CConstaterende datEijsden-Margraten
Koppel je AI →
Document · PDF

03.4 Schriftelijke vragen en antwoorden Programmabegroting 2022 Programma 4.docx

Beeldvormende vergadering 1 november 2021, gemeente Eijsden-MargratenBij agendapunt: Vragen en antwoorden schriftelijke ronde4.226 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

03.4 Schriftelijke vragen voorafgaand aan de beeldvormende vergadering van 1 november 2021 Voorstel: Programmabegroting 2022-2025, Programma 4

1. pag. 73 Parkeren en rouleren Is al volledig invulling gegeven aan de Eijsdense plannen inzake het ‘Parkeren, rouleren en verkeerscirculatie’. Dan duiden we met name op de bewegwijzering en bebording. Niet te veel, wel effectief. Graag ontvangt de fractie en naar wij aannemen de gehele raad het ‘verkeerscirculatieplan Eijsden’ dat enige jaren geleden is opgesteld. Antwoord: Onlangs is opdracht verleend om de bewegwijzering van de diverse parkeerplaatsen in Eijsden te herzien en de bebording hierop aan te passen. Dit jaar ontvangen wij de aanbevelingen, zodat we de aanpassingen voor het toeristisch seizoen 2022 kunnen realiseren.

1. 4.02 pag. 70 Transformeren woningmarkt U spreekt over het transformeren van de bestaande woningmarkt naast het realiseren van nieuwe woningbouwplannen. Over welke bestaande woningmarkt spreken we? EM bestaat voor het overgrote deel uit koopwoningen. Antwoord: Hier wordt bedoeld de gehele bestaande voorraad binnen Eijsden-Margraten. Dit kunnen zowel huur- als koopwoningen zijn. 2. U zet in op nieuwbouwplannen, dat kunnen wij begrijpen in het kader van woningaanbod. Procentueel op het totaal gezien zal dat dan inderdaad een afname betekenen van woningen die niet voldoen aan de eisen. Echter is dit iets anders dan de bestaande woningvoorraad transformeren of ziet u dit anders? Antwoord: Nee dat zien wij niet anders. Onder de bestaande woningvoorraad wordt niet verstaan de recente of in uitvoering zijnde nieuwbouw. In het antwoord op de vorige vraag wordt beargumenteerd wat onder transformatie van de bestaande woningvoorraad wordt verstaan. Nieuwbouw moet voldoen aan de eisen van het Bouwbesluit, waaronder ook de hierin opgenomen duurzaamheidseisen. Indien een bestaande woning wordt getransformeerd naar andere woonsegmenten, dan zijn op de nieuw te bouwen (te transformeren) woningen ook de nieuwbouweisen van het Bouwbesluit van toepassing. Kortom, de getransformeerde woningvoorraad voldoet ook aan de nieuwbouweisen. 3.

U gaat daarvoor woningen levensloopbestendig en duurzamer maken volgens de geldende regelingen in onze gemeente. Het betreft hier allemaal verduurzamingsregelingen die betrekking hebben op besparen van energie. U bent het toch zeker met ons eens dat levensloopbestendig maken meer van doen heeft dan alleen maar verduurzamen? Welke plannen heeft u daadwerkelijk op de plank liggen om de “bestaande woningvoorraad” voor de toekomst functioneel (levensloopbestendig) en aan de eisen te laten voldoen? 1

Antwoord: Wij zijn het wederom met u eens dat verduurzamen (van de woningvoorraad) meer is dan het treffen van energetische maatregelen, maar ook het levensloopbestendig maken van woningen. Wat de plannen/genomen maatregelen voor de bestaande woningvoorraad betreft, kunnen wij hierover het navolgende meedelen. Waar mogelijk, hebben wij onze bestemmingsplannen zodanig aangepast, dat woningen worden voorzien van planologische uitbreidingsmogelijkheden om deze levensloopbestendig en/of zorggeschikt te maken. Mits ruimtelijk en stedenbouwkundig verantwoord, verlenen wij medewerking aan het transformeren van bestaande woningen tot levensloopbestendige of zorggeschikte woningen. Dit kan door woningverbouwing, -splitsing of –samenvoeging. Ook staan wij open om binnen de bestaande (woning)voorraad zorggeschikte woningen te realiseren. Daarnaast biedt onze WMO-verordening mogelijkheden om bestaande woningen aan te passen, dan wel zodanige hulp te bieden, waardoor ouderen en hulpbehoevende langer zelfstandig kunnen blijven wonen. 4. 4.03 Herinvullen van leegstand en leegkomende gebouwen. Wanneer wordt de koopakte van het voormalig gemeentelager Gronsveld bezegeld en wat bedraagt de verkoopsom van dit pand? Antwoord: De koopakte is getekend en de akte van levering passeert bij de notaris op 2 november a.s. Hiermee vindt de feitelijke eigendomsoverdracht plaats op 2 november a.s.

De koopprijs bedraagt € 219.459. 5. Wie is verantwoordelijk voor alle oude wrakken en rommel op dit gemeentelager als het niet verkocht wordt? Antwoord: Zoals hierboven beschreven vindt eigendomsoverdracht plaats op 2 november a.s. Vanaf datum eigendomsoverdracht is de nieuwe eigenaar verantwoordelijk voor het perceel met opstallen. 6. 4.1.3 pag. 75 zie ook 3.1.1 pag. 63 U wilt de verkeers- en parkeeroverlast verminderen en verkeersveiligheid vergroten. U tracht dit te doen met monitoring op diverse gebieden en het formuleren van maatregelen die betrekking hebben op het buiten gebied (Verantwoord op Weg, Lijn 50). Ook om fietsoverlast te voorkomen hebt u ideeën om overlast in het buitengebied op te lossen. Problemen die in kernen spelen lijkt u niet op te willen lossen, nee erger nog, doorgaand verkeer wordt door nieuwe woonkernen heen geleid en volgens een artikel in de Limburger zinspeelt u nog op een rotonde die verkeer van de rijksweg moet omleiden, notabene door een woonomgeving, om ondernemers die bij ons niet bekend zijn te pleasen. Waarom is de verkeersproblematiek in de kernen niet opgenomen? Antwoord: In het beleidsplan Verkeer en Vervoer welke u op 14 december 2021 ter vaststelling wordt aangeboden, zijn de beleidsopgaven voor de komende jaren benoemd op het gebied van verkeer en mobiliteit voor de hele gemeente.

In deze begroting zijn middelen opgenomen om deze beleidsdoelen in uitvoering te nemen. 7. Waarom is het nieuwe GVVP nog steeds niet in de raad geweest en houden we de versie uit 2013 actueel? Hier wordt nu al diverse jaren aan gewerkt en zou moeten aangeven waar de huidige problemen zitten. Om de oude versie uit 2013 te blijven gebruiken doet geen recht aan de problemen die op dit moment (nu 2021 reeds 8 jaar na dato) spelen. Antwoord: Op 14 december 2021 zal uw raad het beleidsplan Verkeer en Vervoer ter vaststelling worden aangeboden. In eerste instantie zouden we dit in Q2 van 2021 ter vaststelling hebben 2

aangeboden. Doch gelijktijdig waren we bezig met het project Verantwoord op Weg en willen we de uitkomst van deze rapportage verwerken in het Beleidsplan Verkeer en Vervoer. Op 13 juli heeft uw raad deze rapportage vastgesteld. Daarnaast achtte het college het verstandig om ons Beleidsplan af te stemmen op de beleidsplannen van de gemeenten in lijn 50 verband, wat inmiddels ook is gebeurd. 8. Waarom wordt er niet nagedacht over voor de inwoners duurzame oplossingen om verkeersproblematiek zoals doorgaand verkeer te voorkomen en op te lossen? Heeft dit te wellicht ook te maken met kosten? Er wordt in het stuk alleen over maatregelen gesproken, waarom niet over oplossingen creëren? Maatregelen hebben te vaak betrekking op voorschriften die men implementeert op straffe van boetes terwijl oplossingen een tastbaar aspect voor de inwoners omhelzen waarbij problemen daadwerkelijk uit de wereld worden geholpen. Antwoord: Verkeersveiligheid bestaat uit 3 pijlers, namelijk maatregelen die we conform de voorschriften van Duurzaam Veilig proberen in te richten, het verstrekken van voorlichting en communicatie over de maatregel over het gedrag van verkeersdeelnemers en tot slot handhaving.

1. Hier staat een bouwopgave van 630 te realiseren woningen vermeld. Voor welke periode is dat van toepassing? (4.0 blz. 68) Antwoord: Dit is een geprognosticeerd richtcijfer dat tot stand is gekomen door de bestaande woningvoorraad te verrekenen met de frictie- en daadwerkelijke leegstand en de uitkomst hiervan af te zetten tegen de geprognosticeerde huishoudens per 1-1-2025. Het cijfer is gebaseerd over de periode tot 2025. 2. Hoe wordt de hier omschreven lokale woonbehoefte bepaald? (4.0 blz. 69) Antwoord: De lokale woonbehoefte wordt bepaald op grond van de resultaten van het woonbehoefteonderzoek voor de periode 2021-2035 . Het in uitvoering zijnde onderzoek zal binnenkort worden afgerond, waarna uw raad van de resultaten hiervan in kennis wordt gesteld. 3. Was de evaluatie/ bijstelling van de woonvisie niet toegezegd nog voor de zomer van 2021? (4.01 blz. 69) Antwoord: In de lokale woonvisie is bepaald dat de in de in hoofdstuk 5.3 van de woonvisie vastgestelde beleidsafspraken twee jaarlijks zullen worden gemonitord en gerapporteerd, voor het eerst in de 2e helft van 2021. 4. Waarom beperkt het college zich met woningbouw tot initiatieven voor Mheer en OostMaarland en wordt er niet gereageerd op onze herhaalde oproep om ander kernen niet te vergeten, te beginnen met Noorbeek? (4.01 blz. 70)

3

Antwoord: Wij zijn actief gestart zijn met Mheer en Oost-Maarland. Maar ook in andere kernen worden plannen gerealiseerd (Margraten, Eijsden, Cadier & keer, Sint Geertruid, Banholt, Gronsveld). Daarnaast zijn voor Eckelrade en Noorbeek recentelijk particuliere initiatieven ontvangen. Tevens zijn we gestart met een verkenning voor geheel Eijsden-Margraten om te komen tot plannen op termijn. 5. Min of meer een herhaling van de vraag hierboven. Als het bestuur aangeeft extra aandacht te schenken aan het omvormen van leegstaand en leegkomend vastgoed, is het dan niet verstandig om vooruitlopend op de invulling in Noorbeek nu te starten met het aanpassen van het bestemmingsplan? (4.03 blz. 71) Antwoord: Een ruimtelijke procedure voeren houdt in dat ook alle aanvullende onderzoeken opgestart moeten worden en er inzicht moet zijn in wat en waar gebouwd wordt. Immers anders is voor iedere afwijking ten aanzien van het bouwplan of locatie, wederom een procedure benodigd. Daarom is het aan te raden om uit te gaan van concretere plannen. 6. U geeft aan prestatieafspraken te willen maken met de coöperaties. Wat zijn de verwachtingen hierbij gezien het recente verleden? Zou terugkomend op de twee voorgaande vragen dit geen goed moment zijn voor een coöperatie om plan Noorbeek voortvarend aan te pakken? (4.04 blz.

72) Antwoord: Voor de beantwoording van deze vraag wordt verwezen naar het antwoord op vraag 5. Er zal een concreet plan aan de corporaties voorgelegd moeten worden, waarop de zij een bod kunnen uitbrengen. 7. Hebben wij het goed begrepen, dat de verkeerscommissie opnieuw geactiveerd wordt? (4.04 blz 74) Antwoord: Ja. Op 5 oktober 2021 besliste het college de verkeerscommissie aan te stellen. 8. We verbeteren de infrastructuur voor wandelaars en fietsers. Is dat niet wat te eenvoudig omschreven? Met betrekking tot het Fietsplan Eijsden-Margraten vragen wij u of de door u toegezegde ondersteuning inzake de “Voerdalroute” geïntegreerd is in dit Fietsplan? Welke relatie ligt er met de Grenslandroute? (4.1.4 blz. 75) Antwoord: om de Voerdalroute te realiseren dient er over de A2 ten zuiden van Mariadorp een fietsersbrug te worden gelegd. Hierover heeft overleg plaats gevonden met Rijkswaterstaat en het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Een dergelijke voorziening kost grof geraamd € 2,6 tot € 3.5 miljoen welke niet in de begroting is voorzien. De Grenslandroute was een initiatief van IKL welke een verbinding is van diverse fietsknooppunten langs de landsgrens om onderlinge verbindingen te maken. De Voerdalroute zou een onderdeel kunnen zijn van de grenslandroute. 9.

Kunt u ons meedelen of u in uw contacten met de gemeente Voeren al over de Voerdalroute heeft gesproken? Antwoord: nog niet over het gedeelte bij Mariadorp, maar in het kader van hierboven genoemd project Grenslandroute is het routegedeelte bij Altenbroek wel al eerder onder de aandacht gebracht. 4

10. Kunt u ons toezeggen onderzoek te willen doen naar de fiets- wandelbrug over de A2? Antwoord: zie het antwoord op vraag 8 11. In het kader van de omgevingswet voorziet u dat wijzigen van het omgevingsplan gedelegeerd wordt aan het college. Kunt u de noodzaak hiervoor uitleggen / motiveren? (4.3.1 blz. 78) Antwoord: De landelijke wetgever biedt de mogelijkheid van delegeren (via artikel 2.8 van de Omgevingswet) onder de nieuwe Omgevingswet. In de praktijk kan uw raad bepaalde wijzigingen delegeren aan het college. Dit is een keuze van uw raad. Onder de huidige Wet ruimtelijke ordening bestaat deze mogelijk bijvoorbeeld in twee andere vormen; de wijzigingsbevoegdheid (opgenomen door uw raad in een vastgesteld bestemmingsplan met als bevoegd gezag tot wijziging het college) en het afstand doen van de bevoegdheid voor het geven van een verklaring van geen bedenkingen (“Lijst verklaring van geen bedenkingen 2013” door uw raad vastgesteld d.d. 26 maart 2013). Dit wordt in het kader van de nieuwe Omgevingswet opnieuw met uw raad geïnventariseerd en vormgegeven conform de bepalingen in de nieuwe wet. Qua proces krijgt u in de komende periode een uitnodiging om, indien door u gewenst, samen vorm en inhoud te geven aan o.a.

deze producten (denk aan dus aan delegatie aan het college, gevallen van buitenplanse omgevingsplanactiviteiten waarvoor de raad adviesrecht heeft en gevallen van buitenplanse omgevingsplanactiviteiten waarvoor participatie verplicht is). De planning is op dit moment om in de raadsvergadering van mei 2022 (dus vóór 1 juli 2022 – op dit moment de datum van inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet) e.e.a. ter besluitvorming aan uw raad voor te leggen.

1.

Programma 4 Wonen en Mobiliteit (P. 196 PPF) Vraag: Waardoor kelderen de lasten en de baten wonen? Antwoord: Door afronden projecten. Nu grootste reden van afronding voltooiing van het Veldje in Eijsden. Als er nieuwe projecten bijkomen dan gaan die lagere getallen in de vervolgjaren weer omhoog.

5

Lasten 4.0 Wonen -2.785.893 -522.829 -261.535 -227.218 4.1 Mobiliteit & Verkeer -1.977.066 -2.137.199 -2.275.807 -2.428.910 4.2 Vastgoed -2.901.676 -2.756.402 -2.809.656 -2.806.496 4.3 Omgevingsvisie -522.513 -660.322 -460.502 -460.686

2.

Totale lasten

-8.187.148 -6.076.753 -5.807.501 -5.923.310

Baten 4.0 Wonen 4.1 Mobiliteit & Verkeer 4.2 Vastgoed 4.3 Omgevingsvisie

2.745.678 24.000 674.451 557.500

Totale baten

4.001.629 1.658.875

502.643 31.650 674.582 450.000

219.349 31.650 674.715 450.000

185.032 31.650 674.885 450.000

Wat is de stand van zaken bij de verkoop van starterswoningen in Banholt en St. Geertruid? Antwoord: In beide plannen zijn de starterskavels in optie gegeven. De optietermijn voor Banholt loopt tot en met 31 december 2021. Uiterlijk op voornoemde datum dient men aan te geven of met over wenst te gaan tot aankoop van de kavel. Indien men over wenst te gaan tot aankoop, zal de koopovereenkomst worden opgemaakt en de transactie verder worden afgehandeld. Indien niet overgegaan wordt tot koop, zullen de betreffende kavels opnieuw uitgegeven worden. De optietermijn voor de starterskavels in St. Geertruid zal aanvangen op het moment dat het wijzigingsplan onherroepelijk is. Als er geen beroep wordt ingesteld tegen het wijzigingsplan zal het op 13 december 2021 onherroepelijk zijn.

3.

Ontwikkellijnen Waar is het aanbod sociale huurwoningen? (P. 69) Antwoord: Het aansturen op woningen voor starters, ouderen, levensloopbestendig en bijzondere doelgroepen geldt zowel voor de koop- als de (sociale)huursector. Vandaar dat sociale huur onderdeel uitmaakt van de diverse woningbouwplannen die momenteel in voorbereiding zijn of recent planologisch afgerond en vergund zijn.

4.

Welke maatregelen nemen de woningcorporaties in onze gemeente voor het verduurzamen van bestaande sociale huurwoningen? Antwoord: Wat de energetische verduurzaming betreft, moet ook nieuwbouw van corporaties voldoen aan de huidige eisen van onder meer het Bouwbesluit. Wat de bestaande woningvoorraad betreft gaan de corporaties de woningen projectmatig aanpakken om te verduurzamen. Hierover zijn (landelijke) afspraken gemaakt. Gelet op de kwaliteit van de woningvoorraad binnen E-M, zal deze verduurzaming de eerste jaren nog niet grootschalig worden aangepakt. Bij projectmatige renovaties zullen corporaties de woningen zodanig renoveren, dat zij levensloopbestendiger zijn. Bij nieuwbouw wordt het programma van eisen zoveel mogelijk op levensloopbestendigheid afgestemd. Hiervoor kan onder meer verwezen worden naar de in voorbereiding zijnde nieuwbouw in Sint Geertruid, Oost-Maarland en Margraten.

5.

Welke concrete maatregelen gaat onze gemeente inzetten om de woningmarkt te beïnvloeden. 6

Antwoord: Waar wij eigendom hebben, die op ruimtelijk verantwoorde wijze kan worden ingezet voor woningbouw, doen wij dat. Daarnaast faciliteren wij woningbouwplannen die voorzien in de behoefte. Wij bekijken samen met de provincie, of deze plannen in aanmerking komen voor KLC subsidie, zodat een onrendabele top gefinancierd kan worden. Ook bezien wij waar strategische gronden aangekocht kunnen worden, worden prestatieafspraken gemaakt met de corporaties, passen wij de starterslening toe, en wordt gestuurd op grondprijzen (starterswoningen lagere grondprijzen) en antispeculatie. Op een groot aantal factoren hebben wij als gemeente echter weinig invloed. Denk hierbij aan het personele tekort in de bouw, waardoor plannen vertraagd worden gerealiseerd, maar ook bijvoorbeeld de stikstof en pfas problematiek, alsmede vertraging door gevoerde procedures. 6.

Zijn de ervaringen met CPO in Banholt vastgelegd en in hoeverre gaat daarmee iets gedaan worden bij de bouwplannen in Mheer en Oost-Maarland. Antwoord: De ervaringen met CPO in Banholt (en ook in het plan Karreweg Fase 2) zijn nog niet vastgelegd omdat de betreffende processen nog niet zijn afgerond. Uit de evaluatie CPO Banholt en Karreweg fase 2 moet blijken of en op welke wijze CPO in andere bouwplannen toe te passen.

7.

Waar en hoe wordt prioriteit gegeven aan de ontwikkeling van de woningbouw in Mheer en Oost-Maarland? (P. 70) Antwoord: Er is een projectleider aangetrokken die zich met name richt op deze twee plannen. Momenteel worden gesprekken gevoerd over grondaankoop. Daarnaast worden andere zaken, die invloed hebben op bouwmogelijkheden, zoals spuitcirkels etc. onderzocht en in beeld gebracht.

8.

4.1 Kerntaak mobiliteit en verkeer (P. 73) Hoe gaat u de verbetering van het OV netwerk aanpakken? Budget? In dat verlengde: Toeristische verkeersdruk in de kernen beperken door nieuwe parkeerplaatsen bij natura 2000 gebieden. Is er overleg over een samenwerking met het transferium bij Station Maastricht-Noord? Busdiensten richting Heuvelland? Antwoord: Op 13 juli 2021 heeft uw raad de rapportage Verantwoord op Weg vastgesteld. Het uitvoeringsprogramma maakte onderdeel uit van de besluitvormingsdocumenten

9.

Ten gevolge van de Coronamaatregelen werd en wordt er (nog) veel thuisgewerkt. Dat heeft mogelijk gevolgen voor de bezetting van het Openbaar vervoer. Zijn er signalen dat Arriva voornemens is lijnen te schrappen, te verleggen of in frequentie te verlagen? Antwoord: Op dit moment is dit niet bekend.

10. Kerntaak vastgoed. Is in de baten van de verkoop van gemeentelijk vastgoed ook sociaal maatschappelijke bate opgenomen? (P. 76) Antwoord: nee, sociaal maatschappelijke baten zijn hier niet in opgenomen. 11. Omgevingsvisie. Waar staan we op dit moment in de ontwikkeling van de omgevingsvisie? (P. 77)

7

Antwoord: Uw raad heeft op 1 juni 2021 de bouwstenennotitie Omgevingsvisie lijn50 vastgesteld. Dit was fase 1 van de Omgevingsvisie. Conform planning heeft vervolgens de aanbesteding voor fase 2 plaatsgevonden, na aanbesteding heeft de definitieve gunning 19 oktober jl. plaatsgevonden aan adviesbureau Royal Haskoning DHV. Samen met de lijn50 gemeente worden het traject van fase 2 nu verder opgestart. Conform Plan van Aanpak zal uw raad net als alle andere belanghebbenden uitgebreid worden meegenomen in dit proces. Het streven voor de vaststelling van de definitieve Omgevingsvisie is het derde kwartaal van 2022. 12.

Daarnaast zal voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet (voorzien 1 juli 2022) nadere besluitvorming aan de gemeenteraad worden voorgelegd inzake • gevallen van buitenplanse omgevingsplanactiviteiten waarvoor de raad adviesrecht heeft • gevallen van buitenplanse omgevingsplanactiviteiten waarvoor participatie verplicht is • delegatie aan het college om het omgevingsplan te wijzigen • de legesverordening waarin de gevolgen van de Omgevingswet en WPKB (Wet Private Kwaliteitsborging) zijn verwerkt • de verordening Nadeelcompensatie, als opvolger van de planschadeverordening • de erfgoedverordening Is het wettelijk toegestaan om het recht tot wijzigen van de omgevingswet aan het college te delegeren? Antwoord: Bij deze vraag wordt er vanuit gegaan dat er wordt bedoeld wijzigen van het Omgevingsplan i.p.v. de Omgevingswet (is de algemene wet in formele zin). De landelijke wetgever biedt de mogelijkheid van delegeren (via artikel 2.8 van de Omgevingswet) onder de nieuwe Omgevingswet. In de praktijk kan uw raad bepaalde wijzigingen delegeren aan het college. Dit is een keuze van uw raad.

Onder de huidige Wet ruimtelijke ordening bestaat deze mogelijk bijvoorbeeld in twee andere vormen; de wijzigingsbevoegdheid (opgenomen door uw raad in een vastgesteld bestemmingsplan met als bevoegd gezag tot wijziging het college) en het afstand doen van de bevoegdheid voor het geven van een verklaring van geen bedenkingen (“Lijst verklaring van geen bedenkingen 2013” door uw raad vastgesteld d.d. 26 maart 2013). Dit wordt in het kader van de nieuwe Omgevingswet opnieuw met uw raad geïnventariseerd en vormgegeven conform de bepalingen in de nieuwe wet. Qua proces krijgt u in de komende periode een uitnodiging om, indien door u gewenst, samen vorm en inhoud te geven aan o.a. deze producten (denk aan dus aan delegatie aan het college, gevallen van buitenplanse omgevingsplanactiviteiten waarvoor de raad adviesrecht heeft en gevallen van buitenplanse omgevingsplanactiviteiten waarvoor participatie verplicht is). De planning is op dit moment om in de raadsvergadering van mei 2022 (dus vóór 1 juli 2022 – op dit moment de datum van inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet) e.e.a. ter besluitvorming aan uw raad voor te leggen.

8

1. Wanneer en hoe gaat het college de problemen aangaande de verkeersveiligheid in de Bloesemgaard en omgeving oplossen? Antwoord: afgesproken is dat we 1 jaar na opening van de Prinses Amalialaan de verkeerssituatie evalueren en hierover aanbevelingen formuleren. Dit zal derhalve medio 2022 zijn. 2. We zien een overzicht van diverse reconstructies die in 2022 ter hand worden genomen (ook in Voorwoord pag. 14) Wanneer wordt de wegenstructuur van de reeds jaren verwaarloosde Beezepool in Eijsden aangepakt? Wanneer heeft de laatste de schouw in deze contreien plaatsgevonden? Antwoord: De laatste weginspectie heeft in 2021 plaatsgevonden de Beezepool maakt onderdeel uit van het MIP 2022-2024 3. Wanneer krijgt onze gemeente het predicaat Inclusieve gemeente? Dat betekent: een voor iedereen toegankelijke gemeente, niet alleen in maatschappelijke zin, maar ook en vooral fysiek: dus voor doven, blinden en slechtzienden, voor rolstoel- en rollatorgebruikers, voor mensen met kinderwagens? Nog steeds is er zelfs in het Huis van de Burger geen toilet aanwezig voor gehandicapten. Wanneer worden gemeentelijke publicaties voorzien van het icoontje om aan te duiden dat een evenement toegankelijk is voor rolstoelgebruikers? Antwoord: Het doel zou niet moeten zijn het predicaat Inclusieve gemeente, maar meer dat we dit in onze gemeente ook realiseren.

Vanwege corona hebben we de afgelopen 2 jaar nauwelijks overleg kunnen laten plaatsvinden met het platform Zorgvragers. Afgelopen zomer hebben we samen met enkele leden van het platform zorgvragers een schouw gehad in Cadier en Keer. Dit willen we weer jaarlijks gaan houden. Daarnaast maakt een lid van het platform Zorgvragers onderdeel uit van de verkeerscommissie die we per 5 oktober 2021 hebben aangesteld. Hierin kan gevraagd en ongevraagd advies worden gegeven. 4. De met klinkers en kasseien belegde wegen waarmee sinds enkele jaren de (historische) kernen worden opgetuigd vormen een hindernisbaan voor gehandicapten, die ook het college aan den lijve zou moeten ondervinden. Welke wegen bent u voornemens nog met klinkers te gaan bestraten of ziet u daar voorlopig van af? Zo niet, wanneer kunnen wij u uitnodigen voor een ritje in een rolstoel? Of geblinddoekt voor een wandeling door een (of meerdere) van onze kernen? Antwoord: In het wegenbeleidsplan 2017-2020 welke u in februari 2017 heeft vastgesteld heeft u aangegeven welke gebieden u belangrijk vindt en dus een andere vorm van bestratingsmateriaal wenselijk is, passende binnen het karakter van het beschermde dorpsgezicht. In de inrichting van dit gebied vind een belangenafweging plaats hoe we het gebied, vaak binnen het beperkte profiel zo goed mogelijk kunnen inrichten.

We streven ernaar om de situatie te verbeteren voor onze minder valide medemens. Zo hebben we in de Diepstraat onlangs aan beide zijden een loopstrook gerealiseerd zonder trappen of opsluitbanden van bordessen.

13. P 146 / 144 Openbare verlichting. De projectmatige vervanging loopt nog door. Wanneer zijn alle lichtmasten voorzien van energiezuinige armaturen? Antwoord: Op dit moment is circa de helft vervangen door energiezuinige armaturen. Op basis van afschrijvingstermijnen (armaturen 20 jaar, lichtmasten 45 jaar) zal er d.m.v. de planmatige vervanging verder worden gegaan met aanbrengen van energiezuinige armaturen. Dit zal nog circa 12 a 14 jaar duren. 9

Paragraaf 3 pag. 146 , Openbare verlichting , P 274 PPF 2020 en 278 in 2021 Openbare Verlichting Dit staat in de begroting 2021 = 2024 : In het gemeentelijk milieubeleidsplan zijn de klimaatdoelstellingen uit het Energieakkoord opgenomen. Dit betekent dat in 2020 een besparing van 20% (191.276 kWh) ten opzichte van 2013 behaald moet worden. 14. Vraag: Die geelgemaakte zin is verdwenen. 2020 is voorbij. Zijn de doelstellingen gehaald? Welk percentage is daadwerkelijk bespaard ten opzichte van 2013? Antwoord: Door een areaaluitbreiding die ten opzichte van 2013 fors hoger was, is de besparing niet gerealiseerd, maar ook niet te berekenen. De areaaluitbreiding betrof een toename ten opzichte van 2013 van ruim 25% als gevolg van uitbreiding van woningbouwplannen en projecten. De programmabegroting 2020 2023 zat achter een login, maar in de beide andere staat deze zin Conform het nieuwe bestuursakkoord wordt op geschikte locaties gekeken naar vernieuwende oplossingen met bijvoorbeeld sensoren om het energieverbruik en onnodig licht verder terug te dringen. 15.

Vragen: Heeft u geschikte locaties gevonden, of gaat u in 2022 beginnen met zoeken? Heeft u vernieuwende oplossingen gevonden? Wanneer gaat u die toepassen? Hoe definieert u onnodig licht? Hoeveel licht komt erbij als de sfeerverlichting in drie maanden van het jaar in 15 kernen dag en nacht brand? Antwoord: De locaties met sensoren zijn vastgelegd in het vigerend beleid. In het buitengebied komt geen openbare verlichting tenzij het om school/thuisroutes of verkeersonveilige situaties gaat. Verder worden sensoren op zoveel mogelijk masten toegepast. De huidige verlichting zal worden uitgebreid met identieke LED-verlichting. Deze is energiezuinig en gaat langer mee. Het gebruik van sensoren voor te dimmen zal verder nog uitgewerkt worden conform het vigerende beleid. Onnodig licht: Onnodig licht is licht daar waar het niet tot doel van de openbare ruimte is in relatie tot verkeersveiligheid of sociale veiligheid. De hoeveelheid licht kan ik u niet beantwoorden. De hoeveelheid licht is afhankelijk het soort sfeerverlichting. Hierbij gaat het ook niet om de hoeveelheid licht, maar om de sfeer en beleving van het licht in de donkere dagen met kerst. Waarbij er ingezet zal worden op LED-verlichting i.v.m. de energiekosten. Sfeerverlichting zal in alle kernen toegepast worden

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=EijsdenMargraten&id=5b5f395b-d8fb-455c-9897-84028f7e79d5