CConstaterende datEersel
Koppel je AI →
Document · PDF

[23.23327] - Bijlage 3 Memo RBOB De Kempen Huisvesting en scenario's 't Busseltje 19 januari 2023

Raadsvergadering 23 januari 2024, gemeente EerselBij agendapunt: Tijdelijke huisvesting ten behoeve van uitbreiding openbare basisschool 't Busseltje2.821 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RBOB De Kempen

Huisvesting en scenario's OBS 't Busseltje 19-1-2023

Inleiding OBS 't Busseltje is gehuisvest in een schoolgebouw uit 1977 met aanpassingen uit het jaar 2000 en 2012. Gemeente Eersel is eigenaar van het gebouw. De afgelopen jaren is er gebruik gemaakt van een noodunit met daarin vijf lokalen. Deze waren noodzakelijk om te voldoen aan de ruimtebehoefte van de school. Zeer recent zijn er lokalen aangebouwd en is de noodunit weggehaald. In de school is een kinderopvang en een locatie van de GGD (Consultatiebureau) aanwezig. Er is sprake van dubbelgebruik voor enkele ruimtes. Deze ruimtes worden zowel voor BSO als voor onderwijs gebruikt en daarnaast is één van de groepsruimtes van de kinderopvang in gebruik als kleuterlokaal. Aanleiding voor deze analyse is een meer inhoudelijke toelichting van de aanvraag voor onderwijsvoorziening die recent (9 december 2022) is ingediend bij gemeente Eersel.

1. Leerlingprognoses In tabel 1 is de prognose, opgesteld door Pronexus in april 2022, weergegeven. De laatste rij van de tabel bestaat uit de daadwerkelijke aantallen van bekostigde leerlingen op 't Busseltje. Voor de helderheid van de vergelijking wordt dezelfde telling gehanteerd als door Pronexus. Dus leerlingaantal 2019 staat bij 2020, 2020 bij 2021, etc. Tabel 1; Prognoses en aantallen

Prognoses Gemeente 2022

2021

2022

2023

2024

2025

2026

2027

2032

2037

2042

316

311

351

354

357

365

368

385

390

386

316

331

357

3591

(Pronexus, 2022) Daadwerkelijke Aantallen (OBS 't Busseltje, 2021)

2. Vierkante (onderwijs)meters Om een inschatting te maken van de ruimte die nodig is voor onderwijs en opvang wordt met name gekeken naar het Bruto-vloeroppervlak (hierna BVO). Na de laatste uitbreiding beschikt 't Busseltje over een BVO van 1800 m2. Dat is passend bij het leerlingaantal van 2020, maar geeft bij het leerlingaantal vanaf 2021 al een ruimtegebrek. De huidige oplossing voor het ruimtegebrek is het gebruik van een groepsruimte van de kinderopvang als 14e lokaal. Dit is echter geen duurzame oplossing.

3. Samenwerking met de partners in Brede School 't Busseltje Op dit moment wordt een nieuw IHP opgesteld. Hierin zal gekeken worden naar de langeretermijn ontwikkelingen voor 't Busseltje. Een permanente uitbreiding is afhankelijk van het IHP. Deze oplossing zal dus langer op zich laten wachten. Dat betekent dat de enige manier om meer ruimte te creëren, gezocht moet worden in het huidige gebouw. Het gebouw wordt op dit moment gebruikt door drie partijen. De school, de kinderopvang en de GGD. Deze samenwerking is ontstaan vanuit de wens van gemeente Eersel om een Brede 1 Op basis van huidige inschrijvingen en rekening houdend met huidige groep 8 leerlingen die uitstromen

1 Huisvestingsuitdagingen 't Busseltje

RBOB De Kempen School (of IKC) te starten op de locatie van 't Busseltje (Gemeente Eersel, 2010). Het doel van een brede school is de ontwikkelingskansen van kinderen en hun ouders te vergroten en een actieve deelname van kinderen aan de samenleving te bevorderen (Joos & Ernalsteen, 2010). Het is derhalve van belang om de samenwerkingen binnen de brede school nader te omschrijven. 3.1 Kinderopvang Door de stijging van het leerlingenaantal op 't Busseltje stijgt tevens de vraag naar kinderopvang. Op dit moment wordt er een groepsruimte van de kinderopvang (hierna; Nummereen) gebruikt door de school. Nummereen heeft aangegeven de ruimte zelf nodig te gaan hebben om te voldoen aan de opvangvraag vanuit de wijk en regio. In het IHP van 2018 staat aangegeven dat de gemeente ruimte voor dubbelgebruik aangemerkt heeft. Deze ruimte mag niet gezien worden als onderwijsruimte en dient in overleg tussen onderwijs en opvang inrichting te krijgen, zowel fysiek als in uren (Gemeente Eersel, 2018). De huidige samenwerking betekent dat de ruimte onder schooltijd als lokaal in gebruik is en na schooltijd als BSO ruimte. In het belang van de kinderen en voor de optimale ontwikkelkansen voor kinderen, is een concrete samenwerking tussen kinderopvang en onderwijs van meerwaarde (Paardenkooper, 2021).

Een vergaande samenwerking waarbij er weinig tot geen drempels worden ervaren, wordt door ouders als ontzorgend ervaren en gezien als meerwaarde voor de kinderen (MWM2; Blom, J.; Reinhartz, A.; van der Zanden, R., 2020). Het mag dus evident zijn dat de samenwerking tussen de opvang en de school eerder geïntensiveerd moet worden dan gesegregeerd. Dit ligt in lijn met de wens vanuit de gemeente, het ruimtegebrek is hierin echter een belemmerende factor. De ruimte die voor kinderopvang gereserveerd is, komt neer op 364 m2 BVO. 3.2 GGD Naast de kinderopvang is er een ruimte gereserveerd voor de GGD (voorheen Zuidzorg). Er is geen sprake van een samenwerking tussen school en de GGD. Een mogelijke verklaring hiervoor is te vinden in het verschil van doelgroep. Om een intensieve samenwerking binnen een brede school te kunnen vormgeven zijn er enkele factoren van belang. Met name het nastreven van hetzelfde doel voor kinderen, dezelfde doelgroep bedienen en ontschotting met het loslaten van de eigen organisatorische cultuur, zijn belangrijk voor een succesvolle samenwerking (van der Star, 2019). De samenwerking tussen GGD en de andere partijen gaat niet verder dan het delen van ruimte. Het consultatiebureau heeft een eigen ingang en kan vanwege wet en regelgeving (Wet AVG) geen informatie overdragen over kinderen.

Daarnaast is de doelgroep van de GGD maar voor een beperkte mate overeenkomstig met de school, aangezien zij de kinderen van 0-18 jaar bedienen. Er zijn enkele overleggen geweest met de GGD. Zij zien de ruimte op het Busseltje als een goede locatie A-locatie voor de GGD, maar met de verschuiving van de doelgroep (van 0-12 naar 0-18 jaar) en door het ruimteprobleem op de school, zien zij dat dit ook mogelijke gevolgen heeft voor de aanwezigheid van de GGD in het gebouw. In de oriënterende gesprekken is gebleken dat er alternatieven in Eersel zijn qua locaties, maar de GGD zal deze beslissingen niet nemen zonder de noodzakelijke toestemming en medewerking van de gemeente. De ruimte die voor de GGD is gereserveerd, is 143 m2 BVO.

4. Alternatieve ruimte elders Voor de zomervakantie was het ruimtegebrek nog urgenter dan op dit moment. Nummereen kinderopvang had de intentie om de ruimte voor gezamenlijk gebruik in te zetten voor dagopvang. Vanwege personeelstekorten is er gekozen om dit besluit met een jaar uit te stellen. Deze urgentie

2 Huisvestingsuitdagingen 't Busseltje

RBOB De Kempen zal dus augustus 2023 wederom spelen. Het is dus van groot belang om het probleem nu al op te pakken. Een alternatief waar gemeente Eersel over gesproken heeft, is het gebruiken van beschikbare onderwijsmeters op een andere onderwijslocatie binnen Eersel. Op de basisscholen in de dorpskern Eersel is geen sprake van overschot qua onderwijsvierkante meters. De enige optie is gebruik maken van de beschikbare ruimte op het Rythovius College. Aangezien het ruimtegebrek structureel zal zijn en de duurzame oplossing, voortkomend uit het IHP, niet binnen korte termijn gerealiseerd zal worden (3-5 jaar, afhankelijk van de plannen) zal het gebruik van ruimte op het Rythovius College ook minimaal voor diezelfde termijn gaan gelden. Daarmee is er geen sprake van een tijdelijke oplossing, maar eerder van het starten van een dislocatie van 't Busseltje. In de praktijk zal dit betekenen dat er drie groepen 7-8 (de bovenbouw) naar het Rythovius zal moeten gaan. Hoewel wij begrijpen dat het vanuit een financieel oogpunt mogelijk een aantrekkelijke optie is, is het onderwijsinhoudelijk qua schoolontwikkeling funest en zal het negatieve gevolgen hebben voor de ontwikkeling van de kinderen in de betreffende groepen en op de collegiale samenwerking tussen de medewerkers.

4.1 Visie en schoolontwikkeling Een van de belangrijkste verbindende factoren voor het ontwikkelen van goed, toekomstbestendig onderwijs is de visie van de school essentieel (Verbiest, et al., 2005). OBS 't Busseltje is in schooljaar 2021-2022 een traject ingeslagen om het onderwijs op de school te verdiepen, verbeteren en meer toekomstbestendig te maken. Een belangrijke keuze hierbij is meer groep doorbrekend te werken en, standaard, te gaan werken met combinatiegroepen. Hiermee kan de school veel beter tegemoet komen aan de verschillen tussen kinderen, beter aansluiten bij de diverse onderwijsbehoeftes en daarmee meer passend onderwijs bieden (Bos, 2013). Er is samenwerking tussen de verschillende groepen in een leerjaar, maar ook tussen de leerjaren onderling. Groepen in een ander gebouw plaatsen, heeft dus ook direct gevolgen voor het coöperatieve leren van de kinderen. Deze onderwijsontwikkeling heeft het nodig dat de schoolleider aanwezig en betrokken is om bij te sturen, vragen te stellen, het onderwijs te observeren en de onderwijskundige dialoog te stimuleren (Verbiest, et al., 2005). Voor de leerkrachten is het essentieel om direct te kunnen sparren met collega's, het onderwijs samen voor te bereiden en dagelijks afstemmingsoverleg te kunnen voeren (Ledoux, Karsten, Breetvelt, Emmelot, & Heim, 2007).

Door drie groepen (volgend schooljaar waarschijnlijk vier) van de bovenbouw te verplaatsen naar een ander gebouw, worden deze noodzakelijke factoren ernstig belemmerd. Leerkrachten zullen elkaar minder ontmoeten en de schoolleider en de zorgcoördinator (OC'er) zullen hun aanwezigheid moeten verdelen over verschillende gebouwen. Daarnaast zijn er diverse ondersteunende functies werkzaam binnen de school, waardoor kinderen in kleine groepen worden begeleid, remedial teaching krijgen of extra ondersteuning onder supervisie van een onderwijsassistent of leerkrachtondersteuner. Deze extra ondersteuners halen de hele dag door kinderen uit de groep en deze roosters zijn afgestemd op de roosters van de groepen. Deze ondersteuning is niet te bieden, als er sprake is van reistijd tussen verschillende locaties. Dit zal de extra ondersteuningsmogelijkheden van de school ernstig belemmeren.

4.2 Afstand en veiligheid Hoewel de afstand tussen het Rythovius college en OBS 't Busseltje klein lijkt (1,3 km) betekent dit in de praktijk een wandeling van 20 minuten voor onze leerlingen, leerkrachten of ouders om op de hoofdvestiging te komen. Uiteraard kan er gebruik gemaakt worden van een fiets (5 minuten) of de auto (4 minuten). Er kan echter niet ervan uitgegaan worden, dat alle kinderen de beschikking hebben over een fiets of dat zij deze mee kunnen nemen naar school. De afstand tussen de twee 3 Huisvestingsuitdagingen 't Busseltje

RBOB De Kempen locaties is te groot voor de kinderen om contact te hebben met de andere groepen van de school tijdens pauzes of vieringen. In de praktijk betekent dit, dat de groepen die op het Rythovius geplaatst worden, geen verbinding meer hebben met de kinderen die op de hoofdlocatie zitten. Voor ouders wordt het brengen en halen van kinderen lastiger, met name als ze kinderen uit verschillende leeftijdscategorieën hebben. Naast de afstand, maakt de school zich zorgen over veiligheid. De basisschool is een andere setting dan het voortgezet onderwijs. Zowel qua fysieke als mentale veiligheid ziet de school risico's in het plaatsen van groepen op het Rythovius College. Voor sociale veiligheid van basisschool leerlingen zijn andere interventies van belang dan bij de sociale veiligheid voor leerlingen van het voortgezet onderwijs (Mooij, de Wit, & Fettelaar, 2011). Daarnaast is de doorgaande lijn in afspraken over sociale veiligheid, het hanteren van dezelfde gedragsregels en de rol van de schoolleiding essentieel voor het neerzetten van een veiligheidsbeleid voor (jonge) kinderen (New Leaders, 2012). Ten aanzien van de fysieke veiligheid moet er gerealiseerd worden, dat er veel aanpassingen nodig zullen zijn aan lokalen op het Rythovius, voor deze geschikt zijn voor het aanbieden van Primair onderwijs.

Een eerste verkenning van het programma van eisen (Kenniscentrum Ruimte-OK, 2012) geven de volgende aandachtspunten; -

-

Er moet een aparte entree zijn voor de kinderen, gescheiden van de kinderen van het Rythovius. De route naar het deel van de school voor de kinderen moet goed aangegeven zijn. Het gebouw moet meerdere doorkijkjes hebben op kijkhoogte van de leerlingen. Er mogen geen 'blinde' ruimtes zijn. De ruimtes moeten qua kleur, materiaal en meubilair afgestemd zijn op de doelgroep. Er is een eigen ruimte voor de leerkrachten in het gebouw (los van de leerkrachten van het Rythovius). Minimaal 5 m2 speelterrein per leerling PO. Dat is dus ongeveer 375 m2 speelterrein, apart van de leerlingen van het Rythovius. Deze buitenruimte moet afgezonderd zijn van de rest van het plein. Er is een keukenvoorziening voor de groepen aanwezig (aanrechtblok en wastafel). Er is een separate garderobe Er is opslagruimte voor de groepen aanwezig (afsluitbaar). De ventilatie is op orde conform de laatste richtlijnen. Er is geen sprake van geluidsoverlast.

4.3 Efficiëntie en middelen Los van de investeringen die gedaan zullen moeten worden om de aanpassingen te realiseren zoals die omschreven staan in de vorige paragraaf, zijn er meer zorgen rondom efficiëntie en middelen. Om een dislocatie goed te laten functioneren, is meer nodig dan fysieke ruimte. Het vraagt ook ICT middelen, met bijbehorende beveiliging, facilitaire zaken als een kopieerapparaat of koffie en thee, sleutels van de gebouwen, afstemming overleggen met het Rythovius en nog een hoop grote en kleine zaken waar nu nog niet aan gedacht is. Het klinkt efficiënt om het gebrek aan onderwijsruimte op de ene school tijdelijk op te lossen met het overschot aan onderwijsruimte elders, maar in de praktijk zijn de ervaringen alles behalve positief (Waslander, 2016 ). OBS 't Busseltje heeft al ervaringen met een tijdelijke unit tegen de school aan. Deze ervaringen waren al meer negatief dan positief, het idee van een dislocatie op de afstand die het Rythovius heeft van de school,zal alleen maar negatieve gevolgen hebben voor de schoolontwikkeling en (als logisch gevolg) op de ontwikkeling van de kinderen op de school. 4 Huisvestingsuitdagingen 't Busseltje

RBOB De Kempen 5. Conclusie en aanbevelingen Gezien de stijging van leerlingen, de ontwikkelingen qua aantallen in de toekomst en het huidige leerlingaantal, is het gebouw van 't Busseltje te klein. Op het moment dat de de groepsruimte van Nummereen teruggegeven moet worden, heeft het onderwijs per direct ongeveer 145 m2 BVO tekort (of 2 lokalen). Er zijn grofweg drie mogelijkheden om het ruimtegebrek op te lossen. -

-

-

De ruimte van de GGD wordt momenteel weinig gebruikt. Kijkend naar het doel van een brede school, het creëren van optimale ontwikkelmogelijkheden voor kinderen, is de samenwerking tussen kinderopvang en onderwijs van groot belang. Deze twee partijen zitten momenteel qua ruimte elkaar in de weg. De GGD werkt niet samen met de verschillende partijen. De ruimte die gereserveerd is voor de GGD( 143 m2) zou het ruimteprobleem op kunnen lossen. Hiervoor is echter toestemming van de gemeente (en een alternatieve locatie voor de GGD) noodzakelijk. In een eerdere oriëntatie is al gebleken dat de ruimte geschikt is voor het realiseren van 2 klaslokalen. Er wordt gekozen voor ruimte op het Rythovius College. Zoals toegelicht in hoofdstuk 4 van deze memo, heeft dat absoluut niet de voorkeur door de negatieve gevolgen op de onderwijsontwikkeling, de veiligheid van de leerlingen en de kosten die dit gebruik met zich mee gaat brengen. In het verleden hebben er noodunits gestaan bij de school. Hoewel dit alles behalve ideaal was, is dit een mogelijkheid die in het verleden werkbaar is gebleken. Deze optie is niet verder verkend in deze memo.

Ron Schoonhein Groepsdirecteur RBOB de Kempen

5 Huisvestingsuitdagingen 't Busseltje

RBOB De Kempen Bibliografie Bos, A. (2013). Passend Onderwijs met Onderwijsarrangementen in Combinatiegroepen in de Basisschool. Amsterdam: OU. Gemeente Eersel. (2010). Integraal Huisvestingsplan (IHP) Gemeente Eersel 2010-2024. Eersel: Gemeente Eersel. Gemeente Eersel. (2018). Integraal Huisvestingsplan (IHP) Onderwijs 2018-2032 gemeente Eersel. Eersel: Gemeente Eersel. Gemeente Eersel. (2021, 11 4). Leeftijdsopbouw gemeente Eersel 1 januari 2021. Opgehaald van eersel.nl: https://www.eersel.nl/_flysystem/media/leeftijdsopbouw-1-1-2021_0.pdf Joos, A., & Ernalsteen, V. (2010). Wat is een brede school? Een referentiekader. Gent: Steunpunt Diversiteit & leren. Joos, A., Ernalsteen, V., Engels, M., & Morreel, E. (2010). De impact van Brede School: Een verkennend onderzoek. . Gent: Steunpunt diversiteit & leren. Kenniscentrum Ruimte-OK. (2012). Het Kwaliteitskader Huisvesting funderend onderwijs. Noordeloos: Het Noorderhuis. Ledoux, F., Karsten, S., Breetvelt, I., Emmelot, Y., & Heim, M. (2007). Vernieuwing van zorgstructuren in het primair en voortgezet onderwijs. Een analytische evaluatie van de herijking van het zorgbeleid. Amsterdam: Kohnstamm Instituut van de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen: Universiteit van Amsterdam. Mooij, T., de Wit, W., & Fettelaar, D. (2011). Sociale veiligheid in en rond scholen; Primair en Voortgezet onderwijs 2006-2010.

Nijmegen: Radboud Universiteit . MWM2; Blom, J.; Reinhartz, A.; van der Zanden, R. (2020). School & Kinderopvang; Hoe staan ouders (inhoudelijk) tegenover kinderopvang en onderwijs? Amsterdam: MWM2. New Leaders. (2012). Playmakers: how great principals build and lead great teams of teachers. New York: New Leaders. OBS 't Busseltje. (2021, november 4). Parnassys leerlingtelling per peildatum. Eersel. Paardenkooper, A. (2021). Met zelfvertrouwen naar school: Het belang van een goede samenwerking tussen opvang en onderwijs in de begeleiding van peuters en kleuters. Utrecht: Universiteit Utrecht. Pronexus. (2022). Leerlingprognose en ruimtebehoefte basisonderwijs 2022; gemeente Eersel. Eersel: Pronexus. van der Star, A. (2019). Over het schoolhek heen; interdisciplinair samen werken, ontwikkelkansen voor professionals en leerlingen. Huizen: Uitgeverij Pica. Verbiest, E., Teurlings, C., Ansems, E., Bakx, A., Grootswagers, A., Heijmen-Versteeg, I., . . . Uphoff, W. (2005, augustus). Collectief leren en de rol van de schoolleider. Verbinden van schoolontwikkeling en professionalisering. Basisschoolmanagement 18, pp. 26-35. Waslander, S. (2016 , April). Huisvestingsbeleid en nieuwe scholen; Over de noodzaak van een geografisch perspectief op onderwijs. Beleid en Maatschappij (43) 4, pp. 28-48. 6 Huisvestingsuitdagingen 't Busseltje

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Eersel&id=1dbce7cf-1e6e-420b-a323-fcbc7df9e1bb