CConstaterende datEersel
Koppel je AI →
Document · PDF

[R24.108] Raadsvoorstel – Kadernota 2026 Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost

Raadsvergadering 25 februari 2025, gemeente EerselBij agendapunt: Kadernota VRBZO 20262.211 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

*R24.108*

Raadsvoorstel Raad d.d. Commissie d.d. B&W d.d.

25 februari 2025 11 februari 2025 28 januari 2025

Portefeuillehouder Opsteller Zaaknr.

WWO pbak02 Z25000046

Onderwerp Kadernota 2026 Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost. Voorstel De raad voor te stellen: 1. Geen reactie te geven op de Kadernota 2026 van de Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost. Inleiding/aanleiding Om voorafgaand aan het opstellen van een begroting uitgangspunten en kaders vast te leggen, is het gebruikelijk dat het bestuur van Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost een kadernota vaststelt. De hierin opgenomen uitgangspunten moeten hun weerslag krijgen in de begroting 2026 en meerjarenraming 2027–2029. Uw raad wordt te zijner tijd gevraagd om een formele zienswijze in te dienen op de ontwerpbegroting. Vooruitlopend wordt uw raad nu al de voorliggende kadernota 2026 aangeboden. In een maatschappij waarin de (veiligheids)risico’s alsmaar toenemen en complexer worden, groeit het belang van een sterke en daadkrachtige Veiligheidsregio. Dit vinden we terug in een steeds strenger wordende wet- en regelgeving, in brancherichtlijnen en overeenkomsten en in maatschappelijke betrokkenheid. De lat wordt steeds hoger gelegd. De VRBZO slaagt er niet goed in om te voldoen aan deze steeds zwaardere eisen. Daarom heeft het Algemeen Bestuur opdracht gegeven aan de directeur van de VRBZO om via 3 deelopdrachten het beeld te concretiseren en om richting te geven aan de ontwikkeling van VRBZO in de komende jaren.

In deze kadernota is een samenvatting van de uitkomsten met het financiële effect van de 1e deelopdracht opgenomen. Ook wordt het traject voor de andere deelopdrachten richting een nieuw regionaal beleidsplan, met oog voor landelijke beleidsontwikkelingen benoemd. Wettelijk en/of beleidskader Wet gemeenschappelijke regelingen, Wet veiligheidsregio’s. Argumenten 1.1 Bestuurlijke opdracht Deelopdracht 1: het voldoen aan de wet- en regelgeving. → Thema taakuitvoering primair proces, extra capaciteit en middelen De Wet veiligheidsregio’s is duidelijk in wat de taken en verantwoordelijkheden van een veiligheidsregio zijn en waaraan ook de VRBZO moet voldoen. Om de veiligheid en maatschappelijke continuïteit (bijvoorbeeld bij uitval van de elektriciteitsvoorziening) te waarborgen, is het noodzakelijk de formatie van zowel vrijwilligers als beroepsbrandweer te verhogen en te investeren in moderne opleidingsmethoden en informatievoorziening. De huidige taakuitvoering van de VRBZO loopt vast door een gebrek aan capaciteit en middelen, wat leidt tot onverantwoorde situaties. Veranderingen in veiligheidsrisico’s vereisen bovendien een hoger kennisniveau en innovatieve manieren om vakbekwaamheid op peil te houden. Zonder deze verbeteringen kunnen de repressieve taken niet langer verantwoord worden uitgevoerd, met risico’s voor de samenleving als gevolg.

R24.108 Pagina 1 van 7

→ Huisvesting en materieel Toekomstbestendige huisvesting en betrouwbaar materieel zijn essentieel voor effectieve hulpverlening. Samenwerking, deskundige inbreng en voldoende middelen zijn nodig om de toenemende eisen, kosten en verduurzamingsopgaven aan te kunnen. Zo moeten de kazernes verduurzaamd worden en worden elektrische voertuigen aangeschaft. → Personele zorg Om risicovol werk veilig en verantwoord te kunnen uitvoeren, moet de VRBZO als werkgever investeren in veilige arbeidsomstandigheden, goede arbeidsvoorwaarden en begeleiding. De huidige tekortkomingen bedreigen niet alleen de gezondheid en veiligheid van medewerkers, maar ondermijnen ook de kwaliteit en betrouwbaarheid van de hulpverlening. Voldoende middelen en deskundig personeel zijn onmisbaar om deze situatie te verbeteren. → Ondersteuning organisatie Een goed functionerende crisisorganisatie vereist betrouwbare ICT-systemen, veilige informatieomgevingen en deskundige ondersteuning. De huidige tekortkomingen in netwerken, applicaties en beveiliging ondermijnen de bedrijfscontinuïteit en voldoen niet aan de wettelijke normen. Extra capaciteit en middelen zijn noodzakelijk om deze risico’s weg te nemen en de hulpverlening betrouwbaar te houden. Deelopdracht 2: het op orde brengen van de basis. Het voldoen aan wet- en regelgeving is niet voldoende voor een goed functionerende veiligheidsregio.

Daarvoor is het noodzakelijk dat in ieder geval de basis goed op orde is. Een voldoende opgeleide en gefaciliteerde brandweerorganisatie moet vanzelfsprekend zijn, veranderingen in veiligheidsrisico’s (denk hierbij aan elektrische voertuigen, hoge woontorens enz.) vragen om andere vormen van opleiden. Inzet van moderne methoden en didactische inzichten zijn nodig om de vakbekwaamheid van de brandweermensen op peil te brengen en houden, aangezien het traditioneel oefenen te beperkt is in mogelijkheden en aanloopt tegen praktische en milieutechnische grenzen. Het gaat in deze in de eerste plaats om de veiligheid van de brandweermensen worden ingezet. Zij moeten voldoende voor hun taak zijn toegerust. Ook huisvesting en duurzaamheid krijgen hier aandacht. Deelopdracht 3 focust op maatschappelijke trends en ontwikkelingen. Deze vragen namelijk om aanpassing van de organisatie. In 2026 wordt een meerjarig regionaal beleidsplan opgesteld, waarin de koers van de organisatie wordt uitgezet voor de komende jaren. In een maatschappij waarin de (veiligheids-)risico’s alsmaar toenemen en complexer worden, groeit het belang van een sterke en daadkrachtige veiligheidsregio. Een veiligheidsregio die kwantitatief op sterkte, kwalitatief van een goed professioneel niveau en snel wendbaar is om op allerlei denkbare scenario’s in te spelen.

In de afgelopen jaren hebben we gezien dat de veiligheidsregio’s worden ingezet bij andersoortige crises: de coronacrisis, coördinatie van de opvang van Oekraïense ontheemden, enz. Daarom ook wordt in het ontwerp Regionaal Risicoprofiel 2025 – 2028 VRBZO ingezoomd op focusgebieden die aansluiten bij nationale en internationale trends en ontwikkelingen: klimaatverandering, cyberveiligheid, geopolitieke spanningen, sociaal-maatschappelijke ontwikkelingen en complexe langdurige crises. Onlangs heeft het Kabinet bevestigd dat de geopolitieke ontwikkelingen het noodzakelijk maken dat de weerbaarheid van onze maatschappij wordt verhoogd.

R24.108 Pagina 2 van 7

1.2

Naast de bestuurlijke opdracht zijn er nog beleidsontwikkelingen die gedeeltelijk terug te vinden zijn in de bestuursopdracht, maar die verder gaan dan de reikwijdte hiervan en die financieel effect hebben. →

Efficiencykorting brede doeluitkering rampenbestrijding (BDuR) Het kabinet is voornemens het aantal SPUK’s te verminderen en over te hevelen naar het gemeentefonds. Daarnaast past het ministerie tevens een efficiencykorting van 10% toe op de uitkering. Indien er bij het opstellen van de begroting 2026 nog geen duidelijkheid is over het schrappen van de korting, dan wordt in de begroting een voorstel opgenomen over hoe deze lagere inkomsten worden opvangen. Het betreft een bedrag van € 1,1 miljoen vanaf 2026.

→

Landelijke strategische agenda brandweerzorg en crisisbeheersing. De brandweer staat de komende jaren voor grote opgaven. Daarbij is expliciete aandacht vereist voor goed werkgeverschap, boeien en binden van personeel en inspelen op de medewerker van de toekomst.

→

Versterking crisisbeheersing. Het Ministerie van Justitie en Veiligheid werkt aan de contourennota Versterking crisisbeheersing en brandweerzorg. In de contourennota staan acties om vernieuwing en verandering tot stand te brengen op de verschillende aandachtsgebieden binnen crisisbeheersing en brandweerzorg. Voor het uitvoeren van de landelijke agenda crisisbeheersing zijn de extra BDuR middelen beschikbaar.

→

Versterking brandweerzorg. in de door het Kabinet eind 2022 opgestelde contourennota “Versterking crisisbeheersing en brandweerzorg” staan acties om de verschillende aandachtsgebieden binnen crisisbeheersing en brandweerzorg te vernieuwen en veranderen. De brandweerzorg moet veranderen omdat de maatschappij voortdurend met nieuwe risico’s wordt geconfronteerd en moet over voldoende capaciteit en slagkracht beschikken om naast de lokale en regionale basisbrandweerzorg het hoofd te kunnen bieden aan grootschalige en nieuwe incidenttypen. Hieraan is ook een structurele financiële component verbonden die in bestuursopdracht 2 en 3 verder wordt uitgewerkt op basis van de koers en ambitie van het bestuur.

→

Duurzame inzetbaarheid. Hiervoor is extra aandacht nodig voor goed werkgeverschap, boeien en binden van personeel en inspelen op de medewerker van de toekomst. De minimaal vereiste maatregelen die gerelateerd zijn aan (arbo)wetgeving werden al meegenomen in deelopdracht 1. De overige worden meegenomen in bestuurlijke deelopdracht 2 en 3. Er is verder veel verloop van vrijwilligers. Er moeten sneller vrijwilligers worden gezocht om paraat te blijven. Hiermee zijn hogere kosten gemoeid dan voorheen. De Wet normalisering rechtpositie ambtenaren (WNRA) is uitgesteld voor R24.108 Pagina 3 van 7

medewerkers van veiligheidsregio’s. De ontwikkelingen rondom de uiteindelijke invoering van de WNRA voor vrijwilligers zijn nog onzeker en kunnen nog niet worden genoemd in de begroting van 2026. Als hulpverleningsorganisatie komt de brandweer bij incidenten die heftig kunnen zijn en bij de mensen van de brandweer kunnen leiden tot een Post traumatische stressstoornis (PTSS). Naast de zorg voor deze mensen is het van belang dat zaken ook in juridische en financiële zin goed zijn geregeld. Daarom heeft de VRBZO een werkgroep opgestart die aan de slag gaat met het maken van regionaal beleid. Medewerkers die vanaf 2006 in dienst kwamen bij de beroepsbrandweer, werken in principe maximaal 20 jaar in een repressieve functie. Daarna moeten deze mensen worden begeleid naar een 2e loopbaan. De VRBZO verwacht hiervoor extra kosten te moeten maken, maar heeft nog geen uitgebreide ervaringscijfers om die te onderbouwen. →

Ontwikkelingen bedrijfsvoering. Reguliere bedrijfsvoeringsprocessen moeten op orde zijn om op een gestructureerde manier met bovengenoemde ontwikkelingen aan de slag te kunnen gaan. Zo moet er nog een slag worden gemaakt op het gebied van arbeidsveiligheid. Voor een deel (het belangrijkste) wordt dit meegenomen in bestuursopdracht 1. Procedures voor onderhouds- en keuringsprotocollen moeten bijvoorbeeld nog verder worden uitgewerkt. De komende jaren komen er nog significante verzwaringen rondom informatiebeveiliging op de VRBZO af, wat een sterke stijging van de structurele kosten met zich meebrengt. In de bestuurlijke deelopdracht 1 heeft de VRBZO al inzichtelijk gemaakt wat nodig is om op het gebied van informatiebeveiliging te kunnen voldoen aan wet- en regelgeving. Verder is de ICT infrastructuur sterk verouderd, waardoor de continuïteit van de bedrijfsvoering in gevaar komt. De grootste prioriteiten op dit gebied zijn meegenomen in bestuurlijke deelopdracht 1. Ook moeten overheidsinstanties in 2030 op diverse vlakken voldoen aan duurzaamheidseisen. Het gaat hierbij om klimaatneutrale huisvesting, mobiliteit en bedrijfsvoering, duurzaam inkoopbeleid en duurzame inzetbaarheid van medewerkers. Op deze deelgebieden moet worden geïnvesteerd om op het minimale niveau te komen. De kazernes in de regio worden door de VRBZO gehuurd van de gemeenten.

De komende jaren lopen de meeste contracten af en moeten ze opnieuw worden afgesloten. Daarbij moeten de kazernes aan meer (nieuwe, aanvullende) eisen gaan voldoen. De eerste inzichten voor 2027 en daarna laten een structureel financieel tekort zien. Momenteel is er ook geen structureel budget beschikbaar voor projecten. Hiervoor worden meevallers ingezet. Daardoor is het steeds onzeker of een project door kan gaan.

R24.108 Pagina 4 van 7

→

Overige ontwikkelingen en risico’s. De Brainportregio maakt een grote ontwikkeling door. De VRBZO zal mee moeten groeien met deze ontwikkeling. De algemene reserve is tevens gebruikt als weerstandsvermogen voor risico’s. Door onttrekkingen in 2026 loopt deze echter leeg en kunnen er geen incidentele tegenvallers meer worden opgevangen.

1.3

Voorgesteld wordt om de gemeentelijke bijdrage voor 2026 aan te passen aan de verwachte inflatie en daarom te indexeren met 3,95% (gewogen indexpercentage). Ook de rijksuitkering en de overige inkomsten worden geïndexeerd. Ook de lasten worden geïndexeerd. Voor de loonkosten is nog niet duidelijk hoe deze zich gaan ontwikkelen. Voor de overige kosten wordt een budget gereserveerd in de begroting, waarmee indexering kan worden toegepast als dat nodig is.

Alternatieven n.v.t. Risico’s n.v.t. Financieel De verwachte financiële effecten zoals aangekondigd in de Kadernota 2026 vormen de basis voor de voorjaarsnota 2026-2029 van de gemeente Eersel. De reguliere indexering 2026 voor de gemeentelijke bijdrage bedraagt 3,95%. Dit is conform de cijfers zoals opgenomen in de Macro Economische Verkenning 2025 van het Centraal Planbureau. De gemeentelijke bijdrage is in basis gelijk aan 2025. Over het structurele deel van de gemeentelijke bijdrage word de indexering van 3,95% toegepast. Voor de gemeente Eersel betekent dit dat de totale gemeentelijke bijdrage voor 2026 uitkomt op € 1.484.105,-. Deels wordt deze stijging meegenomen in de structurele bijstelling als gevolg van de eerste begrotingswijziging van de VRBZO. In onderstaand schema worden extra gevraagde middelen weergegeven: 2026 2027 2028 Bijdrage VRBZO volgens 1.429.842 1.484.105 1.548.812 deze kadernota (prijspeil 2026) Bestuurlijke opdracht 54.262 64.707 33.882 Totale gemeentelijk bijdrage 1.484.105 1.548.812 1.582.694 Geraamde bijdrage conform 1.303.801 1.303.801 1.303.801 primitieve begroting 2025 gemeente Eersel Structurele bijstelling via 125.971 125.971 125.971 afzonderlijk raadsvoorstel en 1e begrotingswijziging 2025 VRBZO Extra benodigd budget 54.333 119.040 152.922 Waarvan m.b.t indexering 54.262 64.707 33.882 Waarvan extra benodigd budget 71 54.333 119.040

2029 1.582.694

1.582.694 1.303.801

125.971

152.922 152.922 R24.108 Pagina 5 van 7

Met betrekking tot indexering naar het prijspeil 2026 ad. € 54.262,- verwachten we dat deze gecompenseerd gaat worden uit de meicirculaire 2025. Het extra benodigd budget wordt meegenomen in de voorjaarsnota 2026-2029. Communicatie/Participatie n.v.t. Planning n.v.t. Bijlagen - Kadernota 2025 (Corsanummer 24.29488)

Eersel, 28 januari 2025 Burgemeester en wethouders van Eersel secretaris {{esl:Signer1:signature:size(200,50)}}

burgemeester {{esl:Signer2:signature:size(200,50)}}

ing. H.M.L. Offermans

drs. W.A.C.M. Wouters

R24.108 Pagina 6 van 7

Raadsbesluit R24.108 Onderwerp: Kadernota 2026 Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost

De raad van de gemeente Eersel; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 28 januari 2025; gehoord de beraadslaging in de commissievergadering van 11 februari 2025;

besluit:

Geen reactie te geven op de Kadernota 2026 van de Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost .

Aldus besloten in de openbare vergadering van 25 februari 2025 De raad van de gemeente Eersel de griffier, {{esl:Signer3:signature:size(200,50)}}

de voorzitter, {{esl:Signer4:signature:size(200,50)}}

J.W.G. van Bree

drs. W.A.C.M. Wouters

R24.108 Pagina 7 van 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Eersel&id=e3349e6f-5ded-4759-9216-6923450516e1