CConstaterende datEersel
Koppel je AI →
Document · PDF

[21.16896] - Plan van aanpak 'wildcrossen' Eersel

Raadsvergadering 22 februari 2022, gemeente EerselBij agendapunt: Plan van aanpak wildcrossen4.055 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Plan van aanpak Wildcrossen gemeente Eersel

1. Inleiding De gemeente Eersel beschikt over een groot natuur en bosgebied. Daarvan is 1.200 hectare in bezit van de gemeente. De gemeente beheert zelf 908 hectare. Een kleine 300 hectare is in erfpacht uitgegeven aan Staatsbosbeheer. Op 24 november 2020 heeft de gemeenteraad van Eersel het beleidsplan ‘Gemeentelijke bos- en natuurterreinen 2021-2030’ vastgesteld. In dit plan komt onder andere naar voren dat het toezicht op en de handhaving van de regels in de natuurterreinen en bossen van de gemeente te wensen overlaat. Dat betekent niet alleen dat de natuur en het milieu schade ondervinden van de regelovertreding (te denken valt aan vernieling van flora en fauna, illegale houtkap illegale dumpingen en lozingen), maar ook dat de recreanten in de zojuist genoemde gebieden overlast ondervinden van loslopende honden en wildcrossen. Om die redenen heeft de raad in de betreffende vergadering een motie aangenomen waarin burgemeester en wethouders worden opgeroepen aan hem een plan van aanpak (inclusief financiering) te presenteren om de handhaving op crossen in de bossen te intensiveren en de overlast daarvan tegen te gaan. Deze nota beoogt daarin te voorzien. 2.

Inventarisatie bestaande handhaving in de Eerselse bossen Alvorens in de paragraaf ‘Probleemstelling’ nader in te gaan op de problematiek met betrekking tot het toezicht en de handhaving in de Eerselse bos- en natuurgebieden, wordt hieronder allereest een overzicht gegeven van het bestaande toezicht in de zojuist genoemde gebieden. Dat gebeurt vooral, opdat daar in de volgende paragrafen gemakkelijker naar kan worden verwezen. Boa’s De gemeente Eersel beschikt over twee boa’s (buitengewoon opsporingsambtenaren) domein I. Deze Boa’s zijn in dienst van de Afdeling Vergunningverlening Toezicht en Handhaving van de Gemeenschappelijke regeling Samenwerking Kempengemeenten (verder te noemen VTH). Een buitengewoon opsporingsambtenaar (boa) is een ambtenaar met opsporingsbevoegdheid. Dat houdt onder andere in dat hij/zij mag onderzoeken of er bepaalde strafbare feiten zijn gepleegd. Boa's mogen verdachten aanhouden, iemands identiteit controleren, processen-verbaal opmaken en boetes uitschrijven. Domein I boa’s zijn belast met en bevoegd voor de aanpak van overlast en kleine ergernissen die de leefbaarheid aantasten in de openbare ruimte. Er zijn in totaal 6 domeinen waarbinnen boa’s werkzaam en bevoegd kunnen zijn. Zo zijn er speciale onderwijsboa’s, openbaar vervoerboa’s en werk, inkomen en zorgboa’s.

Speciale vermelding verdienen hier de zogenaamde domein 2 boa’s (ook wel ‘groene boa’s’ genoemd), die belast zijn met en bevoegd zijn voor natuur en milieu, waaronder bossen. VTH heeft geen domein 2 boa’s in dienst. Omdat dit laatste, niet alleen door de gemeente Eersel, als een gemis werd ervaren, zijn er drie jaar geleden pogingen ondernomen om twee domein 2 boa’s onder te brengen bij VTH, te bekostigen door de vier samenwerkende Kempengemeenten. Deze pogingen zijn mislukt. Overigens niet door toedoen van de gemeente Eersel. In de praktijk verlenen de boa’s van VTH zo nu en dan wel hand- en spandiensten aan de instanties wier primaire handhavingstaak in de natuur- en bosgebieden ligt, zoals Samen Sterk in Brabant (SSIB) en Staatsbosbeheer, maar die werkzaamheden verkeren op het randje van hun bevoegdheden en daarvoor zijn de betreffende medewerkers eigenlijk niet opgeleid noch in dienst. De inzet is voornamelijk signaalgestuurd (naar aanleiding van meldingen en/of klachten), wat welhaast per definitie betekent dat zij te laat komt. Tenslotte voorziet het door burgemeester en wethouders vastgestelde Uitvoeringsprogramma VTH 2022, op basis waarvan VTH haar taken verricht, niet of nauwelijks in dergelijke werkzaamheden. Politie De opsporing en de vervolging van strafbare feiten (ook in bosgebieden) is onder andere een taak van de politie.

Bij de surveillances wordt zeker aandacht besteed aan overtredingen in natuur- en bosgebieden, maar gezien de uitgestrektheid van het gebied en de veelheid van taken, waarvoor de politie zich tegenwoordig geplaatst ziet, kan niet verwacht worden dat de inzet van deze instantie een substantiële impact heeft op overtredingen in deze gebieden. Ook deze inzet is voornamelijk signaalgestuurd. Plan van aanpak wildcrossen gemeente Eersel

1/6

21.16896

Plan van aanpak Wildcrossen gemeente Eersel

Staatsbosbeheer Staatsbosbeheer heeft 1 boa in dienst die speciaal belast is met het toezicht op en de handhaving van de regels in natuur- en bosgebieden in de gemeenten Eersel, Bladel en Bergeijk. De inzet van de betreffende medewerker voor de gemeente Eersel (enkele honderden uren) beperkt zich, naar duidelijk moge zijn, primair tot de gebieden die in eigendom of erfpacht zijn van de betreffende instantie. Maar incidenteel wordt samenwerking gezocht met onder andere de politie en SSIB. Daarop wordt hierna nog ingegaan. Samen Sterk in Brabant (SSIB) Onder auspiciën van de provincie en in samenwerking met de andere overheden in Brabant opereert alweer enige jaren het team van SSiB. Geprobeerd wordt met name misstanden in het buitengebied aan te pakken. Daarbij kan gedacht worden aan afvaldumpingen, stropen en wildcrossen. Eind 2019 is begonnen met het structureren van de contacten tussen SSiB en VTH. Dit heeft inmiddels geresulteerd in regelmatig overleg en informatie-uitwisseling. Soms wordt in concrete situaties samengewerkt. De impact van de inzet van SSiB en van de zojuist genoemde samenwerking mag echter niet worden overschat. Navraag bij de betreffende organisatie leert dat de inzet van SSiB voor de gemeente Eersel ongeveer 2 maal per maand geschiedt. Ook deze inzet is weer nagenoeg volledig signaalgestuurd (naar aanleiding van meldingen en/of klachten).

Expertteam aanpak wildcrossen Geïnstigeerd door de provincie Noord-Brabant en onder regie van de politie functioneert het zogenaamde ‘Expertteam aanpak wildcrossen’. VTH heeft aansluiting gezocht bij dit expertteam door daarin een van haar boa’s (die daartoe geautoriseerd is; hij is namelijk voor Staatsbosbeheer ook domein-2-bevoegd) te laten participeren. Het team pleegt zo’n twee keer in de maand inzet in Zuidoost Brabant. De planning voor de inzet wordt aan het begin van het jaar gemaakt en de participanten (naast de politie nemen ook Staatsbosbeheer, SSiB en Brabants landschap deel) worden van de geplande data op de hoogte gebracht. Navraag bij de politie leert dat de betreffende inzet gemiddeld éénmaal per jaar in de gemeente Eersel plaatsheeft. De wijze van plannen van de inzet van het Expertteam aanpak wildcrossen heeft het volgende nadeel. Vanwege de strakke roosters van de participanten wordt de inzet (het werd in het voorgaande al vermeld) op jaarbasis gepland. De data van de inzet staan dus voor het hele jaar vast. De kans dat er op de betreffende datum resultaat wordt geboekt neemt daarmee af. Als het bijvoorbeeld op de geplande datum de hele dag flink regent, vertonen de crossers zich niet en vangt de club, van toch een man of tien, de betreffende dag bot. 3. Probleemstelling De aanpak van het wildcrossen is problematisch.

In dit kader hoeft er maar op gewezen te worden dat, terwijl overheden, natuurbeschermers en recreanten in heel Brabant al decennia worstelen met het fenomeen, er tot op heden nog nergens een 100% effectieve remedie is ontwikkeld. Hieronder wordt ingegaan op enkele van de redenen hiervoor, toegespitst op de gemeente Eersel. Capaciteit en financiën Het aanpakken van het wildcrossen kost tijd (capaciteit) en geld. Hierboven is al gedetailleerd aangegeven welke capaciteit de onderscheiden, met de handhaving belaste organisaties aan het toezicht op en de handhaving van het wildcrossen besteden. Hoewel deze inzet divers en versnipperd is en dus moeilijk in ft(e) te kwantificeren, mag toch als conclusie gelden dat de totale handhavingscapaciteit voor alle Eerselse natuur- en bosgebieden de 0,5 ft(e) niet te boven gaat, waarbij ook aangetekend moet worden dat het merendeel daarvan niet door of namens de gemeente wordt ingezet en de capaciteit van Staatsbosbeheer in principe enkel bestemd is voor de gebieden die door deze organisatie in erfpacht worden beheerd. Tenslotte betreffen en de laatstgenoemde capaciteit en de politiecapaciteit enkel het strafrecht (het opsporen van strafbare feiten). Het eventuele uitbreiden van de (handhavings)capaciteit heeft financiële consequenties. Dat geldt ook voor allerlei maatregelen in de fysieke omgeving ter ontmoediging van het wildcrossen.

In zijn besluit van 24 november 2020 heeft de raad (als onderdeel van een krediet ad € 50.000--) al € 15.000-- ter beschikking gesteld voor ‘blokkering bosroutes en opknappen paden’. In het vervolg van deze nota zal hierop (in de paragraaf ‘Verkeersmaatregelen’) nog nader worden ingegaan.

Plan van aanpak wildcrossen gemeente Eersel

2/6

21.16896

Plan van aanpak Wildcrossen gemeente Eersel

De aard van het wildcrossen Dat het wildcrossen moeilijk aan te pakken is, heeft zeker ook te maken met de aard van de overtreding en de overtreder (de wildcrosser). Enige aspecten daarvan komen hierna aan de orde. Inventief De wildcrosser is slim en inventief. Hij maakt optimaal gebruik van de middelen die hem in deze tijd ter beschikking staan (sociale media) en hij is uitstekend op de hoogte van de (on)mogelijkheden die de overheid heeft om hem in zijn hobby dwars te zitten, juridisch en feitelijk. Geworteld in de samenleving Niet door alle inwoners van Eersel, of van de Kempengemeenten in het algemeen, wordt het wildcrossen als een serieus probleem ervaren. Natuurlijk worden de Kempische bossen bezocht door lieden van buiten de betrokken gemeenten. Maar een fors deel van de crossers komt ook uit het gebied zelf en wordt door de omgeving (ouders, familie, buren en bekenden) niet gezien als serieuze wetsovertreders. “Iedereen heeft recht op zijn hobby” en “het valt allemaal best wel mee”, zijn uitspraken waarmee het fenomeen regelmatig wordt afgedaan. Wanneer dit wordt opgeteld bij de ‘natuurlijke’ weerzin van veel Kempenaren tegen het ‘klikken’ bij de overheid, behoeft het feit dat er relatief weinig naar buiten komt over de crossers geen verbazing te wekken. Dat het anders ligt bij natuurliefhebbers en recreanten, zal duidelijk zijn.

Illustratief in dit kader is de volgende vermelding. Alweer enige tijd geleden was een actie van het Expertteam crossen gepland op een niet nader te noemen locatie in het Eerselse. Op de dag in kwestie kwamen de representanten van de diverse organisatie ’s morgens vroeg bijeen, troffen hun voorbereidingen (zetten hun fuiken uit) en maakten zich klaar voor de inzet. Op dat moment passeerden twee mountainbikers, die al snel in gaten hadden wat er ter plaatse speelde. Vrijwel onmiddellijk daarna werd de actie van het Expertteam via de sociale media doorgegeven. Dat de inzet op de betreffende dag op de betreffende locatie niets opleverde behoeft geen betoog. Moeilijk te pakken Nogal wat van de regel overtredende wildcrossers leggen zich niet zonder meer neer bij hun aanhouding. Zij gaan er vandoor of verzetten zich, soms zelfs fysiek. Daarnaast zorgen zij er vaak voor dat hun kentekens (en zijzelf) onherkenbaar zijn. Enige vormen van agressie van wildcrossers tegen boa’s hebben inmiddels de media gehaald en hebben ervoor gezorgd dat boa’s (daarin ondersteund door hun werkgevers), wanneer zij niet met meerdere personen zijn, liefst ondersteund door de politie, er niet aan denken om groepjes wildcrossers staande te houden. Dat zal in de toekomst niet anders zijn.

Juridische obstakels Om wildcrossers staande te houden en te verbaliseren of bestuursrechtelijke maatregelen te nemen, moet er wel sprake zijn van overtreding van een regel. Een wildcrosser die zich op de openbare weg bevindt en een leesbaar kenteken voert is normaliter niet in overtreding. Dat geldt wel als hij zich begeeft op wegen waarvan de toegang die door middel van het bord ingevolge artikel 461 van het Wetboek van strafrecht is verboden. Dat artikel luidt als volgt: ‘Hij die, zonder daartoe gerechtigd te zijn, zich op eens anders grond waarvan de toegang op een voor hem blijkbare wijze door de rechthebbende is verboden, bevindt of daar vee laat lopen, wordt gestraft met geldboete van de eerste categorie. Aan dit artikel zitten echter nogal wat haken en ogen. Zo moet er, zoals uit de tekst van de wet blijkt, sprake zijn van een rechthebbende, in de praktijk eigenaar. De gemeente moet dus eigenaar van de weg zijn om zelf het betreffende bord te plaatsen. Daar komt nog het volgende bij. De bebording van de bosgebieden in Eersel is niet optimaal. Het komt voor dat bij een ingang (toegangsweg) wél een bord staat, maar bij de ‘uitgang’ (eveneens toegangsweg) niet. Het ligt voor de hand wat de reactie van een aangehoudene is: “Waar ik het bos binnenkwam stond geen bord”. Gelet op wat al eerder over de wildcrosser is opgemerkt, is hij daar zeer wel van op de hoogte.

Een bord dat in bepaalde gevallen soelaas kan bieden (indien goed geplaatst) is het zogenaamde bord C12: geslotenverklaring voor gemotoriseerd verkeer. Daaraan dient wel een verkeersbesluit ten grondslag te liggen. De daarmee gepaard gaande procedure (inclusief het overleg met de

Plan van aanpak wildcrossen gemeente Eersel

3/6

21.16896

Plan van aanpak Wildcrossen gemeente Eersel

eigenaren van de aanliggende percelen, die een ontheffing nodig hebben) neemt geruime tijd in beslag. Onder oplossingsrichtingen wordt hierop teruggekomen. Aantekening verdient ook dat er in het geval van bestuursrechtelijke handhaving van de regels in het natuur- en bosgebied sprake kan zijn van twee bevoegd gezagen. Voor overtredingen van de Algemene plaatselijke verordening (APV) is de gemeente het bevoegd gezag. Voor overtredingen van de Wet natuurbescherming en de provinciale omgevingsverordening (stiltegebieden) is dat de provincie. Enig overleg tussen (de vertegenwoordigers) van de onderscheiden bevoegde gezagen is tot op heden niet gevoerd. Overleg is wel gevoerd tussen VTH (namens de gemeente) en zowel SSiB als Staatsbosbeheer. Tot een gecoördineerde gezamenlijke aanpak van het probleem van het wildcrossen is het tot op heden niet gekomen. Hulpmiddelen In den lande wordt steeds meer gebruik gemaakt van camera’s bij de bestuursrechtelijke handhaving van het wildcrossen. De betreffende camera’s worden opgehangen bij de ingang van wildcrossroutes op een zodanige hoogte dat ze ten eerste niet meteen in het oog springen en ten tweede niet dan met enige inspanning te verwijderen zijn. De beelden die met deze camera’s gemaakt worden (zo daar kentekens op te onderscheiden zijn) dienen als input voor bestuurlijke aanschrijvingen.

Bij een eerste geval volgt een waarschuwingsbrief, bij recidive een vooraankondiging van een last onder dwangsom met een behoorlijke hoogte. In de gemeente Bladel is al ervaring opgedaan met dergelijke camera’s. Dat heeft geresulteerd in diverse waarschuwingsbrieven. Tot vooraankondigingen last onder dwangsom is het tot op heden niet gekomen. De gemeente Eersel beschikt niet over dergelijke camera’s. ‘Bestuursrechtelijke’ waarschuwingen zijn tot op heden niet uitgedeeld. Fysieke obstakels en barrières Al eerder in dit voorstel is vermeld dat de raad in zijn besluit van 24 november 2020 (als onderdeel van een krediet ad € 50.000) al € 15.000 ter beschikking heeft gesteld voor ‘blokkering bosroutes en opknappen paden’. De betreffende werkzaamheden zijn tot op heden nog niet (geheel) uitgevoerd. Zij kunnen zeker behulpzaam zijn bij het weren van wildcrossers uit de Eerselse bossen, hoewel ook hiervoor geldt dat de inventiviteit van de crosser niet mag worden onderschat. In 2020 heeft de gemeenteraad het beleidsplan gemeentelijke bos- en natuurterreinen (2020) vastgesteld. Daarbij is ook een krediet van € 15.000,- euro beschikbaar gesteld voor het aanbrengen van obstakels om routes van wildcrossers te blokkeren. Deze aanvraag was gebaseerd op een aanname over het aantal te plaatsen poortjes.

Uit een meer recente inventarisatie blijkt dat er meer obstakels nodig zijn om crossroutes goed te blokkeren. Met name in het bosgebied bij Steensel – waar de problemen met wildcrossers het grootst zijn – moeten veel poortjes geplaatst worden. Om alle gewenste obstakels te kunnen plaatsen is daarom een aanvullend bedrag nodig ter grootte van € 15.000,-. Daarbovenop verwachten we het eerste jaar na plaatsing ook kosten door bewuste vernieling van de poortjes. Deze kosten worden geraamd op € 7.500,-. Conclusie Van (structurele) handhaving van de regels betreffende het wildcrossen is in de natuurgebieden en de bossen van Eersel nauwelijks sprake noch van een gezamenlijke aanpak van het probleem door de bij deze handhaving betrokken instanties. De gemeente zelf beschikt nauwelijks over ambtelijke capaciteit ten behoeve van deze handhaving. Daarnaast wordt maar op beperkte schaal gebruik gemaakt van de middelen, zowel juridische als praktische, die een succesvollere aanpak zouden kunnen bevorderen. 4. Oplossingsrichtingen Capaciteit Naar hiervoor al is geconstateerd ontbreekt het met betrekking tot het toezicht op en de handhaving van de regels in de Eerselse natuurgebieden en bossen eenvoudigweg aan capaciteit: er is niemand die de betreffende taak vervult. Bij die taak moet overigens niet in eerste instantie gedacht worden aan het verbaliseren van overtreders.

Zoals al is vermeld, gaat dat niet zonder meer lukken met een extra medewerker (een boa of een soortgelijke functie). Toezicht en handhaving kennen echter diverse aanverwante facetten. Die zullen hierna aan de orde komen. Blijft overeind dat, Plan van aanpak wildcrossen gemeente Eersel

4/6

21.16896

Plan van aanpak Wildcrossen gemeente Eersel

wanneer de opvatting wordt onderschreven dat er ter zake een taak voor de gemeente ligt, iemand de betreffende werkzaamheden zal moeten verrichten. Die iemand is er op het ogenblik niet. De hiernavolgende oplossingsrichtingen gaan dan ook uit van een vorm van capaciteitsuitbreiding. Coördinatie, communicatie en organisatie Naar hiervoor eveneens al is geconstateerd, ontbreekt het op het ogenblik met betrekking tot het toezicht en de handhaving in de Eerselse natuurgebieden en bossen aan coördinatie en samenwerking. Allerlei organisaties houden zich in meerdere of mindere mate bezig met deze taak, maar tot een structurele, gezamenlijke aanpak komt het niet. Dat het Expertteam aanpak wildcrossen hierin maar een beperkte rol kan vervullen is uit voorgaande ook al duidelijk geworden. Een kleinschaligere aanpak, die niettemin inzet van een select gezelschap tot gevolg heeft, lijkt aangewezen. Hier ligt een eerste taak voor een eventuele functionaris: structureel contact met de andere handhavingspartners (vooral SSiB en Staatsbosbeheer), korte lijnen en de mogelijkheid tot snelle actie. Aanwezigheid en zichtbaarheid Het simpele feit dat zichtbaar is dat er structureel toezicht is in de bossen heeft zonder twijfel effect.

Uiteindelijk dient op termijn overigens wel duidelijk te worden (en naar buiten te worden gebracht) dat dit toezicht consequenties heeft in de zin van verbalen en/of aanschrijvingen. Signaleren en doorspelen: toezicht houden Wat niet weet, dat wèl deert! Deze verbastering van het bekende gezegde is zonder meer van toepassing op de natuurgebieden en bossen in de gemeente Eersel. Weliswaar worden illegale houtkap, illegale lozingen, aantasting van natuurgebied (bijvoorbeeld ten behoeve van de landbouw) dumpingen van (drugsafval), vernieling van houtwallen en andere beeldbepalende landschapselementen en natuurlijk wildcrossen algemeen bekend geacht, maar wie daarvoor verantwoordelijk is en wanneer het gebeurt weet niemand, laat staan dat de overtreder daarvoor ter verantwoording wordt geroepen. Er is maar één manier om hiertegen op te treden en dat is structureel toezicht, of concreter een functionaris die zich dagelijks in de natuurgebieden en de bossen ophoudt en de zaak in de gaten houdt. Zijn of haar signalen kunnen gedeeld worden met de andere handhavingspartners en wellicht leiden tot gezamenlijke acties en/of doorgespeeld worden naar de juridische afdeling (in ieder geval in 2022 nog VTH), zodat er onmiddellijk een sanctionerende bestuursrechtelijke actie volgt.

Bij dit laatste dient wel aangetekend te worden dat de zojuist genoemde afdeling in haar Uitvoeringsprogramma VTH 2022 geen rekening houdt met de juridische opvolging van signalen/controlerapporten van overtredingen in natuurgebieden en bosgebieden. Bij de Tussentijdse rapportage VTH in juni/juli 2022 (Afwijkingenrapportage)zal hierop richting burgemeester en wethouders worden teruggekomen. De hiervoor genoemde taken van een eventuele aan te stellen functionaris vertonen zeker zoveel kenmerken van een toezichthouder, aangewezen ingevolge artikelen 6:2 van de Algemene Plaatselijke Verordening en 5.10 lid 3 Wet Algemene bepalingen omgevingsrecht als van die van een ‘groene boa’. Zeker in het kader van de bestuursrechtelijke vervolgtrajecten is dan ook van groot belang dat deze functionaris ook toezichthouder als zojuist bedoeld is. Participatie bewoners/gehinderden In het al genoemde Beleidsplan gemeentelijke bos- en natuurgebieden 2021-2130 wordt al ingegaan op de participatie van omwonenden/gehinderden bij het doorbreken van de crossroutes in de Eerselse bossen via de op initiatief van de dorpsraden opgerichte werkgroep. De input die deze werkgroep kan geven (en al geeft) voor de informatie die de gemeente nodig heeft bij de aanpak van het probleem is cruciaal.

Uitbreiding juridisch/verkeerstechnisch instrumentarium Verkeersbesluiten, waarbij bepaalde wegen gesloten worden verklaard voor het gemotoriseerd verkeer vergemakkelijken het werk van de signaleerder/verbalisant. Daarbij kan voor eigenaren van aansluitende percelen ontheffing worden verleend. Met name in de bossen bij Steensel kunnen dergelijke besluiten een bijdrage leveren aan een succesvollere handhaving. Hierbij dient wel aangetekend te worden dat aan een dergelijk besluit een procedure voorafgaat en dat er vervolgens ook nog beroepsmogelijkheden zijn. Kortom dergelijke besluiten kennen een traject. Dat hoeft niet in de weg te staan aan het toch benutten van deze mogelijkheid.

Plan van aanpak wildcrossen gemeente Eersel

5/6

21.16896

Plan van aanpak Wildcrossen gemeente Eersel

Uitbreiding van en controle op hulpmiddelen Met de zojuist genoemde verkeersmaatregelen gaat de aanschaf van de desbetreffende borden gepaard; het gaat hier om het zogenaamde bord C12: gesloten voor gemotoriseerd verkeer. Daarnaast verdient het aanbeveling en onderzoek te doen naar de samenhang van de op veel plaatsen aanwezige ‘verboden toegangsborden’ (art. 461 van het Wetboek van Strafrecht), zodat zij zowel bij de ‘ingang’ als bij de ‘uitgang’ van de betreffende (onverharde) wegen aanwezig zijn. Een hulpmiddel dat een nuttige rol kan vervullen bij met name de bestuursrechtelijke handhaving is de camera. In het voorgaande is al gewezen op de wijze waarop met behulp van camerabeelden waarschuwingen kunnen worden uitgedeeld en bij recidive kan worden overgegaan tot (voormens tot) lasten onder dwangsom. Met enige van deze camera’s kan een begin worden gemaakt met wellicht een succesvol handhavingstraject. Maar ook bij het signaleren en vastleggen van favoriete wildcrossroutes kunnen de betreffende camera’s een belangrijke rol spelen. De verkregen gegevens kunnen worden gedeeld met de andere handhavingspartners en, desgewenst, mede input vormen van het databestand op het onderhavige gebied dat door SSiB wordt beheerd.

Monitoring en Inhuur capaciteit In het begin van paragraaf 3 is al vermeld dat het probleem van het wildcrossen al decennia speelt en dat er tot op heden nog nergens een 100% effectieve remedie is ontwikkeld. Deze nota koestert ook niet de illusie dat de oplossingsrichtingen die hiervoor zijn gepresenteerd een definitief einde zullen maken aan het probleem. Wel lijkt het aan de orde om in ieder geval een serieuze poging in de richting van verbetering van de situatie met betrekking tot het wildcrossen en de natuurgebieden en de bossen van Eersel te ondernemen. Bij een dergelijke poging hoort een gedegen monitor met concrete en meetbare indicatoren. Te denken valt aan het aantal processen verbaal en het aantal waarschuwingsbrieven en (voornemens tot) lasten onder dwangsom. Het aantal bewoners- en recreantenklachten over wildcrossen is ook een goede indicator. Er is natuurlijk altijd een kans dat, alle goede bedoelingen ten spijt, de pogingen niet slagen. In dat kader lijkt het niet voor de hand te liggen om de benodigde capaciteit in (vaste) dient te nemen. Inhuur van de capaciteit is aan de orde. Een tijdvak van twee jaar, waarna de definitieve evaluatie van dit plan kan plaatshebben, lijkt de aangewezen periode. Het zojuist vermelde met betrekking tot de inhuur van capaciteit, dient ook gezien te worden in het licht van het proces ‘Opnieuw verbinden’ dat in volle gang is.

Op dit moment is nog volstrekt onduidelijk waar dit proces toe zal leiden, met name met betrekking tot het al dan niet opnieuw verbinden of ontvlechten van de handhavingscapaciteit die op dit moment gebundeld is in VTH. Het feit dat een recente poging om met de vier in de Samenwerking deelnemende gemeenten tot gezamenlijke aanstelling van twee ‘groene boa’s te komen, mislukt is, wijst ook in de richting van inhuur van de benodigde capaciteit door de gemeente zelf. 5. Voorstel: Gelet op het voorgaande verdienen de volgende concrete maatregelen ter bestrijding van het wildcrossen in de bossen van Eersel en tevens ter beperking van de aantasting van de natuur- en bos gebieden van de gemeente aanbeveling. 1. inhuur van een zogenaamde ‘groene boa, tevens door burgemeester en wethouders aangewezen toezichthouder voor de periode van twee jaar; 2. inventarisatie van de reeds rondom en in de bossen aanwezig borden ‘verboden toegang ex artikel 461 van het wetboek van strafrecht en zodanig herplaatsen dat effectieve handhaving mogelijk is; 3. nemen van verkeersbesluiten voor de daarvoor in aanmerking komende wegen, zodat zij gesloten worden voor gemotoriseerd verkeer; aanschaf van de daarvoor benodigde borden C12; 4. aanschaf van vier camera’s ter vergroting van de informatie met betrekking tot het wildcrossen en het vergemakkelijken van de bestuursrechtelijke handhaving; 5.

monitoring van de resultaten van de maatregelen en evaluatie na twee jaar.

Plan van aanpak wildcrossen gemeente Eersel

6/6

21.16896

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Eersel&id=e7d154b9-2da0-4731-a781-e6ae3b85880a