CConstaterende datEersel
Koppel je AI →
Document · PDF

[25.00280] Financiële verordening 2024 - wijzigingen artikelen 2024

Commissievergadering 11 februari 2025, gemeente EerselBij agendapunt: Normenkader 2024 + (aanpassing) Financiële Verordening1.028 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Artikel 3. Inrichting begroting en jaarstukken

1.

Bij de uiteenzetting van de financiële positie in de begroting wordt van de nieuwe investeringen per in- vestering het benodigde investeringskrediet weergegeven.

2.

In de jaarrekening wordt van de investeringen de uitputting van de geautoriseerde investeringskredieten en de actuele raming van de totale uitgaven weergegeven.

3.

In het overzicht van de geraamde incidentele baten en lasten per programma worden posten vanaf € 25.000,- afzonderlijk gespecificeerd.

Artikel 5. Autorisatie begroting, investeringskredieten en begrotingswijzigingen

1. De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de totale lasten en de totale baten per programma. 2. In de begroting worden afwijkingen op productgroepniveau ten opzichte van het vorige begrotingsjaar benoemd van € 25.000,- of meer. De afwijkingen op kapitaallasten en apparaatskosten worden in totaliteit in het programma Overhead toegelicht. 3. De nieuwe investeringen worden bij de begrotingsbehandeling met het vaststellen van de financiele positie geautoriseerd door de raad. Bij de begrotingsbehandeling geeft de raad aan van welke nieuwe in- vesteringen hij op een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie van het investeringskrediet wil ontvangen. 4. Burgemeester en wethouders informeren de raad als zij verwachten, dat de lasten van een programma de geautoriseerde lasten met€ 100.000,- dreigen te overschrijden, de investeringsuitgaven van een investeringskrediet het geautoriseerde investeringskrediet met€ 100.000,- dreigen te overschrijden, of de baten van een programma de geautoriseerde baten met€ 100.000,- dreigen te onderschrijden. De raad geeft aan of hij een voorstel wil voor het wijzigen van de geautoriseerde lasten van het program ma of de prioriteit, voor het wijzigen van het geautoriseerde investeringskrediet, of voor het bijstellen van het beleid. 5.

Voor investeringen in de loop van het begrotingsjaar die niet in de begroting zijn opgenomen, leggen burgemeester en wethouders voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel aan de raad voor. Met uitzondering van de bepalingen zoals opgenomen in de grondnota. Op basis van artikel 160 en 169 van de Gemeentewet hebben burgemeester en wethouders een aantal specifieke bevoegdheden. 6. Projecten waarvoor aan de gemeente een subsidie wordt toegekend, worden alvorens besteding ter besluitvorming aan uw raad voorgelegd. Indien de lasten voor 100% subsidiabel zijn, danwel waar het niet subsidiabele deel reeds in begroting is gedekt uit bestaande dekkingsmiddelen, dan kan deze budgetbijstelling/verantwoording achteraf plaatsvinden. Dit geschiedt bijvoorbeeld indien de subsidievoorwaarden een uiterlijke bestedingsdatum verlangen. 7. Bij de behandeling van de bestuursrapportages in de raad bedoeld in artikel 6, eerste lid, doen burgemeester en wethouders voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde baten en lasten, het wijzigen van de geautoriseerde investeringskredieten en het bijstellen van het beleid. In geval van investeringen met een meerjarig karakter doen burgemeester en wethouders indien nodig ook bij iedere begroting op grond van geactualiseerde ramingen voorstellen voor het wijzigen van de geautoriseerde investeringskredieten. 8.

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd, bij voldoende (structurele) dekking en indien nodig, kleine kredieten/budgetten met een incidenteel karakter vrij te geven tot een maximum van in totaal € 50.000,- per rapportageperiode uit de P&C-cyclus en een met een structureel karakter tot

een maximum van in totaal € 20.000,- per rapportageperiode uit de P&C-cyclus. Over uitgaven op basis van dit artikel wordt in de eerstvolgende bestuursrapportage/jaarstukken verantwoording afgelegd. Artikel 6. Bestuursrapportages en jaarstukken

1. Burgemeester en wethouders informeren de raad twee keer per jaar door middel van bestuursrapportages over de realisatie van de begroting van de gemeente. 2. De bestuursrapportage bevat een uiteenzetting over de gewijzigde uitvoering en de bijstelling van het beleid en een overzicht met de bijgestelde raming van: a. de baten en lasten per programma; b. de investeringen; c. begrotingssaldo; d. mutaties reserves; e. mutaties stelposten. 3. In bestuursrapportages en de jaarstukken worden onder- en overschrijdingen op de ramingen van baten en lasten in de exploitatie van € 25.000,- of meer toegelicht en met betrekking tot de investeringskredieten worden bij de jaarrekening alle onder- en overschrijdingen toegelicht. 4. Gelijktijdig met het aanbieden van de jaarstukken bieden burgemeester en wethouders de raad het voorstel aan over de bestemming van het jaarrekeningresultaat.

Artikel 8. Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantwoording 1. De raad stelt vast op welke wijze hij door middel van de paragraafbedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken, naast de verplichte onderdelen van deze paragraaf, wil warden geïnformeerd over rechtmatigheid. 2. In de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening rapporteren burgemeester en wethouders aan de raad over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van 2% van de totale lasten van de gemeente, inclusief de dotaties aan de reserves. 3. In de paragraaf bedrijfsvoering warden de geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) zo­ als bedoel in artikel 8.2 groter dan € 50.000,- nader toegelicht.

Artikel 10. Begrotingscriterium 1. Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en mutatie reserves en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de finan­ ciële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen; 2. De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 5. 3. Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal

bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd. 4. Uitgangspunt is dat iedere overschrijding van de lasten, investeringskredieten en ongeautoriseerde balansmutaties van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties: a. er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren; b. er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling; c. de overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage; d. De overschrijding als gevolg van wijzigingen in wettelijke bepalingen. 5. Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. 6. Voor afwijkingen van de begroting als gevolg van overschrijdingen van baten en/of onderschrijdingen van lasten, investeringen en baten die ontstaan na de laatste tussenrapportage wordt het melden en het verantwoorden in de jaarrekening als tijdig geduid en daarmee rechtmatig.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Eersel&id=ebfb5b90-aae9-406a-91f5-747ac4a6b72b