CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

03 NW Schriftelijke vragen en antwoorden Programmabegroting Programma 3 Duurzaamheid en Klimaatverandering

* Raadsvergaderingen 13 november 2025, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Schriftelijke vragenronde3.370 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Schriftelijke vragen (Programma 3 – Duurzaamheid en Klimaatverandering)

Vraag 1: Zonne- en windenergie buitengebied Vraag: Zonne-en windenergie wordt in het buitengebied uitgesloten. Klopt het dat (1) reststroken langs wegen/spoorwegen en industrieterreinen en (2) zonne-energie op gebouwen (stallen en industrieterreinen) dubbel gebruik van onze schaarse grond. (zeker op overheidsgebouwen.) wel nog worden onderzocht? Antwoord: (1) reststroken langs wegen/spoorwegen en industrieterreinen: De gemeente E-M neemt deel aan het OER-project (zonnepanelen bij rijkswegen. Langs spoorwegen is niet opportuun. (2) Wordt zonne-energie op gebouwen (stallen en industrieterreinen) dubbel gebruik van onze schaarse grond. (zeker op overheidsgebouwen.) wel nog onderzocht? Binnen het RES-ZL programma worden verdere mogelijke toepassingen van “zon op grootschalige daken” zijnde stallen, industrieterreinen en overheidsgebouwen in kaart gebracht.

Vraag 2: Budget lokale initiatieven Vraag: Hoeveel % van de begroting gaat naar lokale initiatieven? Over hoeveel initiatieven gaat het? Zit er een groei in het aantal initiatieven? Antwoord: Hoeveel % van de begroting gaat naar lokale initiatieven? Dit is nog niet concreet te benoemen omdat dit afhankelijk is van het aantal te honoreren aanvragen in het kader van de zakelijke stimuleringsregeling. Dit is vanzelfsprekend passend binnen de hiervoor beschikbare budgetten die de raad heeft vastgesteld Over hoeveel initiatieven gaat het? 1

Het gaat op dit moment om 2 initiatieven in het kader van de stimuleringsregeling zakelijk. Het betreft als eerste het verduurzamen van het Kasteel Mheer, deze aanvraag is gehonoreerd. En het tweede initiatief is een aanvraag van een agrarisch bedrijf die verder wil gaan verduurzamen. Naast deze stimuleringsregeling ondersteunen we ook andere initiatieven, zoals stichting Wereldwijd, die hun pand willen verbouwen en verduurzamen. Zit er een groei in het aantal initiatieven? De verwachting is dat er groei in het aantal initiatieven zal zijn. Aangezien we afhankelijk zijn van initiatiefnemers, is dit een inschatting. Vraag 3: Energiearmoede kwetsbare groepen Vraag: Welke initiatieven zijn er vanuit de Gemeente om met name kwetsbare groepen te benaderen bij energiearmoede? Antwoord: Er loopt een project, samen met de WoonWijzerWinkel, waar energie coaches worden ingezet voor het stimuleren van kwetsbare groepen om woningen te verduurzamen. Dit gebeurt bijvoorbeeld met een voucher waarmee de bewoner zelf gratis een energiebox kan samenstellen en bestellen met kleine energiebesparende middelen zoals led-lampen, isolatiefolie, waterbesparende douchekoppen of een voucher waarmee energie efficiënter witgoed kon worden aangeschaft. Dit met als doel om de energiekosten voor de bewoner te verlagen. Dit project loopt sinds 2024 tot 2026.

Vraag 4: Netcongestie en energiehubs Vraag: Er zijn erg veel problemen rond het elektriciteitsnet, de zogenaamde netcongestie. Wat doet de gemeente aan het samenwerken van bedrijven in o.a zogenaamde energiehubs waarbij opwek en gebruik op elkaar afgestemd worden? Antwoord: Om dit moment loopt een pilotstudie op het industrieterrein Gronsveld in samenwerking met Stantec en bedrijven gevestigd op het industrieterrein Gronsveld om bovengenoemde mogelijkheden te verkennen en waar mogelijk toe te passen. Op basis van de resultaten van deze pilotstudie en evt. toepassing zal vervolgens worden bekeken of en hoe dit ook op andere industrieterreinen in onze gemeente toepasbaar is. Enexis is ook een partner in de pilotstudie. 2

Vraag 5: Ontstenen parkeerplaatsen Vraag: In hoeverre houd de Gemeente rekening met ontstenen bij bijvoorbeeld het aanleggen van parkeerplaatsen? Denkt men aan het gebruik van semi permeabele materialen? Antwoord: De gemeente houdt hier zeker rekening mee, bijvoorbeeld in Cadier en Keer hebben we dat gedaan. Dit heeft u ook kunnen zien bij de rondleiding die we voor uw raad hebben georganiseerd. Het stationsplein in Eijsden hebben we dit ook toegepast.

Vraag 6: Lasten 2026 3.4 Vraag: Pagina 95. Overzicht programma 3. Kunt u ons uitleggen waarom de lasten in 2026 (3.4) éénmalig circa 150.000 lager uitvallen dan de bedragen in 2025 en 2027 (Respectievelijk 4.073 / 3.855 / 4.034)? En dit terwijl de totale lasten in 2026 en 2027 aanmerkelijk hoger zijn dan de jaren daarvoor en daarna? Antwoord: Dit is een technische vraag en had het beste in de commissie Planning Control gesteld kunnen worden. De lasten zijn in 2026 lager dan in 2025 omdat de bijdrage aan de gemeenschappelijke regeling (Omgevingsdienst Zuid-Limburg) ruim € 100.000 lager zijn vanwege een andere verdeelsystematiek. Tevens zijn de inzamel kosten oudpapier € 60.000 lager dan in 2025. De totale hogere lasten in 2026 en 2027 worden veroorzaakt door de verantwoording van de Spuk gelden voor lokale isolatie. Voor die jaren is ook een hogere inkomst opgenomen.

Vraag 7: Baten 2026-2027 Vraag: Pagina 95. 3

Kunt u ons uitleggen waarom het totaal aan baten in 2026 en 2027 aanzienlijk hoger uitvallen dan de jaren 2025 en 2028 (Respectievelijk 4.391 / 5.551 / 5.733 / 6.684)? Antwoord: Dit is een technische vraag en had het beste in de commissie Planning Control gesteld kunnen worden. Zie het antwoord bij vraag 6.

Vraag 8: Raadsbetrokkenheid Transitievisie Warmte Vraag: 3.1 Op weg naar een energie neutrale toekomst Pagina 99: Een uitvoeringsprogramma Transitievisie Warmte opstellen. Wordt de raad hier vroegtijdig in meegenomen? Antwoord: Ja, de raad is hierin reeds meegenomen middels de themabijeenkomst in augustus 2025. Verder zal de visie en strategie worden voorgelegd aan de raad op 16 december 2025. Daarna zullen we het uitvoeringsprogramma Warmte opstellen wat in 2026 ter kennisgeving aan de raad wordt voorgelegd.

Vraag 9: Luchtkwaliteit metingen Trichterweg Vraag3.3 Optimaliseren luchtkwaliteit Pagina 111. In een recente themabijeenkomst werden we aangenaam verrast dat inmiddels meer dan een jaar de luchtkwaliteit in onze gemeente, op het gebeid van fijnstof, gemeten wordt op een special meetpunt aan de Trichterweg. Klopt het dat de Raad hierover niet is geïnformeerd? Onder 3.3 lezen we hier niets over. Kunt u ons meenemen in de resultaten van de metingen en welke beleidsmaatregelen daar het resultaat van zijn? Antwoord: Het meetstation in Eijsden aan de Trichterweg is opgenomen in het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (RIVM/ Luchtmeetnet). Actuele waarden Param eter

Gemeten waarde

Europese norm (jaargemiddeld e)

WHO-richtwaarde (jaargemiddelde)

Beoordeling

4

PM₂.₅ (fijnst of)

4–7 µg/m³

≤ 20 µg/m³ (EU 2024)

≤ 5 µg/m³

✅ Ruim binnen EU-norm, iets boven WHO-richtlijn op sommige dagen

PM₁₀

10 – 16 µg/m³

≤ 40 µg/m³

≤ 15 µg/m³

✅ Binnen EU-norm, iets hoger dan WHO-richtlijn bij pieken

NO₂

8 – 15 µg/m³

≤ 20 µg/m³

≤ 10 µg/m³

✅ Binnen EU-norm, af en toe rond WHO-grens

O₃ (ozon)

50 – 90 µg/m³

Daggemiddelde ≤ 100 µg/m³

≤ 60 µg/m³

✅ Binnen EU-norm, licht boven WHO-richtlijn op zonnige dagen

De luchtkwaliteit aan de Trichterweg voldoet ruimschoots aan de Europese normen voor fijnstof, stikstofdioxide en ozon. Er komen incidentele pieken voor in de winterperiode, voornamelijk door houtstook en weersomstandigheden met weinig wind. Eventuele maatregelen zouden kunnen zijn om een voorlichtingscampagne op te starten in het kader van houtstook.

Vraag 10: Rd4 Circulair Ambachts Centrum Vraag: 3.4 Van afval tot grondstof Pagina 116 Uitvoering geven aan het grondstoffenplan. Wat betekent concreet Rd4 Circulair Ambachts Centrum (CAC)? Antwoord: In het Rd4 Circulair Ambachtscentrum (CAC) willen de 10 Rd4 gemeenten samen werk maken van hoogwaardigere toepassingen van materialen die anders als afval laagwaardig worden gerecycled, verbrand of gestort. De ambitie van het CAC is om de consumptiepatronen van jong en oud in de regio Parkstad en Heuvelland te veranderen. We werken aan een Rd4 regio waar materialen en grondstoffen niet verloren gaan maar opnieuw worden gebruikt. Waar inwoners louter producten consumeren die kunnen worden hergebruikt, gerepareerd, gedemonteerd, gehuurd of gedeeld. Waar mensen zich ontwikkelen tot vakmensen met toekomstperspectief. In de toekomst dragen vakmensen en kennis bij aan een sterke, lokale economie. Door bestaande en nieuwe initiatieven te versterken en verbindingen te leggen, wordt samen met inwoners, bedrijven, onderwijsinstellingen en overheid gebouwd aan een zichtbare, veerkrachtige circulaire samenleving. Vraag 11: Restafval doelstelling 5

Vraag Pagina 118: Beleidsindicatoren. In 3.4 van afval tot grondstof geeft u een ambitie van 100 kg restafval per inwoner. In de tabel geeft het CBS al in 2022 een hoeveelheid van 91 kg per inwoner. Hebben wij de doelstelling dan al gehaald? Antwoord: De actuele cijfers voor 2024 van Eijsden-Margraten geven een hoeveelheid restafval aan van 89.5 kg per inwoner. Hiermee voldoet de gemeente Eijsden-Margraten aan de landelijke doelstelling.

Vraag 12: Fietsgebruik stimuleren Vraag: Pag.99 (3.1) Voor de hand liggend dat u het fietsgebruik binnen de organisatie stimuleert. Wanneer gaat u voor de gehele gemeente het fietsgebruik stimuleren en hoe gaat u dit doen in het belang van duurzaamheid en gezondheid? Antwoord: Er is een fietsleaseplan voor onze medewerkers uitgerold en hier wordt momenteel al goed gebruik van gemaakt. Middels diverse communicatiemedia promoten we het gebruik van de fiets doorlopend. Denk hierbij aan flyers en posters. Fietsgebruik door inwoners wordt in regionaal verband gestimuleerd door Zuid-Limburg Bereikbaar via de campagne Kort ritje, dat is zo gefietst. Deze fietsstimulering wordt uitgevoerd in opdracht van de Zuid-Limburse gemeenten. Vraag 13: Laadpalen in elke kern Vraag: Wanneer kunnen we verwachten dat in elke kern minimaal 1 laadpaal staat?

Antwoord: In 2025 is er in de kernen waar nog geen laadpaal stond een paal geplaatst. De enige kern waar nog geen laadpunt is, is Bemelen. Plaatsing van een geplande laadpaal in de Kersenwei in Bemelen is vertraagd als gevolg van een ingediend bezwaar. Dat bezwaar is ongegrond verklaard en deze laadpaal wordt zo snel mogelijk alsnog geplaatst. 6

Vraag 14: Waterplan en Uitvoeringsprogramma Hitte en Droogte Vraag: Pag.106 (3.2) U noemt Waterplan ‘23 en Uitvoeringsprogramma Hitte en Droogte. Waarom worden ze niet genoemd bij de kaderstellende Documenten? Antwoord: Omdat het geen kaderstellende documenten zijn maar uitvoeringsplannen.

Vraag 15: Acties via kaders 2026 Vraag: Wat bent u voornemens te doen via deze kaders in 2026? Antwoord: wat is de vraag of de context. Wij zien deze zin/passage ook niet terug in paragraaf 3.2 De gemeente voert in 2026 diverse activiteiten uit op dit gebied, namelijk: 1. We streven naar meer vergroening binnen de openbare ruimte en zoeken binnen de projecten hiertoe de mogelijkheden ondanks de vele kabels en leidingen in de ondergrond. Bomen groen dragen namelijk bij aan voorkoming van hittestress, verdroging en wateroverlast. 2. Op grond van de stresstest en met name de wateroverlastkaart wordt gekeken of woningbouw op die plekken mogelijk is en waar nodig onder welke voorwaarden. 3. Bij projecten proberen we mogelijkheden te creeren om hemelwater langer vast te houden. Er worden buffers en wadi's gemaakt met een infiltratie voorziening 4. Het project Liquid Commons in het Noordal is een typisch project ten aanzien van klimaatadapatie waarbij met de vier partners, bewoners en landeigenaren wordt gestreeft naar goed integrale oplossingen voor wateroverlast en kwalitatieve verbeteringen van het landschap. 5. Binnen Maas en Mergelland gaan we in 2026 opzoek naar het verharde oppervlak en wordt een nieuw BRP opgesteld en gekeken naar kansen om af te koppelen. 6.

Daarnaast zijn er enkele projecten waarin we bewust met bedrijven kijken naar afkoppelen van regenwater, project Zoerbeemden-Industrieweg. 7. Bij woningbouwprojecten leggen we projectontwikkelaars en eigenbouwers de verplichting op om hemelwater af te koppelen en 80 mm per m2 verhard oppervlak te bergen. 8. Tot slot hebben we twee stimuleringsregelingen om onze inwoners bewuster te laten omgaan met het klimaat, namelijk de stimuleringsregeling vergoenen tuinen en de stimuleringsregeling afkoppelen hemelwater.

7

Vraag 16: Anti-betegeling voortuinen Vraag: De voortuinen zwichten onder de grote tegels. Wat betreft de anti-betegeling legt u de bal voornamelijk bij de inwoners. Tot nu toe levert de gemeentelijke actie slechts een schamele belangstelling. Hoe denkt u meer effect te kunnen sorteren? Antwoord: Wij leggen de bal zeker niet alleen bij de inwoner. Ook de gemeente gaat in projecten op zoek naar mogelijkheden om verharding in het openbaar gebied te verminderen of regenwater af te koppelen. Cadier en keer is hier een voorbeeld van en het project Zoerbeemden-Industrieweg is hiervan eveneens een voorbeeld. Alle kleine beetjes helpen. Daarnaast proberen wij middels de campagne Waterklaar onze inwoners en ondernemers bewuster te laten omgaan met regenwater. Overigens zijn sinds 2013 alle nieuwbouw c.q. aanbouwobjecten verplicht af te koppelen van het riool en moet de eigenaar een voorziening realiseren op eigen terrein om hemelwater te bufferen en infilteren. In het verleden was dit 35mm per m2 en sinds 2021 80 mm per m2.

Vraag 17: Fijnstofmetingen Vraag: Pag.140 (3.3) Luchtkwaliteit is meer dan stikstof; echter u heeft het alleen over stikstof. In dit kader vragen wij naar de resultaten van de (fijn)stofmetingen. Antwoord: Zie antwoord op vraag 9. Vraag 18: Gevolgen fijnstofmetingen Vraag: Welke gevolgen hebben de uitkomsten hiervan voor het gemeentelijk handelen? Antwoord: Zie ook antwoord op vraag 9 en 17.

Vraag 19: Schone Lucht Akkoord

Vraag: Pag.110 E-M heeft het Schone Lucht Akkoord ondertekend. Waarom wordt dit hier niet benoemd?

8

Antwoord: Het Schone lucht Akkoord is in 2024 reeds ondertekent en wordt daarom hier niet specifiek meer benoemd.

Vraag 20: Lasten 3.1 stijging Vraag: Pagina 95 De lasten onder 3.1 stijgen van 158.000 naar 1375.000 euro. Is dit i.v.m. energiezuinig maken van gemeentelijk vastgoed en zo ja, kan de stijging van 1,2 miljard euro onderbouwd worden door cijfers per pand te geven? Antwoord: De stijging van de lasten (zijnde 1.375.000 euro) houdt geen verband met het energiezuinig maken van het gemeentelijk vastgoed. De toename wordt verklaard door de ontvangen van een rijksbijdrage in het kader van de regeling voor het isoleren van woningen, de zogenoemde Specifieke Uitkering Lokale Aanpak Isolatie (SPUK-LAI).

Vraag 21: Stikstofreductie aanpak Vraag: Pagina 112 Een aanpak stikstof-reductie uitwerken. Is dit niet een landelijke/provinciale aangelegenheid? In hoeverre is de gemeente zelf hier aan zet? Antwoord: De provincie is het bevoegd gezag voor stikstofproblematiek. Zij stellen hiervoor beleid op. Op 23 september j.l. is daartoe het Limburgs Offensief Stikstof vastgesteld. Het is mogelijk dat op basis van dit beleid nieuwe regels opgesteld worden waar de gemeente medewerking aan dient te verlenen.

9

Vraag 22: Recente afvalgegevens Vraag: Pagina 115: De doelen in het vastgestelde grondstoffenplan 2026-2029 zijn o.a. gericht op het verder verhogen van het afvalscheidingspercentage (doel 2026 80%), verminderen van het restafval per jaar per inwoner (doel 2026 100 kg per inwoner) en hergebruik van materialen/grondstoffen. In de tabel met beleidsindicatoren op pagina 116 staat als getal voor het totaal huishoudelijk afval per inwoner in 2022 91 kg. Zijn er geen recentere gegevens voorhanden? Welk gedeelte van deze 91 kg was restafval? Antwoord: De actuele cijfers voor 2024 van Eijsden-Margraten geven een hoeveelheid restafval aan van 89.5 kg per inwoner. Hiermee voldoet de gemeente Eijsden-Margraten aan de landelijke doelstelling. (Doel 2026: 100 kg per inwoner) Huishoudelijk afval en restafval zijn nauw aan elkaar verwant; huishoudelijk restafval is de specifieke categorie huishoudelijk afval dat overblijft nadat al het recyclebare afval is gescheiden. Met andere woorden, 'restafval' is de rest van 'huishoudelijk afval' na het scheiden.

Vraag 23: Budgetneutraliteit afvalverwerking Vraag: P. 94 3.0 Wat mag het kosten? ‘Van afval tot g rondstof’: baten 4.306, lasten 3.855. Het beleid is budget neutraal afval verwerken. Wordt hier een half miljoen winst gemaakt op kosten van de burger? (zie ook p. 225): ‘Een kostendekkende afvalstoffenheffing en rioolheffing’. Of is dit het verschil dat benoemd wordt in het ‘BTW-compensatiefonds’? Antwoord: Nee, er wordt geen winst gemaakt van een half miljoen op kosten van de burger! 10

Niet alle kosten die tot het compartiment afval behoren vallen binnen het taakveld afval. Met andere woorden, lasten met betrekking tot het compartiment afval vallen ook onder andere taakvelden. Het compartiment afval is dus breder dan het taakveld afval. Vraag 24: Baten 2026-2027 3.1 Vraag: Waaruit bestaan de (eenmalige) baten in 2026 en 2027? Dit is een technische vraag en had het beste in de commissie Planning Control gesteld kunnen worden. De eenmalige inkomsten hebben betrekking op de Spuk uitkering ten behoeve van de lokale aanpak isolatie.

Vraag 25: Stikstofgevoelige natuur versterken Vraag: P. 110 3.3 Optimaliseren luchtkwaliteiten 2de alinea ‘Deze bestuursperiode …………….ruimte voor nieuwe ontwikkelingen.’ Hoe wordt concreet gewerkt aan het versterken van stikstofgevoelige natuur? Hoe wordt stikstof bij de bron aangepakt? Antwoord: In het provinciale beleidsdocument Limburgs Offensief Stikstof (LOS) wordt in bijlage 2 per Natura 2000-gebied een overzicht van maatregelen gegeven. U kunt deze aldaar nalezen. Via deze link kunt u het document rechtstreeks downloaden en inzien: https://www.limburg.nl/publish/pages/9963/programma_limburgs_offensief_stikstof_los_.pdf In het hoofddocument van de LOS wordt expliciet genoemd dat bronmaatregelen essentieel zijn om de stikstofproblematiek op te lossen. Een belangrijk deel van de stikstofdepositie in ZuidLimburg komt van bronnen in het buitenland. Van alle bronnen in Limburg levert de landbouw de grootste bijdrage aan de stikstofdepositie, waarbij opgemerkt wordt dat de stikstofdepositie in de afgelopen decennia al fors gedaald is door de inspanningen die veel landbouwbedrijven hebben geleverd. De volgende bronmaatregelen worden voor de landbouw onder andere genoemd: -

-

Centraal daarin staan de financiële regelingen gericht op beëindiging en/of extensivering van veehouderijbedrijven en aanscherping van regels in overgangsgebieden. Duidelijkheid over welke financiële ondersteuning en mogelijke compensatie beschikbaar is en over welke gebiedsgerichte randvoorwaarden gaan gelden voor bedrijfsactiviteiten moeten agrarische ondernemers in staat stellen om af te wegen of, en op welke wijze ze hun bedrijf kunnen en willen voortzetten. Voor de landbouw willen de provincie ruimte voor verschillende transitiepaden, van meer intensieve tot extensieve vormen van landbouw. 11

Vraag 26: Ruimte voor nieuwe ontwikkelingen Vraag: Hoe rijmt dit met het bieden van ruimte voor nieuwe ontwikkelingen? Geldt dit ook als dat (tijdelijk) nieuwe stikstof uitstoot tot gevolg heeft? Antwoord: Op dit moment is het niet toegestaan nieuwe ontwikkelingen te starten wanneer deze extra stikstofdepositie veroorzaken op kwetsbare Natura 2000-gebieden.

Vraag 27: Vergunningen snoeiafval verbranden Vraag: Wat doet de gemeente aan het beleid om "eeuwigdurende" vergunningen voor het verbranden van snoeiafval in het buitengebied te verlenen? Kunnen daar beperkte, eenmalige vergunningen voor in de plaats worden gezet? Antwoord: Dit zijn geen eeuwigdurende vergunningen. Deze zijn gekoppeld aan personen en perceel. Zijn hier wisselen dan moet er ook ene nieuwe vergunning worden aangevraagd. De vergunningen zijn verleend op grond van de Wet Milieu (dit is vertaald in de Algemene verordening EijsdenMargraten). Vraag 28: Concrete stikstofreductie aanpak Vraag: P. 112 Tegel ‘Een aanpak stikstof-reductie uitwerken.’ Hoe gaat de gemeente concreet een aanpak stikstof-reductie uitwerken, als ze aangeeft daartoe geen handvatten te hebben? Antwoord: De gemeente zelf heeft inderdaad geen instrumenten om stikstofreductie mogelijk te maken. Het bevoegd gezag is de provincie. Zij hebben hier op 23 september j.l. het Limburgs Offensief Stikstof (LOS) vastgesteld. Een belangrijk deel van de stikstofdepositie in Zuid-Limburg komt van bronnen in het buitenland, zie onderstaande figuur voor de situatie bij het Savelsbos, blauwe taartpunt. Van de binnenlandse bronnen zijn agrariërs de grootste bron van stikstof in Zuid-Limburg (grijze taartpunt).

Er zijn agrariërs die zoeken naar manieren om het bedrijf om te vormen naar een vorm van landbouw die minder stikstof uitstoot. Wanneer hiervoor een wijziging 12

bestemmingsplan nodig is, dan kan dit via de reguliere kanalen aangevraagd worden en spant de gemeente zich in om hier medewerking aan te kunnen verlenen. Dit is de meest concrete wijze waarop de gemeente het traject van reductie stikstofemissie kan faciliteren.

Vraag 29: Actualiteit nota grondbeleid 2012 Vraag: P. 118 Kaderstellende documenten Veel dank voor kaderstellende documenten met prima links! Vraag: In hoeverre is de nota grondbeleid (uit 2012) nog steeds actueel?

13

Antwoord: Zolang er geen nieuwe nota is vastgesteld is de nota grondbeleid 2012 de actuele nota

Vraag 30: Omgevingsplan status Vraag: Er is toch nog geen omgevingsplan? Antwoord: Op dit moment is er een tijdelijk omgevingsplan n.a.v. de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024. Dit bestaat uit de bestaande vigerende ruimtelijke plannen (o.a. oude bestemmingsplannen, uitgebreide omgevingsvergunningen), de TAMomgevingsplannen, de bruidsschat en een deel van de Algemene verordening EijsdenMargraten. Op 1 januari 2032 moet er een gebiedsdekkend omgevingsplan zijn voor de hele gemeente. Voor dit proces wordt er momenteel een plan van aanpak opgesteld. Vraag 31: Actualisatie Startnotitie Klimaat- en duurzaamheidsbeleid 2012 Vraag: Is er een actualisatie van de 'Startnotitie Klimaat- en duurzaamheidsbeleid 2012'? Antwoord: De 'Startnotitie Klimaat- en duurzaamheidsbeleid 2012” wordt opgevolgd door het document “Visie en strategie energietransitie, warmtetransitie en circulaire economie” welke in Q4 2025 aan de raad wordt aangeboden.

14

15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=378bd4ee-9abd-45e9-aacc-b2c8e09ea0e7