CConstaterende datEersel
Koppel je AI →
Document · PDF

[21.03026] - Bijlage 7 Kadernota Grondstoffen

Raadsvergadering 20 april 2021, gemeente EerselBij agendapunt: Uitvoeringsprogramma duurzaamheidsbeleid 2021-2025 (inclusief plan van aanpak energiereductie & zon-op-dak)6.937 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Kadernota Grondstoffen Samen op weg naar een Circulaire Kempengemeenschap!

De Kadernota “Grondstoffen” geeft de doelstellingen en de koers van het grondstoffenbeleid van de samenwerkende Kempengemeenten aan. De gemeenten bepalen samen de uitgangspunten en strategie om te komen tot een Circulaire economie.

Datum: 1 maart 2019

INHOUDSOPGAVE 1

INLEIDING ................................................................................................................................................ 5 1.1 1.2 1.3

2

Blz.

INLEIDING ................................................................................................................................................. 5 KADERS .................................................................................................................................................... 5 LEESWIJZER ............................................................................................................................................... 5

UITGANGSPUNTEN .................................................................................................................................. 6 2.1 INLEIDING ................................................................................................................................................. 6 2.2 HUIDIGE SITUATIE....................................................................................................................................... 6 2.2.1 De Kempensamenwerking ................................................................................................................ 6 2.2.2 Inzamelstructuur ............................................................................................................................... 6 2.2.3 Resultaten ......................................................................................................................................... 7 2.3 BELEID ..................................................................................................................................................... 7 2.3.1 Manifest voor een afvalloze samenleving......................................................................................... 7 2.3.2 Strategienotitie “Van Afval Naar Grondstof in 2020” ....................................................................... 7

3

VISIE EN DOELSTELLINGEN ....................................................................................................................... 8 3.1 INLEIDING ................................................................................................................................................. 8 3.2 TRANSITIE NAAR DE CIRCULAIRE ECONOMIE ..................................................................................................... 8 3.3 DE KEMPISCHE GRONDSTOFFENROTONDE ( FOCUS OP GRONDSTOFFEN) ............................................................... 9 3.3.1 Preventie ........................................................................................................................................... 9 3.3.2 Hergebruik ...................................................................................................................................... 10 3.3.3 Recycling ......................................................................................................................................... 10 3.4 DE KEMPEN ALS CIRCULAIRE HOTSPOT ......................................................................................................... 10

4

KADERS ................................................................................................................................................. 12 4.1 INLEIDING ............................................................................................................................................... 12 4.2 BEHOEFTE EN KANSEN IN BEELD BRENGEN ..................................................................................................... 12 4.3 TRANSITIE NAAR DE CIRCULAIRE ECONOMIE ................................................................................................... 12 4.4 DE KEMPISCHE GRONDSTOFFENROTONDE ( FOCUS OP GRONDSTOFFEN) ............................................................. 13 4.4.1 Opzet grondstoffeninname ............................................................................................................. 13 4.4.2 Optimalisatie inzamelstructuren..................................................................................................... 13 4.4.3 Van milieustraat naar Grondstoffencentra..................................................................................... 13 4.4.4 Inzamelstructuur restafval .............................................................................................................. 14

5

PROJECTPLAN EN PLANNING ................................................................................................................. 15 5.1 5.2 5.3

INLEIDING ............................................................................................................................................... 15 PROJECTPLAN .......................................................................................................................................... 15 PLANNING .............................................................................................................................................. 15

Bijlagen Bijlage 1: Projectplan Kadernota Grondstoffen Bijlage 2: Planning

2

Samenvatting Inleiding In deze kadernota richten we ons op de kern van het grondstoffenbeleid voor de langere termijn (10 jaar). In deze kadernota staan de ambities en de doelen die de Kempengemeenten willen bereiken en stellen we de kaders voor. Huidige situatie De Kempengemeenten hebben in 2018 ongeveer 89.000 inwoners waar afval middels diftar ingezameld wordt. In 2018 is er in Kempengemeenten gemiddeld nog maar 13% restafval waarmee ze tot de koplopers in Nederland behoren. Visie De Kempengemeenten richten hun grondstoffenbeleid op de transitie naar een Circulaire Kempengemeenschap. Het lineaire economiemodel waarin waardevolle grondstoffen worden uitgeput heeft geen toekomst. We werken als Kempengemeenten naar een circulaire economie waarin we producten en grondstoffen zo lang mogelijk in de keten houden, op een duurzame manier materiaalketens sluiten en waarde creëren uit afvalstromen. De circulaire economie is geen doel op zich. Het is onderdeel van een duurzame samenleving die gericht is op het verminderen van de milieudruk. Een duurzame samenleving voorkomt afval, streeft naar optimaal hergebruik van producten en grondstoffen, wordt gevoed door duurzame energie, draagt bij aan klimaatbescherming en heeft oog voor people, planet en profit. Kaders De Kempengemeenten hanteren de volgende kaders op weg naar de circulaire economie: 1.

Het streven is om zo veel mogelijk grondstoffen met een zo hoog mogelijke kwaliteit in de (lokale) kringloop te behouden. Dit resulteert er automatisch in dat we zo min mogelijk restafval overhouden dat verbrand moet worden. We wensen een circulaire samenleving waarin het sluiten van kringlopen de normaalste zaak van de wereld is en af zijn van de wergwerpeconomie. 2. De Kempengemeenten gaan voor een uniform en Kempenbreed inzamelsysteem. De inzameling, inname en verwerking van grondstoffen worden vanuit een Kempenbrede visie opgezet. 3. De Kempengemeenten faciliteren de gemeenschap maximaal om de grondstoffen uit afval te behouden en in de (lokale) kringloop te brengen. De Kempengemeenten zorgen er als regisseur van materialen en grondstoffen voor dat de ketens worden gesloten. De huidige situatie, de mogelijkheden en de snelheid van het transitie-pad verschilt hierbij per grondstofstroom. Daarom moet per grondstof het juiste transitie-pad bepaald worden en trachten we dit naar het hoogst haalbare niveau te krijgen. Als hiërarchie hanteren we hiervoor de ‘ladder van Lansink’ 4. Het huidige systeem voor afval scheiden bij de bron is het uitgangspunt. Nascheiding is geen goede techniek voor alle grondstoffen. Nagescheiden papier is bijvoorbeeld onbruikbaar. Ook nagescheiden GFT, textiel en glas zijn ongeschikt voor hoogwaardig hergebruik.

Daarbij maakt het burgers ook minder bewust van het nut van afvalpreventie door hen zelf en kan men niet worden afgerekend middels het principe “de vervuiler betaalt”. Op dit moment is alleen nascheiding van PMD realistisch, omdat dit met betrekking tot plastic verpakkingsafval vergelijkbare resultaten als bronscheiding kan opleveren. We wachten hierbij de ontwikkelingen van invoering van statiegeld op kleine PET flessen en blik af. Hiernaast blijven we de toekomstige ontwikkelingen op het gebied van nascheiding nauwlettend volgen en anticiperen op ontwikkelingen en zich bewezen technieken (ook financieel) aandienen op dit vlak. 3

5. De Kempengemeenten gaan preventie van afval bewerkstelligen door de inwoners bewust te maken van aankopen en de wijze van consumeren. Hierin gaan de Kempengemeenten faciliteren door te laten zien wat het effect is van de wegwerpeconomie en hoe men hier bewuster mee om kan gaan. 6. De Kempengemeenten zetten in op (lokaal) hergebruik. Dit doen de Kempengemeenten door kringloop te faciliteren en een groter platform te geven. Hiernaast worden er mogelijkheden in de inzamelstructuur gecreëerd om zich makkelijk van herbruikbare goederen en materialen te ontdoen. 7. De Kempengemeenten gaan, om meer recycling te stimuleren, sturen op “grondstoffen” en niet (meer) op afval. Uiteindelijk moeten we steeds “slimmer” gaan inzamelen, zodat grondstoffen behouden blijven voor recycling/upcycling. Centrale vraag is hoe de inzameling van grondstoffen zo georganiseerd kan worden dat deze effectief is voor zowel de inwoners als de inzamelaars, kostenefficiënt is en het gewenste milieurendement oplevert. Als we onze doelstelling nog verder willen optimaliseren ligt hierbij de focus op een optimaal service- en voorzieningenniveau om recyclebare grondstoffen in te zamelen, waar mogelijk via social return. 8. Serviceverhoging op met name de herbruikbare grondstoffen met het realiseren van nieuwe en logischer inzamellocaties, zal burgers nog meer motiveren tot afvalscheiding.

We gaan inzetten op inzamelen op logische plekken, zoals centrale plaatsen, scholen, instellingen en supermarkten. We willen de service verbeteren op grondstoffen zoals glas, textiel, elektr(on)ische apparaten, klein chemisch afval, EPS (piepschuim), harde kunststoffen, hout en papier. 9. De Kempengemeenten maken van de innamepunten voor grondstoffen een circulatiepunt waar mensen spullen en materiaal nieuwe gebruiksmogelijkheden geven. Uit het oude groeit het nieuwe. Daarom willen de Kempengemeenten sympathieke, uitnodigende plek(ken) maken waar mensen betrokken worden bij de natuurlijke cyclus van afval als grondstof, hergebruik en creatie. Grondstofinname krijgt een aantrekkende werking waardoor mensen vaker en meer materialen komen brengen. Hiermee stimuleren de Kempengemeenten het brengen van grondstoffen in plaats van het storten van afval. Projectplan Om de kaders uit te werken worden de volgende projecten uitgevoerd: 1. Behoefteonderzoek 2. Onderzoek scenario’s grondstof inname/ inzamelsysteem 3. Optimalisatie bestaande inzamelstructuren oud papier, glas, textiel 4. Analyse Inzamelstructuur restafval 5. Onderzoek kringloop en hergebruikcentra bouwmaterialen 6. Communicatieplan 7. Inkoop dienstverlening/ samenwerking inzameling en verwerking

4

1

Inleiding

1.1

Inleiding

Doordat de wereldbevolking groeit en ook steeds welvarender wordt, ontstaat een sterk stijgende vraag naar grondstoffen. We beseffen steeds beter dat we verantwoord met grondstoffen om moeten gaan, om onze welvaart ook in de toekomst zeker te kunnen stellen. Productketens moeten gesloten worden om ons huidige consumptiepatroon in stand te houden. Juist de afgelopen jaren zijn we daarom ons afval meer dan ooit gaan zien als een waardevolle bron van grondstoffen. Afval verandert langzamerhand van een kostenpost naar een inkomstenbron. Van afval scheiden vanuit milieuperspectief wordt afval scheiden steeds meer een noodzaak vanuit economisch perspectief. Het is zaak om, tegen zo laag mogelijke kosten, afgedankte materialen die geschikt zijn voor hergebruik te verzamelen en het restafval zo veel mogelijk te beperken. Daarbij speelt ook nog dat de technische ontwikkelingen snel gaan. Door deze ontwikkelingen zijn nu beleidskeuzes en passende maatregelen nodig. Het PMD, GFT, glas, papier, luiers, textiel en milieustraatstromen worden in de Kempengemeenten gescheiden ingezameld. Inmiddels voldoen de Kempengemeenten aan de VANG-doelstelling van 100 kg restafval per inwoner in 2020, met de gemeente Reusel-De Mierden als absolute koploper in Nederland met slechts ca. 10 kg restafval per inwoner.

In 2012 hebben de toenmalige wethouders van de MRE-gemeenten een manifest ondertekend waarin het streven is vastgelegd om in 2020 nog maar maximaal 5% restafval (= 20 kg per inwoner) te hebben, ofwel 95% grondstoffen in te zamelen. Om dit te bereiken moet een verdere scheiding van materiaalstromen (grondstoffen) plaatsvinden. In vervolg daarop hebben de colleges van de Kempengemeenten in 2013 de strategienotitie “Van afval naar grondstof” vastgesteld, met als doel “het tot stand brengen van een circulaire economie”. Dit is een op economie gebaseerde maatschappelijke waardecreatie waarin onder meer energie en grondstoffen op hernieuwbare en schone wijze worden ingezet in een lokale omgeving. Daarbij willen de gemeenten ook gelijktijdig werk maken van integrale duurzaamheid, re-integratietrajecten, het stimuleren van burgerparticipatie en lokale bedrijven.

1.2

Kaders

In deze kadernota richten we ons op de kern van het grondstoffenbeleid voor de langere termijn (10 jaar). Voordat de uitwerking van het grondstoffenbeleid kan plaatsvinden zijn er richtinggevende uitspraken van de gemeenteraad nodig. In deze kadernota staan de ambities en de doelen die de Kempengemeenten willen bereiken en stellen we de kaders voor. Dit geheel wordt middels projecten uitgewerkt in voorstellen (zie bijlage 1, het projectplan).

1.3

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 brengen we de uitgangspunten middels onze samenwerking, huidige inzamelstructuur en afvalbeleid tot nu toe in beeld. Hoe goed doen we het en wat zou er beter kunnen? In hoofdstuk 3 geven we de visie op de toekomst en onze doelstellingen weer. Hoofdstuk 4 beschrijft de kaders waarbinnen de ambities uitgewerkt gaan worden. Het 5de en laatste hoofdstuk geeft het vervolg op hoofdlijnen weer. Uit het grondstoffenbeleid is het projectplan, opgenomen in bijlage 1, met de benodigde activiteiten en de benodigde middelen opgesteld.

5

2

Uitgangspunten

2.1

Inleiding

De uitgangspunten zijn de Kempen samenwerking, de huidige situatie, de wettelijke kaders en het al bestaande beleid. Deze onderdelen worden in dit hoofdstuk beschreven en vanuit deze basis is het grondstoffenbeleid verder vorm gegeven.

2.2

Huidige situatie

2.2.1 De Kempensamenwerking Kempensamenwerking De 5 Kempengemeenten (Bergeijk, Bladel, Eersel, Oirschot en Reusel-De Mierden) vertonen meerdere overeenkomsten. Zo hebben alle gemeenten meerdere woonkernen en een groot buitengebied. Alle gemeenten zijn, op basis van hun inwonertal, door het CBS ingedeeld in stedelijkheidsklasse 4. In 1999/2000 hebben alle gemeenten een Diftarsysteem ingevoerd op basis van volume/frequentie, met als uitgangspunten dat de vervuiler betaalt en de afvalstoffenheffing 100% kostendekkend moet zijn. Sinds 2003 werken de Kempengemeenten intensief samen op het vlak van huishoudelijk afvalbeheer in de vorm van de Werkgroep Afval de Kempengemeenten (WAK), met als doelstelling om afvalbeleid en -uitvoering zoveel mogelijk op elkaar af te stemmen. Daartoe zijn inmiddels meerdere gezamenlijke aanbestedingen uitgevoerd. De Kempensamenwerking heeft geleid tot de volgende gezamenlijke actuele contracten: • Baetsen: inzameling huishoudelijk afval (restafval, GFT, PMD, textiel, luiers, papier en glas) de verwerking van restafval en het beheer van de milieustraten (t/m 2019 met verlengingsmogelijkheid t/m 2020). • Baetsen: sortering en vermarkting textiel, m.u.v. Bergeijk (t/m 2019). • GSD: dienstverleningsovereenkomst Diftar waarin o.a. het beheer van het containermanagement en de milieupassen zijn ondergebracht (t/m 2019).

• Valor: verwerking GFT (t/m 2019 met verlengingsmogelijkheid t/m 2020). • Box: vermarkting oud papier (t/m 2019 met verlengingsmogelijkheid t/m 2020). • Nedvang: sortering en vermarkting PMD . • WVK: detacheringsovereenkomst bemensing milieustraten, m.u.v. Bergeijk (t/m 2018). • Bergeijk heeft met Kringloop de Kempen een overeenkomst gesloten voor het ophalen en innemen van kringloopgoederen en inzamelen van textiel. (t/m 2019 met ieder jaar een verlengingsmogelijkheid).

2.2.2 Inzamelstructuur De Kempengemeenten hebben ervoor gekozen om restafval (4-wekelijks) en GFT (2-wekelijks) gescheiden in te zamelen met minicontainers en PMD (2-wekelijks) met speciale PMD-zakken. In de gemeente Reusel-De Mierden en de kern Netersel van de gemeente Bladel (4-wekelijks) wordt het restafval ingezameld met een tariefzak. Bij sommige appartementencomplexen wordt restafval ingezameld met ondergrondse verzamelcontainers. Verder wordt maandelijks het oud papier aan huis ingezameld door een professionele inzamelaar, ondersteund door vrijwilligers van verenigingen die optreden als beladers, behalve in de gemeente Oirschot en delen van Eersel. Glas, textiel en luiers worden ingezameld met verzamelcontainers in de openbare ruimte. In de Kempengemeenten zijn 4 milieustraten (Bladel en Reusel-De Mierden gezamenlijk) waar ca. 30 grondstoffen (al dan niet tegen betaling) gescheiden worden ingezameld.

6

2.2.3 Resultaten De Kempengemeenten hebben in 2018 ongeveer 89.000 inwoners waar afval middels diftar ingezameld wordt. In 2018 is er in Kempengemeenten gemiddeld nog maar 13% restafval waarmee ze tot de koplopers in Nederland behoren. De resultaten van 2018 zien er per gemeente als volgt uit: Parameter Totaal gerecycled Totaal niet gerecyceld Totaal Percentage restafval - Percentage fijn restafval - Percentage grof restafval - Percentage totaal fijn en grof Totaal kg per inwoner Restafval kg per inwoner

Bergeijk 7.584 1.212 8.795

Bladel 6.210 1.124 7.334

Eersel Oirschot 6.622 7.509 1.104 1.294 7.726 8.802

Reusel Totaal Eenheid 4.439 32.363 ton 216 4.949 ton 4.655 37.312 ton

18 8

18 9

18 8

23 6

3 9

16 8

% %

14 475 65

15 366 56

14 411 59

15 474 70

5

13 417 53

% kg kg

357 17

De Kempengemeenten scoren goed op het gebied van scheiding en de overgebleven hoeveelheden restafval. Het is aan de gemotiveerde inzet van de inwoners van de Kempengemeenten, Diftar en in Reusel-De Mierden aan de tariefszak te danken dat we zulke mooie resultaten bereiken. Het serviceniveau is nog niet optimaal omdat de inzamelstructuur en staat van de containers nog niet optimaal is (deels verouderde containers en deels nog bovengrondse), de milieustraten verouderd zijn en er nog maar zeer beperkte voorzieningen aanwezig zijn voor de afgifte van grondstoffen zoals piepschuim, elektr(on)ische apparaten, hout, harde kunststoffen, verf, accu’s cd’s, kurk etc. De afvalstoffenheffing van de Kempengemeenten behoort tot de laagste van Nederland. Opgemerkt dient hierbij te worden dat de Kempengemeenten een plattelandsgebied is waar over het algemeen betere resultaten gehaald worden dan in stedelijke gebieden. Dit komt onder andere door de beperkte aanwezigheid van hoogbouw, waar de resultaten beduidend slechter zijn. Op dit moment hebben wij een beperkt beeld van de tevredenheid van de burgers over het huidige systeem en het voorzieningenniveau. Voor de uitwerking van de kaders van dit grondstoffenbeleid is het nog nodig om de behoefte in beeld te brengen.

2.3

Beleid

2.3.1 Manifest voor een afvalloze samenleving Met de invoering van Diftar in 1999/2000 is feitelijk al de eerste stap gezet naar minder restafval. In 2012 hebben de toenmalige wethouders “afval” van de 21 SRE-gemeenten het “Manifest voor een afvalloze samenleving”, ondertekend. Daarmee werd een duurzaam gebruik van energie en grondstoffen onderschreven met het ambitieuze doel om te komen tot 95% scheiding en daarmee dus actief te streven naar maximaal 5% restafval (max 20 kg. per inwoner per jaar) in 2020.

2.3.2 Strategienotitie “Van Afval Naar Grondstof in 2020” In de Strategienotitie is de doelstelling van het “Manifest voor een afvalloze samenleving”, verder uitgewerkt met als ultieme doel “het tot stand brengen van een circulaire economie”, zijnde een economie gebaseerd op maatschappelijke waardecreatie waarin onder meer energie en grondstoffen op hernieuwbare en schone wijze worden ingezet in een lokale omgeving.

7

3

Visie en doelstellingen

3.1

Inleiding

Deze kadernota is bedoeld om de beleidsmatige kaders voor toekomstige beslissingen en maatregelen vast te stellen. In dit document staan geen uitspraken over hoe de inzameling van verschillende grondstoffen (systeemkeuzes) er precies uit komt te zien. Maar door de inventarisatie en het bepalen van de visie en ambities hebben we een duidelijk beeld van waar we naar toe willen, waar we op moeten inzetten en op moeten investeren. De Kempengemeenten hebben de volgende visie:

3.2

Transitie naar de circulaire economie

Onze wereld is in transitie. We leven niet langer in een tijdperk van verandering, we maken de verandering van een tijdperk mee. We zien de uitdagingen elke dag, om ons heen en in de media: klimaatverandering, bevolkingsgroei in steden, digitalisering, de opkomst van nieuwe economieën en wereldmachten en de dreigende uitputting van onze natuurlijke hulpbronnen. Samen plaatsen ze ons voor de grootste uitdaging sinds de negentiende eeuw. Dat vraagt om een fundamentele omslag in de manier waarop we onze samenleving en onze economie opnieuw inrichten en laten bloeien. De Kempengemeenten richten daarom hun grondstoffenbeleid op de transitie naar een Circulaire Kempengemeenschap. Het lineaire economiemodel waarin waardevolle grondstoffen worden uitgeput heeft geen toekomst. We werken als Kempengemeenten naar een circulaire economie waarin we producten en grondstoffen zo lang mogelijk in de keten houden, op een duurzame manier materiaalketens sluiten en waarde creëren uit afvalstromen. De circulaire economie is geen doel op zich. Het is onderdeel van een duurzame samenleving die gericht is op het verminderen van de milieudruk. Een duurzame samenleving voorkomt afval, streeft naar optimaal hergebruik van producten en grondstoffen, wordt gevoed door duurzame energie, draagt bij aan klimaatbescherming en heeft oog voor people, planet en profit.

Voor de transitie naar een circulaire economie is een andere manier van werken met alle partners in de keten nodig. Als producenten, consumenten, afvalbedrijven, overheden en maatschappelijke organisaties de transitie gezamenlijk oppakken, kunnen we groeien naar een duurzame samenleving waarin de milieudruk zo laag mogelijk is.

8

3.3

De Kempische Grondstoffenrotonde ( focus op grondstoffen)

Het streven is om zo veel mogelijk grondstoffen met een zo hoog mogelijke kwaliteit in de (lokale) kringloop te behouden. Dit resulteert er automatisch in dat we zo min mogelijk restafval overhouden dat verbrand moet worden. We wensen een circulaire samenleving waarin het sluiten van kringlopen de normaalste zaak van de wereld is en af zijn van de wergwerpeconomie. De Kempengemeenten gaan voor een uniform en Kempenbreed inzamelsysteem. De inzameling, inname en verwerking van grondstoffen worden vanuit een Kempenbrede visie opgezet. De Kempengemeenten faciliteren de gemeenschap maximaal om de grondstoffen uit afval te behouden en in de (lokale) kringloop te brengen. De Kempengemeenten zorgen er als regisseur van materialen en grondstoffen voor dat de ketens worden gesloten. De huidige situatie, de mogelijkheden en de snelheid van het transitie pad verschillen hierbij per grondstofstroom. Daarom moet voor elke grondstof het juiste transitie-pad bepaald worden en trachten we dit naar de het hoogst haalbare te krijgen. Als hiërarchie hanteren we hiervoor de ‘ladder van Lansink’:

Het huidige systeem voor afval scheiden bij de bron is het uitgangspunt. Nascheiding is geen goede techniek voor alle grondstoffen. Nagescheiden papier is bijvoorbeeld onbruikbaar. Ook nagescheiden GFT, textiel en glas zijn ongeschikt voor hoogwaardig hergebruik. Daarbij maakt het burgers ook minder bewust van het nut van afvalpreventie door hen zelf en kan men niet worden afgerekend middels het principe “de vervuiler betaalt”. Op dit moment is alleen nascheiding van PMD realistisch, omdat dit met betrekking tot plastic verpakkingsafval vergelijkbare resultaten als bronscheiding kan opleveren. We wachten hierbij de ontwikkelingen van invoering van statiegeld op kleine PET flessen en blik af. Hiernaast blijven we de toekomstige ontwikkelingen op het gebied van nascheiding nauwlettend volgen en anticiperen op ontwikkelingen en zich bewezen technieken (ook financieel) aandienen op dit vlak.

3.3.1 Preventie Op de bovenste trede van de Ladder van Lansink wordt er gericht op preventie. Preventie willen we bewerkstelligen door de inwoners bewust te maken van aankopen en de wijze van consumeren. Hierin gaan de Kempengemeenten faciliteren door te laten zien wat het effect is van de wergwerpeconomie en hoe men hier bewuster mee om kan gaan. Dit wordt gedaan op de volgende terreinen: • Informeren en faciliteren in het gebruik van producten of materialen die niet na een of enkele keren gebruik moeten worden afgedankt; • Het laten repareren van producten als ze stuk zijn of het laten vervangen van een onderdeel (repaircafé), in plaats van direct een nieuw product te kopen; er zijn ook producten te koop die zelf eenvoudig te repareren zijn (repairlab); • Het gebruik van zo weinig mogelijk verpakkingsmateriaal stimuleren; • Voedselverspilling tegengaan. 9

3.3.2 Hergebruik De tweede trede van de Ladder van Lansink richt zich op hergebruik van goederen en materialen. Er zijn nu nog teveel herbruikbare goederen en materialen die als afval worden afgevoerd. De Kempengemeenten zetten in op (lokaal) hergebruik. Dit doen de Kempengemeenten door de kringloopwinkels te faciliteren en een groter platform te geven. Hiernaast worden er mogelijkheden in de inzamelstructuur gecreëerd om zich makkelijk van herbruikbare goederen en materialen te ontdoen. Hiernaast dienen de mogelijkheden voor meer hergebruik van materialen in de regio verder onderzocht te worden. Denk hierbij aan herbruikbaar hout, dakpannen, straatstenen, gresbuizen, tegels, sieraardewerk en glazen gebruiksvoorwaarden. Om de circulaire gedachte verder te ontwikkelen worden de al bestaande circulaire initiatieven in de Kempengemeenten geïnventariseerd en daar waar mogelijk meegenomen in het grondstoffenbeleid.

3.3.3 Recycling De derde trede van de Ladder van Lansink richt zich op meer recycling. De Kempengemeenten gaan, om meer recycling te stimuleren, sturen op “grondstoffen” en niet (meer) op afval. Uiteindelijk moeten we steeds “slimmer” gaan inzamelen, zodat grondstoffen behouden blijven voor recycling/upcycling. Centrale vraag is hoe de inzameling van grondstoffen zo georganiseerd kan worden dat deze effectief is voor zowel de inwoners als de inzamelaars, kostenefficiënt is en het gewenste milieurendement oplevert. Als we onze doelstelling nog verder willen optimaliseren ligt hierbij de focus op een optimaal service- en voorzieningenniveau om recyclebare grondstoffen in te zamelen, waar mogelijk via social return. Serviceverhoging op met name de herbruikbare grondstoffen met het realiseren van nieuwe en logischer inzamellocaties, zal burgers nog meer motiveren tot afvalscheiding. We gaan inzetten op inzamelen op logische plekken, zoals centrale plaatsen, scholen, instellingen en supermarkten. We willen de service verbeteren op grondstoffen zoals glas, textiel, elektr(on)ische apparaten, klein chemisch afval, EPS (piepschuim), harde kunststoffen, hout en papier. Hierbij is draagvlak creëren van groot belang. Neem de inwoners mee in het wat en waarom en de resultaten. Laat zien wat de Circulaire economie inhoudt en wat het voor hen kan betekenen.

3.4

De Kempen als Circulaire Hotspot

De Kempen is een plek waar de Circulaire Economie daadwerkelijk tot leven komt. Het is de ambitie om deze beweging te versnellen en dat op z’n Kempisch: met boerenverstand en met elkaar. Door het uitdragen van de visie kan aan de verschillende doelen en ambities van het grondstoffenbeleid fysiek invulling worden gegeven. Voorbeelden hiervan zijn: • Het belang van de milieustraatfunctie als grondstoffencentrum onderstrepen en uitdragen; • De mogelijkheid voor een kringloop en materiaal hergebruik faciliteren; • Invulling van de Kempengemeenten als plek waar grondstoffen en producten doorheen stromen. Die verschillende stromen willen de gemeenten beïnvloeden en ombuigen naar circulariteit en naar een versterking van de economie; • Het stimuleren van hergebruik van producten en grondstoffen en aanjagen van nieuwe technieken die afvalscheiding naar een hoger niveau tillen; • Gedragsbeïnvloeding zoals voorlichting, campagnes, gesprekken, onderwijsprojecten. 10

Dit doen de gemeenten door een faciliterende en regisserende rol aan te nemen. Dit is natuurlijk mogelijk en gewenst tot een bepaald hoogte. De invloed van de gemeente bestaat uit: Communicatie, voorbeeldrol, gesprekpartner, kennisinstituut en organisator. De functie van inname van grondstoffen en de milieustraat zijn hier een verbindende factor in, het is een podium voor opschaling. Het is daarom ook veel meer dan een milieuvriendelijke plek om afvalen grondstoffen af te geven. Het is een conversiepunt.

Een circulatiepunt waar mensen spullen en materiaal nieuwe gebruiksmogelijkheden geven. Uit het oude groeit het nieuwe. Daarom wil(len) de Kempengemeenten sympathieke, uitnodigende plek(ken) maken waar mensen betrokken worden bij de natuurlijke cyclus van afval als grondstof, hergebruik en creatie. Grondstofinname krijgt een aantrekkende werking waardoor mensen vaker en meer materialen komen brengen. Hiermee stimuleren de Kempengemeenten het brengen van grondstoffen in plaats van het storten van afval.

11

4

Kaders

4.1

Inleiding

Dit hoofdstuk geeft de uitwerking van de visie en doelstellingen in de kaders. Dit zijn de kaders waarbinnen de gemeenten uitvoering gaan geven aan hun grondstoffenbeleid.

4.2

Behoefte en kansen in beeld brengen

Om de behoefte en kansen in beeld te brengen en draagvlak te creëren worden de volgende stappen genomen: • Een structureel onderzoek/ enquête onder de inwoners waarbij we vragen naar de tevredenheid over het serviceniveau (frequentie, bereikbaarheid en communicatie) en het voorzieningenniveau (is er voldoende capaciteit? Is deze goed bereikbaar? Etc.); • Om een beter beeld van de samenstelling en kwaliteit van de stromen te krijgen worden er sorteeranalyses uitgevoerd en wordt de kwaliteit van de stromen structureel met de verwerkers besproken. Samen met de verwerkers gaat gekeken worden naar optimalisatie van de stroom; • Monitoring zwerfafval en dumpingen; • Er wordt geïnventariseerd welke circulaire initiatieven er binnen de Kempengemeenten gemeenten al zijn en wat het toekomstbeeld is. Er wordt Kempenbreed een communicatieplan “De Kempengemeenten op weg naar de Circulaire economie” opgesteld. Dit communicatieplan bevat structurele communicatie op het gebied van Circulaire economie, grondstoffen en afvalscheiding.

4.3

Transitie naar de circulaire economie

De Kempengemeenten bevestigen de ambitie om samen op weg te gaan naar een Circulaire Kempengemeenschap en doet dit door in te zetten op volgende kaders: • Om de transitie naar de circulaire economie te laten zien, voelen en te faciliteren laat de Kempen zien wat het inhoudt en wat er mogelijk is; • Met fysieke centra en podia in de vorm van grondstoffencentra uitvoering geven aan de Circulaire economie (dit onderdeel wordt meegenomen paragraaf 4.4.3 “van milieustraat naar grondstoffencentra”); • Faciliteren en inspireren van kringloopfaciliteiten; • Faciliteren en organiseren van hergebruik en refurbishment van materialen. Hierbij sluiten De Kempengemeenten aan bij het Rijksbrede programma Nederland Circulair 2050 en de bouwstenennotitie circulaire economie 2019-2028 “Brabant beweegt in Kringlopen”.

12

4.4

De Kempische Grondstoffenrotonde ( focus op grondstoffen)

4.4.1 Opzet grondstoffeninname De Kempengemeenten kiezen expliciet voor de inzet op kwalitatief goede grondstoffen door een goed serviceniveau te bieden op minimaal de volgende grondstofstromen: glas, textiel, elektr(on)ische apparaten, klein chemisch afval, EPS (piepschuim), harde kunststoffen, hout en papier. Door het onderschrijven van deze kadernota prevaleert de inzet op grondstoffen boven de focus op scheidingsresultaat en percentages restafval. De circulaire economie is namelijk gebaseerd op het zo hoogwaardig mogelijk verwerken van grondstoffen. Door deze focus komen we als Kempengemeenten automatische tot een vermindering van restafval. Er wordt een onderzoek naar de verschillende scenario’s van grondstof inname/ inzamelsysteem uitgevoerd om te komen tot een Kempenbreed systeem. Hierbij worden de verschillende, in Nederland uitgevoerde, proeven en bestaande inzamelsystemen meegenomen. Denk hierbij aan: uitgebreide huis-aan-huis inzameling (zoals de afvalproef Molenakkers), de tariefzak, omgekeerd inzamelen, de grondstoffen-box of grondstoffeninnamepunten. Om een goed serviceniveau te bieden is de staat van de voorzieningen van belang. De inzamelmiddelen en inzamellocaties (inclusief millieustraten) dienen in goede staat te verkeren en goed te worden onderhouden.

4.4.2 Optimalisatie inzamelstructuren Om meer resultaten te boeken op inname van grondstoffen is het nodig om de inzamelstructuren optimaal in te richten. Dit is mogelijk door: • De bereikbaarheid optimaal in te richten • De inname aantrekkelijk te maken • Communicatie Van de grondstofstromen glas, oud papier, textiel en luiers wordt de huidige inzamelstructuur getoetst op staat, locaties en inzamelfactoren. Dit wordt naast de behoefte gelegd en hieruit komt een plan van aanpak voor de optimalisering

4.4.3 Van milieustraat naar Grondstoffencentra Onderzoek naar het optimaliseren van de milieustraten structuur en de opzet van de milieustraatfunctie omvormen naar de filosofie van een grondstoffencentrum. Hierbij worden verschillend scenario’s uitgewerkt waarbij wordt gekeken naar de totale inzamelstructuur en faciliteiten in de regio.

13

4.4.4 Inzamelstructuur restafval Na inzet op grondstoffen word de inzamelstructuur van restafval afgestemd op de overgebleven hoeveelheden restafval. Deze inzamelstructuur wordt op de meest efficiënte manier opgezet. Hierbij zijn een prikkel op ontmoediging van restafval, service en kosten efficiency de uitgangspunten. Om te komen tot het meest optimale systeem voor de Kempengemeenten worden de volgende systemen vergeleken en getoetst aan de behoefte en kosten: • Omgekeerd inzamelen, bij dit systeem haal je de afvalsoorten op die als grondstof kunnen worden hergebruikt aan huis op. Wat er overblijft als restafval gaat naar een ondergrondse verzamelcontainer in de buurt. • Een ander inzamelmiddel (bijvoorbeeld huidige container, kleinere container of tariefzak) • Lagere inzamelfrequentie

14

5

Projectplan en planning

5.1

Inleiding

We gaan in Kempenverband op een gestructureerde wijze, met daarbij alle facetten in beeld (bewonersonderzoek, inwonerspanel en sorteeranalyses) gefundeerde keuzes maken in de totale inzamelstructuur (huis-aan-huis, milieuparken en milieustraten).

5.2

Projectplan

Om te komen tot een breed gedragen en toekomstgericht inzamelsysteem nemen wij als Kempengemeenten de volgende stappen: 1. Behoefteonderzoek (bewonersenquête en sorteeranalyses) & inventarisatie Circulaire initiatieven: begin 2019; 2. Onderzoek scenario’s grondstof inname/ inzamelsysteem: eerste en tweede kwartaal 2019; 3. Optimalisatie bestaande inzamelstructuren oud papier, glas, textiel; eerste en tweede kwartaal 2019; 4. Analyse Inzamelstructuur restafval: derde kwartaal 2019; 5. Onderzoek kringloop en hergebruikcentra bouwmaterialen: eerste en tweede kwartaal 2019; 6. We starten gelijktijdig ook met het communicatieplan om op een positieve en gestructureerde wijze de inwoners en de media te informeren over onze aanpak; 7. Inkoop dienstverlening/ samenwerking inzameling en verwerking. Deze stappen zijn uitgewerkt in het projectplan in bijlage 1.

5.3

Planning

Er is een planning op hoofdlijnen opgesteld (zie bijlage 2). Door de Kadernota vast te stellen leggen we de richting en kaders vast en is dit vertaald in projecten. Deze projecten worden projectmatig aangepakt en de resultaten worden met aanbevelingen ter besluitvorming aan het bevoegde bestuur voorgelegd. De projecten worden gemonitord en meetbaar gemaakt door te werken met: hergebruikpercentage, kwaliteit grondstoffen, percentage restafval, economisch rendement, de financiële lasten van de burger en burgertevredenheid. De beschreven stappen moeten gedegen en vol overgave worden uitgevoerd. Dat vergt tijd en flexibiliteit. Die flexibiliteit is nodig omdat er ook van de dienstverlening wordt verwacht dat deze wijzigt. Inzamelmiddelen, inzamelvoertuigen, beheer aspecten en verwerking routes moeten omgezet kunnen worden.

15

Bijlage 1: Projectplan Kadernota Grondstoffen

16

Bijlage 1:

Projectplan Kadernota Grondstoffen

INHOUDSOPGAVE 1

INLEIDING ................................................................................................................................................ 2 1.1 1.2 1.3

2

Blz.

INLEIDING ................................................................................................................................................. 2 BESCHIKBARE FORMATIE .............................................................................................................................. 2 PLANNING ................................................................................................................................................ 2

PROJECTEN .............................................................................................................................................. 3 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7

BEHOEFTEONDERZOEK (BEWONERSENQUÊTE EN SORTEERANALYSES) & INVENTARISATIE CIRCULAIRE INITIATIEVEN ........ 3 ONDERZOEK SCENARIO’S GRONDSTOF INNAME/ MILIEUSTRATEN ......................................................................... 3 OPTIMALISATIE BESTAANDE INZAMELSTRUCTUREN OUD PAPIER, GLAS, TEXTIEL EN LUIERS ......................................... 3 INZAMELSTRUCTUUR RESTAFVAL ................................................................................................................... 4 ONDERZOEK KRINGLOOP EN HERGEBRUIKCENTRA BOUWMATERIALEN ................................................................... 4 COMMUNICATIEPLAN.................................................................................................................................. 5 DIENSTVERLENING: ..................................................................................................................................... 5

1

Inleiding

1.1

Inleiding

Om te komen tot een breed gedragen en toekomstgericht inzamelsysteem nemen wij als Kempengemeenten de volgende stappen: 1. Behoefteonderzoek (bewonersenquête en sorteeranalyses) & inventarisatie Circulaire initiatieven; 2. Onderzoek scenario’s grondstof inname/ inzamelsysteem; 3. Optimalisatie bestaande inzamelstructuren oud papier, glas, textiel en luiers; 4. Analyse Inzamelstructuur restafval; 5. Onderzoek kringloop en hergebruikcentra bouwmaterialen; 6. We starten gelijktijdig ook met communicatieplan om op een positieve en gestructureerde wijze de inwoners en de media te informeren over onze aanpak; 7. Inkoop dienstverlening/ samenwerking inzameling en verwerking. Om deze projecten uit te voeren is dit projectplan opgesteld.

1.2

Beschikbare formatie

Om de projecten uit te voeren is de huidige formatie van beleidsmedewerkers afval beschikbaar. Hiernaast wordt er inzet (uren) gevraagd van de volgende afdelingen: Communicatie, Beheer openbare ruimte, BIZOB en de huidige dienstverlener Baetsen Uitgangspunt bij het uitvoeren van de projecten is dat de projectleiding en uitvoering zoveel als mogelijk door de eigen formatie wordt verricht. Indien er inhuur nodig is van specifieke kennis en kunde. Er wordt dan zeer gericht externe specialisme ingehuurd.

1.3

Planning

Er is een planning op hoofdlijnen opgesteld (zie bijlage 2). Door de Kadernota vast te stellen leggen we de richting en kaders vast en is dit vertaald in projecten. Deze projecten worden projectmatig aangepakt en de resultaten worden met aanbevelingen ter besluitvorming aan de gemandateerde beslissingsbevoegde voorgelegd. De projecten worden gemonitord en meetbaar gemaakt door de te werken met: hergebruikpercentage, kwaliteit grondstoffen, percentage restafval, economisch rendement en burgertevredenheid. De beschreven stappen moeten gedegen met vol overgave worden uitgevoerd en dat vergt tijd en flexibiliteit. Die flexibiliteit is nodig omdat er ook van de dienstverlening wordt verwacht dat deze meedenkt en uitwerking geeft aan de projecten. De dienstverlener moet op de ontwikkelingen kunnen inspelen en dat kan inhouden het omzetten van inzamelmiddelen, inzamelvoertuigen, beheer aspecten en verwerking routes.

2

2

Projecten

2.1

Behoefteonderzoek (bewonersenquête en sorteeranalyses) & inventarisatie Circulaire initiatieven

Om de behoefte en kansen in beeld te brengen en draagvlak te creëren worden de volgende stappen genomen: • Een onderzoek/ enquête onder de inwoners waarbij we vragen naar de tevredenheid over het serviceniveau (frequentie, bereikbaarheid en communicatie) en het voorzieningenniveau (is er voldoende capaciteit? Is deze goed bereikbaar? Etc.); • Om een beter beeld van de samenstelling en kwaliteit van de stromen te krijgen worden er sorteeranalyses uitgevoerd en wordt de kwaliteit van de stromen structureel met de verwerkers besproken. Samen met de verwerkers gaat gekeken worden naar optimalisatie van de stroom; • Monitoring zwerfafval en dumpingen; • Er wordt geïnventariseerd welke circulaire initiatieven en binnen de Kempengemeenten gemeenten al zijn en wat het toekomstbeeld is. Vervolgstappen: Na het uit uitvoeren van bovenstaande project worden de resultaten intern en extern gedeeld en wordt er een rapportage met verbetervoorstellen opgesteld. Deze rapportage dient als basis voor de projecten: grondstofinname/ milieustraten, optimalisatie bestaande inzamelstructuren, onderzoek kringloop en hergebruik en de opzet voor de dienstverlening.

2.2

Onderzoek scenario’s grondstof inname/ milieustraten

Dit project betreft het onderzoek naar de meest optimale Kempenbrede opzet voor de inname van grondstoffen. Er wordt een onderzoek naar de verschillende scenario’s van grondstof inname/ inzamelsysteem uitgevoerd om te komen tot een Kempisch breed systeem. Hierbij worden de verschillende in Nederland uitgevoerde proeven en bestaande inzamelsystemen meegenomen. Denk hierbij aan: uitgebreide huis aan huis inzameling, omgekeerd inzamelen, de grondstoffen box of grondstoffeninnamepunten. Hierbij is op basis van de in te nemen grondstoffen, behoefte en bestaande faciliteiten bekeken wat er aan mogelijkheden zijn. In dit onderzoek wordt ook de milieustraatfunctie bekeken. Dit wordt als een geheel gedaan omdat er een overlap in inname van grondstofstromen zit. Op deze wijze komt er één totaal plan voor de inname van grondstoffen. De aanpak is als volgt: Huidige situatie in beeld, inventarisatie mogelijkheden, scenario’s bepalen, analyse scenario’s, keuze voorkeurscenario, kostenraming en exploitatiebegroting, advies en planning. Vervolg: Na het uitvoeren van bovenstaand onderzoek is het uitgangspunt dat er wordt besloten tot één Kempenbreed scenario. De uitvoering van dit scenario wordt nader uitgewerkt in een projectplan en in de periode 2020/ 2022 gerealiseerd.

2.3

Optimalisatie bestaande inzamelstructuren oud papier, glas, textiel en luiers

Op basis van inventarisatie van de verdeling van inzamelmiddelen en de resultaten (behoefte) uit de enquête wordt er een analyse uitgevoerd waar er te weinig of teveel inzamelmiddelen staan. De locatie van de containers worden in een digitale kaart verwerkt. Er is nog geen beleid op plaatsing van inzamelmiddelen, dit beleid wordt opgesteld voor de inzameling van papier, glas, textiel en luiercontainers. 3

Ook de staat van de inzamelmiddelen (boven- en ondergrondse) worden geïnventariseerd. Op basis van deze resultaten wordt een analyse gemaakt welke behoefte er is om de inzamelmiddelen in goede staat van onderhoud te verkrijgen. Er wordt een meerjarenprogramma opgesteld voor de vervanging van containers en een onderhoudsplan. Deze onderdelen worden vertaald naar de gemeentelijke begrotingen. Op basis van deze plannen dient de inkoop van ondergrondse containers Kempenbreed te worden georganiseerd. Dit kan door een raamcontract voor de levering en plaatsing van ondergrondse containers in de markt te zetten. De wijze waarop we dit gaan doen wordt verwoord in een inkoopstrategie. Vervolg: Na het uitvoeren van bovenstaand onderzoek is het uitgangspunt dat er wordt besloten tot één Kempenbreed scenario. De uitvoering van deze van dit scenario wordt nader uitgewerkt in een projectplan en in de periode 2020/ 2022 gerealiseerd.

2.4

Inzamelstructuur restafval

Na inzet op grondstoffen wordt de inzamelstructuur van restafval afgestemd op de overgebleven hoeveelheden restafval. Deze inzamelstructuur wordt op de meest efficiënte manier opgezet. Hierbij zijn een prikkel op ontmoediging van restafval en kosten efficiency de uitgangspunten. Om te komen tot het meest optimale systeem voor de Kempengemeenten worden de volgende systemen vergeleken en getoetst aan de behoefte en kosten: • Omgekeerd inzamelen • Kleiner inzamelmiddel • Lagere inzamelfrequentie Vervolg: Na het uitvoeren van bovenstaand onderzoek is het uitgangspunt dat er wordt besloten tot één Kempenbreed scenario. De uitvoering van deze van dit scenario wordt nader uitgewerkt in een projectplan en in de periode 2020/ 2022 gerealiseerd.

2.5

Onderzoek kringloop en hergebruikcentra bouwmaterialen

De Kempengemeenten bevestigen de ambitie om samen op weg te gaan naar een Circulaire Kempengemeenschap en doen dit door de volgende maatregelen uit te werken: • Om de transitie naar de circulaire economie te laten zien en voelen faciliteren de Kempengemeenten door uit te dragen wat het inhoudt en wat er mogelijk is; • Faciliteren en inspireren van kringloopfaciliteiten • Faciliteren en organiseren van hergebruik en refurbishment van materialen, onder andere bouwmaterialen, elektrische apparaten en textiel. Om dit te realiseren wordt er in het project communicatieplan meegenomen hoe we laten zien wat de circulaire economie inhoudt en hoe dit al binnen de Kempen wordt uitgevoerd. Hiernaast gaan we partijen de kans geven om zich te profileren. We gaan in gesprek met de bestaande kringloopwinkels en brengen in beeld om wat voor materialen en hoeveelheden het gaat. In gesprek met de kringloopwinkels analyseren de mogelijkheden om de kringloop meer op de kaart te zitten en te faciliteren. Samen met lokale partijen en het participatiebedrijf Kempenplus wordt er geïnventariseerd waar kansen liggen in het hergebruik en refurbishment van materialen.

Kunnen we lokale kringloop van herbruikbare bouwmaterialen sluiten met lokale of regionale partijen? Kan de WVK nog specifieke grondstofstromen uit stromen, demonteren of juist opknappen? Al deze ideeën en meerdere ideeën uit de inventarisatiefase worden in dit onderzoek uitgewerkt. Vervolg: Het uitvoeren van het meerjarenprogramma 2020- 2023. 4

2.6

Communicatieplan

Er word een totaal communicatieplan samen met de afdeling communicatie opgesteld. Dit communicatieplan bevat minimaal de volgende onderdelen: 1. Communicatie gemeente over de fysieke uitvoering van inzameling en verwerking 2. Communicatie over de resultaten van de Kempengemeenten in service, milieurendement en kosten 3. Communicatie over de Kadernota en Samen op weg naar een Circulaire Kempengemeenschap! 4. Informatievoorziening over afvalscheiding, wat gebeurt met het gescheiden afval, Van afval naar Grondstof en wat is de Circulaire economie 5. Aandacht voor de kringloopwinkels en lokale initiatieven op het gebeid van Circulaire economie. Er wordt alleen Kempenbreed gecommuniceerd over het grondstoffenbeleid. Hiervoor worden kanalen ingezet en geüpdatet zoals; Website, Afvalapp, de communicatie op de milieustraat, lokale en regionale kranten, nieuwsbrieven en de diverse sociale media kanalen.

2.7

Dienstverlening:

Het contract voor de dienstverlening (inzameling en verwerking) loopt in principe 31 december 2019 af. Hierbij hebben we nog de mogelijkheid om het contract met 1 jaar te verlengen. In het kader van de voorgenomen projecten en de uitrol hiervan in het nodig om meer duidelijkheid in de te kiezen structuren te krijgen voordat hier de juiste dienstverlener en contractvorm bij bepaald kan worden. Gezien de doorlooptijd en benodigde capaciteit van de projecten is het intentie (deze keuze wordt nog definitief voorgelegd) om de overeenkomst met de huidige dienstverlener Baetsen voor het contractjaar 2020 te verlengen. Hierbij zullen randwoorden gelden dat er een optimalisatie plaats vindt in de inzameling van de tariefzak in Reusel en Netersel en vindt er een toetst op marktconformiteit plaats. Dit project wordt uitgevoerd door een inventarisatie/ marktonderzoek te doen en de mogelijkheden en afwegingen te verwoorden in een inkoopstrategie. Dit met als doel/ de intentie om de overeenkomst voor 2020 te verlengen en hiermee rust en ruimte te creëren in tijd de juiste stappen te nemen. Het 4de kwartaal van 2019 dient het vervolg opgestart te worden, dit betreft de inventarisatie, analyse en marktconsulatie om te komen tot een overeenkomst voor langere periode (5 tot 10 jaar). Hierbij zullen alle mogelijk varianten worden geïnventariseerd en afgewogen.

Dit wordt vertaald naar een inkoopstrategie en uiteindelijk een inkooptraject. Vervolg: De inkoopstrategie wordt vastgesteld door de Colleges.

5

Bijlage 2:

Projectplanning

6

Projectplanning projectplan Grondstoffen De Kempen Versie 02 Datum: 25-02-2019

2 0 2 0 MAAND

Projecten

Status

Deadline

WEEKNRS

11

12

44 45 46 47 48 49 50 51 52

1 1

2

1

2

3

2 4

5

6

4

5

6

7

3 8

9 10 11 12

8

9 10 11 12

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52

1 1

2

1

2

3

2 4

5

6

4

5

6

7

3 8

9 10 11 12

8

9 10 11 12

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52

1 Kadernota 1.1 Kadernota Grondstoffen opstellen 1.3 Raadsinformatieavond 1.4 Behandeling in Colleges 1.5 Behandeling in Commissies 1.6 Behandeling in Gemeenteraden

Gereed Gereed

20-feb maart April April - Mei

2 Projecten 2.1 Bewonersenquete 2.2 Sorteeranalyse 2.3 Inventarisatie Circulaire initiatieven 2.5 Onderzoek scenario's grondstof inname/ milieustraten 2.6 Optimalisatie inzamelstructuren 2.7 Inzamelstructuur restafval 2.8 Onderzoek kringloop en hergebruikcentra 2.4 Communicatieplan

3 Samenwerkingsvorm 3.1 Inkoopstrategie (keuze verlenging 2020) 3.2 Besluit strategie 2020 3.3 Inkooptraject na 2020 MAAND WEEKNRS

11

12

44 45 46 47 48 49 50 51 52

1 3

2 7

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52

1 3

2 7

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Eersel&id=440bcf43-ed83-4e2a-b817-460ca7b810fc