CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

05 Schriftelijke vragen en antwoorden BP Bukel onteigeningsgrondslag (002) - beantwoording.docx

Beeldvormende vergadering 7 februari 2022, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Ingediende schriftelijke vragen en antwoorden2.391 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

05 Schriftelijke vragen voorafgaand aan de beeldvormende vergadering van 7 februari 2022 Voorstel: Vaststelling bestemmingsplan Reconstructie St. Geertuiderweg-Moerslag-Bukel t.b.v. onteigeningsgrondslag

Geen

Geen

Geen

Vraag 1: Hier wordt het bestuursakkoord genoemd als initiator van het plan, het loopt echter al langer dan deze raadsperiode. Waarom deze begrenzing in tijd? Is de grond al aangekocht? Voor hoeveel geld? Van welk budget is dat betaald? Van het miljoen voor grondaankoop t.b.v. natuur, van het budget dat voor de Bukel was bedoeld, of uit een andere pot? Welke? Antwoord: In het raadsvoorstel is opgenomen dat het realiseren van een veilige fietsverbinding in de vorm van een vrij liggend fietspad langs de Sint-Geertruiderweg en de Bukel onderdeel is van het Bestuursakkoord 2018-2022. Daarmee is niet beoogd enige begrenzing in tijd te geven.

1

Binnen het Bestuursakkoord 2018-2022 zijn door uw raad de middelen beschikbaar gesteld en werd het onderhavige project als “prioritair project’ opgevoerd. Het is correct dat de voorbereidingen al langer lopen dan sec. deze raadsperiode. Vóór vaststelling van het voornoemde bestuursakkoord heeft een alternatievenstudie plaatsgevonden en zijn de eerste acties uitgezet voor het verkrijgen van subsidie(s) bij de provincie Limburg en het Regionaal Mobiliteitsorgaan (RMO). De vragen over de kosten van grondaankoop zijn intern uitgezet. Het lukt niet om die voorafgaand aan de beeldvormende vergadering te beantwoorden. Voorgesteld wordt om deze vragen voor de raadsvergadering schriftelijk te beantwoorden. Vraag 2: De weg is nu klaar en in gebruik. Is daarmee het hele geplande budget opgebruikt? Hoeveel is ervan over? Wat kost het extra om de huidige fietsweg weer op te pakken en opnieuw vorm te geven? Antwoord: Van het beschikbare budget van 3,9 miljoen euro is op dit moment een bedrag van afgerond € 3.466.000 aan realisatiekosten en lopende verplichtingen (o.a. compensatiegelden) gerealiseerd. Voor de afbouw van het resterende deel ter hoogte van de tijdelijke fietsstraat calculeren wij inclusief de aanpassingen aan dassentunnels, groenaanplant e.d. een bedrag van afgerond circa € 300.000,-.

Vraag 3: De huidige situatie betekent voor het verkeer: langzamer rijden, minder uitstoot, veiliger voor fietsers, minder aantrekkelijk als routekeuze vanuit Eijsden naar Margraten en daardoor ook ontlastend voor Herkenrade, Bruisterbosch en Honthem. Dit is precies wat we willen bereiken. Wat is dan de reden om nu veel geld te gaan uitgeven aan een verandering van die situatie? Antwoord: De weg is de enige en een belangrijke verbindingsweg tussen Eijsden en Sint Geertruid. Het uitgangspunt was het versterken van deze weg, en daarmee een verkeersveilige en goed bereikbare verbindingsroute tussen het Maasdal (Eijsden) en het plateau van Margraten (Sint Geertruid) te realiseren. Uit onderzoek is een voorkeurstracé naar voren gekomen, hetgeen overeenkomstig vastgestelde wegcategorisering is vormgegeven als een Erftoegangsweg (ETW) buiten de bebouwde kom type1. Vraag 4: Wordt er ook iets gedaan aan de gevaarlijke oversteekplaatsen niet ver van Sint Geertruid en dichtbij Eijsden, waar fietsers opeens geen voorrang meer hebben en vol in de remmen moeten om in een hoek van 90 graden over te steken? Antwoord: Het is niet mogelijk gebleken om over het gehele traject het fietspad los te koppelen van de weg. Het viaduct van de autosnelweg nabij Eijsden is te smal voor een vrij liggend fietspad.

Aan de zijde van Sint Geertruid zou de inbreuk op het Natura 2000 groter zijn en bovendien zou het fietspad dan hellingen van circa 18% hebben. Voor fietsers is dat onwenselijk. In de tracéstudie/alternatievenstudie kreeg het huidige tracé de voorkeur. Dit betekent dat fietsers op twee plekken de weg dienen over te steken om aan de andere zijde hun weg te vervolgen. De genoemde oversteekplaatsen zijn overeenkomstig de landelijke richtlijnen voor ETW type 1 wegen en de hierin voorziene oversteekplaatsen en kruisingen nader vormgegeven. Er zijn geen plannen om daarin wijzigingen aan te brengen.

2

Vraag 5: Welke ideeën zijn er om de weg het landelijk, meanderend karakter terug te geven? Compenserend groen is nodig. Wat is/zijn de reden(en) dat het groen niet 100% wordt gecompenseerd en wat is de reden dat het niet daar, langs de nieuwe weg kan? Antwoord: Bij de uitwerking van de plannen voor de wegreconstructie is rekening gehouden met het meanderende karakter van de weg en is ervoor gekozen geen tracédelen recht te trekken of te vergraven. Het vrijliggend fietspad is er parallel langs gelegd, of op enkele plekken iets geknepen vanwege aanwezige bebouwing. Het landelijke karakter is gehandhaafd door zoveel mogelijk de bestaande groenstructuren langs de weg te handhaven. Daar waar hagen gerooid dienden te worden, zijn deze ook weer aangeplant. Langs de buitenzijde van de weg zijn Limburgse hagen aangeplant. In de tussenberm, tussen weg en fietspad, is dat een haag van haagbeuk geworden (beter strooizoutbestendig). Zo is het landschappelijk beeld overeind gehouden. In verband met het ruimtebeslag voor het vrijliggend fietspad zijn meerdere groenelementen gerooid. De regelgeving die daarbij komt kijken als het gaat om de verplichting tot herplant is meerledig. Enerzijds is er de reguliere omgevingsvergunning (kapvergunning) van de gemeente zelf.

Daarnaast is er de provinciale omgevingsverordening die verschillende regels kent met betrekking tot de omgang met groenelementen binnen Natuurnetwerk Limburg (de voormalige Goudgroene Natuurzone), de Groenblauwe mantel (de voormalige Zilvergroene Natuurzone en Bronsgroene Landschapszone) en het Nationaal Landschap. De herplantverplichting blijkt daarbij niet per definitie uitwisselbaar tussen beleidscategorieën. Daarnaast is bijvoorbeeld een haag weliswaar een prima landschapselement binnen ons Nationaal Landschap, maar draagt deze op basis van de regels van de provincie niet per definitie bij aan de compensatie van natuurwaarden. Compensatie van beeldkwaliteit is dus niet per definitie gelijk aan compensatie van natuur. Daar komt nog bovenop dat ook de Wet natuurbescherming vanuit meerdere invalshoeken (gebiedsbescherming Natura 2000, soortbescherming en bescherming houtopstanden) een herplantverplichting kent. Compensatie van natuur en groen is daardoor niet overal langs de weg zomaar mogelijk. Zo bleek het niet mogelijk om een randje bos van het Savelsbos ter plekke te compenseren, omdat daar geen ruimte voor was en de aanwezige graslanden langs het Savelsbos al voor andere natuurdoeltypen zijn gereserveerd.

De landschappelijke inpassing van de weg, waarmee de kernkwaliteiten van het nationaal landschap zijn gemitigeerd, bestaat uit de aanplant van hagen, een strookje bos en enkele solitaire bomen op markante punten. De hagen konden deels als natuurcompensatie wordt opgevoerd, net als de nieuwe delen van de Herkenradergrub. Het overgrote deel van de natuurcompensatie diende echter elders te landen bij gebrek aan (beleids)ruimte. De gemeente heeft daarom een perceel aangekocht op de Riesenberg waar de compensatie in natura plaats vindt. Dat leidt ertoe dat het Natura 2000-gebied voor 100% wordt gecompenseerd. Het ruimtebeslag in de ‘provinciale zones’ wordt voor 74% gecompenseerd in natura. Het restant wordt financieel gecompenseerd. Vraag 6: Uit de zienswijze van de provincie blijkt dat de plannen niet spoorden met het gewenste beleid. Dat was duidelijk toen de werken werden uitgevoerd. Met welke argumenten werd desondanks opdracht gegeven om de werkzaamheden uit te voeren? Wat was het ambtelijk advies in deze? Wat is de consequentie van deze zienswijze? Antwoord:

3

De werken zijn uitgevoerd op basis van een onherroepelijke omgevingsvergunning. Gedurende de voorbereiding van het project is de wetgeving op het gebied van natuurcompensatie veranderd. Waar voorheen financiële natuurcompensatie mogelijk was, diende vervolgens compensatie grotendeels in natura plaats te vinden, die ook nog eens vooraf dient te zijn gerealiseerd. In het kader van de vaststelling van het bestemmingsplan is samen met de provincie tot een compensatieplan gekomen (deels natura en deels financieel). Daarbij is ook rekening gehouden met de zienswijze van de provincie.

Vraag 1: Deze weg kent gevaarlijke oversteekplaatsen die kunnen worden vermeden. Wat is de officiële status van deze weg en waarom is deze status niet veranderd naar bijvoorbeeld auto te gast? Bestaat het besef dat de beide fiets-oversteekplaatsen een gevaarlijk element vormen in de hele constructie? Antwoord: Het is niet mogelijk gebleken om over het gehele traject het fietspad los te koppelen van de weg. Het viaduct van de autosnelweg nabij Eijsden is te smal voor een vrij liggend fietspad. Aan de zijde van Sint Geertruid zou de inbreuk op het Natura 2000 groter zijn en bovendien zou het fietspad dan hellingen van circa 18% hebben. Voor fietsers is dat onwenselijk. In de tracéstudie/alternatievenstudie kreeg het huidige tracé de voorkeur. Dit betekent dat fietsers op twee plekken de weg dienen over te steken om aan de andere zijde hun weg te vervolgen. De genoemde oversteekplaatsen zijn overeenkomstig de landelijke richtlijnen voor ETW type 1 wegen en de hierin voorziene oversteekplaatsen en kruisingen nader vormgegeven. Vraag 2: De provincie schrijft in haar zienswijze “ Daarnaast vermeld het rapport dat de verkeersaantallen in 2015 1.575 mvt/etmaal bedroegen. In hoeverre deze aantallen nog altijd representatief zijn blijkt niet uit het rapport.

De gemeente schrijft in de nota van zienswijzen : “Ten aanzien van de verkeersaantallen wordt opgemerkt dat deze aantallen de meest recente gegevens zijn. Er bestaat bovendien geen reden om aan te nemen dat de cijfers niet langer actueel zijn”. De gemeente schrijft in bijlage 3.6, Conceptovereenkomst financiële natuurcompensatie en natuurcompensatie in natura inzake reconstructie Sint Geertruiderweg – Moerslag – Bukel : “De verkeersintensiteit op de weg is in recente jaren toegenomen van circa 1.600 voertuigen per dag naar circa 4.000 motorvoertuigen per dag”. Hoe zit dit, hoeveel verkeersbewegingen zijn er nu echt? En hoe is dat van invloed op de stikstofberekeningen? Antwoord: Uit verkeersmetingen is gebleken dat tijdens de aanleg van de A2 tunnel te Maastricht de verkeersintensiteit op het onderhavige weggedeelte was toegenomen van circa 1.400 eenheden naar circa 4.000 eenheden. Na openstelling van de A2 tunnel is uit nieuwe metingen gebleken dat de intensiteit is teruggelopen naar circa 1.500-1.600 voertuigen per dag. Met deze actuele waardes is de

4

stikstofberekening uitgevoerd. Daarover heeft afstemming plaatsgevonden tussen de gemeentelijke adviseur (Geonius, opsteller stikstofberekeningen) en de provincie.

Vraag 3:Waarom is er niet op voorhand met de provincie overlegd? Is het geen bestaand beleid om met de provincie te overleggen over ingrepen in of nabij goud/zilvergroene zone/Natura2000 gebieden? Overheden zijn gehouden voorgenomen plannen onverwijld te delen met andere overheden die een gevestigd belang in het voornemen hebben? Antwoord: Er is in een vroegtijdig stadium ambtelijk met de provincie overleg gevoerd. Echter op dat moment was de oude natuurwetgeving vigerend en bestond de mogelijkheid de natuurcompensatie financieel te compenseren. Dit was eveneens het uitgangspunt bij de omgevingsvergunning. Waar voorheen financiële natuurcompensatie mogelijk was, diende vervolgens compensatie grotendeels in natura plaats te vinden, die ook nog eens vooraf dient te zijn gerealiseerd. In het kader van de vaststelling van het bestemmingsplan is samen met de provincie tot een compensatieplan gekomen (deels natura en deels financieel). Daarbij is ook rekening gehouden met de zienswijze van de provincie. Vraag 4: De zienswijze van de provincie omvat meer punten dan die de gemeente beantwoord met haar voorstellen voor natuurcompensatie.

Is er overleg gewest met de provincie over de antwoorden en de voorgestelde aanpassingen, en is de provincie akkoord? Ad 7 : de provincie schrijft ; Wij merken, zoals ook in de bijlage van het plan is aangegeven, nogmaals op dat nu reeds duidelijk is dat natuurcompensatie alleen in natura kan plaatsvinden en er geen mogelijkheden zijn tot financiële compensatie. De gemeente schrijft : “Inmiddels is overeenstemming bereikt met de provincie dat een deel van de compensatie van de Goudgroene natuurzone niet in natura, maar financieel geschiedt. ”Wat klopt hier nu wel en wat niet? Welke afspraken zijn er gemaakt voor aanvullende financiële compensatie, en waarom wordt er niet gewoon in natura gecompenseerd aangezien de gemeente de ambitie heeft om nog een hele hoop bomen te planten en budget om strategische gronden aan te kopen? Antwoord: Er heeft intensief contact plaatsgevonden met de rayonplanoloog, rayonecoloog en jurist van de provincie over de beantwoording van de zienswijze en de natuurcompensatie. Gezien de voor de wegreconstructie te verwerven lange smalle strook gronden op de kaart van de provinciale omgevingsvisie, gecombineerd met de Wet natuurbescherming, was dat intensief overleg met de provincie noodzakelijk om tot een helder overzicht te komen van welke regels waar van toepassing waren en tot welke verplichtingen ten aanzien van natuurcompensatie dit zou leiden.

Dat heeft geleid tot een compensatieplan. De Nota van zienswijze en ambtshalve wijzigingen (waarin gereageerd wordt op de zienswijze van de provincie) is op 1 december 2021 voorgelegd aan de rayonplanoloog. Het klopt dat de provincie in de zienswijze stelt dat de compensatie in natura dient plaats te vinden. Deze uitspraak klopt in zoverre, dat dit geldt voor die compensatie die voortkomt uit de ingreep binnen de begrenzing van het Natura2000-gebied. Ook is deze uitspraak van toepassing op de mitigatie van natuur- en landschapselementen binnen de Groenblauwe mantel en het Nationaal Landschap. Alleen binnen het Natuurnetwerk Limburg (voor zover niet gelegen binnen Natura2000) geldt dat natuurcompensatie bij voorkeur via financiële compensatie op basis van normbedragen wordt gedaan. Ten aanzien van de compensatie van bos, graften, opgaande holle wegbeplantingen en bomenrijen geldt een herplantplicht in natura. Deze komt voort uit de Wet natuurbescherming en kan daarmee niet 5

omgezet worden in een financiële natuurcompensatie. De herplantplicht voor bomen en houtopstanden is volledig voldaan op het compensatieperceel op de Riesenberg, een klein strookje bosaanplant langs de Sint Geertruiderweg en de aanplant van enkele solitaire bomen verspreid langs de Sint Geertruiderweg en Moerslag. Dat deel van de natuurcompensatie dat de gemeente financieel realiseert, omvat vooral de compensatie van natuur in de vorm van kruidenrijk grasland. Dit provincie is hiermee akkoord gegaan. Kortom: bij het bepalen van de natuurcompensatie dient met veel verschillende factoren rekening te worden gehouden (zoals oppervlakte ruimtebeslag, verschillende beleidscategorieën zoals Goudgroene Natuurzone en Bronsgroene Landschapszone, Natura 2000-habitattypen, ontwikkeldoelstellingen, beheertypen uit het provinciaal natuurbeheerplan etc.). Het is daarmee geen kwestie van ‘meer bomen planten’. Vraag 5: Worden alle nieuw te planten groene onderdelen en landschapselementen automatisch op de lijst beschermde landschapselementen of de gemeentelijke bomenlijst bij de bomenverordening toegevoegd? waanneer? Antwoord: In het bestemmingsplan is een verbod opgenomen tot (onder meer) het vellen, rooien, slopen van kleine landschapselementen dan wel het verrichten van werkzaamheden die ernstige beschadiging of de dood of verdwijning van een klein landschapselement tot gevolg hebben.

Verder bepaalt artikel 3 van de Bomenverordening gemeente Eijsden-Margraten dat het verboden is om houtopstanden (waaronder bomen) te vellen die zijn aangelegd op grond van een overeenkomst met een publiekrechtelijk bestuursorgaan. In dit geval wordt de natuurcompensatie aangelegd op basis van de overeenkomst met gedeputeerde staten. Zodoende genieten de aangeplante bomen bescherming van de Bomenverordening.

Geen

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=2b1ecc47-3717-490f-b772-8fedf2c8c245