CConstaterende datEersel
Koppel je AI →
Document · PDF

[25.01567] Kadernota 2026 KempenPlus

Commissievergadering 25 maart 2025, gemeente EerselBij agendapunt: Kadernota 2026 KempenPlus7.701 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorwoord

Deze kadernota betreft 2026, met de vooruitblik in de meerjarenraming 2027 - 2029. Dat is een periode waarin gemeenten - ook in de Kempen - voor grote financiële uitdagingen staan. Natuurlijk begrijpen we de situatie waarin de gemeenten - onze eigenaren en opdrachtgevers - zich bevinden. Daarom hebben we de uitdaging om de gemeentelijke bijdragen met 1,5 miljoen te verlagen met beide handen aangepakt. Dit past ook helemaal in onze lijn om continu te streven naar efficiency en kostenbesparingen waar ik samen met mijn team elke dag mee bezig ben. Bij de plannen die we maken voor de komende jaren staat voorop dat KempenPlus er wil zijn voor de inwoners die van onze dienstverlening afhankelijk zijn. Los van de belangrijke financiële uitdagingen zie ik heel veel goed gaan bij KempenPlus: veel inzet op LKS en geen wachtlijsten bij Beschut werk, bij beide scoren we ver boven de landelijke gemiddelden. Aan de productiekant groeien onze top 5-klanten, en wij groeien mee. En ook de landelijke Divosa-benchmark spreekt boekdelen: we leveren een excellente dienstverlening met veel uitstroom naar werk. Om maar wat voorbeelden te noemen. Ook zie ik dat we steeds meer de samenwerking in de regio weten te vinden. Met werkgevers en opleidingen, maar zeker ook met onze actieve deelname in het Huis naar Werk en ons lidmaatschap van Brainport voor Elkaar.

KempenPlus wordt gezien als de regionale partij om samen maatschappelijke uitdagingen als welzijn, inclusie en kansengelijkheid mee aan te pakken. Alle positieve ontwikkelingen maken me blij, want in alles wat we doen, stellen we de inwoners die ons nodig hebben centraal. De euro's zijn belangrijk, maar ook de impact die we kunnen maken op het brede sociaal domein is belangrijk. Werk is nog steeds het beste medicijn tegen eenzaamheid, passiviteit en armoede. Werk werkt mentaal en financieel versterkend en mensen met werk voelen zich vaker gezonder, actiever en zelfverzekerder. Dat is goed voor henzelf en voor de Kempen. Ik kijk uit naar de adviezen van Berenschot om onze opdracht in de toekomst nog beter uit te voeren. Bladel, 28 november 2024 François Baudoin Directeur KempenPlus

Voor meer informatie mail je naar communicatie@kempenplus.com Correspondentieadres: KempenPlus Raambrug 8 5531 AG Bladel Kamer van Koophandel KvK 17267762

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 2

Inhoud 1

2

3

4

5

Algemeen perspectief......................................................................................................................................... 4

11

Inleiding.....................................................................................................................................................4

1.2

Ontwikkelingen......................................................................................................................................... 5

13

Maatregelen naar aanleiding van zienswijzen raden................................................................................ 6

1.4

Ontwikkeling in doelgroepen.................................................................................................................... 7

1.5

Financieel perspectief op hoofdlijnen..................................................................................................... 8

Deelprogramma Werk ft Participatie................................................................................................................. 9

2.1

Inleiding.....................................................................................................................................................9

2.2

Interne ontwikkelingen........................................................................................................................... 10

2.3

Dienstverlening........................................................................................................................................ 10

2.4

Financieel perspectief............................................................................................................................. 11

Deelprogramma Werken....................................................................................................................................12

31

Inleiding....................................................................................................................................................12

32

De infrastructuur: In stroom, doorstroom en uitstroom........................................................................ 12

33

Hoofdactiviteiten in deinfrastructuur.................................................................................................... 14

3.4

Financieel perspectief op hoofdlijnen.................................................................................................... 15

Deelprogramma Ondersteuning........................................................................................................................ 16

4.1

Inleiding ................................................................................................................................................... 16

4.2

Externe ontwikkelingen ..........................................................................................................................16

4.3

Interne ontwikkelingen ...........................................................................................................................16

4.4

Financieel perspectief op hoofdlijnen ................................................................................................... 16

Uitgangspunten voor de begroting2026..........................................................................................................17

51

Inleiding.................................................................................................................................................... 17

5.2

Begrotingswijziging2025....................................................................................................................... 17

5.3

Financiëieuitgangspunten...................................................................................................................... 18

5.4

Kostenverdeling perdeeiprogramma..................................................................................................... 19

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 3

1

Algemeen perspectief

1.1

Inleiding

De strategische toekomstverkenning die voor KempenPlus in gang is gezet gaat naar verwachting conclusies opleveren in het eerste kwartaal van 2025, afhankelijk van de oplevering van het advies door Berenschot. De opdracht van de samenwerkende gemeenten wordt opnieuw bezien en mogelijk geactualiseerd. Dat geldt ook voor de wijze waarop KempenPlus de dienstverlening organiseert en bij de tijd houdt. Berenschot gaat adviseren op deze punten. In dit perspectief is het vertrekpunt voor de kadernota 2026 vooralsnog "Ongewijzigd beleid". Vooralsnog, omdat dit vertrekpunt dient te worden verstaan met een voorbehoud. Mogelijk gaat het bestuur van KempenPlus in de periode dat de begroting 2026 wordt voorbereid nog nadere keuzen maken op basis van het advies van Berenschot. Daarmee is het uitgangspunt van ongewijzigd beleid een voorlopige aanname. Het begrotingsjaar 2026 met de meerjarenraming 2027 - 2029 is nog ver vooruit; zeker in een domein dat een grote mate van dynamiek kent. De laatste jaren zijn nieuwe doelgroepen ontstaan voor KempenPlus, zoals Tozo, Inburgering en Leefgeldregeling Oekraïners. Er is nieuwe dienstverlening ontstaan waarin de deelnemende gemeenten samen optrekken, in hun gemeenschappelijke regeling KempenPlus. De dynamiek in het werkveld en daarmee de beperkte mate van voorspelbaarheid is een gegeven waar steeds opnieuw op geacteerd wordt.

Plannen maken tot en met 2028 is onvermijdelijk met onzekerheden omgeven. Tegelijkertijd is het juist vanwege de onzekerheid dat gemeenten en hun samenwerkingsverbanden nadrukkelijk stilstaan bij verwachte ontwikkelingen. Weloverwogen anticiperen is alleen mogelijk door de toekomst in te schatten. Ook de efficiënte en effectieve allocatie van middelen vereist vooruitzien. Veel ontwikkelingen zijn autonoom, oftewel deze voltrekken zich buiten de invloedssfeer van KempenPlus. Daarnaast zijn er ontwikkelingen die KempenPlus initieert om ook voor de komende jaren berekend te zijn op de uitvoering van onze taken. In de Kadernota 2026 leggen we een fundament voor de begroting 2026 en verder. De ambtelijke voorbereiding vergt uitgangspunten vooraf, die door het bestuur zijn vastgesteld, om inhoudelijk en financieel de plannen voor het begrotingsjaar en de drie jaren die daarop volgen uit te werken Opzet kadernota

Hoofdstuk 1 is algemeen van opzet en beschrijft globaal de zaken die relevant zijn voor het opstellen van de kadernota. De hoofdstukken 2, 3, en 4 zijn specifiek voor de afdelingen van KempenPlus. Daarin komen de plannen per afdeling aan bod. Hoofdstuk 5 bevat de financiële uitgangspunten voor de begroting van 2026 en verder. Proces

Op de kadernota is geen zienswijze van raden vereist.1 Op de begroting is het een wettelijke verplichting om zienswijzen van raden te vragen. De termijn daarvoor is 12 weken. In het proces van de begroting 2026 loopt een voorstel tot begrotingswijziging 2025 mee. Sinds het vaststellen van die begroting zijn vele zaken gewijzigd, die aanleiding vormen om een voorstel tot begrotingswijziging vast te stellen. 1 Raden worden geïnformeerd; zo luidt het voorschrift in de wet WGR. In de lopende strategische verkenning van KempenPlus, waarin mogelijk majeure keuzen worden gemaakt door het bestuur is bijzondere aandacht voor de rol van gemeenteraden.

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 4

Het voorgeschreven proces voor een begrotingswijziging komt overeen met het proces van een nieuwe begroting. Om die reden worden 1e begrotingswijziging 2025 en begroting 2026 procesmatig samengevoegd.

1.2

Ontwikkelingen

De GR wordt in 2024 gewijzigd. De inning van de eigen bijdrage Oekraïners wordt onder meer toegevoegd als taak van KempenPlus met ingang van 2025. Vanaf 2025 wordt de uitvoering van deze taak begroot. Inburgering

Vooraf een nauwkeurige schatting maken van het aantal personen dat een beroep doet op Inburgering blijft een moeilijke opgave. De taakstelling die het Rijk opgegeven heeft werd de laatste jaren niet gehaald. Tegelijk is bekend dat de instroom ook snel kan toenemen. Bijvoorbeeld ingeval huisvesting beschikbaar komt in een gemeente. De onzekerheid speelt ook bij het begroten van de uitvoeringskosten. In 2024 zijn goede ervaringen opgedaan door de instroom waarop begroot wordt te bepalen in een intensieve samenwerking tussen KempenPlus en deelnemende gemeenten. Die werkwijze wordt voortgezet in de komende jaren. Huis naar werk

Het kabinet wil dat in alle 35 arbeidsmarktregio's een Werkcentrum komt, zodat mensen en bedrijven door heel Nederland weten waar ze in de buurt kunnen aankloppen voor werk, de juiste scholing of geschikt personeel. Hier kan iedereen zonder afspraak terecht en ondersteuning krijgen, ongeacht de hulpvraag of uitkering die iemand heeft. De komende jaren wordt hier 86 miljoen euro extra voor gereserveerd. Het is aan de individuele arbeidsmarktregio om, op basis van landelijke kaders, invulling te geven aan deze opdracht. Gemeenten en KempenPlus zijn actief betrokken bij de ontwikkeling van het Regionaal Werkcentrum in de Kempen. Er is reeds besloten dat er een dependance bij KempenPlus wordt ingericht, welke bemenst gaat worden vanuit UWV en KempenPlus. Brainport voor elkaar

Recent is KempenPlus deelnemer geworden in "Brainport voor elkaar". De doelstelling van deze vereniging past goed bij de opdracht van KempenPlus. "Brainport voor Elkaar is een vereniging van werkgevers uit het bedrijfsleven, maatschappelijk veld, onderwijs en overheid. Wat de leden verbindt is dat zij als sociale werkgever een bijdrage willen leveren aan het algehele welzijn van de regio. Daarbij realiseren ze zich dat het draait om wederkerigheid. Om geven en nemen. Voor, door en met elkaar." Dienstverlening aan gemeente Oirschot

Het jaar 2025 wordt het laatste jaar waarin KempenPlus nog diensten levert aan gemeente Oirschot. De begroting 2026 wordt opgesteld vanuit de verwachting dat gemeente Oirschot dan geen diensten meer afneemt van KempenPlus. In de begrotingswijziging voor 2025 wordt de verlenging van de DVO met een jaar opgenomen. Planmatig onderhoud en beheer gebouwen

Voor het onderhoud van gebouwen wordt een beheerplan voorgelegd aan het bestuur in februari 2025. Dat plan - ook genoemd DMJOP c.q. Duurzaam Meerjaren Onderhoudsplan - zet de werkzaamheden en de lasten van onderhoud uit in de tijd. Om de huisvestingslasten te egaliseren wordt voorgesteld om een egalisatievoorziening onderhoud gebouwen in te stellen. In het voorstel resultaatbestemming 2024 wordt dit punt meegenomen.

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 5

1.3

Maatregelen naar aanleiding van zienswijzen raden

In coproductie met gemeenten is een proces gestart om maatregelen te nemen waarmee een structurele verlaging van gemeentelijke bijdragen wordt behaald van 1,5 miljoen euro per jaar. Een opdeling in maatregelen is gemaakt: 1. Operationele maatregelen, in de uitvoering van taken door KempenPlus 2. Beleidsmatige keuzen die tot aanpassing van de dienstverlening leiden 3. De uitvoering van de taak Bijzondere Bijstand en Participatie 18+ efficiënt en toekomstvast organiseren Ad 1.

Operationele maatregelen

Voor 2026 en verder wordt de taakstelling voor ē 525.000 ingevuld door operationele maatregelen. Daar komt een groei op netto-omzet bij van ē 75.000. In totaal ē 600.000 vanaf 2026. Voor de concrete invulling van de taakstelling wordt in 2025 een nadere uitwerking opgesteld in een plan dat een traject doorloopt met de ondernemingsraad van KempenPlus. Op basis van een globale verkenning door het management van KempenPlus is het een reële ambitie om op de afdeling Staf en Bedrijfsvoering de kosten van overhead terug te brengen. Een voorstel tot organisatiewijziging wordt uitgewerkt. Combineren van Staffuncties wordt onderzocht op de effecten daarvan. Ook de opvolger van het huidige financieel systeem door het ERP systeem van AFAS gaat naar verwachting structurele besparingen opleveren. KempenPlus heeft afgelopen jaren aanmerkelijk geïnvesteerd in nieuwe applicaties. De revenuen daarvan leiden ook tot structurele besparingen. Waar het gaat om effecten op medewerkers waarborgt KempenPlus een zorgvuldig proces. De ambitie staat, alsook de verantwoordelijkheid voor een zorgvuldige uitwerking in 2025. Ambitie op netto-omzet wordt qua orde van grootte bepaald op ē 75.000 vanaf 2026.

Bij deze ambitie wordt vermeld dat KempenPlus jaar op jaar goed presteert op Netto Toegevoegde Waarde per fte.2 Dit neemt niet weg om ook hier een incentive in te bouwen, om hogere omzet te realiseren en of lagere inkoopkosten van de omzet. In de bestaande situatie is de netto-omzet constant begroot voor de komende jaren. (afgezien van indexering) In die meerjarenraming ligt al een ambitie besloten, omdat de gemiddelde loonwaarde per medewerker afneemt, door uitstroom van Wsw en instroom LKS en Beschut Werk. Ambitie op omzet betekent ook meer risico dat de geraamde opbrengst niet gerealiseerd wordt. Daar staat tegenover dat een te voorzichtige raming van de omzet op voorhand onnodig middelen van gemeenten vastlegt. Vanuit al deze overwegingen wordt de gegeven ambitie geformuleerd. Ad 2.

Beleidsmatige keuzen

KempenPlus is als bedrijfsvoeringsorganisatie per definitie beleidsarm. De taken die KempenPlus uitvoert zijn echter beleidsrijk. Beleid is primair een zaak van gemeenten. In de praktijk worden beleidskeuzen bepaald in een wisselwerking tussen gemeenten en KempenPlus. KempenPlus startte in 2019 onder het motto "Iedereen werkt mee". Ook is sprake van een gevestigde uitvoeringspraktijk. Voor het opstellen van de begroting 2026 en de meerjarenraming 2027 - 2029 is het aan gemeenten of initiatieven genomen worden die leiden tot beleidsaanpassingen. Dat is een omvattend vraagstuk dat ook waar aanpassingen worden voorgesteld - een traject met raden doorloopt. In de loop van 2025 krijgt dit traject zijn beloop. KempenPlus gaat dit proces support geven door het overleg tussen partijen te initiëren en door het leveren van inzet van expertise en advies vanuit de uitvoering.

2

Uit de jaarlijkse benchmark die door Cedris wordt uitgebracht blijkt dat KempenPlus in 2023 ten opzichte van

vergelijkbare bedrijven hoge scores haalt op omzet; landelijk gem. 611.714, KempenPlus 616.939 044o7o)

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 6

Ad 3. De uitvoering van de taak Bijzondere Bijstand efficiënt en toekomstvast organiseren

Sinds 2024 is de uitvoering van Bijzondere Bijstand en de Regeling 18+ een verantwoordelijkheid van KempenPlus. De uitvoering van deze taak geschiedt door GRSK, op basis van detachering. De huidige wijze van organisatie werd ingericht om rechtmatig uitvoering te kunnen geven aan de Participatiewet. Wettelijk gezien kan de uitvoering niet worden gesplitst en bij twee verschillende gemeenschappelijke Regelingen worden belegd. De eerste ervaringen met deze wijze van uitvoering zijn voor KempenPlus aanleiding om in een evaluatie maatregelen te adviseren die tot aanmerkelijke efficiëntievoordelen leiden. Frictiekosten, overhead, afstemmingskosten zijn in de huidige constructie (te) hoog. In het vooruitzicht dat Oirschot de DVO definitief beëindigd vanaf 2026 wordt de inefficiëntie groter door verlies van schaalvoordeel. Verwacht wordt dat Berenschot in scope 2 ook over de huidige organisatie van de Bijzondere Bijstand en de Regeling 18+ advies gaat uitbrengen.

1.4

Ontwikkeling in doelgroepen

In de ontwikkeling in doelgroepen tekenen zich stabiele trends af. In onderstaande figuur is op grafische wijze weergegeven wat de ontwikkeling sinds 2021 is geweest. Voor de komende jaren verwachten we een voortzetting van de trendmatige ontwikkelingen. Tegenover de afname van het aantal Wsw-medewerkers staat een nagenoeg evenredige toename in andere of in nieuwe doelgroepen. Ook de diversiteit in doelgroepen komt tot uiting in de figuur. De figuur geeft het aantal cliënten per doelgroep weer. De weergegeven aantallen zijn inclusief de gemeente Oirschot. De TOZO is buiten scope gezet.

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 7

1.5

Financieel perspectief op hoofdlijnen

Het vertrekpunt voor het financieel perspectief voor de jaren 2026 en verder wordt bepaald in een 1e begrotingswijziging 2025. Verder wordt het financieel perspectief in overwegende mate bepaald door de doorrekening van de indexering van lonen en prijzen. Dat is de zogenaamde autonome ontwikkeling. De eerdergenoemde maatregelen gericht op vermindering van gemeentelijke bijdragen met 600 k wordt als bezuiniging begroot vanaf 2026. Beleidswijzigingen met onder meer als oogmerk verlaging van gemeentelijke bijdragen worden onderzocht in 2025. Omdat deze nu nog onbekend zijn is het vooralsnog niet mogelijk om daar in de primaire begroting van 2026 rekening mee te houden. Verwacht wordt dat Berenschot ook in scope 2 advies uitbrengt over de uitvoering van deze taken. Ook nemen wij initiatief om samen met de GRSK frictiekosten en overhead voor de uitvoering van de taak Bijzondere Bijstand en Participatie 18+ efficiënt te organiseren. Deze uitkomst nemen wij ook mee in de begroting 2026. De ontwikkeling op de arbeidsmarkt zorgt voor een krapte aan personeel. Verondersteld mag worden dat iedereen die kan werken geheel of gedeeltelijk aan de slag is. Dit betekent dat de groep die nu nog thuis zit een meer intensief traject nodig heeft dan de huidige groep die we bedienen.. De ontwikkeling in gemeentelijke bijdragen kan pas bij de opstelling van de begroting 2026 plaatsvinden.

Voor de ontwerpbegroting 2026 zijn de parameters uit de kostenverdeelsleutels geactualiseerd. Deze zijn opgenomen in hoofdstuk 5. Ook op dit punt geldt het voorbehoud dat mogelijk nieuwe afspraken worden gemaakt over kostenverdeling, op basis van het advies van Berenschot. In dat geval worden voor de definitieve besluitvorming zienswijzen van raden opgehaald, en wordt een separaat voorstel voor een bekostigingsbesluit voor zienswijzen voorgelegd.

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 8

2

Deelprogramma Werk Å Participatie

De afdeling W&P ondersteunt de ontwikkeling van cliënten met als doel hen zo regulier mogelijk aan het werk te laten gaan en te laten blijven, of als dat niet mogelijk is zich bezig te houden met een andere vorm van nuttige dagbesteding, voert regie op en ondersteunt Inburgeraars bij hun inburgering en draagt zorg voor het tijdig en rechtmatig verstrekken van inkomen vanuit de Participatiewet, en voert de Leefgeldregeling Oekraïne uit. Met ingang van 2025 komt daar de taak "inning eigen bijdrage Oekraïners" bij.

2.1

Inleiding

Op het gebied van Werk à Participatie zijn in de aanloop naar en gedurende 2026 wijzigingen te verwachten van de Participatiewet. Op landelijk niveau lopen discussies over de effectiviteit van de Participatiewet in de huidige vorm en over bepaalde onevenwichtigheden daarin. Te verwachten is dat de Participatiewet aangepast zal gaan worden op basis van de opgedane ervaringen en nieuwe inzichten over hoe om te gaan met burgers die een beroep moeten doen op (financiële) ondersteuning vanuit de Participatiewet. In de Participatiewet zullen gefaseerd wijzigingen worden doorgevoerd. Momenteel is het wetsvoorstel "Participatiewet in Balans" onderwerp van parlementaire behandeling. In dit voorstel is een aantal maatregelen opgenomen, bijvoorbeeld invoering generieke participatieplicht, maatwerk bij handhaving, bufferbudget en verruiming "vrijlating giften". In een volgende fase zullen de uitgangspunten en basisprincipes van de Participatiewet opnieuw tegen het licht worden gehouden. Vanuit deze analyse worden mogelijk (fundamentele) beleidsaanpassingen van de Participatiewet vanuit het Rijk doorgevoerd, maar dat is afhankelijk van het politieke proces op Rijksniveau. Ten aanzien van de volumeontwikkeling van het aantal uitkeringsgerechtigden Participatiewet is de verwachting dat het volume op het huidige niveau blijft.

Deze ontwikkeling wordt grotendeels bepaald door diverse onzekere factoren, waarvan de economische ontwikkeling en het effect daarvan op de arbeidsmarkt één van de belangrijkste is. Verder vormt de omvang van de instroom van statushouders een onzekere factor, die een direct effect heeft op de mate waarin inwoners een beroep doen op de Participatiewet. De volumeontwikkeling van het aantal te begeleiden Inburgeraars vanuit de Wet inburgering 2021 is afhankelijk van het aantal statushouders dat gehuisvest wordt door de gemeenten. Zoals bekend krijgen de gemeenten jaarlijks een taakstelling om een aantal statushouders te huisvesten. De Kempengemeenten hebben nog steeds moeite om asielzoekers te huisvesten. De mate waarin de gemeenten erin slagen deze taakstelling te realiseren is bepalend voor de instroom in de inburgeringstrajecten. Het Rijk gaat ervan uit dat 70X van de taakstelling inburgeringsplichtig is, omdat jongeren onder de 18 via onderwijs inburgeren. Er zijn momenteel politieke voornemens om de taakstelling voor het huisvesten van statushouders te schrappen. We weten niet wat de consequenties zullen zijn voor de huisvesting van statushouders in de Kempengemeenten, en er is ook nog weinig bekend over alternatieve opvangplekken. Vanaf 2024 is de uitvoering van de Bijzondere Bijstand een formele taak/verantwoordelijkheid van KempenPlus.

Over de wijze van uitvoering zijn (werk-)afspraken gemaakt met de afdeling MD van de GRSK.

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 9

De dienstverlening ten behoeve van de gemeente Oirschot wordt, op verzoek van de gemeente Oirschot, gedurende 2025 voortgezet; de DVO kent een looptijd tot en met 31 december 2025. 2.2

Interne ontwikkelingen

De dienstverlening aan de verschillende doelgroepen is gebaseerd op de huidige opdracht van de gemeenten aan KempenPlus, die de uitvoering van enkele wetten behelst (Participatiewet, Wsw en Wet inburgering 2021). Indien inwoners niet passen binnen de kaders van deze wetten is er in principe geen dienstverlening vanuit KempenPlus mogelijk. Er zijn echter (kwetsbare) burgers die zonder ondersteuning, in welke vorm dan ook, niet in staat zijn tot arbeidsparticipatie. Deze burgers worden thans niet bereikt met alle gevolgen van dien. KempenPlus wil in gesprek gaan met de gemeenten om te bezien of de dienstverlening mede ingezet kan/mag worden ten behoeve van potentiële cliënten die thans buiten beeld zijn. Dit thema wordt meegenomen in het proces "Strategische verkenning KempenPlus". Ook het loket "Huis naar werk" is bedoeld voor deze inwoners en beschikt over landelijke middelen om die taak uit te voeren. Wet Inburgering

KempenPlus voert de Wet inburgering 2021 uit namens de Kempengemeenten. De gemeente Eersel voert een deel van de werkzaamheden zelf uit. Door de toenemende instroom van asielzoekers en het beperkte woningaanbod hebben de Kempengemeenten steeds meer moeite om asielstatushouders te huisvesten in de Kempen. Daarnaast zijn er politieke ontwikkelingen en voornemens om de taakstelling voor de huisvesting van statushouders te schrappen. Het is moeilijk om te voorspellen hoeveel statushouders er de komende tijd in de Kempen gehuisvest zullen worden maar KempenPlus zal in samenwerking met gemeenten trachten nauwkeurige voorspellingen op te stellen. De toekomstige verblijfstatus van Oekraïners is hierbij een zeer grote, maar onzekere factor. Dat kan ervoor zorgen dat de caseload van inburgering meer dan verdubbeld. De inzet van KempenPlus is erop gericht om de inburgeraars zo snel mogelijk te laten inburgeren en participeren in de Kempische samenleving. Voor het inburgeringsdeel werkt KempenPlus met gespecialiseerde participatiecoaches voor zowel de casusregie als de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) trainingen, vanwege de complexiteit van de uitvoering van de Wet inburgering en om de inburgeraars de beste begeleiding te bieden. KempenPlus werkt hierin ook samen met externe partijen zoals Vluchtelingenhulp en Vluchtelingenwerk.

Het financieel ontzorgen wordt indien nodig door de Inkomensconsulenten verzorgd. 2.3

Dienstverlening

Het deelprogramma "Ontwikkelen en Inkomensondersteuning" behelst twee hoofdtaken: het verstrekken van een inkomensondersteuning aan personen die (nog) niet in staat zijn om in de noodzakelijk kosten van het bestaan te voorzien en het bieden van ondersteuning, in welke vorm dan ook, aan personen die deze nodig hebben om participatie Z re-integratie te realiseren. Centrale doelstelling in het beleid blijft het zo regulier mogelijk werken van onze cliënten en medewerkers. Iedere cliënt die in aanmerking komt voor ondersteuning met LKS wordt actief begeleid naar plaatsing bij een externe werkgever; in gevallen waarin dat (nog) niet mogelijk is, wordt een werkplek bij KempenPlus gerealiseerd. Er is blijvende aandacht voor ontwikkeling. Uitgangspunten voor de uitvoering zijn uiteraard wet- en regelgeving. Dat zijn de formele kaders waarbinnen de dienstverlening vorm moet worden gegeven. Uitvoering is echter meer dan uitsluitend het volgen van formele regels; bij elk besluit zal bezien en beoordeeld moeten worden welke gevolgen dat besluit heeft in het individuele geval. Uitvoering vraagt ook om een zorgvuldige bejegening van de burger. In de verhouding

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 10

overheid - burger hebben we oog voor de belangen en kwetsbaarheden van de burger, zeker in gevallen waarin sprake is van de afhankelijkheid van een basisvoorziening zoals bijvoorbeeld een bijstandsuitkering. De Kempengemeenten zijn aangehaakt bij het Werkcentrum "Huis naar Werk" in Eindhoven, waar werkzoekenden en werkgevers terecht kunnen met hun vragen over de arbeidsmarkt in brede zin en waar getracht wordt vraag en aanbod op de arbeidsmarkt bij elkaar te brengen en succesvolle matching te realiseren. Bij KempenPlus is een lokaal loket van het Huis naar Werk ingericht. Afwikkeling TOZO

De uitvoering van deze regeling blijft tot 2027 nog inzet vragen van KempenPlus, ook nadat de regeling is beëindigd. Dat komt onder meer doordat op verstrekte leningen beheer dient plaats te vinden tot dat leningen volledig zijn afgelost. Dienstverlening aan Oekraïners

De tijdelijke bescherming van de Oekraïners vanuit de EU is geldig tot maart 2026. KempenPlus voert sinds maart 2022 de "Leefgeldregeling Oekraïners" uit en deze regeling kent in ieder geval een doorloop tot begin 2026. Het Rijk is momenteel aan het onderzoeken welke verblijfstatus de Oekraïners kunnen krijgen na maart 2026 en op welke wijze ze aanspraak kunnen maken op reguliere wetgeving, zoals de Participatiewet en de Wet inburgering. Momenteel vangen de vier Kempengemeenten 492 Oekraïners op in de gemeentelijke opvang. In 2026 zullen er 374 personen uit deze groep 18 jaar of ouder zijn. Het Rijksbesluit kan grote consequenties hebben voor de dienstverdeling van KempenPlus en het personeelsbestand. Als de Oekraïners moeten inburgeren en aanspraak kunnen maken op een Participatiewet-uitkering, dan is er sprake van een substantiële groei in de doelgroep van KempenPlus. Momenteel krijgen 108 Oekraïners uit de vier Kempengemeenten leefgeld. Als deze leefgeldgerechtigden ook aanspraak kunnen maken op een Participatiewet-uitkering, is er sprake van een substantiële toename van het aantal uitkeringsgerechtigden in de Kempen, namelijk 180. 2.4

Financieel perspectief

KempenPlus is een uitvoeringsorganisatie van en voor de Kempengemeenten. De uitvoeringskosten worden begroot en verantwoord door KempenPlus. Naast de uitvoeringskosten zijn er zogenaamde programmakosten. Dat zijn kosten die toerekenbaar zijn aan inwoners van de deelnemende gemeenten. Deze programmakosten maken geen deel uit van de begroting van KempenPlus, maar worden door de deelnemende gemeenten begroot en verantwoord. De financiële afwikkeling van de programmakosten is wel een taak van KempenPlus. Voor het financieel perspectief van deelprogramma Werk en Participatie is toename in aantallen cliënten en de ontwikkeling in lonen en prijzen de belangrijkste aanleiding om de begroting 2025 te actualiseren. Voor 2026 en verder wordt ook met indexering van lonen en prijzen gerekend. Met name autonome ontwikkelingen - dat wil zeggen invloeden die liggen buiten de invloedssfeer van KempenPlus- zijn aanleiding tot actualisatie van de begrotingswijziging 2025. Voor de jaren 2026 en verder zijn (nog) geen wezenlijke koersveranderingen bepaald. Vooralsnog geldt de aanname van ongewijzigd beleid. Voor de kostenverdeling voor 2026 geldt het uitgangspunt dat de afspraken daarover die voor 2025 gelden worden voortgezet in 2026 en verder.

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 11

3

Deelprogramma Werken

Deelprogramma Werken wordt vaak ook aangeduid als afdeling Bedrijven. De afdeling Bedrijven biedt, als geïntegreerd onderdeel van KempenPlus, werk aan mensen die vallen onder de Participatiewet en die (nog) niet in staat zijn om te kunnen werken bij een reguliere opdrachtgever. Onder het deelprogramma Werken vallen alle activiteiten van de afdeling Bedrijven plus de individuele detacheringen die onder de afdeling Werk & Participatie vallen.

3.1

Inleiding

In het deelprogramma Werken, ook wel de infrastructuur van KempenPlus genoemd, worden de activiteiten met baten en lasten in de begroting opgenomen van de medewerkers waaraan KempenPlus passend werk biedt, omdat ze dit (nog) niet kunnen vinden bij een reguliere werkgever. Dit betreft zowel Wswmedewerkers, alsmede cliënten vanuit de Participatiewet die ontwikkeling behoeven en werkervaring moeten opdoen, cliënten die aangewezen zijn op ondersteuning met loonkostensubsidie en cliënten die vallen onder de doelgroep Beschut Werk. KempenPlus is voor de gesubsidieerde medewerkers een bedrijf, maar heeft geen financieel winstdoel zoals commerciële bedrijven. De 'winst' van KempenPlus is elke cliënt die een baan gevonden heeft die bij zijn of haar mogelijkheden past. De ambitie is om een zo regulier mogelijk bedrijf te zijn waar mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt kunnen werken en leren. Het streven is om elk individu te laten groeien naar of zo dicht mogelijk richting de reguliere arbeidsmarkt. Hiervoor zijn steeds voldoende opdrachten nodig die passend en uitdagend zijn. Dit kan ook alleen als we de infrastructuur voortdurend bij de tijd houden. De hoofdactiviteiten zijn: o Productie o Detachering (waaronder Facilitair, Individuele detacheringen en groepsdetacheringen) o Groen 3.2

De infrastructuur: Instroom, doorstroom en uitstroom

Instroom:

Participatiecoaches van W&P bepalen wie en hoe lang instromers gebruik maken van de infrastructuur van KempenPlus. Het aantal werkenden in de infrastructuur bepaalt voor het grootste deel de lasten; de instroom bepaalt in grote mate hoeveel mensen er in 2026 werken in de infrastructuur. Deze instroom bestaat voor veruit het grootste deel uit "nieuwe Nederlanders". Politieke keuzes (nieuw kabinet) en realisering van taakstellingen huisvesting statushouders door onze gemeenten, zijn bepalend voor de instroom in 2026. Doorstroom:

We hebben maximale focus op ontwikkelplekken. Dit betreft mensen waarvan de participatiecoach inschat dat binnen 1 tot 2 jaar uitstroom naar de reguliere arbeidsmarkt mogelijk is. Voor alle medewerkers, ook voor degenen die niet op een ontwikkelplek geplaatst zijn, geldt dat de werkleiding samen met P&O kijkt naar: o Maximaal werken naar vermogen o Het behalen van cursussen, trainingen, certificaten en diploma's (o.a. de praktijkverklaringen in samenwerking met Summa) o Gedrag en veiligheid o Stimuleren gezondheid o Afstemming met het thuisfront Z sociale organisaties

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 12

Uitstroom:

Gezien het lage bijstandspercentage in de Kempen constateren we dat het potentieel van mensen die in staat zijn om in de reguliere arbeidsmarkt een passende duurzame betaalde arbeidsplek te vinden laag is. De uitstroom naar regulier werk zal niet al te hoog zijn. KempenPlus blijft streven om mensen maximaal te laten werken naar vermogen, dit kan ook binnen de bedrijfsmatige-infrastructuur van KempenPlus. Omzet in relatie tot de doelgroep

Eind 2024 ziet de samenstelling van de groep er als volgt uit: Totaal van Groepering PER GROEPERING

Voor de infrastructuur zien we dat in 2024 de uitstroom gelijk is aan de instroom. Hoe deze verhouding zal zijn voor 2025 en 2026 is vooralsnog lastig in te schatten. De instroom is afhankelijk van wereldwijde gebeurtenissen en landelijk politiek beleid (immigratie). Op basis van de afgelopen jaren gaan we uit dat ook in 2026 de uitstroom gelijk is aan de instroom. Kijkend naar de relatie van de doelgroep tot de omzet kunnen we alleen de situatie van 2024 als gegeven meenemen. Hierbij is uitgegaan van de verhouding in fte's. Deze is als volgt: Beschut

LKS

SW

Werkervaring

Totaal

Detacheringen

27

197

797

07

1007

Groen

87

157

767

17

1007

Productie

97

287

597

47

1007

Aangezien het niet te doen is om exacte omzet per doelgroep per activiteit/onderdeel te meten is, is bovenstaand overzicht meer een inzicht hoe de verhoudingen per onderdeel/activiteit eruit ziet.

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 13

3.3

Hoofdactiviteiten in de infrastructuur

Detachering:

In 2026 zetten we nog meer in op detachering. Door mensen te laten overgaan van werkzaamheden onder leiding en toezicht van werkleiding van KempenPlus naar een individuele- of groepsdetachering onder leiding van de opdrachtgever worden lasten verlaagd (minder werkleiding en bedrijfsvoeringskosten bij Productie) en een hogere netto omzet. Onderdeel van Detachering is de facilitaire groepsdetachering bij het Pius X-College te Bladel. Aangezien schoonmaak een werksoort is met vele baankansen in de reguliere markt, willen we deze klant blijven bedienen. We gebruiken onze eigen panden voor een leer-werk omgeving voor het schoonmaakvak en de catering. Groen

De contracten voor de gemeenten Bladel, Reusel-De Mierden en Eersel lopen tot en met 2024. De afspraak is dat onder advisering van Bizob er drie bestekken geschreven worden en door een onafhankelijk specialistisch groenadviesbureau marktconforme prijzen worden bepaald. De intentie van de drie gemeenten is om een contract af te sluiten met een looptijd van vijf jaar met een optie tot verlenging van nogmaals vijf jaar. Gemeente Bergeijk voert de groenopdracht uit via aannemer Vebego. De mensen van KempenPlus worden hier middels een detacheringsconstructie ingezet. Deze opdracht wordt in de vorm van een pilot uitgevoerd en wordt in 2025 geëvalueerd. In 2025 wordt door gemeente Bergeijk beoordeeld of de samenwerking met Vebego wordt voortgezet, of dat vanuit de wens om de infrastructuur op Groen te behouden gekozen wordt voor "verwatering". Met dit laatste wordt bedoeld dat ook reguliere werknemers in dienst komen bij KempenPlus, om aldus voldoende capaciteit te creëren voor het uitvoeren van groenonderhoud van de vier deelnemende gemeenten. Productie

De meeste instroom start bij de verschillende productieafdelingen (verpakken, assemblage, montage, grafisch, elektro, metaal en orderverwerking voor webshops). Er zijn 20 klanten benoemd, waarbij omzet en kosten cruciaal zijn voor onze financiële bijdrage. De andere circa 80 klanten heeft KempenPlus nodig om iedereen passend werk aan te kunnen bieden. De praktijkverklaringen zullen gebruikt worden om meer medewerkers door te laten stromen naar detacheringen. Inclusieve technologie (ondersteunend)

Inclusieve technologie is een absolute noodzaak om competitief te blijven in de markt, maar ook om de loonwaarde van mensen met een werkbeperking op een hoger peil te krijgen. Medewerkers kunnen dan hoogwaardiger werk uitvoeren en/of de efficiency wordt verhoogd en/of fysieke beperkingen worden verlaagd. Streven is om zoveel mogelijk samen te werken met collega bedrijven, waardoor investeringen en kosten beperkt worden. Een voorbeeld is de groen app met de inzet van AI in het Groen. Hiermee wordt de efficiency vergroot en de transparantie en de samenwerking met de opdrachtgevers verhoogd. Ook de zelfstandigheid van de medewerkers neemt toe. Op schoonmaak, catering en groenonderhoud van eigen terreinen zet KempenPlus 31 medewerkers uit de doelgroep in, waardoor kosten bespaard worden.

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 14

3.4

Financieel perspectief op hoofdlijnen

Voor het financieel perspectief van deelprogramma Werken is de ontwikkeling in lonen en prijzen de belangrijkste aanleiding om de begroting 2025 te actualiseren. Voor 2026 en verder wordt ook met indexering van lonen en prijzen gerekend. Ook de omzet wordt geïndexeerd. Door mensen te ontwikkelen van met name Productie naar Detacheringen en inzet van inclusieve technologie verwachten we dat de ambitie op omzet kan worden behaald. Voor de jaren 2026 en verder zijn geen wezenlijke koersveranderingen bepaald. Vooralsnog geldt de aanname van ongewijzigd beleid.

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 15

4

Deelprogramma Ondersteuning

4.1

Inleiding

Het deelprogramma Ondersteuning wordt "Ondersteuning" genoemd, omdat de uitvoerende afdelingen Werk à Participatie en Werken organisatorisch steunen op de centrale afdeling Ondersteuning. Synoniem voor Ondersteuning is Bedrijfsvoering en Staf. Vanuit deze afdeling wordt een breed palet aan taken uitgevoerd, variërend van administratie, Planning à Control, communicatie, archief, ICT, Arbo, P&O, huisvesting enzovoorts. De afdeling Bedrijfsvoering en Staf is voortdurend in ontwikkeling om de organisatie bij de tijd te houden, in de volle breedte van het takenpakket. Goed werkgeverschap, is een uitgesproken ambitie van KempenPlus. Om dat te realiseren waarborgt KempenPlus dat aan de nodige randvoorwaarden is voldaan. 4.2

Externe ontwikkelingen

Digitale richtlijnen en wetgeving

De wetgeving rondom privacy, data-beveiliging, toegankelijkheid van informatie, et cetera is in beweging. Naar verwachting zal op de genoemde terreinen in de komende jaren nieuwe wetgeving van kracht worden. Op technisch gebied wordt KempenPlus in overwegende mate ontzorgd doordat de afdeling SSC van GRSK de ICT-dienstverlening verzorgt. Hierin wordt zoveel mogelijk samenwerking gezocht met de Kempengemeenten. Een belangrijke ontwikkeling die in 2025 op stapel staat is de overstap naar Microsoft Office 365. Deze Kempen-brede ontwikkeling wordt ook gevolgd door KempenPlus. 4.3

Interne ontwikkelingen

Personeel en HRM

Vacatures vast invullen is ook van belang om inhuur op vacatures in te dammen en om kennis op te bouwen binnen de eigen organisatie. Goed en aantrekkelijk werkgeverschap is daarvoor van essentieel belang. De arbeidsvoorwaarden moeten in lijn liggen met die van andere SW-bedrijven en met de Kempengemeenten. Huisvesting

Om het onderhoud van gebouwen meerjarig te plannen en de kosten van onderhoud te spreiden in de tijd wordt in februari 2025 een Beheerplan gebouwen aangeboden aan het bestuur. Basis hiervan is het DMJOP. Een planning van de investeringen in huisvesting wordt daarin opgenomen. 4.4

Financieel perspectief op hoofdlijnen

Het vertrekpunt voor het financieel perspectief voor de jaren 2026 en verder wordt bepaald in een 1e begrotingswijziging 2025. Voor 2026 wordt met indexering van lonen en prijzen gerekend. De eerdergenoemde maatregelen gericht op vermindering van gemeentelijke bijdragen met 600 k wordt als bezuiniging begroot vanaf 2026. Een deel van die bezuiniging krijgt de invulling door een andere organisatie van de Staf. Concrete plannen worden daarvoor uitgewerkt en in procedure van besluitvorming gebracht. De begroting 2026 wordt opgesteld op basis van het uitgangspunt van ongewijzigde kostenverdeling.

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 16

5

Uitgangspunten voor de begroting 2026

5.1

Inleiding

Dit hoofdstuk vermeldt de uitgangspunten die bij het opstellen van de begroting 2026 en verder worden toegepast. Het vertrekpunt voor de begroting is vooralsnog "ongewijzigd beleid". Dat wil zeggen dat het gevoerde beleid voor de komende jaren doorgetrokken wordt en dat de budgettaire gevolgen van in het verleden genomen beslissingen in de begroting en in de meerjarenraming zijn verwerkt. Op het uitgangspunt van ongewijzigd beleid wordt een voorbehoud gemaakt. In de periode dat deze kadernota wordt opgesteld lopen tegelijk twee trajecten waarin actualisatie van beleid aan de orde is. Het eerste traject volgt uit een opdracht van het bestuur, om in samenspraak met deelnemende gemeenten invulling te geven aan een taakstelling van 1,5 miljoen euro structureel. Het tweede traject is de strategische verkenning die loopt, en waarvan de uitkomsten verwacht worden in het eerste kwartaal van 2025. De voorbereiding van de begroting vindt plaats in de eerste maanden van 2025. Medio 2025 wordt de begroting 2026 vastgesteld. De uitkomsten van de lopende trajecten zijn voor deze kadernota niet tijdig bekend. Bij het opstellen van de begroting 2026 worden bestuurlijke keuzen tot wijziging van beleid die komende maanden tot stand komen zoveel als mogelijk meegenomen. Voor een aantal externe factoren zoals rente- en prijsontwikkeling worden aannames bepaald.

Ook is van belang om de verdeelsleutels van de kosten vast te stellen. Uitgangspunt is dat geen wijziging van de huidige verdeelsleutels wordt doorgevoerd. Opstelling van het jaarplan 2026

Het jaarplan voor KempenPlus ontstaat door bundeling van de deelprogramma's. Deze deelprogramma's worden opgesteld aan de hand van de indeling in de zogenaamde drie W-vragen. Dit zijn: o Wat willen we bereiken? o Wat gaan we daarvoor doen? o Wat mag het kosten? De voorstellen van de afdelingsplannen worden door het management opgesteld. Daarin staan de concrete voornemens voor het dienstjaar 2026 en voor de periode 2027 - 2029.

5.2

Begrotingswijziging 2025

In de procedure tot vaststelling begroting 2026 en meerjarenraming 2027 -2029 loopt ook een voorstel tot begrotingswijziging 2025 mee in de procedure. De primitieve begroting 2025 werd reeds vastgesteld in augustus 2024. De 1e begrotingswijziging voor het jaar 2025 in de loop van het jaar stelt KempenPlus in staat om actuele inzichten en omstandigheden te verwerken in de begroting. Door opname in de begroting ontstaat autorisatie van het bestuur tot het (laten) doen van uitgaven voor vermelde doelen. Het besluit tot wijziging van de begroting 2025 is een separaat bestuursbesluit. Het proces van besluitvorming loopt gelijk op met de vaststelling van de begroting 2026.

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 17

5.3

Financiële uitgangspunten

Rente

Voor de berekening van de rente geldt de aanname dat er per saldo geen rentekosten ontstaan. Deze aanname is gebaseerd op het gegeven dat er momenteel slechts een langlopende lening loopt van 4,5 miljoen euro. De rente op deze lening is negatief. De betreffende lening loopt af ultimo 2025 en de verwachting is dat dan een nieuwe lening van vergelijkbare omvang dient te worden afgesloten. Naast deze lening loopt een kasgeldlening die begin 2025 expireert. Schatkistbankieren levert naar verwachting rentebaten op voor KempenPlus. Hiervan wordt een reële verwachting geraamd in de begroting 2026. Uitgangspunt voor de rente is dat de rentebaten de rentelasten compenseren. Als gevolg van een wijziging van het BBV in 2017, geldt het volgende voorschrift: Rente die begroot wordt voor leningen, wordt uitgedrukt als een percentage van de waarde van materiële vaste activa per 1 januari 2026. Dit percentage is voor 2026 en verder bepaald op 0,0 0. Op deze wijze is, conform het advies van de commissie BBV, niet langer sprake van berekende rente. Loon- en prijsstijgingen

Voor de indexering van lonen en prijzen wijkt KempenPlus op een punt af, ten opzichte van de uitgangspunten die de vijf andere gemeenschappelijke regelingen in Zuid-Oost Brabant toepassen. De macro economische verkenning 2025 geeft ook een verwachting voor de ontwikkeling van lonen en prijzen voor het begrotingsjaar. Deze wordt toegepast. Het bestuur van KempenPlus heeft vorig jaar besloten om op dit punt af te wijken van de uitganspunten die andere Gemeenschappelijke Regelingen in de regio hanteren. Andere GR-en hanteren de index voor het jaar 2025. Het gaat om de Loonvoet sector overheidvoor de index van de lonen en de Prijs netto materiële overheidsconsumptie(imoc)voor de indexering van de prijzen. In plaats van het jaar t-1 gaat KempenPlus uit van de verwachting die bepaald is voor het jaar t; dus 2026. Aldus wordt de indexering 2026 van de lonen voor niet gesubsidieerd personeel bepaald op 2,1 0. De prijsindex voor 2026 wordt bepaald op 2,2 0. Voor de gesubsidieerde medewerkers wordt de indexering van de lonen voorlopig ook bepaald op 2,1 0. Ook voor de Cao Aan de Slag rekenen we met hetzelfde percentage. Daarbij geldt het voorbehoud dat ingeval er aanwijzingen ontstaan dat aanpassing van dit indexcijfer noodzakelijk is, gerekend wordt met het voortschrijdend inzicht. Voor de meerjarenraming 2027 en verder wordt uitgegaan van vaste prijzen en vaste lonen.

Resultaat meerjarenraming

De meerjarenraming wordt opgesteld op basis van het uitgangspunt dat te verwachten saldi voor de komende jaren gelijk zijn aan ê 0. Bij doortrekking van het bestaande beleid en het doorvoeren van nieuwe ontwikkelingen geschiedt de berekening van bijdragen van gemeenten zodanig dat volledige dekking van lasten wordt bereikt. Onvoorzien

In de begroting van 2026 en verder is geen rekening gehouden met onvoorziene uitgaven. Indien er onvoorziene uitgaven zijn dan worden deze toegelicht in de rapportage en of in de jaarstukken.

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 18

5.4

Kostenverdeling per deelprogramma

In het financieel kader van KempenPlus is overeengekomen dat de gemeenten een bijdrage betalen in de exploitatie van KempenPlus die los staat van de rijksmiddelen die gemeenten ontvangen. Voor de gemeentelijke bijdragen is een verdeelsleutel per deelprogramma vastgesteld. In 2026 zijn de deelprogramma's gelijk aan de afdelingen binnen KempenPlus. o Ondersteuning o Werken o Werk en participatie Om de lasten van huisvesting door te kunnen berekenen aan de deelprogramma's is een inschatting gemaakt van het gebruik door de afdelingen. De huisvestingslasten worden als volgt verdeeld: o Ondersteuning 15% o Werken 70 7o o Werk & Participatie 15% De lasten van de deelprogramma's worden voor de bepaling van de gemeentelijke bijdragen als volgt verdeeld: o Ondersteuning: " 20% volgens de verdeelsleutel van het deelprogramma Werk en Participatie " 30% volgens de verdeelsleutel van het deelprogramma Werken " 50% aan de gemeenten op basis van het aantal inwoners per gemeente. Hiervoor wordt het voortschrijdende gemiddelde gebruikt uit de begroting. o Werken: op basis van het aantal fte uit doelgroepen (Wsw, LKS + nieuw beschut) per gemeente. o Werk en Participatie op basis van het aantal uitkeringsgerechtigden per gemeente.

Peildata voor de kostenverdeling

Bij inwoners, fte in doelgroepen en bij het aantal uitkeringen, wordt uitgegaan van het voortschrijdend d riejaarsgemiddelde. Aantallen worden bepaald op t-2, t-3 en t-4. Dit houdt in dat in de begroting 2026 en de meetmomenten liggen op 1 januari 2024, 1 januari 2023 en 1 januari 2022. Het gemiddeld aantal van die drie meetmomenten wordt gehanteerd. Bij het vormen, onttrekken en storten van bestemmingsreserves wordt de verdeelsleutel gebruikt van het deelprogramma c.q. die van de huisvestingslasten waarop de bestemmingsreserve betrekking heeft. In het deelprogramma Werken hanteert KempenPlus marktconforme tarieven voor de dienstverlening. Dit uitgangspunt geldt voor alle dienstverlening: productie, detachering en voor Groen. Met toepassing van dit uitgangspunt wordt oneerlijke concurrentie voorkomen. In de dienstverlening in de groenvoorziening op vraag van gemeenten wordt ook dit uitgangspunt gehanteerd. Op deze wijze maakt het voor gemeenten geen financieel verschil of KempenPlus of een commercieel bedrijf de werkzaamheden uitvoert. Met advisering door Bizob wordt gestreefd naar meerjarige afspraken met gemeenten over het groenonderhoud.

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 19

Inburgering op basis van maatwerk

De kosten van inburgering worden begroot bij de afdeling Werk à Participatie. Over de uitvoering van deze taak en over de kostenverdeling worden in de voorbereiding van een 1e begrotingswijziging 2025 nieuwe afspraken gemaakt met de deelnemende gemeenten. In afstemming met gemeenten wordt de verwachte instroom bepaald. Deze werkwijze wordt in 2026 voortgezet. Bijzondere Bijstand

Vanaf 2024 is de uitvoering van de Bijzondere Bijstand een verantwoordelijkheid van KempenPlus. Over de uitvoering van deze taak en over de kostenverdeling zijn in 2023 afspraken gemaakt met de deelnemende gemeenten. Deze afspraken worden in 2026 voortgezet. KempenPlus is hierbij volledig afhankelijk van de kosten die GRSK doorbelast aan KempenPlus voor de uitvoering van deze taak. Ook hierbij geldt het voorbehoud, dat bestaande afspraken gelden tot dat het bestuur besluit over een andere wijze van kostenverdeling.

Tabel basisgegevens ten behoeve van de sleutels kostenverdeling Basisgegevens t.b.v. de verdeelsleutels

1-1-2022

1-1-2023

1-1-2024

3 jaars

__________________________________________________________________________________________________________ gemiddelde Aantal uitkeringsgerechtigden Bergeijk

122

110

120

26,490.

Bladel

141

140

126

30,620.

Eersel

110

118

115

25,810.

Reusel-De Mierden

73

75

79

17,080.

totaal

446

443

440

100,000/

Aantal Sw'ers plus BW en LKS Bergeijk

79

76

73

16,360

Bladel

182

188

183

39,640

Eersel

104

99

100

21,680

Reusel-De Mierden

105

105

101

22,310

totaal

471

468

457

100,00/

Inwoneraantallen Bergeijk

18.879

19.092

19.196

25,950

Bladel

20.718

21.009

20.985

28,470

Eersel

19.823

20.004

20.199

27,250

Reusel-De Mierden

13.271

13.542

13.577

18,330

totaal

72.691

73.647

73.957

100,00/

Kadernota 2026

KempenPlus

Pagina 20

Bijlage: Tabel uit Macro Economische Verkenning 2025

Onderstaande tabel is opgenomen om de indexcijfers in beeld te brengen voor de komende jaren. Er is aanmerkelijk verschil tussen de indices van de jaren 2025 en 2026. De totale loonsom 2025 ( doelgroep plus ambtelijk) bedraagt 25 miljoen euro. Vanwege deze omvang werkt een klein verschil in indexering in grote mate door. Voorstel is de indices uit de kolom 2026 toe te passen.

Bijlage 02 MEV25, Aanvullende kerngegevens Nederland, 1970 2028 2021

2022

2023

2024

2025

2026

2027

2028

2,0 5,9 4,7 11,0

6,4

2,4 -1,5

-1,7 -0,9 -0,5 2,6

1,7 4,0 1,8 3,3

1,1 2,1 2,0 2,6

1,4 1,3 1,9 2,6

1,0

1,7

1,7 3,4 4,7 4,8

1,6 2,5

1,3 2,3 4,9 5,4

mutaties per jaar in 96 Investeringen en uitvoer Bruto investeringen bedrijvensector (exclusief woningen) (a) investeringen bednjven in woningen Uitvoer van binnenslands geproduceerde goederen en diensten (exclusief energie) Wederuitvoer (exclusief energie) Prijzen ; overheid ; afgeleide epi en cao-loon marktsector Uitvoerprijs goederen en diensten (excl. energie)

5,5 2,5 0,5 1,7

Afgeleide nationale consumentenprijsindex (epi) Loonvoet sector overheid (b) Prijs overheidsconsumptie: beloning werknemers (b) Prijs materiële overheidsconsumptie (imoc) Prijs intermediair verbruik overheid Prijs bruto overheidsinvesteringen (iboi) Prijs nationale bestedingen Prijs toegevoegde waarde bedrijven Cao-loon marktsector

Kadernota 2026

3,9 5,6 3,4 3,6 2,1 1,9

KempenPlus

1,1 4,5 5,6

-1,2 -0,4

12,4 11,8 6,7 4,9 7,5 9,4 7,0 7,3 6,2 3,0

1,8 3,0 5,9 5,8 5,8 6,1 4,3 5,8 8,4 6,0

3,1 8,4 7,9 4,5 4,4 3,1 4,2 4,5 6,4

2,7 2,8 2,3 2,6 2,9 4,2

2,1 2,0 2,2 2,6 2,2 2,5 2,6 3,7

1,1 2,0 2,3

2,2 3,4

1,3 2,3 4,3 4,5 2,2 0,7

2,1 2,6 2,5 3,6

2,1 2,4 2,4 3,5

Pagina 21

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Eersel&id=a64608b2-381e-456e-ab4f-6054ac51e912