CConstaterende datEersel
Koppel je AI →
Document · PDF

[ZS00067160] Landschappelijk inrichtings- en inpassingsplan

Raadsvergadering 28 mei 2026, gemeente EerselBij agendapunt: Wijziging omgevingsplan Koppelen 16 Steensel1.542 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Landschapsanalyse, beplantings- en beheerplan Koppelen 16 Steensel Bijlage: Verbeelding landschaps- en natuurplan

Landschapsanalyse Uit onderstaande uitsnede van het natuurbeheerplan van provincie Noord-Brabant blijkt dat er rondom de planlocatie gronden zijn aangewezen met het beheertype 'N15.02 Dennen-, eiken- en beukenbos'. Deze gronden sluiten daarnaast aan op de in het zuidelijke richting gelegen waterloop 'Run'. Dennen-, eiken-, en beukenbos omvat bossen en struwelen gedomineerd door eiken, dennen, beuken, berken, lijsterbes, ratelpopulier of vuilboom. Veel van deze bossen komen voor op zure, droge en zandige bodems. Wanneer de bodem meer leem bevat, kennen de bossen een grotere floristische rijkdom. Ook vochtiger typen van deze bossen met pijpenstrootje in de ondergroei behoren hiertoe. Aangezien de gronden binnen de planlocatie rondom de waterloop 'Gender' redelijk droog zijn met een relatief lage grondwaterstand wordt met onderhavig landschaps- en natuurplan aansluiting gezocht op dit natuurtype door aan de overzijde van de waterloop op twee plaatsen een Dennen-, eiken-, en beukenbos te realiseren met een totale oppervlakte van 6.030 m2.

Figuur 1 Uitsnede beheertypenkaart - natuurtypen uitgezoomd (planlocatie indicatief aangeduid met een rode omlijning)

Daarnaast is het natuurdoeltype 'N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland' in de nabijheid gelegen wat vaak als groene buffer bij een waterloop wordt ingezet, zie onderstaand figuur. Nu de gronden behorende bij de planlocatie redelijk droog zijn behoort nat schraalland of vochtig hooiland niet tot de mogelijkheden. Kruiden- en faunarijk grasland is passender en omvat graslanden die kruidenrijk zijn, maar niet tot de schraallanden vochtig hooiland, zilt grasland en overstromingsgrasland of glanshaverhooiland behoren. De vegetatie kan behoren tot allerlei verbonden van graslandvegetaties; onder meer kamgrasvegetaties of de meer algemene witbolgraslanden. Het grasland wordt meestal extensief beweid of gehooid en niet of slechts licht bemest. Kruiden- en faunarijk grasland wordt bij een goede kwaliteit gekenmerkt door variatie in structuur (ruigte en plaatselijk struweel, hogere en lage vegetatie) en een kruidenrijke graslandbegroeiing die rijk is aan kleine fauna. Gradiënten binnen

Pagina 1 van 6

(grond)waterpeil en voedselrijkdom zorgen voor diverse vegetatietypen. Met het landschapsplan wordt gebruik gemaakt van dit natuurtype door de gronden met een oppervlakte van 8.206 m2, aansluitend op de waterloop, in te richten met kruidenrijk grasland. Het beheer zal worden gericht op het laten verruigen en het niet bemesten van de gronden.

Figuur 2 Uitsnede beheertypenkaart - natuurtypen (planlocatie indicatief aangeduid met een witte omlijning)

Pagina 2 van 6

Beplantingsplan Onderstaande landschapspakketten zijn gehanteerd welke corresponderen met de nummers op de verbeelding van het landschapsplan. 1 Knip- en scheerhaag Plantsoorten Breedte strook

Haagbeuk 0,5 meter

Lengte strook totaal

170 meter

Plantafstand Totale oppervlakte Totaal aantal stuks

Enkele, 5 stuks per strekkende meter 85 m2 850 (wortelgoed 60 - 80)

2 Hoogstamfruitboomgaard Plantsoorten Plantmaat Plantafstand Totaal aantal stuks

Diverse fruitsoorten - assortiment nader te bepalen Hoogstam 10-12 Wildverband, minimaal 8 meter 6

i.c.m. kruidenrijk grasland

Plantsoorten

Hoogwaardig kruidenmengsel

Breedte strook: Plantafstand: Totale oppervlakte: Totaal aantal stuks:

Vlakvormig Breedwerpig, handmatig inzaaien 675 m2 3 kg per 100 m2

3 Kruidenrijk grasland Plantsoorten Breedte strook: Plantafstand: Totale oppervlakte: Totaal aantal stuks: 5 Dennen-, eiken- en beukenbos Plantsoorten

Plantafstand: Totale oppervlakte: Totaal aantal stuks:

Hoogwaardig kruidenmengsel Vlakvormig Breedwerpig, handmatig inzaaien 8.206 m2 3 kg per 100 m2

Boomvormers: Zomereik, Wintereik, Grove Den, Gewone Beuk , Ruwe Berk, Lijsterbes, en Ratelpopulier Struikvormers: Hazelaar, Sporkehout, Meidoorn, Gelderse Roos en Vuilboom. 1 x 1 meter, wildverband (gelijke menging) 6.030 m2 Boomvormers: 4.221 Struikvormers: 1.809

6 Wandelpad over boerenland Lengte:

180 meter

Pagina 3 van 6

Beheerplan Dit beheerplan beschrijft de beheerdoelen en beheermaatregelen voor de landschappelijke maatregelen die worden genomen binnen de ruimtelijke herontwikkeling aan de Koppelen 16 te Steensel. Het vormt een praktische en toegankelijke leidraad voor de instandhouding van de aan te planten knip- en scheerhagen, kruidenrijk grasland, hoogstamfruitbomen, rivier- en beek begeleidend bos en het wandelpad voor een recreatieve ontsluiting. Dit beheerplan heeft als doel de landschappelijke kwaliteit, biodiversiteit en gebruikswaarde op lange termijn te borgen.

1. Knip- en scheerhaag (erfafscheiding woonkavels) Soort: Haagbeuk (Fagus Sylvatica) - 170 stuks Beheerdoelen - Dichte, strakke en groene erfafscheiding. - Gezonde haag met compacte vertakking en sterke basis. - Vormbehoud in het landschapsbeeld. Beheermaatregelen - 2x per jaar knippen: juni en september. - Aanvulplant en herstel in het voorjaar bij uitval. - Water geven in droge perioden (eerste 3 jaar). - Onkruidvrij houden van een strook van ±40 cm. - Lichte compostgift in voorjaar (eerste 3 jaar).

2. Hoogstamfruitboomgaard + kruidenrijk grasland (0,0675 ha) Soort: Diverse fruitsoorten - 6 stuks Beheerdoelen - Vitale en productieve fruitbomen met open, goed belichte kroon. - Florarijk grasland met hoge nectarproductie en lage voedselrijkdom. - Traditioneel boomgaardkarakter behouden. Beheermaatregelen fruitbomen - Jaarlijkse snoei (jan-mrt): vorm- en onderhoudssnoei. - Sanitaire snoei bij aantasting (jaarrond). - Water geven lx per week bij droogte (eerste 3 jaar). - Verwijderen waterloten in juni. Beheermaatregelen kruidenrijk grasland - 2 maaibeurten per jaar: juni-juli en sept-okt. - Maaisel afvoeren om te verschralen. - Geen bemesting. - Cyclisch beheer lx/6 jaar: herinzaai/verbetering kruidenmengsel.

3. Kruidenrijk grasland (0,8206 ha) Hoogwaardig kruidmengsel Beheerdoelen - Bloemrijke, structuurrijke vegetatie voor insecten en weidevogels. - Lage voedselrijkdom en open vegetatiestructuur.

Pagina 4 van 6

Beheermaatregelen - Hoofdzakelijk laten verruigen - Indien noodzakelijk lx per jaar maaien (juli + september) en maaisel afvoeren. - Randen W-20% laten overstaan als winter- en insectenbiotoop. - Cyclisch beheer lx/6 jaar: herinzaai/doorzaai. - Geen bemesting of grondbewerking behalve bij herstel.

4. Dennen-, eiken- en beukenbos Het dennen-, eiken- en beukenbos wordt aangeplant aansluitend op de meanderende waterloop 'Gender' en vormt een belangrijk landschapselement dat bijdraagt aan biodiversiteit, landschappelijke kwaliteit en ecologische verbindingen in het gebied. Dit bostype sluit aan bij de droge tot matig droge zandgronden en combineert loof- en naaldboomsoorten die kenmerkend zijn voor veel Nederlandse zandlandschappen. Het beheer richt zich op de ontwikkeling van een structuurrijk, gemengd bos waarin dennen, eiken en beuken de hoofdstructuur vormen. Door menging van soorten en een gevarieerde bosstructuur ontstaat een robuust en klimaatbestendig ecosysteem met een hoge ecologische waarde. Beheerdoelen - Ontwikkeling van een gemengd bos met grove den, eik en beuk als dominante soorten; - Opbouw van meerdere structuur- en leeftijdslagen (kruidlaag, struiklaag en boomlaag); - Versterking van biodiversiteit door soortenmengingen, variatie in licht en behoud van dood hout; - Creëren van een klimaat robuust bos dat bestand is tegen droogte, storm en ziekten; - Ontwikkeling van een halfopen bosstructuur die past bij droge zandgronden.

Jaarlijks beheer 1. Controle en aanvulplant (voorjaar) - Jaarlijkse controle op uitval door droogte, vraat, ziekten of stormschade. - Aanvulplant met streekeigen soorten passend bij het bostype. - Controle op wildschade; indien nodig bescherming met boombeschermers of tijdelijke rastering. 2. Beheersen van concurrentie (eerste 5 jaar cruciaal) - Vrijstellen van jonge aanplant door maaien of klepelen van concurrerende ruigte (1-2x per jaar). - Voorkomen van dominantie door braam of snelgroeiende pionier soorten. Bodemverstoring beperken; alleen kleinschalig ingrijpen waar nodig. 3. Monitoring vitaliteit en bosontwikkeling - Jaarlijkse beoordeling van vitaliteit en groei van bomen. - Observeren van natuurlijke verjonging van eik, beuk en den. - Stimuleren van een gevarieerde bosstructuur met verschillende leeftijden. 4. Exotenbeheer - Verwijderen van ongewenste exoten zoals (maximaal 20% van areaal toegestaan): o Amerikaanse vogelkers o Amerikaanse eik o Robinia - Voorkomen van verspreiding door tijdige verwijdering van jonge opslag.

Pagina 5 van 6

Cyclisch beheer (1x per 6 jaar) 1. Dunning en structuurontwikkeling - Selectieve dunning om ruimte te creëren voor vitale bomen. Bevorderen van variatie in diameter en leeftijd. - Creëren van kleine lichtplekken voor natuurlijke verjonging van eik, den en berk. - Geen kaalkap; toepassing van individuele boomselectie of kleine groependunning. 2. Ontwikkeling van biodiversiteit Behoud van enkele oude, aftakelende of dode bomen (rekening houdend met veiligheid). - Stimuleren van natuurlijke verjonging van eik, beuk en grove den. - Ontwikkeling van mantel-zoomvegetaties langs bosranden. - Variatie in licht en schaduw bevorderen voor ontwikkeling van kruidlaag. Langetermijnbeheer (15-30 jaar) - Ontwikkeling naar een ongelijkjarig, structuurrijk bos met verschillende leeftijdsklassen. - Gefaseerde houtoogst waar dit past binnen natuurdoelen. Behoud van voldoende oude bomen voor biodiversiteit. - Voortdurende evaluatie van soortenkeuze in relatie tot klimaatverandering, met nadruk op droogteresistente soorten. Aanvullende ecologische uitgangspunten - Geen bemesting in boszones. - Geen gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen. Bodemverdichting voorkomen door machinale inzet te beperken. - Werken bij voorkeur onder droge bodemomstandigheden. Een deel van het dode hout laten liggen voor insecten, schimmels en bodemleven.

Bosranden ecologisch beheren met geleidelijke overgangen naar open landschap. 5. Wandelpad over boerenland (180 m) Het boerenwandelpad volgt de natuurlijke structuren van de perceelsrand en loopt parallel aan de houtwal welke wordt aangelegd met respect voor het agrarisch gebruik van de gronden. Beheerdoelen - Veilig, toegankelijk en beleefbaar wandelpad. - Voorkomen van overgroeiing en verslechtering van het pad. Beheermaatregelen - Maaien van padranden 2-3x per jaar. - Verwijderen van opslag en bramen (voorjaar/zomer). - Herstel van verzakkingen en spoorvorming (najaar).

Pagina 6 van 6

VT * í

m

\ìt

Hoogspanningsmast

-ą.

àíAanplant kruidenrijk grasland (8.206m2)

Hoogspanningsy&Tjľñaing

5. Aanplant NI 5.02 Dennen-, Eiken- en Beukenbos'(1.660 m2) Totaal ĩ4.236 m2 natuur

Bestaande houtwal (LI)

Bestaande solitaire landschapsbomen - 14 stuks (LI)

4. Aanplant NI5.02 Dennen-, Eiken-en Beukenbos'(4.370 m2)

6. Aanleg boerenwandelpa Bestaande houtwal (LI) 2. Aanplant hoogstamfruitboomgaard i.c.m. kruidenrijk grasland - 675 m2 (LI) Te realiseren gï twee-onder-ééń-kaŗwvoning (1.000 m3)

Schaal: Datum:

1. Groene zijdelingse inpassing woonkavels met een knip-en scĥeerhaag - totale lengte: 170 m (LI) Planlocatie:

W www.vàndc \ naaladvies.nl

1 : 1.500 (A3) 4 juli 2025 Laatst gewijzigd: 26 september 2025 19 november 2025 20 februari 2026 13 maart 2026 Koppelen 16 Steensel

VAN DOORMAAL ADVIES Bestemming ä Milieu

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Eersel&id=7b7ccda7-5d09-484e-ac49-66601ebb23c2