Bijlage 8 - [26.09879] zienswijze 5 GEANONIMISEERD
Tekst van het document
Provincie Noord-Brabant Brabantlaan 1 Postbus 90151 5200 MC 's-Hertogenbosch Telefoon (073) 681 28 12
Gemeente Eersel Postbus 1 2 5520 AA EERSEL
Fax (073) 680 76 80 www.brabant.nl IBAN NL86INGB0674560043
Bereikbaarheid openbaar vervoer en fiets: www.brabant.nl/route
Geachte raad, Het ontwerpbesluit wijziging omgevingsplan "TAM-omgevingsplan Hoofstuk 22n woongebied Duizel Noord fase III, Duizel" (hierna: het plan) ligt tot en met 30 januari 2026 ter inzage. Op grond van artikel 3:15 Algemene wet bestuursrecht, dienen wij hierbij zienswijzen in tegen dit plan.
Datum
1 2 januari 2026 Ons kenmerk
C2367819/6250992 Planbeschriļving
Het plan voorziet in de ontwikkeling van een nieuw woongebied met ca. 100 woningen ten noorden van het dorp Duizel, nabij de Sint Jansstraat. Aan de oostzijde wordt het plangebied begrensd door de uitbreidingslocaties DuizelNoord en Duizel-Noord fase 2. Beiden fasen zijn ontwikkeld en reeds in gebruik genomen.
Uw kenmerk
Contactpersoon
Telefoon
(06) 52 79 41 01 Email
Vooroverleg
Over het concept-plan heeft eerder via ambtelijke weg overleg plaatsgevonden. De voor ons bekende uitkomsten van dat overleg hebben wij bij onze overwegingen ten aanzien van deze zienswijze betrokken. Provinciaal beleidskader
Het provinciaal ruimtelijk beleid is vastgelegd in de Brabantse Omgevingsvisie en de Omgevingsverordening Noord-Brabant (hierna:OV). Op 1 1 maart 2022 hebben Provinciale Staten de Omgevingsverordening Noord-Brabant vastgesteld die gelijktijdig met de Omgevingswet inwerking is getreden. Daarna hebben nog enkele wijzigingen plaatsgevonden die zijn opgenomen in de Algemene toelichting onder 1 3 (overzicht wijzigingsbesluiten omgevingsverordening noordbrabant) van de OV. De omgevingsvisie en de OV zijn te raadplegen via https://www.brabant.nl/omgevingsverordeningnoordbrabant. Inhoudelijk standpunt
Naar onze mening past de ontwikkeling van de uitbreidingswijk an sich binnen ons beleid. Wel zijn wij van mening dat het plan zich op een aantal onderdelen nog onvoldoende verhoudt met de in de OV opgenomen en in instructieregels vertaalde provinciale belangen. Hieronder geven wij aan welke onderdelen van het plan dit betreft en waar eventueel aanpassing en/of een nadere onderbouwing nodig is.
Bijlage(n)
Provincie Noord-Brabant
Datum
1 2 januari 2026
Kwaliteitsverbetering van het landschap Op grond van ons beleid moet elke ontwikkeling in het landelijk gebied gepaard gaan met kwaliteitsverbetering van het landschap. Wij zien dat voorliggend plan een berekening van de investering in kwaliteitsverbetering en een landschappelijk inpassingsplan bevat. In het plan ontbreekt echter een berekening waaruit blijkt welke minimale investering in kwaliteitsverbetering van
Ons kenmerk
C2367819/6250992
het landschap op basis van ons beleid zoals bepaald in artikel 5.1 1 OV gedaan moet worden. Ook is voor ons onduidelijk hoe tot de gekozen landschappelijke inrichting is gekomen en in hoeverre deze dan, gezien de aanwezige waarden en kenmerken van het landschap, een kwaliteitsverbetering van het landschap betreft. Bovendien is in de berekening uitgegaan van afwijkende bedragen dan de STILA norm. Het valt ons daarbij op dat een fors hoger bedrag gerekend wordt voor de bomen en is bovendien met aparte aanlegkosten gerekend terwijl deze al in het bedrag van de bomen verwerkt zit. Daarnaast valt ons op dat een groot deel van de landschappelijke inpassing buiten het plangebied valt en daarmee geen planologische verankering heeft gekregen. Daarmee is de uitvoering en instandhouding onvoldoende juridisch geborgd. De gronden waar de landschappelijke inpassing wel onderdeel van het plangebied zijn hebben het werkingsgebied 'Groen' gekregen. Binnen dit werkingsgebied zijn op basis van de planregeling functies mogelijk die in strijd zijn met het landschappelijke inpassingsplan zoals inritten, parkeervoorzieningen, ontsluitingswegen, etc. Gezien het voorgaande is de totstandkoming van het landschappelijke inpassingsplan en de uitvoering en instandhouding daarvan onvoldoende onderbouwd en geborgd en is het plan op dit onderdeel in strijd met artikel 5.1 1 OV.
Wij verzoeken u het plan op deze punten nader te onderbouwen en aan te passen. Advies
Wij verzoeken u om het plan, onder andere op het hiervoor genoemde onderdeel of de genoemde onderdelen, in overeenstemming te brengen met de instructieregels van de OV die daarop van toepassing zijn.
2/3
Provincie Noord-Brabant
Datum
1 2 januari 2026
Mocht onze reactie aanleiding geven tot vragen of opmerkingen dan zijn wij
Ons kenmerk
graag bereid tot nader overleg.
C2367819/6250992
Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant, namens deze,
In verband met geautomatiseerd verwerken is dit document digitaal ondertekend.
3/3