CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

05 Schriftelijke vragen en antwoorden Huisvestingsplan Maatschappelijk Vastgoed Eijsden-Margraten 2025

* Raadsvergaderingen 20 januari 2026, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Schriftelijke vragen7.215 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvergadering 20 januari 2026 Schriftelijke vragen Agendapunt 05: Huisvestingsplan Maatschappelijk Vastgoed Eijsden-Margraten 2025 Voorwoord n.a.v. beantwoording raadsvragen De hoeveelheid en diepgang van de gestelde vragen laten zien dat de raad het Huisvestingsplan Maatschappelijk Vastgoed serieus neemt. Dat waarderen wij. Het is belangrijk om daarbij helder te zijn over wat dit huisvestingsplan wél en niet is. Het plan is bedoeld als een richtinggevend en samenhangend overzicht van het maatschappelijk vastgoed binnen onze gemeente. Het brengt in beeld waar knelpunten, kansen en opgaven liggen, mede in relatie tot demografische ontwikkelingen, verduurzaming en de staat van onze gebouwen. Dit Integraal Huisvestingsplan Maatschappelijk Vastgoed is opgesteld naar aanleiding van de toezegging van het college aan de raad na de vaststelling van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP Onderwijs), omdat toen is onderkend dat een integrale en samenhangende benadering van al het maatschappelijk vastgoed noodzakelijk is voor toekomstige keuzes en investeringen. Met dit plan worden nadrukkelijk nog geen investerings- of uitvoeringsbesluiten genomen. Het plan vormt de basis voor vervolgonderzoeken, businesscases en gesprekken met gebruikers en inwoners. Deze uitwerkingen komen op een later moment, per kern of per opgave, opnieuw ter besluitvorming aan de raad.

Veel van de gestelde vragen raken terecht aan onderwerpen als groei, natuur, financiën, de vitaliteit van verenigingen en mogelijke verplaatsingen. Juist deze vragen onderstrepen waarom is gekozen voor een gefaseerde aanpak: eerst inzicht en samenhang, daarna pas keuzes. In de beantwoording van de schriftelijke vragen geven wij zo concreet mogelijk aan wat op dit moment bekend is en waar nadere uitwerking nodig is. Daarbij blijven wij zorgvuldig en lopen wij niet vooruit op besluiten die uiteindelijk aan de raad zijn. Daarbij merken wij op dat een deel van de vragen geen directe betrekking heeft op de opgave rond het maatschappelijk vastgoed. Desondanks hebben wij gepoogd ook deze vragen zo volledig mogelijk te beantwoorden. Wij zien het huisvestingsplan dan ook nadrukkelijk als een startpunt voor het gesprek, niet als een eindpunt.

Geen vragen.

Pagina 1 van 23

Vraag 1: Hoe verhouden de voorgestelde opgaven zich tot de beoogde bevolkingsgroei van ~19% (±5.000 inwoners) tot 2034, met concentratie in Eijsden, Margraten en Cadier en Keer? Antwoord: De grootste investerings- en onderzoeksopgaven liggen bewust in de kernen Eijsden, Margraten en Cadier en Keer. Het huisvestingsplan is zo integraal mogelijk opgesteld, waarbij ook de woningbouwprognose (met een concentratie in Margraten, Eijsden en Cadier en Keer) is opgenomen. De woningbouw kun je niet een op een vertalen naar de uitbreiding van voorzieningen. Er moet hierbij vooral gekeken worden naar voldoende capaciteit, betere concentratie van voorzieningen en meervoudig gebruik van accommodaties. Bij het bundelen en concentreren van accommodaties heb je een betere bezetting van velden en voorzieningen, efficiënter ruimtegebruik en meer kansen voor samenwerking. Daarbij dient te worden opgemerkt dat hieraan eerst een onderzoek voorafgaat. Eijsden: concentratie van sport bij Panneslager is gekoppeld aan de verwachte groei door woningbouwontwikkelingen. Margraten: Mogelijke verplaatsing van tennisbanen naar de Hoven maakt efficiënter ruimtegebruik mogelijk. Cadier en Keer: Concentratie sportvoorzieningen biedt een kans om verouderd vastgoed gezamenlijk aan te pakken.

Er zijn meerdere verenigingen die op basis van de NOC/NSF-normering en ledenaantallen voldoende velden of overcapaciteit hebben. Daarnaast zien we ook een toename onder individuele sporters. Vraag 2: Welke scenario’s zijn doorgerekend als niet alle woningbouwplannen worden gerealiseerd, en wat betekent dat voor het tempo van investeren in voorzieningen? Antwoord: Wanneer woningbouwplannen niet gerealiseerd worden heeft dit invloed op de planning en in situaties, zoals Eijsden, op de locatie. De opdracht voor het beter uitvoeren van beleidsdoelen binnen ons maatschappelijk vastgoed, zoals concentratie van voorzieningen en multifunctionele accommodaties blijven echter bestaan. Dat geldt ook voor de opdracht rond het verduurzamen van ons maatschappelijk vastgoed. Vraag 3: Hoe wordt de vergrijzing (toename 70+) vertaald naar concrete capaciteit voor huiskamers, ontmoeting en zorgnabijheid per kern? Antwoord: Het uitgangspunt van het WMO-beleid is dat de gemeente één huiskamer per kern faciliteert. Vooralsnog wordt voldaan aan de behoefte. De huiskamers zijn op verschillende locaties gehuisvest, dit zijn niet enkel gemeentelijke accommodaties.

Bij een goede multifunctionele inzet kunnen huiskamers gebruik maken van sportaccommodaties, zoals bijvoorbeeld in Mheer gebeurt, maar er zijn ook huiskamers gevestigd in basisscholen (zoals Cadier en Keer), gemeenschapshuizen en bijvoorbeeld in het Sociaal Centrum. Deze behoefte wordt dus niet enkel afgevangen binnen ons eigen vastgoed. Vraag 4:

Pagina 2 van 23

Wat is de afwegingskaders tussen kernvoorzieningen en gemeentelijke voorzieningen—en wanneer kiest de gemeente voor concentratie versus spreiding? Antwoord: Vanuit het accommodatiebeleid ligt de focus op concentratie, dit huisvestingsplan borduurt voort op dit beleid. Vraag 5: Wat zijn de randvoorwaarden (grond, verkeer, budget, planning) voor businesscase A (MFA Op de Cour), B (nieuw IKC Cadier en Keer) en C (MFA Margraten), en hoe worden tijdelijke huisvestingsrisico’s ondervangen? Antwoord: Voor uitbreiding van de MFA Margraten is een investeringskrediet van € 1 miljoen beschikbaar, voor aanpassing en uitbreiding van MFA Op de Cour in Eijsden een krediet van € 1,5 miljoen en voor nieuwbouw van een kindcentrum in Cadier en Keer een krediet van (grof afgerond) € 6,7 miljoen. De eerste twee projecten zullen in 2026 uitgevoerd worden. In hetzelfde jaar zal de nieuwbouw van een kindcentrum in Cadier en Keer voorbereid worden; de start van uitvoering van dit project is voorzien begin 2027. Qua grond en verkeer gelden er geen randvoorwaarden. Ons is niet duidelijk wat bedoeld wordt met tijdelijke huisvestingsrisico’s.

Vraag 6: Hoe wordt de multifunctionaliteit en gedeeld gebruik tussen onderwijs, opvang en ontmoeting geborgd (contractueel, exploitatie, beheer)? Antwoord: In oktober 2019 is tussen de gemeente en Stichting kom Leren een overeenkomst gesloten, die onder andere bepalingen bevat over beheer en exploitatie van de mfa’s te Eijsden respectievelijk Margraten. Deze overeenkomst zal aan de nieuwe situatie c.q. de situatie na uitbreiding van beide mfa’s aangepast worden. Voor het nieuwe kindcentrum in Cadier en Keer zal een vergelijkbare overeenkomst opgesteld worden. Vraag 7: Welke varianten en kostenbaten zijn onderzocht voor concentratie van sportvoorzieningen op Panneslager/Poelveld (SVME, VV Eijsden, TV Eijsden, scouting, zwembad)? Antwoord: Er zijn geen varianten onderzocht voor de concentratie van sportvoorzieningen op de locatie Panneslager. Er is gekeken naar het ontwikkelpotentieel (met woningbouw) van de huidige locatie, mochten de sportvelden worden verplaatst ("Poelveld 4”). Deze bevindingen zijn met de raad gedeeld september jl. N.a.v. het amendement betreffende Poelveld 3+4 wordt nu een eerste doorrekening gemaakt van de verplaatsing van de sportvoorzieningen.

Vraag 8: Cadier en Keer: wat zijn de opties voor gezamenlijke huisvesting (VV Keer, TC Bakkerbosch, Hockeer, handboogschutterij), en welke investering/regretmaatregelen zijn reëel gezien de staat/levensduur? Antwoord: Dit moet nader onderzocht worden, zoals staat opgenomen op pagina 34. Na het uitvoeren van de vervolgonderzoeken per accommodatie ziet de planning er als volgt uit: 1 Opstellen verschillende businesscases per kern. 2 Tweede ronde participatie: betrekken gebruikers. Pagina 3 van 23

3 Raadsvoorstel met prioritering van projecten en financiële dekking. Vraag 9: Gronsveld: wat is het handelingsperspectief bij structurele wateroverlast voor SCG, inclusief eventuele verplaatsing en herontwikkeling huidige locatie Antwoord: Alternatieve locaties en verschillende scenario's moeten onderzocht worden (p 33). Dit staat in de planning opgenomen voor dit jaar 2026. Vraag 10: Hoe wordt omgegaan met verenigingen met dalende vitaliteit (bijv. TC Groesselt, mogelijk vv Bemelen), en welke herontwikkelwaarden/alternatieven liggen klaar? Antwoord: Bij verenigingen met een dalende vitaliteit kiest de gemeente voor een zorgvuldige aanpak. Zolang een vereniging levensvatbaar is en een maatschappelijke functie vervult, wordt de accommodatie normaal geëxploiteerd, zonder vooruit te lopen op grote investeringen. Het huisvestingsplan brengt wel in beeld waar op termijn knelpunten kunnen ontstaan, zodat tijdig kan worden nagedacht over mogelijke alternatieven zoals samenwerking, medegebruik of herontwikkeling. Er zijn op dit moment geen vastgestelde herontwikkelbesluiten; eventuele keuzes worden pas gemaakt in overleg met de betrokken vereniging en komen afzonderlijk ter besluitvorming naar de raad.

Vraag 11: Welke programmauitgangspunten hanteert de gemeente voor de definitieve bibliotheeklocatie in Eijsden (inclusief digitale inclusie, horeca, podia, samenwerking met erfgoed/HaFa)? Antwoord: Bij de verkenning van een definitieve bibliotheeklocatie in Eijsden hanteert de gemeente programmauitgangspunten die zijn gebaseerd op het Beleidsplan 2025 – 2028 ‘Dichtbij en van iedereen’ van Stichting Heuvelland Bibliotheken, het Meerjarenplan Bibliotheekwerk van de samenwerkende gemeenten Eijsden-Margraten, Vaals en Valkenburg aan de Geul, de Cultuurvisie Eijsden-Margraten 2025-2030 en de Wettelijke Zorgplicht bibliotheekwerk. De bibliotheek wordt daarbij gezien als een laagdrempelige maatschappelijke kernvoorziening met aandacht voor leesbevordering, een leven lang ontwikkelen, digitale inclusie en ontmoeting. In het onderzoek worden ook functies als programmering, potentiële samenwerking met erfgoed- en culturele partners (zoals bijv. HaFa) en een mogelijke ondersteunende horecafunctie meegenomen. Daarbij zijn flexibiliteit en toekomstbestendigheid belangrijke randvoorwaarden. Bij de locatiebepaling wordt ook gekeken naar de integraliteit van diverse passende functies in de vorm van een multifunctioneel gebouw die het concept verder kunnen versterken en daarmee ook de verbinding met de omgeving.

Alle relevante opties worden zorgvuldig onderzocht en afgewogen; de gemeenteraad wordt gedurende het proces geïnformeerd via raadsinformatiebrieven. Vraag 12: Hoe worden particuliere cultuurgebouwen (HaFazalen, muziekboerderij, HX Hoogcruts) betrokken en gefinancierd binnen het ‘open club’ en cultuurvisiedenken? Antwoord: Bij de betrokkenheid van particuliere cultuurgebouwen zoals HaFa-zalen, de Muziekboerderij en HX Hoogcruts is de Cultuurvisie Eijsden-Margraten 2025–2030 leidend. Deze gebouwen worden – waar mogelijk en relevant –geïntegreerd binnen het uitvoeringsprogramma van de cultuurvisie, vanuit het open club-principe: cultuurplekken staan open voor samenwerking, gedeeld gebruik, verbinding met Pagina 4 van 23

onderwijs en cultuurparticipatie. Dit sluit aan bij de cultuurvisie, waarin dwarsdoorsnijdende principes (onder meer toegankelijkheid, inclusie, verbinding) en het hoofdstuk over culturele kansen voor de toekomst richtinggevend zijn, met doorontwikkeling van cultuurparticipatie als expliciete ambitie. In de praktijk wordt voortgebouwd op bestaande samenwerkingen, zoals eerder verkende verbanden met de Muziekboerderij voor het SKEM-randprogramma, gefaciliteerde initiatieven op HX Hoogcruts en HaFa-zalen die reeds zijn verbonden aan SKEM-cultuureducatie. De gemeente faciliteert en stimuleert deze netwerken; financiering vindt plaats binnen gemeentelijke kaders en kan waar passend (deels) worden aangevuld met externe subsidiemogelijkheden. Vraag 13: Welke gebouwen leveren de grootste CO₂reductie op in fase 1 (20262030) en hoe is de routekaart gesynchroniseerd met vervangingsmomenten uit het MJOP? Antwoord: Op dit moment kan hierover nog geen nadere invulling worden gegeven. Dit is pas mogelijk nadat het voorliggende raadsvoorstel door de gemeenteraad is vastgesteld. De uitkomst van deze besluitvorming vormt een randvoorwaarde voor de verdere beleidsmatige uitwerking van de routeplanner verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed.

Het besluit kan invloed hebben op de strategische prioritering en fasering van maatregelen en daarmee op de volgorde waarin gemeentelijke gebouwen worden aangepakt. Zolang hierover geen duidelijkheid bestaat, wordt vooruitgelopen op beleidskeuzes en uitvoeringsconsequenties niet wenselijk geacht. Vraag 14: Waar worden ‘regretmaatregelen’ expliciet vermeden (bijv. TC Margraten bij mogelijke verplaatsing), en hoe is dat bestuurlijk geborgd? Antwoord: Dit wordt onderzocht in de businesscases. Vraag 15: Hoe wordt toegankelijkheid, veiligheid en ‘sober en doelmatig’ onderhoud (NEN2767, conditie 3) gecontroleerd en gerapporteerd richting Raad? Antwoord: Het werkplan wordt jaarlijks vastgesteld door het college. Vraag 16: Wat is de totale (meerjarige) investeringsraming per kern/opgave (incl. vervanging zwembad, sportconcentraties, onderwijs), en hoe sluit dit aan op de begroting 20252028? Antwoord: Op dit moment is nog niks in de begroting voorzien in afwachting van de goedkeuring vanuit de raad, buiten de wettelijke verplichting vanuit de investeringen in onderwijs, lees de investering in verbouwing/nieuwbouw van onderwijs) Vraag 17: Wanneer stapt de gemeente over op kostprijsdekkende huren en gescheiden programmasubsidie vs. huisvestingssubsidie, en wat zijn de budgettaire effecten per deelportefeuille? Antwoord: Volgens ons heeft hier nog geen besluitvorming over plaatsgevonden.

Vraag 18:

Pagina 5 van 23

Hoe groot zijn de indirecte huisvestingslasten (via verenigingssubsidies) werkelijk, en komt er een methodiek om huisvestingscomponenten te isoleren en te monitoren? Antwoord: Hier hebben wij geen antwoord op. Vraag 19: Hoe en wanneer worden inwoners/verenigingen per kern betrokken (participatieontwerp, exploitatiemodel, eigenaarschap) voordat investeringsvoorstellen aan de Raad komen? Antwoord: Bij het opstellen van het plan is de gemeente met de hoofdgebruikers van accommodaties in gesprek gegaan. Na het uitvoeren van de vervolgonderzoeken per accommodatie ziet de planning er als volgt uit: 1 Opstellen verschillende businesscases per kern. 2 Tweede ronde participatie: betrekken gebruikers. 3 Raadsvoorstel met prioritering van projecten en financiële dekking. Vraag 20: Kunnen we een overzicht krijgen van ALLE panden gesplitst in eigendom gemeente en eigendom anders? Antwoord: Dit staat op pagina 35. Zie panden met *. Vraag 21: Waarom neemt u panden die geen eigendom van de gemeente zijn bij uw oordeel (bv doorexploiteren) Antwoord: Ook voor panden, welke geen gemeentelijk eigendom zijn, maar wel een belangrijke functie vervullen voor de gemeenschap, kan doorexploiteren van belang zijn.

Voor deze panden bestaat bovendien de beleidsregel maatschappelijke accommodaties in eigendom van vereniging, welke is opgetuigd voor het in stand houden van maatschappelijke accommodaties in een kern. 1 Voor gemeenschapshuizen gaat het per gemeenschapshuis om een bedrag tot maximaal € 56.000,in een periode van 14 jaar. 2 Voor jeugdaccommodaties gaat het per jeugdgebouw om een bedrag tot maximaal € 33.000,- in een periode van 10 jaar. 3 Voor sportaccommodaties een bedrag tot maximaal € 20.000,- in een periode van 10 jaar. Vraag 22: Waar is de specificatie van de subsidies die op bladzijde 7 van het rapport wordt aangekondigd? Antwoord: Dit wordt toegevoegd. Vraag 23: In de begroting van 2024 werd al een “integraal beleidsplan “verduurzaming gemeentelijk vastgoed” aangekondigd. Oplevering eind 2024. We zijn nu jaar later. Dat is al een jaar vertraging en van een beleidsnota is nog lang geen sprake. Waar komt deze enorme vertraging vandaan? Antwoord: Pagina 6 van 23

De raad is hierover in november via een raadsinformatiebrief geïnformeerd (Z/25/268980). Vraag 24: Is er met gebruikers en/of eigenaren gesproken over de voorgestelde vastgoedperspectieven en de geschetste planning? Antwoord: Bij de eerste participatiesessie met verenigingen hebben we vooral input opgehaald rond vitaliteit, staat gebouwen, wensen gebruikers en samenwerking. Dit diende als input voor het toen nog op te stellen huisvestingsplan. De vastgoedperspectieven, welke zijn gebaseerd op deze input, liggen eerst voor aan de raad en het college. Daarna volgt een tweede participatieronde, waarin de perspectieven verder vorm krijgen en besproken worden. Vraag 25: U sluit het onderzoek per kern af met een tussenconclusie. Wiens conclusie is dat? Van het buro, of van het college? In hoeverre zijn die tussenconclusies gedeeld met eigenaren, gebruikers etc.? Antwoord: Er is bewust gekozen voor een extern bureau om zo objectief en onafhankelijk mogelijk onderzoek uit te voeren. De tussenconclusies zijn gebaseerd op gesprekken met verenigingen, diverse beleidsvelden, input woningbouwontwikkelingen enz. Ze zijn nog niet gedeeld met de eigenaren, eerst zullen het college en de raad hierover beslissen. Vraag 26: Uit het raadsvoorstel blijkt dat u enkel en alleen aan de slag gaat met die locaties waar “onderzoeken” de conclusie is.

Betekent dat dat het college haar handen aftrekt van alle andere locaties? Antwoord: De locaties, welke zijn aangemerkt om te onderzoeken, zijn de plekken waar de grootste opgaven liggen. Het gaat hierbij bovendien om de vijf kernen, welke door de raad zijn aangemerkt als de plekken waar we ruimte maken voor investeringen aan accommodaties. Dit betekent niet dat het college van de overige accommodaties haar handen aftrekt. Op pagina 35 staat welke accommodaties worden aangemerkt als doorexploiteren. Deze worden, eveneens volgens het beleid, onderhouden op onderhoudsniveau. Vraag 27: Wat betekenen de vele * op blz. 35? Antwoord: Dat staat op pagina 34: “In onderstaande lijst staan de vastgoedperspectieven per gebouw benoemd. In de lijst staan zowel alle gebouwen in gemeentelijk eigendom, als de gebouwen waar het vastgoedperspectief voor de gemeente van belang is (omdat de gebouwen een rol spelen in de onderzoeken van de gemeente en de eigenaar een subsidierelatie met de gemeente heeft). Deze laatste gebouwen zijn met een * gemarkeerd.” Vraag 28: Waarom staat het onderzoek (Onderzoeksopgave ondersteuning huisvestingonderzoek van zestal verenigingen) op blz 17 niet in het raadsvoorstel? Antwoord: Het onderzoek naar de huisvesting van een zestal verenigingen is opgenomen in het huisvestingsplan.

In het raadsvoorstel is dit niet apart benoemd, omdat het hier niet om een bestaand gebouw gaat.

Pagina 7 van 23

Vraag 29: Het landelijk gemiddelde betreffende bevolkingsgroei tot 2034 is 4%. Hoe verklaart u de noodzaak tot een gemiddelde bevolkingsgroei in EM van 19% in dezelfde periode? Antwoord: Antwoorden rond bevolkingsgroei in Eijsden-Margraten staan in de RIB van 3 december j.l. inzake document Visie op wonen Eijsden-Margraten 2040. Vraag 30 : Hoe kunt u dit nastreven in een landelijke regio met hoge en unieke landschaps- en natuurwaarden? Antwoord: De raad zal bij de vaststelling van de omgevingsvisie in 2026 hierover een besluit moeten nemen. Voorts wordt ook verwezen naar eerdere besluitvorming hierover in de raadsvergadering van 30 september 2025 met betrekking tot de vervolgaanpak ontwikkellocaties Eijsden-Margraten 2024-2034. Vraag 31: Het voor deze inventarisatie geraadpleegde bevolkingsonderzoek uit 2022 heeft mede ten grondslag gelegen aan dit raadsstuk. Waarom wordt afgeweken van dit Indevv-rapport? Antwoord: Het woonbehoefteonderzoek van InnDev uit 2022 is gebruikt als één van de uitgangspunten voor het huisvestingsplan. Dat onderzoek is gebaseerd op de bevolkingssamenstelling en woningvoorraad zoals die in 2022 bekend waren en bevat een prognose op basis van die situatie.

Het Huisvestingsplan Maatschappelijk Vastgoed wijkt daar niet van af, maar kijkt aanvullend ook naar actuelere inzichten en beleidsambities, waaronder de woningbouwambities die de gemeente de afgelopen jaren heeft vastgesteld. Deze ambities liggen hoger dan de woningbouwopgave die uitsluitend volgt uit de bevolkingssamenstelling van 2022. Het huisvestingsplan combineert daarmee demografische prognoses met beleidskeuzes en actuele ontwikkelingen. Dit is bewust gedaan om tijdig inzicht te krijgen in mogelijke toekomstige knelpunten in voorzieningen, zonder vooruit te lopen op concrete investeringsbesluiten. Vraag 32: We constateren dat volgens de landelijke regelgeving van de Nota Ruimte de woninguitbreiding voornamelijk gerealiseerd moet worden rond de Randstad en in Noord-Brabant. Onze regio wordt niet aangemerkt als potentieel groeigebied. Waarom wijkt u hiervan af, gezien de reeds ervaren commotie rondom de niet goed voorziene verkeersafwikkeling bij het 1e grote uitbreidingsgebied van EM, nl. in Margraten? Antwoord: De discussie hierover zou gevoerd moeten worden bij de vaststelling van de Omgevingsvisie in 2026. Vraag 33: Pag. 8 Financiën en middelen. Per saldo bedragen de huisvestingslasten €55 per inwoner. Hoe is dit in andere -vergelijkbare- gemeenten? Antwoord: Dit is niet onderzocht. Pagina 8 van 23

Vraag 34: Deze inventarisatie geeft duidelijk aan dat niet alle kernen in EM evengoed worden bedeeld, hetgeen begrijpelijk is. Maar waarvandaan het hoge voorzieningenniveau in St. Geertruid? Is hier toch afgeweken van het reeds jaren geleden ingestelde 5-kernenbeleid? Antwoord: Naar welke voorzieningen wordt hier concreet verwezen? Als het om sport gaat: nog voor het vastgestelde accommodatiebeleid van 2017 is de tennisvereniging opgericht (in 1985). Het accommodatiebeleid schrijft voor dat we geen investeringen verrichten buiten de vijf kernen, maar bij een vitale vereniging, worden accommodaties op onderhoudsniveau onderhouden. Dit geldt voor alle kernen die buiten het vijfkernenbeleid vallen. De handelswijze bij accommodaties in de kern Sint Geertruid valt binnen de kaders van het door de raad vastgestelde beleid.

Vraag 35: Op pagina 22 staat bij de tussenconclusie opgaven dat de huisvesting van VV Bemelen in afwachting van toekomstbestendigheid vooralsnog ( 5 tot 10 jaar ) wordt door geëxploiteerd. Bij de kern Mheer / Banholt / Noorbeek staat bij de tussenconclusie opgaven niets vermeld over de accommodatie van voetbalvereniging SNC ( VV Noorbeek ) te Noorbeek. Daartegenover staat op pagina 36 bij VV Noorbeek de conclusie Consolideren- door exploiteren, net als bij VV Bemelen. Is de conclusie van de VVD correct, dat er vooralsnog niet getwijfeld wordt aan de toekomstbestendigheid van de VV Noorbeek? Dit te meer, omdat er bij St. Geertruid ook geen opmerking geplaatst wordt bij de tussenconclusie opgaven inzake de voetbalvereniging. Antwoord: Die conclusie is terecht. Vraag 36: In het plan wordt op pagina 6 uitgegaan van de woningbouwopgave. Wanneer is aan bureau BBN exact opdracht verleend voor het opstellen van dit huisvestingsplan en welke concrete opdrachtomschrijving is daarbij gehanteerd? Antwoord: In juli 2024 is de opdracht verleend, de uitvoering rond het opstellen van het plan is gestart in augustus 2024.

De collegeopdracht voor het opstellen van een huisvestingsplan was als volgt: “Het opstellen van een integraal huisvestingsplan voor Eijsden-Margraten rondom de huisvesting van sport- en cultuuractiviteiten in relatie tot vitaliteit van verenigingen, onderhoud en verduurzamingsvraagstukken rondom het gemeentelijk vastgoed.” Vraag 37: Pagina 9 van 23

Op pagina 9 wordt bij de Cultuurvisie Eijsden-Margraten 2025–2030 verwezen naar een e-mail. Waar kan deze e-mail worden ingezien en maakt deze formeel onderdeel uit van de onderliggende stukken? Antwoord: Deze maakt geen onderdeel uit van de onderliggende stukken. Vraag 38: Op pagina 11 wordt in de tabel met karakteristieken bij het onderdeel “niet-openbaar en gericht op gemeente” verwezen naar “woningen”. Wat wordt hier precies onder verstaan? Wij ontvangen graag een definitie- en afkortingenlijst ter verduidelijking. Antwoord: Deze hebben bij de opsteller gevraagd om dit verder te specificeren en toe te voegen aan het stuk. Vraag 39: Op pagina 12 wordt bij het onderdeel Sociaal Domein verwezen naar de richtlijn “in de gemeente een multifunctioneel (cultureel) centrum, eventueel samen met gezondheidszorg”. Gaat het hier om een beleidsmatig uitgangspunt of om een concrete, te realiseren voorziening en zo ja, op welke termijn? Antwoord: Een beleidsmatig uitgangspunt. Vraag 40: Op pagina 14 wordt verwezen naar het zwembad. Wordt hiermee zowel het binnen- als het buitenbad bedoeld? Antwoord: Ja. Vraag 41: Op pagina 25 wordt voor de kern Gronsveld uitgegaan van een verwachte groei van circa 700 inwoners (25%) en wordt aangegeven dat de locatie van de tennisvereniging op termijn beschikbaar kan komen voor herontwikkeling indien de vereniging niet levensvatbaar blijkt.

BBN vermeldt dat de vereniging zelf heeft aangegeven mogelijk binnen 5 tot 10 jaar niet levensvatbaar te zijn. Is deze verwachte bevolkingsgroei ook met de tennisvereniging gedeeld tijdens het onderzoek? Antwoord: Deze prognose komt voort uit het woningbouwonderzoek en is gebruikt als input voor het opstellen van het huisvestingsplan. Vraag 42: Op pagina 30 wordt aangegeven dat de dagelijkse onderhoudskosten zijn gebaseerd op een kengetal van 8 euro per vierkante meter bvo en de zakelijke lasten op een kengetal van 6 euro per vierkante meter bvo. Wat is de bron van deze kengetallen? Antwoord:

Pagina 10 van 23

De directe huisvestingslasten van het vastgoed in gemeentelijk eigendom wordt niet op gebouwniveau geregistreerd, om toch inzicht te krijgen in de huisvestingslasten zijn verschillende bronnen gecombineerd en aangevuld. Vraag 43: Op pagina 33 worden onderzoeksvragen voor een aantal panden benoemd. Wie is verantwoordelijk voor het uitvoeren van deze onderzoeken en binnen welke termijn wordt hierover gerapporteerd? Antwoord: Conform toezegging tijdens de raadsvergadering 13-11-2025 zal na vaststelling van dit huisvestingsplan een uitvoeringsagenda worden opgesteld door het college. Deze wordt ter kennisname toegestuurd aan de raad. Vraag 44: Op pagina 35 wordt het vastgoedperspectief per accommodatie weergegeven. In het plan wordt niet toegelicht op basis van welke objectieve en toetsbare criteria de perspectieven “consolideren”, “onderzoeken” en “afstoten” zijn toegekend en hoe is geborgd dat deze criteria uniform zijn toegepast. Kunt u dit nader toelichten? Antwoord: Dit is toegelicht in het plan; denk hierbij aan de vitaliteit, gesprekken met verenigingen, duurzaamheid, staat vastgoed en beleidsdoelstelling, zoals het vijfkernen beleid.

Vraag 45: Wanneer worden de toegezegde berekeningen voor het plangebied Panneslager beschikbaar gesteld, zodat deze betrokken kunnen worden bij de beoordeling van de opgaven voor de kern Eijsden? Antwoord: Dit onderzoek loopt en wordt aangereikt vanuit de portefeuille wonen. Vraag 46: Op welke wijze wordt voorzien in actualisering van het huisvestingsplan indien aannames over demografie en woningbouw wijzigen (zie aannames pagina 6)? Antwoord: Woningbouw is niet de aanleiding voor het opstellen van dit huisvestingsplan. Actualisering van de vastgoedportefeuille heeft betrekken op de vitaliteit van gebruikers, staat van het vastgoed en de opdracht rond duurzaamheid. De noodzaak voor een actueel huisvestingsplan blijft ook zonder woningbouw bestaan. Zie ook de beantwoording bij raadsvraag 2.

Vraag 47: Algemeen:

Pagina 11 van 23

Wat zijn de kosten voor het laten opstellen van dit rapport? Antwoord: € 24.800 Vraag 48: Algemeen: Waarom is dit rapport niet opgesteld door mensen uit onze eigen organisatie? Antwoord: Omdat wij dit onafhankelijk wilden laten uitvoeren. Veel kennis en input komt echter vanuit de gemeentelijke organisatie. Vraag 49: 20260120 05b bijlage 1 Huisvestingsplan Eijsden Margraten 2025 In het rapport wordt verwezen naar talloze documenten die vermeld worden in bijlage 5. Waarom wordt in de tekst niet via een notensysteem verwezen naar de documenten in bijlage 5? Antwoord: Die keuze heeft de opsteller gemaakt. Vraag 50: Pagina 4: - Grote kernen: het accommodatiebeleid benoemt de 5 grootste kernen. - De 5 grootste kernen uit het accommodatiebeleid komen overeen met de in dit rapport genoemde grote kernen Eijsden, Margraten, Cadier en Keer, Mheer en Gronsveld. Deze formuleringen zijn niet juist en leiden tot verwarring. Zo behoort Mheer niet tot de vijf grootste kernen van onze gemeente. Waarom wordt er niet gekozen voor de term clusters en spreekt men van de vijf grootste clusters? Antwoord: Hier had inderdaad de term concentratiegebied gehanteerd kunnen worden.

Vraag 51: Pagina 6: De woningbouwprognose laat zien dat er wordt ingezet op groei en dat deze groei zich voornamelijk concentreert in Margraten (Bloesemgaard, Koningswinkel in studie), Eijsden (Panneslager en Poelveld) en Cadier en Keer (Pastoor Kikkenweg/Dorpsstraat). In Gronsveld wordt een groei van het inwoneraantal voorzien van 25%. Waarom ontbreekt Gronsveld in de opsomming? Of kunt u inmiddels al stellen dat de woningbouwlocaties niet gerealiseerd gaan worden en is bijgevoegde informatie achterhaald? Antwoord: Gronsveld ontbreekt niet in de opsomming en is meegenomen in de tabel en prognose. In het stuk zijn expliciet de grootste concrete woningbouwlocaties opgenomen. Vraag 52: Pagina 13: De voetbalvoorziening voor SVME is in de nabije toekomst aan vervanging toe. Gezamenlijk gebruik van een (gecombineerde) voorziening met VV Eijsden wordt aangemoedigd. Graag de term “nabije toekomst” meer concreet maken. Pagina 12 van 23

Antwoord: Met de term nabije toekomst wordt bedoeld dat de huidige voetbalvoorziening van SVME, op basis van de technische staat, functionele kwaliteit en resterende levensduur, naar verwachting binnen de komende 5 tot 10 jaar aan vervanging of ingrijpende vernieuwing toe is. Hoe snel hier gehandeld wordt, hangt mede samen met de businesscases en woningbouwontwikkelingen. Vooralsnog staat de start van de woningbouw gepland voor 2031. Vraag 53: Pagina 13: op welke manier moedigt de gemeente Eijsden-Margraten het gezamenlijk gebruik van een (gecombineerde) voorziening met VV Eijsden aan. Antwoord: Vanuit het accommodatiebeleid en eerder gevoerde gesprekken met beide verenigingen. Daarnaast bestaat er vanuit de verenigingen zelf een samenwerking vanuit de jeugd. Vraag 54: Pagina 13: Wat zijn de uitkomsten van de capaciteitsberekening in de huidige en toekomstige omvang van SVME en de behoefte aan velden? Antwoord: Er zijn in totaal 55 teams, waarvan er 49 zaterdag teams (SJO VVE/SVME) en 6 zondag teams; 4 V.V. Eijsden en 2 SVME. De rekentool van de KNVB geeft aan dat er op zaterdag 3 velden nodig zijn voor deze 49 teams en er op zondag 2 velden nodig zijn voor deze 6 teams. Let op: gekeken naar het toekomstig beleid zal er wel rekening gehouden moeten worden met gras of kunstgras. De capaciteitsbeperking doet dit namelijk niet.

Wil je namelijk op bespeelbaar natuurgras blijven spelen zul je voor meerdere velden moeten zorgen, om deze te kunnen ontlasten. Vraag 55: Pagina 13: Wat is de uitkomst van de Vitale Tool voor de vitaliteit van SVME? Antwoord: Zie bijlage. Vraag 56: Pagina 17: Voor meerdere verenigingen (Heemkundevereniging Margraten, Scoutinggroep Margraten, Postduivenvereniging Eijsden-Margraten, Jonkheid Margraten, het Den comité en Kindervakantiewerk Margraten) speelt een huisvestingsvraag. Vanuit de Raad is opgeroepen de verenigingen te ondersteunen in hun zoektocht naar huisvesting. Wat is de status van de zoektocht op dit moment? Antwoord: De gemeente is vier keer met de verenigingen in gesprek gegaan. Hierbij is de behoefte van de verenigingen in beeld gebracht en ondersteunt de gemeente bij de zoektocht naar een locatie. In overleg met de verenigingen zijn hier twee mogelijke locatie uit voortgekomen. De gemeente gaat een quickscan uitvoeren bij deze locaties. De vereniging onderzoekt de financieringsmogelijkheden. De Pagina 13 van 23

verenigingsconsulent heeft contact opgenomen met de manege in Margraten, welke eveneens openstaat voor medegebruik. Vraag 57: Pagina 18: Onderzoeken verplaatsing tennisbanen TC Margraten naar locatie de Hoven. Wat is de status van het onderzoek op dit moment? Antwoord: Dit wordt uitgevoerd na vaststellen huisvestingsplan. Vraag 58: Pagina 19: In de tabel staat vermeld dat als adres voor de Huiskamer Bemelen Oude Akerstraat 40 vermeld. Bij het laatste bolletje is geschreven dat de huiskamer gebruik maakt van de kantine van FC Bemelen die aan de Bemelerweg 334/334a ligt? Wat is nu de juiste locatie van de Huiskamer Bemelen? Antwoord: Bemelerweg 334, we laten dit aanpassen. Vraag 59: Pagina 19: In de tabel staat als adres voor de Accommodatie TC bakkerbosch vermeld Bemelerweg 334/334a. Dit is echter het adres van de accommodatie van FC Bemelen? Is dit een fout? Antwoord: Dat klopt, dit is een fout en wordt aangepast. Vraag 60: Welke huiskamers zijn gevestigd aan de Groenstraat 17 en in de accommodatie van TC Bakkerbosch? Antwoord: In de accommodatie van TC Bakkerbosch zit geen huiskamer, de huiskamer in Cadier en Keer zit in de basisschool. De term huiskamer is versprongen en hoort bij FC Bemelen te staan in het overzicht. Vraag 61: De voorziening van vv FC Bemelen (Bemelerweg 334/334a, Bemelen) wordt gebruikt als kantine en als huiskamer.

Het verenigingsgebouw is ruim ouder dan 40 jaar. Door de vergrijzing van de vereniging is het toekomstperspectief van de vereniging op termijn onduidelijk. Zolang de voetbalvereniging levensvatbaar is, kan het gebouw inclusief huiskamer in stand worden gehouden (zonder levensduurverlengende investeringen). De huiskamer is niet gebonden aan dit gebouw en kan uiteindelijk ook elders worden gehuisvest. Momenteel wordt er gewerkt aan een verbetering van het gemeenschapshuis in Bemelen. Is het niet de bedoeling dat de Huiskamer Bemelen daar zijn intrek neemt? Antwoord:

Pagina 14 van 23

Ja, het is de bedoeling dat de huiskamer straks in het nieuwe gemeenschapshuis komt. Een huurbijdrage voor 10 jaar vooruit (40k) is al meegenomen als een deelbekostiging in de begroting van de verbouwing. Vraag 62: Wat zijn de uitkomsten van de capaciteitsberekening in de huidige en toekomstige omvang van FC Bemelen en de behoefte aan velden? Antwoord: Er is geen capaciteitsberekening van FC Bemelen, echter spelen hier 2 teams. Dus is 1 wedstrijdveld genoeg met verlichting. Vraag 63: Wat is de uitkomst van de Vitale Tool voor de vitaliteit van FC Bemelen? Antwoord: Zie bijlage. Vraag 64: Pagina19: Op deze pagina staat: gymzaal Cadier en Keer behouden bij de locatie van de herbouwde school. Op pagina 35 staat: bij 3 Cadier en Keer: gymzaal consolideren sloop nieuwbouw. Betekent dit dat de gymzaal ook wordt nieuw gebouwd, vindt dit plaats op de huidige locatie of wordt deze geïntegreerd in nieuwbouw van de school? Antwoord: Het in de meerjarenbegroting opgenomen investeringskrediet van € 6.712.000 is onder andere gebaseerd op behoud van de bestaande gymzaal.

Vraag 65: Pagina 22: In de tabel staat vermeld dat het jongerencentrum gevestigd is in de Accommodatie BMR Jevemhba en het adres An Mhaerebaom 1. Dit klopt niet meer. Dit gebouw maakt al geruime tijd onderdeel uit van de brandweerkazerne. De jeugdvereniging Jevemhba huist nu in de voormalige accommodatie van vv Banholtia aan de Mheerderweg 46 in Banholt. Antwoord: Dit wordt aangepast.

Pagina 15 van 23

Vraag 66: Pagina 23: Waarom wordt er niks vermeld over wat er met de TC de Gelimment gaat gebeuren nu er woningbouw gepland is op hun velden? Antwoord: TV Gelimmet staat opgenomen bij de onderzoeken op pagina 34. Vraag 67: Het jeugdgebouw van Jevemhba bevindt zich op een locatie die aangewezen is voor woningbouw. Betekent het feit dat hier niks over gemeld wordt dat de woningbouw geen conseqenties zal hebben voor dit gebouw? Antwoord: Ja, dat klopt. Vraag 68: Pagina 25: Het veld van SCG ligt in een gebied dat structureel te maken heeft met wateroverlast. Deze overlast zal naar verwachting door klimaatverandering verder toenemen. Gevolg is dat de beschikbaarheid van de velden afneemt en bovendien belemmert het de mogelijkheden om op de locatie een kunstgrasveld aan te leggen. Indien blijkt dat op de huidige locatie het wateroverlastprobleem niet is op te lossen, kan de situatie ontstaan dat de vereniging moet worden verplaatst, inclusief de bijbehorende huisvestingsopgave. Hierover zal dan met de vereniging in overleg worden gegaan. Is het gelet op de verwachte groei van de vereniging niet beter om nu al een plan te maken voor een nieuwe sportaccommodatie aan de zijde van het Savelsbos? Antwoord: Dit kan onderdeel van het onderzoek worden. Vraag 69: De tennisvereniging verwacht naar eigen zeggen dat zij binnen 5 tot 10 jaar niet meer levensvatbaar zal zijn.

Dit betekent dat in de nabije toekomst (5 tot 10 jaar) de locatie mogelijk ter beschikking komt voor herontwikkeling. Heeft de locatie van de tennisvelden neit ook te maken met wateroverlast? Zo ja, waar denkt de gmeente dan aan wanneer gesproken wordt over herontwikkeling? Antwoord: Dit moet onderzocht worden, zoals vermeld in het overzicht. Vraag 70: Pagina 31: "De totale begrote subsidiestroom aan verenigingen bedroeg in 2024 € 622.000." Betreft het hier alleen de subsidies aan de verenigingen voor het onderhoud en/of exploitatie van hun gebouwen? Of zitten hier ook nog andere subsidies bij?

Antwoord: Pagina 16 van 23

Dit betreft de reguliere subsidie aan verenigingen. Vraag 71: Pagina 33: Mheer Onderzoek de mogelijkheid om de huisvesting van TV de Gelimment in het BMR-gebouw onder te brengen. Wat is de uitkomst van de Vitale Tool voor de vitaliteit van TV de Gelimment? Antwoord: Zie de bijlage. Vraag 72: Pagina 33: Waarom doet de gemeente geen onderzoek naar een samenwerking van de TV de Gelimment met de TC Kalleberg in Sint Geertruid. Dit met in het achterhoofd de samenwerking van de voetbalverenigingen uit Banholt, Mheer, Noorbeek, Sint Geertruid, Reijmerstok en Slenaken. Antwoord: In het accommodatiebeleid staat opgenomen dat deze beweging vanuit verenigingen zelf moet komen. Samenwerking kan altijd gestimuleerd worden, echter is de tennisvereniging in Sint Geertruid vitaal en is hier op dit moment geen noodzaak om de club fysiek te verplaatsen.

Vraag 73: P5: Wat verstaan wij onder een basisniveau van voorzieningen voor de andere kernen? Antwoord: Hiermee wordt het minimale noodzakelijke voorzieningenniveau dat in alle vijftien dorpen van EijsdenMargraten beschikbaar moet zijn bedoeld, zodat de leefbaarheid, ontmoeting en sociale samenhang in elk dorp behouden blijft. Vraag 74: 05a RV pag2: Bij proces burgerparticipatie lijkt een zin te missen. Wat had hier moeten staan? Antwoord: Hier ontbreekt geen zin, maar samenwerking moet samenwerken zijn. Vraag 75: 05a RV pag3: Waarom worden plannen voetbalclub en tennisclub Gronsveld 4 jaar na elkaar behandeld en niet tegelijkertijd? P25: kan nu al gekeken worden naar de locaties in gezamenlijkheid waarbij de levensvatbaarheid van de tennisclub over 5-10 jaar wordt meegenomen? Antwoord: Omdat er geprioriteerd moest worden en dit twee aparte opgaves zijn. Vraag 76: Pagina 17 van 23

05a RV pag3: Kan nu alvast een indicatie gegeven worden over de gevolgen voor de natuur, zodat we op basis daarvan een geïnformeerd besluit kunnen nemen? Antwoord: Dit landt in de businesscases. Vraag 77: 05b bijlage pag13: Op welke manier worden deze gemeentelijke sporthuisvestingen ook samen bekeken met bestaande particuliere sporthuisvestingen? Antwoord: Commerciële partijen zijn niet meegenomen in het plan. Vraag 78: 05b bijlage pag31: Het gemeentehuis is een relatief nieuw gebouw met hoge kosten (500.000), terwijl deze ‘s avonds vrijwel niet in gebruik is. Kan hier efficiënter en kostendekkender mee worden omgegaan? Vraag : Is kostendekkende huur icm huisvestingssubsidies een financieel realistisch scenario? Antwoord: Dit is niet realistisch, omdat de gemeente zelf de ruimte nodig heeft en deze moeilijk flexibel inzetbaar is. Bovendien ligt hier privacygevoelige informatie. Een vleugel afscheiden is onmogelijk, omdat hier geen ruimte voor is. Vraag 79: 5b bijlage pag39: Waarom vormt het gemeentehuis als relatief nieuw gebouw 20% van het onderhoudsbudget? Antwoord: Een gemeentehuis is een gebouw met een andere functie en gebruik dan een maatschappelijke accommodatie, zoals een tennis- of voetbalvereniging. Deze onderhoudsuitgaven zijn normaal voor een gebouw van deze omvang (ca.

4238 m2 BVO), huidige toegepaste techniek en functie die een gemeentehuis voor de dagelijkse bedrijfsvoering heeft. Vraag 80: Op welke manier voorziet dit stuk in de veranderende sportbeoefening van groepssport naar individuele beoefening? Antwoord: Hier wordt op businesscaseniveau naar gekeken bij het opnieuw inrichten van accommodaties. Daarnaast stimuleert de gemeente de Open Club gedachte en wordt individueel sporten aangemoedigd met de Sportcontrainer en Sportautomaten. Vraag 81: Op welke manier houdt dit stuk rekening met de toegankelijkheid en inclusiviteit van het maatschappelijk vastgoed voor de beoogde doelgroepen? Antwoord: Bij veranderingen van voorzieningen wordt dit meegenomen in businesscases. Vraag 82:

Pagina 18 van 23

Op welke manier wordt natuurinclusiviteit meegenomen in de toekomstige behoefte van maatschappelijk vastgoed? Antwoord: Ook dit landt in de businesscases. Vraag 83: 05b Bijlage pag3: 2. Overzicht voorzieningen in EM Panden met een commercieel oogmerk Commercieel vastgoed 2 2.553 6% Divers, zorgbureau Talent Onderhoud de gemeente nog steeds commerciële relaties met Talent? Antwoord: Talent is een zorgaanbieder en huurt twee panden van de gemeente. Vraag 84: 05b Bijlage pag5: Wat verstaan wij onder een basisniveau van voorzieningen voor de andere kernen? Antwoord: Zie antwoord vraag 73. Vraag 85: 05b Bijlage pag13: ‘Toetsingskader’ ‘Demografie Groei in de komende 10 jaar van ongeveer 10%, met name 70+’ Vraag : Afgezien van gemeentelijk “wensdenken”, welke prognoses en statistieken liggen ten grondslag aan een veronderstelde demografische groei van 10 % over de komende 10 jaar? ‘Woningbouw -Maatschappelijk gebruik van tijdelijke gebouwen’ Wat wordt bedoeld met in grote gebiedsontwikkelingen’ Antwoord: Voor de demografische groei is uitgegaan van de demografische ontwikkelingen, zoals deze zijn toegepast in het laatste woonbehoefteonderzoek van bureau InnDev voor onze gemeente dat in 2022 heeft plaatsgevonden. Met de grotere gebiedsontwikkelingen wordt bedoeld de beoogde woningbouwontwikkelingen in de grotere kernen Eijsden, Margraten, Gronsveld en Cadier en Keer.

Vraag 86: 05b Bijlage pag15: ‘Ontwikkeling’ ‘De indicatieve vertaling van de woningbouwprognose in bevolkingsgroei, laat een groei in inwonersaantal zien van ruim 1.700 (18%) voor de kern Eijsden in de komende 10 jaar. Wanneer deze bevolkingsgroei realiteit wordt, dient de capaciteit van de voorzieningen hierop te worden aangepast.’ Hoe wordt de capaciteit van de voorzieningen in Eijsden hierop aangepast? Hoe wordt de capaciteit in Eijsden aangepast aan de voorspelde, versterkte vergrijzing en ontgroening? Antwoord: Deze scenario’s worden afgewogen in de businesscases. Vraag 87: 05b Bijlage pag18: Hoe wordt de capaciteit van de voorzieningen in Margraten op de voorziene bevolkingsgroei Pagina 19 van 23

aangepast? Hoe wordt die capaciteit aangepast aan de voorspelde, versterkte vergrijzing en ontgroening? Antwoord: Ook dit wordt meegenomen in de businesscase. Vraag 88: Wat wordt er gedaan met de eerder geconstateerde ruimtelijke overcapaciteit van het gemeentehuis? Antwoord: Er wordt in dit plan niet geschreven over overcapaciteit van het gemeentehuis. Vraag 89: 05b Bijlage pag20: Hoe wordt de capaciteit van de voorzieningen in Cadier en Keer op de voorziene bevolkingsgroei aangepast? Hoe wordt die capaciteit aangepast aan de voorspelde, versterkte vergrijzing en ontgroening? Antwoord: Dit wordt uitgewerkt in de businesscases. Vraag 90: ‘De ontwikkeling Pastoor Kikkenweg/Dorpsstraat zal tot bevolkingsgroei leiden, maar deze groei is op te vangen in de bestaande voorzieningen.’ Hoe dan? Antwoord: Er is een divers aanbod aan voorzieningen in Cadier en Keer. Vraag 91: 05b Bijlage pag23 Voor Mheer wordt in de komende 10 jaar een lichte bevolkingstoename verwacht (circa 200 inwoners = 25 procent!.) Verwacht wordt dat deze groei geen aanmerkelijke invloed heeft op de bestaande voorzieningen. Hoe kan dat? Antwoord: Binnen de bestaande voorzieningen is op dit moment ruimvoldoende capaciteit. Slechts een percentage van deze nieuwe inwoners zal gebruik maken van deze voorzieningen.

Vraag 92: 05b Bijlage pag26 : Hoe wordt de capaciteit van de voorzieningen in Gronsveld op de voorziene bevolkingsgroei (25%) aangepast? Hoe wordt die capaciteit aangepast aan de voorspelde, versterkte vergrijzing en ontgroening? Antwoord: Dit wordt uitgewerkt in de businesscases. Vraag 93: 05b Bijlage pag31 : omdat de gemiddelde leeftijd van de gebouwen in gemeentelijke eigendom ongeveer 50 jaar is, moet er wel rekening mee worden gehouden dat gebouwen aan het einde van Pagina 20 van 23

hun technische levensduur komen. Er wordt in het overzicht van de huisvestingslasten geen rekening gehouden met de kosten van vervanging van gebouwen. Hoe gaan we die kosten dan wel opvangen als ze gaan optreden, zeker in het licht van een groterere vraag n.a.v de veronderstelde bevolkingsgroei? Antwoord: De kosten van vervanging zijn niet opgenomen in de huidige exploitatie omdat dit toekomstige investeringsbesluiten betreft. Hoe je deze kosten opvangt is een meerjarige investeringsbesluiten van de raad. Vraag 94: 05b Bijlage pag32 : ‘Vastgoedperspectieven’ ‘Vanuit het perspectief van de gebiedsontwikkelaar zijn er enkele grotere gebiedsontwikkelingen die een visie op de voorzieningen vragen.’ Hoe en wanneer denkt de gemeente deze ontbrekende visie te formuleren? Antwoord: Bij gemeentelijke ontwikkelingen wordt dat bij de verdere planvorming onderzocht. Bij externe partijen ligt de verantwoordelijkheid bij de ontwikkelaar, waarna de gemeente dat beoordeelt. Vraag 95: Waarom ontbreekt deze visie plus uitvoeringsplan, voorafgaan aan de geplande grote gebiedsontwikkelingen? Antwoord: Deze vraag is geen onderdeel van het huisvestingsplan. Vraag 96: ‘Vanuit het oogpunt van financiële sturing is er onvoldoende zicht op de kostprijs per pand.

Nu wordt er gestuurd op het totale budget voor vastgoed en de subsidiestroom aan de verenigingen.’ Antwoord: Wat is de vraag? Vraag 97: Welke oplossingen staan de gemeente voor ogen voor het ontbrekende financieringsperspectief van bijvoorbeeld toekomstig noodzakelijke vervanging van maatschappelijk vastgoed? Antwoord: De financiering wordt bij de businesscases uitgewerkt. Vraag 98: 05b Bijlage pag32/34 : Hoe wordt ingespeeld op de vermelde “te onderzoeken” elementen van het rapport? Antwoord: Deze worden onderzocht en landen waar nodig in businesscases.

Pagina 21 van 23

Vraag 99: Wanneer kan de raad een stappenplan hiervoor tegemoet zien, wanneer zijn de uitkomsten van de onderzoeken, wanneer komen de voorstellen om met deze uitkomsten aan de slag te gaan? Antwoord: Zoals toegezegd streven wij ernaar in Q2 een uitvoeringsagenda gereed te hebben. Vraag 100: Algemene vraag : Nergens in dit rapport wordt ingegaan op behoefte aan medisch-sociale voorzieningen als nieuwe of uitgebreide huisartsenpraktijk ruimtes, sociaal medische voorzieningen, therapie ruimtes, etc. Wordt “de markt” geacht hierin te voorzien of ziet de gemeente hier ook een rol voor zichzelf? Antwoord: Omdat dit een onderzoek is naar sport- en cultuuraccommodaties.

Vraag 101: 20260120 05a RV Huisvestingsplan maatschappelijk vastgoed Eijsden Margraten 2025 Pagina 2: “ Bij het ordenen van het vastgoed heeft BBN zes concentratiegebieden uitgewerkt: De vijf kernen van het vijf kernenbeleid (Cadier en Keer, Eijsden, Gronsveld, Margraten en Mheer), aangevuld met Sint Geertruid (pagina 4 huisvestingsplan)”. waarom is bij het ordenen van het vastgoed afgeweken van het huidige vijf kernen beleid? Antwoord: Dit is toegelicht in het rapport: Om de vastgoedgegevens goed te kunnen ordenen hebben we de 5 grote kernen aangevuld met Sint Geertruid. Inhoudelijk is dus niet afgeweken van het vijfkernenbeleid. Vraag 102: Na het uitvoeren van de vervolgonderzoeken per accommodatie ziet de planning er als volgt uit: 1 Opstellen verschillende businesscases per kern. 2 Tweede ronde participatie: betrekken gebruikers. 3 Raadsvoorstel met prioritering van projecten en financiële dekking. Binnen welk tijdsbestek mag de raad het eerste raadsvoorstel(len ) met prioritering van projecten en de financiële dekking verwachten? Antwoord: Dit inzicht kan pas verkregen worden na het afronden van de vervolgonderzoeken. Vraag 103: 20260120 05b bijlage 1 Huisvestingsplan Eijsden Margraten 2025 Algemeen: Op het gebied van duurzaamheid heeft er als het goed is een onderzoek plaatsgevonden (nulmeting) om de huidige staat van het gemeenschappelijke vastgoed in kaart te brengen.

Kunt u dit overzicht per locatie aan de raad verstrekken? Antwoord: Dit staat in de routekaart duurzaamheid. Pagina 22 van 23

Vraag 104: 20260120 05b bijlage 1 Huisvestingsplan Eijsden Margraten 2025 Pagina 4: Dorpen: voor de inwoners van elk van de 15 kernen wordt een basisniveau aan voorzieningen nagestreefd. Wat verstaat men onder het niveau van basisvoorzieningen in elke van de 15 kernen? Antwoord: Zie antwoord bij vraag 73.

Pagina 23 van 23

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=6c9b2ed7-abb9-4096-b3af-3469f8df43c8