CConstaterende datEersel
Koppel je AI →
Document · PDF

[21.17157] - Beantwoording toezegging ID 100 uit commissie of raad d.d. 13 juli 2021 - Breemakkerweg 5

Raadsvergadering 25 januari 2022, gemeente EerselBij agendapunt: Aanvulling op raadsvoorstel R21.095 "Bestemmingsplan Buitengebied, herziening Breemakkerweg 5 te Knegsel"675 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

*21.17157*

Beantwoording toezegging Onderwerp:

Beantwoording toezegging ID 100 uit commissie of raad d.d. 13 juli 2021 Breemakkerweg 5

Portefeuillehouder:

S.J. Kraaijeveld

Datum:

02 augustus 2021

Betreft:

Beantwoording toezegging ID 100 uit raad d.d. 13 juli 2021

Zaaknummer:

Z21000549

Beantwoording van vragen over de Raadsinformatiebrief Breemakkerweg 5. 1. Er zou sprake zijn van een procesbegeleider volgens de gemeentewoordvoerder Vindt het college ook dat dit eerder op een second (thirth) opinion lijkt i.p.v. een procesbegeleider?  Een procesbegeleider is iemand die een proces zodanig helpt inrichten of bijsturen dat dit gunstig verloopt voor de betrokken partijen of deelnemers; begeleider van een proces.  Het college heeft samen met de familie voor een procesbegeleider gekozen om uitvoering te geven aan de motie. Het is niet relevant dat dit uiteindelijk tot een ander resultaat heeft geleid. 2. Uit de bijlagen bij de RIB blijkt dat de raad een objectgebonden overgangsrecht kan toekennen maar niet moet toekennen, is dit correct?  De raad kan inderdaad de keuze maken om het objectgebonden overgangsrecht niet toe te kennen. De Raad van State heeft immers geconcludeerd dat het opgenomen persoonsgebonden overgangsrecht op de juiste manier tot stand is gekomen. 3. Heeft het college in beeld hoeveel recreatiewoningen binnen de gemeente permanent bewoond worden?  In de Basisregistratie Personen zijn 11 van de 162 recreatiewoningen bewoond, dit is ongeveer 7 procent. Het percentage is op basis van de huidige gegevens. 4.

Gaat het college bij al deze recreatiewoningen een objectgebonden overgangsrecht toepassen?  Nee, het object gebonden overgangsrecht wordt in dit geval voorgesteld in verband met de specifieke geschiedenis van deze locatie. Het college is niet bekend met andere situaties die vergelijkbaar zijn. 5. Realiseert het college zich dat een objectgebonden overgangsrecht gelijk staat aan een permanente situatie?  De bestemming recreatiewoning is permanent. Een recreatiewoning is positief bestemd en mag dus binnen maximale maatvoeringen vernieuwd worden. Voor het gebruik geldt echter iets anders: de afwijking van het bestemmingsplan mag ten aanzien van het gebruik niet vergroot worden, bijvoorbeeld door verplaatsing van het gebouw. Ook vervalt het recht op bewoning als er langer dan een jaar niet gewoond wordti. 6. Heeft het college al nagedacht of zij het wenselijk acht dat bij een permanente situatie bijvoorbeeld natuurcompensatie moet plaatsvinden?  Bij een nieuwe ontwikkeling wordt natuurcompensatie als voorwaarde opgenomen. Hier is geen sprake van een nieuwe ontwikkeling en dus niet van toepassing.

21.17157

7. Kan het college de raad informeren over de gedeelde conclusie en het besluit van de provincie hieromtrent en de hierbij behorende stukken aan de raad verstrekken?  De strekking van het ambtelijke standpunt van de provincie is met u gedeeld in de raadsinformatiebrief. Hierbij de passage uit de betreffende mail: “Wij constateren dat het alsdan vast te stellen bestemmingsplan niet is gericht op het toekennen van een woonbestemming. Het overgangsrecht vloeit voort uit artikel 3.2.2 van het Besluit ruimtelijke ordening en in deze concrete situatie uit het vigerend bestemmingsplan. Nu een woonbestemming niet voorligt bij de provincie, achten wij het voorstel om ‘persoonsgebonden-overgangsrecht’ te schrappen, niet in strijd met de provinciale belangen zoals vastgelegd in de Interim omgevingsverordening.”. De provincie hoeft geen specifiek besluit in deze te nemen en er zijn geen aanvullende documenten.

i Artikel 51.2 Overgangsrecht gebruik Bestemmingsplan Buitengebied 2017

1. 2. 3. 4.

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. Het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

2 21.17157

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Eersel&id=b08db9cc-91a8-496d-ac18-3da19f9cb0ac