06 Schriftelijke vragen en antwoorden Regiovisie Zuid Limburg 2024-2031 ‘Geweld in afhankelijkheidsrelaties’ (GIA)
Tekst van het document
Raadsvergadering 3 juli 2024 Schriftelijke vragen Regiovisie Zuid Limburg 2024-2031 ‘Geweld in afhankelijkheidsrelaties’ (GIA) Raadsvoorstel 6:
Geen vragen
Geen vragen
Vraag 1: Vorige week is het landelijke plan van aanpak stop femicide gepresenteerd. Bijna 80% van de vermoorde vrouwen of meisjes worden vermoord door een partner en/of familielid. Waarom staat dit nergens in de visie benoemd? Op welke manier wordt dit plan meegenomen in deze visie? Antwoord: Femicide wordt gezien als een ernstige vorm van huiselijk geweld. Ongeveer 80% van de omgebrachte vrouwen wordt gedood door een (ex-)partner of familielid. De aanpak van huiselijk geweld waaronder ex-partnergeweld en kindermishandeling komt uitgebreid aan bod in de regiovisie GIA. De inhoud van het plan van aanpak Stop femicide was nog niet bekend tijdens het ontwikkelproces van de regiovisie. Echter een groot aantal van de prioriteiten die in het plan van aanpak Stop femicide! worden genoemd komen overeen met de ontwikkelrichting die de regiovisie beoogd. Vraag 2: Moord en/of doodslag als gevolg door geweld in afhankelijkheidsrelaties is niet meegenomen in deze visie. Waarom niet? Antwoord: Zie antwoord vraag 1. Vraag 3: In het raadsvoorstel staat niet dat ervaringsdeskundigen zijn geraadpleegd, in de visie wel. Wat is waar? 1
Antwoord: Het raadsvoorstel geeft slechts een korte samenvatting van de visie. De visie bevat de gedetailleerde inhoud. Tijdens het ontwikkelproces van de Regiovisie GIA zijn diverse ervaringsdeskundigen betrokken. Een ervaringsdeskundige die in haar vroegere leven slachtoffer is geweest van kindermishandeling en een ervaringsdeskundige die pleger was van huiselijk geweld.
Vraag 4: Uit de gezamenlijke ambitie (p.25) blijkt dat er intensief door organisaties en professionals samengewerkt gaat worden om dit eerder in beeld te krijgen. Toch gaat het de afgelopen tijd ook flink mis (casus in Noorbeek, onlangs in de media pleegzorg meisje uit Vlaardingen), waaruit falend handelen van juist die professionals blijkt. Het gaat lang duren om professionals daarin te trainen (p. 30 & p. 31). Wordt er uit op deze ervaringen ook geëvalueerd en lessen uit getrokken? (de voorgestelde evaluatie richt zich alleen tot het plan). Is er ook aandacht voor een effectieve aanpak op korte termijn? Antwoord: Het leren van situaties en ervaringen zowel positief als negatief is verwoord in de ontwikkellijn Samen leren, Samen werken. De ontwikkeling staat daarin zo verwoord: Samen leren van praktijksituaties zorgt ervoor dat (professionals van) netwerkpartners zich blijven ontwikkelen. Het zorgt voor inzicht in wat wel en wat niet werkt, en maakt het mogelijk om onderbouwd verbeteringen aan te brengen in werkprocessen en/of werkafspraken. Het creëert begrip voor elkaars (on)mogelijkheden, zorgt voor een basis om hierover in gesprek te gaan en maakt het samen vieren van successen mogelijk. Lerende netwerken zorgen voor een verbetering van de aanpak, versterken de professionaliteit van medewerkers én zorgen voor een betere samenwerking.
Vraag 5: Hoe kan de ASD en wij als raad weten dat de voorstellen van de ASD ook daadwerkelijk worden opgenomen in het plan? Wordt daar op een later moment nog over teruggekoppeld? Antwoord: Het college heeft middels een schriftelijke reactie teruggekoppeld aan het ASD in hoeverre het advies is opgenomen in het plan. Alle adviespunten worden meegenomen in het uitvoeringsplan dat momenteel in ontwikkeling is. Dit uitvoeringsplan en de tweejaarlijkse evaluatie wordt op een later moment gedeeld. Overigens is het advies met betrekking tot de tweejaarlijkse evaluatie van het uitvoeringsplan reeds meegenomen in de regiovisie.
Vraag 6: Partners worden overvraagd ivm personeelsgebrek.. Komt er een capaciteits uitbreiding? Antwoord: Op dit moment is er geen capaciteitsuitbreiding voorzien. Dit raadsvoorstel vraagt geen uitbreiding van de gemeentelijke capaciteit. Tevens gaan wij als gemeente niet over de capaciteit van partners.
2
Vraag 1: De nieuwe regiovisie "Samen sterk, iedereen veilig" is de opvolger van de visie "Geweld hoort nergens thuis". Welke kernelementen uit de evaluatie van de visie "Geweld hoort nergens thuis" zijn overgenomen in deze nieuwe visie? Antwoord: Elementen die uit de evaluatie zijn meegenomen zijn: het verbeteren van signaleringsvaardigheden en het vergroten van bewustwording; het werken vanuit de gezamenlijke visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid met daaraan gekoppeld deskundigheidsbevordering; samenwerking en lerende netwerken; Integrale sturing en tenslotte de behoefte aan een transparanter en overzichtelijk netwerk.
Vraag 1: Raadsvoorstel Pag.3 Is GiA alleen bestemd voor vrouwenopvang? Niet voor mannen? Antwoord: GIA is bestemd voor alle inwoners, mannen en vrouwen. Ook mannen kunnen slachtoffer zijn van geweld in afhankelijkheidsrelaties. Hierin wordt geen onderscheid gemaakt. Er zijn ook opvangvoorzieningen voor mannelijke slachtoffers van geweld in afhankelijkheidsrelaties. Deze zijn tot op heden niet in onze regio gelegen. Vraag 2: Wat is de relatie van dit nieuwe initiatief met Veilig Thuis? Antwoord: Veilig Thuis Zuid-Limburg is het regionale meld- en adviespunt huiselijk geweld en kindermishandeling. Veilig thuis is een van de samenwerkingspartners die hebben meegewerkt aan de totstandkoming van de regiovisie GIA. Vraag 3: Valt dit onder de GGD? Antwoord: Veilig Thuis Zuid-Limburg maakt inderdaad onderdeel uit van GGD Zuid-Limburg. Echter het bestuurlijk gremium voor de Regiovisie GIA is de Zuid-Limburgse Commissie Zorg & Veiligheid.
3
Vraag 4: Hoe past een Praktijkondersteuner Huisartsen hierin? Antwoord: De praktijkondersteuners van de huisartsen hebben niet meegewerkt aan de totstandkoming van de regiovisie. Er wordt overigens wel samengewerkt met de praktijkondersteuners in het netwerk en de aanpak. De praktijkondersteuners zijn belangrijk in de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling. Zij staan vaak in nauw contact met mensen. Hierdoor kunnen zij belangrijk zijn in het signaleren van huiselijk geweld en kindermishandeling.Zij zijn ook verplicht om de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling te volgen.
4