[R21.007] - Raadsvoorstel verordening leerlingenvervoer gemeente Eersel 2021
Tekst van het document
*R21.007*
Raadsvoorstel Raad d.d. Commissie d.d. B&W d.d.
1 juni 2021 18 mei 2021 23 maart 2021
Portefeuillehouder Opsteller Zaaknr.
EBE
jhor01
Onderwerp Verordening bekostiging leerlingenvervoer gemeente Eersel 2021 Voorstel De Verordening bekostiging leerlingenvervoer gemeente Eersel 2021 vast te stellen. Inleiding/aanleiding De gemeenteraad heeft de wettelijke plicht een regeling vast te stellen voor de bekostiging van het leerlingenvervoer. De huidige verordening stamt uit 2014. Er zijn sinds 2015 veel ontwikkelingen in het sociaal domein en specifiek in het passend onderwijs geweest, waardoor er behoefte bleek aan een herziening van de verordening. Op 1 augustus 2014 werd de Wet passend onderwijs van kracht. Doel van deze wet is dat alle leerlingen, dus ook leerlingen die extra ondersteuning in de klas nodig hebben, een passende onderwijsplek zo dicht mogelijk bij huis krijgen. Sindsdien hebben schoolbesturen een zorgplicht. Dit betekent dat zij vanaf 1 augustus 2014 iedere leerling, die extra ondersteuning nodig heeft, een passende onderwijsplek moeten bieden. Samenwerkende besturen en scholen (samenwerkingsverband) organiseren deze ondersteuning binnen het regulier of speciaal onderwijs.
Bij het opstellen van de nieuwe Model Verordening door de VNG zijn de aanbevelingen voor het leerlingenvervoer uit een tweetal rapporten over de werking van het passend onderwijs meegenomen: het rapport ‘Met andere ogen’ van René Peeters (2018) en het rapport ‘Als de weg naar passend onderwijs niet passend is’ van de Kinderombudsman (2019). De Verordening bekostiging leerlingenvervoer geeft uitvoering aan de taakstelling van de gemeentebesturen. Naast voorschriften voor de wijze waarop ouders de aanvraag om een vervoerskostenvergoeding kunnen indienen, bevat deze verordening criteria aan de hand waarvan ouders aanspraak kunnen maken op een vervoersvoorziening. Uitgangspunt daarbij is dat de verantwoordelijkheid voor het schoolbezoek van de leerling bij de ouders blijft. Ondanks het feit dat er veel veranderingen zijn ten opzichte van de eerdere verordening, is de basisgedachte gebleven dat de verordening de bedoeling heeft ouders en verzorgers financieel te ondersteunen in de kosten die zij moeten maken wanneer hun kind gebruik moet maken van een vorm van leerlingenvervoer. De nieuwe citeertitel van verordening is ‘Verordening bekostiging leerlingenvervoer’. Dit past bij de basisgedachte, dat het bij het leerlingenvervoer in beginsel om een bekostiging gaat.
De huidige citeertitel ‘Verordening leerlingenvervoer’ zou ten onrechte kunnen doen vermoeden, dat de verordening het vervoer van leerlingen regelt. Wettelijk en/of beleidskader In artikel 4, eerste lid, van de Wet op het primair onderwijs (hierna: WPO), artikel 4, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs (hierna: WVO) en artikel 4, eerste lid, van de Wet op de expertisecentra (hierna: WEC) is de wettelijke plicht van de gemeente met betrekking tot de bekostiging van het vervoerskosten geregeld. Het gaat hierbij zowel om scholen voor basisonderwijs, speciaal basisonderwijs, (voortgezet) speciaal onderwijs en regulier voortgezet onderwijs die zijn aangesloten bij samenwerkingsverbanden primair of voortgezet onderwijs, als om instellingen voor cluster 1 en cluster 2. R21.007 1
Argumenten 1.1. de nieuwe verordening komt tegemoet aan de wijzigingen die zich hebben voortgedaan sinds de invoering van het Passend Onderwijs De volgende bepalingen zijn nieuw:
Artikel 2. Doelstelling: Deze verordening heeft tot doel een gehele of gedeeltelijke bekostiging toe te kennen aan de ouders voor het goedkoopst passend vervoer van de leerling van de woning, dan wel de opstapplaats, naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school voor de leerling en terug. Artikel 4. Gesprek over zelfstandigheid en zelfredzaamheid bij de aanvraag: Gemeenten stimuleren op alle mogelijke wijzen de zelfstandigheid en zelfredzaamheid van de leerling. Een vervoersontwikkelingsplan helpt om samen met de ouders en de leerling naar de toekomst te kijken.
Artikel 5. OOGO met het samenwerkingsverband: Door aan het OOGO expliciet aandacht te besteden in de verordening wordt bevorderd dat het samenwerkingsverband en de gemeente elkaar meer spreken en afspraken maken over het leerlingenvervoer.
Artikel 7. Herziening, opschorting, intrekking of terugvordering van de vervoersvoorziening: Als gevolg van bijvoorbeeld wijzigingen of ernstig wangedrag door de leerling kan een besluit als bedoeld in de verordening worden herzien, opgeschort of ingetrokken.
Artikel 8. Vervoersvoorziening naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school: De uitspraak van 21 oktober 2020 van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State over de eerbiediging van de op godsdienst of levensbeschouwing berustende schoolkeuze (de schriftelijke verklaring van overwegende bezwaren) heeft geleid tot een nieuw tweede lid.
Artikel 9. Afstandsgrens: De verschillende afstandsgrenzen zijn samengebracht in één artikel.
Artikel 13. Schooltijden en wachttijden: De gemeente kan leerlingen die op dezelfde school verschillende tijden hebben tegemoet komen.
Artikel 14. Tijdelijk verblijf buiten de gemeente: Het college kan een tijdelijke vervoersvoorziening toekennen aan de ouders van een leerling, die als gevolg van een crisissituatie tijdelijk buiten de gemeente verblijft, mits is voldaan aan een aantal voorwaarden.
Artikel 15. Vervoersvoorziening naar stageadres: In dit artikel wordt beschreven hoe wordt omgegaan met een aanvraag om een vervoersvoorziening naar het stageadres.
Artikel 21. Bekostiging andere passende vervoersvoorziening: De gemeente wordt meer mogelijkheid geboden om bij de verstrekking van vervoersvergoeding individueel maatwerk te leveren. Artikel 23. Eigen bijdrage in de vorm in de vorm van een draagkracht afhankelijke bijdrage: Als ouders voor hun kind(eren) vrijwillig kiezen voor een basisschool (geen speciaal onderwijs) die op meer dan 20 kilometer van de woonplaats is gelegen, wordt de vastgestelde bekostiging verminderd met een van de financiële draagkracht van de ouders afhankelijk bedrag.
1.2. De verordening spreekt de burger nadrukkelijker aan op zijn of haar eigen kracht Het zelf laten reizen van de leerling al dan niet met ondersteuning van de ouder(s) is altijd al het uitgangspunt geweest van de verordening. De laatste jaren echter krijgt dit meer aandacht dan ooit. Om die reden is daar nu ook een bepaling over opgenomen. Een belangrijk element daarin is het gesprek met ouders over wat de leerling in het vervoer kan of kan leren en welke hulp de gemeente hierin kan bieden. Dit komt in artikel 4 aan de orde.
R21.007 2
1.3. De Model Verordening bekostiging leerlingenvervoer is duidelijker ten opzichte van de oude verordening. Zo staat duidelijker omschreven dat eerst het recht op een vergoeding moet worden vastgesteld (beoordelingsfase), waarna onderzocht wordt welke vergoeding wordt verstrekt (onderzoeksfase). 1.4. De nieuwe verordening zorgt voor meer uniformiteit in de Kempen Het opstellen van de nieuwe verordening heeft in gezamenlijkheid met de gemeenten Oirschot, Bergeijk, Reusel-de Mierden en Bladel plaatsgevonden. Dit bevordert de uniformiteit, ook als gemeenschappelijke aanbestedingen aan de orde zijn.
Alternatieven Het handhaven van de huidige verordening. Risico’s 1.1 Het invoeren van wachttijden kan ertoe leiden dat sommige kinderen niet direct aansluitend aan de schooltijd vervoerd worden. In tegenstelling tot reguliere scholen voor voortgezet onderwijs kennen de scholen voor speciaal onderwijs van oudsher vaste begin- en eindtijden voor alle kinderen. Dit draagt bij aan efficiënt groepsvervoer. Alleen voor kleuters gelden soms kortere lesdagen. We zien echter een ontwikkeling dat scholen voor speciaal voortgezet onderwijs verschillende lestijden willen hanteren per klas (net als bij regulier voortgezet onderwijs). De modelverordening van de VNG biedt hier geen ruimte voor. In de praktijk zou dit betekenen dat kinderen individueel of in hele kleine groepjes op verschillende tijden vervoerd moeten worden, wat zou leiden tot een grote stijging van de vervoerskosten. Om te voorkomen dat scholen gaan werken met verschillende begin- en eindtijden per klas is er wachttijd opgenomen in de nieuwe verordening. Als een school toch verschillende begin- en eindtijden hanteert, kan er voor het kind een wachttijd gelden van maximum drie klokuren. Een optie is dan dat school deze tijd nuttig invult of de ouders de betreffende kinderen zelf brengen en halen.
Kinderen die vanwege een structurele beperking die niet behandelbaar is niet op de vaste schooltijden kunnen deelnemen, kunnen wel op afwijkende tijden vervoerd worden. Dat gaat altijd in overleg met school en ouders waarbij wordt bekeken wat de eigen mogelijkheden van ouders zijn en waar inzet vanuit de gemeente nodig is. Financieel Wijzigingen ten opzichte van de huidige verordening hebben geen financiële consequenties. Communicatie/Participatie De verordening is afgestemd met de gemeenten Reusel-de Mierden, Bladel, Bergeijk en Oirschot. De bekendmaking van de verordening vindt plaats op overheid.nl en wordt bekend gemaakt in het Gemeenteblad. Ouders en scholen worden geïnformeerd over de mogelijke wijzigingen. Planning Na vaststelling kan de verordening van toepassing worden verklaard voor alle aanvragen voor het schooljaar 2021/2022. Bijlagen 1. Verordening bekostiging leerlingenvervoer gemeente Eersel 2021 (21.04420) 2. Toelichting op de Verordening bekostiging leerlingenvervoer gemeente Eersel 2021 (21.03551).
R21.007 3
Eersel, 23 maart 2021 Burgemeester en wethouders van Eersel secretaris
burgemeester
de heer ing. H.M.L. Offermans
de heer drs. W.A.C.M. Wouters
R21.007 4
Raadsbesluit R21.007 Onderwerp: Verordening bekostiging leerlingenvervoer gemeente Eersel 2021
De raad van de gemeente Eersel; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 23 maart 2021; gehoord de beraadslaging in de commissievergadering van 18 mei 2021; gelet op artikel 4 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 4 van de Wet op de expertisecentra en artikel 4 van de Wet op het voortgezet onderwijs;
besluit: de “Verordening bekostiging leerlingenvervoer gemeente Eersel 2021” vast te stellen. Aldus besloten in de openbare vergadering van 1 juni 2021 De raad van de gemeente Eersel de griffier,
de voorzitter,
J.W.G. van Bree
drs. W.A.C.M. Wouters
R21.007 5