenties ............................................................................................................................... 8 4.1

De gemeenschappelijke regeling ........................................................................................................... 8

4.2

Overgang van Onderneming .................................................................................................................. 9

4.3

Reorganisatie ....................................................................................................................................... 10

Personele consequenties ............................................................................................................................. 11 5.1

Wijze van formatie toedeling .............................................................................................................. 11

5.2

Wijze van de kostenberekening personele inspanning ....................................................................... 11

5.3

De concrete personele inspanning t.b.v. Eijsden-Margraten .............................................................. 12

5.4

De personele kosten ............................................................................................................................ 13

Materiële en overheadconsequenties......................................................................................................... 14 6.1

Wijze van toedeling materiële en overheadkosten ............................................................................. 14

6.2

Wijze van de kostenberekening materiële inspanning en overhead .................................................. 15

6.3

Materiële kosten dienstverlening ........................................................................................................ 15

6.4

Kosten overhead .................................................................................................................................. 15

6.5

Kosten couleur locale Eijsden-Margraten ........................................................................................... 15

6.6

Incidentele materiële en overhead kosten .......................................................................................... 16

6.7

Zuiver financiële consequenties .......................................................................................................... 16

Financiële consequenties ............................................................................................................................ 16 7.1

Structurele Kosten ............................................................................................................................... 16

7.2

Incidentele kosten ............................................................................................................................... 17

7.3

Baten ................................................................................................................................................... 17

7.4

Saldering kosten en baten ................................................................................................................... 17

7.5

Desintegratiekosten ............................................................................................................................ 17

7.5.1

Ontvlechtingskosten ................................................................................................................... 18

7.5.2

Kosten uitredingsproces ............................................................................................................. 18

7.5.3

Besparingen en verrekenvoorstel aan Eijsden-Margraten ......................................................... 18

8

Conclusies .................................................................................................................................................... 19

9

Bijlagen ........................................................................................................................................................ 20 9.1

Bijlage-1: Kwantitatieve gegevens ....................................................................................................... 20

9.2

Bijlage-2: Advies Overgang van Onderneming .................................................................................... 20

Pagina 2 van 20

1

Inleiding

In dit hoofdstuk zijn de context van het onderzoek, de te beantwoorden vraagstelling en de samenvatting van de onderzoeksresultaten beschreven. 1.1

Context van het onderzoek

In 2016 is de gemeenschappelijke regeling uitvoeringsdienst Sociale Zaken van de gemeenten Maastricht en Heuvelland (hierna: SZMH) van start gegaan met als doel in gezamenlijkheid de Participatiewet uit te voeren. Deze gezamenlijkheid is het fundament onder de dienst en leidraad om een zo goed mogelijk resultaat voor alle deelnemende gemeenten te behalen. In 2019 heeft de gemeente Eijsden-Margraten aangekondigd om, wegens haar moverende reden, per 1 januari 2021 uit de gemeenschappelijke regeling te willen treden (brief college B&W Eijsden Margraten 12 december 2019). Eijsden-Margraten geeft in haar brief ook aan open te staan voor een voortzetting van haar deelname, wanneer SZMH bereid is haar apparaatskosten sterk te reduceren. In haar brief van 14 april 2020 geeft Eijsden-Margraten aan dat zij de mogelijke uittreding uit wil stellen tot na 1 januari 2021. Dit vanwege de Corona-crisis die andere prioriteiten met zich meebrengt, waardoor een uittreding per 1 januari 2021 niet realistisch zou zijn. 1.2

Vraagstelling

Centrale vraagstelling: Door het PHOSZMH wordt, met betrekking tot de uittreding van Eijsden-Margraten, gevraagd om advies welke voorwaarden het moet verbinden aan de uittreding en welk proces gevolgd zou moeten worden. Om die vraag te kunnen beantwoorden, worden de volgende deelvragen onderzocht. Deelvraag-1: Wat zijn de juridische consequenties van de uittreding? Deelvraag-2: Wat zijn de personele consequenties van de uittreding? Deelvraag-3: Wat zijn de materiële en overheadconsequenties van de uittreding? Deelvraag-4: Wat zijn de financiële consequenties van de uittreding? Van de deelvragen vormen de juridische consequenties de context van de uittreding. De personele, materiële en overheadconsequenties zijn de zichtbare veranderingen die veroorzaakt worden door uittreding. De financiële consequenties ten slotte zijn de vertaling in geld van die zichtbare veranderingen en vormen de basis van het voorstel tot afrekening met Eijsden-Margraten. 1.3

Samenvatting van het onderzoek, tevens leeswijzer

In deze paragraaf is het onderzoek samengevat, met uitzondering van het advies. Het advies is beschreven in hoofdstuk 2. Deze samenvatting is tevens leeswijzer. De centrale vraag van het PHOSZMH is welke voorwaarden verbonden moeten worden aan de uittreding door Eijsden-Margraten en welk proces gevolgd zou moeten worden (paragraaf 1.2). Het antwoord begint met de vraag of Eijsden-Margraten heeft opgezegd en of het PHOSZMH haar derhalve een voorstel met voorwaarden moet doen toekomen. Het antwoord daarop is dat Eijsden-Margraten niet conform de Gemeenschappelijke Regeling (hierna: GR) en de Wet gemeenschappelijke

Pagina 3 van 20

regelingen heeft opgezegd en SZMH haar derhalve geen voorstel moet doen. De vraagstelling gaat echter verder; het PHOSZMH wil zelf wel de voorwaarden kennen (paragraaf 4.1). De context van de uittreding is in belangrijke mate juridisch met als centrale vraag of er sprake is van Overgang van Onderneming (hierna: OVO). Het belang van de vraag is dat betrokken medewerkers in het geval van OVO allen mee overgaan en hun arbeidsvoorwaarden behouden. Dit onderwerp is geadviseerd door Paulussen advocaten te Maastricht (paragraaf 4.2 en bijlage-2). Essentie is dat er pas sprake is van OVO als het personeel inderdaad mee over gaat, wat bij deze uittreding niet aannemelijk is. Het is namelijk nagenoeg onmogelijk medewerkers substantieel aan dienstverlening voor Eijsden-Margraten te koppelen (paragraaf 5.3). Wanneer Eijsden-Margraten daadwerkelijk uitreedt, is er sprake van een formele reorganisatie binnen SZMH en heeft de ondernemingsraad adviesrecht. Georganiseerd overleg is niet direct aan de orde, omdat ook bij OVO de arbeidsvoorwaarden van betrokken medewerkers ongewijzigd blijven (paragraaf 4.3). De zichtbare gevolgen van de uittreding zijn de personele (hoofdstuk 5) en materiële en overhead consequenties (hoofdstuk 6).

Voor het kwantificeren van deze consequenties is aangesloten bij de resultaten SZMH ultimo 2019, geïndexeerd met het prijspeil 2020 (waar mogelijk) en geactualiseerd (waar mogelijk) per 1/4/20 (bijlage-1). Daarmee is er een zo getrouw mogelijk beeld, maar moet wel worden gerealiseerd dat het een momentopname is. Daarom moeten ten tijde van een feitelijke uittreding de kwantificeringen worden herijkt. Er is niet beoordeeld of de aangeleverde kwantificeringen juist zijn dan wel gereduceerd zouden kunnen worden. Deze beoordeling is buiten het bestek van dit onderzoek en wordt uitgevoerd binnen het onderzoek door Berenschot (paragraaf 3.3). Er zijn veel medewerkers op enigerlei wijze betrokken bij de dienstverlening aan Eijsden-Margraten (paragraaf 5.3). Vanwege de relatief geringe omvang van de dienstverlening aan Eijsden-Margraten ten opzichte van het totaal, betreft het echter kleine percentages van werkzaamheden van medewerkers. Het gaat in totaal om 10,64 fte (paragraaf 5.3) en per functie tien of enkele tientallen medewerkers (paragraaf 5.3). De daarmee samenhangende kosten zijn € 717.117 (paragraaf 5.4). Daarvan kunnen er € 409.575 per datum uittreding worden beëindigd (vrijval). Afvloeiing van personeel kan worden gerealiseerd door de flexibele schil te verminderen. De resterende kosten ter grootte van € 307.542 lopen na uittreding door (paragraaf 7.5.3).

De materiële kosten zijn in totaal groot € 46.175 (paragraaf 6.3) en kunnen in hun geheel per ultimo 2020 vrijvallen (paragraaf 7.5.3). De kosten overhead geven een divers beeld, wat wordt veroorzaakt door de verschillende oorsprong van deze overheadkosten: Bestuur en Concernzaken Maastricht, SSC Maastricht en SSC SZMH/huisvestingskosten. De totale overheadkosten zijn € 276.565 (paragraaf 6.4) waarvan €74.029 tussen één en vijf jaar kan worden afgebouwd en het restant ter grootte van € 202.536 doorloopt (paragraaf 7.5.3). Naast bovenstaande consequenties worden in het onderzoek de zuivere financiële consequenties (paragraaf 6.7), incidentele kosten (paragraaf 6.6) en desintegratiekosten (paragraaf 7.5) benoemd. Onder zuivere financiële consequenties worden bijvoorbeeld kapitaallasten, subsidies etc. verstaan. Deze zijn onderdeel van andere kostensoorten en hier niet separaat benoemd. Incidenteel lopen er drie projecten, waaraan Eijsden-Margraten ook deelneemt. De daarmee samenhangende kosten Pagina 4 van 20

kunnen per ultimo 2020 worden beëindigd en komen derhalve niet voor verrekening in aanmerking. De feitelijke desintegratie kosten (stopzetten van de dienstverlening aan EM) kunnen pas worden begroot wanneer Eijsden-Margraten heeft aangegeven hoe zij wil beëindigen. In ieder geval horen hier de begeleidingskosten voor het uittredingsproces bij, tot nu toe begroot op € 15.000. Bovenstaande consequenties vertalen zich naar de financiële consequenties (hoofdstuk 7) en een afrekenvoorstel aan Eijsden-Margraten (paragraaf 7.5.3). Dit voorstel moet volgens art 19 lid 4 redelijk en billijk zijn. Redelijk (en billijk) is dat Eijsden-Margraten de kosten van de door haar gewenste uittreding draagt die na datum uittreding doorlopen, maar ook dat die verrekening eindig is. De consequenties hiervan zijn dat (1) de kosten die per datum uittreding beëindigd kunnen worden ook beëindigd worden, (2) de na datum uittreding doorlopende maar wel opzegbare kosten gedurende drie jaar volledig vergoed worden en (3) de “oneindig” doorlopende kosten in een afbouwende staffel vergoed worden. De driejaarstermijn en de staffel zijn naar analogie van de vergoeding voor de desintegratiekosten ten tijde van de oprichting SZMH (paragraaf 7.5.3). Toepassen van een staffel betekent ook dat er kosten doorlopen, wanneer die niet in de pas met de staffel afgebouwd kunnen worden.

Die kosten worden gedragen door SZMH en de gemeente Maastricht. 2

Advies

In dit hoofdstuk is het advies aan PHOSZMH beschreven. Het advies is het onderzoeksantwoord op de centrale vraagstelling van de opdrachtgever. Er is sprake van een dubbele vraagstelling: welke voorwaarden moet PHOSZMH aan Eijsden-Margraten stellen en welk proces tot uittreding moet worden gevolgd. Het advies gaat op beide onderdelen in. 2.1

Advies m.b.t. voorwaarden tot uittreding

Gebaseerd op het gehouden onderzoek en de conclusies in paragraaf 8 is het advies met betrekking tot de uittredingsvoorwaarden het volgende. 1e) Een rechtsgeldig verzoek tot uittreding van Eijsden-Margraten te verlangen. 2e) Overgang van personeel: meedelen aan betrokkenen dat het betreffende personeel niet mee over gaat. 3e) Reorganisatie: advies te vragen en te verwerken van de ondernemingsraad Maastricht. 4e) Per datum uittreding alle dienstverlening (personeel, materieel, overhead en incidenteel) door SZMH aan Eijsden-Margraten te stoppen. 5e) Eijsden-Margraten te vragen een plan in te dienen welke informatie en middelen zij zou willen overnemen tegen welke vergoedingen. 6e) De volgende financiële voorwaarden aan te leggen: Betalingen door Eijsden-Margraten Datum Vanwege opzegbaar na 1/1/21 Vanwege doorlopend Totaal jan-21 € 89.029 € 510.078 € jan-22 € 74.029 € 340.052 € jan-23 € 74.029 € 170.026 €

599.107 414.081 244.055

Pagina 5 van 20

2.2

Advies m.b.t. het te volgen uittredingsproces

Gebaseerd op het gehouden onderzoek en de conclusies in paragraaf 8 is het advies met betrekking tot het uittredingsproces het volgende. De actuele situatie is dat Eijsden-Margraten aan het PHOSZMH vraagt om de voorwaarden voor uittreding. Parallel aan onderhavig onderzoek naar de uittreding onderzoekt Berenschot de kosten en mogelijke besparingen van SZMH. Daarmee zijn de eerste stappen in het proces de volgende. Stap-1: Afronden van het onderzoek door Berenschot en bepalen of de uitkomsten daarvan EijsdenMargraten al dan niet overtuigen binnen de GR te blijven. Stap-2: Wanneer Eijsden-Margraten aangeeft te willen uittreden, van Eijsden-Margraten een rechtsgeldig verzoek tot uittreding verlangen. Het is op dit moment niet te bepalen welke doorlooptijd bovenstaande stappen hebben. Het lijkt aannemelijk dat dit enige tijd zal vergen. Wanneer er inderdaad een rechtsgeldig verzoek tot uittreding van Eijsden-Margraten is ontvangen dan moet het voorstel met voorwaarden voor uittreding worden herijkt naar de actuele situatie van dat moment. Het advies is de begroting 2021 te gebruiken wanneer het verzoek in het najaar 2020 wordt ontvangen en het resultaat 2020 te gebruiken wanneer het verzoek van Eijsden-Margraten in de eerste maanden van 2021 wordt ontvangen. Na ontvangst van het verzoek van Eijsden-Margraten kunnen de volgende stappen worden gezet.

Stap-3: Herijken van de voorwaarden voor uittreden en het uittredingsproces. Stap-4: Besluitvorming voorwaarden voor uittreden en het uittredingsproces door: • Informeel overleg met ondernemingsraad over de voorwaarden in het algemeen en OVO in het bijzonder; • Meedelen overgang van personeel door directie SZMH, in samenspraak met de ondernemingsraad, aan alle betrokken medewerkers; • Voorgenomen besluit door PHOSZMH; • Advies ondernemingsraad; • Definitief besluit door PHOSZMH. Het is reëel aan te nemen dat het tijdsbeslag van stap-3 en -4 een doorlooptijd kent van ongeveer drie maanden. Wanneer de besluitvorming rond is, kan het overleg met Eijsden-Margraten worden gestart. Dit is een bestuurlijk onderhandelingsproces (ambtelijk voorbereid), waarvan de uitkomsten uiteraard nu niet bekend zijn. Stap-5: Onderhandelingsproces uitvoeren. De tijdsduur van het onderhandelingsproces is ongewis. Gezien de hoogte van de uittredingsvergoeding is het aannemelijk dat dit niet zomaar is gedaan en minimaal drie maanden zal vergen. De onderhandelingen monden uit in een uittredingsconvenant. Aangezien het een bestuurlijke overeenkomst is, heeft de ondernemingsraad daarover geen adviesrecht. Wanneer echter de uitvoerende bepalingen veranderd zijn, dan herleeft wat dat betreft het adviesrecht.

Pagina 6 van 20

Wanneer het uittredingsconvenant definitief is, kan de dienstverlening aan Eijsden-Margraten worden stopgezet. Deze beëindiging heeft aan de kant van SZMH, vanwege de relatief geringe omvang, weinig impact. Op Eijsden-Margraten zelf heeft het uiteraard wel veel impact. Om die reden zal een uittredingsplan en tijdschema van Eijsden-Margraten noodzakelijk zijn. Stap-6: Stopzetten dienstverlening aan Eijsden-Margraten op basis van een overeengekomen plan voor stopzetting afkomstig van Eijsden-Margraten. Wanneer de gehele operatie voltooid is, is het verstandig om terug te kijken en het verloop te evalueren. Stap-7: Evaluatie uittredingsproces. 3

Verantwoording van het onderzoek

Dit onderzoek beoogt een kwalitatief juist beeld te geven van de, t.a.v. de uittreding van EijsdenMargraten, relevante situatie. De kwaliteit is beoordeeld langs de criteria triangulatie, validiteit en betrouwbaarheid. 3.1

Triangulatie

Triangulatie is de mate waarin de uittreding vanuit meerdere perspectieven is onderzocht. In dit onderzoek is gebruik gemaakt van één bron van informatie, namelijk de gegevens zoals aangeleverd door SZMH zelf. Er hadden meer bronnen aangewend kunnen worden, zoals bijvoorbeeld eigen boekenonderzoek, interviews e.d. Wellicht dat daardoor de gebruikte kengetallen scherper zouden zijn. Het is echter ook dusdanig arbeidsintensief dat het verhoudingsgewijs voor dit onderzoek te veel tijd en inspanning vergt. 3.2

Validiteit

Validiteit is de mate waarin daadwerkelijk wordt gemeten wat gemeten moet worden. Er wordt voldaan aan het sub criterium begripsvaliditeit, omdat algemeen kenbare bedrijfsmatige begrippen worden gebruikt. De kans op verschil van interpretatie is derhalve klein. De (interne) validiteit is verantwoord, omdat kengetallen worden gebruikt die afkomstig zijn uit de door een onafhankelijk accountant te controleren administratie. Er is mede daarom verder niet beoordeeld of de aangeleverde gegevens juist zijn. Een dergelijk onderzoek zou overigens ook onevenredig veel tijd hebben gekost. Er is niet beoordeeld of kosten gereduceerd zouden kunnen worden. Dit ligt binnen de scope van het onderzoek van Berenschot en daarmee buiten de scope van onderhavig onderzoek naar de uittredingsvoorwaarden. De juridische analyse (overgang van onderneming) is afkomstig van het onafhankelijke advocatenkantoor Paulussen te Maastricht. Haar advies is onverkort als bijlage bijgevoegd. Externe validiteit (de mate waarin de resultaten generaliseerbaar zijn) is hier niet of nauwelijks aan de orde. 3.3

Betrouwbaarheid

Betrouwbaarheid is de mate waarin het onderzoek precies en nauwkeurig is. Het centrale criterium is de mate waarin het onderzoek herhaalbaar is. Om die reden is de aanpak gevolgd, zoals die door

Pagina 7 van 20

Stuurman Flexibiliteit BV is geoffreerd en zijn alle gebruikte gegevens in bijlage bijgevoegd. Daarmee is het onderzoek herhaalbaar en betrouwbaar. 4

Juridische consequenties

Vertrekpunt voor een juridische beoordeling is de vraag die Eijsden-Margraten stelt aan de overige deelnemers van de GR. Die vraag is geformuleerd in haar brief van 12 december 2019. De gemeente Eijsden-Margraten lijkt een dubbele doelstelling te hebben en stelt eigenlijk twee vragen. De eerste is de doelstelling dat men per 1 januari 2021 uit de gemeenschappelijke regeling wil treden met als vraag uiterlijk 1 februari 2020 de daartoe strekkende voorwaarden aangeleverd te krijgen. In haar brief van 14 april 2020 geeft Eijsden-Margraten aan dat vanwege de Coronacrisis een mogelijke uittreding eerst na 1 januari 2021 aan de orde kan zijn. De tweede doelstelling is dat Eijsden-Margraten deelnemer wil blijven met als vraag de apparaatskosten sterk te reduceren. Overigens geeft Eijsden-Margraten in haar brief nog een derde doelstelling aan, namelijk dat men deel wil nemen in de vorm van een cafetaria model. Op dit verzoek is door de directie van SZMH ontkennend geantwoord. In dit onderzoek wordt uitgegaan van een mogelijke uittreding van Eijsden-Margraten en daartoe worden drie juridische aspecten beoordeeld. De eerste is de gemeenschappelijke regeling en wat daarin is bepaald met betrekking tot uittreding. De tweede is de regelgeving met betrekking tot overgang van onderneming. Tot slot is de vraag of er bij uittreding sprake is van een reorganisatie. 4.1

De gemeenschappelijke regeling

In artikel 19 van de GR wordt bepaald onder welke voorwaarden uittreding mogelijk is. Dit zijn de volgende: 1e) De uittredende gemeente doet een gemotiveerd verzoek gericht aan de overige deelnemers; Met haar brief van 12 december 2019 heeft het college van B&W van de gemeente Eijsden-Margraten een gemotiveerd verzoek tot uittreden per 1 januari 2021 (in een latere brief van 14 april 2020 is de datum verschoven tot na 1 januari 2021) gericht aan de overige deelnemers. Eijsden-Margraten geeft in dezelfde brief echter aan dat zij wil blijven, wanneer de kosten, voor haar voldoende, gereduceerd worden. Daarmee is het een verzoek onder voorbehoud en is er in die zin niet formeel een verzoek voor uittreding gedaan. 2e) Een verzoek kan eerst worden ingediend na twee jaar na oprichting van de GR; 3e) Een verzoek kan eerst worden ingediend na de eerste evaluatie, zoals bepaald in art. 15.2GR; Het verzoek van Eijsden-Margraten is drie jaar na datum oprichting en na de evaluatie ingediend, waarmee aan de tweede en derde voorwaarde uit de GR is voldaan. 4e) De betreffende gemeenteraad moet hebben ingestemd met de voorgenomen uittreding, zoals bepaald in art. 1.3 Wgr. In de Wgr artt 1.2 en 1.3 is bepaald dat een college van B&W pas over kan gaan tot uittreding na toestemming van de raad. Uit de brief van Eijsden-Margraten d.d.

12 december 2019 blijkt dat de gemeenteraad Eijsden-Margraten nog niet heeft ingestemd met het voornemen van uittreding; in de Pagina 8 van 20

brief staat dat het college dit aan haar wil voorleggen. Daarmee heeft Eijsden-Margraten niet voldaan aan deze voorwaarde voor uittreding. 5e) De overige deelnemers doen een, naar redelijkheid en billijkheid, voorstel met betrekking tot de voorwaarden waaronder de uittreding kan plaatsvinden. De overige deelnemers doen dit voorstel, wanneer er formeel is opgezegd. Dat is niet aan de orde en derhalve hoeft het voorstel niet te worden gedaan. Uiteraard kan het PHOSZMH, wanneer zij dit wenst, de voorwaarden al wel aan Eijsden-Margraten doen toekomen. Subconclusie-1 gemeenschappelijke regeling: Eijsden-Margraten heeft niet formeel opgezegd. Subconclusie-2 gemeenschappelijke regeling: De overige deelnemers hoeven nog geen voorstel voor de voorwaarden van uittreding aan Eijsden-Margraten te doen toekomen. Subconclusie-3 gemeenschappelijke regeling: Een uittredingsdatum is op zijn vroegst aan de orde na 1 januari 2021. 4.2

Overgang van Onderneming

De uittreding uit een GR door een deelnemer, die de betreffende dienstverlening vervolgens voor eigen rekening uitvoert, betekent dat dit stuk dienstverlening overgaat van een latende op een verkrijgende organisatie. Hierop is het juridische leerstuk ‘overgang van onderneming’ (hierna: OVO) van toepassing. OVO is een Europese richtlijn met als doel het beschermen van medewerkers bij wijziging van de persoon die de exploitatie van de onderneming voortzet. Hier relevant is dat medewerkers in geval van OVO recht hebben op behouden van de arbeidsvoorwaarden als bij de latende organisatie. ‘Onwillige’ medewerkers zijn verplicht over te gaan, wanneer er sprake is van OVO. Op dit onderwerp is, ten behoeve van dit onderzoek, advies gevraagd aan Paulussen advocaten te Maastricht. Het advies is integraal als bijlage-2 bij deze rapportage gevoegd. Paulussen is vrij duidelijk in haar advies, maar houdt in algemene zin een voorbehoud. Dit heeft er mee te maken dat de uiteindelijke feiten bepalen of er wel of niet sprake is van OVO. In dit stadium is daarvan alleen nog een waarschijnlijke inschatting. Er is sprake van OVO als voldaan is aan drie criteria. 1e) Economische eenheid. Er moet sprake zijn van een geheel aan georganiseerde middelen, bedoeld om een hoofdzakelijk economische activiteit, waaronder openbaar gezag, uit te voeren.

In het geval van de uitvoering van re-integratie voor Eijsden-Margraten door SZMH is het aannemelijk dat aan dit criterium is voldaan. 2e) Overgang ten gevolge van een overeenkomst. Overeenkomst moet volgens jurisprudentie zeer ruim worden opgevat. Een uiteindelijke uittreding zal plaatsvinden op basis van een convenant tussen Eijsden-Margraten, PHOSZMH en in het verlengde daarvan de gemeente Maastricht. Daarmee is ook aan dit criterium voldaan. 3e) Identiteitsbehoud. Het gaat erom dat de identiteit van de organisatie na de uittreding bewaard zal blijven. Dit wordt ook ruim geïnterpreteerd en hangt samen met de feitelijke overgang. In een arbeidsintensieve overgang, zoals het geval is bij de uittreding uit SZMH, is het feitelijk al dan niet overgaan van personeel zwaarwegend. Pagina 9 van 20

Overgang van personeel is niet aannemelijk. In paragraaf 5.3 is beschreven dat de dienstverlening aan Eijsden-Margraten wordt uitgevoerd door veel verschillende medewerkers per functiegroep, die elk een vaak zeer klein deel van hun tijd aan deze dienstverlening besteden. Het is pragmatisch deze medewerkers mee te delen dat zij niet onder de OVO vallen. Dit geldt ook voor de consulenten en de twee meest betrokken teammanagers. Dit is overigens afwijkend van het advies van Paulussen, zij adviseren met alle betrokkenen overeen te komen dat er geen medewerkers overgaan. Dat lijkt echter niet aan de orde, wanneer er overwegende bezwaren ontstaan bij de betreffende medewerkers en/of Eijsden-Margraten dan kan alsnog verder juridisch worden onderzocht welke aanpak gekozen moet worden. Subconclusie OVO: het is aannemelijk dat wordt voldaan aan twee van de drie criteria voor OVO: er is sprake van een economische eenheid en overgang op grond van overeenkomst. Het derde criterium ‘gaat het personeel mee over’ is nog niet bepaald. De directie SZMH kan in overleg met de ondernemingsraad bepalen om het personeel met vaste aanstelling te behouden. Wanneer daartegen overwegende bezwaren ontstaan, kan de situatie tegen die tijd nader worden onderzocht. 4.3

Reorganisatie

Uittreding van een deelnemer betekent dat de organisatie van SZMH verandert. De vraag is of er formeel sprake is van een reorganisatie en of er dientengevolge adviesrecht is van de ondernemingsraad en/of instemmingsrecht voor het georganiseerd overleg. Of er wel of niet sprake is van een reorganisatie, is bepaald in het sociaal statuut van de gemeente Maastricht. Hier is een bijzonderheid, omdat er weliswaar een sociaal statuut is, maar partijen in overleg zijn om deze te vernieuwen. De vernieuwing zou voor datum uittreding vigerend kunnen zijn. Daarom zijn beide definities hier onderzocht. •

•

Definitie reorganisatie “oud” sociaal statuut: Iedere wijziging van de organisatiestructuur, de omvang of de taakinhoud van een onderdeel van de organisatie, waaraan personele gevolgen zijn verbonden. Voorgestelde definitie reorganisatie “nieuw” sociaal statuut: Een wijziging van de organisatiestructuur (organogram), een wijziging van de formatieomvang en/of een wijziging van het takenpakket (van een deel) van de organisatie, die gevolgen heeft voor medewerkers.

In het geval van een uittreding is er nagenoeg altijd sprake van een wijziging van formatie dan wel organisatieomvang en heeft die gevolgen voor personeel c.q. medewerkers. In de onderhavige uittreding is hier sprake van, zoals in de hiernavolgende hoofdstukken is uiteengezet. Daarmee is er sprake van adviesrecht voor de ondernemingsraad. Dat ligt anders voor het georganiseerd overleg. Zowel in de situatie dat de betrokken medewerkers bij de gemeente Maastricht in dienst blijven of overgaan naar Eijsden-Margraten, blijven hun arbeidsvoorwaarden ongewijzigd. Daarmee is georganiseerd overleg niet aan de orde, tenzij langs een andere weg toch sprake is of kan zijn van wijziging van arbeidsvoorwaarden. Subconclusie reorganisatie: een feitelijke uittreding van Eijsden-Margraten betekent een reorganisatie binnen de gemeente Maastricht en derhalve is er sprake van adviesrecht voor de ondernemingsraad. Er is, ook bij overgang van medewerkers naar Eijsden-Margraten, geen sprake van wijziging van arbeidsvoorwaarden voor betrokken medewerkers. Georganiseerd overleg is daarmee niet noodzakelijk. Pagina 10 van 20

5

Personele consequenties

In dit hoofdstuk staat de met de uittreding gemoeide personele inspanning en de daaraan verbonden kosten. 5.1

Wijze van formatie toedeling

Om een goed beeld te krijgen van de met deze uittreding gemoeide personele consequenties is van belang te weten op welke manier SZMH haar formatie inzet ten behoeve van Eijsden-Margraten. In onderstaande is dit per hier relevant onderdeel kort beschreven. Het eerste deel betreft formatie dat betrokken is bij het primaire proces, voorafgegaan door de instroom via een centrale intake. Het primair proces wordt uitgevoerd door een Integraal Gebiedsgericht Team (hierna: IGT) voor de combinatie Maastricht (deels) en Eijsden-Margraten. De betreffende formatie niet direct toewijsbaar aan één van beide, omdat meerdere personen aan de dienstverlening voor beide organisaties werken. Het gaat hier om de functies van teammanager en consulent. De overige functies zitten verspreid over diverse andere teams. Een tweede deel betreft faciliterende formatie binnen SZMH zelf. Het gaat hier bijvoorbeeld om: directie, planner, bezwaar&beroep, baliemedewerker etc. Dit is formatie die alleen in algemene zin is toe te wijzen aan de dienstverlening door SZMH en als onderdeel daarvan aan Eijsden-Margraten. Een derde deel betreft de formatie die door de gemeente Maastricht faciliterend ingezet wordt voor onder meer SZMH. Voorbeelden zijn personele en ICT-ondersteuning.

Deze formatie wordt voor alle bedrijfsonderdelen ingezet en is daarmee eveneens alleen in algemene zin toe te wijzen aan de dienstverlening door SZMH en als onderdeel daarvan aan Eijsden-Margraten. Tot slot is er nog een vierde deel en dat bestaat uit organisaties die in het verlengde van SZMH structurele of incidentele diensten binnen het domein re-integratie verrichten. Voorbeelden zijn Podium24, Annex, MTB, projecten. Deze formatie is hier verder niet relevant, omdat zij niet in personele zin maar op basis van contracten e.d. ingezet wordt ten behoeve van SZMH. Subconclusie formatie toedeling: binnen de scope van uittreding valt de volgende personele inzet: betrokken bij het primair proces, faciliterende formatie binnen SZMH en faciliterende formatie binnen de gemeente Maastricht. Personele inzet door derden valt niet binnen de scope. 5.2

Wijze van de kostenberekening personele inspanning

Er is gezocht naar een zo actueel mogelijke stand van zaken van de personele inspanning. Dat is een uitdaging, omdat het in feite gaat om een soort bewegend doel. Formatie fluctueert continue met het actuele verloop van caseload en werkzaamheden. Een stand van zaken is daarmee afhankelijk van het moment dat er gemeten wordt. Om het hanteerbaar te houden is in dit onderzoek waar mogelijk uitgegaan van de stand van zaken per ultimo 2019 en voor zover mogelijk geactualiseerd met het prijspeil 2020 en de stand van zaken per 1/4/2020. Vervolgens is binnen de kengetallen 2019 gewerkt met een verdeelsleutel. Per soort formatie (functie) is op zo objectief mogelijke gronden een verdeelsleutel bepaald. Dit zijn de volgende (bijlage-1): 1e) Op basis van vastgestelde caseload; Pagina 11 van 20

2e) Op basis van de verhouding aantal klanten t.b.v. Eijsden-Margraten en het totaal aantal klanten SZMH; 3e) Op basis van de verhouding aantal aanvragen binnen specifieke regelingen en het totaal aantal aanvragen SZMH; 4e) Op basis van het aantal afgehandelde casus Sociale Recherche. 5.3

De concrete personele inspanning t.b.v. Eijsden-Margraten

Onderstaand is de personele inspanning behandeld in de onderwerpen ‘omvang van de dienstverlening aan Eijsden-Margraten’, ‘de met de overgang gemoeide formatie’ en ‘het aantal betrokken medewerkers’. De incidentele personele inspanning is opgenomen in paragraaf 6.6. 1e) Omvang dienstverlening aan Eijsden-Margraten De basis voor de omvang van de in te zetten formatie is de hoeveelheid dienstverlening die SZMH verricht t.b.v. Eijsden-Margraten. Het gaat dan om het aantal mensen dat dienstverlening afneemt, hier klanten genoemd. Per klant worden meerdere soorten dienstverlening afgenomen. Dat zijn enerzijds de verschillende regelingen, waaronder ook begrepen de aanvragen wet op de kinderopvang. Anderzijds werkt de sociale recherche binnen SZMH op basis van casussen. Dit betekent het volgende (bijlage-1). Tabel A, omvang dienstverlening aan Eijsden-Margraten (in klanten en regelingen)

Aantallen dienstverlening t.b.v. EM Totaal SZMH Totaal aantal klanten 283 5.434 Totaal aantal regelingen 705 18.282 Totaal aantal casus SR 13 267 Subconclusie omvang dienstverlening: op jaarbasis 283 klanten, 705 regelingen en 13 casus sociale recherche. 2e) De met de overgang gemoeide formatie (bijlage-1). In onderstaande tabel zijn de bij dienstverlening aan Eijsden-Margraten betrokken functies en formatie benoemd. Tabel B, formatieve inzet t.b.v. Eijsden-Margraten inzet voor gemeente Eijsden -Margraten:

fte-overzicht conform verdeelsleutel GR

Functie

fte 0,07 4,00 0,14 0,55 2,37 0,11 0,97 0,08 0,14 0,36 0,88 0,17

fte 0,07 4,14 0,16 0,55 2,72 0,34 0,97 0,08 0,14 0,36 0,94 0,17

9,85

10,64

Di re cti e Cons ul e nt Ba l i e me de we rke r Te a mma na ge r Admi ni s tra ti e (e xcl . wko) WKO Advi s e ur Se cre ta re s s e Pl a nne r Toe ts e r Soci a l e re che rche Automa ti s e ri ng

geactualiseerde fteoverzicht perfunctie

Pagina 12 van 20

Uit de tabel blijkt dat 10,64 fte formatie wordt ingezet t.b.v. Eijsden-Margraten. Let wel: dit is de situatie op het meetmoment 1/4/2020 en als eerder geschreven fluctueert dit gedurende het jaar. Binnen de overigens gelijk gebleven totale formatie van SZMH betekent dit voor de dienstverlening aan Eijsden-Margraten een stijging van 0,79 fte t.o.v. de berekening op basis van de verdeelsleutel zoals die opgenomen is in de GR van 2015. Subconclusie betrokken formatie: de t.b.v. dienstverlening aan Eijsden-Margraten betrokken formatie bedraagt 10,64 fte. 3e) Het aantal betrokken medewerkers Naast de hoeveelheid formatie is het ook van belang te bepalen hoeveel en welke werkelijke mensen betrokken zijn bij de uittreding van Eijsden-Margraten. Het is relevant om te kunnen bepalen of er al dan niet sprake is van OVO en wat de personele scope is van de reorganisatie. Tabel C, aantal betrokken medewerkers t.b.v. Eijsden-Margraten Inzet voor gemeente Eijsden -Margraten:

Functie Di re cti e Cons ul e nt PW Cons ul e nt ove ri ge re ge l i nge n e tc. Ba l i e me de we rke r Te a mma na ge r Te a mma na ge r (fa ci l i te re nde te a ms ) Admi ni s tra ti e (e xcl . wko) WKO Advi s e ur Se cre ta re s s e Pl a nne r Toe ts e r Soci a l e re che rche Automa ti s e ri ng

Aantal medewerkers actueel

Vast contract

Tijdelijk contract

Inhuur

2 5 40 5 2 3 54 3 22 2 5 10 11 7

5 8

6 0 1 1

In algemene zin blijkt dat een groot aantal vaste en enkele ingehuurde medewerkers ingezet worden voor de diverse onderdelen van de dienstverlening aan Eijsden-Margraten. Voor een deel ligt dat in de aard van de werkzaamheden. Bijvoorbeeld administratie of baliewerk wordt gedaan voor alle klanten van alle deelnemers door alle betrokken medewerkers. Voor een ander deel is het ook een bedrijfsmatige keuze om werk over meerdere medewerkers te verdelen. Bijvoorbeeld omdat dan de kwetsbaarheid bij uitval e.d. dan is verkleind. Een voorbeeld zijn de consulenten. Subconclusie betrokken medewerkers: Vanwege de aard van de werkzaamheden of door bedrijfsmatige keuzes is het niet mogelijk om medewerkers dedicated te koppelen aan werkzaamheden voor Eijsden-Margraten. Onder betrokken medewerkers moet daarom worden verstaan: eenieder die op een of andere wijze een deel van zijn/haar tijd besteed ten gunste van de dienstverlening aan EijsdenMargraten. 5.4

De personele kosten

De in paragraaf 5.3 opgenomen formatie leidt tot personele kosten. De kosten zijn voor wat betreft consulent gebaseerd op de geactualiseerde situatie per 1/4/2020. De overige zijn gebaseerd op de

Pagina 13 van 20

totale formatie van SZMH per 1/4/2020 en conform verdeelsleutel in de GR (4,55%) toebedeeld aan Eijsden-Margraten. Tabel D, kostenoverzicht t.b.v. dienstverlening Eijsden-Margraten Inzet voor gemeente Eijsden -Margraten: Kosten conform geactualiseerde verdeelsleutel kosten per GR functie Functie Di recti e Cons ul ent Ba l i emedewerker Tea mma na ger Admi ni s tra ti e (excl . wko) WKO Advi s eur Secreta res s e Pl a nner Toets er Soci a l e recherche Automa ti s eri ng

€

€

€ € € € € € € € € € € €

8.339 281.990 6.736 50.695 127.585 7.099 77.651 4.506 9.616 22.718 62.688 11.859

€ € € € € € € € € € € €

8.339 291.854 7.691 50.695 144.301 21.454 77.651 4.506 9.616 22.718 66.433 11.859

€

671.482 €

717.117

Ten opzichte van de start in 2016 is er sprake van een kostenstijging van ongeveer 7%. Deze stijging wordt veroorzaakt door een hogere inzet t.b.v. Eijsden-Margraten op peildatum, waarvoor EijsdenMargraten overigens niet extra betaalt. Voor wat betreft personele inzet is er alleen sprake van structurele exploitatiekosten. Er is derhalve geen sprake van incidentele personele kosten. Subconclusie personele kosten: het totaal personele kosten ten laste van Eijsden-Margraten bedraagt € 717.117. 6

Materiële en overheadconsequenties

In dit hoofdstuk zijn de materiële en overheadkosten -de niet personele kosten- benoemd die samenhangen met de dienstverlening van SZMH. Ook benoemd zijn de kosten die samenhangen met eventuele couleur locale Eijsden-Margraten en incidentele materiële en overheadkosten. Tot slot zijn de zuiver financiële consequenties (niet veroorzaakt door personele of materiële inspanning of overhead), beschreven. 6.1

Wijze van toedeling materiële en overheadkosten

Het overgrote deel van deze kosten wordt door de organisatie van de gemeente Maastricht of door de organisatie van SZMH gedragen voor alle aan SZMH deelnemende gemeenten als geheel. Het zijn integrale kosten, die niet specifiek kunnen worden toebedeeld aan een individuele gemeente. Daarmee zijn alle onderstaande kosten integraal t.b.v. de dienstverlening van SZMH als geheel, tenzij dit anders is aangegeven. Pagina 14 van 20

6.2

Wijze van de kostenberekening materiële inspanning en overhead

Aangezien de kosten integraal aan alle deelnemers zijn toegewezen, moet er een verdeelsleutel worden toegepast om de, aan de dienstverlening t.b.v. Eijsden-Margraten toe te wijzen, kosten te bepalen. Daarvoor is de verdeelsleutel van de Gemeenschappelijke Regeling 2015 gebruikt. Uiteraard is het mogelijk om op basis van 2019 een geüpdatete verdeelsleutel te bepalen, echter dat vergt verhoudingsgewijs te veel tijd en inspanning. De sleutel van 2015 is tussentijds niet herzien, wat betekent dat aan Eijsden-Margraten 4,55% van de integrale kosten worden toegerekend. 6.3

Materiële kosten dienstverlening

Onder materiële kosten worden verstaan alle bedrijfsmiddelen en representatiekosten van SZMH. Tabel E, materiële kosten (bijlage-1)

Materiele kosten Doorbelasting SSC Geboekte facturen 2019 TOTAAL

SZMH Totaal T.b.v. EM € 341.936 € 15.558 € 672.910 € 30.617 € 1.014.846 € 46.175

De kosten die opgenomen zijn in tabel E zijn de kosten op rekeningbasis 2019 vermeerderd met de prijsindex 2020, die 1,5 % bedraagt. Subconclusie materiële kosten: de materiële kosten t.b.v. dienstverlening aan Eijsden-Margraten bedragen € 46.175. 6.4

Kosten overhead

De kosten overhead zijn opgenomen in onderstaande tabel. De kosten zijn waar mogelijk bepaald op basis van 2019 en prijspeil 2020. Het prijspeil 2020 wijkt ongeveer 6% (hoger) af van het prijspeil 2016. Dit is in lijn met de algemene stijging van de prijsindexeringen over deze jaren, die ongeveer 6,5% bedraagt. Daarmee wordt het prijspeil 2020 toepasbaar geacht. Tabel F, kosten overhead

Kosten Overhead Bestuurs- en concernzaken (BCZ) Shared Services Center (SSC) Huisvesting (SSC/B&O) TOTAAL

SZMH Totaal € 815.038 € 4.322.516 € 940.800 € 6.078.354

T.b.v. EM € 37.084 € 196.675 € 42.806 € 276.565

Subconclusie kosten overhead: de kosten overhead t.b.v. dienstverlening aan Eijsden-Margraten bedraagt € 276.565. 6.5

Kosten couleur locale Eijsden-Margraten

Er is geen specifieke dienstverlening m.b.t. Eijsden-Margraten. Subconclusie kosten couleur locale: er zijn geen kosten couleur locale.

Pagina 15 van 20

6.6

Incidentele materiële en overhead kosten

SZMH voert t.b.v. haar deelnemers drie projecten uit: aanpakken Statushouders, Ouderen en Jongeren. Deze zijn te zien als intensiveringen door extra aandacht. Dat wordt bereikt door minder klanten in de caseload van de betreffende consulenten op te nemen, opleidingen en projectleiding, e.d. De bijbehorende financiering van deze extra inzet staat los van de reguliere begroting apparaatskosten. Iedere gemeente bepaalt zelf jaarlijks waaruit men dit betaalt. Omdat de deelnemers iedere jaar mogen kiezen of ze aan de projecten deelnemen kunnen de bijbehorende kosten per ultimo 2020 beëindigd worden. Anderzijds gaat het om mogelijke kosten die samenhangen met de inhoudelijke uitvoering van SZMH, zoals Podium24 en Annex. Er worden door SZMH t.a.v. deze inhoudelijk samenwerkende partners geen vergoedingen betaald. Subconclusie-1 incidentele materiële en overhead kosten: er zijn incidentele materiële en overhead kosten in de vorm van projecten. Subconclusie-2 incidentele materiële en overhead kosten: deze kosten hebben geen invloed op de financiële afrekening bij uittreding. 6.7

Zuiver financiële consequenties

Er zijn diverse soorten zuivere financiële consequenties, die samenhangen met de uitvoering van elke organisatie en derhalve ook van SZMH. Het gaat dan om subsidies en andere vergoedingen, kapitaallasten, Btw-kwesties, etc. Aangenomen is dat al deze kwesties zijn verdisconteerd in de kosten die opgenomen zijn in tabellen E en F, materiële en overhead kosten. Ook is aangenomen dat er geen openstaande kwesties t.a.v. SZM zijn, die financiële gevolgen kunnen hebben. Er is geen nader onderzoek gedaan, omdat dit een gedetailleerd onderzoek zou vergen, wat buiten het bestek valt. Subconclusie zuiver financiële consequenties: deze consequenties zijn opgenomen in de structurele materiële en overhead kosten. Er zijn geen openstaande kwesties die nog verrekend zouden moeten of kunnen worden. 7

Financiële consequenties

In dit hoofdstuk zijn op geaggregeerd niveau de totale kosten samengebracht, zoals die per 1/4/20 geactualiseerd begroot zijn voor 2020. Deze kosten zijn vergeleken met de bijdrage 2020 van EijsdenMargraten. Het saldo tussen kosten en bijdrage laat zien welk financieel effect uittreding heeft voor de overige deelnemers. Aan het eind van het hoofdstuk zijn de mogelijkheden tot kostenbesparing opgenomen. Dat overzicht laat zien welke kosten na 1/1/2021 nog aan de orde zijn en derhalve in aanmerking komen voor het verrekenvoorstel aan Eijsden-Margraten. 7.1

Structurele Kosten

De personele en materiële inspanning van SZMH t.b.v. Eijsden-Margraten brengen de volgende structurele financiële consequenties in termen van kosten met zich mee.

Pagina 16 van 20

Tabel G, Kosten dienstverlening t.b.v. Eijsden-Margraten Kosten dienstverlening t.b.v. EM Personele kosten Materiele kosten Overhead Totaal

Kosten1/4/20 € 717.117 € 46.175 € 276.565 € 1.039.857

Begroting 2020 % verschil € 671.482 € 44.283 € 282.460 € 998.225

-7% -4% 2% -4%

De hogere personele kosten dan begroot worden volledig verklaard door een hoger aantal fte’s dan begroot. Formatie o.b.v. het percentage E/M (4,55%) bedraagt 9,85 fte terwijl de feitelijke formatie bij een aantal functies, gebaseerd op een andere verdeelsleutel, hoger is. Feitelijke formatie bedraagt uiteindelijk 10,64 fte. Het verschil in fte’s ad. 0,79 betekent een kostenpost ad. € 45.635,-. Subconclusie kosten dienstverlening t.b.v. Eijsden-Margraten: de kosten dienstverlening t.b.v. EijsdenMargraten bedragen € 1.039.857. 7.2

Incidentele kosten

Er zijn geen met de dienstverlening aan Eijsden-Margraten te verrekenen incidentele kosten. Zie voor beschrijving paragraaf 6.6. 7.3

Baten

De baten ten behoeve van SZMH bestaan uit de bijdrages van de deelnemende gemeenten. Daarmee worden de kosten van SZMH zodanig gedekt dat het totaal resultaat op € 0 sluit. Let wel, in dit onderzoek gaat het om begrote resultaten en niet de gerealiseerde. Jaarlijks worden de werkelijk gemaakte kosten op basis van nacalculatie gefactureerd aan de deelnemende gemeenten. De begrote baten 2020 van Eijsden-Margraten zijn gelijk aan de in de begroting 2020 aan EijsdenMargraten toegerekende kosten: € 998.225. Subconclusie baten Eijsden-Margraten: de baten m.b.t. dienstverlening aan Eijsden-Margraten bedragen € 998.225. 7.4

Saldering kosten en baten

Subconclusie financieel saldo Eijsden-Margraten Saldering van begrote kosten en baten 2020 levert: € 4.543 (begrote bijdrage Eijsden-Margraten 2020 – kosten dienstverlening t.b.v. Eijsden-Margraten 1/4/20). 7.5

Desintegratiekosten

Wanneer Eijsden-Margraten daadwerkelijk uittreedt dan brengt ook dit kosten met zich mee. Voor het overgrote deel zijn dit de kosten die in de voorgaande hoofdstukken zijn benoemd. Er moet worden bepaald op welke wijze deze kosten worden toegerekend aan Eijsden-Margraten. Het gaat hier om de ontvlechtingskosten, kosten van het uittredingsproces en besparingen omdat de kosten dienstverlening Eijsden-Margraten beëindigd kunnen worden.

Pagina 17 van 20

7.5.1

Ontvlechtingskosten

Wanneer Eijsden-Margraten feitelijk uittreedt dan worden er door SZMH kosten gemaakt om de dienstverlening aan Eijsden-Margraten in haar bedrijfsvoering te beëindigen. Voor een deel zullen dit, gezien het volume aan klanten en regelingen, relatief lage kosten zijn. Bepalend is met name wat Eijsden-Margraten wil overnemen van SZMH, bijvoorbeeld m.b.t. het klantenbestand. Dat is nog niet bekend. Eijsden-Margraten zal dit tegen die tijd moeten aangegeven. 7.5.2

Kosten uitredingsproces

Het uittredingsproces kent specifieke, met name begeleidings- en advieskosten. Vooralsnog hangen deze samen met dit onderhavig onderzoek door Stuurman Flexibiliteit en Paulussen advocaten en zijn in totaal voor 2020 begroot op ongeveer € 15.000. 7.5.3

Besparingen en verrekenvoorstel aan Eijsden-Margraten

Het gros van de kosten van de bedrijfsvoering SZMH betreft de personele, materiële en overhead kosten, als boven beschreven. Deze kosten kunnen worden beëindigd, oftewel dit zijn besparingen vanwege het uittreden door Eijsden-Margraten. In dit kader zijn drie categorieën relevant. Als eerste de kosten die per ultimo 2020 opzegbaar zijn. Die kosten stoppen dus direct per datum uittreding van Eijsden-Margraten. De tweede categorie betreft kosten die weliswaar opzegbaar zijn, maar contractueel gedurende een bepaalde periode na ultimo 2020 doorlopen. De derde categorie betreft kosten die niet opzegbaar zijn, zoals personele en overheadkosten die slechts een klein deel vormen van de werkpakketten. In onderstaande tabel zijn deze categorieën gekwantificeerd. Tabel H, besparingen Besparingen Totale kosten Opzegbaar per 31/12/20 Opzegbaar na 31/12/20 Doorlopend Personele kosten € 717.117 € 409.575 € € Materiele kosten € 46.175 € 46.175 € € Overhead € 276.565 € € 74.029 € Incidenteel € € € € Desintegratie € 15.000 € € 15.000 Totaal € 1.054.857 € 455.750 € 89.029 €

307.542 202.536 0 510.078

In de tabel zijn de desintegratiekosten opgenomen onder opzegbaar na 31/12/20. Deze bestaan namelijk uit reeds aangegane begeleidingskosten die alleen ten laste komen van het jaar 2020. Conform art.19.4 van de GR moeten de blijvende deelnemers een redelijk en billijk voorstel doen aan Eijsden-Margraten. Dit betekent het volgende. • •

•

De kosten die opzegbaar zijn per ultimo 2020, moeten worden opgezegd en vallen geheel vrij. De kosten die op een bepaalde datum na ultimo 2020 opzegbaar zijn, komen in aanmerking voor volledige vergoeding door Eijsden-Margraten. Volgens opgave van SZMH, op basis van informatie van de gemeente Maastricht, vallen deze kosten vrij tussen één en vijf jaar. Het precieze moment is niet te voorspellen, omdat het om bijvoorbeeld verloop van personeel gaat. Naar analogie van de regeling met betrekking tot de vergoeding van de desintegratiekosten, destijds bij de oprichting van de GR, zou een termijn van drie jaar redelijk zijn. Ook voor de niet-opzegbare kosten is het redelijk bij de regeling aan te sluiten zoals die is getroffen ten tijde van de oprichting van de GR en de aldaar gebruikte staffel toe te passen: eerste jaar 3/3, tweede jaar 2/3 en derde jaar 1/3 vergoeding door Eijsden-Margraten aan SZMH. Pagina 18 van 20

Het is eveneens redelijk dat Eijsden-Margraten de kosten bij aanvang van de jaren voldoet, uiterlijk eind januari, omdat gedurende die jaren er geen diensten meer aan Eijsden-Margraten worden verleend. Een bijzonderheid is dat een substantieel deel van de doorlopende kosten overheadskosten van de gemeente Maastricht zijn. Dat betekent dat het redelijk is dat de bijbehorende betalingen door Eijsden-Margraten en de doorlopende kosten van deze overhead door SZMH verrekend worden met de gemeente Maastricht. Daarmee komen zij niet ten laste van SZMH. Subconclusie besparingen: het is redelijk en billijk om met Eijsden-Margraten op de volgende wijze kosten te verrekenen. Tabel I, Verrekenvoorstel aan Eijsden-Margraten Betalingen door Eijsden-Margraten Datum Vanwege opzegbaar na 1/1/21 Vanwege doorlopend Totaal jan-21 € 89.029 € 510.078 € jan-22 € 74.029 € 340.052 € jan-23 € 74.029 € 170.026 €

599.107 414.081 244.055

NB: Het bedrag onder ‘vanwege opzegbaar na 1/1/21’ is 15.000 hoger dan de volgende jaren vanwege de begeleidingskosten gemaakt in het jaar 2020.

8

Conclusies

De conclusies worden getrokken ten aanzien van de deelvragen, zoals die zijn gedefinieerd in hoofdstuk 1.2. Deelvraag-1: Wat zijn de juridische consequenties van de uittreding? Eijsden-Margraten heeft de gemeenschappelijke regeling niet formeel opgezegd, maar formeel aangegeven te willen uittreden tenzij de kosten van deelneming voor haar voldoende gereduceerd worden. Eijsden-Margraten heeft niet voldaan aan de in de GR gestelde juridische voorwaarden van opzegging. SZMH heeft derhalve geen opzegging in de zin van art 19 GR ontvangen en hoeft daarmee ook nog geen voorstel tot voorwaarden aan Eijsden-Margraten af te geven. Het is aannemelijk dat er geen sprake is van overgang van onderneming. De overgang is te kenschetsen als arbeidsintensief en dan zou het (overgrote deel van) het betreffende personeel mee over moeten gaan. Dit is niet aannemelijk omdat de directie SZMH in overleg met de ondernemingsraad kan bepalen om het personeel met vaste aanstelling te behouden. Wanneer daartegen overwegende bezwaren ontstaan, kan de situatie tegen die tijd nader worden onderzocht. Er is wel sprake van een reorganisatie, indien Eijsden-Margraten uittreedt. Daarmee heeft de ondernemingsraad adviesrecht. Er is geen sprake van wijziging van arbeidsvoorwaarden, daarmee is georganiseerd overleg niet aan de orde.

Deelvraag-2: Wat zijn de personele consequenties van de uittreding? De omvang per peildatum 1/4/2020 van de dienstverlening van SZMH aan Eijsden-Margraten bedraagt op jaarbasis 283 klanten, 705 regelingen en 13 casus sociale recherche. De daarmee gemoeide formatie is op peildatum 10,64 fte. Er zijn, buiten projecten, geen incidentele/tijdelijke inspanningen

Pagina 19 van 20

binnen de dienstverlening aan Eijsden-Margraten. Het totaal personele kosten ten behoeve van Eijsden-Margraten bedraagt € 717.117. Vanwege de aard van de werkzaamheden of door bedrijfsmatige keuzes is het niet mogelijk om medewerkers dedicated te koppelen aan werkzaamheden voor Eijsden-Margraten. Onder betrokken medewerkers moet daarom worden verstaan: eenieder die op een of andere wijze een deel van zijn/haar tijd besteed ten gunste van de dienstverlening aan Eijsden-Margraten. Deelvraag-3: Wat zijn de materiële en overheadconsequenties van de uittreding? Het totaal aan materiële kosten t.b.v. dienstverlening aan Eijsden-Margraten bedraagt € 46.175. Het totaal aan kosten overhead t.b.v. dienstverlening aan Eijsden-Margraten bedraagt € 276.565. Er zijn geen kosten couleur locale. Er zijn incidentele materiële en overhead kosten in de vorm van projecten. Deze kosten hebben geen invloed op de financiële afrekening bij uittreding. Er zijn geen openstaande kwesties die nog verrekend zouden moeten of kunnen worden. Deelvraag-4: Wat zijn de financiële consequenties van de uittreding? Het totaal aan kosten van de dienstverlening t.b.v. Eijsden-Margraten bedraagt € 1.039.857. Dit zijn structurele kosten. Er zijn geen met Eijsden-Margraten te verrekenen incidentele kosten. Het totaal aan baten m.b.t. dienstverlening aan Eijsden-Margraten bedraagt € 998.225.

Daarmee is het financiële saldo van de uittreding € 4.543 negatief. Het is redelijk en billijk om met Eijsden-Margraten op de volgende wijze kosten te verrekenen. Betalingen door Eijsden-Margraten Datum Vanwege opzegbaar na 1/1/21 Vanwege doorlopend Totaal jan-21 € 74.029 € 510.078 € jan-22 € 74.029 € 340.052 € jan-23 € 74.029 € 170.026 €

584.107 414.081 244.055

Het is redelijk dat Eijsden-Margraten de betalingen in januari van de genoemde jaren voldoet. 9

Bijlagen

9.1

Bijlage-1: Kwantitatieve gegevens

9.2

Bijlage-2: Advies Overgang van Onderneming

Pagina 20 van 20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=cd89d22f-4a29-45cc-aa3f-bae3a52840a6