[24.14942] Aanvullende technische vragen n.a.v. antwoord op schriftelijke vraag 39
Tekst van het document
*24.14942*
Beantwoording toezegging Onderwerp:
Aanvullende technische vragen n.a.v. antwoord op schriftelijke vraag 39
Portefeuillehouder:
S.P.G. Kox
Datum:
23 mei 2024
Betreft:
Beantwoording toezegging ID uit commissie of raad d.d. 23 mei 2024
Zaaknummer:
Z24000501
A. Algemeen Artikel 25 Besluiten door het bestuur 1. Het algemeen bestuur maakt van de bevoegdheden genoemd in lid 2 van dit artikel, geen gebruik dan nadat de raden een ontwerpbesluit of een voornemen tot vaststelling is toegezonden en zij gedurende een periode van ten minste 8 weken in de gelegenheid zijn gesteld schriftelijke zienswijzen, respectievelijk wensen en bedenkingen ter kennis te brengen van het algemeen bestuur. 2. Besluiten, waarop lid 1 van dit artikel van toepassing is betreffen: a. het vaststellen van de regionale agenda; b. het oprichten van onderscheidenlijk deelnemen in stichtingen, maatschappen, vennootschappen en coöperaties en verenigingen, dan wel de ontbinding daarvan of beëindiging van deelneming daarvan, onverminderd het bepaalde in artikel 31a van de wet. c. Een gemeenschappelijke regeling tussen het openbaar lichaam en andere openbare lichamen vast te stellen en te wijzigen, alsmede het toetreden tot en het uittreden uit een dergelijke gemeenschappelijke regeling. 3. Het bestuur kan besluiten andere dossiers dan die genoemd in het tweede lid, te onderwerpen aan dezelfde voorhangprocedure als bedoeld in het eerste lid. Daartoe behoort in ieder geval: a. een voorstel voor het instellen van een commissie als bedoeld in artikel 22 van de regeling; b. een voorstel voor een liquidatieplan in verband met een voorgenomen opheffing van de regeling. 4.
Het bestuur beslist niet over een voorstel alvorens de raden om zienswijzen zijn gevraagd, wanneer ten minste een vijfde van de gemeenteraden het bestuur hierom verzoekt. 5. Indien het vierde lid wordt toegepast, dan hebben de raden twaalf weken de tijd hun zienswijzen bij het dagelijks bestuur naar voren te brengen. 6. In spoedeisende gevallen kan het bestuur afzien van het vragen van zienswijzen, respectievelijk wensen en bedenkingen. Het dagelijks bestuur stelt de raden hiervan schriftelijk en gemotiveerd op de hoogte. 7. Voorafgaand aan het nemen van het besluit, waarover de zienswijze, respectievelijk wensen en bedenkingen gegeven zijn, stelt het dagelijks bestuur de raden van de deelnemende gemeenten en, indien het een besluit van het algemeen bestuur betreft, het algemeen bestuur, schriftelijk en gemotiveerd in kennis van het oordeel over de zienswijzen, alsmede van de eventuele conclusies die het daaraan verbindt. Artikel 25 is een wijziging van een artikel dat al in de regeling was opgenomen (als artikel 24). In artikel 25 is vastgelegd voor welke besluiten een zienswijze procedure gevolgd wordt. In het bestaande artikel 24 was ook al opgenomen dat het algemeen bestuur geen gebruik maakt van de 24.14942
mogelijkheden om de raden een reactie te vragen indien naar het oordeel van algemeen bestuur om redenen van spoed eerdere besluitvorming noodzakelijk is. Artikel 25 (en voorheen art 24) geven ook al invulling aan Wgr art 10.5 dat een regeling bepalingen in houdt over de besluiten van het bestuur van het openbaar lichaam (…) waarover de raden van de deelnemende gemeenten een zienswijze naar voren kunnen brengen voorafgaand aan het nemen van het besluit. In de Wgr is alleen voorgeschreven dat voor de begroting van de GR een zienswijze procedure gevolgd moet worden. In het tweede lid van artikel 25 staan de besluiten omschreven waarvoor op grond van de regeling een zienswijze gevolgd moet worden voordat het AB daarover een besluit neemt. Aanvullend kunnen zowel het dagelijks bestuur als het algemeen bestuur besluiten (op grond van het derde lid) om een zienswijze procedure onderdeel te maken van een voorgenomen besluit. Op grond van het vierde lid wordt een zienswijze ook toegepast als tenminste een vijfde van de gemeenteraden daarom vraagt. Het zesde lid geeft zowel het dagelijks bestuur als het algemeen bestuur een grond om af te zien van een zienswijzen procedure voor een voorgenomen besluit ook als dat genoemd wordt in dit artikel of gevraagd is door het vijfde deel van de raden. Het gaat dan om spoedeisende gevallen.
Er is geen lijst opgenomen om welke besluiten het gaat dus elk ander besluit dan genoemd in dit artikel kan eronder vallen. In de afgelopen jaren is volgens mij slechts eenmaal een voorgenomen besluit aan de raden voorgelegd voor zienswijzen (bestemming van een jaarresultaat). Dit zou als voorbeeld genoemd kunnen worden. Er is geen omschrijving opgenomen wat een spoedeisend geval is. Een zienswijzen procedure voegt minimaal 8 -12 weken toe aan het moment waarop het DB of AB een besluit neemt. Het hangt dan van de aard van het te nemen besluit af of de urgentie daarvan rechtvaardigt dat die zienswijzen procedure niet wordt toegepast. Het dagelijks bestuur moet op grond van het zesde lid de raden daarover schriftelijk en gemotiveerd op de hoogte stellen, dus uitleggen wat het spoedeisende belang is. Het dagelijks bestuur en elk van zijn leden afzonderlijk zijn aan het algemeen bestuur verantwoording schuldig over het door het dagelijks bestuur gevoerde bestuur (GR MRE, art 28) Het lid van het algemeen bestuur is aan de raad, die dit lid heeft aangewezen verantwoording schuldig over het door hem of haar in het algemeen bestuur gevoerde beleid (GR MRE art 30). Als het AB besluit om van een zienswijzen procedure af te zien zal dat met een meerderheid van stemmen genomen moeten worden. Het komt uiteraard vaker voor dat AB besluiten niet unaniem zijn.
In feite gaat het er dan om of een meerderheid van de AB leden vindt dat de spoedeisendheid voldoende onderbouwd is. Raden kunnen op grond van artikel 30 hun AB lid daarover om verantwoording vragen maar er is geen mogelijkheid voorzien dat een of meer raden een dergelijk besluit kunnen blokkeren. Het vierde lid is bedoeld om raden de gelegenheid te geven om een zienswijzenprocedure te verzoeken, niet om ervan af te zien. B. Beantwoording vragen: • Wat valt er onder de niet wettelijke verplichting voor een zienswijzeprocedure, want als ik het goed begrijp zijn dat de enige punten waarbij het AB kan afzien van deze procedure. Antwoord - Zie uitleg hierboven. Voor de begroting of de aanpassing van de gemeenschappelijke regeling is een zienswijzenprocedure verplicht. Daarnaast kan het AB/DB vragen om zienswijze. In de regeling is niet benoemd om welke zaken dat gaat. Het AB/DB moet daar een keuze in maken. • Het AB kan afwijken als het voldoende onderbouwd is maar degene die bepaald of het voldoende onderbouwd is, is het AB zelf. In het kader van de slager die zijn eigen vlees keurt zou dit minimaal een andere partij moeten zijn, mijn inziens de betrokken gemeente. 2 24.14942
Dit zou dan als vervanging kunnen zijn van het VETO, maar deze gemeente moet dit dan ook voldoende onderbouwen. Zouden jullie kunnen uitzoeken of dit mogelijk is om dit toe te laten voegen? Antwoord – Aanpassen van de gewijzigde Gemeenschappelijke Regeling is in dit stadium niet meer mogelijk. We hebben eerder een reactieperiode doorlopen. Nu zijn we aan de vaststelling toe. Wijzigen betekent niet in stemmen. De gewijzigde regeling kan daarmee niet voor 1 juli 2024 (wettelijke verplichting) in werking treden. Vaststelling vraagt namelijk eensluidende besluiten van alle 21 raden en colleges. • Als 1/5 van alle MRE gemeenten er om vraagt dan kan het AB van de zienswijzeprocedure afzien. Moet er bij dit aantal ook de betrokken gemeente(s) zitten waar het project zich bevindt? En als dit niet zo hoeft te zijn kan/kunnen de gemeente(s) waarop het betrekking heeft hier bezwaar tegen maken? 16-05-2024: De aanvullende technische vragen van ESA ontvangt de griffie op 17-052024. Antwoord – Deze veronderstelling klopt niet. Het is andersom. Het bestuur kan in spoedeisende gevallen besluiten geen zienswijzeprocedure te doorlopen, dit moet goed onderbouwd worden. Zoals aangegeven zal dit niet of zeer zelden aan de orde zijn.
Mochten ten minste een vijfde van de gemeenteraden van mening zijn, dat wel een zienswijzenprocedure moet worden doorlopen, dan kunnen ze daartoe een verzoek in dienen / dit kenbaar maken.
3 24.14942