CConstaterende datEersel
Koppel je AI →
Document · PDF

[23.22600] - Eindrapport Burgerinitiatieven in Eersel

Raadsvergadering 23 januari 2024, gemeente EerselBij agendapunt: Onderzoek Rekenkamercommissie Burgerinitiatieven in Eersel9.614 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Burgerinitiatieven in Eersel Eindrapport project 7579 20 november 2023

PBLQ verbinders in de informatìesamen leving

Inhoudsopgave Voorwoord

1

1.

Een onderzoek naar burgerinitiatieven

2

1.1 1.2 1.3 1.4

Aanleiding en doelstelling van het onderzoek Onderzoeksvragen Normenkader Werkwijze

2 2 3 4

2.

Visie en Beleid

6

2.1 2.2 2.3

Participatieprogramma Dorpen Maken het Verschil Cultuuromslag Beantwoording onderzoeksvragen

6 8 10

3.

Uitvoering in de praktijk

11

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6

Werkwijze bij burgerinitiatieven Burgerinitiatieven sinds 2018 Leren en evalueren Opvattingen en ervaringen van initiatiefnemers Betrokkenheid van de gemeenteraad Beantwoording onderzoeksvragen

11 12 13 14 15 17

4.

Beoordeling, conclusies en aanbevelingen

19

4.1 4.2

Toetsing aan het normenkader Conclusies en aanbevelingen

19 20

5.

Bestuurlijke reactie van het College van B&W

22

Bijlage A

Geïnterviewde personen

23

Bijlage B

Bestudeerde documentatie

23

Bijlage C

Voorbeelden uit de praktijk

24

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

Voorwoord Voor u ligt het resultaat van ons onderzoek naar burgerinitiatieven. En hoewel dit onderwerp (in middelen gemeten) slechts een buitengewoon klein thema is binnen de gemeentelijke huishouding, lijkt de invloed daarvan op de relatie tussen inwoner en gemeentebestuur van Eersel significant veel omvangrijker. Vertrouwen in de gemeente Eersel, als de voor onze inwoners dichtstbijzijnde overheid, is -anno 2023- van cruciaal belang voor alle andere taken die de gemeentelijke organisatie in opdracht van het bestuur dagelijks voor haar inwoners uitvoert. En vertrouwen veronderstelt bekendheid en in de Eerselse context nabijheid van diezelfde gemeentelijke organisatie. Het gevoel dat de gemeente Eersel omziet naar het welzijn van haar inwoners en haar gemeenschappen en bijdraagt aan initiatieven die daaraan bijdragen. Hoe klein ook. Het zijn immers vaak ‘de kleine dingen die het doen’.1 Zo ook in Eersel. Het is een voortdurend zoeken naar de balans tussen hetgeen we van goedwillende vrijwilligers mogen en kunnen verwachten en de eisen en regels die er nu eenmaal bestaan wanneer een gemeentelijke organisatie met gemeenschapsgeld aan de slag moet. Niet alles meetbaar, zo zagen we, maar Eersel staat er wat betreft initiatieven en de tevredenheid daarover onder inwoners en raadsleden goed op. Dat stemt tot tevredenheid, niet tot terughoudendheid. Zoveel is duidelijk.

Wij wens u veel leesplezier toe en zien uit naar de behandeling in uw raad.

Hein-Willem Vlemmix voorzitter

1 Tekst en muziek: Hans Peters jr. (1971) pagina 1/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

1.

Een onderzoek naar burgerinitiatieven

1.1

Aanleiding en doelstelling van het onderzoek

Burgers anno 2023 zijn mondig en communicatief vaardiger dan ooit. Zij willen niet alleen betrokken worden bij initiatieven van de overheid, zij willen ook de ruimte om, zonder gehinderd te worden door de overheid, zelf activiteiten en initiatieven te ontplooien. Die ontwikkeling is aan Eersel niet voorbijgegaan. Ook daar ondernemen inwoners allerlei initiatieven. Van belang is dat de gemeente zich rekenschap geeft van deze ontwikkelingen en het beleid toesnijdt op de wensen en verwachtingen in de lokale gemeenschap. In het huidige coalitieakkoord staat dat het bestuur initiatieven en kansen vanuit inwoners op een laagdrempelige wijze ruimte wil geven, met name als dat gewenste ontwikkelingen binnen de dorpen en buurtschappen versterkt. In 2018 heeft de rekenkamercommissie Kempengemeenten reeds een onderzoek naar burgerinitiatieven gedaan. In het rapport uit 2018 staat dat Eersel behoudend is ten opzichte van burgerinitiatieven. De vraag is hoe nu de opstelling van de gemeente is. In het verlengde daarvan is de vraag opportuun in hoeverre de aanbevelingen uit het vorige onderzoek zijn opgevolgd en hebben geleid tot een verbetering van de praktijk. Deze zaken worden in dit rekenkameronderzoek onderzocht.

Bij dit onderzoek staat de volgende onderzoeksvraag centraal: Welke ervaringen heeft de gemeente Eersel in de afgelopen zeven jaar met burgerinitiatieven opgedaan en welke lessen zijn daaruit te trekken voor de komende jaren? Het trekken van lessen uit de ervaringen van voorgaande jaren heeft tevens als doel om met het rekenkameronderzoek een bijdrage te leveren aan de besluitvorming in de raad over de nieuwe participatienota. Deze wordt dit najaar naar verwachting in de raad behandeld. PBLQ heeft in opdracht van de rekenkamercommissie invulling aan dit onderzoek gegeven. In dit rapport leest u de resultaten. Vooraf is het goed om helder te maken over welke vorm van participatie we spreken. Bij participatie kan er onderscheid worden gemaakt tussen burgerparticipatie en overheidsparticipatie. Als gesproken wordt over burgerparticipatie komt het initiatief vanuit de gemeente zelf. De inwoners worden dan uitgenodigd om inbreng te hebben bij de totstandkoming van de gemeentelijke plannen en beleid. Als gesproken wordt over overheidsparticipatie ligt het initiatief in de lokale gemeenschap en wordt de overheid (al dan niet) verzocht om een bijdrage te leveren aan de realisatie van die initiatieven. In dit onderzoek wordt geen aandacht besteed aan burgerparticipatie. Het onderzoek concentreert zich op initiatieven vanuit de gemeenschap. Die worden aangeduid als burgerinitiatieven.

1.2

Onderzoeksvragen

De centrale vraagstelling is uitgewerkt in een aantal deelvragen die onder meer aansluiten bij de vragen die in 2018 ook aan de orde waren. De deelvragen kennen drie verschillende thema’s. pagina 2/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

Beleid en kaderstelling 1. Welk(e) doelstellingen en beleid hebben raad en college vastgesteld ten aanzien van burgerinitiatieven? 2. Hoe hebben de aanbevelingen uit het onderzoek uit 2018 invloed gehad op het beleid? Hebben er naar aanleiding van het onderzoek wijzigingen plaatsgevonden? Uitvoering in de praktijk 3. Hoe organiseert de gemeente burgerinitiatieven in de praktijk? 4. Welke voorbeelden (casussen) van burgerinitiatieven kent de gemeente Eersel sinds 2018? Hoe zijn deze initiatieven verlopen? 5. Wat was de opbrengst van deze voorbeelden van burgerinitiatieven? Worden de doelen behaald? 6. Hoe hebben inwoners van Eersel het verloop van de initiatieven ervaren? 7. Hoe vervullen raad, college en ambtelijke organisatie hun rol met betrekking tot burgerinitiatieven? 8. Hoe is de informatievoorziening aan de raad geweest? 9. Hoe ervaren en beoordelen betrokken medewerkers het huidige beleid en welke mogelijkheden zien zij voor verbetering? Handvatten voor de toekomst 10. Zijn er evaluaties van burgerinitiatieven uitgevoerd en welke overkoepelende lessen worden hieruit getrokken? 11. Wat is de mening van raadsleden over toekomstig gewenst beleid t.a.v. burgerinitiatieven? Waar willen zij meer aandacht voor?

1.3

Normenkader

Voor dit onderzoek is een normenkader opgesteld. Een normenkader is bedoeld om de bevindingen te beoordelen. Zo draagt het bij aan de formulering van de conclusies en aanbevelingen. In dit normenkader zijn de aanbevelingen uit het rekenkameronderzoek van 2018 verwerkt. De te hanteren normen zijn gekoppeld aan de verschillende deelvragen. Deelvragen

Te hanteren norm

Beleid en kaderstelling Doelstellingen en beleid ten aanzien van burgerinitiatieven

Doelstellingen en beleid ten aanzien van burgerinitiatieven zijn duidelijk en concreet geformuleerd.

Organisatie burgerinitiatieven in de praktijk

Er zijn duidelijke procedures en richtlijnen voor het organiseren van burgerinitiatieven.

Impact van aanbevelingen uit het onderzoek uit 2018

^

pagina 3/24

Er hebben aantoonbaar wijzigingen plaatsgevonden in het beleid op het gebied van burgerinitiatieven;

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

^

Er zijn concrete stappen ondernomen in het teweegbrengen van een cultuuromslag binnen de gemeente om meer te denken vanuit vertrouwen en vanuit de burger;

^

Het college heeft verwachtingsmanagement (tijdige, heldere en betrokken communicatie naar burgers waarom iets wel of niet kan) opgenomen in richtlijnen en procedures rondom burgerinitiatieven.

Uitvoering in de praktijk Voorbeelden burgerinitiatieven en verloop

De gemeente heeft zicht op de ingediende burgerinitiatieven en hoe deze initiatieven zijn verlopen.

Opbrengst burgerinitiatieven

Doelen en resultaten van de burgerinitiatieven zijn (SMART) vastgelegd.

Ervaring inwoners met burgerinitiatieven

^

Inwoners ervaren dat ze goed worden gefaciliteerd en actief gestimuleerd bij initiatieven;

^

Formele kaders zijn in heldere taal aan hen gecommuniceerd.

^

Rollen van raad, college en ambtelijke organisatie met betrekking tot burgerinitiatieven zijn helder beschreven en worden als zodanig uitgevoerd;

^

Er is ambtelijke ondersteuning voor burgerinitiatieven ingericht (bijv. in de vorm van een vaste ambtenaar als liaison tussen initiatiefnemer en ambtelijke organisatie);

^

Burgerinitiatieven worden gefaciliteerd en actief gestimuleerd (bijvoorbeeld met communicatiecampagnes of het verbinden van initiatiefnemers).

Rol raad, college en ambtelijke organisatie met betrekking tot burgerinitiatieven

Informatievoorziening aan de raad

Het college stelt de raad regelmatig op de hoogte van (lopende) burgerinitiatieven en de betrokkenheid van de gemeente daarbij.

Handvatten voor de toekomst Evaluaties burgerinitiatieven en hieruit geleerde lessen

Burgerinitiatieven worden geëvalueerd; geleerde lessen worden vastgelegd en opgevolgd.

Ervaring en beoordeling huidige beleid door betrokken medewerkers

Betrokken medewerkers zijn tevreden over de wijze waarop burgerinitiatieven plaatsvinden.

Mening raadsleden over toekomstig gewenst beleid t.a.v. burgerinitiatieven

Voor deze beschrijvende vraag is geen norm nodig.

1.4

Werkwijze

De rekenkamercommissie Kempengemeente heeft zich, zoals al genoemd, in de uitvoering van het onderzoek laten ondersteunen door een extern bureau (PBLQ). Het onderzoek is begonnen met het in kaart brengen van de uitgangspunten van het beleid van Eersel met betrekking tot burgerinitiatieven. Naast een documentenstudie hebben hiervoor interviews plaatsgevonden met de belangrijkste betrokkenen binnen de gemeentelijke organisatie. In deze gesprekken met ambtenaren en de portefeuillehouder is allereerst ingegaan op het gemeentelijk beleid met betrekking tot pagina 4/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

burgerinitiatieven. Vaak werd in dit verband de term (dorps)participatie gebruikt. Tijdens de gesprekken is de visie op dorpsparticipatie besproken en de doelen die de gemeente daarmee wil realiseren. Een lijst met gesproken personen is opgenomen onder bijlage A. Een lijst met bestudeerde documenten onder bijlage B. Om ervaringen met burgerinitiatieven op te halen, zijn in overleg met de rekenkamercommissie vier casussen gekozen waarin gekeken is naar de uitvoering van het beleid in de praktijk. Hiervoor is gesproken met diverse bij deze projecten betrokken inwoners. Initiatieven in respectievelijk Eersel, Knegsel, Steensel en Wintelre zijn bezocht. Aan deze initiatiefnemers is gevraagd naar hun ervaringen bij het uitrollen van een initiatief en hoe de gemeente daarbij heeft ondersteund. Een overzicht en beschrijving van de bestudeerde initiatieven zijn opgenomen onder bijlage C. Op 29 augustus is er een raadsbijeenkomst georganiseerd waarbij de aanwezige raadsleden zijn geïnformeerd over het rekenkameronderzoek, de aanleiding en doelstelling van het onderzoek, en de behaalde resultaten tot dusver. Hierbij is ook ruimte gelaten voor het noemen van gedachten en ideeën vanuit de raadsleden. Op deze manier kunnen ook opvattingen van raadsleden een plek krijgen in de bevindingen van het onderzoek.

Eveneens is aan de orde geweest hoe zij hun sturende en controlerende verantwoordelijkheden rond dit onderwerp invullen. De informatie uit de verschillende bronnen is in samenhang geanalyseerd, waarbij de bevindingen zijn gerelateerd aan het normenkader. De resultaten daarvan zijn opgenomen in de conclusies en aanbevelingen. In het volgende hoofdstuk wordt ingegaan op de gemeentelijke visie en de uitgangspunten van het gemeentelijk beleid bij burgerinitiatieven. In het derde hoofdstuk wordt ingegaan op de uitvoering van het beleid in de praktijk en komen ook ervaringen van initiatiefnemers en betrokken ambtenaren aan bod. Ieder hoofdstuk eindigt met een beknopte beantwoording van de onderzoeksvragen. Deze informatie wordt in het vierde hoofdstuk bij elkaar gebracht ten behoeve van de conclusies en aanbevelingen. In hoofdstuk 5 is de bestuurlijke reactie van het college van B&W van Eersel op het rapport opgenomen.

pagina 5/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

2. Visie en Beleid In dit hoofdstuk is de aandacht gericht op de visie en doelstellingen van Eersel met betrekking tot overheidsparticipatie. In Eersel wordt dat aangeduid met burgerinitiatieven of dorpsparticipatie. Bij dorpsparticipatie is er sprake van initiatieven van de gemeenschap, waarbij inwoners een idee, plan of initiatief hebben en de gemeente daarbij betrekken. De volgende onderzoeksvragen komen in dit hoofdstuk aan de orde: Beleid en kaderstelling 1. 2.

Welk(e) doelstellingen en beleid hebben raad en college vastgesteld ten aanzien van burgerinitiatieven? Hoe hebben de aanbevelingen uit het onderzoek uit 2018 invloed gehad op het beleid? Hebben er naar aanleiding van het onderzoek wijzigingen plaatsgevonden?

In het coalitieakkoord 2022-2026 van de gemeente Eersel is beschreven dat de gemeente initiatieven en kansen vanuit burgers die de buurtschappen versterken, op een laagdrempelige manier de benodigde ruimte wil geven. De verwachting is dat initiatieven vanuit de gemeenschap meerwaarde hebben. In het coalitieakkoord wordt gesteld dat er kracht zit in de gemeenschap. Van belang is dan wel dat het eigenaarschap en de regie bij de initiatieven blijft berusten in de gemeenschap. Daarnaast is het vergroten van het vertrouwen in de gemeente en de lokale politiek eveneens een belangrijke drijfveer achter de visie en ambitie van de gemeente. Het huidige coalitieakkoord bevat eveneens passages over burgerinitiatieven. Genoemd wordt dat algemene ontwikkelingen met betrekking tot initiatieven vanuit de samenleving en het beleid van de gemeente Eersel op elkaar aansluiten. De visie en ambitie met betrekking tot dorpsparticipatie zijn verankerd in de ‘’Nadere regels bijdrageregeling participatieprogramma Dorpen Maken het Verschil gemeente Eersel 2023-2025’’, vastgesteld door het college. Daarin staat beschreven welke criteria en randvoorwaarden de gemeente hanteert bij het ondersteunen van initiatieven vanuit de gemeenschap. Ook is aangegeven op welke manier de gemeente daaraan kan bijdragen.

Dit beleidsdocument is de opvolger van de ‘’Nadere regels ‘andere kijk op Dorpsraden’ gemeente Eersel 2019-2022’’. Hierna wordt verder ingegaan op het huidige participatieprogramma ‘Dorpen Maken het Verschil’.

2.1

Participatieprogramma Dorpen Maken het Verschil

In het participatieprogramma Dorpen Maken het Verschil heeft de gemeente Eersel haar visie en ambitie met betrekking tot dorpsparticipatie handen en voeten gegeven. In dit programma zijn de uitgangspunten voor de inwoners beschreven bij het opstarten van initiatieven. Het programma bevat tevens een overzicht van de randvoorwaarden die de gemeente Eersel hanteert voor het bijdragen aan initiatieven vanuit de samenleving. De belangrijkste voorwaarden zijn: ^

Het moet gaan om praktische initiatieven, die de leefbaarheid en/of sociale samenhang van de kernen in de gemeente Eersel ten goede komen;

^

Het betreft geen reguliere activiteit van een rechtspersoon zonder winstoogmerk, en;

^

Het beoogde resultaat moet in verhouding staan tot de kosten.

pagina 6/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

De gemeente is vervolgens bereid om middelen ter beschikking te stellen voor het opstarten, stimuleren of voor de procesbegeleiding van nieuwe - bij voorkeur doorlopende - initiatieven die een bijdrage geven aan de leefbaarheid en sociale samenhang in de gemeente Eersel en/of in de dorpskernen. Hiervoor is door de raad een uitvoeringsbudget met een plafond van 50.000,- euro op jaarbasis vastgesteld. Op de website van de gemeente Eersel is te vinden dat iedereen die in de gemeente Eersel woont, werkt of activiteiten ontplooit een aanvraag in kan dienen. Het maakt niet uit of de initiatiefnemer dit vanuit een organisatie of op eigen titel doet, echter mag het nooit een commercieel doel dienen. Maatschappelijke organisaties, vrijwillig of professioneel, kunnen ook een aanvraag indienen, maar dan wel samen met inwoners of vrijwilligersorganisaties en zonder winstoogmerk. Aanvragen kunnen het hele jaar door schriftelijk via een formulier worden ingediend. Deze formulieren zijn te vinden op de website van de gemeente. Hierin dient de aanvrager ten minste aan te geven waar het initiatief over gaat, welke doelstelling wordt nagestreefd, hoe er afstemming heeft plaatsgevonden met bewoners uit het betreffende gebied en of er sprake is van draagvlak.

Ook wordt gevraagd naar een beschrijving van de concrete bijdrage door de initiatiefnemers, een begroting en dekkingsplan van de kosten van het initiatief. Samengevat: de gemeente hanteert het onderstaande afwegingskader bij het maken van de keuze om wel of niet ondersteuning te geven aan een initiatief vanuit de gemeenschap. Afwegingskader bij het ondersteunen van burgerinitiatieven Waar de gemeente Eersel op let ^

Het initiatief sluit aan bij wat er leeft in de het dorp. Het initiatief bevordert de leefbaarheid en/of sociale samenhang in het dorp. Het initiatief komt ten gunste van het dorp. Denk hierbij aan thema’s als leefbaarheid, gezondheid of bijvoorbeeld groen.

^

Het initiatief is geen incident of eenmalige activiteit, maar heeft (zoveel mogelijk) een structureel karakter.

^

Het initiatief wordt gedragen door meerdere inwoners/organisaties. Bij het initiatief moet sprake zijn van cofinanciering (in menskracht, materiaal of middelen).

Verdere aandachtspunten die de gemeente Eersel benoemt Bijdragen zijn eenmalig en bedoeld om nieuwe initiatieven in de gemeente Eersel te ondersteunen. Een initiatief is toegankelijk voor iedereen in de buurt/het dorp, het heeft geen commercieel, religieus of politiek doel en wordt georganiseerd door (buurt-)bewoners. Initiatieven mogen niet in strijd zijn met het gemeentelijk beleid. Het initiatief blijft van de initiatiefnemer(s), de gemeente neemt geen taken over. ^

Het initiatief moet, indien van toepassing, zonder deze gemeentelijke bijdrage kunnen worden voortgezet.

^

Voor wat betreft ‘groen’ aanvragen geldt de voorwaarde dat het gaat om zelfwerkzaamheid van buurtbewoners. In geval van een activiteit waar ook eten en drinken bij van toepassing is, kan enkel een bijdrage gevraagd worden voor de activiteit, niet voor de kosten van eten en/of drinken.

pagina 7/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

Indien van toepassing moeten door de aanvrager de nodige toestemmingen (zoals andere vergunningen) verkregen worden. ^

Voorafgaand aan het besluit zal, indien aanwezig, de dorpsraad geconsulteerd worden over het initiatief.

In het beleidsdocument worden ook enkele afwegingsfactoren en afwijzingsgronden genoemd. Hier dient de gemeente op terug te vallen wanneer het een afweging maakt om een initiatief niet te ondersteunen. De afwijzingsgronden waarop de gemeente Eersel zich kan beroepen zijn: ^ wanneer het initiatief een wettelijke taak van de gemeente betreft; wanneer het strijd is met het gemeentelijk beleid; ^ wanneer er sprake is van financieel belang van de initiatiefnemers; ^

als de financiële onderbouwing onvoldoende is;

^

als het initiatief niet bijdraagt aan de leefbaarheid en sociale samenhang binnen de gemeente;

^

als een aanvraag is gericht op een bijdrage in de exploitatie (tenzij de kosten noodzakelijk zijn voor het opstarten van het project);

^ wanneer het plafond van het uitvoeringsbudget is bereikt.

2.2

Cultuuromslag

Vijf jaar geleden heeft de Rekenkamercommissie Kempengemeenten onderzoek gedaan naar de houding van de Kempengemeenten, waaronder Eersel, ten opzichte van burgerinitiatieven. In dat onderzoek is geconcludeerd dat de gemeente Eersel behoudend was ten opzichte van burgerinitiatieven. Zo wordt in het onderzoek gesteld: ‘De gemeente erkent het belang van mondige burgers en moedigt dit ook aan, maar de handelingswijze van de gemeente sluit hier niet bij aan.’ Eén van de doelstellingen van het huidige onderzoek van de rekenkamercommissie is om inzicht te krijgen of en op welke wijze opvolging is gegeven aan de conclusies en aanbevelingen uit het onderzoek van 2018. De aanbevelingen uit het onderzoek van 2018 zijn de volgende: ^

Intensiveer de cultuuromslag en de bijbehorende werkwijze die behoort bij een gemeente, waar de burgers zelf burgerinitiatieven willen ontplooien. Faciliteer en stimuleer deze initiatieven.

^ Zorg ervoor dat het college de raad regelmatig op te hoogte stelt van ontplooide burgerinitiatieven en de betrokkenheid van de gemeente daarbij. ^

Stimuleer het college om burgerinitiatieven niet alleen te zien als een mogelijkheid om burgers bij beleidsdoelen van de gemeente te betrekken, maar vooral als een mogelijkheid om initiatief vanuit de samenleving mogelijk te maken of om als gemeente beter aan te sluiten bij de leefwereld van burgers.

^

Verzoek het college om verwachtingsmanagement rondom burgerinitiatieven te ontwikkelen en implementeren. Cruciaal daarbij is de communicatie naar burgers waarom iets wel of niet kan.

^

Bespreek met het college de ambtelijke ondersteuning van burgerinitiatieven. Een mogelijkheid is een vaste ambtenaar met doorzettingsmacht die liason officer is tussen initiatief en de rest van de ambtelijke organisatie.

De eerste aanbeveling heeft betrekking op het intensiveren van de cultuuromslag. Hier is in het participatieprogramma Dorpen Maken het Verschil invulling aan gegeven. Zowel van inwoners als van de gemeente zelf wordt een andere opstelling verlangd. Zo wordt als uitgangspunt genomen: ‘Wat kunnen inwoners doen voor hun gemeenschap en hoe kan de gemeente daar als organisatie aan bijdragen?’, in plaats van ‘Wat kan de gemeente doen voor haar inwoners?’. Dat vraagt om een pagina 8/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

andere aanpak vanuit de gemeentelijke organisatie en plaatst de inwoners in een actievere rol. In de afgenomen interviews wordt aangegeven dat door het management gestuurd wordt op het zoeken van de klantwaarde. Ook bij het geven van ondersteuning moet het perspectief van de klant centraal blijven staan. De gemeente Eersel kent een leer- en ervaringsproces wanneer het gaat om deze cultuuromslag, stap voor stap verandert de werkwijze van de gemeente inzake burgerinitiatieven. Om deze benodigde cultuuromslag kracht bij te zetten en te versnellen is ook de medewerker dorpsparticipatie aangesteld welke opzoek gaat naar de klantwaarde en wat de gemeente hierin bij kan dragen, maar vooral zorgt dat het eigenaarschap en de regie bij de initiatiefnemers blijft liggen. Op deze manier wordt ook de omslag gemaakt van het betrekken van burgers bij beleidsdoelen, naar het mogelijk maken van initiatieven vanuit de samenleving. Er wordt meer gedacht vanuit het perspectief van de gemeenschap en minder vanuit het perspectief van de gemeente. De medewerker dorpsparticipatie is hierbij van belang. Na 2018 heeft de gemeente daadwerkelijk een medewerker dorpsparticipatie aangesteld. Vakambtenaren moeten hun verantwoordelijkheden uitoefenen binnen specifieke kaders, met daaraan gekoppelde budgetten. De medewerker dorpsparticipatie heeft een vrij besteedbaar budget.

Wel wordt er bij aanvragen op gelet dat inwoners niet om een bijdrage vragen die ook via een andere regeling verkregen had kunnen worden. Met het aanstellen van de medewerker dorpsparticipatie is tevens ook een andere aanbeveling van het rekenkameronderzoek uit 2018 gerealiseerd. Daarin werd immers gesteld dat er behoefte was aan een vaste ambtenaar met doorzettingsmacht die liaison officer is tussen initiatief en de rest van de ambtelijke organisatie. Voor zover in het onderzoek is gebleken, wordt de gemeenteraad niet op regelmatige wijze geïnformeerd over ontplooide burgerinitiatieven en de betrokkenheid van de gemeente daarbij. Dit was wel een aanbeveling in het onderzoek uit 2018. De laatste raadsinformatiebrief over dit onderwerp dateert van november 2020. De portefeuillehouder heeft in de context van het onderzoek aangegeven dat het wenselijk is hier meer aandacht aan te schenken. In hoofdstuk 3.3 wordt nader ingegaan op de informatievoorziening naar de raad en de beleving en ervaringen vanuit de raad zelf. Tevens wordt in het programma aangegeven dat er meer aandacht zal zijn voor het verwachtingsmanagement rondom burgerinitiatieven. Het document ‘’Nadere regels bijdrageregeling participatieprogramma Dorpen Maken het Verschil - gemeente Eersel 2023-2025’’ bevat criteria en voorwaarden voor het al dan niet bijdragen aan initiatieven.

Dit maakt het voor zowel ambtenaren als initiatiefnemers duidelijk waar initiatieven aan dienen te voldoen. Of deze criteria en voorwaarden ook daadwerkelijk op deze manier toegepast worden in de uitvoering van het beleid in de praktijk is de volgende vraag. Daarom gaan wij dieper in op de uitvoering van het beleid binnen de gemeente Eersel in het volgende hoofdstuk.

pagina 9/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

2.3

Beantwoording onderzoeksvragen

Op basis van de bevindingen uit dit hoofdstuk kunnen de relevante onderzoeksvragen als volgt worden beantwoord: Beleid en kaderstelling .

Antw.

2.

Antw.

pagina 10/24

Welk(e) doelstellingen en beleid hebben raad en college vastgesteld ten aanzien van burgerinitiatieven? Beleid en doelstellingen zijn met name geformuleerd in de uitwerking van het participatieprogramma Dorpen Maken het Verschil. Dit beleid is in lijn met de collegeprogramma van 2018 en wordt bevestigd in het collegeprogramma 2022. Hoe hebben de aanbevelingen uit het onderzoek uit 2018 invloed gehad op het beleid? Hebben er naar aanleiding van het onderzoek wijzigingen plaatsgevonden? Het onderzoek uit 2018, en daarnaast het aantreden van een nieuw college in 2018, hebben geleid tot aanpassingen in het beleid, in lijn met de aanbevelingen uit dat onderzoek. Niet alle aanbevelingen zijn helemaal naar de letter opgevolgd.

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

3.

Uitvoering in de praktijk

In dit hoofdstuk staat de praktijk centraal, en daarmee de volgende onderzoeksvragen: Uitvoering in de praktijk 3.

Hoe organiseert de gemeente burgerinitiatieven in de praktijk?

4.

Welke voorbeelden (casussen) van burgerinitiatieven kent de gemeente Eersel sinds 2018? Hoe zijn deze initiatieven verlopen? Wat was de opbrengst van deze voorbeelden van burgerinitiatieven? Worden de doelen behaald?

5. 6.

Hoe hebben inwoners van Eersel het verloop van de initiatieven ervaren?

7.

Hoe vervullen raad, college en ambtelijke organisatie hun rol met betrekking tot burgerinitiatieven?

8.

Hoe is de informatievoorziening aan de raad geweest?

9.

Hoe ervaren en beoordelen betrokken medewerkers het huidige beleid en welke mogelijkheden zien zij voor verbetering?

Handvatten voor de toekomst 10. Zijn er evaluaties van burgerinitiatieven uitgevoerd en welke overkoepelende lessen worden hieruit getrokken? 11. Wat is de mening van raadsleden over toekomstig gewenst beleid t.a.v. burgerinitiatieven? Waar willen zij meer aandacht voor?

3.1

Werkwijze bij burgerinitiatieven

Het participatieprogramma Dorpen Maken het Verschil beschrijft de uitgangspunten voor burgers om initiatieven op te starten, en schetst de randvoorwaarden die de gemeente Eersel hanteert om deze initiatieven financieel te kunnen ondersteunen. Deze zijn in het vorige hoofdstuk aan bod gekomen. In dit hoofdstuk zal nader ingegaan worden op hoe dit proces verloopt in de praktijk en hoe deze criteria en voorwaarden worden toegepast. Het ondersteunen van burgerinitiatieven is een belangrijk onderdeel van de dienstverlening van de gemeente Eersel. Dit gebeurt sinds begin jaar in het kader van het participatieprogramma Dorpen Maken het Verschil. De medewerker dorpsparticipatie heeft een centrale rol in het begeleiden van de initiatieven. Dat was in het begin behoorlijk zoeken, zo geeft de betrokken ambtenaar aan. Met name in de afstemming en de samenwerking met het college was het de vraag hoe ver de medewerker dorpsparticipatie kon gaan. In het begin werden alle ingediende initiatieven in het college besproken en om geld gevraagd. Inmiddels is er afgesproken dat de medewerker dorpsparticipatie, samen met een teamhoofd en het afdelingshoofd, voor gemeentelijke bijdragen tot een paar duizend euro mag ondersteunen zonder ruggespraak met het college. Voor alle initiatieven boven de 5000,- euro wordt de portefeuillehouder ingelicht alsook een collegevoorstel opgesteld.

Het afwegingskader van Dorpen Maken het Verschil is leidend bij het beoordelen van ingediende voorstellen. Sommige criteria zijn makkelijk toe te passen. Dat betreft bijvoorbeeld de vraag of het initiatief afkomstig is van een particulier, vereniging van burgers of een bedrijf. Andere voorwaarden pagina 11/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

zijn moeilijker te controleren en vragen om duiding en toelichting van de initiatiefnemer. Dan gaat het bijvoorbeeld om de vraag hoe het initiatief bijdraagt aan het maatschappelijk en algemeen belang. Ook is het belangrijk dat een initiatief op instemming van de buurt kan rekenen. Als een initiatiefnemer bijvoorbeeld van plan is om iets te organiseren of aan de buitenruimte te veranderen, krijgen andere inwoners daar ook mee te maken. De gemeente verwacht dat initiatiefnemers zelf zorgen voor draagvlak. Om te controleren of initiateven op steun kunnen rekenen, neemt de medewerker dorpsparticipatie vaak contact op met de dorpsraad om te zien hoe het initiatief in de gemeenschap leeft. Ook is het mogelijk dat er direct met buurtbewoners contact wordt gezocht. De gemeente Eersel vindt het zeer belangrijk dat Dorpen Maken het Verschil een incidentele bijdrage aan een initiatief levert. Het moet niet gaan om structurele subsidiëring. De bijdrage is bedoeld ‘om een bootje van de kant te duwen’. Daarna is de initiatiefnemer zoveel mogelijk zelf verantwoordelijk. Dat betreft bijvoorbeeld het beheer. Ook vraagt de gemeente of de initiatiefnemer andere fondsen kan aanspreken, zodat de gemeente niet de enige geldverstrekker is. Het beeld moet niet ontstaan dat de gemeente een soort pinautomaat is. Er wordt veel van de zelfredzaamheid van inwoners gevraagd.

De uitvoering wordt verder gekenmerkt door een pragmatische en flexibele aanpak. Er wordt per initiatief bekeken of en hoe de gemeente hieraan kan bijdragen. Wanneer een initiatief niet precies binnen de vastgestelde kaders van het beleid past, stelt de gemeente zich niet rigide op, maar probeert het flexibel te zijn door met de initiatiefnemer mee te denken hoe het initiatief alsnog mogelijk kan worden gemaakt. De gemeente wil zich bewust niet te star opstellen. Directbetrokkenen geven aan dat op andere beleidsterreinen al relatief veel is vastgelegd en gereguleerd. Bij het ondersteunen van burgerinitiatieven wil de gemeente juist met inwoners meedenken. Daarbij kan het gebeuren dat niet volledig conform de letter van het beleid wordt gehandeld. Naar gelang het type initiatief is het nodig om vakafdelingen en ambtelijk specialisten bij de initiatieven te betrekken. Daarbij fungeert de medewerker dorpsparticipatie als verbinder tussen de initiatiefnemer en de ambtelijke wereld van de gemeente. De medewerker dorpsparticipatie koppelt de initiatiefnemer aan de juiste contactpersonen, zodat ze niet zelf hun weg hoeven te vinden. Soms voelt dit als ‘shoppen’ binnen de organisatie. Met ‘shoppen’ wordt hier bedoeld dat de medewerker dorsparticipatie binnen de gemeente langs gaat bij de vakambtenaren wiens domein en/of beleid aan het initiatief raken.

De verwachting is dat deze werkwijze bijdraagt aan het verkrijgen van steun en commitment bij de rest van de organisatie.

3.2

Burgerinitiatieven sinds 2018

Er bestaat een grote variatie aan initiatieven. Waarbij het ene initiatief behoefte is aan financiële middelen, kan bij een ander initiatief de gemeente van dienst zijn door het beschikbaar stellen en uitlenen van materialen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan (drang)hekken voor een evenement. Het is aan de medewerker dorpsparticipatie om samen met de initiatiefnemer te bepalen waar specifieke behoefte aan is. Dat vraagt om maatwerk. De gemeente heeft voor de periode 2022-2025 een budget van C 200.000,- voor Dorpen Maken Het Verschil beschikbaar. Het budget kan over alle domeinen worden uitgegeven, naar gelang het onderwerp waar het initiatief zich op richt. Dat is anders dan hoe financiële middelen normaliter in een gemeente worden gealloceerd. Het budget voor sport kan bijvoorbeeld enkel aan sport gerelateerde ontwikkelingen uitgegeven worden, terwijl het budget van Dorpen Maken het Verschil niet vast zit aan een bepaald onderwerp of domein. Omdat het een meerjarenkrediet betreft loopt het beschikbare budget door tot 31 december 2025 of totdat het budget verbruikt is. pagina 12/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

De afgelopen jaren is er sprake geweest van uiteenlopende burgerinitiatieven. Zo heeft de gemeente bijgedragen aan verschillende initiatieven gerelateerd aan sport en spel. Dat betrof onder meer het realiseren van een beweegtuin met toestellen in Knegsel, een pannakooi in Vessem, een basketbalpaal in Eersel, een beachvolleybalveld in Vessem en een jeu de boules baan in Wintelre. Ook heeft de gemeente bijgedragen aan het project ‘Bewegen Rondom De Meren’. Dit project had als doelstelling om een breder gebruik van sportpark De Meren in Wintelre te bevorderen door het toevoegen van verschillende faciliteiten op het sportpark. De bijdrage door de gemeente varieert van het uitvoeren van bodemwerk zonder directe financiële bijdrage, tot het financieren van een klein bedrag van 1500,- euro, tot een grote bijdrage van wel 15.000,- euro. Een ander voorbeeld van een burgerinitiatief betreft de duofietsen in Duizel. De doelstelling hiervan is om met duofietsen te gaan fietsen met mensen met een beperking. De fietsen zelf zijn betaald door externe sponsoring, waarbij de gemeente vanuit Dorpen Maken het Verschil bijdraagt aan het onderhoud en de verzekering van de fietsen tijdens de opstartperiode. Dit voorbeeld laat zien dat de gemeente vaak stuurt op een combinatie van inkomstenbronnen, zodat niet uitsluitend de gemeente verantwoordelijk is voor een financiële bijdrage.

Een ander voorbeeld is de Buurtboerderij Eersel. Deze buurtboerderij ontvangt jaarlijks een vaste subsidie, buiten Dorpen Maken het Verschil. Voor specifieke initiatieven doet de boerderij ook een beroep op het budget van Dorpen Maken het Verschil en op externe sponsoring. Onlangs is met behulp van een bijdrage uit Dorpen Maken het Verschil en met externe sponsoring, een rolstoelvriendelijk en toegankelijk pad naar de vlindertuin gerealiseerd. Daarnaast worden jaarlijks de nodige burgerinitiatieven gesteund die tot doel hebben om de buitenruimte te verfraaien en aantrekkelijker te maken, zoals het ophangen van hanging baskets (plantenbakken) in Wintelre en Knegsel, het zelfbeheer van gemeentebermen in Knegsel, de inrichting van de pastorietuin in Steensel, het plaatsen van een picknickbank in een speeltuin in Steensel en het realiseren van een toegankelijk pad rond Het Groot Meer in Wintelre. Ook aan deze initiatieven heeft de gemeente vanuit Dorpen Maken het Verschil bijgedragen, zowel met financiële middelen als met middelen in natura.2 Aan sommige initiatieven heeft de gemeente ten slotte bijgedragen door het beschikbaar stellen van kennis en consult. De gemeente heeft dan een adviserende rol. Dit gebeurt, afhankelijk van de aard van het initiatief, door de medewerker dorpsparticipatie of door vakinhoudelijke medewerkers van de gemeente.

Maar het kan ook worden vormgegeven door bijvoorbeeld een bijdrage te leveren aan stages, een stagiair. Zo is de vergoeding voor een stagiair die betrokken was bij de ontwikkeling van het Visieplan Wonen en Welzijn van de dorpsraad Steensel bijgedragen uit het participatieprogramma.

3.3

Leren en evalueren

Het evalueren van ondersteunde burgerinitiatieven vanuit Dorpen Maken het Verschil is niet structureel ingebed binnen de werkwijze van de gemeente Eersel. Vaak vinden er informele gespreken plaats na afloop van een ondersteund initiatief met zowel initiatiefnemers als ambtenaren onderling. Er vinden echter geen officiële evaluaties plaats. Er zijn geen expliciete en gedocumenteerde lessen teruggevonden.

Met ‘in natura’ wordt zowel door de gemeente direct ingekochte en geplaatste materialen en objecten bedoeld als het schenken van materialen die de gemeente al in eigendom had.

2

pagina 13/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

Wel doet de gemeente mee aan de jaarlijkse burgerpeiling van de VNG. Hiermee wordt geprobeerd te achterhalen hoe inwoners het beleid van onder andere Dorpen Maken het Verschil waarderen. Bij de laatste burgerpeiling scoorde de gemeente Eersel goed; beter dan andere gemeenten van dezelfde grootte. Eersel scoorde met name goed op de samenwerking tussen inwoners en gemeente. Dit zou een indicatie kunnen zijn dat inwoners het participatieprogramma Dorpen Maken het Verschil positief beoordelen, maar is natuurlijk niet apart beoordeeld.

3.4

Opvattingen en ervaringen van initiatiefnemers

Om in het kader van het onderzoek meer inzicht te krijgen in de ondersteuning van initiatieven in de praktijk is extra aandacht besteed aan vier van deze initiatieven. Deze worden onder bijlage C kort beschreven. Bij de keuze is gestreefd naar spreiding over de kernen. Er is met betrekking tot deze initiatieven gesproken met zowel initiatiefnemers als ambtelijk betrokkenen. De onderzochte burgerinitiatieven laten in de eerste plaats zien dat de initiatiefnemers het gevoel hebben dat de gemeente constructief meedenkt aan de realisatie van hun initiatief. Dat betekent niet dat de gemeente het initiatief ‘overneemt’ of alle kosten gaat dragen. Initiatiefnemers waarderen deze houding van de gemeente. Ze zijn soms zelfs een beetje verrast dat zaken die in het verleden niet mogelijk waren, nu opeens wel kunnen. De initiatiefnemers merken op dat de gemeente zoekt naar varianten waarin een burgerinitiatief kan worden gecombineerd met bestaand onderhoud of een voorgenomen (maar meestal uitgesteld) plan. Vanuit efficiencyoverwegingen kunnen initiatiefnemers deze insteek heel goed begrijpen, maar het geeft hen wel het gevoel dat een initiatief meer kans van slagen heeft als daarmee ook een gemeentelijke doelstelling bereikt kan worden. Zij vinden dat de gemeente transparant en eerlijk dient te zijn over de eigen belangen.

Bewoners die eerder met de gemeente hebben samengewerkt, weten daardoor bij wie ze terecht kunnen. Dat lijkt hun een klein voordeel te geven als ze nieuw initiatieven nemen. Dit effect wordt versterkt doordat Eersel een kleine gemeente is waarbij korte lijntjes soms bepalend zijn of je iets wel of niet voor elkaar krijgt. Een voorbeeld hiervan is dat minder ervaren bewoners zich niet bewust lijken te zijn van het feit dat ze gedurende het hele jaar aanspraak kunnen maken op steun voor burgerinitiatieven vanuit Dorpen Maken het Verschil. Sommigen verkeren in de veronderstelling dat het gaat om gelden die slechts op enkele specifieke momenten in het jaar aangevraagd kunnen worden. Initiatiefnemers zijn lovend over het werk van de medewerker dorpsparticipatie. Deze persoon wordt gezien als verbinder tussen het gemeentehuis en de samenleving. De manier van handelen wordt getypeerd als flexibel en faciliterend. Het wordt daarnaast gewaardeerd dat deze persoon eerlijk aangeeft wat wel en niet mogelijk is bij het realiseren van een initiatief. Al met al zorgt dit voor een open en persoonlijke samenwerking waarbij de onderlinge relaties goed zijn. Dit schept vertrouwen. Ook de samenwerking met andere gemeentelijke medewerkers verloopt over het algemeen naar tevredenheid, omdat deze plaatsvindt op basis van het credo ‘doen wat je belooft en toezegt’.

Initiatiefnemers merken op dat de gemeente niet krampachtig doet over de voorfinanciering van gegunde bewonersprojecten. Achteraf dienen rekeningen en betalingen wel door initiatiefnemers netjes te worden verantwoord. Eventueel resterend budget, zelfs als het om enkele tientallen euro’s gaat, dient te worden terugbetaald aan de gemeente. Dit kan overigens op het volle begrip van initiatiefnemers rekenen.

pagina 14/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

De gemeente rekent bij het steunen van initiatieven op de zelfredzaamheid van initiatiefnemers. De gelden uit Dorpen Maken het Verschil zijn gericht op het opstarten van een initiatief, maar zijn niet bedoeld voor verdere exploitatie en beheer. Dat gaat in de meeste gevallen goed, omdat inwoners veelal bereid zijn om eigen verantwoordelijkheid over projecten te dragen. Maar dit kent ook grenzen, zo geven de initiatiefnemers aan. Alle initiatiefnemers zijn vrijwilligers en moeten niet behandeld worden als professionele samenwerkingspartners van de gemeente. Ze doen het immers volledig in eigen tijd, zonder persoonlijk gewin. Een voorbeeld is dat een initiatiefnemer aangeeft dat de gemeente alleen bereid was om in overleg te treden tijdens kantooruren als het gemeentehuis geopend is. Daarbij wordt uit het oog verloren dat initiatiefnemers vaak hun eigen agenda hebben en niet ieder moment voor fysieke afspraken tijd kunnen vrijmaken. Daarnaast heeft een andere initiatiefnemer aangegeven dat er soms te hoge verwachtingen en verantwoordelijkheden worden neergelegd. Er moest bijvoorbeeld een professioneel beheerplan voor het gerealiseerde initiatief worden opgesteld. De gemeente leunde daarvoor primair op de inspanningen van deze initiatiefnemer. Die heeft dat ook uitgevoerd, maar vindt achteraf dat daarmee een onevenredige last is opgelegd aan een vrijwilliger.

Dit doet afbreuk aan de bereidheid om in de toekomst opnieuw een initiatief te ontplooien. Initiatiefnemers hebben ook nog een tip voor de gemeentebestuurders, gemeentemedewerkers en raadsleden: kom langs om te zien wat er met de gelden uit Dorpen Maken het Verschil gebeurt. Luister naar de verhalen van de initiatiefnemers om meer gevoel te krijgen bij de maatschappelijke en sociale impact die met de initiatieven wordt bereikt. De meeste initiatiefnemers zijn trots op hun project. Ze zijn vaak ook enthousiast om hier mee over te delen.

3.5

Betrokkenheid van de gemeenteraad

De raad is op verschillende manieren bij het beleid rondom burgerinitiatieven betrokken. In beginsel heeft de raad de kaders gesteld door het accorderen van het participatieprogramma Dorpen Maken het Verschil en door het budget beschikbaar te stellen. Over de opbrengsten wil het college de raad jaarlijks informeren. Dit zou moeten gebeuren met een raadsinformatiebrief binnen de P&C-cyclus. Deze brief bevat informatie over alle burgerinitiatieven die het afgelopen jaar vanuit Dorpen Maken het Verschil door de gemeente ondersteund zijn. Ondanks het voornemen om de raad jaarlijks te informeren, gebeurt dit niet structureel. De laatste raadsinformatiebrief dateert van november 2020. De portefeuillehouder geeft aan dat hierin nog wel verbetering mogelijk is en dat dit consequenter dient te gebeuren. Vanuit de griffie wordt aangegeven dat er vrij weinig wordt gemerkt van burgerinitiatieven. De meeste zijn te klein van aard om in de raad te bespreken. Ook het jaarlijkse overzicht met burgerinitiatieven vormt geen aanleiding om het gesprek in de raad te voeren. Een enkele keer gebeurt het dat naar aanleiding van een burgerinitiatief schriftelijke vragen worden gesteld. Dit is meestal omdat de aanvraag voor een burgerinitiatief wordt afgewezen. Over het algemeen kan het beleid op steun van de raad rekenen, zo is de aanname.

Vanuit de griffie wordt aangegeven dat de raad tevreden is met het huidige proces rondom burgerinitiatieven.

pagina 15/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

In het kader van het onderzoek heeft ook een bijeenkomst met raadsleden plaatsgevonden. Tijdens deze bijeenkomst is het gesprek met een zestal raadsleden3 gevoerd over hun ideeën en standpunten rondom het ondersteunen van burgerinitiatieven. Deze raadsleden geven in de eerste plaats aan dat het steunen van burgerinitiatieven belangrijk is voor de gemeente. De gemeente zou laagdrempelig en toegankelijk moeten zijn tegenover allerhande initiatieven uit de samenleving. Het is een manier om de betrokkenheid van bewoners met hun eigen buurt of dorp te stimuleren. Er is ook een hoger gelegen doel, zo werd tijdens de bijeenkomst duidelijk. Het gaat over het vertrouwen tussen de overheid en inwoners. De aanwezige raadsleden geven aan dat dit vertrouwen in veel gevallen laag is. Daar kan de gemeente overigens niet altijd wat aan doen - een laag vertrouwen kan ook het gevolg zijn van het optreden van de centrale overheid en/of landelijke politiek. Maar het is wel een context waar de gemeente mee te maken krijgt, en waarvan het volgens de raadsleden belangrijk is dat de gemeente Eersel probeert het vertrouwen te herstellen. Het steunen van burgerinitiatieven is een manier waarop aan het vertrouwen kan worden gewerkt. Het ondersteunen van burgerinitiatieven kan dus rekenen op brede steun bij de raadsleden. De manier waarop dit moet worden uitgevoerd, is echter aanleiding voor discussie.

Allereerst is de vraag wat precies wordt verstaan onder een burgerinitiatief. Over een goede definitie verschillen de meningen. Het gaat met name over de vraag of inwoners zelf baat mogen hebben van een door de gemeente gesteund initiatief. Enkele raadsleden vonden dat het doel altijd het maatschappelijk belang moest zijn. Een ander raadslid wilde niet zo stellig zijn en gaf aan dat het juist belangrijk is dat er een brede definitie van een burgerinitiatief mogelijk moet zijn. De gemeente zou ook moeten openstaan en bereid moeten zijn om te luisteren naar inwoners die ideeën hebben die buiten de huidige beleidskaders vallen. Denk in dit kader bijvoorbeeld aan alternatieve woonvormen, zoals tiny houses of het splitsen van bestaande woonhuizen. Daarnaast bestaat er discussie over de vraag hoe strikt het beleid moet zijn om als gemeente financieel aan burgerinitiatieven bij te dragen. Enkele raadsleden suggereerden dat het belangrijk is om beoordelingscriteria af te spreken. Hoe deze criteria eruit moeten zien, is niet helemaal duidelijk. De huidige beleidsregels en criteria van Dorpen Maken het Verschil waren bij geen van de aanwezige raadsleden bekend. Een ander raadslid wilde het liefst zo ver mogelijk wegblijven van beoordelingscriteria. Die zouden volgens deze persoon de initiatiefrijkheid en ondernemersdrift van inwoners alleen maar afremmen.

De gemeente zou maatwerk moeten bieden, en van initiatief tot initiatief moeten bekijken hoe dit mogelijk kan worden gemaakt. Dat hoeft helemaal niet altijd met geld; dat kan ook met expertise of materialen. De raadsleden geven aan slecht bekend te zijn met de regels van het huidige beleid en de opbrengsten daarvan. Er zijn volgens hen geen methodische rapportages aan de raad, terwijl daar wel behoefte aan is. Die rapportages hoeven niet detailmatig te beschrijven welke initiatieven allemaal zijn geweest, maar moeten wel een algemeen overzicht bieden en informatie geven vanuit welke kernen de initiatieven zijn ontplooid. De raadsleden zeggen het belangrijk te vinden dat er sprake is van regionale spreiding: het mag niet zo zijn dat het merendeel van de gesteunde initiatieven uit een specifieke kern of dorp komt. Er moet worden gestreefd naar een gelijkmatige verdeling. Momenteel worden raadsleden hoofdzakelijk over burgerinitiatieven geïnformeerd via individuele gevallen. Ze worden wel eens door een inwoner aangeschoten die bij een burgerinitiatief betrokken is geweest. Dat levert een gemengd beeld op. Een enkele keer komt het raadsleden ter ore dat er 3 Alle raadsleden zijn voor de raadsbijeenkomst door de griffie uitgenodigd. Zes van hen hebben deelgenomen aan het gesprek.

De bevindingen zoals opgenomen in deze rapportage zijn gebaseerd op het gesprek met deze zes raadsleden. Deze zijn niet bedoeld om de mening van de voltallige raad te beschrijven. pagina 16/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

willekeur zou optreden bij de gemeentelijke beoordeling. Raadsleden weten niet goed hoe ze deze signalen moeten wegen, bij een gebrek aan deugdelijke informatievoorziening vanuit het college.

3.6

Beantwoording onderzoeksvragen

Voor de uitvoering van het beleid met betrekking tot bewonersinitiatieven is een aantal onderzoeksvragen geformuleerd. De antwoorden op die vragen zijn de volgende: Uitvoering in de praktijk 3

Antw.

4 Antw. 5

Antw.

6

Antw.

7 Antw.

Hoe organiseert de gemeente burgerinitiatieven in de praktijk? De uitvoering van het beleid is gebaseerd op het participatieprogramma Dorpen Maken het Verschil. Alle aanvragen komen binnen bij de medewerker dorpsparticipatie die als verbindende schakel tussen de initiatiefnemer en de rest van de gemeentelijke organisatie werkt. Welke voorbeelden (casussen) van burgerinitiatieven kent de gemeente Eersel sinds 2018? Hoe zijn deze initiatieven verlopen? Voorbeelden zijn genoemd in paragraaf 3.2. Over het algemeen zijn de initiatieven positief verlopen. Wat was de opbrengst van deze voorbeelden van burgerinitiatieven? Worden de doelen behaald? Per individueel burgerinitiatief is geen informatie beschikbaar over de opbrengsten. Over het algemeen dragen de burgerinitiatieven bij aan de sociale en maatschappelijke cohesie in de buurt. Ook leveren burgerinitiatieven een positieve bijdrage aan de leefbaarheid in een wijk of buurt. Dat is lijn met de verwachting van het college dat burgerinitiatieven bijdragen aan de lokale gemeenschap. Hoe hebben inwoners van Eersel het verloop van de initiatieven ervaren? In het onderzoek zijn geen representatieve opvattingen van inwoners verzameld. Wel zijn enkele initiatieven ter illustratie uitgelicht. De hierbij betrokken bewoners zijn over het algemeen positief over de constructieve houding van de gemeente.

Ook zijn ze erg te spreken over het functioneren van de medewerker dorpsparticipatie. Wel wordt het signaal afgegeven dat de gemeente moet oppassen om te veel verwachtingen bij (vrijwillige) initiatiefnemers neer te leggen. Hoe vervullen raad, college en ambtelijke organisatie hun rol met betrekking tot burgerinitiatieven? De rollen van raad, college en ambtelijke organisatie zijn in het beleid niet uitgebreid beschreven. De raad heeft met het vaststellen van het participatieprogramma de kaders gesteld, college en organisatie geven daar uitvoering aan.

8

Hoe is de informatievoorziening aan de raad geweest?

Antw.

Informatievoorziening aan de raad vindt niet gestructureerd plaats.

9 Antw.

pagina 17/24

Hoe ervaren en beoordelen betrokken medewerkers het huidige beleid en welke mogelijkheden zien zij voor verbetering? De betrokken medewerkers zijn positief over het beleid, hun bewegingsvrijheid hierin en zien daarmee weinig aanleiding voor verbetering.

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

Handvatten voor de toekomst IQ

^ntw . 1

pagina 18/24

Zijn er evaluaties van burgerinitiatieven uitgevoerd en welke overkoepelende lessen worden hieruit getrokken? Op structurele basis worden er geen evaluaties van burgerinitiatieven uitgevoerd. Dit wordt als te belastend voor de initiatiefnemers gezien en doet afbreuk aan de laagdrempeligheid van de regeling. Aansluitend kunnen er daarmee geen overkoepelende lessen worden getrokken. Wat is de mening van raadsleden over toekomstig gewenst beleid t.a.v.burgerinitiatieven? Waar willen zij meer aandacht voor? De raadsleden die betrokken zijn geweest bij de in het kader van het onderzoek belegde bijeenkomst hebben geen bijzondere opvattingen over aanpassingen of veranderingen in het beleid. Zij hebben benadrukt de laagdrempeligheid bij de ondersteuning van initiatieven door de gemeente te waarderen en te willen bewaren. Wel zouden ze vaker op hoofdlijnen willen worden geïnformeerd over de opbrengsten van dit beleid.

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

4.

Beoordeling, conclusies en aanbevelingen

4.1

Toetsing aan het normenkader

In hoofdstuk 1 is een normenkader geïntroduceerd. Dit nomenkader wordt gebruikt om de bevindingen uit de vorige hoofdstukken te beoordelen. Dit heeft het volgende resultaat: Beleid en kaderstelling Deelvragen

Te hanteren norm

Oordeel

Doelstellingen en beleid t.a.v. burgerinitiatieven Organisatie burgerinitiatieven in de praktijk Impact van aanbevelingen uit het onderzoek uit 2018

Doelstellingen en beleid ten aanzien van burgerinitiatieven zijn duidelijk en concreet geformuleerd. Er zijn duidelijke procedures en richtlijnen voor het organiseren van burgerinitiatieven.

Positief Positief

Neutraal - positief

^

Er hebben aantoonbaar wijzigingen plaatsgevonden in het beleid op het gebied van burgerinitiatieven;

^

Er zijn concrete stappen ondernomen in het teweegbrengen van een cultuuromslag binnen de gemeente om meer te denken vanuit vertrouwen en vanuit de burger;

^

Het college heeft verwachtingsmanagement (tijdige, heldere en betrokken communicatie naar burgers waarom iets wel of niet kan) opgenomen in richtlijnen en procedures rondom burgerinitiatieven.

Het oordeel over het geformuleerde beleid is in haast alle opzichten positief. Na 2018 heeft de gemeente een ontwikkeling in gang gezet gericht op het creëren van meer mogelijkheden voor inwoners om zelf initiatieven te ontplooien. Deze ontwikkeling is beleidsmatig vastgelegd in het participatieprogramma Dorpen Maken het Verschil. In dit programma zijn doelstellingen, procedures en richtlijnen geformuleerd. Niet alle aanbevelingen uit het rekenkameronderzoek uit 2018 zijn opgevolgd. Met name de informatievoorziening aan de gemeenteraad gebeurt niet volgens vaste patronen. Uitvoering in de praktijk Deelvragen Voorbeelden burgerinitiatieven Opbrengst burgerinitiatieven Ervaring inwoners met burgerinitiatieven

pagina 19/24

Norm

Oordeel

De gemeente heeft zicht op de ingediende burgerinitiatieven en hoe deze zijn verlopen. Doelen en resultaten van de burgerinitiatieven zijn (SMART) vastgelegd.

Neutraal

^

Inwoners ervaren dat ze goed worden gefaciliteerd en actief gestimuleerd bij initiatieven;

Neutraal - positief

^

Formele kaders zijn in heldere taal aan hen gecommuniceerd.

20 november 2023

Negatief

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

Rol raad, college en ambtelijke organisatie met betrekking tot burgerinitiatieven

Informatievoorziening aan de raad

^

Rollen van raad, college en ambtelijke organisatie met betrekking tot burgerinitiatieven zijn helder beschreven en worden als zodanig uitgevoerd;

^

Er is ambtelijke ondersteuning voor burgerinitiatieven ingericht (bijv. in de vorm van een vaste ambtenaar als liaison tussen initiatiefnemer en ambtelijke organisatie);

^

Burgerinitiatieven worden gefaciliteerd en actief gestimuleerd (bijvoorbeeld met communicatiecampagnes of het verbinden van initiatiefnemers).

Het college stelt de raad regelmatig op de hoogte van (lopende) burgerinitiatieven en de betrokkenheid van de gemeente daarbij.

Neutraal - positief

Negatief

Getoetst aan de vooraf geformuleerde normen wordt de uitvoeringspraktijk overwegend positief beoordeeld. Op onderdelen is dat echter niet het geval. Op de schaal van Eersel is het voor het bestuur en de medewerkers goed mogelijk om overzicht en inzicht in de initiatieven te verkrijgen. Maar de doelen en opbrengsten van de initiatieven worden niet uitgebreid gedocumenteerd. De ambtelijke ondersteuning bij burgerinitiatieven wordt positief beoordeeld, maar de rollen van raad, college en organisatie zijn niet uitgewerkt. De raad wordt nauwelijks actief geïnformeerd. Handvatten voor de toekomst Deelvragen

Te hanteren norm

Oordeel

Evaluaties burgerinitiatieven en hieruit geleerde lessen Ervaring en beoordeling huidige beleid door betrokken medewerkers

Burgerinitiatieven worden geëvalueerd; geleerde lessen worden vastgelegd en opgevolgd.

Negatief

Betrokken medewerkers zijn tevreden over de wijze waarop burgerinitiatieven plaatsvinden.

Positief

Burgerinitiatieven worden niet structureel geëvalueerd. Lessen worden dientengevolge ook niet vastgelegd. Eerder is genoemd dat de medewerkers van de gemeente Eersel overzicht en inzicht op hoofdlijnen hebben in de initiatieven. Daarmee zijn ze ook bekend met het procesmatige verloop van de initiatieven en de wisselwerking met de gemeente. In de praktijk wordt wel geleerd van de ervaringen. Het negatieve oordeel is daarmee uitsluitend gebaseerd op de constatering dat dit niet structureel gebeurt en niet wordt vastgelegd.

4.2

Conclusies en aanbevelingen

Ten opzichte van 2018 is er in Eersel het nodige veranderd. De aandacht vanuit de gemeente voor initiatieven uit de gemeenschap is toegenomen. Het participatieprogramma Dorpen Maken het Verschil is daar de belangrijkste uiting van. Initiatiefnemers signaleren dat er meer mogelijk is dan voorheen. Niet alleen is daarmee het beleid van de gemeente veranderd; dat geldt ook voor houding

pagina 20/24

20 november 2023

Rapportage Burgerinitiatieven Eersel

PBLQ verbinders in de informatiesamenleving

en gedrag, oftewel, de cultuur. Deze veranderingen worden gesteund én gestimuleerd vanuit politiek en bestuur. Het opgestelde beleid bevat criteria en randvoorwaarden waar initiatieven aan moeten voldoen, willen ze voor (financiële) ondersteuning door de gemeente in aanmerking komen. In de praktijk worden initiatieven door de medewerker dorpsparticipatie aan deze criteria getoetst, maar hier vindt (al dan niet bewust) geen verslaglegging of documentatie van plaats. Het gegeven dat het beschikbare budget elk jaar niet volledig wordt benut, biedt ook de mogelijkheid om ruimhartig met aanvragen om te gaan. Of om de bekendheid van burgerinitiatieven breder bij de lokale gemeenschap onder de aandacht te brengen, bijvoorbeeld via publiekscampagnes. Het onderzoek laat zien dat zowel binnen de gemeentelijke organisatie als in de lokale gemeenschap tevredenheid bestaat over de opstelling van de gemeente met betrekking tot burgerinitiatieven. De vrijblijvendheid in het beleid (die vooral tot uiting komt in de algemene toepassing van criteria) kent wel enkele bedreigingen. Inwoners en organisaties die de weg kennen naar de gemeente, kunnen betrekkelijk makkelijk ondersteuning verkrijgen. Daarmee is niet gezegd dat dit daadwerkelijk ook een probleem is.

Verschillende raadsleden hebben in het kader van het onderzoek benadrukt dat de drempel voor initiatieven om voor ondersteuning in aanmerking te komen zo laag mogelijk moet zijn. Om te waken tegen willekeur of ondersteuning van ‘the usual suspects’ zou kunnen volstaan dat het college de raad met enige regelmaat informeert over aanvragen voor ondersteuning en de opvolging daarvan. Op die manier kunnen raadsleden zelf een beeld vormen van de veelzijdigheid in aanvragen, of het eventuele gebrek daaraan. Een betere vastlegging kan ook bijdragen aan het interne leervermogen van de organisatie om het beleid en de praktijk met burgerinitiatieven in de toekomst te versterken. De rekenkamercommissie stelt vast dat een nauwgezette en gedocumenteerde toetsing van initiatiefaanvragen nauwelijks plaatsvindt. Of dat wenselijk is, is een politieke vraag. De rekenkamercommissie wil wat dit betreft geen aanbevelingen formuleren of de criteria systematischer moeten worden toegepast en vastgelegd, of dat juist wellicht de criteria kunnen worden afgezwakt. Wel beveelt de rekenkamercommissie aan om het gesprek daarover in de raad te voeren. Concreet komt de rekenkamercommissie tot de volgende aanbevelingen: Aanbevelingen aan het college van B&W 1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Eersel&id=bcda3a52-85c2-4224-a5fc-fcfa18e6540d