CConstaterende datEersel
Koppel je AI →
Document · PDF

[21.15032] - Nota van zienswijzen bestemmingsplan Knegselsedijk

Raadsvergadering 28 september 2021, gemeente EerselBij agendapunt: Bestemmingsplan Knegselsedijk2.374 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota beoordeling zienswijzen bestemmingsplan “Knegselsedijk”

Gemeente Eersel team Ruimte, afdeling Ontwikkeling 30-07-2021

1

21.15032

ZIENSWIJZEN Het bestemmingsplan “Knegselsedijk” heeft op basis van artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening vanaf 9 april 2021 gedurende zes weken ter inzage gelegen tot en met 20 mei 2021. De bekendmaking daarvan heeft plaatsgevonden op 8 april 2021 in de Staatscourant en het Gemeenteblad, waarbij gewezen is op de mogelijkheid om naar keuze mondeling of schriftelijk een zienswijze in te dienen bij de gemeenteraad. Ook heeft publicatie plaatsgevonden in de Hint. Tegen het ontwerpbestemmingsplan zijn twee zienswijzen ingediend. De ingediende zienswijzen zijn in voorliggende nota van zienswijzen samengevat, maar wel volledig beoordeeld. Daarna is ingegaan op de ontvankelijkheid. Vervolgens hebben wij onze reactie en het voorstel weergegeven.

2

21.15032

1. Zienswijze 1 Samenvatting zienswijze: De zienswijze heeft betrekking op de 150.000 Volt hoogspanningsverbinding Eindhoven Zuid – Hapert met bijbehorende belemmerde strook die binnen het plangebied valt. De indiener is verantwoordelijk voor het landelijk hoogspanningsnet. Zij zijn daarmee verantwoordelijk voor de veiligheid van personen en goederen, de aan te houden veiligheidsafstanden, de bereikbaarheid van hoogspanningsverbindingen, de leveringszekerheid en de benodigde ruimte voor het uitvoeren van onderhouds- en herstelwerkzaamheden. De assets van de indiener, zowel boven- als ondergronds, zijn van groot belang voor de leveringszekerheid van elektriciteit in Nederland en daarnaast ook ruimtelijk relevant. Dat is de reden dat de indiener wenst om een juiste planologische borging te verkrijgen, waardoor bouwen en werkzaamheden in nabijheid van hun assets in principe niet zijn toegestaan. Om dit planologisch op een juiste manier te borgen is voorgesteld om de regels van het bestemmingsplan voor de dubbelbestemming Leiding – Hoogspanningsverbinding aan te passen. De uitwerking van de regels van het bestemmingsplan voor de dubbelbestemming Leiding – Hoogspanningsverbinding is toegevoegd als bijlage bij de zienswijze.

Daarnaast wordt voorgesteld om deze regels ook op te nemen in het handboek van de gemeente Eersel, zodat te allen tijde eenzelfde voorschrift is opgenomen voor deze dubbelbestemming. Daarnaast wordt voorgesteld om afstemming te zoeken tussen de initiatiefnemer en de indiener om te bespreken of de geplande werkzaamheden ook (technisch) uitvoerbaar zijn. Daarbij dient voor de uitvoering van de werkzaamheden eveneens voorschriften te worden aangevraagd bij de netbeheerder. Ontvankelijkheid: De zienswijze is ontvangen binnen een termijn van 6 weken na de verplichte kennisgeving op grond van artikel 3.8 lid 1 onder b De zienswijze is gelet daarop ontvankelijk. Beoordeling: De zienswijze is duidelijk en de gemeente is voornemens om hier in mee te gaan. De regels worden aangepast zoals door reclamant voorgesteld. Voorstel: De ingediende zienswijze wordt gedeeld en de regels voor de dubbelbestemming ‘Leiding – hoogspanningsverbinding’ worden overgenomen zoals voorgesteld door reclamant. Het bestemmingsplan wordt hierop aangepast. 2. Zienswijze 2 Samenvatting zienswijze: De indieners exploiteren een (melk)veehouderij ten westen en noordwesten van het plangebied. De zienswijze kan worden opgedeeld in verschillende thema’s: 1. Goede ruimtelijke ordening 2. Verkeersoverlast 3. Woon- en leefklimaat 4. Bomen 5. Archeologisch onderzoek 6. Bodem 7. Water 8. Flora en fauna 9.

Belangenafweging 10. Planschade Ad 1. 3

21.15032

Indieners stellen dat voor de reconstructie van de nieuwe weg de gemeente een strook grond nodig heeft ter breedte van 8 meter over de gehele lengte van huiskavel. De indieners kunnen zich niet verenigen met de argumentatie in de toelichting van het bestemmingsplan omtrent ruimtelijke kwaliteit. De indieners beweren dat er wel sprake is van afbreuk van de ontwikkeling van de agrarische economie bij de indieners. Met het bestemmingsplan wordt het perceel/huiskavel van de indieners met 6.000 m2 verkleind. Met als gevolg dat de indieners niet meer voldoen aan de beweidingsnorm van hun afnemer van de geproduceerde melk, Friesland Campina, van maximaal tien koeien per hectare. Het gevolg voor de indieners is dat zij of zes koeien minder gaan houden om nog aan de norm van tien koeien per hectare te voldoen, of de indieners behouden hetzelfde aantal koeien en stoppen met beweiden. Voor de indieners betekent dit een aanzienlijke schade in de bedrijfsvoering. In het eerste scenario bedraagt de schade zes keer een koesaldo. In het tweede scenario hebben de indieners geen recht meer op een weidepremie over de totale jaarleverantie. Daarnaast wordt het bedrijf van de indieners minder waard door de verkleining van het perceel/huiskavel. De grootte van de huiskavel is bepalend voor de waarde van een melkveebedrijf.

Daarbij wordt het perceel van de indieners minder courant na (eventuele) aankoop door de gemeente. Ad 2. Indieners stellen dat het bestemmingsplan extra verkeer en geluidsoverlast veroorzaakt. Deze overlast wordt veroorzaakt door de beoogde verbetering van de bereikbaarheid en doorstroming in de Kempen. Doordat de Knegselsedijk een ontsluitingsweg wordt vanaf het bedrijventerrein Meerheide te Eersel gaan de indieners overlast ondervinden van extra verkeer en de daarbij behorende geluidsoverlast. Daarnaast stellen de indieners ook dat zij geluidsoverlast gaan ondervinden door het vrij liggend fietspad dat gerealiseerd wordt. De indieners stellen dat er een nader verkeersonderzoek moet worden verricht, waaruit blijkt dat er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat voor de indieners. Ad 3. Naar de mening van de indieners wordt hun woon- en leefklimaat op onaanvaardbare wijze aangetast door de nieuwe ontwikkeling aan de Knegselsedijk. De indieners stellen dat de aanleg van het vrij liggende fietspad en de aanleg van de nieuwe weg zorgt voor meer zicht op het perceel van de indieners waardoor zij een aantasting van de privacy ervaren. De indieners wensen een aanpassing van het tracé van de weg, aangezien uit de toelichting van het bestemmingsplan niet blijkt dat het tracé persé op die locatie gerealiseerd dient te worden.

Zij stellen voor om de weg aan de andere kant van de Knegselsedijk te situeren, aangezien de indieners dan minder negatieve effecten ondervinden aan hun bedrijfsvoering en minder aantasting hebben van zicht en privacy. In het kader van een zorgvuldige voorbereiden en een zorgvuldige belangenafweging dient het alternatief volgens indieners beoordeeld te worden, mede omdat zij aangeven al eerder andere alternatieven te hebben aangedragen, waar niets mee gedaan is. Bovendien volgt er volgens de indieners geen integrale afweging van de betrokken belangen. Ad 4. De indieners stellen dat het plan onvoldoende landschappelijk is ingepast. Zij wensen een deugdelijke landschappelijke inpassing die ook opgenomen wordt in de regels van het bestemmingsplan. Daarnaast stellen de indieners dat het bestemmingsplan leidt tot inefficiënt behoud van veel bomen. Het ruimtebeslag van de bomen is volgens de indieners inefficiënt ingedeeld. De indieners wensen een zo’n efficiënt mogelijke indeling van de bomenstructuur, waardoor zij een deel van hun perceel kunnen behouden. Bovendien zorgen de bestaande bomen en het daarbij behorende sterk verminderde zicht bij de kruising van de Hoef en de Knegselsedijk voor een gevaarlijke situatie volgens de indieners. Ad 5.

Naar de mening van de indieners is uit het archeologisch onderzoek gebleken dat het in het westelijke deel van het plangebied hoge zwarte enkeerdgronden aanwezig zijn. Hierdoor is de kans 4

21.15032

groot dat in de ondergrond van het plangebied nog resten aanwezig zijn. Aanvullend archeologisch onderzoek middels proefsleuven is noodzakelijk alvorens er gebouwd mag worden. Deze conclusie uit het archeologisch onderzoek heeft de dubbelbestemming Waarde – Archeologie op de gehele planlocatie tot gevolg. De indieners stellen dat in de regels van het bestemmingsplan verwezen moet worden naar een verplichting van een proefsleuvenonderzoek alvorens er gebouwd mag worden. Ad 6. Indieners stellen dat, gelet op het uitgevoerde bodemonderzoek, er sprake is van bodemverontreiniging. In het bodemonderzoek wordt gesteld dat er een nader bodemonderzoek naar zware metalen PAK uitgevoerd moet worden. Daarnaast moet er ook een nader asbestonderzoek worden uitgevoerd. Dit dient volgens de indieners gedaan te worden alvorens het bestemmingsplan kan worden vastgesteld. Ad 7. Naar de mening van de indieners dient de watertoets te worden voorgelegd aan het Waterschap. Voor zover de indieners dit uit het bestemmingsplan af kunnen leiden, heeft dit (nog) niet plaatsgevonden. Naar de mening van de indieners staat dus niet vast dat er geen negatieve gevolgen ten aanzien van het aspect water zijn. Ad 8. Naar de mening van de indieners kan het bestemmingsplan een onevenredige inbreuk maken op de aangetroffen vleermuizen in het plangebied.

Ten eerste vinden de indieners dat er geen deugdelijke Quickscan en aanvullend vleermuisonderzoek is uitgevoerd. Indieners wensen een deugdelijk onderzoek conform het Vleermuisprotocol 2017. Ten tweede zijn de indieners van mening dat het bestemmingsplan de mogelijkheid biedt om meer bomen te verwijderen dan waar het onderzoek vanuit is gegaan. Hier is in het onderzoek geen rekening mee gehouden. Tot slot zijn de indieners van mening dat ook de verblijfplaatsen in de bomen die blijven staan onherstelbaar kunnen worden verstoord door de beoogd ontwikkeling. Indieners zijn dan ook van mening dat niet uitgesloten kan worden dat het bestemmingsplan inbreuk maakt op de flora en fauna in het plangebied. Ad 9. De indieners stellen dat geen, dan wel onvoldoende, blijk is gegeven van een zorgvuldige belangenafweging. Nergens is ingegaan op de mogelijke belemmeringen voor het bedrijf van de indieners. De indieners vinden dat ze niet in de belangenafweging zijn betrokken. Er is daarom naar hun mening geen sprake van een zorgvuldige besluitvorming en een deugdelijke belangenafweging. Ad 10. De indieners vrezen als gevolg van de ontwikkeling schade te lijden in de vorm van waardedaling van hun woning. Naar de mening van de indieners was het zorgvuldig geweest om dit element te betrekken bij de afweging.

Indieners zijn bekend met de planschademogelijkheden, maar wensen te benadrukken dat in het kader van een zorgvuldige belangenafweging de lasten voor bewoners, zoals de indieners, betrokken hadden moeten worden. Ontvankelijkheid: De zienswijze is ontvangen binnen een termijn van 6 weken na de verplichte kennisgeving op grond van artikel 3.8 lid 1 onder b De zienswijze is gelet daarop ontvankelijk. Beoordeling: Ad 1. Er heeft een goede afweging plaatsgevonden over mogelijke alternatieven voor het tracé van de nieuwe weg. De mogelijke schade in de bedrijfsvoering voor indieners is meegenomen in deze 5

21.15032

afweging. In het proces van de grondverwerving worden indieners, zoals te doen gebruikelijk, schadeloosgesteld voor de nadelige gevolgen voor hun bedrijfsvoering. Ad 1 van deze zienswijze is niet ruimtelijk relevant. Ad 2. Uit het verkeersmodel blijkt dat er een afname van het verkeer zal zijn ten opzichte van 2015. In 2015 reden er 4500 motorvoertuigen per etmaal op de Knegselsedijk. In 2030 is de prognose dat er 4400 motorvoertuigen per etmaal rijden. Deze gegevens zijn opgevraagd bij de Omgevingsdienst en komen uit het BBMA S107a. Er is geen sprake van een significante toename die extra geluidsoverlast tot gevolg kan hebben. Daarnaast toont het akoestisch onderzoek aan dat de geluidsbelasting op het huis van de indieners juist afneemt n.a.v. de reconstructie van de weg. Het fietspad is in het model het fietspad en de omliggende omgeving als akoestisch hard ingevoerd. Hierdoor is er al voldoende rekening gehouden met eventuele verandering van het bodemgebied en dus ook de verlegging van een fietspad. Een fietspad maakt daarnaast geen onderdeel uit van de Wet geluidhinder en hoeft daarom dus ook niet onderzocht te worden. Ad 3. In het voortraject heeft een zorgvuldige afweging plaatsgevonden van de verschillende mogelijkheden.

Het schuiven van de weg naar het zuiden is mede een gevolg van de ligging van kabels en leidingen en de keuze voor behoud van groen aan de noordkant in plaats van aan de zuidkant. De door indiener benoemde alternatieven zijn bij de gemeente niet bekend. Met betrekking tot de eventuele aantasting van privacy kunnen de indieners een planschade claim indienen na de ruimtelijke procedure. Ad 4. De gemeente wil de bomen aan de noordkant behouden. Aan de zuidkant verdwijnen de bomen en plaatsen we een nieuwe bomenrij terug. Daarmee krijgt de weg een landschappelijke inpassing die vergelijkbaar is met de huidige situatie. Dit is ook een verplichting vanuit gemeentelijk en provinciaal beleid. De landschappelijke inpassing is eveneens beoordeeld door een ecologisch adviesbureau vanuit het oogpunt van verplichtingen vanuit de Wet natuurbescherming. De landschappelijke inpassing verbetert het leefgebied voor de voorkomende vleermuizen en steenuilen. De nieuwe situatie bij de kruising Hoef en Knegselsedijk wijzigt in een bocht, waarbij er nu een T-splitsing is. De bochtstraal voldoet aan de normen passend bij een 60 kilometer per uur weg, zoals deze weg. Daarnaast is met zichtlijnen gekeken naar de veiligheid en hieruit is gebleken dat er voldoende zicht is in deze bocht bij de nieuwe situatie. Ad 5.

In de regels van het bestemmingsplan is opgenomen dat aangetoond moet worden dat er geen archeologische waarden worden verstoord alvorens er gebouwd mag worden. Dit kan worden uitgesloten door middel van een proefsleuvenonderzoek. Ad 6. Het aanvullend bodemonderzoek is inmiddels gereed. Dit onderzoek wordt bijgevoegd bij het vastgestelde bestemmingsplan. Ad 7. De watertoets is voorgelegd aan het Waterschap en de reactie van het Waterschap hebben we ontvangen. De reactie van het Waterschap heeft geleid tot enkele aanpassingen in het bestemmingsplan. Ad 8. Om te voldoen aan de verplichtingen uit de Wet natuurbescherming is een QuickScan naar de mogelijke aanwezigheid van beschermde soorten uitgevoerd. Hieruit bleek dat herinrichting van de weg mogelijk invloed kan hebben op kamsalamanders, vleermuissoorten en steenuilen. Naar aanleiding hiervan heeft een ecologisch adviesbureau een vervolgonderzoek uitgevoerd, o.a. 6

21.15032

conform vleermuisprotocol. Hieruit blijkt dat in het gebied vleermuizen en steenuilen voorkomen. Kamsalamanders zijn niet aangetroffen. Vanwege de vleermuizen moeten de bestaande bomenrijen deels behouden blijven en waar mogelijk aangevuld. Hier is in het ontwerp rekening mee gehouden en het ontwerp is ook getoetst door het ecologische bureau. Hieruit kwam ook dat het ontwerp geen invloed heeft op de aanwezige steenuilen. Het plan zorgt wel voor biotoopverbetering voor deze soort. Ad 9. Voorafgaand aan het in procedure brengen van het bestemmingsplan is meerdere keren overleg geweest met de indieners. De indieners zijn echter nooit eerder ingegaan op de in deze zienswijze benoemde punten. De mogelijke belemmeringen voor het bedrijf van de indieners is meegenomen in de algehele afweging, maar het verdere verloop daarvan zal plaatsvinden na de ruimtelijke procedure. Ad 10. De mogelijke planschade die indieners leiden ten aanzien van de nieuwe weg is meegenomen in de algehele afweging voor de locatie van het tracé. De indieners kunnen een planschade claim indienen na de ruimtelijke procedure. Ad 10 van deze zienswijze is niet ruimtelijk relevant. Voorstel: De zienswijze wordt grotendeels niet gedeeld, enkel ad 6 wordt gedeeld. Het aanvullend bodemonderzoek wordt bijgevoegd bij het vastgestelde bestemmingsplan. Het bestemmingsplan wordt hierop aangepast.

7

21.15032

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Eersel&id=f34796f8-f199-4a0e-a30f-5e6c92fe0635